Verrassende verhalen, gedichten en andere teksten vanuit een gay perspectief


Forumindex  • Verhalen, gedichten en andere teksten  • Lucky Eye
 
Registreren
 
 
 

Verrassende verhalen, gedichten en andere teksten vanuit een gay perspectief

NIEUW IN CALIFORNIË

Plaats een reactie

Bericht NIEUW IN CALIFORNIË door Lucky Eye » zaterdag 03 november 2018 07:13

Vooraf:
Dit is niet een nieuw verhaal. Het is het eerste dat ik ooit publiceerde maar niet geschreven door mij. Van de schrijver kreeg ik toestemming om het te vertalen in het Nederlands en vervolgens te publiceren.

Sjack013 heeft ervoor gezorgd dat het verhaal voor deze publicatie gecontroleerd werd waarvoor mijn grote dank.



Een verhaal van Ardveche, met zijn toestemming vertaald in het Nederlands door Lucky Eye.

NIEUW IN CALIFORNIË


Hoofdstuk 1 - De Verhuizing

Zo, dat was het dan, mijn ouders zouden gaan scheiden. Mijn moeder en ik waren onze spullen aan het inpakken om in te gaan wonen bij mijn grootmoeder aan de andere kant van de Verenigde Staten tot we alles weer 'op de rails hadden', wat dat dan ook mocht inhouden. Ik was uitgeschreven van mijn school, waar ik om eerlijk te zijn toch niet echt thuishoorde, en had afscheid genomen van de paar vrienden die ik daar gemaakt had. Het voordeel van deze verhuizing was dat mijn moeder er nu nooit achter zou komen dat ik de laatste tijd veel had gespijbeld en dat mijn resultaten behoorlijk gekelderd waren. Het is niet dat ik dom ben hoor, juist het tegendeel, maar sinds wat ik genoemd heb 'het voorval' had ik er weinig behoefte aan om bij Aaron in de buurt te zijn.
Om een lang verhaal kort te maken? Aaron is die werkelijk leuke jongen waarmee ik vaak les had en waarvan ik het gevoel had dat hij een oogje op me had. Daarom was ik extra vriendelijk voor hem. Wat blijkt? Hij wilde niets van me. Oops. Ik dacht dat ik als homo het kon aanvoelen als ik een andere homo ontmoette? Mooi niet dus! Voor zover ik weet heeft hij het tot nu toe nog nooit aan iemand verteld. Gelukkig voor mij! Maar ik maakte me er sindsdien wel steeds zorgen over dat hij het ooit eens zou doen. En daarom zorgde ik ervoor bij hem en zijn vrienden uit de buurt te blijven. Voor het geval dat! Je zult nu wel begrijpen dat nog niet veel mensen weten van mijn anders-zijn. Het zou ook niet goed gevallen zijn op mijn school (privé, alleen maar jongens) en zeker niet bij mijn vader.
De verhuizing naar Californië, een nieuwe school en geen vader gaven me een nieuwe mogelijkheid me aan de wereld voor te stellen. Tegelijkertijd realiseerde ik me echter ook dat mijn grootmoeder, die ik het laatst zag toen ik zes was, waarschijnlijk er helemaal niet blij mee zou zijn en dat mijn moeder zeker nu er geen nieuwe zorgen bij kon gebruiken. Mijn moeder, en als bezorgde zoon weet ik dat, stelt andere mensen altijd voorop. Ja, eigenlijk, ben ik een stommerd en had ik me dat moeten beseffen toen ik de boel op school naar de kloten hielp. Bovendien, is het mijn laatste jaar op high school (vooropgesteld dat ik het niet helemaal verknal) en dan ben ik helemaal op mezelf in de wijde universiteitswereld. Ik hoop alleen maar dat deze scheiding niet al het geld van mijn ouders gaat opslokken, zodat ik inderdaad kan gaan studeren. Is er misschien een advocaat die meeleest? Grapje hoor!
Mijn vader was dat weekend weg (waarschijnlijk ergens aan het rollebollen met een dame van slechte reputatie) en wij maakten gebruik van zijn afwezigheid om onze zaken in te pakken en weg te wezen. Mijn moeder gedroeg zich werkelijk bewonderenswaardig. Ze wilde niets van de dingen meenemen waar hij zo aan gehecht was. "Nee, dat is van je vader jongen!" Nou en? Als we het meenemen is het van ons, nietwaar?
Die zaterdagmiddag tegen 2 uur in de middag was het aanhangwagentje eindelijk volgepakt. Ernaar kijkend, viel het me op hoe verrassend weinig er over was van negentien jaren huwelijk (in mijn moeders geval) en zeventien jaren als aardbewoner (in het mijne). Maar het was alles. Gestouwd in de aanhanger en op de achterbank van mijn moeders auto. We zouden die zondagochtend in alle vroegte vertrekken met duizenden kilometers voor de boeg naar ons nieuwe 'thuis'. Een scheiding is iets ontzettend vervelends, maar dat hoef ik je waarschijnlijk niet te vertellen. Alhoewel mijn vader door zijn gedrag dat van weinig moraal getuigde en een echte klootzak was, zou ik hem toch wel gaan missen. Al wilde ik dat niet laten merken. Te meer omdat ik mijn moeder wilde steunen, die duidelijk net zo overstuur was als ik.
Tegen tien uur ging de deurbel en geschrokken stopten we beiden met hetgeen we aan het doen waren. Ik stond op en ging naar de deur en beetje voorzichtig voor het geval iemand ons zou storen bij onze vlucht. Maar het was slechts Josh, een soort van vriend van school die ik eerder op de dag verteld had dat ik ging verhuizen. Josh is een prima vent, maar een beetje een saaie boekenwurm en een echte spelfanaat. Van 'Dungeons and Dragons' heeft hij zowat alle spelregelboekjes die er voor handen zijn. Ik heb me daar nooit mee beziggehouden. In mijn dagelijkse leven besteed ik al veel te veel tijd om me voor te doen als iemand anders en dan heb ik daar in mijn vrije tijd geen zin meer in!
We hadden altijd wat samen opgetrokken, totdat ik me zo goed het ging had verstopt na 'het voorval'. Hij was, zo zou je kunnen zeggen, iemand die de term “beste vriend” het dichtst benaderd en daarom had ik hem ook verteld van ons vertrek. "Uh, hai, Drew", schoof hij zenuwachtig heen en weer voor de deur me niet in de ogen kijkend. Plotseling kwam een overweldigende geur van eau de cologne over me heen, "kan ik binnenkomen?" "He, Josh. Jezus zeg, heb je de fles laten vallen man? Je ruikt als een parfumerie." Hij werd helder rood in het gezicht en begon nog meer zenuwachtig heen en weer te schuifelen.
Typisch Josh, hij zou een goed uitziende vent zijn als hij rechtop zou staan, iets met zijn haar zou doen en wat vrienden zou maken. En ja, aan deze zaken heb ik wel gedacht! En ik let er ook erg op bij anderen! Als je een gefrustreerde teenager bent (en is er een ander soort?) kleed je alles wat een broek draagt in gedachten uit! "Natuurlijk, kom binnen, maar je kunt niet lang blijven; we zijn druk bezig met een verhuizing." "Kan ik misschien helpen?" Hij klonk zo pathetisch dat ik bijna zou vergeten dat hij de meest onhandige persoon is die ik ken. Maar ondanks dat, besloot ik zijn aanbod af te slaan zeker omdat ik wist dat mijn moeder er geen behoefte aan had dat een vreemde in haar spullen zou neuzen. "Dag mevrouw Q." Alsof ze mijn gedachten had gelezen, kwam mijn moeder de hal binnen. "Hallo Josh. Zeg lieverd waarom neem je niet wat tijd om met Josh te praten. Ik kan het heus wel alleen verder aan hoor!"
Ze duwde een weerbarstige haarlok uit haar ogen en gaf ons beiden een brede glimlach.
"Bedankt mam." Mijn lieve oude moeder, tijd vrij om een gesprek te hebben met een jongen die ik slechts half ken en waarvan ik het idee heb dat hij enorm vervelend is. "We zijn in de tuin." Had ik al verteld dat mijn vader zakken vol geld heeft? Nee? Nou, geen tuintje voor ons maar een in terrassen aangelegd park, dat zich van de achterkant van ons huis uitstrekt tot aan een belvedère en een beekje aan het eind. We liepen zij aan zij in stilte de tuin in.
"Zeg Josh, ik wil niet onvriendelijk zijn, maar waarom ben je hier?" Ik stopte en keek hem aan, zijn gezicht verscholen door de schaduw van bladeren en takken. "Ik wilde je gedag zeggen." "Maar dat had je toch al gedaan." "Weet ik, maar ik wilde het op een juiste wijze doen." Hij pauzeerde en nam zijn bril van zijn neus om de glazen op te poetsen met de loshangende panden van zijn shirt. "En ik wilde ook nog met je praten." "Waarover?" "Ach, dat weet ik niet. Gewoon. Zeggen dat ik je zal missen." Hij gluurde hoopvol naar me, waarschijnlijk verwachtend dat ik op dezelfde wijze zou reageren. "Natuurlijk zal ik jou ook missen, oude vriend." Ik dacht dat ik best aardig klonk, ook al was het een leugen, maar hij meende iets opgemerkt te hebben in de toon waarop ik het zei.
"Echt?" Hij zette zijn bril weer terug en keek me recht in het gezicht. "Ja. Zeker," zei ik vasthoudend. Dit keer accepteerde hij mijn woorden en liepen we verder naar beneden de tuin in naar het beekje. "Ik heb een cadeautje voor je," zei hij zachtjes. "He joh, dat had je toch niet hoeven doen," reageerde ik automatisch, omdat het het enige juiste is om te zeggen, ook al zou je nooit een geschenk weigeren. "Wat is het?" Hij overhandigde mij een klein, slecht ingepakt pakje dat er uitzag en aanvoelde als een boek. "Maak maar open." Ik trok aan het papier en onthulde een oud boek, waarvan de letters op het kaft al aardig versleten waren. Daarom kon ik er niet gemakkelijk wijs uit worden. "Het zijn de 'Analects van Confucius', ik dacht dat het je misschien zou helpen zaken filosofisch te bekijken. Je vindt het niet leuk, he?"
Ik bemerkte dat ik daar stom (zonder te spreken dus) stond te staren naar het boek. Het was lief van hem en ik was echt geroerd dat hij iets voor me had gekocht, maar bovenal door het feit dat hij zich na zoveel maanden had herinnerd dat ik ooit eens met hem had gesproken over Confucius. Ik slikte iets weg dat het begin van een traan had kunnen zijn. "Nee, ik vind het prachtig. Heel erg bedankt Josh." En impulsief omhelsde ik hem. Ik hoorde hoe hij diep inademde en voelde meteen zijn gespannenheid toenemen. Daarom liet ik hem meteen los en mompelde iets ter verontschuldiging. "Nee, het is goed, echt," antwoordde hij. Maar zijn stem klonk raar en ik wist dat ik te ver was gegaan. Maar wat maakte het ook uit.
Morgenvroeg zou ik weggaan dus hem hoefde ik in elk geval niet te vermijden op school. "Laten we gaan zitten," hij wees op de belvedère terwijl ik probeerde mijn verbazing dat hij niet meteen was weggerend te verbergen. We liepen erheen en namen plaats op een bankje. Hier was het lichter door het schijnsel van de maan dat weerspiegeld werd in het water. Maar we waren afgezonderd van de rest van de tuin. Ik zuchtte diep. "Is er iets?" vroeg hij. "Nee niets. Ik dacht eraan dat dit eigenlijk best wel een romantisch
plekje is. Ik wed dat mijn ouders hier best wel vaak samen zijn geweest, in hun betere tijden." Een lach ontsnapte aan mijn lippen.
"Ja best wel romantisch." Er was een lange stilte waarin we geen van beiden iets zeiden. Ik was bezig met de verwerking van wat hij zojuist had gezegd en hij waarschijnlijk bezig te bedenken wat nu te zeggen. Hij schraapte zijn keel en begon, weifelachtig, te spreken en toen kwam het er allemaal uit als een waterval. "Drew, als het antwoord nee is, kan ik het begrijpen. Maar nu jij morgen weggaat, is het nu of nooit. En ik heb het je al heel lang willen vragen, maar je leek me zo, zo normaal en daarom heb ik het nooit gedurfd. En Jezus, nu heb ik het echt verknald, niet?" Hij stopte met praten. "Josh, ik weet niet zeker. Ik……." Ik raakte het spoor enigszins bijster en was met stomheid geslagen door zijn uitbarsting. "Oh, verdomme," zei hij en plotseling kuste hij me. Op mijn lippen.
Mij. Een jongen. Door een andere vent, denk je dat eens in. Mijn verstand was tot geen enkele samenhangende gedachte meer in staat. Ik was totaal verbouwereerd. Maar niet, God zij dank (of de evolutie of wat dan maar ook) te verbaasd om te reageren. Ik bracht mijn handen omhoog en plaatste op zijn rug, terwijl ik het zachte stof van zijn flanellen shirt begon te strelen, me er plotseling van bewust hoe stevig Josh’s lichaam was. Mijn reactie moet hem ervan overtuigd hebben dat het goed zat, want ook hij sloeg zijn armen om mij heen. De volgende vijf minuten gingen volledig op aan onze gedachten over die kus - mijn eerste kus! Maar verdomme, waarom nu?! "Wow," zei hij overeind komend voor lucht en schaapachtig naar me grijnzend. Ik staarde hem recht in het gezicht te verbaasd om ook maar iets te zeggen. "Ik dacht dat je me zou gaan slaan of zoiets," voegde hij toe.
"Je slaan?" "Ja, weet je wel omdat ik een flikker ben," zei hij aarzelend zijn stem minder luid bij de laatste twee woorden. "Een flikker?" Ik realiseerde dat ik hem papegaaide. "Ja, ik denk het." Oh, dat was beter. Dat was nog eens verstandige taal! Waar waren de spitsvondige ingevingen als je ze nodig had? "Maar je deed het niet." "Nee, ik deed het niet." "Je kuste me terug!" Nu grijnsde hij als een volslagen idioot. "Ja, dat deed ik." Zeker er werd vast iets meer van me verwacht dat deze stomme korte zinnetjes. "Zouden we het misschien nog eens kunnen doen?"
Het was mijn beurt om aarzelend over te komen. Maar in elk geval beter dan wat ik tot nu toe had uitgebracht. Ik strekte mijn handen uit naar zijn gezicht en tilde de bril van zijn neus, legde hem op het boek naast me op de bank. Ik keek hem in zijn ogen: een delicate kleur blauw, enigszins waterig zonder zijn bril maar desalniettemin mooi. Hij lachte verlegen en ik bemerkte dat hij geprobeerd had iets met zijn van nature warrige haar te doen. Maar een kam alleen zou hem niet helpen. Deze jongen had beslist een stylist nodig. Maar ik wilde mijn tijd niet met dit soort bespiegelingen verdoen. Ik legde mijn hand onder zijn kin en kuste hem opnieuw. Zijn vingers speelden door mijn haar als onze tongen langs elkaar wrongen.
"Waarom heb je nooit iets eerder tegen me gezegd?" vroeg ik hem, toen we onze tweede kus verbraken terwijl we onze armen om elkaar gestrengeld hielden. "Ik was bang dat je me zou slaan, me zou haten, of nog erger, dat je me zou uitlachen. Oh Drew, je bent zo mooi," verzuchtte hij diep. "Mooi? Ik?" Ik was sprakeloos. Ik ben ongeveer 1.78 meter en denk dat ik een aardig mooi lijf heb, geen vet en aardig strak belijnd. Maar niets bijzonders. Ik doe aan sport maar ben geen uitblinker. Altijd heb ik al gevonden dat mijn ogen het beste onderdeel aan me zijn. Ze zijn donkerbruin, zo donker dat het soms moeilijk is de iris van de pupil te onderscheiden. Vaak genoeg heb ik mezelf voor de spiegel diep in de ogen gestaard om te weten dat ik 'killer eyes' heb.
Mijn haar houd ik aardig kort, mijn tanden staan recht en zijn wit, maar voor de rest is er niets bijzonders aan mijn gezicht. Het is zelfs een beetje te rond, vind ik. Maar ja, ook dat is natuurlijk afhankelijk van de waarnemer, nietwaar? "Ja. Je bent mooi," zei mijn persoonlijke waarnemer terwijl hij zijn hand op mijn dijbeen legde. Pijnlijk werd ik me er voor de eerste keer van bewust dat dit niet het enige ding was dat tegen mijn dij aandrukte. "Mag ik je aanraken?" vroeg zijn stem zacht en angstig. Ik wilde hem zeggen dat hij daar al mee bezig was, toen ik begreep dat hij eigenlijk bedoelde of hij mijn pik mocht aanraken. Ik knikte en zag dat zijn gezicht oplichtte. Iets wegslikkend bedacht ik me dat dit aardig snel ging, maar zoals hij al gezegd had het was nu of nooit en mijn aarzeling was alleen maar psychisch. Mijn lichaam wilde iets heel anders. Dus tijd voor het Verstand om zijn grote mond te sluiten, zich gedeisd te houden en te genieten van de rit!
Onhandig waren zijn vingers bezig met de knopsluiting van mijn jeans. Mijn shirt (hangend over de broek) zat hem in de weg en ik besloot hem te helpen door de knoopjes los te maken en de panden opzij te slaan. Zo kreeg hij een goed zicht op mijn onderbuik en de bovenkant van mijn jeans. Hij leunde voorover om in het donker beter te kunnen zien wat hij deed en ik voelde zijn hete adem op mijn vel. Terwijl ik de achterkant zijn hoofd streelde, hoorde ik hem hijgen en eindelijk lukte het hem de eerste broeksknoop los te krijgen. Vanaf dat moment leek het hem makkelijker af te gaan met de anderen. Meer in beslag genomen door het gevoel van mijn hand op zijn nek dan zijn gedoe met die knopen werd ik me plotseling bewust van zijn hand in mijn broek die mijn lul beetpakte. Ik verstijfde en daarmee bedoel ik echt dat alles verstijfde.
"Oh God!" hijgde hij en ik voelde zijn woorden tegen mijn lijf. "Ik kan niet geloven dat dit gebeurd met mij." Kon hij niet geloven dat dit met HEM gebeurde? Bijna moest ik hardop lachen, maar werd hiervan weerhouden door het voorzichtige strelen van zijn vingers over mijn borst. Ik ademde diep in en liet het toen weer langzaam gaan. Zijn vingers in mijn broek hadden het klaargespeeld mijn shorts uit de weg te ruimen en mijn pik, hard als beton, lag in zijn hand. Het gevoel van iemands anders hand was overweldigend. Zoiets had ik nog nooit eerder gevoeld. Dit gevoel was veel beter dan al die keren dat ik mezelf had afgetrokken. Ik heb er een van zo'n ruim 15 centimeter, een goede handvol dus en zo te
merken was Josh er ook behoorlijk tevreden mee.
Hij begon regelmatig zijn hand op en neer te trekken langs mijn stijve en ik wist dat dit niet lang zou kunnen duren, maar het gaf niets. Dit voelde zo goed dat ik gewoon niet wilde dat hij langzamer aan zou doen of zelfs zou stoppen. Eventjes was er het gevoel dat alleen ik maar genoot. "Ga rechtop zitten", zei ik hem, "ik wil jou ook aftrekken." "Maak je daar maar niet druk over," zei hij terwijl hij naar me opkeek
en bloosde. Toen deed hij iets totaal onverwachts. Hij nam de kop van mijn lul in zijn mond! En als ik gedacht had dat een hand aan je pik geweldig is, nou dan moet ik je zeggen dat dit nog veel beter was! Mijn ademhaling werd onregelmatig door het heerlijke, vochtige, strakke gevoel van zijn mond die op en neer mijn stang ging, terwijl zijn hand nog steeds de resterende centimeters van mijn schacht beroerden. Oh, mijn God!!!
"Andrew," de stem van mijn moeder kwam vanaf het huis de tuin ingedreven en mijn lichaam raakte gespannen. Gedeeltelijk vanwege de angst om in deze compromitterende situatie gezien te worden, maar ook omdat Josh me net nabij mijn hoogtepunt had gebracht. Ik voelde mijn ballen verstrakken en het heerlijke gevoel van een naderend orgasme nam de overhand. Ik begon hard te roepen, enerzijds om Josh te waarschuwen en anderzijds als reactie op mijn moeder. "Ik kom, ik kooooom!" En zo gebeurde het. Josh stopte niet met zuigen, maar hield zijn mond waar het was en slikte mijn hele lading in. Ik had
mijn eigen zaad wel eens geproefd en vond het niet bijzonder. Maar misschien is het net als met mijn uiterlijk: alles is een kwestie van smaak!
"Okay, maar schiet je wel een beetje op!" Vaag hoorde ik mijn moeders reactie. Oncontroleerbaar begon ik te lachen totdat de tranen mij over de wangen liepen. Josh keek me aan met een vreemde lach om zijn lippen. Waarschijnlijk omdat hij genoten had van mijn witte room, maar wellicht ook omdat hij niet begreep wat er aan de hand was met mij. Terwijl ik zijn handen in de mijne nam, vertelde ik hem dat dit het meeste bijzondere was dat ik ooit ervaren had. Ik legde zoveel mogelijk oprechtheid in mijn stem als ik kon. "Mag ik het nu bij jou doen?" "Ah, dat is niet nodig. Ik ben al." Hij keek erg moeilijk. "Wel, ik ben al klaargekomen!" Was hij gekomen terwijl hij me pijpte? Dat was mooi! "Nou okay. Kus me dan nog eens."
"Ik denk dat je moet gaan, je moeder riep je toch." Plotseling leek het erop dat hij heel snel weg wilde. Alsof hij zich schaamde voor wat er zojuist was gebeurd. Terwijl ik juist nog wat langer met hem hier had willen zitten en kussen. Maar hij stond al rechtop en daarom maakte ik de knopen van mijn broek en shirt maar dicht. "Dank je wel," zei hij waarna hij me een lichte kus op de lippen drukte. Hij zette zijn bril weer op en legde het boek in mijn handen. Daarna liepen we terug naar het huis. "Zal je me schrijven?" vroeg hij met een smekende blik, terwijl ik hem uitliet. "Dat zal ik doen. Ik beloof het." Ik keek of mijn moeder in de buurt was en stal een snelle kus en toen was hij weg. Terwijl hij wegliep hoorde ik een zachte snik.
Die nacht sliep ik als een roos. Tenminste voor het grootste gedeelte, want ik hoorde mijn moeder meer dan een keer door het huis lopen en een keer keek ze voorzichtig om de hoek van mijn deur en zuchtte ze diep. Ze is een lieve vrouw, mijn moeder, ze probeerde altijd alles op rolletjes te laten lopen en zou zich voor mij in de vreemdste bochten wringen als dat nodig mocht zijn. En verdomme, ik zou dat ook voor haar doen. Raar eigenlijk dat je dingen pas leert waarderen als ze er niet meer zijn. Vanaf dat moment nam ik me voor om de best mogelijke zoon te zijn voor haar. Opgewekt en behulpzaam te zijn op alle momenten zodat mijn moeder zich nooit zou afvragen of ze het goede had gedaan door bij mijn vader weg te gaan. Eigenlijk zou het ook niet zo moeilijk moeten zijn. De laatste drie jaren was het toch niet echt leuk geweest thuis met mijn vader dan wel te verstaan. Het enige jammere van ons vertrek was
natuurlijk Josh. Oh, diepe zucht!
"Ben je klaar lieverd?" riep mijn moeder naar boven, terwijl ik op handen en voeten door mijn kamer kroop op zoek naar mijn tweede schoen. "Ja, een momentje nog!" riep ik terug. "Nou, schiet op dan. We moeten zo weg." Waarom? Voor het geval dat Californië besluit om van plaats op de aardbodem te wisselen met een ander gebied? Moeders ook! Ik vond gelukkig mijn schoen snel en was klaar voor vertrek. Ik pakte het boek dat ik van Josh gekregen had op en liet mijn vingers over het soepele leer gaan. Met een diepe ademtocht sloot ik deur (onze voordeur) van mijn oude leven achter me. Mijn moeder reed het eerste stuk en ik begroef mijn neus in de 'Analects'. Nadat we de stad verlaten hadden reden we met grote snelheid naar de staatsgrens. Bij het passeren daarvan draaide ik mijn raampje naar beneden en gooide iets naar buiten in de berm.
"Wat was dat?" "Och niets bijzonders," zei ik terwijl ik haar met een schuine glimlach aankeek. "Kom op Andrew Timothy Quinn, vertel." Als een ouder al je officiële namen gaat noemen weet je als kind dat je je zelf in de nesten hebt gewerkt. "Nou….", begon ik stukje bij beetje, "je weet dat pa nooit een sleutel bij zich heeft?" Hij verwachtte altijd dat mijn moeder thuis zou zijn als hij arriveerde, waar dan ook maar vandaan!’ "Ja?" Er klonk iets prettigs in haar toon nu. "Nou, dat wat ik naar buiten gooide was de reservesleutel van onder de bloempot bij de voordeur." "Het is geen bloempot, maar een Keulse pot, jongen."
Mijn moeder probeerde serieus te blijven, maar kon dat niet lang volhouden en barstte uit in lachen, hierbij helemaal naar het midden van de weg zwaaiend. Ik pakte snel het stuur beet en trok de auto weer recht. "Mam! Let op de weg!" Jezus, zo leuk was het nou ook weer niet. "Sorry!" Ze veegde de tranen uit haar ogen en slaakte en diepe zucht. Maar ze lachte nog steeds en schudde haar hoofd. "Dat was erg stout, Andrew. Je arme vader moet nu een vermogen betalen aan een slotenmaker om in het huis te kunnen komen." "Als hij al bij een telefoon kan om er een te bellen," lachte ik naar haar. "Waar heb je dit soort gedrag toch geleerd, jongeman?" zei ze terwijl ze een klopje op mijn knie gaf.
De rest van de dag brachten we bijna geheel in stilte door. Elke paar uur wisselden we elkaar af aan het stuur. Twee keer stopten we om wat te eten in de plaatsen die we passeerden maar we praatten niet veel. Ik denk dat mijn moeder in gedachten verzonken was over wat we aan het doen waren. Over wat we nu zouden moeten gaan doen. Ik zelf ook. De ene helft van me keek uit naar een nieuw begin, terwijl de andere helft terug wou naar de armen van Josh. Maar ik ben een realist en wist dat dat niet zou kunnen.

©original text: Ardveche
©Nederlandse vertaling: Lucky Eye, 2018. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de houder van het auteursrecht.

Lucky Eye
Berichten: 104
Geregistreerd: zaterdag 07 februari 2015 15:42
Woonplaats: Zwolle
Ontvangen Bedankjes: 138 keer
Bericht Re: NIEUW IN CALIFORNIË door Lucky Eye » zaterdag 03 november 2018 07:15

Hoofdstuk 2 - Nieuw Huis, Nieuwe School

Voor de rest van de reis waren mijn gedachten aardig neutraal. Mijn moeder en ik praatten af en toe maar waren de meeste tijd bezig met onze eigen gedachten. Ik denk dat we beiden wisten hoe groot deze stap was die we maakten en dat we de voor- en nadelen tegen elkaar afwogen. Zo reden we verder. We stopten als het nodig was voor eten, voor onze natuurlijke behoeften en om te slapen. En de weg voerde ons verder. Poëtisch he? Zonder de tussenliggende staten te beledigen, moet ik zeggen dat ze in
een waas aan me voorbijgingen. Nog nooit was ik zo ver naar het westen geweest en ik vond het best wel opwindend. Mijn beeld van Californië was gedeeltelijk gevormd door de 'Beverly Hilbilles' -zwembaden en filmsterren dus. Onnodig te zeggen dat hetgeen we passeerden absoluut daar niet op leek.
Ik was echter niet teleurgesteld omdat we door een absoluut prachtige omgeving reden. Toen wij uiteindelijk de oprit naar mijn grootmoeders huis opreden voelde ik me optimistischer dan ik in dagen was geweest. Misschien realiseerde ik me pas nu dat ik een nieuw leven kon beginnen en dat ik kon zijn wie ik werkelijk was? Het huis voor ons was een degelijk uit hout opgetrokken huis met een soort van stomp torentje aan de linkerkant en een grote tuin met rijen fruitbomen. Dit leek er meer op! We hielden halt en stapten langzaam uit de auto. Ik zag een oudere, maar toch nog wel sprankelende, vrouw naar ons toe rennen met een brede strooien hoed op haar hoofd. Het was meer dan tien jaar geleden dat ik haar voor het laatst had gezien, maar ik herkende mijn grootmoeder meteen.
"Lieverd!" riep ze naar ons toen ze dichterbij kwam. "Jullie zijn er! En zo vroeg." Ze knuffelde mijn moeder stevig, stapte toen achteruit en nam me van boven tot onderen in ogenschouw. "En wie is die knappe jonge man? Een speeltje van je?" Ik werd knalrood. "Moeder, dat is Andrew, hij is echt groot geworden sinds je hem voor het laatst zag," legde mijn moeder met een brede glimlach van moedertrots
uit. "Dat is hij zeker! Je bent vast een echte hartenbreker jongeman." Ze nam mijn beide handen in de hare en schonk me een nieuwe waarderende blik. "Ik denk dat daar in het westen vast wel een paar zelfmoorden zijn gepleegd nu jij weg bent, hmm?" Ongemakkelijk staarde ik naar mijn voeten. "Nouuu," was alles dat ik kon bedenken om te zeggen.
"Oh Andrew, let maar niet op mij hoor. Ik zeg wat ik denk en verwacht van een ander dat hij dat ook doet. Ik ben maar gewoon een rare oude vrouw. Je zult er wel gewend aan raken," glimlachte ze naar me waarna ze me plotseling een warme omhelzing gaf. "Het is goed je weer te zien." "Dat vind ik ook grootmoeder," mompelde ik en tranen sprongen in mijn ooghoeken. "Grootmoeder? Oh liefje, nee. Zo zal je me niet noemen hoor je. Je noemt me Lois en anders, het maakt niet uit hoe groot je bent, breek ik je
benen." Ik kon er niets aan doen maar moest vreselijk lachen. "In dat geval, moeder, Andrew wil graag Drew genoemd worden. Wat er mis is met de naam die wij hem gegeven hebben weet ik niet," voegde mijn moeder toe.
"Dan zal ik je Drew noemen. Zeker als je moeder er zich aan ergert," zei ze lachend naar me. Mijn moeder slaakte een diepe zucht maar de blik op haar gezicht zei dat ze het niet erg vond. "Okay Lois, dat is dan een afspraak," lachte ik terug. En toen liepen we met z'n allen naar binnen meteen naar de grote witte keuken voor een verfrissende dorstlesser. Ze gaf me een rondleiding door het huis en vroeg me een van de lege slaapkamers als de mijne aan te wijzen. Onnodig te zeggen dat ik degene op de bovenste verdieping koos. Je weet wel die van dat torentje. Een soort van zolderkamer. Het was de grootste kamer in het huis en had een eigen badkamer, hetgeen een groot voordeel was. Mijn moeder en mijn grootmoeder (oeps, Lois) sliepen beiden op de verdieping daaronder en zodoende had ik voldoende ruimte voor privacy.
"Ik had wel gedacht dat je deze zou kiezen. Hij was van je Oom Andrew toen hij een jongen was," verklaarde Lois. Mijn moeder sprak nooit over de oom waarna ik genoemd was en die in Vietnam gestorven was toen hij maar iets ouder was dan ik. Daarom verbaasde het me dat Lois er op zo'n
luchtige manier over sprak. "Je doet maar wat je goeddunkt, behangen, posters, meubels uit andere kamers, alles wat maar nodig is om het jouw kamer te maken." Waarbij ze speciaal de nadruk legde op 'jouw'' en ik een bijzonder goed gevoel kreeg over deze bijna-vreemdeling die ons zo genereus in haar huis opnam. "He, hartstikke bedankt. Voor alles."
"Ach jongen wees stil. Het is prachtig om weer jonge mensen in huis te hebben," zei ze terwijl ze zachtjes mijn arm aanraakte. "Ik wil dat je je hier thuis voelt, nergens is het verboden terrein en ik heb geen enkele regel. Je moeder zoekt altijd naar orde, maar ik heb betere dingen te doen in mijn tijd!" "Ik denk dat ik hier een prettige tijd ga hebben," antwoordde ik en daarbij was geen enkel woord een leugen. "Mooi. Ik weet nu al dat ik het leuk vind dat je hier bent. We hebben zoveel in te halen en ik wil alles van je weten." We namen de trap naar beneden die in de keuken uitkwam. Het uitpakken van onze magere bezittingen duurde nog veel langer dan het inpakken ervan en even twijfelde ik eraan of ik wel de juiste kamer had gekozen aangezien ik lading na lading van mijn bezittingen al die trappen op moest sjouwen. Toen ik bezig was met het herschikken van het meubilair werd ik me er plotseling van bewust dat iemand naar me keek.
Ik draaide me om en zag mijn moede in de deuropening staan met een afkeurende blik op haar gezicht en haar armen gekruist voor haar borst. "Ik wou dat je een andere kamer had genomen, Andrew," zei ze. "Lois zei dat het goed was en ze was blij dat hij weer gebruikt werd," zei ik op een verdedigende toon. "Ik weet het." Ze keek de kamer opnieuw rond, slaakte een diepe zucht en draaide zich om. Ik had haar nieuwe zorgen gebracht ondanks het feit dat ik mezelf beloofd had dat ik de best mogelijke zoon voor haar zou zijn. "He mam, als je het wilt kan ik nog wel een andere kamer nemen hoor." Ze draaide zich om en keek me met een schuin hoofd aan alsof ik het gezegd had om haar de mond te snoeren. "Nee, je grootmoeder heeft gelijk."
Plotseling brak er een glimlach op haar gezicht door. "Je bent een lieve jongen, Andrew. Laat me je helpen met die klerenkast, anders bezorg je jezelf nog een hernia en dat is wel het laatste dat we nu kunnen gebruiken. "Dank je mam." "Nee, jij bedankt. Dit oude huis heeft zoveel pijnlijke herinneringen
maar daartegenover ook zoveel goede. Ik denk dat het mij zeventien jaar heeft gekost om me dat te realiseren." Ik wilde reageren toen mijn moeder opnieuw begon te spreken en ik wist dat ons gesprek voorbij was. "Weet je als je deze tegen de wand zet, blokkeer je het invallende licht vanuit het raam. Waarom zet je hem niet hier?" Ze is in dat soort dingen geweldig. Je had eens moeten zien hoe ze ons huis ingericht had.
Ze had best een binnenhuisarchitect kunnen zijn, zo geweldig goed is ze in die dingen. We werkten een aantal uren door en eindelijk lukte het ons de kamer zo te krijgen als ik wilde. Mijn moeders humeur verbeterde stukje bij beetje alsof het werk een soort therapie voor haar was die haar zorgen deed verdwijnen. Uiteindelijk liet ze me alleen om mijn kleren en andere dingen weg te bergen en met de boodschap dat ik naar beneden moest komen om wat te eten zodra ik daarmee klaar was. Ik bedankte haar opnieuw, waarop zij een hand door mijn haar haalde (normaal heb ik daar een vreselijke hekel aan, maar nu gaf het me niet zoveel).
Die nacht sliep ik de slaap der rechtvaardigen. Nee echt, een exploderende bom vlak naast mijn bed zou me nog niet wakker hebben gekregen. Het feit dat ik een tweepersoonsbed ter beschikking had werkte
daaraan enorm bij. Nu kon ik breeduit in het midden liggen en genieten van alle ruimte. Maar toch kon ik het niet helpen dat ik even er aan moest denken hoe het zou zijn als ik een smaller bed had gehad. Maar de vermoeidheid liet me niet toe hier lang over te bomen. Ik ontwaakte in een knoedel van beddengoed en het licht dat door de ramen naar binnen scheen. Waar anders zou het door naar binnen moeten schijnen? Vaag was ik me bewust dat er ergens muziek vandaan kwam, maar ik kon het niet lokaliseren. Mijn ochtendroutine voltooide ik half verdoofd (ik ben geen ochtendmens) en ik vond me een weg door de nog niet vertrouwde badkamer.
Maar toch, al zeg ik het zelf, na een tijdje zag ik er aardig cool uit: grijze cargobroek en gympen, zwart T-shirt, grijs shirt en een zilveren armband en halsketting om het te complementeren. Ik liep naar beneden de dag tegemoet. "Goedemorgen," zei mijn moeder terwijl ik de keuken binnen stapte. "Lois
is in de serre bezig met haar planten. Wat wil je eten?" "Doe maar cornflakes of zo." "Ach ja, ik had het kunnen weten. Prima." Ze schudde wat uit het pak in een bakje en voegde melk en suiker toe, precies op de manier waarop ik het lekker vind.
"Zo, ben je er klaar voor om je te laten inschrijven op school?" "Oh hemeltje. Nou die verfomfaaide, verreisde outfit stond je prima, maar dit staat je wonderwel, jongeman." Met de muziek van Chuck Berry's 'Johnny B. Good' op de achtergrond kwam mijn grootmoeder binnen met een gieter in haar hand en die grote strooien hoed op haar hoofd. Ze was gekleed in een lange shawl, toga, poncho of hoe zoiets ook maar mag heten, maar het bedekte haar van top tot teen. "Lo-isss!" protesteerde ik terwijl ik eigenlijk best wel blij was met haar complimentje. Ik vroeg me af of dat zo haar manier van doen was of dat ze het me hier gewoon naar mijn zin wilde maken. De tijd zou het leren. "Moeder, hij moet er helemaal van blozen," voegde mijn moeder toe.
"Ah, dat geeft niets. Zo is zijn gezicht nog mooier," antwoordde Lois terwijl ze zich omdraaide om de keuken weer uit te lopen. "Mooi!?" Ik keek op van mijn cornflakes en staarde haar aan. "Dank je OMA!" riep ik haar rug na. "Niets te danken, stuk!" "Ben je klaar? Ik rijd je wel naar school als je dat wilt." Mijn moeder pakte mijn lege bak voor me weg en was in eens weer helemaal zakelijk. "Ik weet dat het moeilijk zal zijn om halverwege het schooljaar ergens opnieuw te moeten beginnen, maar ik wil dat je doorzet en het probeert. Voor mij, okay?" "Woah! Ben ik ineens weer zes? Kom op mam, het zal prima gaan." "Sorry lieverd, maar ik weet dat die laatste school je niet beviel. Ik maak me zorgen om je, dat is alles." "Ik weet het mam. Bedankt. Wat ga jij doen vandaag?"
"Ik zal proberen een baan te vinden. En een advocaat!" Mijn moeder is zelf advocaat geweest toen ze trouwde maar stopte daarmee toen ik werd geboren. En misschien kon ze haar twee activiteiten voor vandaag dus wel combineren. "Nou succes dan maar en, uh, mam," begon ik aarzelend, "als het kan
helpen, kan ik misschien ook wel een baantje zoeken, na school of zo." "Dank je Andrew. Maar ik hoop dat dat niet nodig zal zijn. Ik wil dat jij je concentreert op je opleiding en die cijfers weer opkrikt." "Okay. Dat beloof ik." "Je bent een lieve jongen." Ze keek alsof ze me opnieuw door het haar wou strijken. Hetgeen me zo vlak voor de nacht niet kan schelen, maar dat ik nu zeker niet wilde nadat ik een half uur bezig was geweest om er wat model in te krijgen, dus ik weerde haar af.
"Niet week worden mam!" Maar ik sloeg mijn armen om haar heen om te laten merken dat ik het niet zo bedoelde. Ik denk dat ik een zeer goede relatie heb met mijn moeder maar ik heb er nooit zo goed over nagedacht eigenlijk tot nu toe. Ook weer zo'n voorbeeld dat je iets pas gaat waarderen als het te laat is. Maar nu was het tijd om de wijde wereld weer in te gaan. We stapten in de auto en reden naar school waar m'n moeder me met een snelle kus op de wang afzette. "Zet 'm op Andrew!" en weg was ze. De lessen waren al begonnen en daarmee zette ik koers naar de administratie door de gekleurde lijnen (zoals je ook wel in ziekenhuizen en militaire bases hebt) te volgen. Een dikke, slecht uitziende, oude vrouw zat achter de balie in het kantoor. Haar naam was Agnes zo bleek uit haar badge. Ik liep naar haar
toe en stelde me voor.
"Uh, hallo, ik ben Drew, uh Andrew Quinn?" Waarom het er uitkwam als een vraag? Geen idee! Ik zweer je dat ik echt weet hoe ik heet. "Mijn moeder heeft gebeld, ik zou me laten inschrijven en zo." Goed
geformuleerd of niet dan? "Hallo Andrew, we verwachtten je al." Ze nam me in ogenschouw en haar gezicht veranderde volkomen. "Je moet een formulier voor me invullen en daarna wil directeur Blackburn je graag spreken." "Okay. Prima." Ik zwaaide mijn rugzak van mijn schouder en ging op zoek naar een pen. Die er dus niet was. Verdikkeme. Goede start he? Ik maakte indruk op haar nu kan ik je wel vertellen. De indruk dat ik een idioot was. "Kan ik misschien uw pen even lenen, alstublieft?" "De boel snel ingepakt vanmorgen?" vroeg ze terwijl ze me de balpen aanreikte. "Hou hem maar ik haal straks wel een nieuwe uit het magazijn."
Ik glimlachte uit dankbaarheid naar haar en begon met de vragen op het formulier. "Meneer Quinn!" bulderde een stem achter me terwijl ik de laatste vraag op het formulier invulde. "Henry Blackburn." De grijsharige man kwam op me af met uitgestoken hand. Ik moet er wezenloos hebben uitgezien want
meteen voegde hij eraan toe: "Ik ben de directeur van het majestueuze McKinley High." Hij schaterlachte en ik toverde een zwakke glimlach om mijn lippen en mompelde iets in de trant van 'prettig kennis met u te maken'. "Welkom bij onze vrolijke familie, jonge Quinn. Mevrouw Brooks als u nu Andrews lesrooster wilt uitzoeken dan zal ik hem ondertussen een rondleiding geven door onze faciliteiten." Ik volgde hem maar mijn gedachten waren bij een citaat dat ik ooit ergens gelezen had over het haten van mensen die zich gedragen als idioten. Meneer Blackburn was duidelijk zo'n idioot!
Terwijl we de ene gang na de andere doorliepen, waarbij we af en toe stopten om door een raam een klaslokaal met blije en ijverige leerlingen in te kijken of een gymzaal of de kantine of wat dan ook maar, bleef Blackburn doorratelen. Hij vertelde me alles over de school: het aantal leerlingen, medewerkers, lokalen, kluisjes (misschien overdrijf ik nu). Af en toe onderbrak hij zijn opsomming met een preek over
verantwoordelijkheid, toewijding en de noodzaak om een goede burger en 'Vertegenwoordiger Van McKinley High, Nu En Voor De Rest Van je Leven' te zijn. Ik kon duidelijk de hoofdletters horen terwijl hij sprak. Wat een man! Eindelijk, na zo'n veertig minuten, kwamen we weer terug bij de administratie. Juist op het moment dat er een leswisseling was.
"Ah! Daar hebben we meneer Vincent!" Hij pakte een jongen bij zijn schouder die juist uit het kantoor kwam. "Meneer Vincent is een van onze goede, jonge leerlingen, meneer Quinn. Hij zal je naar je eerste les bij ons begeleiden. En mevrouw Brooks dat is?" Hij strekte zijn hand uit voor het lesrooster en ik stond zwijgend toe te kijken. 'Meneer Vincent' grijnsde naar me, schudde zijn hoofd in de richting van de directeur en rolde met zijn ogen. "Prima, scheikunde. Nou heren ga je gang. Drink uit onze bron van opvoeding, neem diepe teugen!" En daarmee verlieten we het kantoor. Ik en mijn nieuwe gids. "David." Hij stak me een hand toe. "Hum, Andrew. Drew." "Cool. Beter dan 'meneer Quinn' en 'meneer Vincent', nietwaar?" "Zeker."
Ik lachte naar hem terug en nam hem gelijktijdig in me op. Hij droeg blauwe jeans en een jasje in de schoolkleuren. Zijn rugzak hing slordig over een schouder. Dit alles werd afgerond met een gemiddeld
gezicht, lichtbruin haar en groene ogen. Hij had een leuke glimlach die me een beetje aan Josh deed denken aan wie ik niet meer gedacht had sinds ik in Californië was. Eventjes dwaalden mijn gedachten naar hem af en vroeg ik me af waar hij mee bezig zou zijn, maar Davids stem bracht me weer terug in de werkelijkheid. "Wat?" "Ik zei, dat je spoedig wel zult wennen aan 'Blackhead'. Waar was je met je gedachten? Maakt ook niet uit laten we maar naar de les gaan. Je zit in mijn klas met 'Psycho' Bates en wat zal hij pissig zijn dat we zo laat zijn. Kom op."
"Psycho Bates?" vroeg ik terwijl we door de gangen de groene lijn van de wetenschapsafdeling volgden! Hoe kon je nou een hekel aan dit instituut hebben. "Ja, Dr. Bates. 'Psycho' zoals in de film? Norman Bates? Bates Motel? Heb je 'Psycho' nooit gezien?!" Hij klonk alsof hij zich dat niet kon voorstellen. "Nope." "Onacceptabel. Dit weekend, jochie, kom je naar mijn huis voor wat echte opvoeding. We zullen diepe teugen nemen uit de bron van Hitchcock!" Hiermee gaf hij een aardig goeie imitatie van Blackburn. Zo goed dat we er beiden om moesten lachen. Ik had het gevoel dat ik deze jongen wel mocht en misschien de school ook wel. Dit majestueuze McKinley High. "Okay. Bedankt man." "Geen probleem. Ik weet hoe het voelt om de 'nieuwe' te zijn. Geen pretje. Alle groepen en kliekjes zijn al gevormd en het kost ontzettend veel moeite om geaccepteerd te worden. Ik zal mijn best doen om je daarbij te helpen."
"He dank je. Mooi man!"
"Geen dank. Nou hier zijn we, lokaal S14. Op de barricaden mijn vriend. Na jou." Hij maakte een buiging en gaf aan dat ik als eerste naar binnen moest gaan. Dicht achter me kwam hij naar binnen en introduceerde me. "Dr. Bates, dit is Andrew Quinn, hij is nieuw hier. Directeur Blackburn heeft hem aan deze klas toegewezen." Ik werd voorgesteld aan een kleine, kalende man met de dikste brillenglazen die ik ooit had gezien en een laboratoriumjas die eruit zag alsof hij niet meer gewassen was na de zestiger jaren. "Zo, zei hij dat? Deed hij dat echt? Nou ja, ik verwacht eigenlijk op tijd van dit soort dingen op de hoogte gesteld te worden. Welkom in deze klas, Andrew, neem een stoel en dan kunnen we gaan beginnen. Als we iets behandelen dat je niet bekend voorkomt, steek dan je hand op en laat het me weten. Nu even kijken waar is een plekje voor je."
Hij keek door het lokaal terwijl ik me een beetje ongemakkelijk begon te voelen met al die ogen op mij gericht. "Ah, ja, natuurlijk, achterin, de jongeman die zo te zien in slaap gevallen is, kan mooi je partner zijn tijdens deze lessen. Mijn verontschuldigingen." Hij wees naar achteren waar ik een jongen zag die zijn armen gebruikte als kussen voor zijn hoofd. Het enige dat ik van hem kon zien waren zijn donkerblonde haren. Ik zocht me een weg door het lokaal naar de mij aangewezen plek. David rolde met
zijn ogen en haalde zijn schouders op toen ik hem passeerde. "Reid! Wordt wakker!" schreeuwde Bates en het hoofd kwam een aantal centimeters omhoog; een paar ogen en een neus onthullend. Hij knipperde een paar keer en staarde me toen aan. Ik ging op de stoel naast de zijne zitten terwijl de doctor begon met zijn les.
De jongen was sjofeltjes gekleed in een vale, zwart spijkerbroek en een blauw shirt dat er oud en versleten uitzag, maar hij rook schoon. "Uh, hoi. Ik ben Drew. Andrew Quinn." Eventjes keek hij me aan. De schaduwen in het lokaal en het haar dat voor zijn gezicht hing verhulden veel inclusief zijn ogen. Toen legde hij zijn hoofd weer op zijn armen en negeerde mijn uitgestoken hand. "Dat hoorde ik ja." "Uh, en jij bent Reid?" Dit was hard werken. "Klopt." Dat scheen het einde van onze conversatie te zijn en ik begon
te begrijpen waarom Dr. Bates zich verontschuldigd had voor het feit dat hij mij deze plaats had gegeven. De rest van de les brachten wij in stilte door; ik bezig met mijn aantekeningen en hij zo het leek in slaap. Het was duidelijk dat dit niet ongewoon was, want dr. Bates negeerde hem volledig behalve dan die ene keer dat hij een grap over hem maakte: ("Ik zou het meneer Reid wel willen vragen, maar het schijnt me dat hij druk bezig is"), een grap die voorbijging aan Reid, maar waar alle anderen vreselijk om moesten lachen.
Toen de bel ging, stond hij op en zonder een woord te zeggen, pakte hij zijn jas (een oude, bruine, leren, 3/4 jas) en verliet het lokaal zonder ook maar een keer om te kijken. Door de menigte van leerlingen die druk bezig waren om weg te komen, kwam David naar me toe. "En hoe vond je het?“ "Ach, wel goed, denk ik. Voor scheikunde tenminste. Niet mijn sterkste vak," antwoordde ik met een glimlach. "En kon je een beetje opschieten met Reid?" grijnsde hij naar me. "Sorry hoor, maar ik had al een partner en 'Psycho' houdt er niet van dat we steeds wisselen. Hij raakt dan de draad kwijt en weet dan niet meer wie wie is als we steeds van plaats en partner ruilen. "Geen probleem. Onze samenwerking was fameus. Hij is prettig in de conversatie als je het ijs eenmaal gebroken hebt." Mijn interpretatie veroorzaakte bij David een geweldige lachstuip en ik moest lachen omdat ik al zo snel een nieuwe vriend had gemaakt. "Heb je zin om wat te gaan eten?"
"Uitstekend. Show me the way." Zo gingen we op weg naar de kantine en namen plaats in de rij. Terwijl we door het gebouw liepen, introduceerde David me bij ongeveer een miljoen mensen, maar om eerlijk te zijn ik kon nog niet van de helft de namen onthouden. Mijn nieuwe vriend was kennelijk behoorlijk populair op McKinley, in elk geval kende hij zowat iedereen. Toen we ons eten hadden, leidde hij me naar een groep jongens, alleen in eenzelfde soort jasje als hij, in het midden van de ruimte die al aan het eten waren. "Hallo. Dit is Drew. Hij is net begonnen hier op school. Drew, dit zijn, hij wees me ze een voor een aan: Brian, Dan Tyler ..." Ik hoorde hem verder praten en de namen noemen van de volgende vier jongens aan de tafel, maar mijn gedachten waren nog steeds bij 'Tyler'.
De jongen was gewoon verbazingwekkend mooi. Hij had de meest verrukkelijke lichtblauwe ogen, een prachtig gebeeldhouwd lijf en fantastisch blond haar. Het kwam me voor alsof hij zo uit mijn fantasieën gestapt was. Gelukkig had ik de tegenwoordigheid van geest om naar iedereen te knikken en 'hoi' tegen
iedereen te zeggen, maar ik was volkomen in beslag genomen door Tyler. "Wat vind je van McKinley, tot zover, Drew?" Breed glimlachte hij naar me een perfecte rij witte tanden presenterend. "Uh, het is prima denk ik." Ik zette mijn dienblad op tafel en ging bij hen zitten. "Maar anders dan mijn vorige school." "Waar was dat?" Het was duidelijk dat Tyler de leider van de groep was. "Pennsylvania. Harold Conroy School." "Een privéschool?" "Yep."
"En waarom ben je nu in Californië, vriend?" "Mijn ouders liggen in een scheiding en mijn grootmoeder woont hier, vandaar." "Cool. Doe je aan sport?" Hij veranderde abrupt van onderwerp, omdat hij zag dat ik er liever niet over wilde praten of omdat hij voor weinig anders dan sport interesse had. "Ja, ik heb een beetje football gespeeld, maar daar was ik niet zo goed in en ik zat in het hockey- en zwemteam." "He goed zeg. Het zwemteam kan wel wat talent gebruiken, of niet dan, Brian?" zei hij tegen de jongen naast hem. "Fuck off, Ellis!" Zo, Ellis was dus de achternaam van Tyler. Ik stopte het snel in mijn geheugen voor later gebruik. "Zou je wel willen he, mietje!" Oei, dat was geen goed teken maar misschien was het ook alleen maar stoere tienerpraat. Wellicht verdrong hij het ook? En misschien was ik gewoon dom! Deze jongens waren gewoon normaal, maar het leek alsof ik geaccepteerd werd in hun groep.
We praatten over van alles en nog wat voor de rest van de lunchtijd. Mijn verhaal over de ontmoeting met directeur Blackburn (bevestigd en overdreven door David) kreeg veel lachers en het leek erop dat we het goed met elkaar zouden kunnen vinden, toen de bel ons terugbracht naar de 'bron van opvoeding'. "Wat heb je nu Drew?" vroeg David. "Uh, wiskunde, lokaal M6, van, uh.." "Mevrouw Kennedy. Ik ook, kom maar mee ik zal je de weg wijzen," zei Tyler met een glimlach naar me, terwijl hij opstond en mij zijn imponerende ruim 1 meter 80 toonde. Hij zat in mijn wiskundeklas, de dag ging vooruit! Hij legde een hand op mijn schouder."Tot straks jongens, okay?" Er klonk een koor van instemmende geluiden. "En jij Drew, kom je vanmiddag na schooltijd ook bij mij thuis langs?"
"Ja zeker, maar dan moet ik wel eerst mijn moeder even bellen." "Geen probleem, je mag mijn mobieltje wel lenen dan." En daarmee draaide hij me aan mijn schouder om in de richting van de volgende les te gaan. De zon scheen op me en ik voelde me blij. Zo blij als ik me nog nooit had gevoeld op school.

