Richard zag de tranen die bij Max over zijn gezicht liepen en begon zelf ook te huilen. Te huilen omdat hij Max verdrietig had gemaakt.
‘En ga je nou niet schuldig voelen omdat ik aan het huilen ben! Laat dat, Richard! Ik weet inmiddels precies hoe jij je voelt nu. Je voelt je schuldig. Laat dat!’
‘Maa… ‘
‘Nee, ik huil omdat ik ontroerd ben. Niet omdat jij me aan het janken hebt gemaakt. Het is niet jouw schuld! Zoek niet steeds de schuld voor van alles en nog wat bij jezelf! Ik weet dat het de overlevingsstrategie is die jij je hebt moeten aanleren maar het is niet waar! Steeds als er bij jou thuis iets fout ging zocht jij de schuld bij jezelf om scherp te blijven, om ervoor te zorgen dat het niet opnieuw fout zou kunnen gaan maar het is niet waar! Je hebt niet aan alles schuld! En zeker niet aan dat gejank van mij!’ Max haalde zijn zakdoek te voorschijn, droogde zijn ogen en snoot luidruchtig zijn neus.
‘Maar waarom huil je dan?’
‘Omdat liefde er soms voor zorgt dat je moet huilen. Ik houd van jou en vind het vreselijk dat jij je zo rot voelt op dit moment. Je omschrijving van lopen op flinterdun ijs en het koude, donkere water dat aan je trekt, gaf me kippenvel. Daarom huil ik, Richard. Liefde maakt dat je je betrokken voelt bij iemand en dat voel ik me dus ook bij jou. Liefde is prachtig maar tegelijkertijd maakt het je ook zo vreselijk gevoelig.’
Richard knikte. Hij wist er alles van. Het verscheurde je.
‘Je begrijpt wat ik bedoel?’
Opnieuw knikte Richard.
‘Dan zul je je waarschijnlijk ook heel goed kunnen voorstellen dat ik doorvraag want ik kan me niet voorstellen dat het feit dat jij op jongens valt jouw geheim is. Of je gehele geheim is. Edith en ik hebben je verteld over onze kleinzoon Marc. Hij is ook homo. Net als jij dus. En we hebben je verteld dat hij, toen hij bij ons woonde, zijn coming out had. Dat wij die, onbewust van wat er precies speelde, uitgelokt hebben omdat we voelden dat hij met iets zat en er bij hem op aangedrongen hebben open naar ons toe te zijn. We hebben toen geen druk gezet. Alleen maar aangeboden dat wij een luisterend oor konden bieden als hij met iets zat. We wisten ook niet dat het zoiets was. Wisten wij veel? We zagen alleen maar dat hij niet goed in zijn vel zat. Dat hij niet zichzelf was. Natuurlijk is jouw situatie anders. Heel anders. Maar toch … toch had je kunnen weten dat wij jou en Stan daarvoor nooit de deur zouden wijzen.’
‘Ik weet het. Er is meer … maar … ‘ Weer boog Richard zijn hoofd. Kon hij het werkelijk vertellen? Zouden ze Stan en hem niet alsnog op straat zetten? ‘Maar wat als het nou iets is dat jullie niet kunnen tolereren?’
‘Richard, wij houden van jou en Stan. Ik heb niet een van mijn kinderen ooit de deur gewezen. En geloof me ze hebben het, vooral de jongens, soms behoorlijk bont gemaakt. En ik zal dat ook nu niet doen. Nooit zal ik dat doen! Mijn kinderen, moeten zich hier thuis kunnen voelen en dat betekent dat Edith en ik kunnen schuiven. Inschuiven. Ruimte kunnen maken ook als onze kinderen, kleinkinderen, jij en Stan, Nancy en Nathan, onze vrienden heel anders zijn dan wij. Maar … geloof me … ik heb het idee dat wij bij dat wat jou dwars zit helemaal niet zo veel ruimte hoeven te maken. Weet je zeker dat je niet wilt weten hoe ver het onderzoek inmiddels gevorderd is?’ probeerde hij opnieuw.
‘Ook dat weet ik niet. Het voelde goed om pas aan het eind de totaaloplossing aangeboden te krijgen maar … ik weet helemaal niets zeker meer.’ Hij legde zijn handen op zijn hoofd en verborg zijn gezicht achter zijn armen. ‘Niets weet ik meer!’
‘Een goed punt om verder te gaan, lijkt me. Als je koffiemok helemaal leeg is, kun je er weer nieuwe koffie ingieten.’
Richard liet zijn armen zakken. Ja. Dat was een mooie opmerking. Al die jaren lang had hij helemaal vol gezeten van dat ene. Dat ene dat niet goed was. Dat niet kon. Dat niet mocht. Vol tot aan de rand. Zo vol dat het dreigde over te stromen en hem te verdrinken. ‘Ik … ik zal het vertellen. Nee, ik wil het vertellen. Het is goed … ook al is het heel erg moeilijk om te vertellen … dat ik het eindelijk aan iemand vertel. Maar … niet alleen aan jou. Edith moet er bij zijn en Nancy ook. En ook Jocelyn, lijkt me.’
‘Goed. Ik kan me jouw keuze heel goed voorstellen. Je hoeft het zo maar één keer te vertellen en voor iedereen is het dan ook meteen duidelijk.’
Richard knikte. Max begreep het zoals altijd meteen goed. Niet een doorvertellen van een verhaal dat hij gedaan had aan Max maar alles uit de eerste hand. Niet dat het makkelijk zou zijn. Vier mensen die naar je luisterden was wellicht moeilijker dan één. Maar toch … toch was het het beste om te doen. Nou ja … wist hij veel.
‘Okè,’ smeedde Max het ijzer toen het heet was en gaf hij Richard geen kans om zich alsnog te bedenken, ‘dan gaan we nu meteen iets regelen.’
