Dario zit op de onderste trede van het trapje naar de deur van het nieuwe huis voor hem en Elmo. De zon staat al lager, zal straks achter de horizon verdwijnen, en zorgt voor langere schaduwen op het nieuwe pad, dat vanaf het plein omhoog slingert. Op een mooie zomeravond zoals vandaag zorgt het voor licht met een rand goud. De rubus idaeus, waar Luana het over had, bewegen rustig in de lichte wind. Een paar vruchten zijn al rijp, dieprood in plaats van groen. Zijn moeder heeft mooi werk afgeleverd, waarschijnlijk door haar levendige aanwezigheid en overtuigingskracht. Dit huis is voor Elmo en hemzelf. Er komt veel daglicht binnen en staat duidelijk op de best mogelijke plek. Al moet er nog wat gebeuren, voordat een thuis is voor hen beiden.
Zo te horen, komt Elmo er aan. Iets eerder dan hij had verwacht. Eerst het geluid van banden over het pad, dan een zware ademhaling en tenslotte een piepende rem. Dario kijkt met een glimlach op. Daar is Elmo. Zijn Elmo. Bezweet, het shirt lijkt te groot voor zijn schouders, het haar staat alle kanten op en hij blijft nog even zitten met zijn rechter voet op het pedaal en linker op de grond. Zijn borstkas gaat snel op en neer en zijn ogen vertellen over onzekerheid, trots, protest en opluchting, dat hij is aangekomen.
„Leef je nog of val je zo om?“, wil Dario weten. Elmo kijkt hem open, zonder een spoor van twijfel aan, „Allebei.“
„De bushalte is een goede kilometer lopen en de bussen hebben koeling.“
„Bedankt, ik heb gisteren en vandaag al genoeg gelopen. Ik wilde wat nieuws proberen. Fietsen als sport.“
„Een dapper idee. Je kijkt alleen of de eerste poging is mislukt.“
„Je medeleven is hartverwarmend,“ grijnst Elmo, briest even en stapt eindelijk af. De fiets zet hij naast de trap om daarna zijn shirt uit te trekken en over het stuur te gooien, gevolgd door het zweet uit zijn ogen wrijven en de omgeving bekijken, „Hoe gaat dit hier? Worden de huizen toegewezen?“
Zijn ogen dwalen over de rij huizen, die hier langs de rand van het woud gebouwd zijn. Een paar jaar geleden zijn hier een paar bomen geveld, alleen waar het echt nodig was, om voldoende plek en hout te hebben. De wortels zijn in de grond gebleven, hier en daar groeien al nieuwe bomen. Dit is een project van het hele Roedel. Elk huis heeft twee of drie kamers, een overhangend dak en een stenen schoorsteen. Geen enkel huis is hetzelfde. Een raam of deur op een andere plek, de nok van het dak wisselt. Uniformiteit gaat te veel in tegen de wolf in hen en het Roedel is meer van organisch bouwen dan van rechthoeken.
Dario staat op en gebaart richting de andere huizen, „Min of meer. Luana heeft Bernardo bewerkt en om welke reden dan ook gezegd, dat dit huis voor ons de beste plek is. De Alpha is akkoord gegaan.“
„Je moeder moet wel goede argumenten hebben gebruikt,“ lacht Elmo ingehouden.
„Misschien. We hebben het huis met het beste uitzicht, de meeste privacy en volgens Luana de beste plek voor een moestuin,“ wijst Dario op het bouwwerk achter hen.
Hun huis staat iets apart van de andere huizen en biedt woudzicht. De rubus idaeus probeert elke vrije meter te veroveren. Elmo geniet hiervan en neemt gelijk de kans waar om Dario beter in zich op te nemen. Breder en gespierder door het leven hier, maar zoals hij staat eerder een geboren leider dan een harde werker. Veerkrachtig met aandacht voor anderen. Dario bevalt Elmo steeds meer en hij gaat naast hem staan, slaat een arm om hem heen en kijkt rond, „Niet slecht. Het is … een mooie plek.“
Dario legt zijn hand op Elmo’s schouder, „Dat was ook mijn eerste gedachte. Zullen we naar binnen gaan?“
Elmo knikt en laat hem los, loopt de korte trap op en wil de deur openen, maar die is nog op slot. Dario blijft even staan en ziet Elmo met andere ogen. Zijn rug en schouders zijn smaller dan bij hemzelf, maar hij is compleet gespierd. Lenig en beweeglijk in plaats van plompe spiermassa. Aangeboren elegantie. Niet zo zongebruind als een Corvin en dat wekt zijn fascinatie op. Elmo is niet voor het buitenleven geboren, maar zal er zeker op uit trekken. Iemand, die na een val altijd opstaat, letterlijk en figuurlijk.