©original text: Ardveche
©Nederlandse vertaling: Lucky Eye, 2018. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de houder van het auteursrecht.

Lucky Eye
Berichten: 104
Geregistreerd: zaterdag 07 februari 2015 15:42
Woonplaats: Zwolle
Ontvangen Bedankjes: 138 keer
Bericht Re: NIEUW IN CALIFORNIË door Lucky Eye » zaterdag 03 november 2018 07:17

Hoofdstuk 3 - Mijn Nieuwe Vrienden

n zo liepen we weg uit de kantine. Tyler nam geen moment z'n hand van m’n schouder, terwijl we tussen de tafels door manoeuvreerden. Niet dat ik klaagde, als het een ander was geweest wel, maar in zijn geval wilde ik wel een uitzondering maken. Zijn greep was ferm, maar niet pijnlijk, gewoon een 'vrienden onder elkaar' greep. "Ben jij goed in wiskunde?" vroeg hij toen we de hal binnenkwamen, en eindelijk haalde hij z'n hand weg. "Uhm, ik denk het wel, het was tenslotte het enige vak waarbij ik niet zakte op m'n oude school." Ik gaf hem mijn patente scheve Quinn grijns, en hij glimlachte terug en lachte kort. "Gaaf, je kan bij mij zitten." Kon dat? Ach, deze keer, denk ik, als hij er op stond. We stopten bij zijn kastje waar hij zijn wiskunde boeken uithaalde en we vervolgden onze weg via de blauwe lijnen naar lokaal M6 waar Mevr. Kennedy al op ons wachtte. "Ah Tyler, goedemiddag. En jij bent, eh, Andrew Quinn?" Dit laatste was tegen mij terwijl ze mijn naam controleerde op een papier op haar bureau. Directeur Blackburn moet gezorgd hebben voor het papier werk tijdens de lunch.
"Uhm, ja mevrouw." "Wat beleefd! Neem plaats Andrew, en als je wat wilt weten hoef je maar te vragen." Snel liep ik naar de achterkant van het lokaal achter Tyler aan, en pakte een stoel in de rij naast hem. Dit kon nog wel eens een hele leuke klas worden, had ik het gevoel. Tyler stelde me voor aan een meisje dat voor me zat. "He Tomski, dit is Drew, hij is nieuw. Tomski is de vicevoorzitter van de leerlingenraad." "Charmant als altijd, Tyler lieverd. Hai Drew, ik ben Kate, alleen Tyler gebruikt mijn achternaam, vanwege z'n eigen redenen. Hoe bevalt het je tot nu toe?" "Leuk je te ontmoeten, 'eh' Kate, het is niet slecht voor een school, scheikunde was een beetje pijnlijk." Ik ben niet zo goed in het beschrijven van meisjes, om zo te zeggen ik sla geen acht op ze (ik bedoel, vermoedelijk hebben ze kenmerken waardoor ze anders zijn maar ze interesseren me niet) en ik heb nooit vriendinnen gehad vanwege de jongensschool.
Kate zag er leuk uit, denk ik, niet lelijk of zo, rossig blond haar en een leuke glimlach en ze leek me een heel leuk persoon. "Oh, met wie zat je opgescheept?" Ze leek echt in mijn antwoord geïnteresseerd, wat me minder zenuwachtig maakte. Iedereen die ik tot nu toe ontmoet had was echt aardig, maar ik had het gevoel dat niemand aandacht had voor mijn antwoorden. Weet je, de tijd die ik sprak te gebruiken om te denken aan de lunch, afspraakjes, of aan wat zal ik zo meteen zeggen. Maar zij keek me recht aan, gespannen, of ze probeerde uit te vinden wat me bezighield. Ik stelde me voor dat ik problemen met haar zou krijgen, weet je, haar teleurstellen om mijn geheim te bewaren. "Dr. Bates?" "Ha psycho, jij
blij!" "Ja, en ik zat naast een jongen die de hele tijd sliep. "Curtis Reid? Ja dat doet hij, ik kan geen hoogte van die jongen krijgen.” Terwijl de les verder ging leunde Tyler van tijd tot tijd opzij om verschillende mensen te beschrijven terwijl ze spraken.
Het werd me al snel duidelijk dat ik in een gave omgeving beland was. Iedereen meer dan drie plaatsen van Tyler af beschreef hij als verliezers of gekken en kon mij meestal hun namen niet vertellen. Tenzij ze 'total losers' waren, leken ze te genieten van hun eigen speciale status. We hadden het over lesstof die ik al had gehad, dus was ik in staat me bijna de hele tijd op hem te concentreren, en de meeste tijd van de les te spenderen aan het staren in z'n ogen en weg te dromen. Het was duidelijk waarom hij niet goed was in wiskunde, hij hoorde geen woord van wat Mevr. Kennedy zei, maar wie ben ik? Als elke hand omhoog ging, en Tyler gaf een reactie, berispte Kate hem en verschafte mij een paar nieuwe feiten. "Dat is Chris nog iets, totale verliezer, schaakclub, " zou Tyler zeggen.
"Tyler, je bent vreselijk, dat is Chris Coleman. Hij is ook een fantastisch pianist, en heeft een IQ van ongeveer 200. Hij zat bij ons op de lagere school, en woont ongeveer twee straten bij je vandaan. Hij is echt lief, bracht Kate in zonder zich om te draaien om ons aan te kijken. "Oké, wat maakt het uit." Zie je hoe het gesprek ging? Een paar keer keek Mevr. Kennedy boos onze kant op die we allemaal beantwoorden met innemende glimlachen en plotseling hernieuwde (als kortstondige) aandacht voor onze boeken. Het was niet dat hij een slecht persoon was of zo, het was gewoon dat deze mensen geen deel uitmaakten van zijn wereld en het interesseerde hem niet. Hij duldde hen niet op een kwaaie manier. Hoor mij, ik ken de jongen amper twee uur, en ik zat hem nu al te verdedigen. Nou, kun je het me kwalijk nemen?
Het leek een korte tijd tot de bel ging en we verzamelden allemaal onze spullen om op weg te gaan naar de volgende fase van onze ontwikkeling Ik klopte op mijn zakken, en zocht naar mijn nu hevig verfrommelde rooster, om uit te vinden waar ik nu naar toe moest. "Studieles, hetzelfde als ik, " voerde Kate aan terwijl ik nog zocht. "De roosters zijn redelijk gemakkelijk, jij zit in groep D, ik in groep C, dus terwijl jij wiskunde hebt, heb ik biologie. Kom op, dan loop ik met je mee." "Hm, oké, bedankt." "Tot straks jongens." Tyler sloeg me op de rug. "Er zijn mensen die zichzelf niet overschatten." "Bemoei
je met jezelf Tyler," riep Kate naar zijn verdwijnende rug. "Drew, zie je bij deur drie uur, 'Oké? Veel plezier samen," riep hij terug, zich omdraaiend en achteruit lopend met een grote grijns op z'n gezicht. Hij trok veel betekenend z'n wenkbrauwen op en botste tegen een jongen op, tassen en boeken door de hal gooiend.
Verbazingwekkend genoeg verontschuldigde de andere jongen zich en was hij om de hoek verdwenen voor ik kon antwoorden. Tyler was duidelijk een persoon die gewend was mensen te overvallen met zijn plannen, en dingen op z'n eigen manier te doen. Duidelijk genoeg. "Jeez," zei ik, als een soort zelfverdediging om elke suggestie te verminderen dat ik geïnteresseerd was in Kate. "Relax Drew, Tyler's verstand is niet zo groot, zodat andere organen een handje moeten helpen bij het denken." We lachten allebei en vervolgden onze weg naar de schoolbibliotheek voor het laatste uur van de dag. Kate begroette de bibliothecaris bij naam, en nam me mee naar een tafel bij de anderen vandaan. Ergens in de Amerikaanse literatuursectie, uitleggend dat een van de leukste dingen van het zitten in de raad was, de vrijheid van toezicht.
"Zo, met wat voor extra leerstof laat je je nog meer in?" vroeg Kate. Een zak met M&M's openmakend en
mij er een paar aanbiedend. Ik pakte een handvol en begon ze te sorteren, in kleine stapeltjes overeenkomstig de kleur, wat ze gefascineerd bekeek. Ik had een gele minder dan de andere kleuren dus
voegde ze er een aan toe. "Bedankt, ik weet het nog niet," zei ik. "Een beetje veel, hè? Voor een dag bedoel ik. "Ja, zoiets. Het is een groot verschil met m'n oude school." "Je bedoelt om dat wij hebben... meisjes?" Ze pauzeerde en keek links en rechts voor ze dat laatste woord zei, met een soort van gedempte stem. Toen begon ze hard te lachen, en ik begon te blozen en keek naar m'n M&M's." Ik plaagde je, sorry. "'t Is oké." "Zo wat ga je doen? Sport? Muziek? Toneel? Journalistiek misschien? He, wat dacht je van de schaakclub," grapte ze. "Ja, dat maakt indruk op Tyler." Ik had het gezegd voor ik me realiseerde wat ik deed, en had er meteen spijt van toen ze haar hoofd scheef hield en me lang aanstaarde.
"Lazer op met Tyler, " zei ze eindelijk. Gelukkig dacht ik. "Hij is een leuke jongen, ik hou een beetje van hem, maar eigenlijk is hij gewoon een domme sporter, wie alleen geeft om wat hij zelf denkt. Je moet doen wat jij wilt, niet wat hij denkt wat gaaf is. Laat je niet veranderen in een van zijn kleine volgelingen." Te laat. "Ik ben niet echt een meeloper om je de waarheid te zeggen. Ik deed aan sport op mijn oude school, maar meestal om dat het moest." Ik probeerde weg te komen van het gevaarlijke onderwerp Tyler. "Moet een hel geweest zijn, een jongensschool. Ik kan het me niet voorstellen op een meisjesschool te zitten. Ik zou gek worden. "Het was niet zo slecht, " antwoordde ik. En naar waarheid gezegd was dat ook zo. Het was allemaal een zaak van perspectieven, echt.
Ik at alle M&M's in een keer op. "Ik vraag me af wat een psycholoog zou zeggen van je M&M rangschikking," vroeg ze. "Dat ik een dwangmatige obsessieveling ben, waarschijnlijk." Ik ben het niet, ik heb het altijd leuk gevonden dingen te sorteren op kleur. Altijd gehad. Mijn overhemden zijn op kleur gerangschikt, net als mijn krijtjes toen ik nog een kind was. Het is het enige wat een soort van obsessie voor me is, kleuren, wel en mijn kleren, wat niet echt een apart iets is als je er over nadenkt. Ik keek uit het raam, en de stilte verspreidde zich een paar minuten. Het was geen lastige stilte of zoiets, we hadden
gewoon niet veel te zeggen. Ik denk dat het toen was dat ik wist dat we goede vrienden zouden worden, weet je? Als je gewoon bij iemand kan zijn zonder iets te zeggen of te doen, dat is best fijn. "Rond
hangen met de sportploeg na school, huh?" "Ja, Tyler heeft iedereen uitgenodigd bij hem thuis."
Er waren een paar mensen bij de tribunes, rokénd. Een klein groepje, de meesten zwart dragend, leken vrij zielig daar buiten, net zoals kantoor personeel die samen scholen bij de deur van hun gebouw. Regen of zonneschijn, er op los rokénd. In het geval je het nog niet wist, ik rook niet. Een klein stukje bij hen vandaan, op zijn rug liggend op een klein muurtje met z'n knieën een beetje opgetrokken, was de jongen van mijn scheikunde les, die ik kende als Curtis. Ik keek naar hem, terwijl hij langzaam een hand naar zijn mond bracht en een trek nam van z'n sigaret. "Curtis Reid." Kate volgde mijn blik." Hij is aantrekkelijk, of niet?" "Heb zijn gezicht niet goed gezien," antwoordde ik. Kut. Wat had ik net gedaan? Wat had ik net gezegd?
Had ik mijzelf net bloot gegeven aan een totaal onbekende? Kon ik hier uitkomen? Was er iets anders wat ik kon voorwenden in plaats van wat ik had gezegd? Kon ik beweren dat ik de vraag niet goed had gehoord? Kon ik een epileptische toeval veinzen en de bibliotheek worden uitgedragen? Misschien had ik het niet hardop gezegd, en dacht ik het alleen. Misschien als ik me hard concentreerde ik hier in een
oogwenk niet meer zou zijn. En misschien is de maan echt van kaas gemaakt. Ik draaide me langzaam om en keek haar aan. Ze glimlachte vriendelijk naar me." Ik bedoel, ik weet het niet." "Hoe overleefde je
op een jongensschool, Drew?" "Luister..." "Drew, " ze onderbrak me. "Maak je geen zorgen, ik geef er niet om, en ik zal het niemand vertellen. Ik denk dat het wel gaaf is, en je ziet er uit of je wel iemand kan gebruiken om er over te praten. En ik weet meer van jongens dan de meeste mensen om je heen." "Echt? Ik bedoel, het maakt je echt niet uit?"
"Helemaal niet, mijn broer is ook homo." "Sst." Ik keek scherp om me heen of niemand ons had afgeluisterd." Ik heb het nog nooit aan iemand verteld." "Dat is wel duidelijk." "Is dat zo?" "Jazeker, je bent het klassiek gesloten persoon. Maar de manier waarop je naar Tyler keek heeft je een beetje verraden." "Deed ik dat?" Ik weet dat ik niet veel kon bijdragen aan deze discussie, maar ik was
doodsbang bij het idee dat mensen in staat waren het te ontdekken door alleen naar je te kijken. Dat was angstig. "Oh, maak je geen zorgen. De meeste mensen zijn niet in staat het te zien, ik weet waar ik op moet letten." Ze pakte mijn hand om me gerust te stellen. Het hielp niet. Een dag. Ik was nog niet eens een dag door gekomen, en nu was dit al gebeurd. Kut. Had ik dat al gezegd? Kut. Kut. Kut. Zo. Niet dat het me beter deed voelen.
"Hoe kan het zo duidelijk zijn?" Ik wou het weten. En om je de waarheid te zeggen, zou ik graag de kwestie veranderen in een jammerlijk soort van 'oh, wrede wereld'. "Dat is het echt niet. Ik zweer het je, bij iemand anders kom je voor 100% over als hetero. Toch denk ik dat het tragisch is dat de gemeenschap maakt dat je dat moet doen. "Ik ben het er mee eens, natuurlijk doe ik dat, maar dat is
eigenlijk niet het punt hier, of wel? "Je gaat het toch niet aan iemand vertellen, toch?" De gedachte onderworpen te worden aan een openlijke inspectie maakte me doodsbang. Het idee dat iedereen het wist, naar me keek en over me praatte. Een nog vreselijker gedachte kwam bij me op. "Je gaat het toch niet aan Tyler vertellen?" "Nee, natuurlijk niet. 'He Tyler, Drew heeft een oogje op je'. Kom op, hoe waarschijnlijk is het dat ik dat doe." "Ik weet het niet." "Oh, nou bedankt."
Ik denk dat dat laatste antwoord verkeerd was, maar echt, ik ken haar nog maar zo kort. "Sorry." "'t Is oké." Ze glimlachte opnieuw." Ik weet dat het niet makkelijk is, vooral op jouw leeftijd. Maar weet je, waarom ga je niet met Don Scott, de begeleidend decaan, praten? Hij kan je in contact brengen met jongerenpraatgroepen en zo." "Wat, zoiets als 'Anonieme Homofielen'? Hoi, ik ben Andrew en ik ben homo! Ik denk het niet." "Het is niet allemaal zo. Het maakt het misschien makkelijk om andere mensen te ontmoeten die in dezelfde situatie zitten, en om elkaar te helpen ermee om te gaan. Misschien ontmoet je een leuke jongen, en het is allemaal vrijblijvend." "Ik zou het niet kunnen." Stel dat ik een leuke jongen zou ontmoeten... "Oké, het is niet voor iedereen. Weet je, ik neem alle folders voor je mee zodat je ze kan lezen en dan kijk je wat je er van vind." "Wil je dat doen?" "Natuurlijk wil ik dat. Ik heb mijn broer hier doorheen zien gaan toen hij net zo oud was als ons, en het was een hel voor hem. Ik wens dat niemand toe. Misschien moet je eens met hem gaan praten."
"Eh... bedankt, misschien is dat niet zo'n goed idee. Kunnen we niet van onderwerp veranderen?" "Wat jij wil, maar ik wil je alleen maar laten weten dat je hier niet alleen voor staat." "Bedankt, zo wat vind je van het weer?" Ik probeerde een frisse en normale toon, en een grote gemaakte grijns, dat een lach bij haar ontlokte. Het ongemakkelijke moment ging voorbij, en we praten over van alles de rest van het uur. Leraren, school, wat er in de stad te doen is, normale tiener praat. Net voordat de bel ging, scheurde ze een hoekje van een bladzijde uit haar agenda en schreef haar naam en telefoonnummer voor me op. "Voor het geval je wilt praten, oké?" "Bedankt Kate, echt ik meen het." Ik deed het papiertje in de zak van m'n overhemd. "Geen probleem, ik haat het om een ander te zien lijden, vooral iemand die leuk is en grote bruine ogen heeft. En je geheim is veilig bij me, meisjes padvinders erewoord." Ze grijnsde naar me en ik glimlachte terug.
Dit was een vreselijke eerste dag geweest en geen vergissing. "Kom op, ik loop met je mee." Ik zou stand houden in Tyler's uitstraling en mezelf iets meer koesteren. "Hij lijkt harder dan hij is." Dit was denk ik, de eerst keer in m'n leven dat ik opmerkingen maakte over een andere man z'n verschijning tegen een ander. Het voelde verbazingwekkend bevrijdend om te doen. Het enige om me zorgen over te maken was, dat ik mijn masker zou laten vallen en dat het een gewoonte zou worden. Ik wilde niet eindigen als een nichterig en verwijfd, bekritiserend en krengerig type, die op elke jongen die langs liep commentaar had. Ik haat dat. We voegden ons bij de stroom kinderen in de hal, en stevenden af op het afgesprokén ontmoetingspunt, met haar hand op m'n arm terwijl we liepen. Het voelde goed om zo met
iemand te lopen die mijn geheim wist en er zo onbevangen bij was en me accepteerde zoals ik was. Misschien was Californië meer liberaler dan de rest van het land.
Ik begon te denken dat misschien, heel misschien, meer mezelf kon zijn hier, meer dan ik tot nu toe geweest was. We liepen de hoek om en door de glazen deuren kon ik Tyler zien met een paar jongens lanterfanten en dollen op de stoep, wachtend op mij. Op mij. Dat was hartstikke leuk, het waren aardige mensen. Ik was terug op aarde. "Wat is er achter deur drie?" zei een stem die ik meteen herkende als die van mezelf. Op dat moment keek Tyler in de school en zag mij en Kate naderen en trok z'n wenkbrauwen opnieuw naar me op, en ik herinnerde me dat Kate haar hand nog steeds op m'n arm lag. Ze moet
gevoeld hebben dat ik lichtelijk verstijfde en haalde hem meteen weg. We arriveerden in de warme middag zon. "Nou, ik laat jullie jongens achter voor jullie machorituelen, " zei Kate en liep de trappen af.
"Te veel testosteron bezorgt me hoofdpijn. Tot morgen."
We keken haar na. "Jij vuile hond!" Tyler stompte me op m'n arm. "Ik laat deze jongen een uur alleen, en kijk wat er gebeurt!" sprak hij tot de groep die allemaal waarderende geluiden lieten horen, "snel gedaan, mijn jongen!" "Het is niet wat je denkt, " protesteerde ik. Tyler sloeg een arm om m'n schouders en met z'n andere wreef hij door m'n haar. Zoals ik zei, normaal haat ik dat, maar ik zou liegen als ik zei dat mijn weerstand hier niet meer dan betaald was. "Natuurlijk niet, versierder!" Hij lachte. Ik besloot het zo te laten en het had geen zin om verder te protesteren, en op een bepaalde manier was het een soort van hulp om hem te laten denken dat Kate en ik iets met elkaar hadden. Tenzij hij ook een gesloten boek was. Verdomme. Kans 22. Hoe kon ik hem laten weten dat ik geïnteresseerd ben zonder dat hij het wist dat ik geïnteresseerd ben? Een moeilijk iets.
"Waar is verdomme David?" Zijn stem doorbrak m'n gedachten en ik liet hem gaan. "Waarom bel je je
moeder niet terwijl we op die klojo wachten?" Hij gaf me zijn mobieltje, een smal glanzend zilveren telefoon. Ik opende de klep en begon het nummer in te toetsen voor dat ik me realiseerde dat dat het nummer van Pennsylvania was. Ik had absoluut geen idee wat het nummer van Lois was. Waarom zou ik? We waren hier gisteren aangekomen en ik had nog geen reden gehad om te bellen. "Eh Tyler, ik weet m'n nummer niet. Hoe dom is dat? Maar zo als je weet ben ik hier gisteren pas gekomen." "Geweldig!" Hij grijnsde naar me. "Misschien dat ik naar huis ga, en jullie later opzoek?" "Ik woon een heel eind buiten de stad, kerel. Heb je een auto?" "Mijn moeder heeft de auto." Op dat moment kwam David de
trap aflopen. "Nou, we gaan er nu naar toe. Dus het is jouw keus, meegaan of naar huis gaan." Jee bedankt Tyler, dat maakt het makkelijk. "Ik ga maar naar huis, m'n moeder zou alleen maar ongerust worden als ik niet thuis kom of bel. En aangezien ik niet kan bellen..."
Ik stopte. "Oké, jammer, een andere keer, ja?" Tyler begon de trap af te lopen gevolgd door z'n kleine groep sporters. David wachtte eventjes, sloeg me op de schouder, haalde z'n schouders op, en met een zacht 'tot later' volgde hij hen. Ik stond hen na te kijken, en voelde me shit. Mijn oude ik had gezegd, 'krijg wat' en was hen achterna gegaan, maar ik had die belofte aan mezelf nu eenmaal gemaakt, dat ik de beste zoon zou zijn die er was. Het zou moeilijk worden om dat vol te houden. Ik wou gaan, echt waar, en net als bij Tyler waren er andere organen die nu voor me aan het denken waren, maar ik onderdrukte het en ging op weg naar huis. Ik liep net een paar seconden de heuvel op, toen me iets te
binnen schoot. Ik had geen aandacht besteed aan de route die we vanmorgen hadden gereden. De dingen gingen van kwaad tot erger.
Ik wist ongeveer waar ik woonde, ik had geen idee waar het was in relatie met waar ik was en ik had geen telefoonnummer. En al had ik dat, ik had geen telefoon om te bellen. Kut. En wat nu? Ik dacht dat het beste wat ik kon doen was, de heuvel oplopen en kijken of ik iets bekends zag of aan iemand de weg vragen. Zoals Tyler zei, klotezooi. Zo ploeterde ik verder de heuvel op, en toen ik boven kwam leken beide kanten erg hoopgevend. In gedachten gooide ik een muntje op en koos rechts. Ik liep door met aan beide kanten identieke huizen met identieke tuinen. Een lange weg met aan de ene kant dezelfde omheiningen en aan de andere kant dezelfde bomen. Niets aan deze weg kwam me bekend voor. Een oude Ford passeerde me terwijl ik keek en besloot om terug te keren. Ik liep opnieuw de heuvel op, stak de weg over, en begon opnieuw. Deze keer kwam ik voorbij een klein wit kerkje wat me vaag bekend voor kwam, en begon me iets opgewekter te voelen.
Maar dat duurde niet lang, niets anders in de straat liet bellen bij me rinkelen. Ik hoorde opnieuw een
auto naderen, en besloot hem aan te houden en de chauffeur om de weg te vragen. Ik draaide me om, en de auto minderde vaart nog voor ik mijn hand had op gestokén. Het was dezelfde auto die ik gezien had in de andere straat. Geweldig, ik was pas twee dagen in Californië en ik zou nu al vermoord worden. Kon deze dag nog erger? Ik deed een stap naar voren, en het nieuwe gezichtspunt verhinderde me om door de voorruit te kijken, maar in een fractie herkende ik de chauffeur. Curtis Reid, de raadselachtige (lees onbeschofte) jongen van mijn scheikunde les. Degene waarvan Kate dacht dat hij aardig was. Ik liep naar de auto, en terwijl ik een stap naar beneden deed, boog ik voorover door het zijraampje om
hem aan te spreken. "Je lijkt verdwaald."
Hij constateerde het als een feit, z'n armen leunend op het stuur en kijkend door de voorruit naar de weg voor hem. "Eh, zoiets ja. Het is dom, maar al deze straten lijken op elkaar en ik, eh, wel, ik weet niet precies waar ik woon. "Dat lijken voorsteden voor jou." Hij had nog steeds geen oogcontact gemaakt en z'n stem behield de vette, toonloze, ongeïnteresseerde kwaliteit die ik eerder op de dag gehoord had. "Ik denk het. Zo, eh, denk je dat je me kan helpen?" "Stap in." "Bedankt." Ik voegde daad bij het woord en stapte in voor dat hij van gedachten zou veranderen. Ik kon hem nog steeds niet goed zien vanwege de zon, en we zeiden beiden een tijdje niets. "Je zult me moeten vertellen waar je zijn moet, anders komen we er nooit, "zei hij eindelijk. Zichzelf optrekkend met beide handen aan het stuur, me nog steeds niet aankijkend.
Ik voelde me een idioot, maar ook erg ongemakkelijk, alsof ik hem iets moest uitleggen. "Luister, als het een probleem is..."begon ik. "Vertel me gewoon waar je woont." Hij viel me in de rede voor ik verder kon gaan, en in zekere zin was ik opgelucht. Om eerlijk te zijn, ik kon er mee leven alles net zo lang uit te leggen als ik maar voor middernacht thuis was. "Eh zeker, het is Chestnut Street." Hij snoof en mompelde iets dat leek op 'logisch', maar ik besloot het te laten rusten toen hij de auto startte en een snelle U-bocht maakte om de heuvel af te rijden die ik zojuist was opgelopen. Of hij wist een kortere weg, of ik zat er totaal naast in mijn herinnering. Och, ik had nooit zoveel aandacht voor mijn omgeving, ik verdwaalde nog in onze tuin. Misschien niet meteen, maar dan krijg je een idee. Plotseling geverfde lijnen leken een veel beter idee dan ze vanmorgen hadden.
De rest van de rit voltrok zich in volledige stilte, tot we in een bekende straat kwamen en ik het huis kon zien. "Welke?" Het plotselinge geluid van z'n stem liet me schrikken. "Eh, die, met een soort van toren?" Waarom kwamen zoveel dingen die ik zei vandaag, en wat ik zeker wist, eruit als een vraag? Normaal ben ik niet zo timide, ik zweer het, misschien was het de nieuwigheid van alles. Meer zelfpsychotherapie. Misschien moest ik maar een boek kopen. We reden de oprit op, en mijn moeders auto was er niet. Nou, omdat ik zo was opgevoed vroeg ik hem binnen, wetend dat hij nee zou zeggen, als hij het op kon brengen om zo vriendelijk te zijn. "Hartstikke bedankt man, ik was zo verdwaald. Luister, wil je even
binnenkomen om, eh, iets te drinken of zo?" Hij draaide zich langzaam om en keek me een hele tijd zwijgend aan.
Ik begon me ongemakkelijk te voelen, of ik hem een aanzoek had gedaan of zoiets. Ik wou al zeggen
'geeft niet', en slikte toen het leek of hij ontspande en antwoordde. "Bedankt." Nou, dat had ik niet verwacht, maar ik had het gevraagd, dus moest ik ermee doorgaan. Ik kan niet zeggen dat ik het een
aantrekkelijk vooruitzicht vond. Praten met deze jongen was niet echt makkelijk, maar ik was hem iets schuldig voor het naar huis brengen. Dus knikte ik naar hem, opende de deur en stapte uit. Hij stapte aan de andere kant uit, rekte een beetje, en veegde z'n vuile blonde haar uit z'n ogen. Ik ving een flits van groene ogen op, en zag dat z'n mouw een knoop miste zodat z'n manchet licht heen en weer ging in de wind.
Ik stond bij de auto naar hem te kijken als een idioot, wachtend tot hij bewoog, en denkend aan dat Kate gelijk had. Hij zag er echt leuk uit. Waarom had ik dat niet eerder gezien? "Eh, deze kant op, "zei ik eindelijk, terwijl hij me komisch aankeek. Hij had een paar sproeten op de brug van zijn neus, en zijn gezicht was lekker gekleurd (vergeleken bij mijn Oostkust bleekheid) en regelmatig gevormd. Erg leuk, zoals ik zei. Hij volgde me naar de voordeur en naar de keuken. Vlug stak ik mijn hoofd in de serre om te kijken of er nog iemand was. Er leek niemand te zijn. "Lois!" riep ik naar boven, maar er kwam geen antwoord. "Eh, wat wil je, we hebben..." Ik opende de koelkast en deed een snelle inspectie voor hem. "Cola is goed." Ik gaf hem een blikje en pakte er een voor mezelf. "Bedankt."
We openden de blikjes gelijktijdig en pakten elk een stoel bij het eiland in het midden van de keuken. Er was weer een lange onhandige stilte en toen begonnen we tegelijk te praten. "Zo waar..."begon hij. "Zo hoe gaat..."begon ik. We stopten allebei, en zeiden tegelijk 'jij eerst'. Dit kwam grappig over en ik veerde op. Hij lachte niet hardop, maar deed me een gunst met een brede glimlach, wat zijn gezicht nog knapper maakte. "Na jou," zei ik uiteindelijk. "Het was niet belangrijk, "zei hij en stopte. Ik dacht dat het gesprek was afgelopen, maar hij begon opnieuw. "Ik wilde je vragen waar je vandaan komt." "Pennsylvania, maar mijn moeder is hier geboren. Dit is het huis van m'n oma. "Ik heb je daarvoor
gewaarschuwd, jongeman!" Lois' stem kwam van de achterdeur, waar ze juist binnenkwam met een mand met fruit. "Lois. Hoi, dit is Curtis.
Hij keek me scherp aan, en ik realiseerde me dat hij me zijn voornaam niet had verteld en zou wel denken dat ik vragen over hem had gesteld. "Eh, hallo, "zei hij, en veronderstelde dat het een vereiste was om er 'mevrouw' aan toe te voegen. "Ben je niet aantrekkelijk?" Lois was net zo direct tegen hem als tegen iedereen. Ze bekeek hem taxerend van top tot teen, terwijl ze de mand op het aanrecht neerzette. Curtis bloosde en keek van haar weg naar mij met een smekende blik in z'n ogen. "Lo-isss" zei ik opnieuw. Ik had het gevoel dat ik dat vaak deed. "Lois zal het doen, doe nu je overhemd uit, Curtis." "Wat? !" We zeiden het tegelijk. "Oh, als ik twintig jaar jonger was, zou ik doen wat jullie twee nu denken. Geef me je overhemd, dan zal ik een knoop aan die mouw zetten."Curtis was een moment sprakeloos, tilde toen z'n arm op en keek naar de manchet en lachte.