‘Maa… ‘
‘Nee, niets maar. Geen bedenkingen, geen uitstel meer,’ zei hij met een glimlach op zijn gezicht en een knipoog naar Richard. ‘Als jij je gaat douchen en aankleden, dan zorg ik ervoor dat Nancy en Nathan hierheen komen. Nathan en Stan gaan dan naar de bioscoop maar houd er wel rekening mee dat ze dan een actiefilm uitkiezen om te kijken.’
Richard moest ondanks alle ellende die hij nog steeds voelde lachen.
‘En wij eten dan dadelijk pizza uit de oven.’
‘Maa… ‘ probeerde Richard nog een keer.
‘Niets te maren, jongen. Je hebt een enorme stap voorwaarts gezet en die gaan we nu niet meer blokkeren. Nergens mee. Mee eens?’
‘Ja,’ zei Richard, zij het met de nodige aarzeling diep van binnen maar er toch van overtuigd dat het goed was om nu door te pakken.
* * *
Drie kwartier later zaten ze met z’n vijven in de studeerkamer van Max. Richard en Nancy op de bank ieder in een hoek en de Drummonds en Jocelyn Harper in fauteuils tegenover hen. Edith had de pizza’s in stukken gesneden en opgediend en ze hadden afgesproken die eerst te zullen opeten. “Eerst eten en dan praten”, zo had ze gezegd. Richard was als laatste klaar met het eten. Hij had heel erg lang zitten treuzelen steeds. Hij voelde zich absoluut niet op zijn gemak. Hij vroeg zich af of zijn besluit om dit te willen bespreken wel zo’n goed idee was geweest. Het leek alsof hij voor het eerst in zijn leven echt bang was. Thuis was hij dat ook wel vaak geweest maar … dat was toch anders geweest. Het voelde nu als een vreemd, onwerkelijk gevoel waarmee hij zich geen raad wist. Terwijl hij zijn laatste happen nam, informeerde Max de dames over dat wat Richard die middag met hem besproken had. Ook gaf hij heel duidelijk zijn eigen gevoelens weer. Dat hij, ook namens Edith, gezegd had dat de jongens hun kinderen waren.
‘Je had het niet mooier, niet beter kunnen zeggen, lieve Max,’ beaamde ze de woorden van haar man volledig.
‘En nu, nu gaan we verder,’ zo zei Max toen ook Richard klaar was met eten, de borden weggezet waren op zijn bureau en de koffie was ingeschonken. ‘Verder na een onderbreking omdat Richard graag wilde dat jullie er bij zouden zijn als hij verder zou gaan,’ zei hij met een knikje van zijn hoofd in de richting van de dames.
‘Ik breek even in,’ voorkwam Jocelyn dat of Max verder zou gaan met een inleiding of dat Richard zou gaan beginnen met zijn verhaal. ‘Ik ben heel blij dat Richard vanmiddag eindelijk iets wat heel belangrijk is voor hem heeft laten zien aan Max en dat hij dat nu via Max ook met ons heeft gedeeld. Heel belangrijk. Heel moeilijk ook en ik begrijp dat wat nu komen gaat mogelijk nog moeilijker voor hem is om te vertellen. Praten is belangrijk. Gehoord worden ook. Dit is niet een therapeutische sessie. Laten wij ons als toehoorders, als het kan, onthouden van commentaar tot Richard klaar is met praten. En ik weet het … als er emoties mee gaan spelen … is dat heel erg moeilijk. Laat je dan gewoon gaan. Laat mijn woorden dan voor wat ze zijn, woorden en niet meer dan dat. Mijn rol is dezelfde als die van jullie: een vriend van Richard.’ Even viel ze stil om daarna toch nog het een en ander toe te voegen. ‘En als er vragen opkomen als Richard aan het vertellen is … dan … nou ja … stel ze gewoon want ik denk dat het voor hem belangrijk is dat wij goed snappen wat hij ons duidelijk wil maken. Hoewel ik hier dus niet ben als therapeut en ik ook niet gebombardeerd wil worden tot gespreksleider ben ik wel van plan om op de rem te trappen als dat nodig is. Als ik van mening ben dat het gesprek een verkeerde kant op gaat, of als ik merk dat wij onszelf verliezen in het gesprek door emoties of iets anders, geef ik dat aan en vraag ik jullie om even een adempauze te nemen. Jullie kennen allemaal het hulpmiddel van het ademanker en daar zal ik jullie dan aan herinneren.’
‘Dus eigenlijk zijn er gewoon geen regels,’ vatte Nancy samen wat zij ervan had begrepen.
‘Gelukkig heb jij veel minder woorden nodig dan ik, Nancy,’ antwoordde Jocelyn glimlachend.
‘Oké, dan ga ik beginnen. Bedankt dat jullie er allemaal zijn. Met elkaar hier is het gewoon gemakkelijker,’ begon Richard. ‘Ik zou alles aan Edith en Max kunnen vertellen maar dan moet ik het later nog een keer of wat gaan vertellen en …nou ja … Ja. Ik ben in de war. Ik voel me enorm beroerd en weet nie… ‘
‘Stop dan even, Richard, dan haal ik iets voor je op,’ zei Edith en kwam meteen in de benen.
‘Gebruik je ademanker, Richard,’ stelde Jocelyn voor. ‘Je weet uit onze eerdere gesprekken hoe dat werkt en hoe dat vaak helpt. Het zorgt ervoor dat je erbij kunt blijven.’