„Heb jij sleutels?“, haalt Elmo hem uit zijn observatie, draait zich helemaal naar hem om en glimlacht. Dario betrapt zichzelf erop, dat zijn ogen aan Elmo vastkleven en de glimlach vertelt hem weer, dat Elmo hem door heeft. Hm … Als ze nu al zo tegen elkaar opgewassen zijn, dan wordt het een mooi leven met elkaar. Desondanks briest hij kort, „Komt eraan. Je bent te mooi om niet wat langer naar je te kijken.“
Elmo steekt alleen zijn hand uit, „De deur wil open, Dario.“
Dario grijnst en haalt twee hangers uit zijn broekzak, geeft er een af en houdt zijn eigen omhoog. De hangers hebben een wolfskop, Elmo knikt goedkeurend. Ze aarzelen allebei, totdat Dario knikt en Elmo vastbesloten de deur opent, voor Dario openhoudt om tegelijk naar binnen te gaan.
„Jij bent hier al geweest?“, vraagt Elmo. Dario lacht even, „Ik heb aan de bouw meegewerkt.“
„Veel werk,“ geeft Elmo hem een indirect compliment en trekt zijn schoenen uit. Alles is nieuw, ruikt naar geolied hout en hars. Elmo loopt door en draait zich om, neemt alles in zich op. Voordeur, kleine hal met kapstok en schoenenrek, daarna de woonkamer. Achter hem sluit Dario de voordeur en Elmo protesteert, „Laat maar open. Frisse lucht en mijn gevoel zegt, dat we nog bezoek krijgen.“
Dario knippert met zijn ogen. Elmo verwacht nog mensen? Toch doet hij wat de ander vraagt, want verse lucht is altijd goed, en loopt naar de woonkamer, direct door naar de glazen wand, „Wat vind je hiervan?“
„Alsof het woud de kamer binnenkomt,“ vat Elmo zijn eerste indruk samen. Het is een goede keus aan die kant glas te gebruiken. Direct aan de woudzijde moet het hout sneller vervangen worden dan aan de dalzijde met meer zon. Elmo kijkt rond, dan naar Dario, „Wat vind jij van de inrichting?“
„Startklaar. Alles is er, maar niet alles vind ik mooi of praktisch,“ geeft Dario zijn mening en Elmo stemt toe. Houtkachel, bank, eettafel, stoelen, keuken, karpet en gordijnen. Bij elkaar een kamer, die op leven wacht. Dario moedigt Elmo aan, „Verder rondkijken? Daar is een trap naar boven.“
Elmo knikt en loopt rond, bekijkt alles van dichtbij en dan valt het Dario op. Elmo is gespannen, de rust van vanmorgen is verdwenen. Tijd om er wat aan te doen. Dario gaat voor Elmo staan en legt zijn handen op de schouders, „Ik wil de stemming niet bederven, maar zou je mij willen vertellen, hoe het bij je ouders ging?“
De aarzeling zegt alles. Andersom is Elmo blij, dat Dario erover begint, want zelf weet hij niet goed waar te beginnen. Misschien bij einde, „Niet goed, eerder erg slecht.“
Ineens voelt Elmo zich moe en zoekt een plek om te zitten. Bank of tafel? De tafel is dichterbij, de bank comfortabeler. Hij pakt Dario’s hand en neemt hem zo mee naar de stoelen rond de tafel, waar ze naast elkaar kunnen zitten, tegen elkaar aan. Als hij wil loslaten, pakt Dario weer zijn hand en kijkt hem alleen aan. Genoeg aanmoediging om de middag samen te vatten.