"Dat is niet nodig..."Hij wilde protesteren, en wie kon het hem kwalijk nemen. Ik wed dat hij hier niet had over onderhandeld toen hij stopte om me te helpen. "Natuurlijk wel, dat is het minste wat ik kan doen om je terug te betalen voordat je AN-Drew naar huis hebt gebracht, dat was hartstikke goed van je." Ze benadrukte de eerste twee letters van mijn naam om me terug te betalen voor het eerdere 'Oma'. "Nu gaat Drew thee voor me zetten terwijl ik m'n naaikist pak, en ik verwacht dat overhemd uit als ik terug kom. De rest kun je aanhouden." Ze maakte een geintje toen ze de keuken verliet, maar we hoorden allebei duidelijk dat ze er aan toevoegde, "Voor dit moment." "Jeez, sorry hoor. Als het iets uitmaakt, zo doet ze bij iedereen." Ik probeerde een verontschuldigende glimlach. Wat een eerste indruk om te maken. "Je oma is er een, "zei Curtis uiteindelijk, en lachte snuivend. "Ik mag haar wel."
Meteen stond hij op en trok z'n overhemd over z'n schouders. Daaronder droeg hij een effen wit T-shirt, dat te slobberig zat om het voor mij mogelijk te maken om iets over zijn bouw te zeggen, maar ik kon zien dat z'n armen aardig bruin waren en lekker gespierd. Meer dan die van mij in ieder geval. "Ik wil haar niet tegen me krijgen." "Vertel mij wat, "bevestigde ik terwijl ik thee zette. Het ijs leek gebrokén, en alles wat er voor nodig was, was de gemeenschappelijke huivering van een zich schamende mannelijke tiener wanneer hij geconfronteerd wordt met een ouder vrouwelijk familielid. "Dat hoorde ik." Lois kwam terug met de naaikist in haar hand, en ging verder met het leeg gooien van een pot met knopen op het aanrechtblad, op zoek naar een die paste.
Ik keek een tijdje naar haar zoekend in de hoop knopen, en ze vergelijken met degene van het overhemd tot ik medelijden met haar kreeg. Ik sloeg de voorkant van het hemd opzij om haar te laten zien waar aan de binnenkant twee paar knopen zaten. "Kijk nou eens, wat zullen ze straks wel niet denken." "Die bejaarden." Ik zuchtte en kreeg een vernietigende blik. "Zo Curtis, vertel eens wat over jezelf, "vroeg Lois terwijl ze de draad door de naald stak. "Um, wat moet ik vertellen?" Hij keek bezorgd. "Wat je maar wil." "Um..." "Nou, begin maar hoe je deze snoodaard hebt ontmoet, "en ze knikte met haar hoofd in mijn richting. "Wat zijn je dromen, wat is je passie. Hoe zijn jullie vrienden geworden? Kortom, alles." Zoals hij naar me keek had hij tussen de regels door zoiets gehoord als, 'wat doen je ouders?'. Lois concentreerde zich op het naaien, en mistte de paniek op z'n gezicht.
"Um, nou, ik heb, Andrew, Drew, bij scheikunde ontmoet." "Maar toen was hij niet zo sociaalvoelend, "viel ik in, en kreeg opnieuw een boze blik toegeworpen, deze keer van Curtis. Ik vond z'n verlegenheid wel leuk, het was niet aardig van me, maar zeg nou zelf, hij was vanmorgen niet zo vriendelijk geweest. "Um, nee. Nou, en toen zag ik hem lopen en zag dat hij verdwaald was, en gaf hem een lift. Dat is het zo ongeveer. "Elkaar op een andere manier tegenkomen, is altijd een nieuwe start." Lois mompelde, "Ga verder." "Um, ik moest hier in de buurt zijn." Hij pauzeerde, likte aan z'n lippen en nam een grote slok
van z'n cola, z'n blik gefixeerd op z'n overhemd dat gemaakt werd. Ik denk dat als hij kon, hij het had gegrepen en weg was gerend. Hij vond dit niet leuk.
"Ik, eh, kom hier om te oefenen, op m'n gitaar. Ik zit niet in een band of zo, ik vind het gewoon leuk, weet je, voor mezelf. "Wat voor muziek vind je leuk?" "Um, van alles, denk ik. Vooral muziek met goede akoestische gitaren, dat ik kan proberen na te spelen." "Je leert het jezelf?" "Um, zo ongeveer." "Hartstikke goed, ik wil je wel eens horen spelen. Alsjeblieft." Ze hield het nu van alle knopen voorziene overhemd omhoog, wat hij met liefde aanpakte. "Ik denk dat ik jullie nu wel genoeg heb gekweld, en aan jullie gezichten te zien is dat zo, dus ga ik terug naar m'n bloemen. Drew, waarom vraag je Curtis niet om te blijven eten?" "Oh nee, dat hoeft niet, U bent al vriendelijk genoeg geweest, "protesteerde hij. "Uitstekend, dat is dan geregeld. Waarom vermaken jullie je niet tot Re's moeder thuiskomt? Het is fantastisch dat Drew nieuwe vrienden maakt, en zulke beleefde, en zo makkelijk."Curtis keek me hulpeloos aan en ik haalde m'n schouders op.
"Oké, bedankt Mevr. , eh, Lois." "Geen dank." Ze liet ons alleen in de keuken en ging terug naar de tuin. Ik zat stil tot de achterdeur dicht was en keek toen naar Curtis. "Sorry daarvoor, je hoeft niet te blijven, weetje, als je iets ander hebt te doen of zo." Aan de ene kant wilde ik dat hij bleef, en ik bekeek hem nauwkeurig terwijl hij z'n overhemd aantrok met een geconcentreerde blik op z'n gezicht. "Nee, het is goed, ik heb geen haast om naar huis te gaan." Hij gaf me een half ironische lach en draaide zich om. "Als jij het goed vindt, ik bedoel, ik was vrij onbeschoft vanmorgen. Ik kan begrijpen waarom je niet wil
dat ik..." "Maak je daar geen zorgen over." Ik poeierde de verontschuldiging af, als het dat was tenminste. "Zo, eh..." "Ja, um, wil je de rest van het huis zien?" "Prima." Hij stond op, opgelucht iets
anders te doen dan door Lois te worden ondervraagd.
Ik was verbaasd dat ze hem liet zitten met zoveel vragen, misschien had ze in de gaten dat hij er niet van hield om over zichzelf te praten. Ik liet hem alles op de begane grond zien, en nam hem toen mee naar boven om mijn nieuwe kamer te laten zien. "Dit is groter dan mijn hele huis, "zei hij toen hij de zolderkamer binnenliep. Er was iets in z'n stem wat ik niet kon thuisbrengen, geen jaloezie of zo, misschien een soort droefheid. Ik wist het niet, misschien verbeelde ik het me. Ik wist niet hoe ik op
deze opmerking moest reageren, dus beschouwde het als overdrijven en snoof alleen. Hij verbaasde zich over mijn imposante, al zeg ik het zelf, CD verzameling, en liet z'n vinger langs de titels gaan. "Luister, het spijt me echt van vanmorgen, Drew, "zei hij, zich omdraaiend in mijn richting maar me niet recht in de ogen kijkend.
"Kijk, ik ben dit niet gewend, oké? Ik ben op mezelf op school, ik val niemand lastig en zij vallen mij niet lastig. Ik hou er van om met rust te worden gelaten." Ik vroeg me af wat psychologen zouden zeggen over het gebruik van zoveel woorden als 'luister'. "Waarom stopte je om me een lift te geven?" Ik was nu nieuwsgierig. "Ik weet het niet, het was om zo te zeggen, nou..." hij werd vaag. "Oh, goed, ik begrijp het, "zei ik ironisch. Hij verwonderde zich over het 'torengedeelte' van de kamer, en keek uit het raam. "Ik pas daar niet in, toch?" "Wil je het proberen?" Ik kon het niet helpen om hem dat te vragen. "Ik denk het niet. Maar kijk, toen ik je daar zag op straat, leek je zo hopeloos verloren." "Ja?" "Wel, ik weet het niet, het leek net of ik mezelf met je identificeerde, denk ik, snap je? Het nieuw zijn. Jij bent ook een soort uitzondering. "Dus je had medelijden met me?" "Nee dat niet. Alleen, ik weet wat het is om alleen te zijn zonder iemand om je te helpen, oké? Mijn levensverhaal. Ha!"
Hij draaide zich om naar het raam. "Ik begrijp het." "Doe je dat?" "Niet echt, ik snap niet dat je zo koud bent op school, je lijkt me een leuke jongen, dus waarom sluit je jezelf zo af?" Ik wilde het echt weten, maar hij keek me lange tijd aan en gaf tenslotte een vrijblijvend antwoord. "Het is een lang verhaal." "Ik luister." "En ik zeker al m'n ellende bij jou uitstorten." Hij snoof opnieuw. "Als jij wilt praten, wil ik wel
luisteren." Ik verbaasde mezelf met de toon waarop ik sprak, het was echt gemeend. Verbazingwekkend, ik wilde echt luistern, en als ik kon, hem helpen. Alhoewel we elkaar nog maar heel kort kenden en bijna niets tegen elkaar hadden gezegd, vond ik hem aardig en wilde zijn vriend worden. "Ik zou hier niet moeten zijn en weg moeten gaan." "Je bent vrij om te gaan, ik kan je niet tegenhouden. Maar je moet wel door de tuin om bij je auto te komen, en Lois is daar!" grapte ik, proberend de gespannen sfeer te doorbreken die er plotseling hing.
Hij keek me een moment aan, z'n gezicht totaal uitdrukkingloos, en barste toen uit in een lachbui waarbij hij op m'n bed moest gaan zitten tot hij was bij gekomen. Ik denk, al was het niet grappig bedoeld, dat het op dit moment het juiste ding was om te zeggen. Hij plofte terug op het bed, met z'n armen boven z'n hoofd, haalde diep adem, en liet het langzaam weer ontsnappen voor dat hij z'n hoofd draaide en me aankeek. "Dus?" vroeg ik. "Je bent een aardige jongen, Drew, en ik ben een klootzak. Het spijt me, oké?" "Oké." Hij draaide z'n hoofd weg en keek opnieuw naar het plafond. Ik zag dat doordat hij was neergeploft, dat z'n T-shirt uit z'n zwarte spijkerbroek was gekropen, en nu kon ik de bovenkant van z'n onderbroek zien, en een dun streepje van z'n navel die net als z'n armen lekker bruin was. Ik keek stiekem naar hem, hij leek niet in de stemming om te praten, en ik was bereid om te wachten tot hij begon, want ik had mijn eigen gedachten.
"Weet je dat Tyler je meteen laat vallen als hij er achter komt, "zei hij plotseling. "Waar achter komt, dat ik met jou heb gepraat?" "Dat ook, maar ik bedoel omdat je homo bent." "Wat?" In hemelsnaam, kon iedereen hier dwars door me heen kijken? "Waar heb je het verdomme over? Waarom denk je dat ik homo ben?" Ik dacht dat mijn respons nu overtuigender overkwam dan bij Kate in de bibliotheek. Hij draaide z'n gezicht opnieuw naar me toe. "Kijk me recht aan en zeg dat het niet zo is." "Ik..." Plotseling was dat wat zo verdomde makkelijk klonk, onmogelijk te bewijzen. Onder zijn koele en kalme groene blik, kon ik het niet echt ontkennen. "Ik wist het. Als je geen homo was geweest, had je me nu geslagen in plaats van domme vragen te stellen. Echte hetero's ontkennen het, vriend, die vragen niet waarom denk je dat?"
Hij trok zichzelf op om te gaan zitten, en hingen zijn benen over het voeteneinde, en keek me recht
aan. "Jezus Christus, "zuchtte ik. "Ik heb dit gelul niet nodig." "Ik denk het wel. Je moet stoppen je te verbergen, kom er voor uit." "Oh, advies van jou? En jij bent zo verdomde geschikt om mij te vertellen
hoe ik me moet gedragen? Jij hebt me daar een ego, je bent een verdomde socioloog, en een hypocriet." "Dat is eerlijk, "zei hij mild. "In Godsnaam, vecht terug, neem het niet langer." Als hij zo door bleef
gaan, zou ik me nog ongemakkelijk gaan voelen door tegen hem te schreeuwen. "Nee, je hebt gelijk, dokters genezen zichzelf, antwoorde hij. "Wat gebeurt er vandaag met me?" Ik vroeg het aan het plafond, of iets van een macht wat daarboven zat. "Wat is er MIS met mij??"
Plotseling wilde ik huilen, en er was niets wat ik kon doen om het tegen te houden, dus begonnen de tranen over m'n wangen te rollen. "He, er is niks mis met je." Voordat ik kon reageren liep hij door de kamer en sloeg z'n armen om me heen. "Laat me los, "zei ik, zwak worstelend in z'n greep. "Geen kans, "zei hij, me in z'n armen houdend. "Oh kut, "jammerde ik, en toen begroef ik mijn gezicht tegen z'n schouder en gaf me over aan de tranen. Ik huilde mijn ogen uit m'n hoofd, en het leek voor altijd door te gaan. Hij bewoog niet en liet me niet los. Hij hield me gewoon vast, en af en toe mompelde hij zoiets als 'het is goed'. Na wat aanvoelde als een uur, maar wat niet langer kon zijn dan 5 minuten, begon hij zacht de achterkant van m'n hoofd en nek te strelen, en wiegde me langzaam. God, wat voelde dat goed om zo
te worden vastgehouden en iemand te hebben die er voor me was. Hoe kon iets dat zo goed voelde fout zijn. Ik vergat dat hij een totale vreemde was, de tweede totale vreemde die mijn geheim ontdekt had in een paar uur tijd.
Ik begon te snuiven terwijl de tranen hun weg vervolgden. "Wat is er verdomme mis met mij?" vroeg ik stilletjes aan z'n schouder. "Niets, als er iets mis is met jou, is er ook iets mis met mij. En er is niets mis met mij." En dat zeggend kuste hij m'n voorhoofd. Nou, als de tranen al wilden stoppen, dan deed dit hen in een keer stoppen. Ik deed een stap naar achteren en keek hem aan, gedeeltelijk in shock en
gedeeltelijk met nieuwe ogen. "Wat zei je net?" en meteen gevolgd door een andere gedachte wie ik ook hardop zei. "Wat DEED je net?" "Je weet precies wat ik zei, en ik DEED dit." En deze keer kuste hij me op m'n lippen. Een lichte korte kus, maar het deed m'n knieën knikken. Hij pakte mijn armen en hield me omhoog met een zachte lach. "Ja, dat effect heb ik op mensen." Hij lachte zuur naar me. "Wil je gaan zitten of wil je koud water over je gezicht gooien?" "God, ik moet er afschuwelijk uitzien, sorry Curtis." "Waarom?" "Door me zo te laten gaan, wat een toestand." "Maak je geen zorgen, ik vind je kwetsbare kant wel leuk."
Hij lachte naar me. "Maar dat was een auto in de wasserette, dus ik denk dat je je beter zelf weer mooi kan maken." Dat maakte hem de tweede persoon (familieleden niet mee gerekend) in een week tijd die zei dat ik knap was. De tweede man. De tweede man die zei dat IK knap was, en belangstelling voor me had. Seksueel, zoals in seks. Mijn gedachten waren verwarrend, en het enige wat ik zeker wist, was dat m'n moeder me zo niet mocht zien. Dus ging ik naar de badkamer om m'n gezicht te wassen. Ergens moest ik oogdruppels hebben, dus rommelde ik rond tot ik ze vond, en spoot ze vrijelijk in beide ogen. Ik zag eruit als een mol in het plotselinge daglicht, dus schudde ik m'n hoofd heen en weer. "Wat vind je leuk?" zei een geamuseerde stem bij de ingang. Curtis stond naar me te kijken, leunend tegen de deurpost met z'n armen voor z'n borst gevouwen, en die (mooie/irritante) halve glimlach op z'n lippen.
"Vertel jij het maar, kun je zien dat ik gehuild heb?"
"Nou, je ogen zijn nog een beetje rood, maar ik denk niet dat het iemand zal opvallen, en het zal zo wel weg zijn." "Hoe kun je zo rustig zijn?" Ik kon niet geloven dat hij zo verdomde rustig was. Was hij hier het laatste half uur geweest? Wel dat was hij, maar het leek op hem minder effect te hebben dan op mij. "Omdat ik hier al klaar voor was sinds de wiskundeles." "Wat?" "Ik wilde je zodra je binnen kwam. Maar ik stelde me voor dat je geen interesse in me had, snap je, niet bij de sporters, aan de verkeerde kant van de lijn, dat soort dingen. Hij keek naar z'n voeten en hij voelde zich niet op z'n gemak. "Jij lijkt alles te zijn wat ik niet ben, zo zelf verzekerd en slim en rijk, en het soort jongen die denkt dat ik een soort van freak ben. Dat is de echte reden dat ik zo vreemd deed in de klas." "En wat deed je van gedachten veranderen?" "Ik weet niet of ik dat al gedaan heb."
Dat was niet het antwoord dat ik verwachte. "Wat? Heb je me niet net gekust? Twee keer." "Ja, maar
ondanks dat je een aardige jongen bent, wil je niet gezien worden met iemand als ik. De Tyler's en Davids van deze wereld accepteren dat niet. Niet als vriend, en helemaal niet als 'de' vriend. Ik pas me niet aan." Het ergste was dat hij gelijk had. "Je hebt het helemaal verkeerd," zei ik hem. "Is dat zo?" "Ja!" zei ik zo nadrukkelijk mogelijk, en ik zag dat hij me terug zou fluiten op m'n leugen, toen een stem van beneden een einde maakte aan het gesprek "Andrew!" Mijn moeders stem klonk naar ons op. Ik keek naar hem met een smekende blik. Ik wist het niet zeker, maar ik wist wel dat er veel vanaf hing wat hij nu zou doen. "Andrew?" "Je moet haar antwoorden, na het eten kunnen we verder praten," zei hij met een zwakke glimlach, en vervolgde, "Als jij dat ook wil." Ik knikte. "Boven, mam!" riep ik terwijl ik hem bleef aankijken.
Hij liep terug naar m'n CD's, koos er een uit, en we hadden een typisch oppervlakkige woordenwisseling als tussen twee normale vrienden. "Muziek?" "Goed." "Gaaf." "Wat?" "Savage Garden." "Oké." "Zeker weten?" "Maakt me niet uit." Hij legde de CD in de stereo en drukte op play, het volume draaiend tot een niveau zodat een gesprek nog mogelijk was. Het was een veelzeggende keus om het nummer 'I believe you can't control or choose your sexuality' te kiezen, maar voordat ik commentaar kon geven kwam mijn moeder de kamer in. "Hoe was het op school, schat?" vroeg ze meteen, en merkte toen Curtis op, zittend op het bed. "Oh, sorry, Lois had niet gezegd dat er nog iemand was. Hallo, ik ben Andrew's moeder." "Um, hoi Mevr. Quinn, leuk U te ontmoeten." Ik denk dat hij toen de aandacht wou vestigen op iets uit de scheikunde les. "Moeder, dit is Curtis, een vriend van school."
"Oh fijn, blijf je eten, Curtis?" "Nou, eh, Lois had al gevraagd, als het goed is? Misschien moet ik jullie maar alleen laten voor een familie-etentje." "Nee, het is goed, ik vind het hartstikke fijn dat Andrew zo snel vrienden maakt. "Ma-a-am!" "Sorry, nou het is leuk je te ontmoeten Curtis. We gaan zo eten, ik roep jullie wel." "Oké." zeiden we tegelijk. "Ik laat jullie alleen." Ze keek een beetje vreemd naar me,
wierp een blik op Curtis, fronste licht, en verliet de kamer zonder nog iets te zeggen. Ik weet zeker dat niemand iets gemerkt zou hebben, maar ik wist zeker dat ze wist dat er iets was gebeurd voor ze binnen kwam. Ik gluurde naar Curtis en zag wat zij ook gezien moet hebben. "Shit, je overhemd is nat." "En?" "Nou, ik heb rode ogen, jij een nat overhemd. Je hoeft geen geleerde te zijn om de overeenkomst te maken, of wel?" En ik wist dat m'n moeder niet gek was.
"Je verbeeldt je dingen. Er kunnen zoveel redenen zijn waarom mijn overhemd nat is, en het is maar een
beetje nat. Ik denk dat het haar niet eens opgevallen is." "Misschien, "maar ik was niet overtuigd. Ik zou er snel genoeg achter komen zo gauw hij weg was, dus kon ik beter tijdens het eten iets verzinnen om alles te verklaren. Maar misschien maakte ik me zorgen om niets. Ik ging naast hem op bed zitten. Niet omdat ik het perse wilde, maar omdat er tot nu toe maar een stoel in de kamer was, en die stond een beetje ver weg bij m'n PC. Zo dicht bij hem leek een bonus. Hij lachte opnieuw naar me en sloeg z'n arm om m'n middel. Ik ademde diep in en m'n maag kromp licht ineen. Het voelde zo goed. "Ik weet niet wat ik van je denken moet, Pennsylvania," zei hij zachtjes terwijl hij z'n hoofd op m'n schouder legde. "Ik weet het echt niet." Zo zaten we een tijdje in stilte te luisteren naar een paar nummers, tot de stem van m'n moeder naar boven riep dat het eten klaar was.
Plotseling was ik uitgehongerd, maar ondanks dat wilde ik niet dat hij me losliet, en toch moesten we
naar beneden. "Kom op, voordat ze een zoekploeg stuurt." Ik stond op en hij volgde me. "Wordt het pijnlijk?" vroeg hij. "Lois." Ik knikte "Ja." "Je redt het wel." En deze keer kuste ik hem, op z'n wang, maar het leek hem niet gerust te stellen en gebaarde dat ik voor moest gaan. Toen we beneden kwamen werden we meteen aan het werk gezet om de tafel klaar te maken, terwijl moeder en Lois in de keuken de rest deden, en toen zaten we met z'n vieren aan een heerlijk maal. Het gesprek verliep rustig. Mijn moeder overduidelijk tegen mij aan het praten over haar dag, hoewel Curtis er ook was, en ik was niet echt geneigd om over mijn dag te praten.
Dus deed Lois dat voor ons allen en ratelde over haar dag. Over hoe goed haar groenten het deden, over het vorderen van de zwangerschap van haar kat, en alles wat er bij haar opkwam. Ik doe dat ook, weet je, als er een stilte valt de gaten opvullen. Ze was erg grappig, en niemand vond het erg dat zij het gesprek domineerde. Ik denk dat we er allemaal blij om waren, zodat we onze eigen gedachten konden laten gaan. Ik wierp af en toe een blik naar Curtis, maar hij leek geobsedeerd met het ronddraaien van het eten op z'n bord of het beleefd luisteren naar Lois. Hij keek bijna niet in mijn richting. "Curtis, waarom help je me niet met opruimen? Dan kan Andrew even bijpraten met z'n moeder, en dan kunnen jullie daarna gaan doen wat jonge jongens tegenwoordig allemaal doen, "zei Lois ondertussen opstaand en de borden opruimend.
Ik verslikte me in een slok water, maar het viel niemand op. "Oké, dat is goed, "antwoordde Curtis. Al
klonk hij niet zo enthousiast als hij zou willen. Ik had medelijden toen ze hem weer begon te pesten, en werd ik alleen gelaten met m'n moeder. "Hoe was je dag?" vroeg ik. "Wel goed, we hebben nu een advocaat. Suzanne Chambers, met wie ik op school heb gezeten. Misschien weet zij een baantje bij een vriend als secretaresse, wat beter is dan niets, dan kan ik van daaruit verder zoeken." "Maar je hebt een veel te goede opleiding daarvoor." "Bedelaars hebben geen keus, schat." "We zijn geen bedelaars." "Nee, maar bij je oma groeit het geld niet op de rug, en ik zal toch moeten bijdragen in de kosten. Ik hoef geen huur te betalen, maar er moet ook eten komen, en er moeten rekeningen en zo betaald worden. Het meeste heb ik nodig om Suzanne te betalen. Het is niet ideaal, maar voor nu moet het maar even." "Het zal wel, maar zoals ik zei, ik kan ook iets zoeken."
"En zoals ik zei, nee, concentreer jij je maar op school. Trouwens, hoe was het?" "Het was leuk. Ik heb een boel leuke mensen ontmoet, en ik denk dat ik het leuker zal vinden dan op mijn oude school." Ik gaf haar een beknopt verslag van de dag. Een soort van geselecteerde (hoogtepunten)."Sommige leraren zijn een beetje vreemd, maar dat is geen nieuws." "Nee, ik denk het niet." Er viel een lange pauze, en ik wist dat er meer was. "Je nieuwe vriend lijkt een beetje, eh, vreemd." "Hij is gewoon heel rustig." "Nee zonder gekheid, hij heeft amper 3 woorden gezegd tijdens het eten." Ik knikte, wat kon ik anders doen. Ik moet er wel bij zeggen dat moeders het bijna nooit eens zijn met de vrienden die hun kinderen kiezen. En als ze wist wat er vandaag hier in huis was gebeurd, had ze een hartstilstand gekregen, denk ik. "Als je hem beter leert kennen, komt hij wel los."
Er kwam gegiechel uit de richting van de keuken, gevolgd door het lage geluid van Curtis' lach. "Hoor je, Lois mag hem ook al." "Hmm, waar komt hij vandaan, en wat doen z'n ouders?" "Weet ik veel, wat maakt dat nou uit." "Niets natuurlijk." "Maar?" "Er is geen maar." "Ach, kom op moeder, ik ken je wel beter. Wat is het probleem?" "Niets, er is alleen iets aan hem dat me een beetje onzeker maakt. Ik weet niet wat het is, misschien iets beschermends." "Dat z'n ouders geen geld hebben maakt hem nog geen slecht persoon, of een crimineel of zo," reageerde ik nogal heftig. "Oh Andrew, dat is niet eerlijk, dat heb ik niet gezegd.
Ik wilde alleen maar zeggen dat ik het gevoel heb dat hij iets verbergt, iets wat hij niet wil zeggen." "Je zei net zelf dat hij bijna niets zei, dus is er wel meer dat hij niet heeft gezegd." "Doe niet zo bijdehand, je weet wat ik bedoel." "Maakt niet uit, je hebt hem net ontmoet. Je moet hem wel een kans geven." "Dat doe ik, ik vind alleen dat je voorzichtig moet zijn." "Goed, genoteerd. Misschien moet ik eerst referenties van mensen vragen voordat ik beslis of ik wel of geen vrienden met ze word, huh." "Ik zei doe niet zo bijdehand, "me een uitbrander gevend. Ik reageerde een beetje overdreven, maar na wat erboven was gebeurd, was ik hem heftig aan het verdedigen.
"Laat het rusten, oké?" "Zal mij een zorg zijn." "Alsjeblieft Andrew, doe nou niet zo, het is een lange dag geweest, het spijt me." "Mij ook, sorry." "Ik weet dat je het goed bedoelt, ik wil alleen niet dat je je inlaat met slecht volk. Ik maak me zorgen om je cijfers, ook al doe jij dat niet." "Oké mam, ander onderwerp. Ik heb je toch gezegd dat ik beter m'n best zou doen." "Dat weet ik." Ik werd behoed voor meer pijnlijke
vragen door de terugkeer van Lois en Curtis. "Deze jongen kan afwassen als de beste, ik hoefde bijna geen vinger uit te steken," deelde Lois ons mee. "Net zo getalenteerd als dat hij er uit ziet." Curtis bloosde opnieuw en snoof ongemakkelijk. "Moeder, breng die jongen niet in verlegenheid." Mijn moeder was me net voor om hem te verdedigen. "Ga zitten, dan kunnen we praten. De jongens kunnen zichzelf wel amuseren." "Doe niets wat ik ook niet zou doen, " riep Lois ons achterna.
Toen ik me omdraaide om haar m'n meest vernietigende blik te geven, knipoogde ze naar me wat het effect totaal verloren liet gaan. Terug in mijn kamer stonden we elkaar aan te kijken zonder iets te zeggen. Het was Curtis die als eerste iets zei. "He, hoe laat is het?" "Eh, negen uur denk ik." Ik keek op m'n horloge en zat er niet ver naast. "Tien over." "Oh, dan moet ik zo gaan." "Ja?" "Ben bang van wel." "Oh." "Ik denk niet dat je moeder het goed vindt als ik blijf slapen, vriend." Hij grijnsde naar me en sloeg me speels op de schouder. Ik dacht er aan hoe anders de Curtis was die voor me stond, dan de stuurse 'Reid' van de natuurkundeles. En hij zei dat hij niet wist wat hij aan mij had? Ha! "Nee, ik denk het niet." Wat ik jammer vond, want op dat moment zou ik willen dat hij de hele nacht kon blijven. Al was het alleen maar om me vast te houden zoals hij eerder had gedaan.
"Maar ik dacht dat we gingen praten?" "Dat zal moeten wachten tot een andere keer, sorry." "Kan ik je bellen?" "NEE, "zei hij zo beslist, en was ik zo verbluft, dat ik niet meer wist wat ik moest zeggen. Hij keek naar me en z'n gezicht verzachtte iets. "Sorry, maar ik geef nooit m'n telefoonnummer, want m'n vader houd er niet van dat mensen naar ons huis bellen. Sorry." Hij haalde zijn schouders op om te laten zien dat het niet zijn regel was." Oké, kunnen we afspreken na school morgen?" "Kan niet, moet werken. Kom je naar de tribunes tijdens de lunch, ja?" "Um ja, dat kan ik wel doen." Ik lachte naar hem. "Oké. Ik moet opschieten, maar ik zie je dan?" "Oké." "Nou, dan ga ik maar." "Dat zei je al." "Ja." Hij pauzeerde en hield z'n hoofd scheef." Mag ik je opnieuw kussen?" "De laatste keer vroeg je dat ook niet." "Dat was anders." "Ik denk het." "Mag ik?" Ik knikte, en hij stapte naar me toe, sloeg z'n arm om m'n middel en trok me naar zich toe.
Toen onze lippen elkaar raakten, wist ik meteen dat hij gelijk had. Dit was anders dan de laatste keer. Dit
was kussen. Voor dat moment leek het een eeuwigheid te duren, maar zodra hij zich terugtrok, leek het verre van dat. "Bedankt." Ik haalde adem en hij lachte naar me. "Ik zie je morgen." We liepen naar beneden. Hij zei gedag tegen Lois en m'n moeder, en bedankte hen voor de gastvrijheid. Ik keek naar hem terwijl hij naar z'n auto liep en wegreed. Hij knipperde een keer met z'n lichten en was verdwenen. Morgen kon voor mij niet snel genoeg komen. Ik ging terug naar binnen en liep naar de keuken voor een glas water. Om een of andere reden was mijn mond kurkdroog. Terwijl ik bij de gootsteen stond, kwam Lois achter me staan en legde haar hand op m'n schouder.
"Ik vind je nieuwe vriend aardig, al doet je moeder dat niet." "Bedankt Lois," zei ik, terwijl ze de keuken weer uit liep. "Hij is erg leuk, laat hem niet gaan." Ze liet me achter bij de gootsteen, de betekenis van die woorden overdenkend. Ze waren op allerlei manieren uit te leggen. Misschien moest ik maar een uithangbord om m'n nek hangen. Hoewel, iedereen die tot nu toe door me heen kon kijken, stond aan mijn kant. Dus misschien was het toch niet zo erg. De tijd zal het leren. Ik liep naar boven, en na een half gelukte poging om wat op te ruimen en m'n kamer in orde te maken, stapte ik in bed. Terwijl ik mezelf streelde met het gezicht van Curtis in gedachten, viel ik in slaap.


