24 mei 2026

Instinct – 6 Elmo – Samen

Elmo snuffelt, terwijl hij zijn kop tegen de flank van de ander houdt en hij ruikt vacht, woud, blad, mos, wat bij elkaar zijn verlangen aanwakkert. De warmte in hem gaat over in het gevoel van hitte. Tegelijk rollen andere emoties zijn kop binnen, zoals verrassing en verbazing. Waarom deze wolf? Waarom nu? Is dit echt? Kan dit?

Dan volgt het besef. Dit is zoals het is bedoeld. De gedachte maakt hem rustiger. Snel komt het andere gevoel naar voren. Elmo geniet van het contact, wat door de ander kort wordt verbroken, die nu met zijn neus voorzichtig tegen zijn neus duwt, waardoor het oogcontact wordt hersteld.

Opnieuw staat alles even stil. De pupillen zijn groot, de blik daarachter vurig. Het windt hem op, zonder dat hij zelf direct merkt. Het moment strekt zich in de tijd, verovert een eigen plek in zijn geheugen. Tegelijk blijft hij onwrikbaar en kalm staan. Nog is het niet zover. Het is stil, afgezien van hun licht hijgende ademhaling. Totdat een zachte grom van de ander zijn instinct tot actie aanzet.

Hij springt op, draait zich in de lucht en landt bovenop de ander, bijt in de nek, waardoor de ander verstart. Met zijn voorpoten links en rechts van de schouders op de grond en dijbenen naast de heupen heeft hij genoeg grip om zijn verlangen om te zetten in daden. De andere wolf reageert met een gretige piep. Elmo’s borstkas gaat sneller op en neer, zijn ogen verliezen focus, zijn hormonen stuwen hem snel naar een orgasme, dat zo intens is, dat hij de nek vanzelf loslaat.

Het geeft de andere wolf de kans het spel razendsnel om te draaien. Voordat Elmo het goed en wel beseft, wordt zijn achterlijf tegen de grond gedrukt en voelt hij een greep in zijn nek, die hem deels verlamt, maar ook zijn verlangen verder vergroot. Bij de eerste druk op zijn achterlijf piept hij en houdt daarna zijn bek open om beter te ademen. Met zijn ogen halfopen voelt hij meer dan hij ziet. Een intense energie, het gewicht op zijn rug en de synchrone bewegingen. Voor hem de bevestiging, dat dit zijn wolf is. Totdat de voorpoten naast zijn kop licht trillen en hij zijn nek weer vrij kan bewegen. Voor nu is het voorbij, maar volgens zijn gevoel zijn ze nu pas begonnen. Hij rolt zich op zijn rug om zijn vertrouwen te tonen.

De andere wolf staat op en piept zacht. Hij wil iets, springt naar voren en kijkt achterom. Elmo begrijpt het, komt overeind en gaat naast hem staan. Nog even ruiken, een kleine grom en dan draven ze in een redelijk tempo naast elkaar over een pad … over de paden, waarbij ze elkaar scherp in het oog houden – alsof ze allebei willen zeggen, dat ze elkaar gevonden hebben en niet meer kwijt willen, nog geen seconde.

Redelijk ver weg van de drukte in het woud wordt het tempo langzamer en merkt Elmo, dat de omgekeerde transformatie begint. De verandering eerder op de avond heeft hem compleet overvallen. Nu is hij gelukkig, dat er een ander bij is, die hetzelfde meemaakt. Als laatste veranderen zijn ogen, ineens ziet hij minder ver, minder scherp en herkent de ander. Dario!

In alle dromen de laatste tijd was de andere wolf altijd vaag, onherkenbaar, een contour. Nu staat Dario naast hem en Elmo kan maar één ding doen. Zijn armen om hem heen slaan, dicht tegen zich aan drukken en vol op de mond zoenen, proberen rechtop te blijven met trillende benen, licht grommen en de geur van de ander een plek in zijn hoofd geven. Hun wolven houden zich op in de achtergrond en hebben de laatste twijfels meegenomen naar hun rustplek.