„De politie was bij mijn ouders, want ze hadden mij als vermist gemeld. Dat was het begin van het drama. Ik heb over het Ritueel verteld. Mijn vader is ontploft en heeft de longen uit zijn lijf geschreeuwd. Ik kreeg verwijten over mij heen, hij probeerde mij weer in de rol van de gehoorzame, volgzame zoon te dwingen. Mijn moeder stond erbij, keek ernaar en bleef huilen. Ergens heb ik met haar te doen. Ik heb gezegd, dat ik hierheen zou gaan. Oma zei vandaag al tegen mij, dat ik hier altijd welkom ben. Dat is meer dan bij mijn ouders. Ik ben vandaag niet veel verder dan de voordeur gekomen.“
Dario haalt goed adem en legt zijn andere hand om Elmo’s schouder, „Je bent meer dan welkom hier, bij mij.“
Bij oogcontact wordt het duidelijk. Op dit moment toont Elmo zich kwetsbaar en trots, Dario meer bezorgd en opgelucht. Bij Elmo komt een lach door in zijn ogen, „Hoe ging het bij jouw ouders?“
Dario aarzelt, want het komt hem opeens vreemd voor, na het relaas van Elmo. Toch wil hij het kwijt, Elmo bij alles betrekken wat hem bezighoudt, „Het was … goed. Ze waren thuis, toen ik terugkwam. Je weet hoe we eruit zagen vanmorgen en ze hebben … gelachen, waren enorm opgelucht. Het was eerst alles vertellen, daarna eten en tenslotte opfrissen. Mijn vader heeft alleen gezegd, dat ik mijn eigen weg heb gevonden en die ook moet volgen. Mijn moeder wil het hier verder inrichten, maar ik denk, dat we haar een beetje moeten afremmen, voordat zij zich hier meer thuis voelt dan wij.“
„Dat is lief van haar,“ knikt Elmo, „Tegelijk klinkt het onwerkelijk.“
Dario wrijft even met zijn hand over de schouder, „Dat was het ook wel. Ik voel me bijna schuldig, dat het zo makkelijk ging.“
Elmo knijpt even met zijn hand in die van Dario en kijkt hem beslist aan, „Niet. Doen. Je hebt geluk met ze en ik zou eerder trots zijn, dan mij te verontschuldigen.“
Ze blijven even stil, kijken elkaar aan. De warmte komt terug. Het klopt. Elmo laat langzaam alles los, opent zich en Dario voelt zich zekerder, „Mijn ouders willen je ontmoeten, wanneer je er klaar voor bent.“
Elmo aarzelt, „Dat is … fijn. Ik weet niet of ik dat nu goed aankan … maar ik wil het proberen … en jij? Voor gisteravond. Had je een relatie? Wist je, … dat je mannen aantrekkelijk vond … vindt?“
Elmo vraagt alles heel voorzichtig, wat Dario waardeert. Zo is het voor hem makkelijker alles te vertellen, niets achter te houden, „Geen idee. Er waren een paar meisjes, maar iedere keer heel kort. Voor het Ritueel was ik … vier maanden met Panja. Dat was oké, maar ik miste altijd iets. Echt erover getwijfeld heb ik niet, het was gewoon zo.“
Elmo luistert, geeft hem de tijd, die hij nodig heeft. Het oogcontact houden ze vast, „Naar mijn idee had ik alles, waar iedereen altijd over praat, en toch voelde het niet goed. Daarom dacht ik, dat ik het niet genoeg kon waarderen of ervan genieten. De laatste week begon alles als een achtbaan te voelen. Het idee, dat na het Ritueel, het altijd zo zou zijn, maakte mij gek. Gelukkig is het nu anders.“
„Wat is met Panja gebeurd? Lijkt mij apart om voor het Ritueel iemand te hebben en erna een ander.“
Elmo stelt goede vragen, ontdekt Dario, want hij moet elk woord voor zichzelf herhalen en erover nadenken, „Het is zeker apart … en voor haar meer dan voor mij. Ze hoopte zo, dat wij als paar bij elkaar zouden blijven … maar ik heb haar niet geroken, niet gezien, ik was niet eens bij haar in de buurt. Ik denk, dat dat haar nog het meest heeft geraakt.“
Elmo volgt Dario en probeert alles te begrijpen. Zijn open blik houdt Dario in het hier en nu, „Ze heeft mij vandaag opgezocht. Ze was woedend en teleurgesteld, wilde mij in elkaar slaan, maar eigenlijk was ze vooral verdrietig en … onzeker. Ze heeft nu iemand uit een Roedel ver weg en ze gaat eerst mee daarheen, pas later beslissen ze waar ze willen leven. Ik heb geprobeerd haar te steunen. Ze is sterk. Tussen alle tranen door kwam wel naar boven, dat ze hem leuk vindt, maar ik moest het eerst hardop uitspreken.“
Elmo is niet helemaal tevreden, „Goed, maar ik wil weten hoe het voor jou is.“
„Ze is mooi, dapper, heeft humor en ik ging altijd graag met haar om … maar ze heet Panja, niet Elmo. Bij jou voel ik mij nog vele malen beter, in elk opzicht. Alleen al vannacht met jou … dat was heerlijk.“
„Dank je, al klinkt alles vreselijk naar een cliché,“ glimlacht Elmo.