©original text: Ardveche
©Nederlandse vertaling: Lucky Eye, 2018. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de houder van het auteursrecht.

Lucky Eye
Berichten: 104
Geregistreerd: zaterdag 07 februari 2015 15:42
Woonplaats: Zwolle
Ontvangen Bedankjes: 138 keer
Bericht Re: NIEUW IN CALIFORNIË door Lucky Eye » zaterdag 03 november 2018 07:18

Hoofdstuk 4 - Gebroken Beloften

Toen ik wakker werd uit een ongelofelijke droom, had ik een pijnlijke stijve, en in mijn gedachten zwommen glorieuze beelden van Tyler rond. En daarin lag de onrust die me de rest van de morgen bezighield. Waarom fantaseerde ik nog steeds over Tyler nu ik Curtis ontmoet had? Waarvan ik wist dat hij niet alleen beschikbaar was, maar ook interesse had. Ik liep naar de badkamer, ging onder de douche en ging over tot het oplossen van mijn probleem. Maar zo gauw ik klaar kwam voelde ik me vreselijk. Net alsof ik Curtis had bedrogen door me af te trekken terwijl ik aan een ander dacht. Wat gebeurde er met me? Ik kon niet eens het enthousiasme opbrengen om leuke kleren aan te trekken, en trok aan wat ik als eerste in mijn hand had. Ik was mezelf niet.
Hoe het ook zij, ik was niet helemaal mezelf, en de ochtend op school ging als iets vaags aan me voorbij. Ik ging proef zwemmen voor het zwemteam, met Brian (de jongen van de lunch van gisteren) en de coach als kijkers, maar mijn tijden waren totaal schroot. De coach vertelde dat ik niet goed genoeg was, en dat er aan mijn basisvorm van alles mankeerde. Volgend jaar beter. Brian schudde zijn hoofd naar me en liep weg. Ik wist dat het niet lang zou duren om het 'sportteam', zoals Kate Tyler en z'n volgelingen noemde, te bereiken. En ik dacht te weten hoe ze daar onder zouden zijn. Mijn coole houding was zojuist door de vloer gezakt. Misschien moest ik het maar over laten gaan en me opgeven voor de schaakclub. Ha! Waar zou zo denken me brengen?
Voor de lunch had ik opnieuw natuurkunde, en terwijl ik de lijnen volgde(voor de eerste keer alleen sinds ik bij McKinly was begonnen) naar Dr.Bates klaslokaal, waren mijn gedachten een grote warboel. Ik wilde
wanhopig graag Curtis weer zien, maar ik was als de dood dat hij m'n schuldige blik zou zien, en ik wist niet wat hij zou doen. David lachte naar me toen ik de klas binnen schuifelde en ik grijnsde half terug op weg naar mijn stoel. Curtis was er niet. Terwijl de les verder ging had ik geen aandacht voor wat er gezegd werd. Een feit waar Dr.Bates plezier in had om dat aan de hele klas te laten zien. "En wat is het product van die reactie, Mnr.Quinn?". Met een schok was ik terug in de werkelijkheid. Ik had geluiden gehoord, maar ze hadden geen betekenis.
Ik had geen idee wat de vraag was, laat staan het antwoord. "Um." "Nou?" "Eh, wat was de vraag?" "Dat dacht ik al, Mnr.Quinn. Ik heb je resultaten bekeken jongeman, en je zult in mijn les je aandacht erbij moeten houden, anders heb ik geen keus dan je te laten zakken. Ben ik duidelijk?" "Ja meneer." "Goed, terug naar de vraag. Kan iemand Mnr.Quinn vertellen wat voor resultaten we kunnen verwachten van dit experiment?" En zo gingen we verder, maar ik kon geen enthousiasme opbrengen voor de les. Het was net als de laatste weken op m'n oude school, waar het enige waar ik aan denken kon Aaron was, en over alles wat hij voor mij zou voelen. Ik probeerde mezelf tot de orde te roepen, ik had het tenslotte mijn moeder belooft. Maar mijn gedachten gingen steeds naar Tyler en Curtis en wat ik moest doen. Eindelijk ging de bel, en ik was nog steeds in gedachten toen David aan m'n arm schudde.
"He, aarde aan Drew. Waar zit je met je gedachten man? Komt dit door het zwemteam?" "Huh?" "Het geeft niet dat je het niet haalde kerel, je kan het opnieuw proberen, of in plaats daarvan probeer je iets anders. Je hoeft er niet mee te zitten." "Ik denk het." Ik had er absoluut geen zin in om hem te vertellen dat het zwemteam wel het laatste was waar ik aan dacht. Dat ik geen reet om het zwemteam gaf, dat elk persoon in het zwemteam de kolere kon krijgen. Ik was genoeg bij zinnen om me te realiseren dat me dat geen punten op zou leveren. "Kom op, laten we de jongens gezelschap gaan houden bij de lunch." "Ik kan niet. Ik zou iemand..." , ik aarzelde en trachtte mijn gedachten te ordenen, "...ontmoeten."
Ik herinnerde me wat Curtis zei over de Tylers en Davids op deze wereld die hem niet zouden goed keuren. Waarom konden andere mensen niet gewoon doen zonder op een ander te letten of die wel gaaf genoeg was? Zucht! "Wie? Kate?" Op z'n gezicht verscheen een grijns terwijl hij op m'n schouder stompte. "Ga ervoor Drew." Hij was erg in z'n sas met het vooruitzicht. "Misschien", antwoordde ik. Ik wist dat als ik ja zou zeggen, en ze later alleen bij de lunch zou verschijnen, er vragen zouden komen. De
beste koers zou zijn om een beetje raadselachtig over te komen. "Ik zou maar gaan kerel, en haar niet laten wachten. Voor je het weet heeft ze een ander." "Ja." Ik lachte en liep naar de deur. "Zie je straks." "Tot straks."
Eenmaal in de hal aarzelde ik, en wist niet wat ik moest doen. Nee, dat was een leugen, ik wist precies wat ik moest doen, maar om een of andere reden wist ik niet zeker of ik het zou doen. Toen schoot me iets te binnen wat Kate had gezegd. Als ik natuurkunde had, had zij biologie, dus draaide ik me om en liep door de meute en zocht de bio lokalen. Ik keek door de ramen van elke deur, bekeek elke student, om te zien of ik haar zag. Eindelijk zag ik haar, pratend met haar leraar. "Oh, he Drew, tot straks Mevr. Ferguson." Ze lachte naar de lerares en snelde de hal in om me te begroeten. "Wat is er met jou aan de hand? Je ziet eruit als een geest." "Dat is een lang verhaal." "Dat geloof ik, vertel op." "Dat kan ik niet, maar ik heb je nodig als dekmantel." Ik kon haar het probleem niet vertellen zonder Curtis bloot te geven, en dat was niet eerlijk. Het was niet mijn geheim om te zeggen.
"Oké, wat heb je nodig?" Ze keek bezorgd. "Ik heb je nodig om met me te lunchen." "Waarom?" "Ik kan het je niet vertellen, sorry, het kan niet." "Geef me een aanwijzing." "Ik zou iemand ontmoeten, en ik heb tegen David zoiets gezegd dat jij dat was." "Wie is het?" Ze gaf niet op, dus nam ik een snel besluit. Ik zou haar de naam vertellen, maar absoluut niet meer. "Curtis." Toen was er een lange pauze. "Ik begrijp het. Goed, ik moet wat lab-werk doen en vertel hen dat ik bij jou was. Waar waren we? Wat deden we?" ze zuchtte heftig terwijl ze dat vroeg. "Maakt niet uit." "Oké, we waren in het bio lokaal aan het praten." "Bedankt."
"Jongen, je bent me voor altijd iets schuldig." "Ik weet het, sorry, ik zou je dit niet moeten vragen." "Ga." "Bedankt, " riep ik terwijl ik door de deur wegschoot. Ik rende de heuvel op, naar de sportvelden omgeven door de tribunes. Er stond al een hele groep mensen om de hoek, dezelfde als elke dag, rokend. Er was geen teken van Curtis, en ik kreeg vijandige blikken van de zwartgeklede asocialen die er stonden. Ik wierp een blik op m'n horloge en zag dat het vijftien minuten geleden was dat de bel voor de lunch had geklonken. Misschien had ik hem gemist, of had hij hier op me gewacht en was weggegaan. Mijn hart zonk in m'n schoenen. "Drew." Ik draaide me op m'n hakken om. Hij stond ongeveer 30 meter ver, met z'n haar over z'n ogen, en z'n handen in de zakken van een bruine leren jas. Z'n stem klonk mat en koud.
"Curtis, God, sorry dat ik laat ben, maar ik moest Kate overhalen om me te dekken, " zei ik terwijl ik naar hem toeliep. Hij zei niets, keek me niet aan, wachtte tot ik vlakbij hem was en draaide zich toen om en liep de heuvel af, weg van school, richting de parkeerplaats. "Wacht even," riep ik. Hij stopte, en wachtte tot ik bij hem was. "Wat is er?" "Niets." "Gelul, er is iets, vertel op." "Ik zei dat er niets was, vergeet het." Zijn stem was totaal uitdrukkingloos, wat meer alarmerend was dan wanneer hij had
geschreeuwd. Ik let het zitten, en liep in stilte met hem mee naar zijn auto. Hij opende het portier en stapte in. Ik veronderstelde dat dat ook van mij werd verwacht, dus ging ik zitten en draaide me om, om hem aan te kijken.
Hij leunde, zoals hij eerder had gedaan, over het stuur en staarde voor zich uit. "Curtis..." begon ik. "Wie is Kate, en waarom moet ze je dekken?" "Kate Tomski, van de studentenraad, en ze zit bij mij met geschiedenis. We hebben in het studiehuis gepraat en, eh, ze weet dat ik homo ben." "Dus zij vertelt Tyler dat je bij haar was?" Hij keek me nog steeds niet aan, en ik bemerkte een nervositeit bij hem, en hij hield z'n lichaam erg gespannen. "Eh, ja." "Bedankt." "Huh?" Ik stond perplex. "Vergeet het." "Vergeet wat? Wat is het probleem?" "Als je dat moet vragen, zie ik geen reden om je dat te vertellen." "Ik begrijp er niks van, waar heb je het over? Wat is er gebeurd? Waarom doe je zo vreemd?" Ik was totaal verbijsterd, en mijn stem klonk als een licht sprankelende wijn, wat niet m'n bedoeling was.
Hij keek me aan, en onmiddellijk wenste ik dat hij dat niet had gedaan. Z'n gezicht was bleek en vertrokken, en z'n ogen levenloos. Hij keek pijnlijk, en ik wist dat iets wat ik gedaan had daar de oorzaak van was. Ik voelde me afschuwelijk. "Als je niet eerlijk kunt zijn om mij te ontmoeten, denk ik niet dat we een toekomst kunnen hebben." "Wat?!" zei ik ongelovig. "Waar heb je het over? Je zei zelf dat ze het
niet zouden begrijpen, dus wilde ik er zeker van zijn dat ze niets zouden hebben OM te begrijpen." "Precies." Hij draaide zich weer om. "Wat is dat nu voor een kut antwoord, " schreeuwde ik. Ik greep z'n
schouder en draaide hem rond om me aan te kijken. De uitdrukking op z'n gezicht deed me stoppen om nog meer tegen hem te zeggen. Hij keek vertwijfeld, en z'n hele lichaam verstijfde terwijl hij sprak in een
amper controleerbare fluistering.
"Laat me los." "Curtis, wat..." "Eruit." "Curtis." "Nu!" Voor de eerst keer verhief hij z'n stem, en trok ik me iets terug. Ik wist niet waar deze totaal andere jongen toe in staat was. "Alsjeblieft?" smeekte ik hem. "In vredesnaam, Drew, ga weg." Hij draaide zich om en zakte over het stuur. "Vertel me alleen wat ik gedaan heb." Er was een stilte, en hij legde z'n voorhoofd op het stuur tussen z'n armen, en maakte een gesmoord geluid. Ik keek met afschuw toe, terwijl z'n lichaam een paar keer schudde, en er een dun straaltje speeksel bij z'n lippen neer liep. Hij zuchtte een paar keer en sprak zo zacht, dat ik hem bijna niet kon verstaan. "Alsjeblieft." "Oh God Curtis, wat is er?" Ik gleed naar hem toe en legde m'n arm om
z'n rug. Hij maakte een geluid wat klonk als iets tussen een zucht en een snik, en draaide bij me weg, en draaide z'n stoel zo dat hij me kon aankijken.
Z'n gezicht was verwrongen in, van wat ik nu weet, pijn in plaats van boosheid, en hij ademde erg onsamenhangend. Hij haalde z'n arm bij z'n gezicht langs, en veegde het speeksel bij z'n mond, en de
resten van tranen bij z'n ogen, weg. "Waarom ging je niet gewoon weg?" verzuchtte hij naar me. "Omdat ik om je geef, " antwoordde ik, en wist dat het absoluut waar was. Ik gaf werkelijk om hem. Gedachten aan Tyler waren uit m'n gedachten gebannen. Al wat ik wist, was dat Curtis m'n vriend was, en dat er iets mis was. Ik voelde een opwellende genegenheid voor deze vreemde jongen, en een vreselijk gevoel dat ik de oorzaak was van z'n pijn. "Echt waar?" Hij kromp ineen toen hij zich bewoog. "Ja natuurlijk doe ik dat. Laat me je alsjeblieft helpen. Alsjeblieft."
"Is er bij jouw iemand thuis?" Ik was verbaasd. Was wat er mis was zo onbeduidend dat hij het gewoon terzijde schoof, en me seks aanbood? Mijn verbazing moet op m'n gezicht te zien zijn, want hij gaf een soort van korte lach, en kromp opnieuw ineen. "Niet wat jij denkt, dat garandeer ik je." "Eh, Lois is er misschien, maar we kunnen naar boven gaan, en ze zal ons niet storen denk ik." "Goed genoeg, jij rijdt." Hij reikte over hem zelf en opende met z'n rechterhand de deur, en liet z'n linker op het stuur liggen, en met een lichte snik stapte hij uit de auto. Ik stapte onmiddellijk uit. Nu het kwartje was gevallen, realiseerde ik me dat zijn pijn lichamelijk en echt was. "Curtis..." begon ik, terwijl ik om de auto liep. "Later, rijden", en hij legde de sleutels in m'n hand. We stapten in en hij hield zichzelf erg stijf en onhandig, terwijl ik naar het huis van Lois reed.
Ik wierp steeds een blik op hem, maar hij hield zijn blik de hele tijd afgewend, en zei geen woord. Toen we er waren sprong ik uit de auto en liep er snel omheen, toen hij net de deur open gooide. "Laat mij je helpen." Ik reikte naar hem toen hij z'n benen uit de auto zwaaide. "Nee! Nee, ik ben oké." Met zichtbare moeite trok hij zichzelf op, stopte z'n handen voorzichtig opnieuw in z'n zakken, en liep naar het huis. Ik liep naast hem, gereed om in te grijpen als dat nodig was. We liepen de keuken in, van waaruit ik Lois in de tuin kon zien. "Ik kan beter zeggen dat we hier zijn, en vragen ons alleen te laten."
"Oké," zei hij, terwijl hij zich met een hand met witte knokkels, vasthield aan het eind van het aanrecht. Ik liep op een drafje naar buiten om Lois te roepen, toen er achter me een enorm gekletter van op
de grond vallende pannen te horen was.
Lois hoofd kwam omhoog van het bloembed, en ik draaide me op m'n plaats om. Door het raam kon ik
Curtis niet zien. Ik gooide de deur open, en overbrugde de afstand naar hem in 3 korte sprongen. Hij lag met z'n gezicht naar beneden languit op de grond. "Andrew? Wat is er gebeurd?" klonk de stem van Lois bij de deur. "O, mijn God!" Ze kwam vlug naast me staan bij Curtis. "Hij, hij is flauwgevallen. Ik weet niet wat er aan de hand is." "Help me hem naar de zitkamer te dragen." Plotseling was mijn oma erg
zakelijk en kortaf. Ze greep z'n enkels, liet mij hem bij z'n schouders pakken, en tussen ons in droegen we hem naar de zitkamer en legden hem languit op de bank. Hij gromde toen we hem neerlegden en z'n ogen trilden, maar bleven gesloten.
Lois trok een ooglid omhoog en controleerde zijn pols op een professionele manier, en legde de rug van
haar hand op z'n voorhoofd. "Wat is hier gebeurd, Andrew?" Ze draaide zich om, om me aan te kijken. "Ik weet het niet. Ik zag hem op school, en hij deed vreemd, en toen hij uit de auto kwam was hij gewond, en ik weet het niet," brabbelde ik een onsamenhangend antwoord. "Gewond?" "Ja, hij kromp steeds in elkaar, en hield zichzelf op een vreemde manier vast." Ze keek me een moment aan, en trok toen de rits van Curtis' jas naar beneden. Zijn blauwe gerimpelde shirt, dezelfde als gisteren, zat vol met roodbruine strepen, waarvan ik onmiddellijk wist dat het bloed was. "O, God," zuchtte Lois. "Andrew, de medicijnkist in de keuken, pak het."
Ik staarde naar de bloedvlekken op het shirt van mijn vriend, en bewoog me niet. "Nu, Andrew!" blafte ze. Ik bewoog en rende naar de keuken. Toen ik terug kwam had ze zijn jas helemaal open gedaan. "Grote jongen, til nu z'n schouders op, en help me hem uit te kleden.” Ik tilde hem op , terwijl Lois z'n jas en shirt tegelijk uittrok, en onthulde roodkleurige kneuzingen op z'n hele linker arm, en duidelijke bloedvlekken op wat eens een wit T-shirt was. Ze haalde diep adem, en haar handen aarzelden, voordat ze het T-shirt uit z'n broeksband trok. Er was geen manier om het over zijn hoofd en armen te trekken, dus reikte ze achter zich om haar naaischaar te pakken, en knipte het los. Ik keek met afschuw toe toen stukje voor stukje z'n torso, die ik gisteren zo graag had willen zien, werd onthuld. Het was bedekt met
kneuzingen, met in het bijzonder een grote paarse aan de onderkant van z'n ribbenkast.
Iemand had hem grondig bewerkt. Er waren verschillende sneden op z'n schouders en sleutelbeen, en een paar donkerblauwe plekken, alsof iemand zijn vingers erg hard in z'n schouder had gedrukt. "Til hem nog een keer op, Andrew." Ik aarzelde, ik kon niet geloven hoe hij er uitzag. Maar een scherpe blik van Lois bracht me terug op aarde, en tilde behoedzaam z'n schouders van de bank. Zijn slappe lichaam leek
wel een ton te wegen. Aan het eind van de bank zag ik als eerste de puinhoop op z'n rug. Hij was bedekt met striemen en sneden, waarvan de meeste vers leken, en waarvan sommige nog bloeden. Ik hield mijn adem in. Lois haalde de resten van het T-shirt weg om beter te kunnen kijken, en ook zij hield haar adem in. "Min God! Wie kan dit gedaan hebben? Hij is geslagen met een riem."
Ik had geen zeker antwoord. Ik was ontzet. Op dat moment bewoog Curtis een beetje, en mompelde iets dat leek op 'wat gebeurt er'. Zijn ogen gingen trillend open, maar hij leek niet in staat zich te focussen, steeds knipogend naar Lois. Toen overviel hem een gedachte, en hij probeerde van me weg te draaien en recht op te gaan zitten. Maar het was duidelijk dat de trap die hij tussen z'n ribben had gekregen, hem
helse pijnen bezorgde. Hij probeerde z'n benen van de bank te zwaaien, keek de kamer rond, en vestigde zijn blik op mij. "Waarom?" zei hij zo zacht, dat het even duurde voor ik door had wat hij zei. Ik wilde net antwoorden dat ik het niet wist, dat hij oké was, en we voor hem zorgden, toen hij verder sprak. "Vertrouwde je." Ik kon er geen peil op trekken waar hij het over had. "Had alleen wat rust nodig. Waar is m'n overhemd?"
Hij maakte een beweging om op te staan, maar stortte met een snik terug op de bank, toen z'n rug in contact kwam met de stof. "Jij hebt meer nodig dan rust, jongeman. Je hebt medische verzorging nodig."
"Nee!" Zijn stem had iets aan kracht gewonnen, maar z'n ogen vlogen nog steeds heen en weer door de kamer, als een gekooid dier dat naar een vluchtroute zocht. Opnieuw vestigde hij ze op mij, en m'n maag trok samen, en m'n ogen vulden zich met tranen. "Waarom?" Hij klonk niet beschuldigend, maar verdrietig en zwak. "Je was gewond en had hulp nodig, " probeerde ik te antwoorden, maar m'n tranen maakten dat het moeilijk te verstaan was. "Nee. Niemand hoefde het te weten." Toen begon hij ook te huilen. Sloeg z'n armen om zich heen om z'n gekneusde en gehavende lichaam te bedekken.
Hij rolde in een soort van foetus positie en snikte, grote hartverscheurende snikken. Lois begon zachtjes z'n haar te strelen. "Het is goed Curtis, het is goed," zei ze sussend. Haar hand bewegend over z'n haar, en haar gezicht vol met medelijden. "Niemand gaat hier oordelen, we willen je alleen maar helpen." "Moet gaan." Z'n woorden klonken gedempt. "Echt niet." Haar stem klonk ferm, en duldde geen tegenspraak. "Deze wonden moeten verzorgd worden, en jij moet rusten. Je blijft waar je bent, dan zal ik een dokter bellen om naar je te kijken." "Niemand anders, alsjeblieft." Hij keek met z'n betraande ogen smekend naar haar op, in alle oprechtheid. Ze leek een beslissing te maken.
"Andrew, breng een paar handdoeken en warm water." Ik deed het onmiddellijk, en toen ik terugkwam met de kom en handdoeken, zat ze nog steeds gehurkt bij de bank, streelde zijn haar en praatte zacht tegen hem. "Curtis, probeer te gaan zitten, en laat me je bekijken." Hij kreunde, en voor een moment leek hij te weigeren, maar uiteindelijk, met mijn hulp, trok hij zichzelf in een zitpositie. Lois ging met haar handen als een expert over hem heen, erop lettend wanneer hij ineenkromp, zachte druk uitoefenend op de gekneusde gebieden, in een poging om te kijken hoe groot de schade was. "Ik denk dat het beter is dat we een dokter bellen, ik heb dit al lang niet meer gedaan." Ik herinnerde me dat Lois verpleegster was geweest voordat ze opa had ontmoet. "Nee!" Dat leek het enige waartoe Curtis in staat was. Hij wilde dat niemand hem zo zag. Ze perste haar lippen op elkaar en schudde haar hoofd.
"De meeste schade is oppervlakkig. Wat niet wil zeggen dat het niet erg is, maar het zal genezen. Ik denk dat je minstens een gekneusde rib hebt, Maar het lijkt er op dat het geen schade van binnen heeft
aangericht. Degene wie dit gedaan heeft wist wat hij deed." Ze keek hem recht aan, en hij huiverde en wende zijn ogen af. "Dat dacht ik al," zei ze, maar weidde niet verder uit. Snel werkend maakte ze de sneden op z'n rug schoon, en ging verder om ze te verbinden met antiseptisch verband op een professionele manier. Curtis onderging alles in stilte, maar balde zijn vuisten zodat z'n knokkels wit werden. Toen ze de wonden depte beet hij op z'n lip, en zag ik een klein rood druppeltje in z'n mond. Ik pakte zijn hand en hij kneep er zachtjes in en draaide zich naar me om, een poging wagend om te lachen. Het was hartbrekend hem zo te zien, zo dapper, maar o zo kwetsbaar.
Toen ze klaar was ging ze staan, en keek hem medelijdend aan. "Drew," haar zakelijke toon weer op pakkend, "breng een overhemd en T-shirt voor Curtis, ik doe z'n overhemd in de was en zal thee zetten. Daarna zullen we hier opruimen." Ik rende naar boven en greep een licht grijs T-shirt van een hangertje, en een blauw en groen geblokt overhemd voor hem. Toen ik weer beneden kwam was Lois alle medische dingen aan het verzamelen. "Help hem om ze aan te trekken." Met genoegen hielp ik om het T-shirt over z'n verbonden lichaam, en z'n armen in de mouwen van het overhemd te doen. Hij onderging het gedwee, in elkaar krimpend, en lachte opnieuw zwak naar me. "Bedankt, " mompelde hij toen ik onhandig de knopen van het overhemd dicht deed. Lois gaf hem een dampende en geurende mok groene thee, en gaf opdracht om het op te drinken.
Hij vertrok z'n gezicht, maar het was duidelijk aan haar te zien dat 'nee' niet als antwoord werd geaccepteerd, dus nipte hij er voorzichtig van. Ik zat naast hem op de bank, en hij leunde licht tegen me aan terwijl hij dronk. Ik was eigenlijk bezorgd dat Lois naar ons keek en voelde me plotseling niet op m'n gemak, maar ze glimlachte en knikte naar me, dus sloeg ik mijn arm om hem heen, en nadat hij eerst verstrakte, ontspande hij snel en stond toe dat ik hem ondersteunde. Hij dronk snel de thee op. "Nou, Drew, breng Curtis naar je kamer om hem een tijdje te laten rusten, en kom dan weer naar beneden." Ik wilde protesteren en zeggen dat ik bij hem moest blijven. "We moeten beslissen wat we tegen je
moeder zullen zeggen." Ik zag dat ze gelijk had. Met mijn arm om z'n middel hielp ik hem overeind, en z'n arm om m'n schouders slaand, stond hij zichzelf toe dat hij de trap op werd geholpen naar mijn slaapkamer.
Hij ademde zwaar tegen de tijd dat we de bovenverdieping hadden bereikt. Ik sloeg ruw de dekens terug, en liet ons allebei zakken in een zitpositie op de rand van het bed. Ik ging staan en bukte om z'n benen in bed te leggen. Ik trok z'n schoenen uit en legde de dekens over hem heen. "Drew, " fluisterde hij mijn naam. "Wat?" "Het spijt me." Ik kon amper geloven dat hij dat zei. Iemand had hem tot bloedens toe geslagen met een riem, en hij verontschuldigde zich. Wat voor een kut leven heeft deze jongen? "Hou je mond, je hoeft nergens spijt van te hebben." "Ik weet het, maar ik doe het toch. Bedankt." Hij stak z'n hand naar me toe, die ik beet pakte, ging naast hem zitten, leunde voorover, en kuste zijn voorhoofd. "Het minste wat ik kan doen is je niet laten dood gaan op het parkeerterrein." Hij probeerde te lachen, maar stopte na een nieuwe pijnscheut. "Probeer te slapen, ik ben straks weer terug. Oké?"
"Oké." Hij sloot z'n ogen, en z'n hele lichaam ontspande zich in de warmte van m'n bed. Nog geen 24 uur geleden had ik me afgevraagd hoe het zou zijn om hem in m'n bed te hebben. Dit was zo anders dan wat ik wilde. Het deed pijn, en ik merkte dat de tranen langs m'n wangen liepen. Ik hunkerde naar deze arme, dappere jongen, die ik amper kon. Lois wachtte in de zitkamer, waar het net leek of er niets gebeurd was, toen ik terug kwam. Er stond een pot met thee en twee kopjes op tafel, die ze langzaam en weloverwogen vol schonk toen ik binnen kwam. Ik pruilde naar haar, en ze knikte naar me om een stoel te pakken.
"Andrew, dit is niet de eerst keer dat Curtis zo geslagen is. Zijn hele lichaam zit onder de blauwe plekken, sommigen nieuw, anderen vervagend." Ik onderdrukte een huivering. "Maar degene wie dit deed, en ik heb een donkerbruin vermoeden wie dat is, heeft z'n gezicht niet geraakt, of iets gedaan waardoor hij naar het ziekenhuis moest. Ik ben bang voor de jongen. Niemand hoeft zo te leven." "Je denkt dat het z'n vader is?" "Ja, ik durf er al m'n geld op te zetten." "De klootzak, " zei ik met zoveel gevoel als ik kon opbrengen. "Precies mijn gevoelens. Maar de vraag blijft wat we je moeder moeten
vertellen, en of we de autoriteiten moeten informeren." Ze keek peinzend en nipte van haar thee. Haar gezicht was onleesbaar. "Hij zei dat niemand het mocht weten." Ik dacht dat ik zijn standpunt moest verdedigen, maar mijn toon maakte duidelijk dat mijn hart iets anders zei.
"Dat doen ze altijd. De eerste stap om mishandeling te stoppen is, om het slachtoffer te overtuigen om toe te geven dat ze mishandeld worden. Ik ben blij dat je hem hier hebt gebracht, Andrew. Dat was een erg verantwoordelijk iets." Ze kneep in m'n knie. "Niet echt, hij wou alleen naar iets rustigs om zich een tijdje op te houden. Als hij niet was ingestort, waren we naar boven gegaan, en nadat hij een tijdje had gerust was hij weg gegaan." "Om ergens anders in te storten? Prachtig. Hij heeft net zoveel verstand als jij. Ik denk dat we geen keus hebben dan je moeder het hele verhaal te vertellen." "Lois..." begon ik. "Moeder denkt dat Curtis slecht nieuws brengt, ze zal hem er uit zetten. Dat kunnen we hem niet aandoen. Kan hij hier blijven Lois, alsjeblieft?"
Ik pakte haar hand, en smeekte haar hem door mij te laten helpen. "Nee Andrew, je moeder is verstandiger dan jij denkt, geef haar het voordeel van de twijfel. Maar ik denk dat het echte probleem is, dat hij eerder uit zichzelf weggaat, dan dat wij hem eruit zetten. Die jongen is halsstarrig en trots. Het is duidelijk dat hij al een tijdje voor zichzelf zorgt. En als hij deze keer niet zo zwak was geweest, en ik kan alleen maar hopen dat dit de ergst keer tot nu toe was, hij hier in een tel weer weg is. Het tragische is, dat ik denk dat hij naar huis gaat voor meer van dat." "O, God!" Ik kon niet geloven dat hij dat zou doen. Ik wierp een nerveuze blik naar de trap, en toen naar Lois. "Oké, ga naar hem toe, ik bewerk je moeder.” Ik aarzelde een halve seconde, kuste haar wang, en sprong de trap op. "Maar stoor hem niet," riep ze me na.
Boven was Curtis diep in slaap. Hij had een lichte frons, en z'n linkerhand lag op z'n gezicht met het puntje van z'n duim in z'n mond. Ik stond in de deur met ingehouden adem naar hem te kijken. Hij was
absoluut prachtig zoals hij daar lag. Ik liep voorzichtig door de kamer, bang hem wakker te maken. Maar toen een plank luid piepte en hij niet eens bewoog, liep ik vrij normaal verder, en ging aan de andere
kant van het bed zitten. Ik keek meer dan een uur naar hem voordat ik van positie veranderde en naast hem ging liggen. Ik sloeg mijn arm om hem heen en omhelsde hem zachtjes. Hij snoof licht, en z'n lichaam verschoof lichtjes en drukte tegen me aan door de dekens. Hij sliep rustig terwijl ik hem vasthield. Mijn maag deed pijn, en in mijn hoofd zwommen allerlei gedachten aan wat voor vreselijk leven hij moest hebben. Het maakte de problemen die ik met mijn vader had tot een lachertje. Ik kon amper geloven hoe ondankbaar ik was voor wat, vergeleken bij die van arme Curtis, best wel een mooi leven was.
Ik moet toen ingedommeld zijn, want ik werd wakker om iets voor zessen van heftige stemmen van beneden. Voorzichtig stapte ik uit bed, om hem niet wakker te maken, en liep naar beneden waar moeder en oma aan het twisten waren. "Mam." Ze draaide zich om, om me aan te kijken. "Oh Andrew..." "Zeg het niet moeder, alsjeblieft." Ik kon geen verwijten hebben, niet nu. "Andrew, ik ben trots op je." "Je bent wat?" "Trots op je, omdat je zo verstandig was om hem hier te brengen, zodat je oma voor hem kon zorgen. Dat was het beste wat je kon doen." Ik wilde protesteren, net als ik bij Lois had gedaan, dat dat niet mijn bedoeling was geweest, maar achter mijn moeders rug zag ik Lois haar hoofd schudden, seinend om akkoord te gaan met het verhaal ze mijn moeder had verteld. "Ik denk het, " antwoordde ik. "Slaapt hij?" "Ja."
"Oké, we moeten praten over wat we gaan doen. De autoriteiten moeten worden ingelicht. Er moet iets gedaan worden om dit te stoppen." "Nee." Deze keer draaiden we ons allemaal om, en zagen een asgrauwe Curtis langzaam de trap afkomend, zich vastgrijpend aan de leuning. "Wie heeft gezegd dat je uit bed mocht jongeman?" vroeg Lois. "Niet nu, moeder. Andrew, help Curtis in Godsnaam naar de bank, voor hij op de trap in elkaar stort." Ik deed wat me was opgedragen, en voelde zijn lichaam beven toen ik hem door de kamer leidde. Hij mistte de kracht om me te weerstaan, maar ik had het gevoel dat hij weg wilde. Toen hij eenmaal zat pakte moeder een stoel en ging tegenover hem zitten en keek hem recht aan. Hij durfde haar niet aan te kijken.
"Curtis. Kijk me aan Curtis." Hij keek op, maar z'n haar bedekte zijn ogen. Hij leek volkomen ongelukkig. "Wie heeft dit gedaan?" Hij reageerde niet. "Mam," begon ik te protesteren. "Hou je mond Andrew." Ze keek me niet aan, en aan haar stem te horen kon ik beter mijn mond houden. "Waarom gaan je oma en jij niet weg om wat eten voor ons klaar te maken?" Ik wilde hem niet alleen laten, maar ik had geen keus. Hij keek smekend naar me, en ik kon alleen maar hulpeloos mijn schouders ophalen. Ik voelde me net een bange wezel om m'n vriend zo achter te laten, maar echt, wat kon ik doen? Eenmaal in de keuken konden we af en toe iets horen, in ieder geval de vragen van m'n moeder. De antwoorden van Curtis waren meestal fluisterend, dus onmogelijk te verstaan. Ze vroeg hem opnieuw wie het gedaan had.
Ze vroeg hoe vaak het was gebeurd, en hoe lang het al aan de gang was. Of het altijd zo geweest was, of er nog iemand bij betrokken was, wie hij probeerde te beschermen, en waar hij bang voor was. Ze ging maar door, en ik was alleen maar onnodig eten klaar aan het maken. Ik had alleen maar aandacht voor het geluid van m'n moeders stem terwijl ze Curtis ondervroeg. Toen dacht ik dat ik haar hoorde snikken in de kamer, liet de lepel vallen waarmee ik in de jus roerde, en liep naar de deur. Lois greep m'n arm. "Ze weet wat ze doet Andrew, vertrouw haar alsjeblieft." Ik wilde haar wegduwen om naar Curtis te gaan, maar deed het niet. Ik wist dat m'n moeder een goed mens was, en dat ze alles zou doen om hem te helpen.
Eindelijk, na twee uur, kwam m'n moeder in de keuken, en pakte zwijgend een fles cola. "Mam...", begon ik, maar ze legde een vinger op haar lippen. Haar gezicht stond grimmig, en ze verliet de keuken om even later weer terug te keren en de deur achter haar te sluiten. Ze pakte een stoel, liet haar hoofd hangen en gaf een diepe zucht. Lois en ik wachten in stilte. "Moeder, wil je een bed klaar maken in een van de lege kamers?" vroeg ze, Lois aankijkend. Ik wilde de keuken doorlopen om haar te omhelzen, haar ronddraaien, en schreeuwen van vreugde. Lois glimlachte en snotterde. "Dit is tijdelijk, pas op, maar Curtis en ik hebben afgesproken dat hij hier een tijdje blijft. Wat hij heeft meegemaakt is bijna niet te geloven, als ik de striemen niet met m'n eigen ogen had gezien, denk ik niet dat ik hem had geloofd. Hij heeft ons nu nodig, en het zou harteloos van me zijn om hem nu weg te sturen."
"Mam..., " probeerde ik opnieuw, en weer werd me het praten belet. "Hij schaamt zich dood voor wat er is gebeurd. Hij geeft zichzelf de schuld, en hij wil hier niet blijven. Hij heeft een erg onafhankelijke geest, maar hij weet dat hij een tijdje nodig heeft om te herstellen. We hebben afgesproken dat we de autoriteiten niet inlichten, al ben ik daar niet blij mee. Hoe we nu verder moeten, ik zou het niet weten."
"Mam...", probeerde ik voor de derde keer. "Zo meteen, Andrew. Moeder, zou je dat bed nu willen klaarmaken? Ik denkdat hij weer naar boven moet om te gaan liggen. Hij kan daar eten, ik denk dat hij de privacy wel zal waarderen. Lois snotterde opnieuw, en verliet de keuken. Ik was verbaasd over de kracht van m'n moeder. Toen Lois wegging richtte ze zich tot mij.
"Nou Andrew, Curtis wil niet dat je dit weet, maar ik vind van wel. Dit is niet de eerste keer dat z'n vader hem heeft geslagen, maar het is wel de ergste keer. Hij is eruit gegooid met alleen de kleren die hij aan heeft, dus wil hij niet naar hem terug. Het lijkt erop dat de aanleiding voor deze aframmeling was, de onthulling van Curtis tegen z'n vader dat hij homo is. Hij zei dat het niet z'n bedoeling was om het te zeggen, maar het ontglipte hem dat hij iemand had gevonden waarvan hij dacht dat hij daarmee gelukkig kon worden. Hij wilde niet vertellen wie, maar ik denk dat hij iemand beschermd. Als het mogelijk is, moeten we proberen in contact te komen met diegene. Begrijp je?"
Mijn gedachten bevroren. Zou hij mij bedoeld hebben? Na wat hij gisteren had gezegd was ik niet zeker, hoe kon ik ook? Maar als hij een ander bedoelde. Dat was te vreselijk om aan te denken. En toch,
tegelijkertijd hoopte ik dat het zo was. Het maakte niet uit met wie hij was, ik of een ander, zolang als hij maar gelukkig was. Wat maakte het uit, in ieder geval had hij m'n moeder niet over mij verteld, en het begon te dagen dat ik het nieuws over z'n seksualiteit een beetje te ligt opvatte. "Andrew, weet jij het? Is het een leraar of zoiets?" Ik ontdooide, en probeerde me op de vraag te focussen. Ik denk dat m'n moeders conclusie vrij logisch was. "Ik weet het niet, echt niet." En naar waarheid, ik wist het niet. "Oké, ik geloof je", en ze herpakte zichzelf. "Nu, ik denk dat hij het zal waarderen als we allemaal het onderwerp laten rusten. Zo, wat eten we?" Ik heb altijd de manier bewonderd hoe mijn moeder van onderwerp kon veranderen.
Even later kwam Lois terug, die een hevig protesterende Curtis naar bed had gebracht. We aten alle drie in stilte, er leek niets meer te zeggen. Toen we klaar waren vulde moeder een nieuw bord, en gaf mij opdracht het naar Curtis te brengen, en dat ze met Lois wilde praten. Ik was gepikeerd dat ik zo opzij werd gezet, maar ik wilde Curtis ook graag zien, en hem in het bijzonder te bedanken voor het beschermen van mijn geheim. "Klop-klop, " zei ik toen ik bij de kamer kwam. "Ben je aangekleed?" "Kom binnen," riep hij zwakjes, en ik liep de donkere kamer in. Hij zat steunend in bed en droeg mijn T-shirt. Ik kon z'n spijkerbroek over de stoel zien hangen, zette het bord neer, en knipte het bedlampje aan. Ik keek bezorgd naar hem, en hij gaf me een zwakke maar geruststellende glimlach. "Hoi," zei ik. "Hoi." "Heb eten voor je. Heb je honger?"
"Een beetje," antwoordde hij, en ik zette het bord op z'n knieën. Ik draaide me om, om weg te gaan, en hem de privacy te geven die hij nodig had, volgens mijn moeder. "Blijf." Ik aarzelde en keek hem aan . Hij keek klagelijk. "Alsjeblieft?" "Oké." Ik zat aan het eind van het bed, en zag hem ineenkrimpen toen
hij z'n eten probeerde te snijden. Het was zielig om naar te kijken en het deed me zeer. "Hier, laat mij maar." Ik pakte het mes en ging verder met het snijden van het eten voor hem. Hij liet z'n hoofd hangen
toen ik bezig was, en ik had medelijden met hem. Precies wat hij niet wilde. "Bedankt," fluisterde hij, toen ik de vork en het mes teruggaf. Ik streelde z'n andere hand om te laten zien dat het goed was. "Voor alles." Hij keek naar me met een hartbrekende oprechte blik met z'n prachtige groene ogen, en ik moest me omdraaien en mompelde zoiets dat leek op het is oké.
"Bedankt, voor het niet aan m'n moeder vertellen, over mij bedoel ik." Hij snotterde licht. "Het kwam nooit bij me op," antwoordde hij, zonder me aan te kijken. Hij wist nu dat ik wist wat hij aan m'n moeder had verteld, maar deed net of hij het niet wist. Als het dat voor hem makkelijker maakte, zou ik het spelletje meespelen. Ik keek toe terwijl hij in stilte verder at, denkend dat er niets was waar hij over wilde praten op dit moment. Eindelijk, legde hij de vork neer, lang nadat alles koud was geworden, en zaten we elkaar een hele tijd aan te kijken. Ik pakte opnieuw z'n hand, en streelde die zacht. "Wil je alleen zijn?" "Nee," antwoordde hij snel.
Er was een klop op de deur, en Lois kwam binnen zonder op antwoord te wachten. Ze plaatste een dampende mok thee op het nachtkastje, en bukte om het bord te pakken. "Drink dat op Curtis, het helpt om te slapen. En jij, jongeman, ga in ieder geval voor de show naar je eigen kamer. Dan kun je later terug sluipen als je moeder gaat slapen." Ik werd vuurrood, en Curtis' mond viel open. "Onthoud alleen, dat de patiënt gewond is, en geen inspannende dingen mag doen, oké." "Goedenacht, jongens." Ze verliet ons, elkaar met open monden aankijkend, tot ik uiteindelijk in lachen uitbarstte. Hij maakte een
paar naar verstikkende geluiden, die me eerst in paniek brachten, tot ik me realiseerde dat dat geluid het dichtste bij lachen in de buurt kwam in zijn toestand. Plotseling was de sfeer in de kamer veel vrolijker dan eerst. Ik stond op en kuste zijn voorhoofd. "Tot straks, " zei ik bij de deur.
Ik liep naar boven naar mijn kamer, zette muziek op, checkte mijn e-mail, en maakte me klaar voor de nacht. Rond elf uur stak m'n moeder haar hoofd om de hoek, en zei dat ze naar bed ging, bewerende dat ze moe was na zo'n dag als vandaag. Ik wachtte een tijdje, en sloop toen naar beneden naar Curtis’ kamer. Toen ik binnen was, wachtte ik tot m'n ogen aan het donker gewend waren, en was me gewaar van de diepe rustige ademhaling van een jongen die leek te slapen. Het maakte me niet uit, ik wilde alleen bij hem zijn. Dus kroop ik over het bed, en ging naast hem liggen zoals ik eerder had gedaan. Hij bewoog in z'n slaap, en ik merkte zijn veranderende ademhaling. Voorzichtig op z'n rug draaiend knipoogde hij naar me, liet z'n ogen aan het weinige licht wennen, en gniffelde zacht.
"Wat is er met Mr. Fashion gebeurd?" Ik keek naar mezelf, gekleed als ik was in een flodderig T-shirt en een overdreven grote geruite korte broek, had hij gelijk, en ook ik gniffelde. "Dit ben ik echt, graag of niet, " en ik haalde m'n schouders op. "Daar moet ik over nadenken," grapte hij. Zonder erbij na te denken stompte ik zachtjes op z'n schouder. Hij haalde diep adem, en trok zich van me terug. "O kut. Sorry Curtis, ik dacht er niet bij na." "Is oké, ik vroeg er om." "Sorry man, " zei ik opnieuw, maar ik zag aan z'n ogen dat hij oké was. "Hou je mond en hou me vast," fluisterde hij, op z'n zij rollend met z'n rug naar me toe. Zachtjes gleed ik onder de dekens met hem, en sloeg een arm om hem heen. Ondanks z'n kracht, voelde hij vreemd breekbaar, en ik ervoer met een kleine huivering, hoe hij zich blootgaf op dat moment, en hoe hij mij vertrouwde met z'n gehavende lichaam.
Hij liet een diepe zucht ontsnappen, en nestelde zich weer tegen me aan. Ik verschoof onhandig, proberend mijn opwinding te verbergen. Bang dat hij zou denken dat ik een of andere perverseling was, liggend met een stijve, terwijl hij verbonden was. "Is oké, " mompelde hij. "Eigenlijk voel ik me gevleid. Niet dat ik er op dit moment iets mee kan doen." Mijn hart brak op dat moment. Hoe kon hij aan mijn plezier denken op dit moment? Deze mooie tragische jongen met een hart van goud. "Rol je opnieuw op je rug, " fluisterde ik hees in z'n oor. Hij rolde terug, en keek me aan. "Je hoeft niet..." "Jawel, " zei ik zeer nadrukkelijk. "Ik weet wat je je vader hebt verteld, voor..., nou ja, voor." "Weet je dat?" "Ja." En dat zeggende verdween ik helemaal onder de dekens. Op de tast gleed ik bij z'n lichaam naar beneden, en vond naar waar ik op zoek was. Hem zachtjes optillend, trok ik z'n onderbroek naar beneden, z'n
erectie naar me opspringend toen ik dat deed.
"Andrew, " klonk z'n stem van boven de dekens. Ik stak m'n hoofd naar boven, een stukje bij die van hem vandaan, gaf m'n vingers toestemming hem te kriebelen en zachtjes te knijpen, en een zucht te ontlokken. "Andrew, je hoeft dit niet te doen. Ik weet dat je me niet echt wil, en het is oké. Ik vertelde het mijn vader voor mij, niet voor jou. Je wilt Tyler, niet mij." Het was waar. Hij wist het, en ik wist het.
Curtis was mooi, lief, en prachtig, maar hij was niet het beeld dat ik zag als ik mijn ogen dicht deed. Niettemin was hij mijn vriend, en dit was iets wat ik voor hem wilde doen. Om hem te laten zien dat ik veel om hem gaf, al zouden we geen stel worden, wilde ik dat hij dat wist. "Sorry Curtis, echt waar. Je bent een fantastische jongen, en je betekent veel voor me, ook al kennen we elkaar amper." Ik liet hem los, en stak m'n hand uit om z'n wang en zachte haar te strelen. "Jij ook."
"En ik weet dat Tyler een klootzak is, en niet geintresseerd, maar ik kan hem niet uit mijn gedachten zetten. Dat wilde ik je tijdens de lunch vertellen." "Ik weet het. 't Is oké, echt," maar hij keek me niet aan. "Denk je dat je een pijpbeurt van een vriend kunt accepteren?" Hij grinnikte zachtjes, draaide zijn hoofd, en kuste mijn vingertoppen."Ik denk dat ik ermee kan leven. Je hebt me helemaal opgewonden
gemaakt, en m'n armen zijn te pijnlijk om er iets aan te doen." "O, nou dan, het is praktisch therapie." "Zo kun je het ook bekijken." Hij gromde toen ik met m'n hand terugging naar z'n kruis. Dat was de aanmoediging die ik nodig had. Ik gleed weer onder de dekens, en omsloot hem met mijn mond. Z'n lichaam trilde, toen ik hem begon te bewerken met m'n hand en mond. Het duurde niet lang, en
ondanks dat het mijn eerste keer was, denk ik dat het goed was.
Hij klaagde in ieder geval niet. Na een paar minuten, z'n hand in een vuist in m'n haar, liet hij een luide kreun, en spoot in m'n mond. Zonder na te denken slikte ik het door, en het smaakte niet eens slecht. Eigenlijk smaakte het nergens naar. Ik zoog nog even door, ging naar boven, en kuste hem zachtjes op z'n lippen. Z'n ogen waren gesloten, en hij ademde zachtjes. "En ik hoefde je niet eens mee naar de film te nemen," mompelde hij, toen ik ging zitten in de kussens naast hem. Ik kon niet helpen dat ik hard moest lachen, maar stopte meteen uit angst gehoord te worden. "Blijf je slapen?" "Wil je dat?" "Ja, " antwoordde hij simpel. Ik voelde zoveel liefde voor hem, dat ik bijna moest janken. "Oké dan, " en ik kroop tegen hem aan.
Zo lagen we een tijdje, onze ademhaling langzaam synchroon komend, en ik begon weg te zakken. Toen mijn ogen eindelijk dicht vielen, voelde ik hem schudden. En met een stem gevuld met emotie, fluisterde hij iets wat leek op, "Ik hou van je, Drew."


©original text: Ardveche
©Nederlandse vertaling: Lucky Eye, 2018. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de houder van het auteursrecht.

Lucky Eye
Berichten: 104
Geregistreerd: zaterdag 07 februari 2015 15:42
Woonplaats: Zwolle
Ontvangen Bedankjes: 138 keer
Bericht Re: NIEUW IN CALIFORNIË door Lucky Eye » zondag 04 november 2018 07:25