Het woud vervaagt, hun lichamen wrijven tegen elkaar aan en Elmo geniet van het contact. Lief, stevig, intens en het verlangen komt terug, voor zover het weg is geweest. Dan valt het hem op. Hun opengescheurde broeken hangen om hun middel, maar eigenlijk zijn ze naakt … en opgewonden. Ze laten elkaar los om de ander beter te bekijken. Elmo grijpt Dario bij de hand en trekt hem mee van het pad af, naar een kleine open plek tussen laag groen en gaat op de grond zitten, klopt naast zich op de bodem en kijkt vol verwachting omhoog. Dan ploft Dario naast hem neer en Elmo buigt zich direct opzij, sluit zijn vingers om de penis en brengt Dario naar een hoogtepunt, begeleidt door rauwe geluiden van allebei. Nog in de roes begint Dario hem op dezelfde manier te verwennen, met een zalig effect. Hijgend en genietend van de warmte van de ander leunen ze op hun ellebogen achterover, hun schouders en bovenbenen raken elkaar.

„Hallo!“, lukt het Elmo om weer te praten. Dario moet eerst zijn keel schrapen, kijkt opzij, geeft hem een zoen op zijn wang en glimlacht, „Ook hallo!“

Meer kunnen ze op dit moment niet zeggen. De ander is zo overweldigend aanwezig, dat hun geest tijd nodig heeft, alle emoties te verwerken, terwijl hun lichaam door wil, het verlangen hen volledig heeft overmand en een nieuw gevoel ontstaat – niet meer zonder de ander willen.

Elmo kijkt licht verbaasd naar zichzelf en naar Dario. Ze zijn weer hard. Terwijl zijn brein deze informatie verwerkt en zich afvraagt, wat ermee te doen, gaat Dario op zijn knieën dwars naast hem zitten en begint hem te strelen, van zijn kin tot aan zijn tenen. Het voelt zacht en ruw tegelijk, wat blijkbaar zichtbaar is, want Dario kijkt hem kort onzeker aan, een ogenblik later gevolgd door een glimlach, grijpt naar zijn middel en maakt het flesje olie los, dat hij op zijn handen leegt om daarna zijn eerdere beweging te herhalen. De handen, de olie bezorgen Elmo een glijdend, zacht, goed gevoel. Zo is het lekker. Dario gromt zacht en buigt zich iets naar rechts en voorover. Elmo kijkt gefascineerd toe, voelt een tong en ziet zijn harde uit beeld verdwijnen. Het bezorgt hem onverwachte prikkels en … het is iets, dat ze samen, tegelijk kunnen doen. Hij komt iets overeind, tikt Dario aan, die opkijkt en zijn gebaren probleemloos begrijpt. Ze gaan erbij liggen. Glad, stevig, hard, Elmo heeft zijn mond vol en ziet toch kans met zijn tong te spelen. Dario bromt, een lagere toon dan eerder, duidelijk genietend. Zonder het te merken beweegt Elmo zijn heupen iets, direct gevolgd door Dario. Nu wordt het spannender, vanzelf liggen ze dichter tegen elkaar aan. Het is niet meer zien, alleen nog voelen en meegaan met de ander. Ademen lukt, door de neus. Voor zijn gevoel duurt het nu veel langer, maar is het nog een slag intenser dan hiervoor. Hij gaat volledig erin op … en vrijwel tegelijk maken hun lichamen een schokkerige beweging. De ontlading volgt en smaakt naar meer.

Hijgend laten ze los, blijven eerst liggen, komen later iets overeind, leunend op een elleboog op de grond. Dario kijkt hem aan, „Je bent ontzettend mooi.“

Elmo kan alleen knikken en naar Dario wijzen, „Jij ook.“

„Jij … en ik … had ik niet gedacht … ik dacht altijd, dat ik …“, Dario valt even stil met een bijna gebroken stem, „… ik wist niet, dat dit in mij zit.“

Dario komt daarbij over, alsof hij net heeft ontdekt, dat alles hiervoor elke betekenis heeft verloren. Elmo gaat rechtop zitten en streelt kort over Dario’s schouder, probeert zo troost en medeleven vorm te geven. Op dat moment laait het verlangen weer op. Dario kreunt en voor ze het beseffen, zijn ze weer hard, inclusief donkere ogen. Het is verwarrend. Dario trilt, „Wat … is dit?“