Heel bewust concentreerde Richard zich op zijn ademhaling en voelde al snel dat hij rustiger werd. Toen Edith terug was kreeg hij een glas water van haar en hij wist dat ze er iets in gedruppeld had. Iets dat hij ook de eerste avond hier van haar gekregen had en ook later vaak als zij het nodig achtte. ‘Dank je.’ Hij nam een paar kleine slokjes en hield het glas daarna in zijn hand. ‘Dit helpt echt,’ zo zei hij tegen Nancy. ‘Het maakt me rustiger en … dat heb ik nodig.’ Hij zuchtte. ‘Het verhaal van Stan en mij is nog niet uit. Niet na alles wat ik jullie tot nu toe verteld heb. Er is meer te vertellen nog. Ik heb al heel veel verteld. Jullie weten al heel veel van mij en … zo langzamerhand ben ik zelf de draad kwijt. Ik weet niet meer precies wat ik wel of wat ik niet gezegd heb. En als ik ga praten kan het zijn dat er dingen voorbij komen die ik al gezegd heb, die jullie al weten. Neem het me alsjeblieft niet kwalijk als ik me weer eens zelf herhaal.’
‘Je moet het vertellen zoals jij wilt,’ gaf Nancy haar mening weer, ‘zoals goed voor jou is, Richard. Dus maal alsjeblieft niet om dingen die je als eens verteld hebt. Doe het zoals het voor jou goed is.’
‘Dank je, Nancy.’ Hij pakte haar hand en kneep erin.
‘Dit wat ik nu wil gaan vertellen is wel het allermoeilijkste voor mij om te vertellen ooit. Max heeft me overtuigd van de liefde die jullie voor Stan en mij voelen maar toch … toch blijft het een moeilijk onderwerp. Ik denk dat er mensen zat zijn die het zouden afwijzen en veroordelen en dat op heel verschillende gronden. Ik weet dat jullie niet oordelen, dat jullie houden van, van Stan en mij houden en dat voelt ontzettend goed. Zo ontzettend goed dat ik zo weer zou kunnen gaan huilen omdat ik dat niet ken. Nooit hebben ze van Stan of mij gehouden. Er was altijd alleen maar geschreeuw, geruzie, gedonder in de glazen. Altijd en eeuwig hetzelfde liedje. Liefde? Dat kenden ze niet. Misschien naar elkaar toe maar daar zagen we ook helemaal niets van. Ik … nee … laten we het niet over hen hebben. Elk woord over hen gesproken is zonde van de tijd.’
‘Maar, als je het nodig hebt blijf dan wel over hen praten, Richard,’ vulde Jocelyn aan. ‘Ze zijn er nog steeds. Nog steeds in jouw gedachten aanwezig. Onderdruk dat niet. Praat erover.’
Richard herpakte zich. Hij nam nog een slokje uit het hem gegeven glas. De zo-even opgekomen emoties liet hij weer bezinken. Hij wilde het niet. Hij wilde het niet over hen hebben. ‘Ja. Dat zal ik doen en je weet dat ik dat ook doe. Ik val je vaak genoeg daarmee lastig en ik weet dat jij dat niet zo ervaart maar nu verder. Ik zal teruggaan naar het begin.’ Hij begon te vertellen dat hij niet precies wist wanneer het was dat hij Stan naar boven haalde om in de kamer tegenover de zijne te gaan slapen. ‘Hij kon traplopen omdat ik hem dat geleerd had. Als zij niet thuis waren oefende ik dat met hem. Het was het meest veilig als hij zelf naar boven zou kunnen gaan om zich te verbergen voor hen als het weer eens bal was.’ Ook vertelde hij dat Stan toen hij bij hen thuiskwam in het begin niet kon lopen. Of niet wilde lopen. Hij had nooit geweten wat het precies was. ‘Ik heb hem dat ook geleerd. Kon hem niet tillen ook. Hij was te zwaar voor me. Stan boven laten slapen was ook een stuk veiliger want ze kwamen er haast nooit. Te veel moeite waarschijnlijk,’ snoof hij. ‘Alleen de huishoudster kwam er één keer in de week. Maar niet meer toen ik naar high school ging. Toen moest ik de boel zelf schoonhouden van hen.’ Hij ging verder over de nachtmerries. ‘Jullie weten dat wij ze beiden hebben. Jullie,’ richtte hij zich tot Edith en Max, ‘zijn er wakker van geworden in de eerste weken. Stan heeft mij nooit kunnen vertellen waarover hij droomt. Zodra hij wakker wordt is het weg bij hem. En gelukkig maar. Het zou er alleen maar toe leiden dat hij ook overdag met allerlei rottige gedachten zou rondlopen. Gelukkig gaat het hier steeds beter. De nachtmerries zijn er nog af en toe maar volgens mij wordt het bij ons beiden minder. Stan sliep dus boven en vaak gebeurde het dat als hij ’s nachts wakker werd van zo’n droom hij ook in zijn bed geplast had. Ik heb het Max eerder verteld zodat het nieuwe matras in elk geval niet beschadigd zou raken als het hem weer overkwam . Als het gebeurd was riep hij mij. Ik slaap altijd heel licht en ging dan ook altijd meteen naar hem toe als ik hem hoorde. Toen hij klein was hielp ik hem met douchen, trok ik hem iets droogs aan en legde hem dan in mijn bed. Ik haalde dan zijn bed af en legde het natte beddengoed beneden in het washok neer zodat het de volgende dag gewassen kon worden. Als hij bij mij lag, bleef hij rustig. De volgende ochtend wist hij helemaal niet dat hij naar gedroomd had en vroeg hij zich verbaasd af hoe het kwam dat hij bij mij in bed lag.’ Tal van voorbeelden over onrustige nachten volgden. Ruzies over weer een lading nat beddengoed en dat zij niet van plan was die rommel steeds te moeten opruimen. ‘Terwijl zij het niet eens opruimde! Geplaag aan tafel van hem tegenover Stan. Opnieuw ruzie als ik me er dan tegenaan bemoeide. Voor het incident op school waar ik had geprobeerd de situatie thuis bespreekbaar te maken volgde er dan steevast een pak slag voor mij als straf. Daarna niet meer. Ik heb jongens altijd leuk gevonden. Leuker dan meisjes. Ik vind ze gewoon leuker om te zien. Meisjes zijn vaak aardiger, dat wel. Ze hebben ook vaak een beter inlevingsvermogen dan jongens. Jongens doen zich stoer voor omdat dat nou eenmaal van ze gevraagd, geëist wordt. Het hoort bij het rollenpatroon. Hij moest er ook niets van hebben dat ik zat te huilen als ik mij bezeerd had of zoiets. Ik moest me als een man gedragen, werd er dan naar me geschreeuwd, en ik kreeg een pets om mijn oren op de koop toe. Moeilijk natuurlijk om te weten dat je anders bent. Ik was anders en wist honderd procent zeker dat hij … dat hij me erom zou verafschuwen. Nou hoefde ik niets van hem. Dat niet. Ik hoefde zijn goedkeuring of zo niet maar toch … ik wist dat hij homo’s haatte. Hoorde vaak genoeg zijn opmerkingen, aan tafel of als hij televisie keek, over homo’s en wat ze met hen zouden moeten doen. Dus … ik was gewaarschuwd. Ik wist dat ik er nooit iets mee zou kunnen doen want dan … dan zou mijn leven gewoon gevaar lopen. Of … die angst was er bij mij in elk geval. En … ik weet echt niet of het reëel was die angst. Ik had hem tenslotte nog nooit iemand iets zien doen. Nou ja … behalve ons dan.’