Hoofdstuk 5 - Spanningen

De volgende morgen werd ik wakker door het lichte schudden aan m'n schouder. Gedurende de nacht had ik m'n rug naar Curtis toegedraaid, en hij was het die me probeerde terug te brengen in het land der levenden. Zoals ik al zei, ik ben geen ochtendmens, en hij had meerdere pogingen nodig voordat ik mijn ogen opende en me met een arm over mijn ogen op mijn rug draaide. "Wa?" reageerde ik, eerder gegrom dan een woord. "Tijd om op te staan Drew, of wil je dat je moeder je bij mij in bed vindt?" Zijn stem was zacht en erg dicht bij mijn oor. "Mm." Niet echt een reactie, maar ik wist wat het betekende. "Drew." Hij probeerde serieus te klinken, maar het werkte niet echt, en ik giechelde naar hem. "Mm." "Kom op, laat me je geen pijn doen."
En dit gezegd hebbende, porde hij z'n vingers in m'n ribben, proberend me te laten opschieten. Ik moest grote moeite doen om een kreet te onderdrukken. "Schoft." "Dat ben ik, en nu opstaan en smeer em." Ik draaide m'n gezicht naar hem toe, steunend op een elleboog, net als hij. Hij was nog mooier nu hij net wakker was. Waarom, waarom, waarom, nu ik hem hier zo had, was hij niet degene die ik wilde? Het was zo oneerlijk. Ik kon het niet helpen dat ik zag dat er bloed door het verband was gekomen en het grijze T-shirt had bevlekt. Ik huiverde, en hij had een wrange glimlach. "Curtis..." "Zeg het niet." "Maar..." "Sst," en hij legde een vinger op m'n lippen. "Nu serieus, ga." "Ik wil niet," zei ik een beetje knorrig, ik wilde hier bij hem blijven. "Pech."
"O, oké." Ik hielp mezelf uit bed, en hij hinnikte opnieuw bij de aanblik van mijn outfit. Met een snuif verliet ik de kamer naar die van mij. En geen moment te vroeg. Want terwijl ik de dekens door de war haalde, begon de douche beneden te stromen en wist ik dat mijn moeder er onder stond. Ik gooide mezelf onder de douche en voelde me iets meer mens. Ik begon m'n kleren voor die dag bij elkaar te zoeken. Het duurde ongeveer 30 minuten om me aan te kleden en m'n haar te doen, en opeens was ik tevreden met het effect. Ik draafde de trap af om te zien wat er gebeurde. "Morgen schoonheid," Lois lachte breed naar me toen ik binnen kwam. "Je moeder brengt net ontbijt naar Curtis. Hoe heb je geslapen?" "Heerlijk," beaamde ik.
"En hoe heeft de patiënt geslapen?" vroeg ze argeloos. "Hoe moet ik dat weten," antwoordde ik, wetende dat ze wist dat ik de nacht met hem had door gebracht. "Goed antwoord. Toast?" "Goed. Bedankt. Ik meen het." "Ik ben ook jong geweest, weet je," ze streelde m'n arm, en ging verder met m'n ontbijt. Ik ging zitten, en keek naar de krant zonder er iets van in me op te nemen, terwijl ik me meer wakker voelde dan de meeste ochtenden. "Morgen schat," zei moeder toen ze binnen kwam. "Hoi, hoe is het met Curtis?" Ik ben een bekwaam huichelaar. "Zo goed als verwacht. Een beetje stijf en zo, maar beter dan gisteren. Een goede nachtrust heeft hem goed gedaan. Hij wilde opstaan, maar hij mocht niet van mij." Ze schonk zichzelf een kop thee in, en kwam bij me zitten.
"Ik moet uitzoeken wat ik de school moet vertellen, want hij zal voorlopig niet naar school kunnen." Ze zuchtte. "Ik wou dat hij het me tegen iemand liet zeggen, maar hij zegt dat er niemand anders is dan
z'n vader." "Dus wat gaan we doen?" "Ik weet het niet. Ik heb een erg drukke dag vandaag. Ik kan voor morgen niets doen." "Wat me eraan herinnert," viel Lois in, "ik ook. Dit is m'n vrijwilligersdag, en ik moet zo meteen weg, dus kan ik onze gast vanmorgen niet verplegen. Maar ik ben vanmiddag terug om deze kleren te wassen." Ik keek naar Lois, en toen viel het kwartje, en een brede grijns verscheen op m'n gezicht. "Maar we kunnen hem niet alleen laten," zei ik.
En een gemene gedachte kwam bij me op, maar ik kon die oplossing zelf niet aandragen natuurlijk. "Dus wat doen we?" "Doe niet zo bedeesd Andrew, het staat je niet," berispte moeder me. "Ik ga Lois niet vragen om het af te zeggen, dus blijft me geen andere keus dan om jou vrij te laten nemen vandaag. Tegen beter weten in, wil ik opmerken." "Bedankt mam." "Nee, niet doen. Je weet net zo goed als ik hoe dat zal lijken op een nieuwe school. Ik ben hier niet blij mee." "Ik weet het mam, maar het is niet zo erg. Ik heb de hele middag sport, en voor de lunch studieles, dus eigenlijk mis ik maar twee lesuren." "En gistermiddag?" "Ja oké, dat ook, maar ik kan het opvangen, ik zweer het je." "Ik ben niet overtuigd." M'n moeders lippen zaten stevig op elkaar.
Toen kwam er een gedachte bij me op, Kate. Ik kon haar opbellen, en vragen of ze huiswerk voor me mee wilde brengen van de gemiste lessen. Ik voelde me een beetje lullig om haar opnieuw om een gunst te vragen, maar wat voor keus had ik? Ik wilde m'n moeder laten zien dat ik Meneer Verantwoordelijkheid was deze dagen. Een hervonden karakter. "Nou, ik moet gaan, anders raak ik mijn baantje kwijt, en dan zijn we helemaal nergens. Ik vertrouw je Andrew, gedraag jezelf, en wees behulpzaam voor Curtis, oké?" "Oké, mam, plezierige dag." Ze ging weg, en liet me alleen in huis met
Curtis. Ik keek op de klok, en realiseerde me dat als ik vlug was ik haar nog te pakken kon krijgen voor ze naar school ging.
Dus rende ik naar boven om haar nummer te pakken, en terug naar de zitkamer om haar te bellen. Hij ging naar het leek jaren over. "Hallo?" "Kate?" "Wie is dit?" "Drew." "O hoi, wat was er gisteren met je?"
"Lang verhaal." "Alweer een? Voor iemand die hier nog maar een paar dagen is zit je al tot over je oren in de lange verhalen, Drew." "Ik denk het. Eh, luister, kun je me een dienst bewijzen?" Ze zuchtte hevig door de telefoon, en even dacht ik dat ze zou weigeren. "Het hangt er vanaf, en je drijft nu wel door." "Ik weet het, sorry, echt, maar ik weet niemand anders die ik kan vragen." "Oké, gooi het eruit, en schiet op anders ben ik te laat. Maar ik wil een volledige verklaring na de tijd." "Kun je huiswerk voor me meenemen van gisteren en vandaag? Alleen vandaag ben ik er niet," verklaarde ik haar.
"Je bent er niet? Waarom niet?" Ik aarzelde met antwoorden en ze ging verder. "Laat me raden, het is een lang verhaal. Geef me je adres." Ze klonk gelaten, en ik voelde me schuldig om haar al deze dingen voor me te laten doen, zonder een degelijke verklaring te geven waarom ik haar nodig had. Ik bedankte haar overvloedig en zei dat ik het op een dag goed met haar zou maken. Maar alles wat ik kreeg was een nieuwe zucht en 'ja goed'. Ik hing op, en na een tijdje op mijn nagel te hebben gebeten, ging ik naar boven om bij Curtis te kijken. "Wat ben jij aan het doen?" vroeg ik toen ik binnen kwam, en hem bijna
aangekleed op de rand van het bed vond, proberend de knoopjes van het overhemd dat ik hem geleend had, dicht te doen.
"Opstaan. Waarom ben je niet op school?" "Ik mocht van moeder thuis blijven om op jou te letten." "Ik heb geen zuster nodig." "Onzin. Terug in bed." "Of ik orders van jou aanneem," redelijk punt. "Oké, je kan opstaan, maar je moet rustig aan doen." "Ik moet naar huis..." "Nee, dat kun je niet!" viel ik in, voor hij verder kon gaan. Ik kon hem niet naar huis laten gaan en hem weer onder de handen van z'n vader
laten vallen. Ik moest hem lichamelijk tegenhouden. Dit zou ik niet laten gebeuren. "...om enkele dingen op te halen. Mijn vader is er niet, maak je geen zorgen." Hij eindigde met een licht ophalen van z'n schouders, dat zei dat het hem niet uit maakte of hij er nu wel of niet was. "O, maar je bent nog zwak. Je blijft hier en vertelt maar wat je nodig hebt."
"Dat is lief van je Drew, maar ik denk niet dat het werkt, vriend." "Nou, dan ga ik met je mee." "Niet nodig." "Dat is wel nodig, wat als je weer flauwvalt? Wat dan? Wat als hij er wel is? Nee, ik laat je niet alleen gaan. Ik zou je helemaal niet moeten laten gaan, m'n moeder zal me vermoorden." "Dat, m'n vriend, is jouw probleem." Hij ging onzeker staan en wankelde licht, z'n hand op het nachtkastje leggend om zichzelf te ondersteunen. "Zie je, ik ben oké." Hij lachte zuur, en ik zei niets. Ik keek hem alleen maar aan met de meest strenge blik die ik op kon brengen. "Oké, als je er op staat om te gaan, dan rijd ik," en ik greep z'n autosleutels. "Kom op, voor ik van gedachten verander." Hij redde het de trap af en naar z'n auto toe zonder veel moeite, maar hij ademde hevig en moest een tijdje op de auto leunen voor hij z'n adem terug had.
"Gaat het? Dit is zo stom om te doen." "Geef me de sleutels en blijf hier." "Je bent zo verrekte halsstarrig." "En daarom hou je van me." Ik kon hem niet in z'n ogen kijken. Ik wist dat hij een grapje maakte, maar na wat ik hem over Tyler had verteld, en wat ik dacht dat hij de vorige nacht had gezegd, kon ik het niet. Ik voelde me afschuwelijk, maar gleed in de stoel. Hij wees me de weg terwijl ik reed, maar we hadden nog maar een klein stukje gereden, toen hij vroeg om te stoppen. "He, stop hier wil je? Ik heb sigaretten nodig." Hij wees naar een geriefelijk winkeltje, iets verder weg. Ik reed naar een parkeerplaats en hij zocht in z'n zakken naar geld. "Shit, ik heb m'n geld bij jouw laten liggen." "Ik haal ze wel. Wat voor merk?" "Marlboro rood, bedankt vriend, ik betaal je terug." ""t Is oké."
"Nee, dat is het niet. Ik heb geen liefdadigheid nodig, ik betaal je terug." Hij kon soms zo onuitstaanbaar zijn, maar ik was niet in de stemming om er tegen in te gaan, dus gaf ik toe. "Goed, wacht hier." Ik stapte uit, en stak de weg over naar de winkel. Ik ben denk ik de belichaming van onnozelheid, en jullie hebben het vast allemaal zien aankomen, maar ik was verbluft toen ik terugkwam en zag dat de auto verdwenen was. Dus stond ik daar als een totale idioot aan de kant van de weg met een pakje sigaretten, en ik rook niet eens, vastgeklampt in m'n hand. Wat moest ik doen. Het was duidelijk dat hij niet terug zou komen voor me, dus deed ik het enige wat ik kon doen, en liep terug naar huis in de hoop dat hij daar zou komen opdagen. Ik was bezorgd. Hij was niet fit genoeg om daar alleen heen te gaan, en al
helemaal niet als de mogelijkheid er was dat z'n vader er kon zijn.
Mijn moeder zou me hierom vermoorden. Hoe kon hij me dit aandoen. Ik liep al trappend tegen dingen terug naar huis, en ondertussen vervloekte ik hem en mijn eigen stommiteit. Het was bijna 10 uur toen ik terug was bij huis, maar er stond geen auto op de oprit, en het huis was leeg. Als ik wist waar hij woonde, kon ik misschien iets doen, maar hij had het me nooit verteld. Ik ijsbeerde en vrat mezelf op, en dacht eraan om m'n moeder of Lois te bellen. Ik werd steeds ongeruster, en de tijd kroop voorbij. Ik probeerde een boek te lezen, maar de woorden drongen niet tot me door, dus ging ik naar de keuken om koffie te zetten, en keek naar de klok terwijl ik wachtte tot het klaar was. Bijna 11 uur en nog steeds niks. Toen hoorde ik het geluid van banden op de oprit, en m'n hart sloeg over. Goddank. Ik sprong naar de voorkant van het huis maar stopte meteen.
Het was niet Curtis' rode Ford die was gestopt, maar een blauwe BMW, en achter het stuur zat Tyler Ellis, met Kate naast hem. Ze stapten allebei uit en keken me aan. Ik was verbijsterd, en stond met m'n mond
wijd open op de stoep. "Je ziet er niet echt ziek uit vriend," zei Tyler, me van top tot teen bekijkend. "Dus wat is er aan de hand?" "Wat doe je hier?" Vriendelijk he? "Kate was bezorgd om je en vroeg of ik haar hier naartoe wilde rijden. En nu ben ik ook bezorgd om je, je ziet eruit als een wrak." Tyler was
bezorgd om mij? Ik weet dat dit me een slecht persoon maakt, maar voor een moment vergat ik hoe angstig ik was dat er iets met Curtis was gebeurd. Toen kwam ik terug in de werkelijkheid. "Kate, weet jij waar Curtis woont?" "Curtis wie?" vroeg Tyler. "Reid," zeiden Kate en ik tegelijk "De schone slaper? Waarom wil je weten waar die loser woont?" "Hou je kop Tyler," snauwde Kate.
"Hij is geen loser," zei ik gelijktijdig. Tyler keek van de een naar de ander met een gezicht vol vraagtekens. "Kan iemand mij vertellen wat er aan de hand is?" "Ergens aan de andere kant van de stad. Wilmott denk ik," pijnigde Kate haar hersens. "Shit, maar ik weet het niet zeker, ik ken niemand anders
die het wel weet." "Oké, ik weet nog steeds niets," zei Tyler. "We moeten er naartoe. NU," zei ik, hem compleet negerend en Kate met smekende ogen aan kijkend. Ze knikte beslist en draaide zich om naar
Tyler. "We gaan." "Echt niet. Je wilt misschien meegaan op deze ganzenjacht, maar ik wil eerst weten waarom we gaan, voordat ik ergens naartoe ga, en het is mijn auto." Ik wist dat ik hem een soort verklaring schuldig was, hem en Kate, dus knikte ik. "Dat vertel ik je onderweg wel, en kijk uit naar z'n auto, een rode Ford."
"Goed, stap in." Hij was er niet blij mee, maar iets in mijn stem moet hem overtuigd hebben dat ik niet als een kip zonder kop praatte. We stapten in, en reden in dezelfde richting als Curtis had gedaan. "Oké,
we rijden, vertel." "Oké, Jeez, als hij wist dat ik je dit vertelde is hij des duivels. Maar kijk, Curtis’ vader heeft hem gisteren in elkaar geslagen, oké. Hij is me ontglipt, en is daar naartoe gegaan, en hij kan bijna niet staan." "Waarom was hij eigenlijk bij jou?" "Ik zag hem tijdens de lunch, en hij zakte in elkaar, en mijn oma heeft hem verzorgd. Hij was bont en blauw. Ze was vroeger verpleegster." Ik denk dat dit dicht genoeg bij de waarheid zat zonder teveel te vertellen. "O God," mompelde Kate van de achterbank. "De arme jongen." "Ja," bevestigde Tyler. Maar hij klonk minder bezorgd dan Kate. Goed genoeg dacht ik, hij wist amper wie Curtis was. "Dus je hebt vrij genomen om voor hem te zorgen, huh?" Hij reed een straat in met vrij kleine, haveloos uitziende huizen.
"Nou, hij heeft geen andere familie, en m'n moeder moest werken." Op dat moment maakte het me niet uit wat Tyler er van dacht. "Dat was goed van je." Dat was niet het antwoord wat ik verwachtte, maar
het leven zit vol met verrassingen. "Dit is de straat. Is dat de auto?" Hij wees naar een rode auto die aan de andere kant van de straat geparkeerd stond. "Ja. Dat is hem. Goddank." We stopten, en ik sprong uit de auto en stak de straat over. Ik keek niet eens of de andere twee me wel volgden of niet. Ik wilde alleen Curtis vinden, en zeker weten dat hij in orde was. Ik rende naar de deur en bonsde er een paar keer op. Er kwam geen geluid van binnen. "Curtis," schreeuwde ik tegen het hout. "Curtis, ben je daar?" De deur werd opengegooid door een lange dikke man, met een donkere blik in z'n ogen. Ik deinsde terug.
"Wie ben jij, verdomme?" "Ik ben Curtis' vriend, waar is hij?" Ik was niet in de stemming om vriendelijk te zijn. Dit was de schoft die mijn vriend had geslagen met een riem. Geslagen tot hij niet meer kon staan. "Flauwekul. Die kleine flikker heeft geen vrienden." Hij was denk ik 30 of 35 kilo zwaarder dan mij, maar ik was zo kwaad, dat ik niet normaal kon denken. Ik probeerde bij hem langs het huis binnen te gaan, maar hij duwde me gemakkelijk terug, en ik viel op m'n rug. "Dus jij bent de neuker?" Hij deed een stap uit huis, vuisten gebald, en ik zag als in een vertraging, dat hij mij ook in elkaar zou slaan,
omdat ik degene was waar zijn zoon over gepraat had de vorige avond. "Ophouden!" klonk een stem achter me. Een zelfverzekerde stem. Eén die gewend was om mensen te vertellen wat ze moesten doen, en het ze te laten doen. "Neem iemand van je eigen lengte, klootzak." Tyler! Tyler kwam me redden. Curtis vader keek naar Tyler om hem te vervloeken.
"Sodemieter op jongen." "O, je bent zo stoer als iemand niet terug kan vechten. Toch? Nou, kom
op, sla me maar. Ik smeek je. Geef me een excuus." Tyler was net zo lang als hij, maar minder stevig. Hij had solide spieren, en deze man had een paar extra kilo’s. "Jongen, ik breek je verdomde nek!" "Ja, misschien moet je eerst je riem pakken voor we beginnen, huh? Dat is meer jouw stijl." Ik was verbaasd hoe zeker z'n stem klonk. Ik ging staan met een kreun. "Godver, stelletje flikkers, sodemieter op hier," en hij sloeg naar Tyler, die dook en hem met gemak ontweek. "Grote vergissing. Grote verdomde vergissing." Hij sprong vooruit en plaatste een half dozijn klappen, voordat de oudere man de kans had om te reageren.
Hij viel op z'n knieën en terwijl hij naar adem hapte liep er bloed uit z'n gebrokén neus. "Haal Curtis," schreeuwde Tyler naar me terwijl hij terug sprong, zonder z'n ogen van Reid af te wenden, die kwader was dan ooit. Ik aarzelde een moment en rende toen het huis binnen, gevolgd door Kate die achter Tyler had gestaan totdat de eerste klap viel. Ik hoorde een schreeuw van buiten, en ik was doodsbang dat de man Tyler pijn zou doen, en dan achter ons aan zou komen. Waar was Curtis verdomme? "Curtis," riep ik z'n naam opnieuw. "Curtis!" riep ook Kate, de andere kant oplopend. "Shit Drew! Hier, in de keuken, snel." Ik rende door de hal naar de keuken, waar ze neergeknield zat bij een uitgestrekte Curtis. Mijn hart sloeg over. Toen kreunde hij en probeerde te bewegen. Zijn gezicht zat onder het bloed, en z'n ene oog was blauw. We waren te laat. Nu was ik des duivels en had een rode waas voor m'n ogen.
"Help hem overeind." En zonder te wachten of ze dat deed, rende ik weer naar buiten. Reid leunde tegen het huis, en terwijl hij z'n buik vasthield, stroomde er nog steeds bloed uit z'n neus. Toen ik naar buiten kwam spuwde hij een mond vol bloed tegen het glas. "Neem hem maar mee. Naar de hel met hem." Z'n stem klonk een beetje onzeker, en hij zag er beroerd uit, maar ik voelde totaal geen sympathie voor z'n welzijn. "Schoft!" en ik viel hem aan, sloeg op z'n lichaam, en stootte mijn knie in z'n maag. Hij zakte makkelijk ineen, en toen sloeg ik op z'n lichaam en hoofd. Ik vocht als een idioot tot Tyler me van achteren vastpakte en me van hem aftrok. "Laat me los, klootzak, laat me los," schreeuwde ik naar hem, en worstelde om los te komen, maar hij liet me niet gaan.
"Drew. Drew! In Godsnaam, rustig man. Hij staat niet snel op. Rustig aan, je hebt hem goed geraakt." Z'n grip verslapte iets toen Curtis naar buiten kwam, mank lopend en hevig leunend op Kate. "O kut." Tyler’s stem klonk verslagen, en ik draaide me om, om z'n gezicht vol afgrijzen te bekijken. Hij liet me los om Kate te helpen, en half lopend en half dragend liepen ze over het pad. "Drew!" bracht hij me terug in de werkelijkheid, "autodeur, vriend, nu." Ik liep naar de auto, maar stopte door een schorre Curtis. "Doos. Op het bed." "Vergeet het," instrueerde Tyler, en ik denk dat het de eerste keer was dat hij vierkant werd tegen gesprokén. "Nee, daar kwam ik voor," en Curtis probeerde los te komen. "Shit. Drew, pak die doos, vlug." En in tegenstelling tot Curtis, deed ik meteen wat me werd opgedragen, en rende het huis weer in, langs de kreunende vader.
Ik vond de doos snel, staand op een bed in een groezelige kamer aan de achterkant van het huis, pakte hem en draafde terug naar de auto. Curtis zat al op de achterbank van Tyler’s auto. "Neem Curtis' auto," zei Tyler. "Is hij in orde?" vroeg Kate, en ik realiseerde me dat ze Curtis' vader bedoelde. "Wat kan jou dat schelen," antwoordde ik, en opende de deur van de andere auto. "Hij is oké, niet meer dan hij verdient. Laten we gaan voordat iemand de politie belt." Tyler was verstandiger dan een van ons. Een goed iemand om in een crisis bij je te hebben. Toen viel me op dat hij niet ongeschonden uit de strijd was gekomen. Reid had hem tenminste een klap gegeven, en m'n maag keerde om bij de gedachte waar ik hen bij betrokken had.
Ik stapte in de auto en greep het stuur. Ik zat een paar seconden hevig te ademen, en was toen kalm genoeg om te rijden, en volgde Tyler. Ik lette niet op waar hij naartoe reed, en was verrast toen hij bij mijn huis stopte. We stopten allebei op de oprit, en ik stapte uit om hem te helpen om Curtis naar binnen te brengen. "Hij heeft een dokter nodig," stelde Tyler vast. "Nee," kreunde Curtis. "Maar hij is er verdomde stom over. Waar is je telefoon?" "Daar," wees ik. Maar mijn aandacht was de meeste tijd bij Curtis, die opnieuw was neergezakt op de bank. Kate depte het bloed van z'n gezicht met een zakdoek. Tyler liep met grote stappen naar de telefoon en draaide vlug een nummer, en toen was er een pauze.
"He Joyce, is m'n vader daar?"
Zijn vader? Waarom wilde hij z’n vader erbij betrekken? "Bedankt." Hij wachtte opnieuw, en ik wilde net vragen wat er aan de hand was, maar hij hief z'n hand op en gebaarde dat ik stil moest zijn. Ik luisterde zwijgend naar zijn deel van de conversatie. "Hoi pap. Nee, met mij is het goed. Ik heb een probleem, hoewel. Ja. Ja. Erg slecht. Ja. Wil je dat? Nee. Nee! Ja, 26?" Hij keek naar mij voor een bevestiging en ik knikte. "Ja, Chestnut 26. Oké, 20 minuten? Ja. Dag." Hij legde de hoorn neer, en keek ons aan. "Mijn vader komt eraan." "Tylers vader is dokter," legde Kate uit, opkijkend vanuit haar geknielde houding bij Curtis' hoofd. Hij ademde diep, en leek nauwelijks bij bewustzijn. Zijn ogen waren open en hij keek naar Tyler, maar z'n blik leek niets te zien.
Nu Kate z'n gezicht een beetje had schoongemaakt, kon ik zien dat al het bloed op z'n gezicht uit een snee boven z'n blauwe oog kwam. Op het eerst gezicht leek hij er niet minder erg aan toe dan gisteren, maar in zijn zwakke conditie zag hij er afschuwelijk uit. Ik wilde wedden, dat de klap op z'n gezicht degene was die hem geveld had en dat z'n vader hem daarna nog een paar stompen had gegeven om zeker van z'n zaak te zijn. "Ik wou dat ik je die klootzak had laten vermoorden." Tyler legde zijn hand op m'n schouder. Ik keek hem een moment aan en toen, ik wist niet wat er gebeurde, stortte ik in. "O God, het is allemaal mijn schuld!" jankte ik en de tranen begonnen langs m'n wangen te lopen. "Waarom ben ik ook zo stom?" Tyler keek verbijsterd, maar hij kneep in m'n rechter schouder en legde z'n andere hand op m'n linker arm. "Nee, dat is het niet. Je hoeft jezelf niet de schuld te geven."
"Jawel, ik had hem nooit moeten laten gaan. Het is allemaal mijn schuld." Wanhopig wilde ik dat hij me vasthield en me troostte. Toen voelde ik een golf van schuld, hoe zelfzuchtig die gedachte was terwijl
Curtis daar in zo'n vreselijke conditie lag. En ik kon alleen maar denken aan m'n eigen pijn, en hoe Tyler die weg kon laten gaan. "Nee," sprak Curtis snel, proberend z'n hoofd op te lichten en ons aan te kijken. "Niet bewegen," zei Kate, hem terugduwend op de bank. "En jij stopt hier onmiddellijk mee, je helpt niemand met deze voorstelling. En Curtis al helemaal niet." Ze klonk precies als m'n moeder toen ze dat
zei, en ik probeerde mezelf onder controle te krijgen. Tyler glimlachte naar me en kneep opnieuw in m'n arm, liet toen los, liep naar de bank en knielde naast Kate neer.
"Curtis, hoeveel vingers houd ik omhoog?" Hij hield drie vingers voor de achteroverliggende jongen z'n ogen. "Drie." Z'n stem klonk zwak. "Goed gedaan vriend. Blijf bij me, ga niet slapen. Mijn vader kan hier
elk moment zijn, oké? Hoor je me?" "Ja." Het was pijnlijk om naar hem te luisteren. Het maakte niet uit wat hij zei, het was mijn schuld. Ik moest voor hem zorgen. Tyler knipte een paar keer met z'n vingers voor z'n gezicht. "Blijf bij me," zei hij een paar keer, en vroeg Curtis een paar gewone vragen, zoals wat z'n naam was, waar hij was, alleen om hem wakker te houden en om hem te laten praten. Eindelijk hoorden we een klop op de deur en Tyler stond snel op om open te doen. Ik voelde me totaal zinloos, hier zo maar te staan. Hij kwam terug met een oudere uitvoering van hemzelf in een blauw pak. Een lange man met grijzend haar, maar onmiskenbaar Tyler’s vader. Dezelfde regelmatige trekken, en
dezelfde koele blauwe ogen.
Hij was heel zakelijk toen hij bij Curtis neerknielde en z'n tas op de grond zette. "Wat is z'n naam?" "Curtis," zeiden we alle vier, maar eentje iets zachter dan de anderen. "Curtis, ik ben Dr. Ellis en ik wil dat je je concentreert op mijn stem. Kun je dat voor me doen?" Zijn stem was zacht, maar autoritair en ik kon zien waar Tyler bepaalde karaktertrekken van had. "Ja." Z'n stem had iets aan kracht gewonnen, maar was nog steeds zacht en trillend. "Oké, kan iemand van jullie me vertellen wat er vandaag gebeurd is? Tyler, help me om z'n overhemd uit te trekken." Het overhemd van Curtis uittrekken leek hier een gewoonte te worden. Ik denk dat het voor mij gold om de dokter achtergrondinformatie te bezorgen. "Um." "Jij bent?" "Um, Andrew Quinn meneer." "Oké, begin maar Andrew."
"Um, gisteren stortte hij in tijdens de lunch, en heb ik hem hier gebracht, omdat m'n oma verpleegster is geweest, en zij heeft naar hem gekeken. Z'n vader had hem toegetakeld, geslagen en daar een riem bij
gebruikt. We hebben de wonden verbonden en zij dacht dat het met de rest wel in orde zou komen. Hij zag er vanmorgen een stuk beter uit, maar hij was nog steeds zwak." "Ga verder." "Maar vandaag stond hij er op om naar huis te gaan om wat spullen op te halen en ik denk dat z'n vader hem daar getroffen heeft, en hem opnieuw geslagen heeft." Mijn stem brak aan het eind van die zin, en ik moest stoppen met praten. "Bedankt. Curtis? Wat is er vandaag gebeurd?" Curtis gaf geen antwoord, dus stelde hij de vraag opnieuw, uitleggend dat hij hem niet kon helpen als hij niet wilde vertellen wat er vandaag was gebeurd.
"Stompte me," mompelde Curtis uiteindelijk. "En sloeg nog meer." Hij sloot z'n ogen, en probeerde z'n hoofd weg te draaien van de kamer naar de rugleuning van de bank, en ik kon zien dat er tranen langs z'n gezicht liepen. Tyler en de dokter hadden zijn bovenlichaam ontbloot. Hij was zo slap als een lappenpop, en ik hoorde Kate en Tyler hun adem inhouden toen ze zagen hoe hij eruit zag. "Doe je ogen open." De dokter had een van die medische lantaarntjes gepakt, hield een van Curtis' oogleden omhoog, en scheen ermee in de groene diepte. "Je hebt een lichte hersenschudding jongeman, maar daar ben je zo van genezen. Je lichamelijke verwondingen baren me meer zorgen." Hij ging verder met het verband weg te knippen dat Lois had aangebracht, en onderwierp het bovenlichaam aan een snel onderzoek. "Willen jullie allemaal de kamer verlaten, ik denk dat Curtis een beetje privacy wil, voor ik hem verder ga onderzoeken."
We liepen gehoorzaam naar de keuken om te wachten. "He Drew, heb je een verbanddoos?" vroeg Tyler toen we gingen zitten, en voelde voorzichtig aan de snee in z'n wang. "Die vent heeft me geraakt met z'n ring." Voor het eerst had ik aandacht voor hoe Tyler eruit zag. Z'n haar zat door de war, en het zakje van z'n overhemd hing los. Het enige lichamelijke was de snee. Ik verwonderde me erover hoe dapper hij
was geweest in het trotseren van Curtis' vader, en het redden van mij van hetzelfde pak slaag als wat Curtis had gehad. Hoewel ik het graag gekregen had als ik Curtis daarmee een nieuw pak slaag had bespaard. "Um, jazeker." Ik pakte de verbanddoos uit het medicijnkastje en gaf het aan hem. "Tyler, bedankt voor vandaag. Hartstikke bedankt. En jij ook bedankt Kate. Ik ben jullie beiden iets schuldig."
"Maak je er geen zorgen over Drew, als ik geweten had hoe erg het was, was ik niet zo'n trut geweest vanmorgen," zei Kate.
Ik kon niet geloven dat ze zich verontschuldigde tegenover mij, na alle problemen die ik haar bezorgd had. "Jij weet hoe je een eerste indruk moet maken Drew." Tyler schudde z'n hoofd naar me, en glimlachte toen hij voorzichtig de pleister aanbracht. "Dit maakt dat ik je voorlopig niet vergeet." "God, ik vind het zo erg Tyler. Het was niet mijn bedoeling dat dit zou gebeuren, echt niet." "Geen probleem. Hij heeft meer nodig dan verband." Hij lachte breed. "Je was een beest daar, wat gebeurde er?" "Ik weet het niet. Ik zag rood. Ik dacht niet na, en wilde hem alleen maar pijn doen." "Missie voltooid. Herinner me eraan je nooit kwaad te maken." "Doe ik...ik bedoel, ik heb me nog nooit zo gedragen. Ik haat geweld." Ik voelde de tranen opnieuw komen en vocht er tegen. Ik wilde niet weer gaan huilen waar hij bij was, dat zou afschuwelijk zijn.
"Ik weet het, mak als een lammetje. Dat bleek, killer. Doe rustig, oké?" En hij legde z'n hand op m'n arm toen hij dat zei, en m'n hele lichaam trilde door die aanraking. "Willen jullie iets drinken of zoiets?" "Is dat niet mijn taak, als gastheer?" Er begon een verschrikkelijke hoofdpijn op te komen, en m'n handen trilden. "Ja, maar je trilt als een blad Drew. Laat de vrouw het doen, zorg voor deze brave jongens." Kate stond op, en liep naar de koffiepot. Ze zette koffie, en we dronken het in stilte op toen Dr. Ellis uit de kamer kwam. "Wil je mij ook een kop inschenken Kate?" Hij pakte Tyler bij z'n kin, en draaide z'n hoofd heen en weer om hem in het licht te bekijken. Waarom kon ik dat niet doen? Tevreden dat z'n zoon oké was, zette hij z'n tas neer, en pakte een stoel.
"Ik heb Curtis een kalmeringsmiddel gegeven, hij slaapt nu. Ik heb hem toegedekt met dat kleed dat er lag. Ik hoop dat dat goed is?" zei hij tegen mij, refererend aan Lois naaiwerk. "Ja, dat is goed. Bedankt voor alles, Dr. Ellis. Het was hartstikke goed van U om meteen te komen. "Dat zul je niet zeggen als je mijn rekening hebt gezien." "Rekening?" De dokter en Tyler barsten allebei in lachen uit, toen ze de
uitdrukking op m'n gezicht zagen. "Nu Andrew. Curtis weigerde me hem te laten opnemen ter observatie, maar ik wil hem over een paar dagen laten testen om er zeker van te zijn dat er geen permanente schade is.
En ik wil dat er naar die ribben word gekeken. Ik denk wel dat ze vanzelf genezen als hij rustig aan doet, maar ik denk toch dat er naar gekeken moet worden. Hij is vreselijk toegetakeld, maar het zijn over het algemeen blauwe plekken, en het is pijnlijk, maar het zal snel genoeg genezen. Hij moet in de gaten worden gehouden en voorzichtig behandeld. Ik denk dat de emotionele schade erger is, veel erger. Hij geeft zichzelf de schuld van wat er is gebeurd. Kan hij hier zolang blijven?" "Hoe kan hij zichzelf de schuld geven," zei Tyler voor ik m'n mond kon open doen. "Mensen in zo'n situatie doen dat vaak Tyler. Nu Andrew, kan hij hier blijven?" "Ja, m'n moeder en oma vonden het goed dat hij bleef. Mijn oma is
verpleegster." "Dat had je gezegd. Ze heeft goed werk verricht gisteren."
"Wat doen we met z'n vader?" vroeg Tyler. "Dat ligt aan Curtis. Hij is 18, dus is hij eigen baas. Persoonlijk zou ik hem aanklagen voor mishandeling, maar hij weigerde gladweg, en ik kan hem niet dwingen." "Ik wist niet dat Curtis al 18 was." Ik was verbaasd, ik dacht dat hij net zo oud was als ons. "Hij is blijven zitten," antwoordde, de houder van alle informatie van iedereen op McKinley High, Kate.
"Oh." "En voor jullie drieën, ik zou kwaad moeten zijn voor het doen van zoiets stoms, maar gezien de staat waarin deze arme jongen verkeert, hadden jullie geen keus. Andrew, Curtis heeft een goede vriend aan jou, en dat is wat hij nu meer nodig heeft dan iets anders, steun, begrepen?" "Ja meneer."
"Tyler je weet dat ik geen geweld behandel, dus die snee, komt naar mag ik aannemen omdat je gestruikeld bent en ik wil dat je er niets meer over zegt. Oké?" Tyler knikte en grijnsde naar z'n vader. "Ik neem aan dat waar je over gestruikeld bent er erger aan toe is?" "Dat is het." Dr.Ellis knikte, en toen was het onderwerp gesloten, en was hij weer zakelijk. "Goed. Dan ga ik nu terug naar mijn praktijk en m'n betalende klanten. Tyler jij blijft bij Andrew en Curtis. Andrew, je ziet er afgepeigerd uit. Neem een kop hete thee en een paar aspirientjes, en ga liggen in Godsnaam. Kate ik geef je een lift naar school. Geen tegenstribbelingen van een van jullie." Hij pakte z'n tas en liep de keuken uit. Kate haalde haar schouders op, en volgde hem.
"Je huiswerk ligt in Tyler’s auto Drew," riep ze toen de deur achter hen sloot. Ik keek in stilte naar ze toen ze wegliepen, en plotseling voelde ik me niet op m'n gemak, keek naar m'n mok, niet bij machte
Tyler aan te kijken. "Eindelijk alleen," zei hij gniffelend. Ik keek verschrikt op en zag z'n oogverblindende grijns en z'n ogen glinsterden van plezier. "Gevoelige snaar geraakt, huh?" "Um." "Geen paniek vriend. Ik ben niet doof en, in tegenstelling tot wat iedereen denkt, niet dom. Ik hoorde wat die vent zei, en ik zag hoe je reageerde, en hoe bezorgd je om hem was." Ik wist niet wat ik daarop moest zeggen en kon het niet ontkennen. "Tyler..." "Het maakt mij niet uit Drew. Ik zag vandaag een persoon die een betere
vriend is dan ik ooit zal zijn. De rest maakt niet uit."


©original text: Ardveche
©Nederlandse vertaling: Lucky Eye, 2018. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de houder van het auteursrecht.

Lucky Eye
Berichten: 104
Geregistreerd: zaterdag 07 februari 2015 15:42
Woonplaats: Zwolle
Ontvangen Bedankjes: 138 keer
Bericht Re: NIEUW IN CALIFORNIË door Lucky Eye » zondag 04 november 2018 07:26

Hoofdstuk 6 - Biechten

"Maakt het je echt niet uit?" Ik begreep dat het geen enkele zin had om een heteroseksuele verweer hoog te houden. Mijn hetero verpakking was geheel en al weggeblazen sinds we hier waren komen wonen en ik wist niets anders te doen dan eerlijk te zijn en de consequenties voor lief te nemen. "Nee. Het maakt me niets uit." Zijn prachtige gezicht straalde oprechtheid uit en ik was er geheel door overdonderd. "Je bent wat je bent, kerel, het is niet jouw fout dat je door bepaalde dingen anders bent geworden dan anderen. Het zou niet eerlijk zijn je dat zelf te verwijten." Hij haalde zijn schouders op. Het was wel niet de meest elegante samenvatting van de sociale druk die een homoseksuele teenager voelt maar tegelijkertijd gevoelig en verrassend. Erg gevoelig, misschien was hij wel niet zo dom als Kate gezegd had en zo ongevoelig als Curtis had gezegd. Misschien deed ik er beter aan om hem zelf te
beoordelen gebaseerd op eigen observatie en ervaringen uit de eerste hand, zo te zeggen! Bovendien, misschien had ik die ervaring al opgedaan.
"En je haat me niet?" "Jou haten? Na vandaag, Drew, ik heb meer respect voor jou dan voor iemand anders die ik ken. Natuurlijk haat ik je niet. Kom op, laten we Curtis' spullen naar binnen brengen, oké?" Het was duidelijk dat de conversatie over was, Tyler had gezegd wat hij wilde en beschouwde het onderwerp als gesloten. Ik kon daar goed mee leven; hij was tenminste niet weggelopen. Terwijl hij opstond klapte hij me op mijn schouder, een gemoedelijk, vriendelijk gebaar, maar duidelijk berekenend om te laten zien dat er niets was veranderd. Maar wat zou er ook veranderd moeten zijn. We kenden elkaar nog maar een paar dagen. Ach, er was nog steeds tijd. Misschien. "Oké," Ik probeerde een brave glimlach op mijn gezicht te toveren maar het was waarschijnlijk een grimas en liep hem achterna. Ik kon er niets aan doen maar bewonderde de manier waarop hij liep, terwijl ik hem volgde naar de auto en de manier waarop zijn kleren om hem hingen.
Zo perfect! Of de manier waarop zijn haren wapperden in de zachte bries. En hoe het zonlicht werd opgevangen in het glas van zijn horloge terwijl hij zijn armen heen en weer zwaaide. Of eigenlijk alles, alles aan hem. Ik weet wat je denkt. Echt, maar ik kon er gewoon niets aan doen. Er was iets dat me zo vreselijk naar hem deed verlangen. Hij leek zo zeker van zichzelf op elk moment. Niet op een haantjesachtige manier. Maar gewoon relaxed, weet je? Alsof hij geen enkele zorg had. "Heb jij de sleutels?" Ik werd ruw gewekt uit mijn overpeinzingen en mijn stille beschouwing van zijn rug. En misschien ietsjes lager dan zijn rug (hallo, ik ben ook maar menselijk). Ik klopte op mijn broekzak, maar kwam bij inspectie van de inhoud geen sleutels tegen. "Ik heb ze waarschijnlijk in de auto gelaten," en trok een gezicht met half onnozelheid half sorry erop.
"Gelukkig is dit een rustige buurt, vriend. Ik denk niet dat hij blij zou zijn als je zijn auto had laten stelen?" Hij lachte en trok de deur open, leunde voorover en haalde de sleutels uit de ontsteking mij een
eerste klas nieuwe blik gunnend op iets lager dan zijn rug. "Hier," hij gooide te sleutels naar me toe. "Als jij de kofferbak controleert, neem ik deze doos mee." Hij opende de achterdeur en leunde naar binnen voor de doos terwijl ik daar stond met de sleutels. Ik aarzelde maar een klein ogenblikje bang om betrapt te worden en opende toen de kofferbak van Curtis' auto. Het was duidelijk dat hij geen koffer had kunnen vinden. Een lading kleren lag slordig op een hoop tezamen met wat andere spullen. Hij had echt grote haast gehad. Een object trok mijn aandacht meer dan al het andere en toen Tyler terugkwam stond ik ermee in mijn handen.
"Wat heb je gevonden?" zei hij terwijl hij achter me kwam staan. Zonder iets te zeggen draaide ik me om en liet hem het verfomfaaide en versleten object zien dat ik uit de auto had gepakt. "Een beertje?" "Yeah." Mijn stem was zwak. Ik vond het vreemd dat Curtis er aan gedacht had om juist zoiets mee te nemen. Zoiets als deze oude, versleten beer. Dat hij een nieuwe aframmeling door zijn vader had getrotseerd vanwege een teddybeer met één oog en een arm die er half bijhing. "Ja dat was het, eens." "Nou. Aan de kant, laten we dit naar binnen brengen." Hij sloeg zijn armen om een stapel kleren heen en liep terug naar het huis mij daar achterlatend zoals hij mij had aangetroffen. Omdat ik me schuldig voelde dat hij al het werk deed, pakte ik ook wat spullen en legde deze op een shirt, met zijn naam erop, en gebruikte dit als een knapzak. Er was verrassend weinig eigenlijk. Een paar beduimelde boeken en
misschien 12 Cd's.
Het herinnerde mij eraan dat ik zo geklaagd had hoe weinig spullen wij meegenomen hadden hier naar toe en meteen voelde ik me verrekte egoïstisch toen ik de vergelijking trok met wat Curtis had. Tyler voegde zich weer bij me en pakte de laatste spullen op. Hij sloeg de kofferbak dicht en in stilte liepen we naar het huis. In de keuken had hij de eerste lading kleren al gesorteerd, waarbij hij twee jassen apart had gelegd en de rest doorverwezen had naar het washok. De doos stond bij een paar boeken en ik ontlaadde mijn bundeltje ernaast waarna ik Tyler het shirt aanreikte. Terwijl ik toekeek, moest ik toegeven dat hij erg efficiënt en capabel was. Hij leegde de zakken van de jassen en haalde een oude tinnen tabaksdoos tevoorschijn. Hij legde het bij de ander spullen neer. "Nou, dat is zo'n beetje alles," zei hij en ging tegenover me zitten.
"Wat zit daarin?" vroeg ik terwijl ik knikte naar de tabaksdoos. "Zou het niet weten, maar kan het wel raden." "Wat?" Ik was verward en terwijl hij mij schuin aankeek viel langzaam het muntje. "Oh." "Misschien is het beter dat je het even opbergt op een plek waar je moeder het niet zal vinden." "Misschien is het dat wel niet." Ik pakte het blikje en controleerde de inhoud om zeker te zijn. En wat denk je, het was precies wat we beiden gedacht hadden: marihuana. Een aantal gerolde stickies. Tyler had gelijk. Mijn moeder zou uit haar dak gaan als ze dit zag. ""Zullen we die doos ook even controleren voor het geval dat?" vroeg ik. Eigenlijk was ik een beetje teleurgesteld in Curtis en bang dat we nog vreselijker dingen zouden vinden. Je moet weten dat ik het helemaal niet op drugs heb.
Ik heb het ooit eens geprobeerd (maar niet geïnhaleerd, ECHT niet, ik rook niet en deed alleen maar alsof, om erbij te horen). Maar er zou meer in die doos kunnen zitten. "Jouw keuze, man," haalde Tyler zijn schouders op. Ik besloot dat het beter was om toch maar even te kijken alleen maar voor de zekerheid. Curtis zou toch zeker geen rotzooi in huis brengen. Zou hij? Maar stel je voor dat het zoiets was als cocaïne of iets anders dat veel geld waard zou zijn en hij niet had willen achterlaten. Ik schaam me er eigenlijk voor om te bekennen dat ik eraan gedacht had iets werkelijk slechts te zullen vinden. Ik stond op en begon de spullen een voor een uit de doos te halen. Er was eigenlijk niets bijzonders. Een oud fotoalbum, nog een paar boeken, een discman, een aansteker en een paar pakjes sigaretten en op de bodem een sigarenkistje. Dit laatste (Monte Cristo, het merk dat mijn vader rookte) zette ik tussen Tyler en mij in en ik keek er naar het slechtste vrezend.
"Maak jij het maar open," zei ik. "Wat maakt het uit." Hij haalde het sluitinkje weg en sloeg het deksel
open. Ik zuchtte toen ik de zorgvuldig geopende brieven en gevouwen papieren zag die met een elastiekje bijeen werden gehouden. Maar toen Tyler het er uithaalde, begon mijn hart over te slaan van hetgeen er onder lag. Netjes gestapelde bundeltjes geld. Gebruikte biljetten en een heleboel. 'Oh, Curtis! Waar ben je in verzeild geraakt?' vroeg ik me in mijn hoofd af. Tyler liet een fluittoon horen en keek me aan. "Hoeveel denk je dat het is?" "Dat zullen we snel weten," en ik reikte naar de biljetten, maar Tyler’s
hand greep de mijne voordat ik ze aan kon raken. Het voelde warm en droog en erg sterk maar mijn gedachten waren veel meer bezig met het geld. Maar ook had ik plotseling een levendige flash back van hoe diezelfde hand de neus van Curtis' vader tot moes had geslagen.
"Vind je dat je dat moet doen? Ik bedoel het zijn privézaken. Wat we aan het doen zijn is net zoiets als zijn post lezen of zoiets. En het kan niets bijzonders maar iets heel onschuldigs zijn." "Zou kunnen." Hij had gelijk. Ik moest proberen om Curtis te vertrouwen. Maar ik realiseerde me des te meer dat ik eigenlijk helemaal niets van hem wist. Ik had nu al zoveel verschillende karakters gezien: de onverschillige op school, de serieuze die middag, de speelse de volgende dag, koppig en tegelijkertijd vervuld van haat. Kon de echte Curtis misschien opstaan. Ik legde de brieven weer terug zoals we het
gevonden hadden en sloot het kistje. "Luister. Je moet weten dat Curtis en ik gewoon vrienden zijn. Ik
bedoel, ik ken hem nauwelijks." Zelfs nu, en vraag me niet waarom, weet ik niet of ik probeerde hem duidelijk te maken dat ik vrij en ongebonden was of dat ik wilde zeggen dat ik niets te maken had met
waar Curtis dan ook maar bij betrokken was.
"Yeah?" Het leek me dat hij niet overtuigd was. "Yeah." Hij is een geweldige gozer en ik maak me vreselijke zorgen om hem maar ik voel me niet aangetrokken tot hem." Ik sloeg mijn ogen opnieuw neer en verafschuwde me voor hetgeen ik gezegd had. Wat was mijn probleem en wat had het te doen met dit alles? "Waarom niet? Hij ziet er toch goed uit?" "Wat?" Ik was compleet van mijn stuk. Tyler had zojuist gezegd dat hij vond dat Curtis er goed uitzag, wat zat hier fout? "Zei je net dat je vond dat Tyler er goed uitzag?" "Ik zei niet dat ik dat vond. Ik zei dat hij het is. Begrijp je wel, objectief gezien." "Maar hij is een vent." "Nou en? Dat betekent toch niet dat ik het verschil tussen knap en lelijk niet kan vaststellen. Of wil je de competitie beperken." Hij lachte ondeugend naar me.
"Ik dacht. Maar weet je, er is iemand anders." Daar was het plotseling eruit. Ik slaakte een diepe zucht en wachtte op zijn respons. Ik wachtte om te zien hoe hij zou reageren op iets dat bijna een proclamatie was dat ik in hem geïnteresseerd was. "Ja? Iemand daar ginds in het Oosten?" Mijn gedachten schoten direct terug naar de arme, pathetische Josh en die laatste avond bij mij thuis. Ik nam me voor om binnenkort contact met hem op te nemen. "Uh, nee. Iemand hier." "Wie?" "Weet je dat echt niet? Of probeer je dit alleen maar verwarrender te maken?" "Huh?" Hij leek oprecht verbaasd door mijn vraag. Ik nam een nieuwe hap adem en keek hem recht in de ogen en vertelde het hem. "Jij." "Ik??" Hij was van zijn stuk gebracht maar duidelijk niet uit het veld geslagen.
Hij bleef zitten waar hij zat maar zijn gezicht sprak boekdelen. Dit was niet de reactie die ik verwacht had. "Maar je kent me niet eens." Had ik dat niet al eerder gezegd met betrekking tot Curtis? En hij kon zich toen niet voorstellen dat ik me niet aangetrokken voelde tot Curtis. Waarom was dit ten opzicht van hem dan anders? "Ik weet het." "Wow." "Is dat een goede 'wow' of een slechte 'wow'?" "Een goede wow, neem ik aan. Ik bedoel dat ik me geflatteerd voel maar, maar..." Hij raakte het spoor bijster en ik kan niet zeggen dat ik dat niet begrijp. Hoe geef je op zoiets een passend antwoord? Ik dacht terug aan mijn eigen compleet stomme respons toen Josh iets dergelijks tegen mij had gezegd. En eigenlijk bracht Tyler het er veel beter van af dan ik destijds.
"Het is prima. Ik begrijp het ik verwacht heus niet dat je plotseling je eigen latente homoseksualiteit aan mij onthuld en je in mijn armen werpt. Ik weet het, dit is het echte leven." Ik probeerde een lachje maar het klonk hol en niet zoals ik ben en dus vroeg ik me af hoe nep het Tyler in de oren moest klinken. "Ach nee maar." Je vraagt je nu wellicht af waarom ik het hem vertelde en dat vraag ik mezelf nu ook af. Hij had me gezegd dat hij het niet erg vond dat ik gay was en dat hij blij was voor mij en Curtis (niet dat er een Curtis en mij is) en onze relatie respecteerde. En wat doe ik vervolgens? Ik maak ons beiden belachelijk door hem te vertellen dat ik op hem val. Ik geloof dat ik gewoon een talent heb om dingen totaal in het honderd te laten lopen. Het had me toch duidelijk moeten zijn dat we nooit meer dan gewone vrienden zou zijn geworden hoezeer ik ook hoopte en bad voor meer en zelf gewone vrienden leek nu verder weg dan ooit.
Hoe kun je vrienden zijn met iemand waarvan je weet dat hij je mentaal uitkleedt elke keer als hij naar je kijkt? Ik wachtte op wat hij zou gaan zeggen. Of dat hij gewoon zou opstaan en weggaan. Maar hij bleef in stilte bij me zitten en het moment werd langer en langer. "Hé luister, misschien is het, het beste dat je gewoon teruggaat naar school," verbrak ik uiteindelijk de stilte. Maar het leek eeuwen te duren voor hij reageerde en toen hij dat deed verraste hij me opnieuw. "Nah. Ik kan best wat tijd missen daar. En daarnaast, moet ik hier blijven om je te helpen op hem te passen. En jij, ziet er vreselijk uit." Ik kon het niet geloven, wat moest ik nog meer zeggen om ervoor te zorgen dat hij weg zou gaan? Of misschien was te vraag wat ik zou moeten doen. Maar, maak je geen zorgen, ik deed niets. Ik ben niet helemaal van de pot gerukt. Nou ja, niet helemaal-helemaal.
Hij was geweldig, maar als ik een poging had gewaagd, had hij vast iets van zijn bedaardheid verloren. Een klein gedeelte van mijn hersens begon zich af te vragen hoe dat zou zijn maar ik sabelde die gedachte neer. "Waarom doe je dit? Ik bedoel wat maakt het jou uit? Eerder zei je dat hij een loser is dus waarom al die moeite?" "Daarom." "Oh, goed antwoord zeg." Hij snoof en stond op om de koffiepot te halen. "Wil je nog eentje?" "Geldt dat aanbod ook voor mij?" Lois kwam de keuken binnen met een paar
tassen vol met groenten en Tyler begon haar meteen te helpen. Ik wist niet of ik kwaad moest zijn dat zij op zo'n vreemd moment was binnengekomen of juist blij. Blij omdat we zo beiden de tijd hadden om even aan iets anders te denken en de sfeer wat op te helderen. Ik besloot tot het laatste gezien de staat van onze huisgast en het feit dat ik haar aan mijn zijde nodig had tegenover mijn moeder als die terugkwam.
Ik stelde haar voor aan Tyler en vatte de gebeurtenissen van die ochtend voor haar samen. Haar gezicht betrok terwijl ze naar me luisterde en toen ik klaar was richtte ze zich tot Tyler. "Het lijkt erop dat we jou allemaal, en in het bijzonder Curtis, geweldig dankbaar moeten zijn. Jou en je vader." "Dat is prima." "Hmm. En hoe is het met hem?" vroeg Lois mij. "Hij slaapt. Dr. Ellis heeft hem iets kalmerends gegeven. Maar weer behoorlijk zwak. Het enige verschil is een diepe snee in zijn voorhoofd." "Dus dat kunnen we niet zo eenvoudig voor je moeder verbergen. Of we moeten zeggen dat hij is gevallen. Zo dat lukken?" "Humm, ja. Ik denk het wel. Blijf ik over als de verantwoordelijke." "Nou ja, Andrew, het was ook verrekte onverantwoordelijk van jou en ik denk wel dat je de boosheid van je moeder zult overleven als we het houden op een val. Tenslotte, gaat het niet over jou maar over Curtis."
Ik kromp iets ineen terwijl ze dit zei omdat ik me realiseerde dat dit de eerste keer was dat ik een spoortje van boosheid van haar te horen kreeg. En ze had gelijk. Ik stelde me nog steeds op als de zielige zondebok terwijl het toch duidelijk mijn schuld was. "Maar verwijt jezelf niets. Curtis is, zo weten we, een verrekt stijfkoppige jongeman. Hij zou altijd een manier gevonden hebben om je kwijt te
raken als hij dat wilde." "Ik denk het. Maar toch had ik hem beter in de gaten moeten houden. Ik
voel me er behoorlijk rot onder door alles wat er gebeurd is." "En weer gaat het over jou! Jij hebt reuze geluk gehad dat je vrienden hebt die om je geven en bereid waren hun school te laten voor wat het
was om jou te komen helpen." Ze staarde me aan en ik leunde voorover op mijn stoel. "Zeg, Tyler, heb jij al iets te eten gehad?" "Nee mevrouw, dat heb ik nog niet." "Lois alsjeblieft."
"Als jullie twee nu deze spullen eens opbergen dat maak ik ondertussen sandwiches, oké?" Ze was haar normale blije zelf weer en ik was opgelucht. Ik vond het niet leuk als Lois fronste, omdat ze het zo zelden deed, leek het des te erger. Ze hield zichzelf bezig met haar taak, maar al snel bleek dat we haar in de weg liepen. "Drew, als jij nu eens Curtis' spullen naar boven brengt en Tyler als jij eens gaat kijken hoe het met hem is. Kijk eens of hij nog slaapt of dat hij misschien iets te eten wil hebben?" We knikten en ik pakte de jasjes en de doos. Dankbaar voor het excuus om de keuken te kunnen verlaten en uit haar buurt te zijn. Tyler en ik liepen samen op en onze wegen scheidden zich onder aan de trap. Voordat hij in de zitkamer verdween, trok hij zijn wenkbrauwen naar me op en grijnsde hij.
Boven was het kamer nog net zo als ik hem 's ochtends had verlaten. Een ogenblik stond ik daar en dacht aan wat zich die nacht daar had afgespeeld en wat ik tegen Curtis had gezegd. Nu ik er aan dacht,
realiseerde ik mij hoeveel pijn ik hem moest hebben gedaan. Hier was een jongen die zich totaal in zichzelf had teruggetrokken, die met niemand op school praatte en waarvan iedereen dacht dat hij een idioot was. En hij vertrouwde mij, hij had een poging gewaagd en probeerde me te leren kennen omdat iets in mij hem vertelde dat ik anders was. En wat deed ik? Ik spuugde in zijn gezicht. Figuurlijk bedoel ik, maar je begrijpt wel wat ik bedoel. Ik was niet anders dan die anderen en haatte mezelf diepgrondig op dat moment. Hoe had ik hem dat kunnen aandoen? Maar wat veel belangrijker was. Hoe zou hij mij ooit weer kunnen vertrouwen nu gebleken was wat een zak ik was. Ik moest met hem praten en hem laten weten dat hij nog steeds op mij kon rekenen. Dat ik echt zijn vriend was.
Snel liep ik de trap naar beneden maar toen ik op de overloop halverwege kwam hield ik halt om mijn gedachten te rangschikken. Ik wist niet eens of hij wel wakker was zo wat zou ik me haasten. Langzaam nam ik de laatste treden en toen ik de zitkamer in wilde gaan, werd ik me bewust van de zacht pratende stemmen daar. Ik kon geen enkel woord verstaan maar hij was tenminste wakker en voelde zich blijkbaar goed genoeg om met iemand te praten. Maar met Tyler? Dat verraste me. Ik liep de hoek om en keek de kamer in. Tyler zat gehurkt bij de bank met zijn rug naar de deur. Curtis lag erop ongeveer zoals we hem daar hadden achtergelaten maar zijn kleren lagen netjes opgevouwen op een stoel en hij had Lois quilt over zich heen. Ik kon een stuk van zijn bovenlichaam zien en de blauwe plekken daar maar niet zijn gezicht vanwege Tyler die ervoor zat.
Ik weet niet waarom maar in plaats van gewoon naar binnen te gaan, trok ik mezelf iets terug en bleef staan, moeite doend om gemompelde gesprek te kunnen horen. "Vergeet het man, dat is geschiedenis," zei Curtis juist. Wat was geschiedenis? Zijn vader? "Ik kan het niet vergeten." "Natuurlijk wel, het lukt je voor wat is het drie jaren?" Als ik al het idee had gehad om mezelf aan hen te vertonen was dat nu wel helemaal weg. Wat was Tyler gelukt om gedurende drie jaar te vergeten? Wat gebeurde er tussen hen twee? "Yeah. En het spijt me. Ik kan er niets aan doen maar misschien als we gepraat hadden was dit alles nooit gebeurd." Tyler leek echt overstuur. "Tyler, dit heeft niets met jou van doen. Hij ging over de rooie toen mijn moeder overleed. Er is niets dat jij had kunnen doen." "Ik had je vriend kunnen zijn." "Dat was je. Ik duwde je weg. Weet je nog wel?"
"Nee. Ik had je moeten kunnen begrijpen. Het was een moeilijke tijd voor jou toen. Ik wist dat en gedroeg me als een zak." "Het is niemands fout. Je was nog maar veertien toen." Met allerlei theorieën probeerde ik de gaten in het gesprek op te vullen. Wat het ook was waarover ze spraken het was belangrijk voor hen. "Ik wou dat ik het weer goed kon maken." "Dat is niet nodig." "Ja, dat is het wel. God, al die ellende die jij al die jaren over je heen hebt gekregen terwijl ik niets deed. Ik deed er zelfs aan mee!" Tyler klonk echt boos op zichzelf. "Hey, je moest aan je image denken!" Curtis' lach klonk fake zelfs voor mij die in hal luisterde. "Ja, prima. Kunnen we misschien opnieuw beginnen? Vanaf hier? Met een schone lei?" Het klonk me in de oren alsof hij zo zou gaan beginnen te huilen.
"Natuurlijk kunnen we dat maat." Toen volgde een stilte en ik waagde het om voorzichtig naar binnen te gluren. Tot mijn verbazing omhelsden ze elkaar als oude vrienden. Hun gesprek scheen voorbij en daarom liep ik zachtjes terug een eindje de trap op. Met veel lawaai daalde ik de treden af en toen ik de zitkamer binnenkwam, zaten ze daar alsof er niets gebeurd was.


©original text: Ardveche
©Nederlandse vertaling: Lucky Eye, 2018. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de houder van het auteursrecht.