„Ik … denk … dat dit dagen aanhoudt,“ meent Elmo droog, wat Dario met iets tussen lach en grom aanneemt. Ze kijken elkaar aan, echt aan en schudden hun hoofd. Dario heeft zijn normale stem terug gevonden, „Kunnen we even rust nemen? Hij is wel mooi, die van jou, zo hard, zo recht, zo lang, maar echt … het wordt teveel.“

Elmo kijkt hem verbaasd aan, „Nu al? We zijn net begonnen.“

„We hebben nog een leven lang samen.“

„Eh … dat is waar,“ geeft Elmo hem gelijk en ontdekt op hetzelfde moment, dat hij een compliment heeft gemist.

Wat weet hij van Dario? Vandaag heeft hij hem gezien, met zijn vrienden, een middelpunt van een groep, maar ook met een glimlach, die meer door zijn mimiek en minder door zijn ogen werd gedragen. Verder weet hij niets. Heeft hij passies? Wat drijft hem? Kortom, wie is hij?

„Wil je wat over jezelf vertellen?“

Dario spert zijn ogen open, staart hem aan en lacht, om iets later hijgend te reageren, „Ik voel mij, alsof ik niet meer ben, wie ik was en jij komt met zo’n vraag. Nu?“

Elmo haalt zijn schouders op met een licht vermoeide grijns op zijn gezicht, „We kunnen nog een keer, al denk ik, dat ik dan niet meer stop.“

Tegelijk steekt hij zijn hand uit en pakt de andere, nog steeds behoorlijk harde, penis vast, „Hem heb ik al leren kennen.“

Dario kreunt, maakt Elmo’s hand los en gaat langzaam, nog steeds licht hijgend, rechtop zitten. Met een expressie tussen bewondering en verbazing, tussen ‘ik vind je ontzettend aantrekkelijk’ en ‘wie ben jij in hemelsnaam’. Een hand gaat door het haar en vergroot de chaos op zijn hoofd. Dan verandert zijn gezicht naar vriendelijk, bijna lief. „Ik ben sinds mijn achtste in het Roedel en de zoon van Luana en Hiltwin.“

„Waarom zijn jullie pas hierheen gekomen, toen je acht was? Luana is hier opgegroeid, mijn Oma kent haar en ik heb alleen maar goede dingen over haar gehoord,“ toont Elmo zijn interesse. Dario lijkt hem gespannen met iets minder controle over zijn adem en de ogen zoeken een rustpunt in de takken boven hen.

„We zijn gevlucht,“ brengt hij uit. Aan de toon, hoort Elmo, dat dit een onderwerp is, waar hij normaal niet over spreekt of lang geleden over heeft nagedacht. Zijn ogen zoeken en vinden Elmo, dwalen van zijn kruis – de glimlach komt terug – naar zijn ogen – die oprecht lachen – en houden het contact vast. Het helpt om rustig verder te vertellen.

„Mijn vader komt uit een ander Roedel, in het zuiden met strikte regels, onder andere bloedlijnen waren belangrijk. Mijn moeder was daar niet welkom. Ze was te wild, te vrij, te slim. Luana was op reis en toevallig in de buurt van het Roedel tijdens de zonnewende, ze was toen twintig. Ze heeft mijn vader ontmoet, deelgenomen aan het Ritueel en hun wolven kozen voor elkaar. Ze hebben daar een tijd samen geleefd, maar er waren veel conflicten met anderen.“

Dario praat langzaam, kiest zijn woorden zonder te aarzelen. Zijn ogen lijken naar binnen gericht, diep in de herinnering afgedaald.

„Ze werd zwanger en de Alpha daar wilde, dat mijn vader haar na mijn geboorte weg zou sturen, daarna een nieuwe, echte vrouw zou zoeken en ik zo zuiver zou opgroeien. Hij heeft geweigerd en daarom zijn ze in stilte, bij nacht en nevel, vertrokken. Ze hebben jaren alleen, buiten een Roedel geleefd uit angst, dat naar mij werd gezocht en dat het Roedel mij zou terughalen. Hiltwin heeft mij verteld, dat hij elke dag sporen heeft uitgewist. Zo hebben we lange tijd in het niets geleefd, mijn vader, mijn moeder en ik.“

Elmo valt de melancholie eronder op, terwijl Dario glimlacht.