„Alles is absoluut waar,“ glimlacht Dario en knikt nog een keer, leunt met zijn hoofd tegen dat van Elmo om een ogenblik later weer oogcontact te zoeken. Van buiten komt het bekende geluid, dat de avond aankondigt. Het ritmische tjilpen van krekels.
Elmo maakt zich los en loopt naar de bank, gaat er schuin op zitten, „Kom je? Dit zit beter.“
Dario volgt en kiest een plek, zodat ze tegenover elkaar zitten. Dan valt hem op wat Elmo aanheeft en hij trekt zijn shirt uit, zodat ze allebei min of meer hetzelfde aanhebben. Als eerste wil hij het gesprek weer oppakken, „En jij? Heb jij iemand achtergelaten?“
Elmo lacht even en kijkt hem open aan, de glimlach blijft, „Nee. Eerlijk gezegd had ik helemaal geen interesse in zoiets als vannacht met jou. Voor het Ritueel was ik doof, blind en stom tegelijk op dat gebied. Niets of niemand sprak mij aan of maakte iets in mij los. En als ik wel had, dan … geen enkel idee hoe het aan te pakken.“
De ogen gaan naar binnen, zoeken in het verleden, „Terugkijkend … keek ik in het zwembad vaker naar de jongens dan naar de meisjes. Maar ik heb daar nooit verder bij stilgestaan of wilde daar niet over nadenken.“
Dario leunt zich iets naar voren, legt een hand op Elmo’s knie, „Je had niets met seks, niets met jongens en tegen de wil van je ouders heb je meegedaan aan het Ritueel? Na vannacht met jou in het woud verlies ik je nu, ben ik bang.“
Elmo haalt zijn schouders op. Vandaag tijdens het fietsen en zijn gedachten vrij baan geven kwam de reden vanzelf naar voren, „Het Ritueel was voor mij de kans de wolf in mij vrij te laten en misschien er een partner aan over te houden. Ik heb het op gevoel gedaan. Doen, proberen, kijken waar het eindigt. Nu zitten we hier.“
Plotseling grijnst hij, op een sluwe, licht provocerende manier en beweegt zijn hand van Dario naar zichzelf, „Het was de moeite waard.“
Dario geniet van de lach in het gezicht en gromt zacht. Het donkere geluid diep uit zijn keel komt op, voordat hij zich ervan bewust is. Zijn hand verhuist van de knie naar het bovenbeen, „Je hebt werkelijk geen idee, hoe aantrekkelijk je bent en wat je soms uitlokt bij mij.“
„Niet echt,“ worden Elmo’s ogen groter, „Je bent met alles mijn eerste.“
Dario herpakt zich, bang om zichzelf te veel op te dringen, „Dan moet je het aangeven als ik te ver ga. Die wolf in ons raakt soms in trance, weet je.“
„Mijn wolf en ik hebben op dit moment een beetje honger,“ geeft Elmo droog retour, „Voor de rest hebben we nog de hele avond. Is er eten in dit huis?“
Een vraag, waarop Dario geen antwoord heeft. Zodoende staan ze op en inspecteren de keuken. Daar vinden ze in de kasten … niets eetbaars. Daarom verkennen ze de rest van het huis. De slaapkamer ziet er goed uit. Er zijn kussens, dekens, dekbedden, lakens, een matras en een bed. De kamer ernaast is leeg. Beneden naast de trap zit de deur naar de badkamer. Tot Elmo’s grote opluchting keurig ingericht met tegels, toilet, wastafel, douche en zelfs een wasmachine. Dario lacht om Elmo, die hem met een simpele opmerking terughaalt, „Of zelf doen of elke dag je moeder over de vloer, kies maar wat je wilt.“
Dario kiest voor de eerste optie. Hij had zich nog niet gerealiseerd, dat ook dit bij op eigen benen staan hoort, terwijl hij bij elke stap in het ontwerp en de bouw mee heeft gedaan. Terwijl ze elkaar verder plagen, klinkt buiten een voor beiden bekende stem. Alda staat bij de deur en ze is niet alleen. Bernardo is bij haar.