‘Nu onderbreek ik het even, Richard. Jij bent iemand die ik al vaker heb gezegd dat je niet hoeft te twijfelen aan je gevoel, je gevoelens. Jouw angst was heel voorstelbaar. Twijfel daar niet aan. Hij was al gewelddadig tegenover jou en Stan om de meest gewone dingen. En dus was die bepaalde angst van jou gebaseerd op feiten. En dus werkelijk.’
Richard knikte. Hij was blij met Jocelyns toevoeging. Het sterkte hem. Hij gaf aan dat het in het begin van zijn puberteit heel moeilijk was geweest om er niets mee te doen. Dat er iemand was geweest op wie hij verliefd was geweest en dat het wederzijds was. Er was echter nooit iets gebeurd. Hij had het niet aangedurfd vanwege de angst voor ontdekking. ‘Stom gezegd wellicht, maar gelukkig voor mij verhuisde de jongen en ging die verliefdheid over. Jarenlang ging het goed. Ik wist me te beheersen. Af en toe keek ik op internet naar de site van BelAmi. Ik had een computer op mijn kamer omdat dat voor school nodig was. Het waren korte filmpjes die ik keek want ik wilde niet dat Stan zou merken wat ik deed. En bovendien … had ik altijd iets dubbels met porno. Het voelde voor mij niet goed.’ In de ogen van Nancy zag hij onbegrip en hij lichtte zijn opmerking toe. ‘Porno. Dat bedoel ik. Het is niet … niet hetzelfde als liefde. Het gaat om de seks en voor mij … voor mij moest er ook iets anders zijn. Iets met meerwaarde. Liefde is heel iets anders dan seks toch?’
Nancy kon niet anders dan daarmee instemmen. ‘Ja, daarin heb je gelijk.’
‘En dus probeerde ik het later niet meer te doen. Niet meer naar die site te kijken. Ook omdat ik bang was dat zij het toch op de een of andere manier, ook al kwamen ze nooit boven, zouden ontdekken. Misschien zou het zoveel invloed op me hebben dat ik me anders zou gaan gedragen. Ik weet allemaal niet meer wat ik toen dacht. Bovendien trok Stan naarmate hij ouder werd steeds meer naar mij toe. We deden steeds meer dingen samen. Konden ook heel goed met elkaar opschieten. Ruzie hadden we nooit. Gewoon ook omdat we een gezamenlijk front vormden, zo denk ik. We hadden een band omdat … Nou ja … ik denk dat het duidelijk is. Toch?’
De vraag was reden voor Max om iets van zich te laten horen. ‘Ja. Dat is het, Richard. Een stuk gedeelde smart zorgt voor verbroedering, zo denk ik.’
* * *
‘Ik was zestien en Stan twaalf toen het gebeurde. Stan lag met heel veel dingen achter op leeftijdgenoten maar niet met alles. Die nacht was er weer een nachtmerrie geweest met alle gevolgen van dien. We waren dat weekend alleen thuis. In de tijd dat hij onder de douche stond had ik zijn beddengoed naar beneden gebracht en de wasmachine alvast aangezet. Toen hij klaar was met douchen kwam hij bij mij in mijn bed liggen. Even praatten we nog wat samen en toen vielen we in slaap.’
Richard zuchtte diep. Nu kwam het moeilijke gedeelte. Hij keek zijn drie toehoorders een voor een aan. Op het gezicht van Max viel helemaal niets te lezen. Hij was het voorbeeld van een volledig luisterend oor, zo schoot het door zijn hoofd terwijl hij zich de benaming van Jocelyn herinnerde. Hij liep niet alvast vooruit op wat er zou kunnen gaan komen. Edith friemelde met haar handen aan een papieren zakdoekje waarvan al bijna helemaal niets meer over was. De restanten lagen op haar schoot, zo zag hij. Ze was gespannen. Reden voor hem om niet te lang meer te wachten. Het gezicht van Nancy was opmerkelijk bleek. Op het gezicht van Jocelyn lag een glimlach. Een glimlach die hem aanmoedigde verder te gaan.