„Pas na jaren verdween de angst voor achtervolging en hebben mijn ouders contact opgenomen met een ander Roedel. Jouw oma kreeg dat bericht en heeft samen met Bernardo ons hierheen gebracht. Hier zijn we veilig.“

Dario haalt adem, een beetje opgelucht, en kijkt Elmo recht aan, terwijl hij zich voorover buigt en met zijn duim over de eikel wrijft, om vrij snel weer los te laten. Nu zit Elmo weer met een harde, terwijl hij zich juist aan het ontspannen was. Dario laat zich niet afleiden, „En nu … zitten we hier en met jou voelt alles … goed aan, misschien wel wild, zonder controle en toch … is het alsof het zo had moeten zijn.“

„Oma heeft mij vroeger vaker over zulke roedels verteld. Oude lijnen, koude regels, alleen plichten, geen ruimte voor gevoel,“ bevestigt Elmo op zachte toon, tegelijk beslist en probeert met veel warmte en begrip te reageren. Zo te zien raakt hij Dario meer dan gedacht. De ogen gaan verder open, laten alles zien.

„Ik kan mij nauwelijks voorstellen, wat het met jou heeft gedaan. Het idee, dat jouw geboorte het leven van je ouders overhoop heeft gehaald, omdat er iemand is, die vindt, dat jij niet mag bestaan.“

Zijn woorden raken Dario’s hart. Misschien heeft hij een waarheid verteld, die tot nu toe niet uitgesproken mocht worden. Dario reageert met een droge, breekbare en boven alles vermoeide lach, „Je zegt het goed. Weet je, de afgelopen weken is alles echt tot mij doorgedrongen. Ik heb mij aangepast, gefunctioneerd, zoveel moeite gedaan, dat ik niet meer kan zeggen welk deel van mijzelf is en wat door anderen komt.“

Dario verbreekt het oogcontact en haalt weer een hand door zijn haar, wat geen verschil maakt. Elmo glimlacht, hij zal er zelf niet veel beter uitzien.

„Zelfs met Panja … Het leek allemaal goed, misschien wel perfect, maar ik had het gevoel naar mijzelf te kijken in een rol, die ik nu eenmaal had geleerd.“

„Dat klinkt … eenzaam,“ vat Elmo zacht en eerlijk samen, waarop Dario hem recht aankijkt, „Herken je dit?“

„Ik ben de kleinzoon van de genezeres, die als niemand anders met het Roedel verbonden is … en ik ben er buiten opgegroeid,“ verklaart Elmo op een droge manier en gaat bij het zien van gefronste wenkbrauwen verder, „Op zijn twintigste heeft mijn vader besloten alles achter zich te laten, nadat mijn oma hem had verteld, dat hij haar niet zou opvolgen. Hij heeft zich hier in de stad verstopt en ik ben het resultaat van een nacht met een vrouw, die niets met deze wereld te maken heeft en er niets van begrijpt. Ik ben opgegroeid met stenen muren, drukte en lawaai van een stad en nergens was plek voor de wolf in mij. Soms is eenzaamheid mijn tweede voornaam.“

Elmo merkt, dat onder zijn huid onrust opkomt en hij voorbij zijn weerstand moet gaan, terwijl Dario juist opleeft, herkent wat hij vertelt.

„Mijn moeder heeft nooit aangevoeld, wat in mij zit, dat ik zoiets als een woud of roedel nodig heb. Mijn vader heeft besloten, dat hij het niet wil begrijpen.“

Nu zoekt Elmo het oogcontact, open, moedig, met een glimlach en uitgestoken hand.

„Hij heeft mij verboden vandaag mee te doen aan het Ritueel, omdat ik daarmee alles kapot maak, nieuwe problemen veroorzaak. Ik heb geen idee hoe hij reageert, als hij merkt, dat ik het wel gedaan heb.“

Dario slikt en Elmo zwijgt, ze denken hierover na met een emotie tussen woede en warmte, tussen bescherming en erkenning, elkaar begrijpen. Ze hebben meer gemeen dan verwacht, al vroeg geleerd je zelf te verbergen en weten niet goed hoe het is, wanneer je jezelf mag zijn. Hun wolven zijn op elkaar gebotst, hun eigen lichaam vindt het andere lichaam de moeite waard en hun geest heeft een verbinding met de ander gemaakt. Alles nog pril, tegelijk belangrijk, interessant en aantrekkelijk genoeg om eraan vast te houden in plaats van los te laten.