Lucky Eye
Berichten: 104
Geregistreerd: zaterdag 07 februari 2015 15:42
Woonplaats: Zwolle
Ontvangen Bedankjes: 138 keer
Bericht Re: NIEUW IN CALIFORNIË door Lucky Eye » zondag 04 november 2018 07:28

Hoofdstuk 7- Geheimen

"Hoi jongens," probeerde ik op een zo'n normaal mogelijke manier te zeggen, maar ondertussen brandde ik van nieuwsgierigheid om te weten wat er zich tussen hen had afgespeeld. "Je bent wakker, hoe voel je
je?" Ik richtte me tot Curtis, die zwakjes glimlachte, en een neutraal gegrom als antwoord gaf, weer ging liggen en z'n ogen sloot. Er hing een zilveren kruisje om z'n nek dat me nog niet eerder was opgevallen. "Ik heb me wel eens beter gevoeld. Ik ben je iets schuldig, vriend." "Je had me op die manier niet moeten ontglippen." "Ik weet het." "Hier," ik herinnerde me plotseling de sigaretten in m'n borstzakje, en
gooide ze op de bank naast hem. "Maar je mag hier binnen niet roken." "Bedankt." Hij lachte stilletjes en pijnlijk, waarschijnlijk door de beweging die het veroorzaakte. "Drew, ik ga kijken of ik je oma ergens mee kan helpen, en laat jullie twee even praten, “Oké?" zei Tyler, die ik een beetje had genegeerd. "Dat hoef je niet te doen," zei ik.
"Dat weet ik, maar jullie tweeën moeten over een paar dingen praten, dus doe ik het toch." En zonder nog een woord te zeggen liep hij weg. Ik keek hem na, en draaide me langzaam om naar Curtis, stil zittend aan het voeteneinde, bang om hem pijn te doen. "Je hebt het zwaar," zei hij, met een uiterlijk onbewogen gezicht. "Je hebt het hem verteld, hè?" "Ja." "En hoe vatte hij het op?" "Hij heeft me niet geslagen." "Maar goed ook, hij heeft m'n vader helemaal in elkaar geslagen." En opnieuw kon ik niet zien wat hij er van dacht. Het leek er op dat hij weer in zichzelf gekeerd was en was bijna net zo koud als de eerste dag op school. Hij wilde mijn blik niet ontmoeten en het leek net of hij echt wilde dat ik de kamer verliet.
"Eigenlijk, was ik dat gedeeltelijk," bekende ik en wachtte een moment op zijn reactie die niet kwam. Hij keek alleen op en wachtte tot ik verder zou gaan. "Nadat ik gezien had wat hij jou had aangedaan, kreeg
ik een waas voor m'n ogen en was ik zo kwaad dat ik hem wilde vermoorden. Tyler moest me van hem afhalen. Het spijt me." "Waarom?" "Ik haat geweld, het maakt me net zo slecht als hem." "Misschien." "Blijf je zo kortaf?" "Misschien niet." "Je bent niet grappig." Ik begon me te ergeren aan dit spelletje, maar ik probeerde m'n stem zo normaal mogelijk te laten klinken. Ik realiseerde me dat hij een rotdag had gehad (maar niet te spreken over een rot leven) en ik wilde zijn problemen niet groter maken. "Als jij het zegt." "Luister. Wil je dat ik je alleen laat?" "Nee!" "Oh." De heftigheid van zijn antwoord verraste me. Zijn gedrag had er verdraaid veel op geleken dat hij wilde dat ik weg zou gaan. "Ik bedoel..., dat is het niet. Oké?"
"Ik weet het niet. Is dat zo?" Oké, dat was misschien geen opbouwend antwoord, en ik weet dat ik meer bezorgd moest zijn om z'n welzijn dan ik was, maar ik voelde me ook bezeerd en afgewezen. Er was duidelijk iets gaande tussen hem en Tyler, iets waarover ze liever zwegen dan dat ze het mij vertelden. En hij deed zo koud tegen me, dat ik niet wist wat ik denken moest. Ik voelde me precies als wat ik waarschijnlijk was, een buitenstaander. "Geef me dat overhemd even, wil je?" Hij veranderde abrupt van onderwerp en keek opnieuw van me weg. Ik wist niet hoe ik moest reageren, grotendeels omdat ik niet wist wat ik voelde. Het viel me op dat hij zei 'dat' in plaats van 'mijn' overhemd, maar ja, het was tenslotte degene die ik hem geleend had. Vatte ik alles te letterlijk op? Waarschijnlijk. Ik gaf het hem. "Waar ga je naartoe?" vroeg ik terwijl hij het aan probeerde te trekken.
Ik denk dat ik hem moest helpen, maar dat deed ik niet. Ik stond naar hem te kijken met samengeknepen lippen, en met mijn handen diep in m'n zakken. "Naar de keuken dommie, ik ben geen invalide." Hij grinnikte naar me, en de stemming steeg tastbaar. "Dat is maar hoe je het bekijkt." "En alleen mijn manier telt. Luister, het doet verrekte zeer, maar het is niet zo erg. En het is nu voorbij, Oké? Ik moet opstaan en zelf dingen doen, zodat ik je niet meer tot last zal zijn." "Je kan hier blijven zolang als nodig is." "Dat weet ik, maar dat wil ik niet." "Oh," zei ik, opnieuw. Voelde me verward en down, en niet voor de eerste keer. "Het is niet dat ik het niet waardeer, maar ik wil niet tot last zijn, of in de weg lopen. Ik kan voor mezelf zorgen. Oké?"
"Ik denk het. Het lijkt erop dat je je besluit al hebt genomen." Ik kon de bitterheid in m'n stem niet tegenhouden en huiverde innerlijk over de toon van m'n stem. "Oh, in Godsnaam Drew!" "Je hebt gelijk, sorry. Ik dacht, om het zo te zeggen, dat ik het begreep. Ik hoopte alleen dat je een tijdje zou blijven." "Ik zal wel moeten. Ik denk dat Lois me niet zo snel zal laten gaan. Denk je van wel?" Ik lachte erom, maar ik had nog steeds die doffe pijn in m'n buik. Dus zo voelt het om afgewezen te worden, huh? Ik denk niet dat ik het leuk ooit leuk zal vinden. Het kwam toen bij me op dat het dit misschien was wat Curtis voelde toen ik hem zei dat ik alleen belangstelling voor Tyler had. Au. Hij ging een beetje wankel staan, maar leek oké tot hij bukte om z'n broek van de stoel te pakken. Hij hijgde en huiverde een beetje toen hij voorover boog, en toen hij weer recht ging staan draaide hij zich naar mij toe en trok z'n wenkbrauwen op.
"Ik denk dat ik voorlopig geen opdrukoefeningen kan doen." Ik wist niet of ik moest lachen of huilen, om de manier hoe hij met deze hele, afschuwelijke, situatie omging, dus schudde ik alleen m'n hoofd naar hem. "Een beetje vrolijker, Drew." "Sorry." Hij gaf geen reactie, ging gewoon verder met aankleden met af en toe een kreun. Ik bleef staan waar ik stond zonder hem te helpen, wetend dat hij al genoeg in verlegenheid was gebracht bij de gedachte hoeveel mensen hem in deze situatie gezien hadden, en wilde het zelf doen. Toen hij klaar was ging hij opnieuw staan en lachte zwakjes naar me, aangevend dat ik voorop moest gaan naar de keuken. Tyler en Lois lachten om een of andere grap of iets anders toen we binnen kwamen. Ik was onmiddellijk onder de indruk hoe snel ze zich 'verbonden' voelden. Hij was bezig tomaten te snijden, terwijl Lois brood smeerde, en als je niet beter wist, zou je denken dat ze elkaar hun hele leven al kenden.
Niet voor de eerste keer ging ik me beter voelen door de aanwezigheid van m'n oma. Haar openheid en goede humeur maakten dat mensen zich op hun gemak bij haar voelden, een talent dat ik hevig bewonderde. "Oh, hallo Curtis," zei Lois, waarschijnlijk verbaasd hem weer in beweging te zien. Ze stopten allebei met lachen en Tyler zond me een vragende blik. "Hoi." Hij lachte braaf en manoeuvreerde zichzelf op een stoel. Hij bewoog zich voorzichtig teneinde zichzelf zo weinig mogelijk pijn te doen en gaf de indruk dat hij niet zo erg toegetakeld was. Lois schokschouderde en besloot niets te zeggen over wat er vandaag gebeurd was tot hij er zelf over begon, en ging verder met waar ze mee bezig was. "Je kan kiezen tussen kalkoen of pastrami," stelde Tyler met een glimlach voor. Het leek er op dat hij door ging met het spelletje. Was iedereen gek geworden? O nou, als hij het zo wou spelen, kon hij het zo krijgen. Voor nu tenminste.
"Kalkoen," zeiden Curtis en ik tegelijk. We keken elkaar aan en barsten in lachen uit. Tyler en Lois keken elkaar eveneens aan, maar ze haalden hun schouders op en schudden hun hoofd. "Auw! Auw! Oh God! Maak me niet aan het lachen!" Curtis snakte naar adem, met z'n armen om z'n buik, zichzelf heen en weer wiegend. "Je verdiende loon," zei Tyler droog. "Dat is dus de meelevende maatschappij," zei ik instemmend, terwijl Curtis z'n adem terug kreeg. "Terug aan het werk, keukenjongen!" "Van die opmerking krijg je spijt," zei Tyler grijnzend. Ik kon het niet helpen, maar ik grijnsde terug, ook al wilde ik niet. "Drew, waarom pak je de gazeuse niet, en schenk je vier glazen vol," vroeg Lois. "Doe ik."
Een paar minuten later zaten we allemaal gezellig te eten en te drinken. Het was net een normale dag en het leek in de verste verte niet of er iets ongewoons gebeurd was. Curtis en ik aten in stilte terwijl Lois ons informeerde over haar ochtend in het ziekenhuis, en Tyler zei dat we zaterdag allemaal naar de wedstrijd moesten komen. Al met al was het een vrij rustige lunch. Toen we klaar waren stond Lois
op om op te ruimen. "Zo, ik heb genoeg te doen, dus gaan jullie drieën maar, anders lopen jullie me toch maar voor de voeten." Ze ging druk in de weer om op te ruimen. "En Curtis?" "Ja." "De dappere soldaat uithangen is fijn en ik ben onder de indruk hoe groot en sterk en onafhankelijk je bent, maar doe het in hemelsnaam rustig aan. Tenminste voor twee dagen. Oké?" Eerst probeerde hij haar uitdagend aan te kijken, maar tenslotte liet hij z'n hoofd hangen en mompelde een antwoord. "Oké." "Grote jongen. En nu eruit, alle drie."
Gehoorzaam dromden we de keuken uit, en lieten ons in de kamer in stoelen neervallen. Stilte daalde over ons neer totdat Tyler, onze eigen oppepper, die verbrak. "En wat nu?" "Nou, ik weet niet hoe het met jullie tweeën zit maar ik wil een sigaret. Mag ik op de veranda roken?" en keek vragend naar mij. "Ik denk het wel maar je zou helemaal niet moeten roken, of wel?" "Net vond je me al humeurig maar als ik nu geen nicotine krijg moet je helemaal oppassen." Hij grijnsde breed om te laten zien dat hij een geintje maakte en drukte zichzelf op om naar buiten te gaan. Ik wilde met hem meegaan. " 't Is oké Drew, ik red het wel. En ik wil niet dat je tegen me begint te kankeren over passief meeroken." Ik ging weer zitten, en een moment later was ik opnieuw alleen met Tyler. Deze keer was zo mogelijk nog ongemakkelijker. "He, weet je wat?" vroeg ik uiteindelijk, toen een gedachte bij me opkwam. "Wat?"
"Curtis' gitaar zat niet bij z'n spullen die hij heeft meegebracht." "Speelt hij gitaar?" "Ja, hij heeft het zichzelf geleerd," zei ik trots. "Wow, is hij goed?" "Um, ik heb hem nooit horen spelen, maar ik weet zeker van wel." Ik voelde de trots voor m'n vriend een beetje zakken. "Ik ook," lachte Tyler. "Misschien moet ik hem een nieuwe geven. Snap je, om hem een beetje op te vrolijken." "Ze zijn niet goedkoop Drew." "Dat weet ik." "Zou je het vreemd vinden als ik de kosten met je wil delen?" Ik moet vragend hebben gekeken, want Tyler haalde z'n schouders op en keek weg, voor hij verder ging. "Ik heb het gevoel dat ik hem ook iets moet geven." "Waarom?" "Er is een winkel in de stad die ze tweedehands verkoopt. 'Stanley's', David heeft daar gewerkt." "Vlug van onderwerp veranderd Ellis!" "Klaag me maar aan. Oké? Ik vind het rot voor de jongen." "Hij heeft je medelijden niet nodig." Waarom zat ik plotseling zo in de verdediging?
Misschien om dat ik wanhopig graag wilde weten wat er tussen hen gebeurd was. Het had geen zin Tyler er naar te vragen maar misschien kon ik Curtis bewerken. Maar als hij halsstarrig bleef, zou ik ook niets uit hem krijgen. Misschien wist Kate het. "Weet ik, en het is geen medelijden." "Goed. Over hoeveel hebben we het?" "Ik weet het niet. Honderd, honderdvijftig dollar misschien." "Zoveel?" Ik was verbijsterd. Ik had misschien 40 dollar contant. Ik had wel wat op m'n spaarrekening maar daar wilde ik niet aankomen. Toch was dit erg belangrijk, tenminste voor mij wel. "Ik denk het. Heb je zoveel?" "Ik kan eraan komen. Doe jij de helft?" "Zeker. Het is het waard." "Wacht even." Ik draafde naar de keuken waar Lois een gieter stond te vullen. "Loisssss," zei ik op mijn meest vleiende toon. "Nee." "Je weet nog niet eens wat het is."
"Oké, gooi het eruit," ze draaide zich om en leunde achterover met haar armen over elkaar om me aan te horen. "Tyler en ik dachten dat het een leuk idee was om voor Curtis een nieuwe gitaar te kopen, vanwege het feit dat hij z'n eigen bij z'n vader heeft laten liggen." Ze bleef me zwijgend aankijken. "En, we willen hem geen reden geven om daar weer naar toe te gaan." "Drew, dat is een geweldig idee. Maar wat heeft dat met mij te maken?" "Nou, er is een probleem..." "Hoeveel?" zuchtte ze. "Het is een lening." "Goed. Hoeveel?" "Misschien 40 of 50 dollar." "Oké, maar als je moeder er achter komt..." "Bedankt Lois!" ik kuste haar wang. "Je bent de liefste." "Dit is geweldig om te doen Drew. Vergeet die lening, neem het geld maar."
"Nee. Ik bedoel, het is oké. Ik wil je terug betalen. Ik wil dat dit van mij komt, eerlijk gezegd." "Begrepen. Hier." Ze gaf me 50 dollar. "Betaal maar terug wanneer je kunt," en lachte naar me. "Je bent een goed mens Drew, diep vanbinnen misschien, maar het zit er." Terug in de kamer zat Tyler in een tuinblad te bladeren met het enthousiasme van een patiënt in de wachtkamer van een tandarts. Ik
hield het geld omhoog, plus de veertig die ik al had. "Ik heb negentig. Dus kunnen we het ons veroorloven om iets goeds voor hem te kopen, toch? Jij hoeft niet zoveel in te brengen." "Gaaf, dat is oké." "Dit is echt aardig van je Tyler. Ik meen het." "Hé, het was jouw idee vriend!" Ik gaf hem het geld. "Bedankt. Ik ken de jongen die de zaak runt een beetje, dus zal ik er voor zorgen dat we het beste krijgen dat hij heeft. Ik kan David om advies vragen maar ik denk dat dit beter tussen ons kan blijven, hè?" "Ja, waarschijnlijk wel."
"Zal ik nu gaan? Hou jij hem bezig?" "Gaaf. Doe het snel, anders wordt hij achterdochtig." "Ik weet zeker dat jij hem kan afleiden van het feit dat ik weg ben!" En weg was hij. Ik stond een paar minuten te overpeinzen wat hij met die opmerking bedoelde en liep toen naar achteren om Curtis gezelschap te
houden. Ik stond in de deur naar z'n rug te kijken, terwijl hij met z'n ellebogen op de reling leunde en rustig rookte, starend in de verte. Hij leek zo vredig, net als hij sliep, alsof niets hem interesseerde op
dat moment. "Ik weet dat je daar staat Drew," zei hij zonder zich om te draaien. "Hoe weet je dat ik het was?" "Ik ruik het geurtje dat je gebruikt." "Echt?" "Nah. Ik hoorde Tyler wegrijden. Is hij terug naar school?" "Um, ja."
"Blijf je daar staan, of kom je naar buiten om me gezelschap te houden?" Hij had zich nog steeds niet omgedraaid en ik wist niet of hij wilde dat ik bleef of wegging. Als hij tijd nodig had om na te denken en zijn gedachten over het gebeurde op een rijtje te zetten, wilde ik niet in de weg staan. Aan de andere kant wilde ik niet dat hij alleen was om te gaan tobben en misschien zichzelf de schuld te gaan geven. Ik besloot dat als hij wilde dat ik wegging hij dat wel zou zeggen, dus liep ik naar hem toe en ging naast hem over de reling staan leunen. Tegenwind! Zo stonden we in stilte terwijl hij z'n sigaret oprookte, die uitdrukte en naast een andere neerlegde, om ze waarschijnlijk later in de asbak te gooien. "Zo," zei ik. "Zo." "Hier staan we dan." "Geen twijfel mogelijk." "Ik vind je teddybeer leuk." Ik probeerde de stemming op te beuren. "Bedankt." "Hoe heet hij?"
"Um, het is een beetje stom." Hij was duidelijk verbijsterd over het onderwerp en ik begreep wel waarom. Hij probeerde volwassen en sterk over te komen maar toch had hij zijn nek geriskeerd voor een oude, versleten teddybeer. "Kom op." "Oké, z'n naam is Pooky. Tevreden?" Er klonk een zweem van plezier in z'n stem. "Pooky?" Ik moest lachen. Zou jij dat niet gedaan hebben? "Hij was van mijn moeder." Zo snel als hij het zei, was zijn stemming omgeslagen van vrolijk naar droefgeestig. Niet echt verdrietig, hoewel hij nog steeds niet over z'n moeders dood heen was (waarvan hij natuurlijk niet wist dat ik dat wist ), maar dacht aan een meer vrolijker tijd. "O. Het spijt me. Ik wilde niet spotten..." "Nee, het is goed, echt."
Hij leek tevreden toen ik naar hem lachte. Hij draaide zich naar me toe en glimlachte. "Het is een stomme naam." Er was opnieuw stilte terwijl we allebei onze eigen gedachten hadden. Tenminste, daar ging ik van uit. Ik staarde zomaar voor me uit naar de bomen en genoot van het gevoel om nergens aan te hoeven denken. Ik vond het erg makkelijk om stil te zijn en niets met hem te doen. Er ging een
vreemde soort rust van hem uit. "Het spijt me echt van vanmorgen Drew. Ik wist niet dat hij gekomen was en me daar zou betrappen. Denk dat hij z'n baan weer kwijt is." Hij snoof spottend. "Je hoeft je niet te verontschuldigen." "Jawel, ik had je niet zo moeten laten staan, dat was fout. Als we vrienden willen worden moet ik meer open zijn, en je vertrouwen. Ik hoef geen andere..." Hij stopte.
"Een andere wat?" "Een andere Tyler. Oké?" "Nee. Ik begrijp je niet. Waar heb je het over?" "Het is een lang verhaal." "Mensen zeggen dat altijd. Zo? Ik luister." Curtis gaf een diepe zucht en ik zag hem opnieuw lichtjes huiveren. Een deel van me was kwaad dat ik hem dit aandeed maar ik wilde weten wat er aan de hand was. Sommige ideeën die zich in mijn hoofd gevormd hadden duidelijk niet plezierig en ik wilde dat hij vertelde dat ik het mis had. En aan de andere kant dat ik gelijk had. "Oké." Een nieuwe zucht. "Jaren geleden waren Tyler en ik vrienden, tijdens de lagere school." Hij pauzeerde opnieuw, naar het leek om z'n gedachten te ordenen, stak een nieuwe sigaret aan en inhaleerde diep, voor hij verder ging. "Hij was toen ook al zo concurrerend, duidelijk plezieriger in de omgang, en beter in sport dan ik. Ik aanbad hem, begrijp je? Hij was zo cool, zijn ouders hadden geld, en hij was populair en slim." "Wat is er mis gegaan?" "Jeez, niet zo ongeduldig! Daar kom ik zo op." "Sorry."
"En je verontschuldigd je teveel. Wat er mis ging was dat mijn moeder ziek werd. Kanker." "Het spijt me." "Nu doe je het opnieuw." Hij maakte een grapje maar van binnen was hij niet vrolijk. Ik besloot om voor de rest van het verhaal m'n mond dicht te houden. "Ik was denk ik dertien jaar toen het zich openbaarde. Ik wist niet dat het ernstig was." Hij snoof, en voor de eerste keer zag ik tranen in z'n ooghoeken. Ik sloeg m'n arm over zijn schouder, en was even bang dat hij hem weg zou slaan, maar dat deed hij niet. "Je hoeft het niet te vertellen als je niet wilt." Dat voornemen heeft dus ook niet lang geduurd. Ik moet stoppen met beloftes maken die ik niet kan houden. "Nee, het is oké. Mijn vader en moeder waren helemaal in beslag genomen door dat alles, en hadden weinig tijd voor mij.
Ik denk dat ik er een beetje gepikeerd over was, ik was altijd het middelpunt van hun bestaan geweest, snap je? Enigst kind." Ik knikte om te laten zien dat ik hem begreep. "Ik ontspoorde een beetje. Vechtpartijen. Stelen. Niets groots, meer aandachttrekkerij. Ik werd een extra kopzorg voor ze, een
die ze niet konden gebruiken. Ik zag dat niet. Ik maakte haar laatste maanden extra zwaar, begrijp je?" "Ik weet zeker dat ze het begreep." "Misschien. Mijn vader niet, dat weet ik zeker. Toen begon hij flink te
drinken. En ik snap waarom. De ziekenhuisrekeningen waren zo hoog, en hij besteedde al z'n vrije tijd aan haar. We moesten het huis verkopen en naar iets kleiners verhuizen. En ik veranderde in een soort van crimineel."
Hij snoof opnieuw en sloeg met zijn vuist op de reling, en ik kon de boosheid in z'n stem horen. De arme jongen gaf zichzelf de schuld van iets waar hij niets aan kon doen. Ik wou dat er een manier was om hem dat te laten inzien. "Curtis..." "En toen ging ze dood. Zomaar. Ze was al maanden ernstig ziek maar toch
was het nog zeer plotseling. Ik was van school naar huis gestuurd omdat ik weer gevochten had en was ze dood. De laatste keer dat ik haar gesproken heb was ik boos. Ik had ze beiden verteld dat ik ze haatte. Het laatste wat m'n moeder me hoorde zeggen was dat ik haar haatte. O God, Drew!" Hij draaide zich om en begroef z'n gezicht in m'n schouder, zijn lichaam heftig schokkend. Ik voelde mijn eigen tranen komen uit medelijden voor zijn pijn. Dit verdiende hij niet.
"Curtis, je moeder wist dat je haar niet haatte," zei ik , maar hij reageerde niet en bleef huilen. Ik wist niet waarom, maar ik had het gevoel dat dit noodzakelijk was, iets dat hij al die jaren nodig had, maar al die tijd had opgekropt. Dus onderging ik het in stilte. Ik hield hem vast en wachtte. Uiteindelijk duwde hij me weg en haalde z'n mouwen over het gezicht. "In ieder geval, toen begon m'n vader pas echt te drinken. Eerst viel het wel mee. Hij werd dronken en sliep z'n roes uit." Hij pauzeerde om opnieuw te snuiven en z'n gezicht af te vegen, en gaf me een verontschuldigende glimlach. Ik legde een hand op zijn arm en kneep er zachtjes in. "En toen, ik weet het niet, moet hij een soort muur om zich heen hebben gebouwd. Hij verloor z'n baan en hij werd gemeen. Toen is hij begonnen me te slaan."
Hij stopte om een nieuwe sigaret op te steken, maar z'n handen trilden zo erg dat ik de lucifer voor hem aan moest doen. "Bedankt. Hij begon te zeggen dat het mijn schuld was dat ze dood was. 'Jij ondankbare kleine bastaard!', zulke dingen. 'Jij hebt haar net zo vermoord als die verdomde kanker', snap je?" "Curtis...", begon ik opnieuw. Ik was blij dat hij me onderbrak, want m'n stem trilde zo dat ik niet wist of ik wel verder kon praten. "In het begin geloofde ik hem. Hij had gelijk, ik had haar vermoord. In ieder geval dat het sneller was gegaan." Zijn stem werd harder toen zijn schuldgevoel overging in boosheid. "God, het was zo oneerlijk. Ik was veertien. Ik wist het niet. Ik onderging het al die jaren. Laatstelijk was het niet zo erg, ik werkte na school, dus de meeste tijd was ik niet thuis." "Dit had nooit mogen gebeuren."
"Nooit? Ja het leven is hard, toch? Ik heb je medelijden niet nodig." Hij schudde m'n hand van zijn arm en draaide z'n gezicht weg. Ik legde m'n hand onmiddellijk weer neer. "Doe alsjeblieft niet zo. Je weet wat ik bedoelde." "Yeah. Sorry. In ieder geval miste ik een heleboel van school en Tyler probeerde me te helpen. Hij was jonger dan ik maar wel slimmer. Maar ik ging hem op school ontlopen nadat het slaan was begonnen. Ik wilde niet dat hij, of iemand anders, de blauwe plekken zou zien. Ik weet het niet, misschien dacht ik dat m'n vader het recht had om dat te doen. Ik was moeilijk in de klas, als ik er al was, 'ontwrichtend'. Dus de leraren misten me niet. Ik bleef zitten, maar het interesseerde me niet. Toen werd ik gearresteerd voor een winkeldiefstal.
Ik weet niet eens meer wat, iets onbenulligs, iets wat ik niet eens nodig had. Toen mocht Tyler van z'n moeder niet meer met me omgaan. Hij was de enige die nog met me probeerde te praten." Ik zei niets en wachtte tot hij verder zou gaan. Nu hij begonnen was leek het erop dat hij zijn hele verhaal zou vertellen. "Het verraste me niet. Ik deed net of ik het niet erg vond. Ik was sterk," zei hij met een fel gezicht. "Ik had niemand anders nodig. Iedereen die dicht bij me stond ging dood, of verliet me. God, ik was een grote puinhoop. Hij probeerde zijn moeder te verdedigen en kwam naar me toe. Maar ik wilde niet praten, dus rende ik weg. Hij kreeg me te pakken, hij was een stuk sneller dan ik." Hij lachte bitter. "Ik denk dat het een beetje dom was om weg te rennen. Maar toen hij me had, schreeuwde ik tegen hem en begonnen we te vechten.
Hij wist niet wat er aan de hand was, ik had niet zo tegen hem tekeer moeten gaan. Maar hij was sterker, dus gooide hij me op de grond, sloeg me een paar keer, stond op, en rende weg. Naar huis denk, en dat was de laatste keer dat ik met hem gepraat heb. Tot vandaag." Hij stopte en trapte z'n sigaret uit. "En vandaag?" vroeg ik. "Hou je niet van de domme Drew, dat staat je niet." Mensen vertellen me de laatste tijd wel meer dat iets me niet staat. "Ik weet dat je stond te luisteren, al weet hij dat niet." Ik werd rood, en schoof ongemakkelijk met m'n voet, en keek recht vooruit. "Het spijt me, maar ik moest weten wat er tussen jullie gaande was," en in gedachten was ik zo verdomde blij dat het niet was wat ik vreesde. Maar tegelijkertijd kon ik niet geloven hoe verschrikkelijk Curtis leven was geweest, en ik had medelijden met hem. "Maak je geen zorgen. Ik heb hem nooit met een vinger aangeraakt."
"Au Curtis! Dat is het niet." Ik dacht dat ik vrij goed kon liegen maar sinds ik Curtis had ontmoet, leek het of hij door me heen kon kijken en deze keer was niet anders. Hij legde de vinger op de zere plek, en hij wist het. "Ik moet zitten." Hij liep naar de bank ging behoedzaam zitten, en sloeg op het houtwerk. Ik zag hoe gespannen hij was toen ik naast hem ging zitten. "Wil je iets drinken of zo?" "Nee, het gaat wel goed." "Je denkt vaak aan je moeder, hè?" "Yeah. De laatste tijd steeds meer. Ik ga vaak naar haar graf en praat dan tegen haar. Het klinkt stom maar het geeft me een goed gevoel. Ik vertel haar wat er in mijn leven gebeurd, snap je, belangrijke dingen, en hoeveel spijt ik heb van alles." Hij pauzeerde, en ik zat stil wetende dat er meer was dat hij wilde zeggen. Snel sprak hij verder.
"Ik heb haar over jou verteld." Ik was overweldigd, en voelde een brok in m'n keel. "Daar was ik naar toe gegaan na het eten die avond." "Curtis, ik weet niet wat ik zeggen moet." "Wil je iets echt stoms horen?" vroeg hij, en keek me verlegen aan. "Zeker." "Soms als ik een nieuwe melodie heb geleerd, ga ik naar haar toe en speel het voor haar. Ze hield van muziek." "Curtis, dat is niet stom. Dat is het liefste wat ik ooit gehoord heb." Ik leunde voorover en omhelsde hem, en na een kleine pauze (alsof hij zichzelf niet vertrouwde) omhelsde hij mij. Ik voelde de spanning uit z'n lichaam wegvloeien en na een tijdje kuste ik z'n wang en liet hem los. Hij legde zijn hand op de plek waar ik hem gekust had. "Waarom deed je dat?" "Om je te bedanken." "Waarvoor?" "Dat je me genoeg vertrouwt om het met me te delen," en kuste hem
opnieuw. "Ik mis haar," zei hij met bevende stem.
"Ik weet het, maar ze heeft nu rust." Ik stopte, me realiserend dat dat uit de mond van een zeventienjarige hopeloos clichématig, en vreselijk, vreselijk uit de hoogte moest klinken. "Ze was zo zwak op het eind Drew. Het was vreselijk. Ik mis haar zo erg, maar ik weet dat ze wilde dat de pijn zou stoppen. M'n vader...hij mist haar ook. Hij voelt zich alleen. Hij is geen slechte man, hij weet niet hoe hij zonder haar verder moet." Ik wist niet wat ik zeggen moest, zover als ik er bij betrokken was, iemand die een kind zo sloeg, wat de omstandigheden ook waren, WAS een slecht mens. "Denk jij dat er een hemel is?" Hij keek naar me op, met vochtige ogen, en hij leek zo bang en alleen, dat mijn hart naar hem uitging. Ik begon ook te huilen, en ik kon alleen maar knikken.
"Ik hoop het zo. Ik hoop dat ze het nu beter heeft, ze verdient het," zei hij, me recht aankijkend met al zijn pijn open en bloot in z'n prachtige groene ogen. Ik wist dat dit iets was waar hij doorheen moest, maar ik wilde z'n ogen nooit meer op zo'n manier zien. "Ik haat het om op een andere manier aan haar te denken, koud en dood in die kist, helemaal alleen..." Hij moest stoppen en z'n tranen terugdringen. "Je moeder was zoveel meer dan wat er in die kist ligt Curtis." Toen omhelsden we elkaar opnieuw, en hij klampte zich aan me vast, als dat arme verwarde kind dat hij was, die nooit om z'n moeder had kunnen
huilen, omdat hij dacht dat hij haar gedood had. Ik voelde met hem mee, z'n verdriet was nog zo vers. "Ik mis haar. Als ik in plaats..." "Nee!. Zeg dat niet!. Nooit!" Ik schudde hem iets harder door elkaar dan
de bedoeling was en hoorde zijn tanden klapperen.
"Je moeder zou dat nooit hebben gewild." Ik omhelsde hem hevig, proberend mijn kracht in hem over te brengen, om hem te laten zien hoe stom die gedachte was. We zaten nog steeds zo, toen ik het geluid van banden op de oprit hoorde, en wist dat Tyler terug was. "Wie is dat?" En hij keek naar me op. "Ik ga even kijken, en ik pak iets te drinken voor je, en een Kleenex. Oké?" Ik haalde z'n haar door de war terwijl ik opstond, en hij sloeg zachtjes op m'n hand. Maar de lach op zijn gezicht maakte me duidelijk
dat het slechts een schijnprotest was. Hij vond het net zo leuk als ik. Ik ging het huis binnen, en opende snel de voordeur. Tyler kwam naar me toe lopen met een gitaar in z'n hand en met een grote glimlach op z'n gezicht. "Perfecte timing."
"Hé. Heb je gehuild?" En hij keek bezorgd. "Ja." Ik snoof en veegde over m'n gezicht. "Curtis vertelde me over z'n moeder. Hij is door een hel gegaan," legde ik uit, en Tyler deinsde iets terug. "Ik weet het. Ik wou dat ik meer had gedaan, harder geprobeerd." "Van wat hij vertelde heb je je best gedaan." "Niet hard genoeg. Hier. Jij moet dit aan hem geven, en hier is 20 dollar, hij was maar 140. Ik laat het aan jou over." "Nee. Het is van ons beiden en we geven het ook met z'n tweeën. "Ik wil me niet opdringen." "Dat doe je niet. Het is voorbij. Hij wil net doen of het niet gebeurd is en dat gaat makkelijker als we er allemaal zijn." Ik was verbaasd over mezelf hoe volwassen ik me gedroeg. "Kom op." Ik maakte vlug een
kop thee, terwijl Tyler de gitaar uit het zicht zette. Toen riep ik Curtis om binnen te komen. "Hé daar," zei Tyler.
"Wat is er aan de hand," vroeg Curtis, van het ene naar het andere grijnzende gezicht kijkend. "We hebben een verrassing en het is van ons beiden," zei ik terwijl Tyler met een zwaai de gitaar pakte en hem aan Curtis gaf, die verbijsterd keek. Hij keek naar de gitaar, en toen van het ene naar het andere gezicht. "Dit kan ik me niet veroorloven ..." zei hij uiteindelijk, met een wat onvaste stem. Ik kon zien dat hij op het punt stond om opnieuw te gaan huilen. "Waarom zou je een cadeau moeten 'betalen'?" vroeg Tyler. "Maar dit moet een fortuin hebben gekost." Hij leek verward. "Het maakt niet uit wat het heeft gekost, we wilden het je geven. Het was bedoeld om je een beetje op te vrolijken," zei ik. "Hij is prachtig, ik weet niet wat ik zeggen moet jongens. Drew, je hebt al zoveel voor me gedaan, en Tyler, ik heb je altijd alleen maar problemen bezorgd. Ik..." Zijn stem stierf weg, en hij haalde diep adem. "Hartstikke bedankt."
Hij zette de gitaar tegen de muur, en strekte z'n armen naar ons beiden uit en gedrieën omhelsden we elkaar. Een beetje ongemakkelijk, maar het was een prachtmoment. Ik voelde opnieuw de tranen in mijn ogen en kon zien dat Curtis ook huilde, maar deze keer was het van blijdschap. "Dit is het liefste wat iemand ooit voor me gedaan heeft," zei hij, terwijl hij achteruit stapte en z'n tranen wegveegde. "God, kijk mij nou, huilend als een baby. Bedankt jongens. Ik..." Hij stopte opnieuw. "Speel eens een stukje voor ons, maestro!" zei Tyler, die zich als eerste hervond. Ik gluurde naar hem en ik zou er m'n hand niet voor in het vuur durven steken, maar ik dacht dat ik een glimp van een traan in z'n ogen zag.


©original text: Ardveche
©Nederlandse vertaling: Lucky Eye, 2018. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de houder van het auteursrecht.

Lucky Eye
Berichten: 104
Geregistreerd: zaterdag 07 februari 2015 15:42
Woonplaats: Zwolle
Ontvangen Bedankjes: 138 keer
Bericht Re: NIEUW IN CALIFORNIË door Lucky Eye » zondag 04 november 2018 07:29