„Kom binnen,“ roepen ze tegelijk om daarna elkaar verrast aan te kijken over de synchrone uitnodiging. In de woonkamer kijkt Alda even rond, gebaart met haar hand en iedereen gaat aan de eettafel zitten. Dario kijkt Elmo kort aan, „Jouw voorgevoel is goed.“
Elmo knikt, kijkt rond, „Waaraan hebben we deze eer te danken? Als ik het goed heb, bent u de Alpha.“
Bernardo lacht kort, „Voor jou ben ik Bernardo en ‘jij’. Ik wil even kennismaken met jou, omdat je nu hier bent of gaat leven. Wil je kort iets over jezelf vertellen?“
De man straalt een warmte uit, waardoor Elmo zich direct ontspant en zich veilig voelt. Hij vertelt, wat hij eerder al Dario heeft verteld en Alda sowieso weet. Als hij verder wil gaan, steekt Bernardo zijn hand op, „Voor nu weet ik genoeg en in de komende tijd zullen we vaak genoeg langere gesprekken hebben met ons vieren, precies zoals we nu hier aan tafel zitten. Ik hoop, dat je je hier overal welkom en thuis zal voelen.“
Waar Elmo licht emotioneel van wordt. Bernardo kijkt opzij en Alda begint, „Dario, Elmo vertelde mij vanmiddag, dat jullie helemaal wolf waren, toen jullie elkaar ontdekten. Bernardo en ik willen daar graag meer van weten.“
Hiervoor hoeven ze zich niet te schamen. Vrij kort na de start was geen enkele geur aantrekkelijk genoeg om achteraan te gaan en pas als wolf ontdekten ze elkaar. Niet door de geur, maar door de energie van de ander. Daarna was het niet meer jager en prooi, maar elkaar opjagen en het geschikte moment afwachten. Zowel Alda als Bernardo luisteren aandachtig, waardoor Dario en Elmo zich vrij genoeg voelen om de rest te vertellen, behalve de seks tussen hen. Pas wanneer ze klaar zijn, durft Dario de tegenvraag te stellen, „Wat was hier zo bijzonder aan?“
„Het gaat Alda en mij om hoe sterk de band tussen jullie is en wellicht wordt,“ lijkt Bernardo niets achter te houden, „Alda?“
Ze knikt, wat Bernardo eerder lijkt te voelen dan te zien, want hij zit naast haar en ziet haar nauwelijks. Elmo ontspant en leunt iets achterover, Dario volgt zijn voorbeeld. Dan spreekt Alda verder, „Ik heb Elmo vandaag verteld, dat ik denk, dat hij mijn opvolger wordt.“
„Ik zeg nu tegen Dario, dat ik in jou mijn opvolger zie. Jullie twee samen …,“ valt Bernardo stil en Alda glimlacht. Elmo kijkt naar Dario, die geen woord kan uitbrengen, en neemt een besluit, „Dat is een onverwachte toekomst voor ons. Toch wil ik dit absoluut stil houden. Eigenlijk ken ik in dit Roedel alleen Dario en jou, Oma, daarom alles …“
„… stap voor stap,“ maakt Dario automatisch de zin af en vult hem aan, „Elmo heeft gelijk. We hebben nog heel wat voor ons, voordat we zo goed worden als jullie nu zijn.“
„Jullie stellen mij zeker niet teleur. Dat is precies zoals Alda en ik het vanmiddag voor ons zagen. Maar jullie hebben nu een doel voor ogen en wanneer het zover is, zien we dan wel,“ sluit Bernardo met een opgewekt gezicht af. Alda kijkt naar buiten, naar het plein, „Ze zijn al begonnen.“
Waarop Dario zich voor zijn hoofd slaat, „Elmo, dat ben ik helemaal vergeten. De afsluiting van het Ritueel.“
„Je hebt het vanmorgen verteld,“ glimlacht Elmo.
„Ook daarom ben ik nu hier. Jullie twee lopen straks voor Alda en mij naar het plein. Niet te snel, luister naar Alda’s voetstappen. Het moet genoeg zijn om het goede signaal af te geven, want man, man, man, jullie zijn het gesprek van de dag.“
„Minder roddels?“, vragen Dario en Elmo, opnieuw synchroon, waarop ze elkaar aankijken en kort lachen.
„Minder roddels,“ bevestigt Bernardo, waarop Dario glimlacht, „Dank je wel.“
„Over vijf minuten gaan we, die heb ik nodig voor rust in mijn hoofd,“ beslist Elmo, waarna hij en Dario tegen elkaar aan leunen, onder toeziend oog van Bernardo en Alda. Wanneer hij denkt, dat ze het niet merken, geeft Bernardo Alda een zoen op haar wang … en het is de eerste keer, dat Elmo haar ziet blozen als een klein meisje.
Twee lichamen.
Twee zielen.
Twee wolven.
Twee mannen.
Met een thuis.
Met een toekomst.
*
EINDE