Dario ontdekt de uitgestoken hand van Elmo en beweegt zelf langzaam om de hand vast te pakken. Het voelt warm, stevig, eerlijk en Elmo merkt het effect. Dario lijkt iets los te laten. Het is weer een andere verbinding tussen hen, vertrouwen zonder voorbehoud. Tegelijk is het een schok, die de magie, de lust en de begeerte versterkt oproept. Inclusief een diep keelgeluid van beiden en erecties op maximale sterkte. Dario’s hand wordt warmer, Elmo hapt naar adem. Ze kijken elkaar aan, dit is zoveel meer dan het ontwaken van het beest in hen.

Dario gaat liggen en wijst naar Elmo’s middel, die nu zelf omlaag kijkt en zijn flesje olie ontdekt. Elmo neemt de tijd om Dario te ontspannen, het lichaam te verkennen. Het wordt een herhaling van de laatste ronde, nu met van alles meer. Geluid, trillen, warmte, verlies van controle, genieten, de geuren, het zweet en uiteindelijk het langste orgasme van deze nacht als bevestiging van wat ze al beseffen – nooit meer alleen, nooit meer zonder jou – om daarna tegen elkaar aan in slaap te vallen.

Erg lang slapen ze niet. Bij het begin van de ochtendschemering worden ze wakker, kloppen het ergste vuil van zich af en wandelen door het woud, richting het dorp of het Roedel. Bij de rand van het woud kruipen de eerste zonnestralen al door de bladeren boven hen.

Elmo neemt langzame, zekere passen. Het is wennen. De grond onder zijn voeten is niet veranderd, terwijl het anders voelt. Zijn benen dragen hem, hij gaat werkelijk terug na een nacht vol exclusieve passie, seks en een band met iemand, waar hij nooit eerder over had durven dromen.

Dario loopt naast hem en hun handen hebben elkaar gevonden. Vanzelfsprekend, zonder een woord, zonder twijfel. Het lijkt meer dan een simpel gebaar, ze ondersteunen elkaar, lichaam en geest. Gelukkig zijn hun wolven gaan slapen, anders zou de terugweg erg lang en erg wild worden. Zoals ze nu lopen, genieten ze meer van het moment en de ander. Elmo is nog half in droomtoestand en de lappen stof om hun lichaam roepen vooral goede herinneringen op. Het is gelukt de resten zo aan elkaar te knopen, dat ze min of meer zo over een strand zouden kunnen wandelen, zonder dat alle hoofden zich omdraaien. Heupen zichtbaar, billen en kruis bedekt. Wie de neus van een wolf heeft, zal ze anders waarnemen. Ze zijn vuil, ruiken naar pure natuur, maar zijn verder onbeschadigd. Alleen de erecties willen niet helemaal verdwijnen.

Bij elke stap veranderen de geuren. Het ene moment vochtig mos, kapotte planten en bladeren. Bij elke kleine open plek, opening van een grot en een dichtbegroeide nis de nadrukkelijke geur van rauwe, pure seks. Paarvorming tussen wortels en rotsen en zo intens, dat dit nog dagen later te ruiken zal zijn.

Elmo begrijpt nu, waarom hij als kind na de zonnewende alleen op de weides of bij de huizen mocht spelen. Dat zijn de speelplekken voor kinderen, dit hier is een speelplek op weg naar volwassenheid. Toch verbaast iets hem. Als dit woud al jaren voor het Ritueel wordt gebruikt, waarom is er niet ergens een natuurdouche en kledingkast gebouwd? Dan glimlacht hij om zichzelf. Zoals het nu is, is het goed.

Het pad, dat ze nu volgen, wordt meer open. Minder bomen, meer struikgewas, een eerste weide. De geluiden van de vroege vogels wijzen hen de weg. Ergens klinkt een hamer, de lach van een kind. Het leven gaat verder.

5 Dario – Kiezen +++ 7 Dario – Onlogica