Hoofdstuk 8 - Begin van het weekend

Het duurde een paar minuten voordat Curtis zich genoeg hersteld had om te kunnen spreken. En toen hij dat deed klonk het nog steeds behoorlijk onsamenhangend. Hij bedankte ons diverse keren en omhelsde ons nog eens terwijl hij regelmatig met de mouw van zijn shirt over zijn gezicht streek. Al met al was het een roerende scène en, op het huilen na dan, herinnerde het me aan Kerst als een kind. Ik kreeg het idee dat Curtis sinds zijn moeder was overleden weinig cadeaus had gekregen. Ik voelde me echt lekker voor het eerst die dag bij het idee dat ik hem blij zou kunnen maken met die paar dollars die ik toch niet echt nodig had. "Als jullie van plan zijn om dit nog een tijdje te doen, moet ik jullie vragen om naar een andere kamer te gaan. Ik moet nodig de plantjes water geven."
Ik was zo druk bezig geweest met Tyler en het cadeau dat we voor Curtis hadden gekocht dat ik haar aanwezigheid helemaal vergeten was. "Sorry, Lois!" zeiden we tegelijkertijd en opnieuw barstten we uit in lachen. Opnieuw smeekte Curtis ons om op te houden terwijl hij ineenkromp van de pijn. "En je kleren, jongeheer Reid, ruiken naar rook! Drew's moeder zal het daarmee niet eens zijn. Zo maak je zelf uit de voeten en ik verwacht later een privé recital. Oké?" "Oké." En daarmee dropen we gehoorzaam af. "Oh Lois!" riep ik. me ineens iets herinnerend, "Bijna vergeten. Er ligt een hoop wasgoed..." "Ben ik al me bezig. Vanavond is het klaar. Maak dat je weg komt." En met haar handen maakte ze vegende gebaren naar me.
Maar de glimlach op haar gezicht en de twinkeling in haar ogen vertelden me dat het voorval in de keuken haar net zoveel geraakt had als ons. "Ik zou eigenlijk mijn spullen moeten opruimen," zei Curtis terwijl wij naar boven liepen. "Ik help je straks wel." "Er is maar een doos Drew! Denk je dat ik veel hulp nodig zal hebben?" "Oké, doe het maar zelf ik zal onderwijl wel tegen je praten dan.” "Je mag me lastig vallen onder één voorwaarde." "En dat is?" "Dat ik je geurtjes mag gebruiken?" "Deal. Maar je mag het wel houden hoor. Gebruikte spullen wil ik niet terug," grijnsde ik naar hem. "Oh, haha, jij bent grappig zeg!” "Niet dan?" Ik probeerde onschuldig te kijken maar het werkte niet. "Alleen om naar te kijken." "Hou je mond." Eigenlijk was ik reuzeblij dat hij zo snel weer in zijn eigen doen kwam en het punt dat ik gescoord had deed er eigenlijk niet toe.
"Zeg, houden jullie nu eindelijk eens op?" Tyler keek naar ons met een glimlach op zijn gezicht. We gingen naar mijn kamer en Tyler nam meteen de enige stoel in beslag (benen bij de enkels over elkaar geslagen en voor hem uitgestrekt) terwijl hij zijn wenkbrauwen naar me optrok waarmee hij bedoelde dat Curtis en ik, samen, op het bed konden gaan zitten. Ik noteerde in mijn achterhoofd dat ik Lois' voorstel om meubilair uit andere kamers hierheen te halen eens moest gaan uitvoeren. Niet dat ik niet met een van hen beiden op bed wilde zitten maar gewoon, ik wilde er geen gewoonte van maken om alles op zijn
Japans (op de vloer) te doen. Alhoewel ik het met sommigen misschien juist wel op de grond zou willen doen zonder enige aarzeling! Als je begrijpt wat ik bedoel.
Curtis sloeg zijn ene been over het andere en liet de gitaar er op rusten. Ik bewonderde het donkeren, glinsterende hout van het instrument terwijl hij aan de snaren plukte en die kleine, onbeduidende (hoe heten ze nou?) dingetjes speelde voor hij tevreden naar ons opkeek met een lach op zijn gezicht. "Willen jullie echt dat ik iets voor jullie speel?" Hij scheen bezorgd. "Ja!" riepen we in koor. "Uh, oké. Mijn armen doen echter vreselijk zeer dus het zal niet zo geweldig klinken. Oké? Wat moet ik spelen?" "Iets dat je moeder leuk gevonden zou hebben," zei ik zonder na te denken. Meteen daarna sloeg ik mijn hand voor de mond en viel stil. Mijn ogen smeekten om zijn vergeving. Hij lachte lief naar me en knikte. Zijn prachtige groene ogen hadden een verre blik. De kneuzingen rond zijn oog en de snee op zijn voorhoofd deden me inwendig huiveren maar toch maakte het hem er niet minder aantrekkelijk. Misschien zelfs
wel knapper.
"Oké, dit is, 'Where have all the flowers gone'?" Hij keek ons aan en peilde of we wisten waar hij het over had. "Uh, nou ja, het is de bedoeling. Het was een van haar favorieten." Terwijl hij zo sprak, begon hij te spelen. En het klonk geweldig. Ik meen het echt. Het deed hem duidelijk veel pijn, het zitten en het spelen maar ondanks dat, speelde hij het prachtig mooi. Ik zat en keek naar de delicaat uitgevoerde dans van zijn vingers over de snaren en lachte als een dwaas om het idee dat zoiets eenvoudigs hem zo klonk had kunnen maken. Curtis keek naar wat hij deed zo geconcentreerd dat ik eventjes naar Tyler keek en zag dat ook hij genoot. Eerst speelde hij een couplet en toen begon hij te zingen met een verrassend mooie stem. Om eerlijk te zijn, kreeg ik het idee dat hij, terwijl zijn stem in kracht toenam, ons hele bestaan vergeten was.
"Waar zijn alle bloemen heen?
Lange tijden vervlogen.
Waar zijn alle bloemen heen?
Lang geleden.
Waar zijn alle bloemen heen?
Jonge meisjes plukten ze, alle bloemen.
Wanneer zullen ze het eens leren?
Wanneer zullen ze het eens leren?"
En toen tot mijn grote verbazing voegde Tyler zijn stem bij die van Curtis. Zijn stem duidelijk lager en zachter en wellicht niet zo zuiver als die van Curtis, maar ze verbaasden me die twee. Hij knikte terwijl
ze doorzongen en toen Curtis het eind van het lied bereikte keek hij op naar Tyler die zijn hoofd van verbazing schudde. Ik applaudisseerde voor hen beiden met ongeveinsde enthousiasme. "Ik herinnerde me dat nog van toen ik wel eens bij je was. Joan, en dan nog iets, uh, Baez? Ik weet nog dat je moeder dat met ons zong." "Ja, Joan Baez." "Ze had een geweldige stem, je moeder." "Ja," knikte Curtis zachtjes. Er scheen niets meer toe te voegen en daarom veranderde hij snel van onderwerp maar het was duidelijk dat hij geroerd was door Tylers herinneringen. "Nu iets moderners?" Tyler keek op zijn horloge.
"Waarom niet? Maar dan moet ik echt rennen voor de training. Wat laat je ons horen?" "Uh, nou Drew houdt van 'Savage Garden' vandaar? Zijn eerdere aarzeling om te spelen leek geheel verdwenen voor het moment. Misschien wel door het enthousiasme van Tyler en mij. "Oké." "Wat vind je van 'Two beds and a coffee machine'?" "Mijn lievelingsnummer!" vulde ik aan. Dat was het eigenlijk nooit geweest, niet sinds ik mijn oude leven achter me had gelaten. Ik was gigantisch onder de indruk dat hij dit nummer gekozen had. Toen hij begon te spelen werd het me langzaam duidelijk dat de tekst een duidelijke boodschap voor me had. Regels als: 'een nieuwe blauwe plek te verstoppen en te verbergen', 'er is hoop in de duisternis' en 'de jaren gaan zo snel voorbij' leken meer relevant dan ooit. Ik werd tot in mijn diepste geraakt en voelde duidelijker dan ooit de affectie voor deze dappere, gecompliceerde jongen die hier naast me zat te spelen op zijn gitaar.
"Fantastisch, Curtis. Man je moet bij een band vriend!" Tyler sloeg zijn handen op zijn dijbenen en stond op. Zijn stem deed me ontwaken uit mijn overpeinzingen en met moeite hield ik mijn starende blik van
Curtis' gezicht om Tyler aan te kijken. Ik voelde een brok in mijn keel. "Maar ik moet nu echt gaan anders zal de coach me levend villen. Ik zie jullie nog wel, oké?" "Oké, en Tyler? Bedankt voor alles." Curtis stond op en zette de gitaar naast de boekenkast. "Hé, geen probleem man. Daar heb je toch vrienden voor?" En hij liep langs me heen om Curtis een vluchtige omhelzing te geven. "Doe jij nu
maar rustig aan anders kom ik langs om je een flinke trap onder je kont te geven!" Hij lachte naar Curtis en toen naar mij en liep naar de deur. "Tot ziens!" riep hij terwijl hij vertrok en ik hoorde hem met
veel lawaai van de trap af denderen.
Even later riep hij beneden een bedankje naar Lois en nog even later hoorden we het geluid van zijn
vertrekkende auto. Toen overviel de stilte het huis. "Curtis, dat was echt prachtig." Hij was weer op het bed gaan zitten en lag op zijn rug een hand over zijn ogen. "Ja?" lachte hij verlegen en keek naar me op alsof hij wilde vaststellen of ik het nu werkelijk meende of niet. En iets in mijn ogen moet hem die verzekering gegeven hebben. "Ik ben blij dat je het mooi vond." "Ik zal in het vervolg heel anders aan dat liedje denken." Ik meende het echt maar hij keek me verward aan en barstte in lachen uit. "Wat is
er?" wilde ik weten. "Het is alleen maar een liedje, Drew. Het is goed, maar word niet week zeg!" "Week?" Ik was ontsteld, maar de grote grijns op zijn gezicht maakte me aan het lachen.
"Dat zei ik ja." "Ik zal je laten zien wat week is." En dat zeggende pakte ik hem bij zijn schouders beet en drukte ik een kus vol op zijn lippen en bleef zo tijden aan hem vastgekleefd. Toen ik me weer oprichtte, had hij zijn ogen nog steeds gesloten en ontsnapte er een diepe zucht aan zijn lippen. "Wow!" "Je smaakt naar rook", constateerde ik nuchter en opnieuw moesten we beiden lachen. We lachen naast elkaar op het bed onze benen over de zijkant. Zijn hand zocht en vond de mijne en kneep er zachtjes in. "Drew? Mag ik je iets vragen?" "Uh, ja natuurlijk." Ik was bang dat er een vraag zou komen die ik niet zou kunnen beantwoorden. "Mag ik je tandpasta lenen?" Ik draaide mijn hoofd naar hem toe en zag een gemene, speelse, glinstering in zijn ogen en ik kon het niet helpen maar moest opnieuw lachen. "Goofy!" zei ik terwijl ik hem op zijn arm sloeg. "Auw!"
"Verdomme, sorry. Deed het zeer?" Mijn reactie was overladen met oprechtheid. "Hier laat me je beter kussen." En voor de tweede keer in vijf minuten kuste ik hem op zijn lippen. Ik voelde hij zijn lippen uiteen weken en het puntje van zijn tong raakte de mijne voorzichtig. Ik trok mijn hoofd terug en ging rechtop zitten. "Drew, het spijt me. Ik dacht..." Zijn blik was er een van diep berouw. "Je gedachte was goed. Maar je moet eerst maar eens mijn tandpasta lenen!" "Jij vuile donder!" "Ik heb nooit gezegd dat ik aardig was. Maar je smaakt als een asbak, vriend!" "Zo hoeveel asbakken heb jij al gekust dan?" sneerde hij naar me. "Ik vertel nooit iets over met wie ik kus." "En bovendien heb jij zelf die verdraaide sigaretten voor mij gekocht!"
Een duidelijk punt voor hem en een die ik vergeten was. "En jij bent me nog steeds geld schuldig," schoot ik terug. "Weet je, normaal rook ik niet zoveel als vandaag!" Ineens was hij serieus. "Het is goed. Het is een stressy dag geweest. Maar weet je, je zou ook kauwgom kunnen gaan kauwen in plaats van te roken?" "Weet ik. Vind je het erg als ik me even douche?" "Curtis, als je hier een tijdje blijft, en dat doe je, hoef je niet steeds toestemming te vragen om een douche te nemen hoor. Oké?" "Maar..." "De schone handdoeken liggen in de kast bij het raam." "Dus ik kan jouw badkamer gebruiken?" Hij sprak de zin langzaam uit en keek daarbij erg beteuterd. Hetgeen erg belachelijk stond. "Nou ja je mag ook op het grasveld onder de tuinslang gaan staan!" "Dat zou je wel willen hé?" "Nou...!" Eigenlijk zou ik het helemaal niet erg hebben gevonden.
"Viezerik. Ik moet even wat spullen van beneden halen." Hij richtte zich langzaam op en liet me alleen met mijn gedachten over wat er zich allemaal had afgespeeld sinds Tylers vertrek. Wat had ik gedaan? Waarom had ik het gedaan? Was het eerlijk van mij in aanmerking genomen hetgeen ik voelde voor Tyler? Voelde ik dat wel echt voor Tyler? Ik had wel een dozijn vragen en het scheen me goed om er serieus de tijd voor de nemen voor ik me opnieuw zou laten leiden door mijn hormonen. Ik moest gewoon weten of ik hem gekust had omdat ik me tot hem aangetrokken voelde of dat ik alleen maar medelijden met hem had. Ik was nog steeds diep in gedachten met deze en andere vragen bezig toen
hij terugkwam. Ik probeerde mijn liefste glimlach te tonen.
"Ik ben klaar. Kom je ook?" vroeg hij met een ondeugende grijns en opgetrokken wenkbrauwen. "Nee. Ik denk dat je dit zelf wel kunt." "Maar het is niet zo leuk, alleen." "Ga je wassen man. Je stinkt." "Is het goed dat ik jouw zeep en spullen gebruik?" Wat wilde hij toch steeds met al die vragen? "Jaaa! Ga nu maar!" "Dank je wel." En opnieuw was ik alleen met mijn gedachten. Het scheen een eeuwigheid te duren voor het geluid van stromend water eindelijk begon. En ik denk dat dat kwam omdat het hem grote moeite kostte om zich zonder hulp uit te kleden. Misschien had ik hem even moeten helpen? Niet vanuit geile overwegingen maar puur als humanitaire hulp. Had je anders van mij gedacht? Hij was ongeveer 40 minuten in de badkamer.
En die tijd bracht ik grotendeels door met doelloos uit het raam te kijken. Ik weet, ik had de tijd beter kunnen besteden door diep na te denken, maar mijn hoofd was gewoon leeg. Ik stond daar en keek naar buiten en pas toen het water stopte met stromen keek ik voor het eerst op de klok. Toen pas realiseerde ik me hoeveel tijd er voorbij was gegaan. Ik wachtte nog een poosje en toen opende hij de deur. In een wolk van stoom en nog steeds enigszins druppend kwam Curtis tevoorschijn. Hij had een handdoek om zijn middel geslagen en met een andere droogde hij zijn haar. Voor de eerste keer keek ik echt naar zijn lichaam en ik moet bekennen dat ik bepaald niet teleurgesteld was (met uitzondering natuurlijk van de blauwe plekken en kneuzingen die me nog steeds onvrijwillig deden huiveren). Hij was een mooi gebouwde man. Glad met mooie contouren. Geen overdaad van spieren. Maar gewoon mooi, solide. Hij stopte met het drogen van zijn haar en keek me schuin aan.
"Vool vijf dollal, bedlijf ik lang de liefde met u meneel," sprak hij met een lijzig Aziatisch accent. Ik lachte luid en gooide een kussen naar hem die het doel totaal miste. "Ik denk dat je beter je mond kunt houden, dat staat je beter!" zei ik nadat ik bijgekomen was. "Aardig hoor! Zeg, Drew?" "Wat is er?" "Wat is er gebeurd met mijn kleren?" "Oh die liggen allemaal bij de was." "Ah nou dan denk ik dat je een keuze hebt." "En waaruit kan ik kiezen?" "Je kunt me hier op je kamer houden: naakt? Of me wat kleren lenen?" "Wat was mogelijkheid 1 ook alweer?" "Grapjurk!" "Ja, oké, help jezelf maar." Ik trok de kastdeuren open zodat hij iets zou kunnen uitzoeken en wachtte op zijn actie. "Wow. Waarom heb je zo veel shirts nodig? Je kunt wel een winkeltje beginnen!” "Kies nou maar wat uit, wijsneus." Hij keek een tijdje en koos toen een donkergroen shirt en een cargo broek in kaki. "Is dit goed?" "Natuurlijk."
"Dank je." Hij stond daar met die twee dingen in zijn handen en ik stond daar toe te kijken hoe hij ze vasthield. Er gebeurde niets. "Uh, je blijft daar toch niet staan toekijken hé?" Hij kwam behoorlijk nerveus over bij dat vooruitzicht. En ik moet je eerlijk zeggen dat ik er helemaal niet bij na had gedacht. In zo'n geval had ook ik graag wat privacy gewild. "Oh, nee natuurlijk. Ik wacht wel even buiten. Roep me maar als je iets nodig hebt." "Dank je wel, man." "T-shirts, shorts en sokken liggen in de ladekast." "Cool." Ik ging naar buiten, trok de deur achter me dicht en leunde met mijn rug en handen tegen de muur en sloot mijn ogen. Ik hoorde laden open en dichtgaan. Daarna een paar minuten waarin ik niets hoorde. "Drew?" "Ja?" riep ik terug zonder me te bewegen of mijn ogen te openen.
"Zou je even hier kunnen komen?" Ik maakte me los van de muur en ging naar binnen. Hij zat op de rand van het bed met een nog bloot bovenlijf. Het shirt en de T-shirt lagen naast hem. "Wat is het probleem?" vroeg ik hem. Hij knikte en beet op zijn onderlip. "Wat dan?" "Uh, het verband. Ik bloed nog steeds een beetje en wil je shirt niet vernielen." Ik controleerde zijn rug. Er was nergens bloed te zien maar het zou heel goed kunnen dat de wondjes door te bewegen toch weer open zouden gaan. "Oké, wacht maar eventjes." Ik liep naar beneden en haalde verband, gaasjes, pleisters en een schaar uit de verbanddoos. Bij mijn terugkomst zat hij op het bed zoals ik hem achtergelaten had. Met een verloren uitdrukking op zijn. "Als de klok slaat, blijft je gezicht zo staan hoor," zei ik terwijl ik alles naast hem uitstalde.
Een voorzichtig lachje kwam op zijn gezicht en ik begon me af te vragen of zijn stemming ooit voor langer dan een paar minuten dezelfde bleef. Ik vermoedde dat hij het niet prettig vond om afhankelijk te zijn van een ander, of in deze situatie te zijn en wie kon hem dat kwalijk nemen? Ik bekeek de situatie even en deed toen mijn uiterste best om Lois' werk van de vorige dag te imiteren. Het kostte me een tijdje en het was niet echt netjes maar nergens dreigde meer het gevaar van lekkende wonden of loslatende bandages en eigenlijk was ik best tevreden met mezelf. "Dank je," mompelde hij terwijl ik de spullen opberg. Hij had de hele tijd rustig gezeten en zijn armen opgetild en weer neergelegd als ik
dat gevraagd had. Over het algemeen heel gedwee dus. "Ik ben wel geen Florence Nightingale, maar het zal wel houden." "Je bent een geweldenaar Quinn." "Ik weet het," en gaf hem een schuine, half glimlach, half grimas. "Weet je, ik zou er gewend aan kunnen raken dat je zo afhankelijk van me bent." "Ja? Wind je dat op?"
"Een beetje." Ik probeerde het een beetje te temperen me herinnerend dat ik eigenlijk eerst mijn gevoelens voor hem op een rijtje moest zien te krijgen voordat ik verder met hem ging. "Ik wed dat ik je nog meer kan opwinden. En zonder je aan te raken." Met een strakke blik en een raadselachtige lach staarde hij naar me. "Oh? Hoe dan?" Ik was geïntrigeerd. Hij wenkte dat ik dichterbij moest komen en ik leunde voorover naar hem. Opnieuw een wenk van hem en ik ging nog iets dichter naar hem toe. Hij bracht zijn mond naar mijn oor en fluisterde erin. "Ik draag je ondergoed." En weet je wat? Tegelijkertijd was het een heel amuserende gedachte maar ook behoorlijk opwindend. Ik bedoel normaal zou het een smerige gedachte zijn maar het was schoon en kwam regelrecht uit de kast en daarom toch anders. Ik sloeg dubbel van de lach en toen ik weer bijkwam had hij het T-shirt aan en was hij druk doende het shirt over mij vandaan te trekken om ook dat aan te trekken.
Ik rolde op mijn zij en liet hem het shirt pakken. Ik zat op het voeteneind van het bed nog naschuddend van het lachen en Curtis haalde zijn wasgoed uit de badkamer. "Je bent niet te verbeteren, weet je dat!" riep ik hem na. "Maar wel sexy." Ik reageerde niet op zijn opmerking toen hij naar me terugliep en zijn kleren en laarzen op een hoop naast het bed deponeerde. Hij keek op me neer en hing het kruis aan de ketting om zijn nek. "En je bent me nog een kus schuldig!" "Ja? Nou ja zeg? Ik heb van jou nog een pijpbeurt tegoed!" kaatste ik terug en wenste meteen dat ik het niet gedaan had. Daar ging mijn voornemen om hem niet te voeren! Daar gingen de goede voornemens om mijn hormonen te willen controleren!
"Jezus! En ik dacht nog wel dat je dat gedaan had als liefdadigheidswerk." Hij lachte en ik wilde me al niet meer zo rot over mijn vorige opmerkingen. Hij vatte het gelukkig op als een grap. "Misschien kunnen we een afbetalingsregeling treffen, later?" "Ik accepteer allen contanten." Ik besloot dat het het beste was om het licht te houden. "Verrek, maar dat heb ik niet." "Natuurlijk wel en een heleboel." Ik bevroor en wenste dat de aarde zich zou openen om me te verzwelgen. De glimlach was van zijn gezicht verdwenen en hij keek echt boos. Ik moet nodig eens gaan werken aan dat eerst denken en dan pas praten. "Is dat zo!" De woorden kwamen er rustig uit en het was duidelijk dat hij probeerde zichzelf onder controle te houden en niet tegen me te schreeuwen. "Waar, verdomme, heb je nog meer je neus ingestoken?"
"De tabaksdoos," zei ik wetende dat ik het beste eerlijk tegenover hem kon zijn. "Het viel uit de zak van je jas en er zat drugs in. Ik moest zeker weten dat er niets anders was dat mijn moeder zou kunnen vinden. Vandaar!" Ik probeerde een duidelijke 'sorry' in mijn toon te leggen. "Ja? Heb je mijn brieven ook gelezen?" "Nee!" Hij draaide zich om en liep naar het raam. Het was duidelijk dat hij vocht om zijn kalmte te bewaren maar door het ballen van zijn vuisten waren zijn knokkels wit. Ik bleef waar ik was en wachtte tot hij iets zou zeggen. "En welke theorie hebben jij en sporty-boy bedacht om dit alles te verklaren?" sprak hij langzaam en uitdrukkelijk. "Noem hem niet zo?" "Oh, het spijt me, ik vergat dat jij en hij iets hebben. Oh, nee, nu weet ik het weer, dat is niet zo." Ik besloot zijn opmerking over mijn kant te laten gaan al deed het me zeer en was het duidelijk door hem ingecalculeerd.
"Je moet toegeven dat je verdacht leek." "Niet als jij er vanaf was gebleven." "Nou dat deed ik dus niet. En het spijt me. Maar het lijkt alsof je aan het dealen bent. Probeer het eens van mijn kant te bekijken," smeekte ik hem. "Waarom zou ik dat doen?" Zijn rug was nog steeds naar me toegekeerd. Maar voor ik iets kon antwoorden ging hij verder. "Dus je denkt dat ik drugs verkoop?" "Het lijkt erop. Is het zo?" "Heb je het geld geteld?" "Nee!" "Het is precies $ 1.180. Als ik deal dan doe ik het niet erg goed. Nou?" Ik was verrast, het had veel meer geleken. Tegen zijn rug te moeten praten begon me op mijn zenuwen te werken en daarom stond ik op, liep naar hem toe en legde een hand op zijn schouder. "Curtis, het spijt met. We hadden niet jouw spullen moeten doorzoeken. We hadden het recht niet om dat te doen." Hij voelde erg gespannen.
"Nee. Je had het niet moeten doen." Hij werd een beetje rustiger en draaide zijn hoofd naar me toe. "Wil je weten waar het geld vandaan komt?" "Alleen als jij het wilt vertellen." "Ik heb ervoor gewerkt." "Oh." "Ja. 'Oh'. Ik heb de benzinetanks gevuld en het oliepeil gecontroleerd van mensen zoals jij en Tyler en geprobeerd iets te sparen van wat ik verdiende voor meer dan twee jaren. Goed gedaan hè? Duizend dollar. Waarschijnlijk heb jij wel 10 keer zoveel op je spaarrekening, of niet?" Dat kwam hard aan. Om eerlijk te zijn, zoveel geld staat er nou ook weer niet op mijn rekening maar het was duidelijk wat hij bedoelde. Ik had er nooit voor hoeven te werken. "Curtis, het spijt me." "Dat zei je al eerder. Ik ga naar beneden om mijn spullen wat op te ruimen." "Ik kan je helpen."
"Nee. Het lukt me wel." Hij pakte zijn kleren van de grond, kreunde zachtjes toen hij zich voorover boog, en liep zonder nog iets te zeggen mijn kamer uit. Ik wilde hem achterna gaan maar besloot het niet te
doen toen ik bij de deur was. Ik moest hem wat tijd gunnen om tot zichzelf te komen. Ik ijsbeerde door de kamer heen en weer en sloeg met in gedachten telkenmale voor het hoofd vanwege mijn stupide gedrag. Toen ik mijn moeder hoorde thuiskomen, liep ik naar beneden. De deur van Curtis' kamer was gesloten en ik hoorde geen enkel geluid. Ik ging verder naar de keuken net op tijd om mijn moeder te treffen toen die de voordeur binnenkwam. "Hoi, lieverd. Hoe was je dag?" "Het had hoogte- en dieptepunten," antwoordde ik en liet het daarbij. We liepen samen naar de keuken waar Lois bezig was met het strijken van een van Curtis' shirts. Mijn moeder keek naar de hoop wasgoed en toen naar ons.
"Waar komt dit allemaal vandaan?" "Uh, bij Curtis vandaan. Hij heeft vandaag wat spullen opgehaald." "Ik begrijp het." Een pauze.
"Waarom heb ik het idee dat mij niet alles verteld wordt?" Lois en ik keken elkaar aan en ze hield haar schouders op. "Onderweg naar zijn huis dumpte hij me," zo nu was ze in elk geval een beetje op de hoogte. Maar het leek erop dat ik een besluit dat ik vandaag had genomen moest breken. "Zijn vader was echter thuis en die heeft hem opnieuw in elkaar geslagen. Tyler en ik hebben het echter geregeld." "Ik kan het niet begrijpen dat je zo stom was Andrew." "Huh?" "Om jezelf in zo'n situatie te brengen. Wat als jij klappen had gekregen?" "Dat is niet gebeurd." "Hoe overtuigend." "Wat wil je nou?" "Ik bedoel dat die jongen niets anders dan moeilijkheden heeft veroorzaakt sinds jij hem ontmoet hebt. Ik vind het heel vervelend dat hij problemen heeft maar hij heeft het recht niet om jou daarin mee te slepen en je in gevaar te brengen."
"Hij sleepte me niet mee. Ik ging achter hem aan omdat hij mijn vriend is." "Zodra hij goed genoeg is, moet hij een andere plek zoeken om te gaan wonen. Er moet toch wel ergens een familielid zijn of zo waar hij ..." Voordat ze verder iets kon zeggen werd haar woordenstroom afgesneden door Lois die de hele tijd onze woordenuitwisseling in stilte had gadegeslagen. "Margaret. Dit is mijn huis en die jongen blijft hier tot ik anders besluit. En dat is het eind van deze discussie," sprak ze vastberaden. "Moeder!" "Nee Margaret. Andrew is oké en Curtis heeft alleen nog maar een paar extra blauwe plekken opgelopen. Je zou Andrew moeten prijzen omdat hij zo'n goede vriend is die risico's heeft durven nemen voor zijn vriend, in plaats van hem uit te foeteren. Nu wil ik er geen woord meer over horen."
Met overtuiging richtte ze zich weer op haar strijkwerk maar haar toon had duidelijk gemaakt dat er echt geen discussie meer mogelijk was over dit onderwerp. "Fijn!" Het was overduidelijk dat mijn moeder niet echt blij was. Ze beende de keuken uit en de stilte viel in. "Dank je," zei ik. "Waarom? Ze heeft helemaal gelijk. Je hebt verrekte stom gedaan maar dat had ik je al gezegd." Mooi zeg, zelf Lois keerde zich van me af. Ik stapte ook op en ging terug naar mijn eigen kamer. Zo daar zaten we dan. Alle vier in verschillende kamers niemand met elkaar pratend. Mooi. Wat een prachtige dag. Ik zat op het bed en las een paar bladzijden in de 'Analects' (die ik van Josh gekregen had) en probeerde me er echt op te concentreren en er iets van te begrijpen. De tijd schreed langzaam voort en na zo ongeveer twee uur werd er op de deur geklopt.
Ik riep 'binnen' en mijn moeder kwam mijn kamer in. "Hoi." "Het spijt me, Andrew." "Oké." "Het eten is zo klaar ga je mee naar beneden?" Ik stond op en volgde haar de trap af. In de keuken was Curtis neergestreken op een stoel en praatte met Lois terwijl zij druk doende was bij de oven. Hij staakte het gesprek toen ik binnenkwam. Ik voelde me totaal niet op mijn gemak, in wat mijn eigen thuis zou moeten zijn. "Jongens, willen jullie de tafel even dekken?" Mijn moeder lachte naar me terwijl ze dit zei.
"Oké." Ik liep naar de ladekast waar het bestek lag en liet voor Curtis de rest van de bezigheden over. Toen hij vlak achter me langs liep om de pepermolen te pakken, plaatste hij zijn beide handen op mijn heupen en fluisterde in mijn oor. "Vrolijk wat op man." En toen, met mijn moeder in de nabijheid (maar
gelukkig keek ze de andere kant op), kuste hij aarzelend mijn wang.
Ik kreeg de hoop dat iedereen bereid was om te vergeven en toch weer vrienden met elkaar te zijn. Waarschijnlijk had ik mijn straf uitgezeten door een tijdlang alleen op mijn kamer te zitten. Het avondeten ging voorbij zonder verdere noemenswaardigheden. We kletsten wat over dingen die die dag gebeurd waren. Ik vertelde mijn moeder dat Kate en Tyler langsgekomen waren en Curtis bracht de gitaar die hij gekregen had ter sprake waarna ik hem vreselijk in verlegenheid bracht door maar te blijven doorzagen over hoe goed hij wel niet was totdat mijn moeder me verzocht om eindelijk eens te stoppen. Na het eten, en nadat de keuken weer een beetje gefatsoeneerd was, stemde hij er me in, zij het met enige tegenzin, om zijn gitaar te pakken en een paar liedjes te spelen voor mijn moeder en Lois. Ze bleken een net zo belangstellend publiek te zijn als Tyler en ik eerder die dag.
Nadat hij uitgespeeld was, haalde Lois het Scrabble spel tevoorschijn. Curtis veinsde professioneel vermoeidheid en verontschuldigde zich en met een koor van complimentjes en goedenacht wensen liet hij mij daar achter om verschrikkelijk verslagen te worden en te moeten toezien hoe de dames elkaar scherp bevochten om de punten. Het bleek dat zij het spel heel veel gespeeld hadden toen mijn moeder op de universiteit zat en zij samen een serieuze competitie hadden opgezet. Ik heb nooit geweten dat de score bij dit spel zo hoog kon oplopen en het was Lois die met een groot puntenaantal won. Ik weet niet hoe jij erover denkt maar ik heb een grotere hekel aan een goede verliezer dan aan een slechte. De eerste zit rustig achterover en lacht en praat over geluk en prijst zichzelf omdat hij het zo goed heeft gedaan en al dat ergert me gigantisch.
Nee, dan heb ik meer respect voor de slechte verliezer. Die laat tenminste duidelijk zien dat hij baalt. "Nou mensen. Ik wou dat ik kon zeggen dat ik er enorm van genoten heb maar ik ga naar boven om te slapen," zei ik terwijl ik me onhandig, we hadden de hele tijd (urenlang) op de grond gezeten, op mijn benen hees. "Welterusten lieverd." "Slaap lekker." En langzaam liep ik de kamer uit. Ik stopte opnieuw bij Curtis' deur maar aangezien het licht niet brandde en ik geen enkel geluid hoorde nam ik de volgende trap. Ik stapte onder de douche en probeerde de zin in te zien van alles dat zich vandaag had voorgedaan maar mijn hersens weigerden eenvoudig te werken. Uiteindelijk gleed ik tussen de lakens
en lag op mijn rug concluderend dat ik geen stap verder was dan 24 uur geleden. En ik had me nog wel zo voorgenomen om alles op een rijtje te krijgen. Ik staarde naar het plafond en herhaalde in mijn hoofd de gesprekken die ik gehad had met Tyler in de hoop aanwijzingen te vinden waaruit kon blijken dat hij zijn ware seksuele aarde verborg maar die pogingen raakten verwart met herinneringen aan hoe goed het had gevoeld met Curtis de vorige nacht en hoe wonderbaarlijk goed het was geweest toen hij mij gekust had.
Deze zaken maalden in mijn hoofd tot er zacht op de deur geklopt werd en ik een stem in het duister hoorde. "Klop, klop." "Curtis?" "Nee. De kerstman. Kan ik binnenkomen?" "Heb je cadeautjes voor me meegenomen?" "Misschien." "Dat is goed genoeg kom maar binnen." Hij liep naar het bed toe en ging
aan de andere kant van het bed zitten. Ik rolde me op mijn zij om hem te kunnen zien mezelf oprichtend op een elleboog, mijn hoofd rustend op mijn hand. "Je ziet er lief uit, zo verfomfaaid." "En op andere momenten?" "Aardig lelijk." Hij lachte naar me en ik kon zijn witte tanden in het duister zien maar dat was dan ook alles. Ik reikte naar het lichtknopje. "Nee. Laat maar." "Waarom?" "Zo kun je mijn blauwe plekken tenminste niet zien." Een korte pauze volgde. "Mag ik aan boord komen?
"Toegestaan." Ik trok het dek naar achteren en hij legde zich naast me neer. Meteen voelde ik de warmte van zijn lichaam dat naast me was. Hij schoof dichter naar me toe en ik legde een hand op zijn borst en keek in zijn ogen. "Sorry, van vanmiddag Drew." "Het is oké. Ik zat fout." "Ja maar ik reageerde te fel. Ik had dat geld al zo lang verborgen, weet je? Om te voorkomen dat mijn oude het zou inpikken. Ik had beter, nou ja ... ik weet het niet. Maar ik was over de rooie en het spijt me. Ik ben gewoon erg beschermerig ten opzichte van mijn persoonlijke dingen." "Laat nu maar." We lagen in stilte bij elkaar voor een tijdje. Ik streelde met mijn hand heen en weer over zijn borst en buik totdat ik kramp in mijn andere arm kreeg en terugrolde op mijn rug. Hij rolde mee en lag nu op zijn zij en legde zijn hoofd op mijn borst. "Ik kan je hart horen," fluisterde hij terwijl zijn hand over mijn borst bewoog. "En?"
"Het bonkt." En dat deed het. Mijn hart liep als een stampende trein en stuwde het bloed voort naar al die plaatsen waar het heen hoort te gaan. Zijn vingers vonden hun weg onder mijn T-shirt en ik ervaarde
iets geweldigs toen hij de naakte huid van mijn onderbuik aanraakte. Ik ademde diep in en hij stopte. "Is het goed?" "Heerlijk." "Hoe voelt dit?" Zijn vingers gleden onder de band van mijn shorts en bewogen verder naar beneden. Door het beetje haar dat ik daar heb en cirkelden rond mijn nu volledig harde penis. Zijn hand sloot zich om mijn stijve en bewoog zich op en neer. "Oh. Wow. Ja. Geweldig." Elk woord ontsnapte tijdens een diepe zucht. "Zullen we nu verder gaan met het afbetalingsplan?" Hij richtte zijn
hoofd op en kuste mijn kin zachtjes. "Goed," zei ik. "Zullen we beginnen met de kus die ik je schuldig ben?"
"Prima." En zonder dat hij me losliet, richtte hij zich enkele centimeters omhoog van het bed en plaatste zijn lippen op de mijne. We kusten elkaar teder op de lippen en de wangen en hij drukte zelfs zijn lippen een keer op mijn neus. Uiteindelijk keerde hij terug naar mijn lippen die ik bereidwillig iets opende waarna zich de fantastische sensatie van zijn tong in mijn mond openbaarde. En dan nog die heerlijk muntige smaak! WOW! Zijn handen op mijn lijf, zijn lippen op de mijne en zijn tong die zich tegen die van mij aan bewoog, de natte holte gevormd door onze monden was de beste ervaring die ik met hem tot nu toe had gehad. Ik had daar voor eeuwig willen blijven liggen, hem kussend, maar na een poosje verbrak hij de kus. "Doe je shirt eens uit." Instrueerde hij me. Ik was niet zeker wat hij in gedachten had maar gehoorzaamde snel. "Weet je, dit is de eerste keer dat ik je lijf zie." "En?" vroeg ik met enige aarzeling. "En het is oké," grinnikte hij naar me. "Fuck man."
"Ja echt?" Hij kuste me opnieuw en liet zijn tong en lippen toen een spoor trekken over van bovenlijf waarbij hij speciale aandacht schonk aan mijn tepeltjes. Dat was een geweldig gevoel. Bij dit alles was zijn hand nooit uit mijn shorts geweest en zijn manipulerende bewegingen waren noch minder geworden noch gestopt. "Zou ik dat bij jou mogen doen?" vroeg ik snel en aarzelend omdat ik niet wilde dat hij mij een of andere idioot zou vinden. Ik kon me niet voorstellen dat iemand dit bij mij zou willen doen. "Misschien," antwoordde hij even een kus onderbrekend. "Eventueel." "Heb je dit eerder gedaan," vroeg ik. "Of ik me heb laten neuken?" Ik knikte als antwoord. "Ja." "Echt waar?" "Ja." "En hoe was dat, hoe voelt dat?" "Pijnlijk in het begin maar als je er eenmaal aan gewend bent, voelt het goed." "Ik kan me dat niet voorstellen."
"Hier. Probeer dit eens." Hij ging op zijn knieën zitten en verplaatste zich naar tussen mijn benen terwijl hij mijn short naar beneden trok in een snelle beweging. Even was ik bang dat hij me meteen zou willen
nemen en daarom trok ik we iets terug. "Relax." Hij bracht zijn gezicht naar mijn kruis en nam mijn geval in zijn mond waarbij hij zijn hand gebruikte om me bij hem naar binnen te geleiden. Oh God, wat voelde dat goed. De tweede pijpbeurt van mijn leven. Hij zoog een tijdje aan me en richtte toen zijn hoofd op en keek me lachend aan. "Afbetalingsplan," fluisterde hij terwijl een vinger in zijn mond natmaakte. "Oh ja, graag," kreunde ik naar hem terug en hij richtte zich op zijn taak. Het voelde geweldig. Ik steunde en kreunde zachtjes genietend van de sensatie die mijn lijf doorkruiste.
Ik voelde zijn vinger tegen mijn gaatje duwen en toen die de kringspier doorboorde, gleed mijn pik helemaal bij hem naar binnen. Wel, ik ben duidelijk een amateur maar het was duidelijk dat hij dit vaker had gedaan. Het was fantastisch! Ik weet geen andere manier om het te beschrijven. Terwijl hij me keer op keer verzwolg, streelde zijn vrije hand mijn borst en duwde hij zijn vinger dieper en dieper naar binnen. En net toen ik het idee kreeg dat de flauwe pijn in mijn achterste teveel voor me zou worden, raakte hij iets dat me een geweldige kick gaf. Ik had genoeg gelezen om te weten dat hij mijn prostaat manipuleerde. Het gevoel maakte me gek. De top van zijn vinger en zijn mond stuurden golven van plezier door me heen. Ik kon het niet langer volhouden en spoot met een diep grommend geluid de ene na de andere straal in zijn keel.
Na het seksuele hoogtepunt liet ik me weer langzaam terugzakken op het bed en realiseerde me dat ik me met beide handen had vast geklauwd in zijn haar. Toen hij zijn vinger uit mijn anus haalde en mijn penis uit zijn mond liet glijden, liet ik hem los. Hij ging languit op me liggen, zijn gezicht vlakbij het mijne. Ik voelde zijn gewicht maar ook de overduidelijke aanwezigheid van zijn erectie tegen mijn onderbuik. "En hoe was dat?" "Wonderbaarlijk goed! Ik heb nog nooit zoiets lekkers gevoeld." "Is de schuld hiermee afbetaald?" "Meer dan dat! Ik ben jou nou iets schuldig." Hij lachte en kuste me
keer op keer. "Dat wat je deed?" "Welke?" "Dat me je vinger?" "Oh dat. Vond je het lekker?" "Geweldig lekker! Is dat hetzelfde gevoel als dat je geneukt wordt?"
"Een beetje. Maar de meeste pikken zijn een stuk langer en dikker dan een vinger. En daarom doet het vaak veel meer pijn bij het binnenkomen." Hij ging door met kussen. "Heb jij het ooit bij iemand gedaan?" Ik dacht aan de grootte van de zijne, groter dan de mijne en zeker veel groter dan zijn vinger. "Nee." "Zou je het bij mij willen doen?" vroeg ik voordat ik van gedachten zou kunnen veranderen. Zijn gezicht bevroor en hij staarde me aan. Ik keek in zijn starende ogen om hem te laten zien dat ik meende wat ik zei. "Niet zonder bescherming. En ik heb er geen." "Oh. Oké." "En ik denk ook nog niet dat jij er aan toe bent. Ik ook nog niet." Hij kuste me opnieuw en ik retourneerde de kus enthousiast waarbij ik mijn armen om hem heen sloeg en hem dicht tegen me aan trok. "Oké. Om de rekening te vereffenen lijkt het me beter dat jij nu op je rug gaat liggen." Hij rolde van me af en met een 'oef' en een 'ah' nam
hij zijn positie in. "Klaar?" "Maak je een grapje?" vroeg hij.
En om duidelijk te maken dat dat niet het geval was, trok ik zijn short naar beneden en nam zijn stijve in mijn hand net als de nacht hiervoor. Ik boog me voren en begon met mijn tong rond de kop van zijn lul te likken. Daarna likte ik van de eikel de gehele lengte af. Ik nam hem in mijn mond en probeerde hem helemaal naar binnen te laten glijden zoals hij bij mij had gedaan. Maar dat lukte me niet zonder te kokhalzen. Daarom liet ik het bij likken en bewerkte ik tegelijkertijd zijn stang en ballen met mijn handen. Net als de vorige keer leek het maar zeer kort te duren voordat ik hem over de rand duwde. Terwijl ik zijn sap proefde en doorslikte realiseerde ik me dat ik nooit blijer dan nu was geweest. Dat ik hier wilde blijven. En dat hij degene was met wie ik samen wilde zijn.
Ik legde me naast hem neer en trok de dekens over ons heen en nestelde me dicht tegen hem aan. "Weet je nog wat je gisternacht zei?" "Wat dan?" "Je zei dat je van me hield." "Heb je dat gehoord?" "Ja." "Oh, het spijt me." "Dat is niet nodig," even stopte ik voor het bereiken van het juiste effect, "ik geloof dat ik waarschijnlijk ook van jou hou."


©original text: Ardveche
©Nederlandse vertaling: Lucky Eye, 2018. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de houder van het auteursrecht.

Lucky Eye
Berichten: 104
Geregistreerd: zaterdag 07 februari 2015 15:42
Woonplaats: Zwolle
Ontvangen Bedankjes: 138 keer
Bericht Re: NIEUW IN CALIFORNIË door Lucky Eye » zondag 11 november 2018 07:26