‘Laat ik vooraf zeggen dat jullie gerust kunnen zijn. Er komt geen geweld meer. Ze waren weg en kwamen onze rust niet verstoren. Dat wat kwam verraste mij volkomen. Ik werd wakker die ochtend en voelde me ontzettend goed. Ik denk dat het goed is als ik de dingen benoem zoals ze zijn … of is het beter dan ik dingen omschrijf en inkleed?’
Edith wist welke kant het op zou gaan. Haar gespannenheid kwam niet zozeer door de vrees voor nog meer omschreven geweld als wel door het feit dat ze vurig hoopte dat Richard het allemaal zou kunnen vertellen. Dat hij niet terug zou deinzen nu. ‘Wees gewoon duidelijk,’ zei ze. ‘Wij hebben zoons gehad en Nancy heeft een vriend met wie ze intiem is volgens mij.’
Richard zag dat er een blos over Nancy’s bleke wangen trok. Een teken voor hem dat Edith het wel eens bij het juiste eind kon hebben. Hij glimlachte en knipoogde naar zijn vriendin. ‘Oké, ik werd wakker met een erectie. Voor jongens iets heel gewoons. Een goed gevoel. Maar er was meer. Ik lag op mijn zij en voelde dat Stan … ‘ een nieuwe, zo mogelijk nog diepere zucht volgde. ‘Hij lag dicht tegen me aan en had ook een erectie. Ik weet nog precies hoe ik me voelde op dat moment. Het voelde zo vreselijk goed en een fractie van een seconde later wist ik dat het niet mocht! Dat het niet kon! Hij was mijn broer! En … zoiets mocht gewoon niet! Ineens vloog hij overeind en rende naar onze badkamer toe. Ik hoorde hoe hij de deur op slot deed en dat was vreemd want dat deden we nooit. Niet omdat we in en uit bij elkaar liepen maar uit een stukje veiligheid. Stan is soms wel eens onhandig, jullie weten het,’ zei hij in de richting van de Drummonds, ‘en dat is hij altijd geweest. Soms stoot hij zich wel eens ergens aan of struikelt ergens over met alle gevolgen van dien en als hij dan de deur van de badkamer op slot zou hebben, zou het veel moeilijker voor mij zijn om bij hem te kunnen komen en hem te helpen. We respecteerden elkaars privacy volledig. Als hij in de badkamer was, kwam ik niet binnen en andersom ook niet. Maar nu … nu sloot hij de deur wel af. Ik stond op en klopte op de deur en zei dat hij open moest doen. Hij reageerde niet. Ik raakte vertwijfeld, voelde paniek in me en deed iets wat ik normaal gesproken nooit zou hebben gedaan. Ik bonkte op de deur en schreeuwde naar hem maar kreeg de reactie dat ik op moest rotten. Niets voor Stan. Bovendien hoorde ik hem na het schreeuwen naar mij zachtjes huilen. Ik haalde mijn gereedschapset onder mijn bed vandaan, want van zijn spullen mocht ik nooit gebruik maken, stak een schroevendraaier in … ik weet niet hoe zoiets heet … aan de binnenkant draai je er de deur mee op slot en dan heb je ook iets aan de buitenkant van de deur zitten. Daar stak ik de schroevendraaier in, draaide het slot terug en opende meteen de deur. Stan zat op de grond en huilde. Toen hij me zag sprong hij op en schreeuwde opnieuw dat ik weg moest gaan. Toen ik bleef staan, beukte hij met zijn vuisten op me in.’
Max luisterde met grote aandacht. Elk gesproken woord nam hij in zich op. De manier waarop Richard sprak, de woorden die hij koos – zo wist hij inmiddels uit de talloze gesprekken die ze samen hadden gevoerd – waren belangrijk. Dat hij het woordje “beuken” gebruikte betekende dat Stan hem werkelijk pijn had gedaan.
Richard ging verder en zei dat hij zijn armen om Stan had heen geslagen en hem zo tot rust had weten te krijgen. ‘Hij voelde zich vreselijk rot om dat wat hij gedaan had. Maar ook weer niet. Tot rust gekomen vertelde hij dat hij van mij hield. Dat hij verliefd op mij was en dat hij wist dat seks daar ook bij hoorde. Dat hij … ook dat graag met mij wilde. Ik wist even niet hoe ik het had. Was … ‘ hij zocht naar een ander woord dat beter uitdrukte wat hij bedoelde maar vond het niet ‘was vertwijfeld. Stan verliefd op mij? Het kon niet! Het mocht niet! Hij was mijn broer!’ Even laste Richard een pauze in. ‘Ik werd praktisch. Liet hem zijn boxer uittrekken en stuurde hem onder de douche. Ik bleef wachten tot hij klaar was en gaf hem een handdoek want ik wilde niet het risico lopen dat hij zich opnieuw zou opsluiten. Daarna gingen we terug naar mijn slaapkamer, gaf ik hem een nieuwe boxer en T-shirt en zittend op het bed deed ik een poging hem uit te leggen dat het niet kon. Dat we broers waren en dat wetten verboden dat familieleden seks met elkaar hadden. Dat het niet mocht dus. Hij luisterde maar ik wist niet of hij het snapte. Toen ik uitgepraat was zei hij opnieuw dat hij verliefd op mij was, dat hij van me hield en hij vroeg me of ik dan niets voor hem voelde. Ik zei hem dat hij mijn broer was en dat ik daarom van hem hield. Maar dat er geen sprake van seks tussen ons beiden kon zijn. Ook niet omdat we beiden toevallig op jongens vielen. Dat durfde ik hem toen wel te vertellen.’ Nog een zucht. Hij voelde zich rot. Naar. Het spookte in zijn hoofd en hij had even een adempauze nodig. ‘Edith, wil je me alsjeblieft nog een kop koffie inschenken? Hij stond op en liep naar het toilet. Bij de wasbak spatte hij wat koud water in zijn gezicht dat enorm rood was, zo zag hij in de spiegel. Ging het goed? Deed hij het goed? Vertelde hij het zoals het werkelijk gebeurd was? Allerlei evaluatievragen schoten door zijn hoofd maar hij weigerde er een antwoord op te geven. Ik doe wat ik doe, zo sprak hij tegen zijn spiegelbeeld en daarbij bewust de woorden gebruikend die Max en Jocelyn zo vaak tegen hem hadden gezegd als hij met hen had gepraat. Toen hij zich weer wat rustiger voelde ging hij terug.
Jocelyn stond leunend tegen de muur tegenover de deur van het toilet op hem te wachten. ‘Gaat het goed met je?’
Haar bezorgdheid deed hem goed. Hij haalde zijn neus op en snifte. ‘Ja. Het werd me even te veel en daarom … nou ja … ik moest even weg.’
‘Het is heel goed dat je je ruimte genomen hebt, Richard. Letterlijk je ruimte hebt genomen. Zorg ervoor dat je dat blijft doen. Klaar om verder te gaan?’
Hij knikte en liep met haar naar Max’ studeerkamer.
Edith had koffie gehaald en ingeschonken en praatte met Nancy over de film die Nathan en Stan zouden gaan kijken. ‘Hij heeft me beloofd naar een animatiefilm te gaan,’ zo zei Nancy.
‘Maar Stan kan heel overtuigend zijn,’ reageerde Edith.
‘Ja, daar weet ik alles van. Hij weet precies wat hij wil. En het is dan heel erg moeilijk om hem van iets af te brengen. Richard, kom zitten. Wat een moeilijke situatie!’
Richard ging dit keer vlak naast haar zitten en pakte haar hand beet. ‘Ja. Een heel moeilijke situatie. Ik wist dan ook niet hoe ik ermee om moest gaan.’
‘Volgens mij wist je dat heel erg goed,’ gaf Max zijn mening. ‘En dat heb je gedaan ook.’
‘Oh,’ voegde Edith zich in het gesprek, ‘dus jij weet weer eens precies hoe het is gegaan?’
‘Ik heb een idee. Meer niet.’
‘Nou, maak van je hart geen moordkuil!’ daagde Edith hem uit.
‘Vind je dat goed, Richard, of vertel je het zelf liever?’
‘Ik neem wat koffie en luister naar je,’ zei de jongen die meteen zijn beker oppakte om er wat uit te drinken.
‘Volgens mij was er voor jou maar één juiste oplossing. Je moest rekening houden met Stan. Met de mogelijkheden en onmogelijkheden van je broer. Het leeftijdsverschil dat op die leeftijd relatief gezien nog groot was. En verder zal er bij jou een onnoemlijk grote angst geleefd hebben dat zij het zouden merken. Je was al bang dat je homoseksualiteit zou opvallen dus … En dus ga ik ervan uit dat je hem duidelijk hebt gemaakt dat er tussen jullie niets op dat gebied kon zijn. Geen verliefdheid. Geen seks.’
‘Ja,’ kwam Richard met zijn antwoord nadat hij zijn beker half leeg had gedronken en weer terug had gezet op tafel. ‘Ik kon niet anders dan zo reageren.’
‘Maar … was je verliefd op hem?’ vroeg Jocelyn.
‘Nee. Ik had nooit dat soort gevoelens naar hem toe gehad. Er waren altijd wel jongens op wie ik heimelijk verliefd was maar niet naar Stan toe. Hij was mijn broer.’
‘En toch?’ vroeg Edith.
‘Wat “en toch”?’ wilde Nancy weten. ‘Richard?’
‘Als dit het hele verhaal geweest zou zijn, zou er geen enkele reden zijn geweest om dit met elkaar te bespreken. Dan was het op dat moment over en uit geweest en zou er nooit meer over gepraat hoeven te worden.’
‘Dus er is toch een “en toch”?
‘Ja.’ Richard dronk de rest van zijn beker leeg. ‘Op dat eerste moment waren er niets anders dan allerlei bezwaren van mijn kant. Stan was nog maar twaalf! Hij was mijn broer! Hij heeft niet altijd een even goede kijk op dingen! Allerlei dingen die op dat moment heel belangrijk waren en zwaar wogen.’
‘Dat met dat leeftijdsverschil, dat snap ik niet,’ vroeg Nancy om een uitleg.
Max gaf die. ‘Een leeftijdsverschil van vier jaar tussen zestien en twaalf is een kwart. Als je twintig en zestien bent is dat nog maar een vijfde gedeelte. En zo langzamerhand wordt dat leeftijdsverschil van vier jaar relatief gezien steeds kleiner. Absoluut gezien blijven het altijd vier jaren maar in verhouding gezien niet.’
‘Nu snap ik het.’
‘Goed om te horen dat het je duidelijk is geworden want dat zou altijd de bedoeling moeten zijn van het praten met elkaar: dingen duidelijk maken naar elkaar toe. Is er nog koffie?’
Edith schonk nog een beker vol voor de heren.
‘Zoals ik eerder al zei, Stan en ik groeiden steeds meer naar elkaar toe. In de weekenden waren we bijna altijd alleen thuis en was het gewoon heel erg leuk samen. Ik had een wrak van een auto kunnen kopen e… ‘
‘Een barrel dat er nog beroerder uitzag dan je auto van nu?’ plaagde Nancy hem.
‘Ja. Misschien niet voorstelbaar maar het was wel zo. Maar het ding reed en in de weekenden trokken we erop uit. Zagen prachtige dingen op het eiland. Gingen vaak naar het strand. We leefden ons uit met de beperkte middelen die we hadden. De band tussen ons werd steeds sterker en alhoewel Stan er niet meer over begon, in het begin had ik hem nog wel een aantal malen erop moeten wijzen dat wat hij wilde niet kon, begon ik hem met heel andere ogen te zien. Ik werd verliefd op hem. Niet meteen. Het duurde echt een aantal jaren maar in die tijd veranderde Stan enorm. Van de grote jongen werd hij een grote man en … ik was verloren.’ Richard boog zijn hoofd voorover en verstopte zich opnieuw achter zijn armen.
‘Richard, er is geen enkele reden om je voor je reactie te schamen,’ sprak Jocelyn op zachte toon. ‘Niet nodig om je te verbergen voor ons.’
‘Maar hij was nog steeds mijn broer!’ klonk het hard terwijl Richard opsprong van de bank. ‘Ik kon het niet maken! Ik had hem letterlijk verboden verliefd op mij te worden en wat deed ik zelf … ik werd verliefd op hem! En toch … toch kon ik er helemaal niets mee doen! Het mocht niet! Het kon niet! Niemand zou het ooit begrijpen! Hoe kon je nou verliefd worden op je broer! Iedereen zou mij verwijten dat ik misbruik had gemaakt van zijn situatie. Iedereen zou me beschuldigen van machtsmisbruik omdat hij zijn beperk… ‘
‘Dat snap ik niet,’ zei Nancy terwijl ze Richards arm beetpakte en hem terug trok op de bank. ‘Rustig blijven zitten, jij! Hij was het eerst verliefd op jou, jongen, en niet andersom! Jouw verliefdheid op hem heeft volgens mij alleen maar te maken met het feit dat hij jou de ogen heeft geopend.’
‘Maar hij blijft mijn broer! Het is en blijft incest hoe je het ook wendt of keert, wie van ons twee ook maar als eerste het heeft aangegeven! En incest is verkeerd! Mag niet!’ Richard voelde zich enorm beroerd. Hoe vaak had hij in zijn dromen en in zijn gedachten niet seks gehad met Stan?
Heel even wisselden Max en Jocelyn een blik met elkaar en daarna nam eerstgenoemde het woord. ‘Richard, stop alsjeblieft met deze lijn van gedachten,’ zei Max heel kalm en rustig. ‘Blijf open naar ons toe, als het kan. En ik weet dat je dat kunt want anders was je dit gesprek met ons niet aangegaan. We zijn op de goede weg. Sluit dit niet af in vertwijfeling.’
‘Maar het kan toch niet? Ook al houd ik enorm veel van Stan … het is allemaa… ‘ Hij brak. Dikke tranen rolden over zijn wangen. Hij voelde hoe Nancy haar armen om hem heen sloeg en hem knuffelde. Lief. Vreselijk lief haar poging hem te troosten en te kalmeren. Ze streelde over zijn schouders en het maakte hem rustiger. Hij bedankte haar en veegde zijn tranen weg met een nieuw papieren zakdoekje dat van Edith afkomstig moest zijn. Hij keek naar Max. Die keek hem recht in de ogen en glimlachte.
Jocelyn raadde Richard aan om even gebruik te maken van zijn ademanker en stelde voor dat iedereen dat zou doen. Even alleen maar aandacht voor de ademhaling. Alleen maar richten op het in- en uitademen. Rust zoeken in jezelf. Toen zij zelf rustig genoeg was om verder te gaan, bedankte ze de anderen.
Max verbrak de stilte die na Jocelyns dankwoorden nog een tijdje in de lucht was blijven hangen. ‘Ik breek niet snel mijn afspraken maar ik ga dat nu wel doen. Toen Edith me met haar vage boodschap op pad stuurde om met jou te praten vandaag, begreep ik eerst werkelijk niet welke kant zij uitwilde. Dat heb ik je ook zo gezegd, Richard. Het was me helemaal niet duidelijk. Luisterend naar jouw verhaal, terugkijkend op de afgelopen weken is het me nu allemaal wel duidelijk geworden. Ook helder geworden welke tekenen ik allemaal gemist heb en Edith wel heeft waargenomen.’ Hij keek haar aan, pakte haar hand en zei: ‘Dank je, schat, voor dat wat je opgemerkt hebt. Zonder dat zouden we namelijk nu niet zo ver gekomen zijn.’
‘Ik weet wat ik zie en als ik liefde zie die echt is, dan moet dat ook gevierd en beleefd kunnen worden.’
‘Maar, Richard, je had het toch steeds afgehouden? Er niets mee gedaan?’ vroeg Nancy.
‘Ja. Maar als je in huize Drummond komt, en dat weet je zelf ook wel denk ik, dan voel je je gelukkig. En ik voel me zo gelukkig en vrij hier dat ik een stukje pantser heb laten vallen. Vrijer ben geworden. Ook ten opzichte van Stan. Af en toe heb ik hem gestreeld, over zijn wang geaaid en daarbij heb ik gedacht dat niemand het had gezien.’
‘En wat vond Stan daarvan,’ vroeg Edith.
‘Hij heeft er nooit iets over gezegd. Er ook niet eens op gereageerd!’
‘Af en toe doet hij me versteld staan,’ sprak Edith haar verbazing uit.
‘Hoe bedoel je?’ wilde Nancy een verduidelijking.
‘Ik denk dat Stan bang is geweest,’ zo lichtte Edith haar woorden toe, ‘dat als hij dat wel zou doen Richard zich weer zou terugtrekken in zijn schulp. En dat zou hij vast en zeker ook hebben gedaan. Nu … nu heeft hij zich tevredengesteld met de voorzichtige toenadering. Alsof dat genoeg was voor hem.’
‘Ja. Er zit meer in die jongen misschien dan wij allemaal beseffen. Oké, maar nu terug naar dat wat ik zei over het breken van mijn belofte. Jij en ik hadden afgesproken dat jij pas geïnformeerd zou worden over het onderzoek dat ik heb ingesteld naar de achtergrond van Stan op het moment dat ik alle gegevens bij elkaar had. En in overleg met Jocelyn zijn we daar eenmaal van afgeweken omdat jij vragen had over haar.’
‘Maar voor de rest wil ik dat nog steeds,’ klonk het met volle overtuiging uit Richards mond omdat hij totaal niet begreep welke kant Max op wilde en waarom hij zou tornen aan hun afspraak.
Max schudde zijn hoofd en legde uit dat die belofte gedaan was op grond van de gegevens die toen voor handen waren en dat je soms, als het getij verspringt, de bakens moet kunnen verzetten.
‘Maar wat heb ik nou aan halve gegevens?’
‘Ik denk dat je met dat wat ik je wil gaan vertellen heel veel kunt. Bovendien is het onderzoek in een flink gevorderd stadium. Laat ik beginnen bij het begin. Het onderzoek naar de moeder van Stan was eerst niet meer dan een papieren zaak. Met de geboortedatum in zijn paspoort en zijn originele achternaam die jij je wist te herinneren konden de onderzoekers aan de gang. Het zoeken was echter enorm moeilijk want … de moeder van Stan, Joyce Williams, zij … zij heeft hem nooit af kunnen geven bij jou thuis.’
‘Wat? Ik ben toch niet gek! Ik heb die naam echt horen noemen!’
‘Dat is waar. Je hebt de naam horen noemen maar degene die hem gebruikte kan niet Joyce Williams, niet de moeder van Stan, geweest zijn. Joyce Williams is vrijwel onmiddellijk na de geboorte van Stan overleden.’ Max hield zich even in voordat hij verder ging. Hij voelde en zag de enorme verbazing, bij Nancy en Edith. Eerstgenoemde zat hem met open mond aan te staren en Edith had haar hand voor haar mond geslagen. Het voelde alsof ze net zo verbaasd waren als hijzelf toen hij het te horen kreeg en de bewijzen ervan onder ogen had gezien. Jocelyn was bij dat wat hijzelf had gedaan aan het onderzoek zijn hulp, steun en toeverlaat geweest en zij was dus volledig op de hoogte van alles wat hij ging onthullen. ‘Het bewijs van overlijden heb ik gezien. Ik heb de hulp van … haar … ik blijf haar zo maar noemen denk ik … heb de hulp van haar gekregen om die gegevens te achterhalen. Stan is door hen geadopteerd. Zij gaf mij een brief waarin zij het ziekenhuis waar Stan ter wereld kwam in Seattle verzocht om medewerking. Hulp om te achterhalen wie Stans echte moeder was en wie eventueel hem afgegeven kon hebben, bijna twee jaar later, bij hen in Metchosin.’
‘Vreemd,’ mompelde Richard.
‘Laat los dat het Stans moeder geweest is,’ adviseerde Jocelyn hem.
‘Ja. Dat kan dus gewoon niet.’
‘Nee,’ ging Max verder. ‘Haar naam is Katheryn Webster. Tenminste … zo heette ze toen. Ik ga snel verder voor jullie met vragen komen. Zij was een vriendin van Joyce Williams en die had voor haar overlijden geregeld dat Katheryn de voogdij over Stan zou krijgen als haar iets zou overkomen.’
‘Was er niet een vader?’ kwam Edith met een vraag die haar al even op de lippen lag.
‘Joyce is niet officieel getrouwd geweest. Iemand herinnerde zich ergens een voornaam van een vriend.’
‘Ja?’ drong Nancy ongeduldig aan.
‘Petur.’
‘Zijn tweede voornaam!’ riep Nancy uit terwijl zijn opsprong van de bank.
‘Ja. Petursson, de zoon van Petur. De onderzoekers hebben geprobeerd Katheryn Webser te vinden maar zijn daar helaas niet in geslaagd. Het lijkt erop alsof ze na haar bezoek aan Metchosin van de aardbodem is verdwenen.’
‘Ik heb alles dat hier betrekking op heeft gelezen en ken de feiten maar vind het nog steeds vreemd dat zoiets tegenwoordig nog kan. Zomaar verdwijnen?’ vroeg Jocelyn zich hardop af.
‘Het blijkt te kunnen. Maar juist vanmorgen … was er toch een opening. Ik werd gebeld door ene Sam Holland, taxichauffeur in Victoria. We zijn er bij het onderzoek vanuit gegaan dat iemand Katheryn en Stan naar Metchosin moet hebben gereden. Een taxi leek aannemelijk. In de registers van één centrale werd de aantekening gevonden van die rit met daarbij de naam van de chauffeur. Hij is echter een aantal jaren geleden overleden en kon ons dus niet helpen. Het onderzoeksbureau heeft wel bij die centrale toen visitekaartjes achtergelaten in de hoop dat er wellicht iemand anders iets zou weten en vanmorgen sprak ik dus met Sam Holland. Hij wil alleen rechtstreeks met een betrokkene praten en niet met het onderzoeksbureau. En dat heb ik hem toegezegd. Voor zover dus voorlopig de zoektocht naar de herkomst van Stan.’ Max zuchtte. Het was een heel verhaal geworden.
Joceyn keek even de kring rond. Iedereen leek ontspannen. Een nieuwe adempauze was niet echt nodig, zo was ze van mening. Ze knikte naar Max en die begreep meteen waar ze op doelde.
‘Oké. Verspringend tij, bakens die verzet moeten worden. Vanavond heb ik dingen gehoord die er voor mij toe leiden om een gemaakte belofte te breken.’
‘Ga je dat nou nog eens doen, of blijf je dat alleen maar herhalen,’ onderbrak Edith haar man.
*