Hoofdstuk 9 - De volgende morgen

Curtis hief zijn hoofd op en keek me vreemd aan. Hij begon twee keer met een zin maar brak hem ook iedere keer weer af, duidelijk moeite doend om zijn gedachten onder woorden te brengen. Ik liet hem begaan want ik wilde hem absoluut niet pushen. "Drew. Ben je daar zeker van." "Ja. Misschien. Ik weet het niet precies." Ik was doodserieus geweest toen ik het gezegd had maar nu zijn penetrerende blik op mij gericht was, raakte ik hopeloos confuus en onzeker. "Verwar seks en liefde niet met elkaar, vriend. Oké?" "Dat doe ik ook niet!" reageerde ik iets feller dan ik bedoeld had. Ik wist heus wel het verschil tussen liefde en seks. Echt wel? Of toch niet? "Ik denk dat je het wel door elkaar haalt en dat je bovendien medelijden met me hebt," sprak hij op een milde bijna fluisterende toon tegen mijn schouder. Ik bespeurde iets van droefheid in zijn stem.
"Dat is niet eerlijk." "Maar ik denk dat het zo is." "Waarom moet je dit nu ter sprake brengen? Waarom bederf je nu alles." Ik jammerde als een klein kind maar het gaf me niets ik voelde me vreselijk aangedaan door hem. "Ik probeer niets te bederven. Het was heerlijk maar ik denk dat je jezelf niet voor de gek moet houden. En ook niet tegen mij moet liegen." "Ik lieg niet. Ik geef echt heel veel om je Curtis." "Wat niet hetzelfde is als houden van." "Oh, nu spelen we dus een woordspelletje." "Doe ik dat?" Zijn milde toon en de weigering om me in de ogen te kijken, begonnen me kwaad te maken. Ik ging rechtop zitten en keek hem met vurige ogen aan voordat ik begon te praten. "Wees niet zo'n zak, Reid." Ik probeerde een luchtige toon aan te slaan terwijl ik hem speels in zijn zij stompte.
Ik was zijn blauwe plekken en verwondingen totaal vergeten en dan ook compleet onvoorbereid op zijn reactie: een diepe kreun. "Oh Jezus! Auww!" Hij krulde zich op als een kleine bal en maakte zachte geluidjes. Ik was bang dat ik hem echt bezeerd had totdat hij hardop begon te lachen. "Kom op Quinn, doe me nog eens zeer. Ik hou ervan?" Ik knuffelde hem zo strak als ik durfde en sprak hem vermanend toe voor het feit dat hij me zo had laten schrikken. "Rotzak." "Ja? Stop maar met knuffelen als je zo over me denkt," mompelde hij tegen mijn borst. "Misschien later." "Drew, ik zou hier zo voor altijd willen zitten me je, man. Het voelt zo goed." "Ik weet het.” "Heel bescheiden ben je, nietwaar?” "Fuck," reageerde ik vervolgens. "Daar ga je weer!" Hij lachte en ik kon het niet helpen maar lachte met hem mee. Ik voelde we wonderbaarlijk goed. Het voelde ook zo verdomde goed om hier met hem te liggen en deze prachtige jongen vast te mogen houden.
Niets viel daarmee te vergelijken. Totaal niets. Mij eerdere zekerheid kwam terug terwijl ik daar met hem lag, hem vasthoudend en zijn haren strelend. Onze hartslag synchroniseerde zich en we ademden in hetzelfde ritme. De warmte en uitstralende kracht van zijn lichaam maakten dat ik me zo goed voelde, zo goed dat ik nergens anders wilde zijn en met niemand anders. Niet eens met Tyler. "Ik meen het echt.” "Mmm?" een niet bevestigende maar vragende grom van Curtis. "Ik geloof dat ik hartstikke verliefd op je word. En het is niet uit medelijden noch uit lustgevoelens. Er is zeker veel gebeurd maar we zijn zo dicht bij elkaar gekomen, zo dicht dat het me gewoon tijd heeft gekost om alles op een rijtje te krijgen." "Mmm?" gromde hij opnieuw, nu iets zachter. "Je hebt hieraan niet veel toe te voegen wel?" Ik geloof dat ik behoorlijk snel gefrustreerd raak. "Iets anders dan mijn schoonheid?" "Fuck."
"Ik dacht dat we het daarover al gehad hadden?" Ik kon zijn onderdrukte gegrinnik horen. Hij verroerde zich een weinig en ging een beetje achteruit zitten om me in de ogen te kunnen kijken. "Zeg het nog eens," instrueerde hij me. Ik keek heel lang in zijn diepe, groene ogen en zei toen met een stem die mezelf verraste vanwege oprechtheid en kalmte: "Curtis Reid, ik hou van je. Meer dan van iemand anders in de wereld." Hij keek me recht in de ogen en ik wachtte op zijn reactie niet van plan zijn blik los te laten voordat hij dat gedaan had. "Ik geloof je." Zijn stem brak terwijl hij sprak en hij leunde naar
voren om het puntje van mijn neus te kussen. Toen hij weer naar achteren boog, zag ik de tranen in zijn ogen. Hij omhelsde me zo hard dat het me zeer deed maar ik zei er niets van.
"Je hebt me zojuist de meeste blije persoon in deze hele wereld gemaakt, Drew. Ik hou zoveel van je dat het me zeer doet." "Net zo zeer als deze omhelzing?" grapte ik. "Maar je hebt het helemaal fout jongen. Ik ben de meest blije persoon op deze hele wereld en daar durf ik alles om te verwedden." "Jij?" "Ja ik. Denk eens logisch na! Ik krijg een mooie, gevoelige, slimme,vrijmoedige, sterke, dappere, prachtige, perfecte jongen." Hij snoof naar me en wilde beginnen te protesteren maar ik legde een vinger op
zijn lippen. "Laat me uitpraten! En het enige dat jij krijgt is een lichtvaardige, arrogante, stomme, ruggengraatloze idioot." Hij greep een mijn van tepels beet en draaide er aan. De plotselinge pijn
ontlokte me een kreet.
"Doe net zo belachelijk Drew." Hij kuste me nog eens op mijn neus terwijl ik de zere tepel zachtjes streelde en naar hem fronste. "Jij bent ook slim en cool. En verdomde mooi. Kijk eens naar je lippen." Hij
kuste ze. "En je wangen." Hij kuste ze. "En je liefelijke bruine ogen." Hij kuste mijn oogleden hetgeen raar overkwam op me. "En je kin." En zo ging hij door totdat ik hem in de rede viel. "Je bent dus alleen maar geïnteresseerd in mijn lijf." Ik probeerde beledigd te kijken maar het mislukte. "Yep." Hij stopte met het kussen van mijn buik en grinnikte naar me."Maar even serieus nu. Je bent niet eerlijk voor jezelf. Toen ik je ontmoette was je alles wat je net over jezelf gezegd hebt." "Tjonge, bedankt."
"Hou nou eens je mond! Maar je bent veranderd knul. Je bent een dappere, echte vriend geworden die voor me op is gekomen. En je bent zo aardig en meevoelend en daarom een behoorlijk goed mens als je dat masker laat vallen en je gedraagt zoals je werkelijk bent.” "Denk je dat echt?” "Zeker, dat doe ik. Ik ga niet graag naar bed met zakken." Ik neem aan dat hij dat bedoelde als een grap maar in mijn hoofd rezen vragen met betrekking tot zijn seksuele verleden dat duidelijk langer was dan het mijne. Het mijne zou je op de achterzijde van een postzegel kunnen schrijven. "Curtis, mag ik je iets persoonlijks vragen?" vroeg ik met enige aarzeling. "Natuurlijk, wil je mijn tweede voornaam weten?" "Huh?" "Ik maakte maar een grapje. Ga je gang?"
"Wat is eigenlijk je tweede voornaam?" Ineens had ik daarin, vreemd genoeg, belangstelling al zou het alleen maar zijn om mijn eigenlijke vraag nog wat uit te stellen. "Zou je me geloven als ik zeg dat het Mayfield is?” grijnsde hij schaapachtig. "Zonder dolletjes?" "Ja, ik heb het net verzonnen om nog idioter op je over te komen. Natuurlijk dol ik je niet. Wat is de jouwe?" "Timothy. Mayfield, echt? Wow." "Laat het rusten, anders ga ik je kietelen, Timothy!" dreigde hij me. "Je bent een harde kerel, Mayfield!" En opnieuw vervielen we in gegiechel. Niet voor de eerste keer was ik blij dat ik een kamer zover bij die van mijn moeder vandaan had gekozen. Nu kon ik gerust lawaai maken zonder angst dat het in de rest van het huis te horen zou zijn.
"Kan ik hier vannacht blijven?" vroeg hij toen we weer tot rust gekomen waren en naast elkaar lagen elkaars hand vasthoudend. "Moet je dat nog vragen? Natuurlijk kan dat!" Het was mijn beurt om zijn
neus te kussen op een, naar ik hoopte, liefdevolle en overtuigende manier. Ik denk dat het ook zo overkwam. "Eigenlijk zou je het ook niet moeten wagen om me nu te verlaten." "Nee. Ik denk dat ik maar blijf. Schuif eens een beetje op." "Voor jou mijn lief doe ik alles." Ik schoof op en lag op mijn rug
terwijl hij zich tegen me aanlegde een been over de mijne geslagen en zijn hoofd op mijn hart. Met een vingertop tekende hij cirkeltjes op mijn borst. Ik sloeg mijn armen om hem heen en zo gleden we samen af in een diepe slaap en ik bad dat dit de eerste van vele keren zou zijn.
Toen ik de volgende ochtend wakker werd, was ik helemaal alleen in het bed en plotseling voelde ik me verlaten. Ik was zo graag, net als eerder, in Curtis' armen wakker geworden. Nog wat doezelig ging ik
rechtop zitten en met ogen blind als die van een mol keek in het heldere daglicht. Niets leek erop dat Curtis de nacht bij mij had doorgebracht en eventjes vroeg ik me af of het niet alles een droom was geweest. Maar dat was het niets. Het was mooier geweest dan ik ook had kunnen dromen. Ik voerde mijn dagelijkse ochtendrituelen uit en trok zo maar wat kleren aan, hier minder zorg aan bestedend dan op een doordeweekse dag. Een vale spijkerbroek, een grijs T-shirt en een flanellen shirt. Gezien mijn haast, leek het toch nog aardig goed, vond ik. Ik borstelde mijn haar en hoorde een voorzichtige klop op de deur die ik al aardig leerde herkennen. "Klop, klop."
"Kom er maar in knapperd," riep ik luid zonder me om te draaien. "Ik had wel iedereen kunnen zijn man," antwoordde hij terwijl hij binnenkwam en achter me plaats nam. Hij legde zijn handen op mijn
heupen en kuste mijn nek. "Nee, niet zomaar iemand." "Dat is lief van je." "Waar ben je heen geweest vanochtend?" "Naar beneden. Ik wilde niet het risico lopen om in een ‘verdachte houding' betrapt te worden. En jij zag er zo vredig uit dat ik je niet wilde wekken." Hij kuste me opnieuw. "Ik heb iets voor je." "Wat? Iets beters dan een kus?" Gniffelend liet hij mijn middel los en reikte naar de hanger met het kruisje rond zijn nek en maakte dit los. Ik volgde zijn handelingen in de spiegel en zag hoe hij het vervolgens om mijn nek hing. "Hiermee wil ik je bedanken."
"Curtis, dat is niet nodig ..." "Ik weet het. Het was van mijn moeder en ik wil dat het nu aan jou geven. Ze had je vast erg aardig gevonden. Ik weet het gewoon." "En ik zou haar ook erg lief hebben gevonden. Iemand die zoiets liefs als jij heeft kunnen voortbrengen moet erg speciaal geweest zijn." Ik realiseerde me dat dit aardig slijmerig klonk maar was stilletjes verheugd toen hij diep rood in zijn gezicht werd. Hij bloosde. "Dank je, ik zal het als een schat bewaren." Ik draaide me om in zijn armen en kuste hem op de lippen. Toen we elkaar loslieten toonde hij me een brede, domme grijns. Hij stopte een hand in zijn broekzak en haalde een verfomfaaid biljet van vijf dollar tevoorschijn en overhandigde het me. "Waar is dat voor?" vroeg ik. "De sigaretten. Ik heb geen kleiner geld."
"Oh." En toen kwam een ideetje in je me; ik stopte het biljet terug in zijn hand en zei: "Vijf dollal. Nu moet je lang de liefde met mij bedlijven meneel." beiden braken we uit in lachen om deze stomme,
onnozele grap van de vorige dag. "Laten we gaan eten," stelde Curtis voor terwijl hij een hand op mijn
rug plaatste en me zachtjes in de richting van de deur duwde. Ik zag dat hij het geld op mijn kast legde maar besloot er maar niets van te zeggen. Als hij zo koppig wilde zijn over het betalen dan moest hij dat
maar zijn. We liepen de trap af en de keuken in waar Lois en mijn moeder de krant doornamen terwijl ze koffie dronken.
"Goede morgen, doornroosje!" zei mijn moeder toen ik binnenkwam. Een blik op de klok leerde me dat het al tegen het middaguur liep dus ik denk dat ze een punt scoorde. "Waarom zit je op mij te katten? En niet op hem?" Met mijn duim wees ik naar Curtis. "Curtis is al uren op, lieverd," voegde Lois toe. "Een zekere David heeft voor je gebeld Andrew. Ik heb zijn nummer genoteerd het ligt bij de telefoon," zei mijn moeder terwijl ze zich weer richtte op het kruiswoordraadsel. "David?" Ik was even perplex. "Oh, ja, David. Ik bel hem wel even terug!" En wierp daarbij een blik op Curtis die zijn schouders ophaalde en zichzelf een kop koffie inschonk. "Ben benieuwd wat hij heeft." "Daar kun je maar op een manier achter komen," zeiden Curtis en Lois tegelijkertijd hetgeen veroorzaakte dat mijn moeder zich zowat verslikte in haar koffie.
Ik liep naar de woonkamer en tikte het nummer, dat op het notitieblok stond, in. De telefoon ging een paar keer over en toen hoorde ik een bekende stem. "Hallo?" Uh, David? Hoi." "Drew, cool dat je terug belt man." "Natuurlijk doe ik dat." Waarom zou hij denken dat ik niet terug zou bellen? "Nou, gezien eergisteren, misschien was je wat kwaad weet je? Omdat wij allemaal naar Tyler gingen? Maar, het maakt niet uit, kom je vanmiddag hierheen voor de beloofde Hitchcock films? "Hè?" "Ik heb ‘Psycho', "Rear Window', ‘North by Northwest' en ‘Strangers on a Train' gehuurd de laatste is mijn favoriet." "Umm." Curtis kwam de kamer in en zette een kop koffie voor me neer. "Wat is er?" vroeg David. "Nou, ik heb het eigenlijk nogal druk vandaag David."
Ik keek Curtis aan die hevig zijn hoofd schudde en met armbewegingen en zijn lippen aangaf dat ik moest gaan. Ik schudde mijn hoofd. "Ja? Tyler heeft me verteld wat er gebeurd is met Reid. Is hij nog
steeds bij je thuis?” "Ja." Ik vroeg me af wat Tyler hem nog meer verteld had. "Zo. Tyler heeft me gevraagd om hem ook uit te nodigen." Het klonk eigenlijk te normaal, het had iets geforceerds. "Echt?" "Natuurlijk. Tyler zegt dat hij oké is." "Wacht even." Ik bedekte het spreekgedeelte van de hoorn met mijn hand en richtte me tot Curtis. "Hij wil dat we beiden langskomen om video's te bekijken." "Ik niet Drew, maar jij moet wel gaan. Echt!" "Weet je dat zeker? Ik wil je niet hier alleen achterlaten." "Dat doe je niet. Ga nu maar." Hij draaide zich om en verliet de kamer heel duidelijk makend dat de discussie voor hem gesloten was.
"Oké, ik kom langs. Maar beloof me dat ik ze niet alle vier op één dag hoef te zien? Twee is genoeg." "Watje!" "Maak me niets uit dat je dat zegt. Waar woon je ergens?" Ik schreef het adres op en na nog wat opmerkingen over en weer namen we afscheid en ging ik terug naar de keuken om mijn moeders auto te lenen en Lois te vragen waar dat adres ergens was. "Weet je zeker dat je niet wilt dat ik blijf?" vroeg ik Curtis. "Hij krijgt het veel te druk om je te missen jongen. Hij heeft aangeboden me te helpen in de tuin," informeerde Lois me. "Natuurlijk kan hij het zware werk niet doen maar ik heb in elk geval iets moois om naar te kijken. Iedereen lachte maar Curtis niet. Opnieuw overtrok een dieprode blos zijn gezicht.
"Oké. Dan ben ik over een paar uur wel weer terug. Goed?" "Veel plezier," klonk het in koor. Ik schudde mijn hoofd om zoveel malligheid en maakte dat ik weg kwam met de slordige schets van Lois in de hand. Het duurde me langer dan ik gedacht had om bij David’s huis te komen en een paar keer nam ik een verkeerde afslag. Uiteindelijk kwam ik bij het beoogde adres. Tyler’s BMW stond op de oprijlaan geparkeerd dus ik moest wel goed zijn. Ik bekeek mijn uiterlijk in het autospiegeltje en stapte uit. Ik was nog niet halverwege het pad toen de deur al openging. David grijnsde naar me. "Ben je alleen?" vroeg hij. "Ja, Curtis had geen zin. Ik deed dat hij nog steeds wat ontdaan is." "Ja. Kom binnen." Hij leidde me door de hal en een trap af naar de kelder. De wanden waren rondom bekleed met hout. Er stonden een paar banken en wat zitzakken en een grote t.v.. Tyler schonk cola in en grapte met Kate en een behoorlijk lange, goed uitziend, blond meisje die ik niet kende. "Hoi, Kate."
"Hé Drew. Dat is lang geleden," antwoordde ze wrang maar met een glimlach. "Drew, dit is Lynne," introduceerde David me bij het voor mij nieuwe meisje. "Hi, Drew. Tyler heeft me al veel over je verteld." Ze leek me aardig maar van binnen hoorde ik een stemmetje dat riep ‘maar hij heeft me niets over jou verteld'. Misschien niet zo aardig van me? "Leuk je te ontmoeten," slaagde ik te zeggen. "Hey," zei ik tegen Tyler toen ik een glas van hem aannam. "Hoi. Is die saaie pier niet meegekomen? vroeg hij zachtjes. "Hij wou niet." "Had ik wel gedacht," snoof hij terwijl hij ook Lynne een glas aanreikte. "Dank je," kweelde ze en kuste hem op zijn wang. Tyler liet zijn hand rusten op haar heup en de kus verplaatste zich van zijn wang naar zijn lippen. Wat ging de tijd toch langzaam.
"Hé, zonder je even af wil je," zei David en gooide een kussen naar hen. Ze gingen iets van elkaar zitten, Tyler met een schaapachtige grijns en zij met een trotse. Alsof dat er iets toe deed. Mijn maag maakte
plotseling een opwaartse beweging en ik voelde me schuldig. Tyler verdiende het om gelukkig te zijn, waarom had ik dan van die stomme gevoelens over Lynne. En trouwens ik had Curtis. Toch? "Ja, bekoel die Publieke Blijken van Affectie een beetje," voegde Kate toe. Ik hield me stil. "Wat gaan we eerst kijken? ‘North by Northwest'? Of willen jullie ze liever zien in de volgorde waarin ze gemaakt werden?" vroeg David terwijl hij wat rommelde bij de t.v. en videorecorder.
"'Psycho' natuurlijk eerst," reageerde Tyler met een grijns naar mij. "We zijn toch hier gekomen om onze onderontwikkelde nieuwkomeling uit het Oosten wat bij te brengen?" "Oké, je zegt het maar." Ik vraag me in stilte af hoe vaak Tyler deze woorden door David uitgesproken in zijn leven al had gehoord en voelde me meteen weer schuldig. Wat was er in me gevaren, waarom dacht ik zulke gemene dingen ineens? Zo ben ik niet! Kate ging naast me op de bank zitten en Lynne kroop dicht tegen Tyler aan in een grote fauteuil, terwijl David op de grond ging zitten en een uitgezakte zitzak gebruikte als steun in de rug.
David drukte op de afstandsbediening en zette de film in gang. Een groot gedeelte van de tijd besteedde ik mijn aandacht aan Tyler en Lynne. Vanuit mijn ooghoeken kon ik zien hoe ze hem regelmatig streelde en kuste. Maar tenslotte focuste ik mijn aandacht toch op de film. Het was behoorlijk goed, geloof ik, soms lag het er een beetje te dik op maar ik prefereerde het zeker boven de vele horrorfilm die vandaag de dag gemaakt worden. Voor een tijdlang lukte het me om me geheel en al op het scherm te concentreren en eindelijk voelde ik me relaxed. "Zo, wat vond je ervan, jongen?" vroeg David toen hij de tape aan het terugspoelen was. "Aardig goed," antwoordde ik vaag. "Aardig goed? Het is een klassieker man!" "Ach David, laat hem toch," gromde Tyler toen hij de kamer doorliep op zoek naar meer chips. "Wil er nog iemand een cola?"
Zijn reactie was een koor van stemmen en hij zuchtte diep." "Ik probeer hem juist waardering bij te brengen voor de filmkunst, Ellis," antwoordde David vinnig nadat zijn glas weer volgeschonken was.
"Hitchcock is een belangrijk deel van de culturele ontwikkeling." "Je bent er bezeten van." "Misschien." "Willen jullie eens ophouden?" vroeg Kate. "Het is slechts een film!" "Dat neem je terug!" schreeuwde David met een kwade blik op zijn gezicht. "Val dood." "Daar zul je voor boeten, ‘Katie'." "Noem me niet zo!" En viel hem aan. Ze pinde hem vast op de vloer en kietelde hem totdat hij om genade smeekte. Ik bekeek de gebeurtenissen met geamuseerde blik speciaal omdat het overduidelijk was dat David het
lichamelijke contact met Kate absoluut niet erg vond. "Hé, zonder je even af!" Tyler imiteerde de stem van Kate die dat eerder tegen hem en Lynne had gezegd en Kate begon een beetje te blozen.
Toen David weer wat op adem was gekomen liet ze hem gaan. Ik dacht aan Curtis. Hoe hij mij gekieteld had om me uit bed te krijgen en er ontsnapte me een onvrijwillige zucht. Waarschijnlijk had Tyler die
opgemerkt want hij trakteerde me op een kleine, halve glimlach en een optrekken van zijn wenkbrauwen. "Even pauze voor de volgende film?" "Heeft dan niemand van jullie enige uithoudingsverhouding?" wilde David weten. "Donder op, David," zei Tyler terwijl hij in een andere stoel, gescheiden van Lynne, plaatsnam. Ik kon er niets aan doen maar het viel me op. Hij nam een slok uit zijn glas, sloot zijn ogen en liet zijn hoofd rusten op de rugleuning. Eens te meer bleek dat Tylers woord wet was voor mensen als David. Niet dat ik zelf tegen zijn woorden zou ingaan hoor!
"Zo, hoe is het met Curtis?" vroeg Kate met een bezorgde blik op haar gezicht. "Vandaag veel beter maar alles nog wel pijnlijk," antwoordde ik simpel. "Ja?" "Yep. En hij is nog steeds erg verbaasd over alles." "Natuurlijk," zuchtte ze. "Ja. Hij geeft er zichzelf de schuld van." "Hoe lang blijft hij bij je?" "Totdat Lois hem laat gaan!" grapte ik. "Maar ik durf er met je om te wedden dat hij zo snel mogelijk weg wil. Klopt dat?" "Hij is erg onafhankelijk, heb ik het idee." Ik moet een vreemde uitdrukking op mijn gezicht gehad hebben want plots was er een interruptie van David die naar onze uitwisseling had geluisterd. "Zo wat is er aan de hand tussen jou en Reid?" David draaide zich naar me toe terwijl Tyler hem een boze blik toewierp. Het leek erop dat hij nog iets wilde zeggen maar ik was hem voor.
Ik had steeds al het gevoel gehad dat ik dergelijke opmerkingen te horen zou krijgen. "Zoals ik al eens zei, is hij een verrekt goede spreker. Als je het ijs eenmaal gebroken hebt." Ik grijnsde naar David en hij lachte terug. Ik geloof dat hij de boodschap begreep dat deze conversatie niet verder zou gaan als ik het niet wilde. Maar hij alsof hij dacht het gesprek later voort te kunnen zetten als er niemand in de buurt was om zijn ondervraging van negatieve kritiek te voorzien. "Oké. Prima. Ik zal het laten rusten. Welke film nu? ‘The Man in Lincoln's Nose'?" "Wat?" Ik had geen flauwe notie waar hij het over had. "De eerdere titel van ‘North by Northwest', jij cultuurbarbaar." "Griezel!" zeiden Tyler en ik als één stem en de atmosfeer werd weer rustig, de spanning gebroken door het geluid van lachende stemmen. "Doet me niets hoor," mompelde David.
De rest van onze kleine ‘Hitchkock-Party' ging voorbij zonder noemenswaardigheden. De tweede film maakte veel meer indruk op me dan de eerste. Tyler en Lynne slaagden erin om de gehele tijd van elkaar af te blijven en zo waren er voor mij ook geen vervelende zaken die mijn aandacht konden afleiden. Maar uiteindelijk werd het toch tijd om naar huis te gaan, terug naar Curtis die ik nu, tenminste in mijn hoofd,
mijn vriendje noemde. "Oké, vrienden. Twee achter elkaar is voor mij de limiet," zei ik terwijl ik me op mijn benen hees. "Ja. Dat heb ik begrepen," grapte David. Ik pakte een kussen van de bank, sprong op de op de grond zittende David af en sloeg hem ermee totdat ik hoorde: "Oké, oké. Ik geef me over. Jezussss, sommige mensen zijn ook zo heet gebakerd!" "Heb je er spijt van?" vroeg ik. "Ja zeker!" "Zeg het!" dreigde ik hem met het kussen in de aanslag. "Het spijt me," klonk uiteindelijk, na een pauze, uit zijn mond en hij stond op.
"Wat spijt je?" Zo gemakkelijk kwam hij niet van me af. "Dat jij zo'n eitje bent! En meteen maakte hij dat hij wegkwam de trappen op. Ik jaagde achter hem aan het kussen wild zwaaiend in mijn handen en furieus aangemoedigd door de anderen. Halverwege de hal bleef hij stil staan. De armen gevouwen over zijn hoofd waardoor ik vreselijk moest lachen. "Doe me geen pijn," jammerde hij. "Oké, vriend ik zal het je vergeven." En overhandigde hem het kussen. "En nu is het echt tijd voor mij om te gaan." "Prima Drew. En luister es het spijt me echt. Het gaat me echt niets aan." Plotseling was hij serieus geworden, legde zijn hand op mijn arm en keek me met een oprechte blik aan. "Nee joh. Het is goed." "Ik hoop dat het goed zal gaan met jullie twee en dat meen ik echt. Oké?"
Even was ik van mijn stuk gebracht - en mijn eerste gedachte was dat Tyler me verraden had. De schok moet van mijn gezicht te lezen zijn geweest, want David ging verder met praten. "Kijk niet zo geschokt man. Ik ken Kate en haar broer sinds het begin van de wereld en maak me niet zo druk om die homo-dingen." "Homo-dingen?" hoorde ik mezelf zeggen. "Natuurlijk." "Precies." Ik wist even niets anders te zeggen op dat moment en verviel dus in dingen die ik al gezegd had. "Maar ik moet gaan." "Rustig man. En wees maar gerust, ik zal het niemand vertellen. Niet eens tegen Tyler." Hij schonk me een brede glimlach terwijl ik zijn woorden verwerkte. Hij dacht echt dat niemand anders er van wist en had het gevoel dat hij me hielp door het geheim te houden voor Tyler!
"Tyler weet ervan." "Hij weet ervan?" Nu was het David die van zijn stuk was. "Wow. En hoe nam hij het op?" "Goed. Denk dat hij ook cool is in die ‘homo-dingen'?" Ineens voelde ik me iets te geweldig door zijn wanhopige blik. Ik weet het. Maar zou dat bij jou niet zo zijn geweest? "Wow," zei hij nog eens. "Hoe heb je het hem verteld?" "Dat hoefde niet. Hij heeft het zelf uitgedokterd." "Tyler?" Het feit dat hij dit amper kon geloven bleek duidelijk uit zijn toon. Het was duidelijk dat veel mensen om Tyler heen hem verrekte
aardig vonden maar grote twijfels hadden over zijn verstandelijke vermogens. Ik voelde het mijn plicht hem te verdedigen. "Ja. Je moet hem niet onderschatten. Hij is niet zo dom als iedereen denkt." "Dat weet ik maar ik wist niet dat hij zo scherpzinnig kon zijn. Wow." "Dat heb je nu al drie keer gezegd. En nu moet ik echt gaan." "Dat is ook al de derde keer dat JIJ dat zegt!" Ik kon niet ontkennen dat hij gelijk had maar pakte hem terug. "David, het lijkt wel of je met me staat te flirten man!"
"Fuck," lachte hij. "Nu lijkt het helemaal of je staat te flirten." En met deze woorden liet ik hem met een open mond en duidelijke verslagenheid op zijn gezicht in de deuropening staan. Hij bleef daar staan staren en toen ik bij het eind van de stoep was, maakte ik een speelse buiging naar hem. Het wekte hem uit zijn gepeins op en hij sloot de deur. Vrolijk reed ik naar huis met een geweldig gevoel van tevredenheid met mezelf. Maar ook met een blijheid over de geweldige vrienden die ik hier getroffen had. En een in het bijzonder.


©original text: Ardveche
©Nederlandse vertaling: Lucky Eye, 2018. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de houder van het auteursrecht.

Lucky Eye
Berichten: 104
Geregistreerd: zaterdag 07 februari 2015 15:42
Woonplaats: Zwolle
Ontvangen Bedankjes: 138 keer
Bericht Re: NIEUW IN CALIFORNIË door Lucky Eye » zondag 11 november 2018 07:27

Hoofdstuk 10 - Familie

Op de terugweg draaide ik de radio aan en luisterde de hele tijd naar muziek uit de jaren '70. Ik tikte de beats op het stuur en floot, vals maar enthousiast, de melodietjes mee. Ik had een prachtige middag meegemaakt met mijn nieuwe groep vrienden en was op weg naar de armen van mijn vriendje. Was het mogelijk dat ik me nog blijer zou kunnen voelen? Echt niet, kan ik je vertellen. Mijn leven was een stuk
verbeterd sinds mijn moeder en ik opgestapt waren en de oversteek hadden gewaagd naar Californië. Ik reed de auto op de oprit voor mijn grootmoeders huis en kon haar strooien hoed zien bewegen in de tuin tussen de fruitbomen en wist dat Curtis ergens in haar nabijheid zou zijn. Haar, zoals ze zelf gezegd had, een mooi uitzicht gunnend. Ik luisterde het liedje uit en overdacht David’s woorden en voelde me ingenomen met alles. Het lied kwam tot een einde, ik sloot de volumeknop en stapte uit.
Ik liep naar de bomen toe in de hoop mijn vriendje te kunnen verrassen. Wow, dat woord klonk zo goed als het op hem van toepassing was. Toen ik naderde hoorde ik hun stemmen en ik kon gedeelten van hun gesprek volgen. "Maar uiteindelijk moet het toch gebeuren," zei hij. "Natuurlijk, maar uiteindelijk kan zover weg zijn als jij wilt, liefje," antwoordde Lois. Ik werd nieuwsgierig dus kwam ik voorzichtig dichterbij, om meer te kunnen horen. Afluisteren scheen een soort gewoonte van me te worden. "Ik wil niemand tot last zijn," protesteerde hij. "Dat ben je ook niet." Beste, brave Lois. Ik wist dat ik op haar kon rekenen. "Maar dat ben ik wel." "Onzin. En weet je, ik vind het eigenlijk best wel leuk dat je er bent.
En ik vind de uitwerking die je op Andrew hebt ook prachtig. Hij is een stuk opgevrolijkt sinds hij je heeft meegenomen." Het was waar. Maar het verraste me dat anderen dat ook opgemerkt hadden. "Um, ja." Hij scheen niet erg op zijn gemak met dit onderwerp.
Ik bereikte een aantal bosjes en was in staat om hen nu ongezien te zien. Lois zat op haar knieën het onkruid tussen haar groenten te wieden terwijl Curtis het verzamelde in een emmer. "Um. Bedankt dat je het zo cool opneemt." "Ach het is niets bijzonders. Het maakt voor mij geen enkel verschil met welke sekse jij bij voorkeur naar bed gaat. Het enige wat mij interesseert is wat voor soort mens je bent. En voor zover ik kan zien, behoor jij tot het beste soort." Curtis moest hierom lachen en toen, tot mijn grote verbazing, bukte hij zich en gaf hij Lois een kus op haar wang. "Dank je Lois. Ik wou dat je mijn grootmoeder was," fluisterde hij. "Ik heb Drew gewaarschuwd dat woord niet te gebruiken en het geldt ook voor jou. Maar dank je Curtis, het doet me goed. Weet je, je bent welkom in mijn huis zo lang als je denkt nodig te hebben. En als je ooit een schouder zoekt om op uit te huilen, of iets anders, kom dan
naar me toe. Oké?"
"Oké," luidde zijn antwoord. "Kijk naar me als je me antwoord!" Je kunt over Lois zeggen wat je wilt
maar ze is en blijft scherp. "Oké Lois dat beloof ik!" "Nou, dat was toch niet zo moeilijk. Ik beschouw je al helemaal als familie en ik wil dat jij dat ook zo voelt." "Ik krijg een brok in mijn keel, Lois." Ik kon het lachje in zijn stem horen maar kende hem ondertussen lang genoeg om te weten dat dit zijn manier van doen was om moeilijke dingen uit de weg te gaan. Waarschijnlijk had Lois zijn intonatie ook goed begrepen want het volgende onkruidje belandde niet in de emmer maar raakte hem op zijn borst. De aarde vloog van de wortels bij de inslag. "Hey! Ik ben een invalide, dat kun je niet maken!" "En ik ben een oude vrouw die je niet de gek aan mag steken."
Ze lachten beiden en ik voelde hoeveel ik van hen beiden hield. Plotseling voelde ik me dichter met hen verbonden dan met wat dan ook in de hele wereld. Niets kon me blijer maken dan te zien hoe deze twee lieve personen met elkaar konden opschieten. En nu maar hopen dat mijn moeder Curtis ook, op dezelfde voorwaarden, in de familie zou willen accepteren. Natuurlijk wist Lois iets dat mijn moeder nu nog niet wist, dat Curtis en ik samen hadden geslapen. Ze wist wel dat Curtis gay was, weet je nog wel, maar niet dat ik het ook was. En ik kon geen enkele manier bedenken om het haar te zeggen, zonder haar pijn te doen. En dat was wel het laatste dat ze nodig had op dit moment.
Ik luisterde nog een aantal minuten hoe ze plagerige opmerkingen over en weer maakten en had daar wel de gehele dag gehurkt willen blijven zitten om naar hun plezierige, gekscherende conversatie te luisteren maar mijn benen begonnen pijnlijk te worden en het risico werd steeds groter dan een van hen, of mijn moeder, zou ontdekken dat de auto weer terug was en daarom kroop in zachtjes achteruit. Toen stond ik op, liep in hun richting en maakte voldoende geluid om hen te waarschuwen dat ik eraan kwam. "Hé luitjes!" riep ik. "Drew, hi!" Curtis keek op en lachte zijn oogverblindende witte glimlach tegen me. Zijn gehele gezicht lichtte op en zijn ogen schenen tot leven te komen. "Hoe is het gegaan?" "Goed, joh. Hey, Lois." "Dag, lieverd. En nou wil je zeker mijn hulpje van me stelen, of niet?" Ze lachte ook naar me en ik wist dat ze me die paar uurtjes met hem alleen niet misgunde.
"Nou..." Het woord kwam er tergend langzaam uit. "Niet als jij hem niet kunt missen natuurlijk. En ik heb nog een hoop dingen te doen trouwens." "Hé," begon Curtis te protesteren. Toen moet hij de lach op mijn gezicht gezien hebben en realiseerde hij zich dat ik hem in het ootje nam. "Zak!" "Let op je taal, jongeman!" merkte Lois bijna afwezig op. "Sorry," zeiden we tezamen. Ze keek ons aan en moest om dit prachtige plaatje van berouw vreselijk lachen. "Ach neem hem ook maar mee! Hij was toch maar een slecht hulpje," lachte Lois en Curtis nam een geraakte houding aan. "Hij mocht alleen maar in de buurt blijven omdat hij zo lekker is om naar te kijken." "Kan ik er wat aan doen dat ik zo'n sexy ding ben?" merkte Curtis op, zichzelf in de benen hijsend. "Ik voel me aardig genomen."
"Daar kan voor gezorgd worden," zei ik zachtjes genoeg zodat hij het kon horen maar Lois niet. Zijn gezicht was door verbijstering over mijn opmerking zo'n mooi plaatje dat ik lachen uitbarstte. Het leverde me een vreemde blik van Lois op en een schop tegen mijn schenen van Curtis. Nadat hij het stof van zijn kleren had geslagen en ook de moddersporen van Lois aanval liepen we naar binnen. "Wil je wat drinken?" vroeg hij op weg naar de koelkast. "Prima." "Ik heb wat nadere informatie nodig, jongen." "Pak maar wat, het maakt me niets uit. Is er trouwens nog limonade overgebleven?" "Ja, wat is het nu? Maakt niet uit? Of limonade?" "Je denkt dat je grappig bent hè, maar dat ben je niet hoor," gaf ik als antwoord. "Lois heeft helemaal gelijk, als je niet zo'n aardig snoepje was, had ik je er allang uitgetrapt!"
"Echt?" Plotseling klonk hij heel serieus. "Natuurlijk niet, dommie!" "Want als je wilt dat ik wegga, dan hoef je het alleen maar te zeggen." Hij keek me recht aan, een hand rustend op de open koelkastdeur. "NEE! Ik wil niet dat je gaat." Ik liep naar hem toe en legde mijn hand op zijn heup. "Ik hou van je, man," fluisterde ik. "En dat zeg je niet zomaar?" "Nee! Natuurlijk niet, hebben we het daar gisteren ook al niet over gehad?" Ik maakte me zorgen dat ik met mijn grapje te ver was gegaan en dat hij zomaar plotseling uit mijn leven zou verdwijnen nadat hij er in gekomen was en het had omgetoverd in zoiets prachtigs. Plotseling brak zijn serieuze gezicht open tot een brede grijns en begon hij te lachen. "Je had je eigen gezicht eens moeten zien, Drew!" lachte hij terwijl ik hem ongelovig stond aan te staren. "Dat was niet grappig, jij lelijkerd. Ik was echt bang dat je ..." Ik verzandde. "Dat ik je zou verlaten?" Hij stopte met lachen en keek me aan. "Wees maar niet bang. Ik ben heel wat moeilijks kwijt geraakt dan je denkt. Je bent niet zomaar van me af."
"Ik hoop het. Dat doe ik echt." En ik begon hem te knuffelen, daar midden in de keuken, me totaal geen zorgen makend dat er iemand zou kunnen binnen komen en ons betrappen. Hij sloeg de armen om me heen en kuste me liefelijk op mijn voorhoofd. "Oké. Drew, laten we gaan. Kom op." Hij bevrijdde zichzelf uit mijn greep en schonk me een van zijn scheve glimlachjes. "Sorry, maar ik was echt vreselijk bezorgd. Beloof me dat je nooit meer grapjes zult maken over weggaan?" "Dat beloof ik. De volgende keer dat ik praat over weggaan, meen ik het echt." Hij bleef grijnzen. "Zak." En ik gaf hem een mep tegen zijn bovenarm. Ik weet niet waarom, maar het bleek niet mogelijk dat ik langer dan een paar minuten kwaad
op hem bleef. Dan deed hij altijd iets grappigs, de manier waarop hij grijnsde of wat dan ook, en in plaats van hem te slaan, wilde ik hem dan kussen.
"Hier," hij reikte me een glas limonade aan, "maar waarom schenk ik eigenlijk iemand iets te drinken in die me net nog ‘zak' noemde..?" "Nu staan we weer gelijk makker." En dit keer grijnsde ik naar hem. Hij
maakte een geluid maar ik kon niet horen of het nu een woord was of een iets anders. Maar wat dan ook, het was duidelijk dat mijn verklaring geen indruk op hem maakte. Nou ja, sommigen van ons worden ook nooit begrepen. "Zullen we naar boven gaan?" "Met jou?" Hij probeerde het te laten klinken alsof het idee hem tegenstond maar de twinkeling in zijn ogen overtuigde me dat het anders was. "Yeah, met mij. Ik dacht, misschien, dat ik op een betere wijze mijn verontschuldigingen kon aanbieden." Ik wenkte naar hem en zei: "En bovendien heb ik je vanochtend vijf dollar betaald en dat betekent dat je lang met mij de liefde moet bedrijven."
"Dat aanbod is al lang verlopen," zei hij terwijl hij me de trap opvolgde naar mijn kamer. "Nonsens." "Nee hoor, het geldt echt niet meer. Maar ik heb nog wel een aantal andere speciale aanbiedingen waar je wellicht in geïnteresseerd bent." Hij klopte me op mijn rug terwijl we over de overloop liepen. "Je bent onverzadigbaar, Reid." "Ik weet niet waarom, maar je doet me iets." Zijn stem klonk overduidelijk opgewekt. "Iets? Ik zou alles voor je doen," zei ik toen we mijn kamer binnentraden, ik me omdraaide en mijn armen om zijn nek sloeg om hem op zijn lippen te kussen. Er ontsnapte me een zucht toen hij zijn handen op mijn heupen plaatste en me terug kuste, terwijl hij de deur dicht schopte. "Ik zou je voor altijd zo willen vasthouden!" zei hij toen hij even naar adem hapte.
"Doe het dan." Hij dreef me naar het bed en daar vielen we boven op elkaar, nog steeds in elkaars armen en zetten ons kussen voort. Dit was meer intens, meer gewild en veel intiemer dan welke kus daarvoor dan ook. We lagen daar gewoon, nooit elkaar loslatend en nauwelijks de lippen van elkaar. Ik was geheel en al verloren in hem. Tussen de kussen door vertelden we elkaar hoe onze middag was verlopen en de tijd schoot voorbij. "Hé, we moeten naar benden," brak hij mijn woorden af, "je moeder riep zojuist." "Weet je wat zo cool is?" "Ik?" Parmantig draaide hij met zijn hoofd naar mij. "Ja dat ook. Maar ik dacht aan een woord." "Oh? Welke dan?" "Vriendje," antwoordde ik met een grijns. "Ja, dat is een leuk woord. Weet je welk woord ik ook leuk vind? Minnaar," langzaam liet hij het woord over zijn tong rollen. "Mmm. Ook een goeie maar ik denk dat ik daar overheen kan."
"Oh, ja?" klonk het ongeloofwaardig. "Ja. Mijn meest favoriete woord." Ik bouwde de spanning op. "Curtis." "Je kunt ook zo sentimenteel zijn hè." Hij schudde zijn hoofd. "En daarom hou je zo van mij, geef het toe." "Nah, ik hou van je omdat je zo'n leuke kop hebt." En met deze woorden rende hij de kamer uit en de trap af. Ik kon hem makkelijk inhalen omdat hij vanwege de pijn nog steeds langzaam vooruit kwam. Ik viel hem aan en samen bonkten we tegen de muur, happend naar adem en lachend.
Verrassend snel draaide hij echter rond en werd ik door hem aangevallen toen zijn wondermooie handen me genadeloos begonnen te kietelen. "Nee! Stop! Stop! Stop!" Was het enige dat ik kon uitbrengen, vechtend om voldoende lucht binnen te krijgen vanwege de pijn en het lachen. Ik liep groot gevaar om de controle over mezelf totaal kwijt te raken toen hij eindelijk zijn aanval liet varen.
"Spijt het je?" "Nee!" "Nou, dan zal ik je straks meer moeten straffen, Andrew Timothy Quinn." Hij klonk net als mijn moeder en opnieuw moest ik vreselijk lachen. "Laten we gaan eten." Het klonk goed en daarom liepen we, een stuk rustiger, naar de keuken en namen we bij Lois en mijn moeder plaats aan
de tafel. "Ik hoop dat jullie niets gebroken hebben met dat wilde gedoe," zei mijn moeder en haar wenkbrauwen optrekkend en ons beiden aankijkend over de glazen van haar bril. "Alleen mijn ziel!" grapte ik. "Dat zal wel nooit gebeuren," snoof ze. "Daar scoort u een punt," zei ik want ik wilde eten en niet langer discussiëren.
De bezigheden van die dag hadden me echt hongerig gemaakt en daarom richtte ik me geheel en al op het eten geen enkele bijdrage leverend aan de conversatie. Die ging trouwens voornamelijk over tuinieren. Ik schoof het eten gulzig naar binnen. "Andrew. Doe eens rustig aan," berispte mijn moeder me. "Niemand steelt het eten van je bord hoor." Daarna praatte ze verder met Lois over de groenten. Daar had ze echt een handje van. Je een uitbrander geven en dan gewoon verder praten alsof er niets gebeurd was. "Ja. Hij was een prima hulp," zei Lois nu. "Hij heeft echt groene vingers." "Ja, echt!" speelde Curtis mee. "Je was een prima hulp vandaag. Het is fijn om een grote, sterke man in de buurt te hebben. Hoe had ik anders die grote, zware emmer kunnen tillen?"
Lois voerde haar ‘oude vrouw' toneelstukje op. "Op dezelfde manier als je altijd hebt gedaan voordat ik kwam, denk ik." Curtis liet zich door haar niet strikken. "En op dezelfde manier waarop je het straks weer moet doen, als ik er niet meer ben." Iedereen viel stil en ik stopte met eten naar binnen schuiven terwijl ik me afvroeg wat hij zo-even had gezegd. "Wat?" bracht ik uit. "Kom op, mensen, doe niet zo verbaasd. Ik kan hier niet blijven. Het is niet dat ik niet wil, ik wil. Jullie zijn allemaal zo geweldig goed voor me geweest maar het is niet goed. Ik wil niet in de weg lopen en jullie hebben problemen genoeg van jezelf zonder dat je de mijne daarbij nodig hebt. En ik wil niet meer nemen van jullie dan dat jullie mij al gegeven hebben. Dat zou niet eerlijk zijn." Hij praatte om de stilte te vullen die over de tafel gevallen was. Tot mijn grote verbazing, stopte mijn moeder hem.
"Curtis, ik denk dat ik voor iedereen spreek als ik zeg ‘houd je kop'." Hij leek geschokt na haar woorden en ook Lois. En ik kan je mededelen dat ik het ECHT was. "Huh?" "We zijn allemaal blij dat je hier bij ons bent. En je gaat helemaal nergens heen. Tenminste, niet totdat er iets goed doorgesproken is en totdat je je school hebt afgemaakt. En dat zijn mijn laatste woorden met betrekking tot dit onderwerp. Als je er op staat om je kost te verdienen, het zij zo, maar dat bepraten we wel zodra je weer fit genoeg bent om te gaan werken. Zo, geen woord meer over weggaan, oké?" "Um. Oké, denk ik." Hij leek behoorlijk aangeslagen door mijn moeders krachtige toon. Ik maakte een aantekening in mijn hoofd dat ik haar
hiervoor moest bedanken, maar haar ook moest vragen waarom ze dit zo gezegd had.
Na het eten kreeg ik de kans toen ik vrijwillig aanbood om de tafel af te ruimen en Curtis naar buiten ging voor een sigaret. Ik bleef achter met mijn moeder en Lois. "Dank je mam. Het was erg aardig van je om dat te zeggen. Ik weet dat je eigenlijk helemaal niet blij bent dat hij hier is." "Andrew, gisteren heb ik tijd gehad om eens goed na te denken en ik geloof dat ik jou nog nooit zo vrolijk heb gezien als de laatste dagen. Ik heb het idee dat Curtis daar iets mee te maken heeft en wat mij betreft mag hij blijven totdat hij oud en grijs is. Ik ben gewoon hartstikke blij dat jij eindelijk uit je schulp kruipt en vrienden
maakt. Ik wil dat je gelukkig bent zeker nadat onze verhuizing zo moeilijk was voor mij, maar zeker ook voor jou."
"Dat viel wel mee. Ik heb geweldige vrienden hier. En jij en Lois zijn gewoon te gek." Voor ongeveer de miljoenste keer sinds we mijn vader hadden verlaten, had ik het gevoel dat ik moest huilen. En tot nu toe
waren het altijd tranen van vreugde geweest. "Dank je. Maar ik zie gewoon dat jullie een geweldige band hebben." "Yeah. Hij is een heel speciale jongen." Als ze toch eens wist hoe speciaal. Zou ze dan ook nog zo blij zijn dat we onder hetzelfde dak woonden? "En hij heeft ons ook nodig hoe sterk hij ook denkt te zijn. Er is een geweldige verandering voor hem gekomen vanaf die eerste dag. Ik zie hoe hij zich begint te ontwikkelen en wil hem de kans geven om uit te vinden wie hij is en met mensen te zijn die om hem geven." "Ik hou van je mam." "Schiet op met die borden." En ons kleine ‘moeder zoon moment' was
voorbij.
Toen ik klaar was, ging ik naar buiten en stond daar, in stilte, bij Curtis totdat hij zijn sigaret had opgerookt. Ik raakte aardig bedreven in het beoordelen van zijn stemmingen en merkte dat hij opnieuw aardig depri was maar het toch waardeerde dat ik bij hem was en mijn mond hield. Ik raakte hem niet aan omdat ik wist dat Lois en mijn moeder ons zouden kunnen zien door het keukenraam. Hij was klaar met zijn peuk en keek me aan. "Zullen we een eindje rijden?" vroeg hij. "Umm, prima?" half als antwoord, half als vraag, onzeker omdat ik niet wist waar dit toe moest leiden. "Oké." Hij knikte en stapte de veranda af en liep rond het huis naar de plaats waar zijn auto geparkeerd stond. Ik riep naar binnen dat we een eindje gingen rijden en snel weer thuis zouden zijn. Niet wetend of dat zo zou zijn of niet en volgde hem. De zon daalde snel toen we de oprit afreden. Hij had zijn kaken stijf opeen geklemd en ik kneep hem voorzichtig in zijn hand. Hij draaide naar me toe en lachte, duidelijk makend dat ik (voor een keer) het juiste had gedaan op het juiste moment.
We reden in stilte voor een poosje maar uiteindelijk zou ik toch moeten vragen waar we heen gingen. Toen dat moment gekomen was zei hij: "Wacht maar af." "Toch niet terug naar je huis hè?" Meteen vermoedde ik het ergste. Hij raakte met zijn vingers de schram boven zijn oog aan en lachte wrang. "Nog lange niet." "Goed. Dat zou precies iets voor jou zijn geweest om te doen." "Dank je voor dit blijk van vertrouwen!" "Nou, niet dan." Ik probeerde niet verdedigend te klinken maar slaagde daar niet in. Een nieuwe periode van stilte van zeker zo'n vijftien minuten volgde en opnieuw verbrak ik het zwijgen. En dit keer met wel iets heel kinderachtigs. "Zijn we er bijna?" Curtis lachte me uit. "Bijna. Het laatste stukje moeten we lopen." Even later stopte hij bij een grote witte muur en schakelde de motor uit. "Ga je mee?" vroeg hij en zwaaide zijn portier open.
"Yep." Ik stapte uit en volgde hem. Het was wat fris aan het worden bij het vallen van de avond en het zou niet lang meer duren voor de zon helemaal ondergegaan zou zijn. Ik wou dat ik eraan gedacht had m'n jas mee te nemen. Curtis had de zijne wel aangetrokken toen hij naar buiten was gegaan om te roken maar ik droeg nog steeds het shirt dat ik aangehad had die middag bij David. Dat leek nu al een eeuwigheid geleden. Ik volgde hem langs de muur en langzaam maar zeker begon het me te dagen waar we waren. Bij de hekken aangekomen wist ik het: de begraafplaats. "Ben je er nog?" vroeg hij, even achter om kijkend. "Natuurlijk." "Cool. We moeten over het hek klimmen omdat ze die 's nachts altijd op
slot doen."
"Is dat verstandig?" wilde ik weten. "Nee." "Maar je gaat het zeker wel doen!" "Ja." "Nou ja, nu ik zover ben meegegaan. Ga me maar voor dan." Ik keek toe hoe hij zich met een zucht en kreun ophees aan het hek, zijn benen er over sloeg en aan de andere kant weer neerkwam. Ik aarzelde even maar volgde hem toen toch. Ik had al een idee gekregen waarom we hier zouden zijn en wilde hem absoluut niet alleen laten gaan. Hoezeer ik ook wilde dat het niet avond maar dag was. Eerst liepen we over het pad maar
omdat de kiezels behoorlijk lawaai maakten, onder onze voeten, gingen we verder over het gras. Ik volgde hem plichtmatig langs de grafstenen een heuvel op. "Laten we hier maar even gaan zitten," zei hij stoppend bij een stenen bankje. "Bill vind het vast niet erg." Ik keek naar het bankje en zag dat het ook een grafsteen was. Voor ene ‘William Macbride, 1898-1918, gesneuveld in dienst voor zijn vaderland'. Een jongen niet veel ouder dan wij waren.
Ik zat naast Curtis en hij legde zijn arm om me heen. De zon deed echt geen moeite meer om zich te verzetten tegen de duisternis terwijl wij daar in stilte bij elkaar zaten. De zonsondergang was indrukwekkend. Niet echt iets om over naar huis te schrijven maar gewoon prachtig mooi omdat ik er naar keek met de man waar ik van hield. Maar ik wenste dat het niet op een begraafplaats was en dat ik
het niet zo verrekte koud had. "Je rilt," onderbrak hij mijn gedachten en trok zijn jas uit. "Nee, het gaat wel. Hou je jas maar voor jezelf." "Je bent een slechte leugenaar. Hier. Hij drapeerde zijn jas over mijn
schouders en sloeg zijn arm opnieuw om me heen. "Ik draag een dikker shirt dan jij en bovendien heb ik al dat verband ook nog eens als isolatie." Ik hoorde het lachje in zijn stem en kroop tegen hem aan. Nu
beter gekleed tegen de kou voelde ik me meteen een stuk beter.
Normaal zou een begraafplaats, en dan zeker 's nachts, me de stuipen op het lijf hebben gejaagd maar nu met die levensechte, erg solide, erg menselijke en heerlijk warme Curtis naast me verdwenen al mijn angsten. "Curtis?" "Mm?" "Ik hou van je," mompelde ik de woorden. "Ik weet het." Hij kuste me liefjes. "Ik hou ook van jou. Ik ben zo blij dat we elkaar gevonden hebben." "Ik ook." "Kom op, ik wil je nog wat anders laten zien." Het mooiste van de zonsondergang was nu voorbij en het schaarse licht werd steeds minder. "Dat geloof ik zeker," zei ik droogjes en hij lachte naar me, pakte mijn hand en leidde me verder, de heuvel af en stopte uiteindelijk bij een onopvallend, wit gedenkteken. Ik wist voordat ik er naar keek al van wie het was. Hij stak zijn aansteker aan en in het licht van de vlam las ik ‘Helen Anne Reid, 1948 - 1996, Geliefde vrouw en moeder'. Ik wilde wat zeggen maar plots deed hij de vlam uit en wist ik niets meer te zeggen. Hij liet mijn hand los en knielde op het vochtige gras voor de steen neer.
"Hoi mam. Ik heb iemand meegebracht. Hij heet Andrew, Drew eigenlijk. Ik hou van hem en ik weet dat jij hem aardig zou vinden." Hij pauzeerde even en lachte vaagjes naar me. Ik had het gevoel dat ik een indringer was bij iets heel persoonlijks. "Er is heel veel gebeurd sinds de laatste keer dat ik hier was. Dat wat ik je over pap vertelde, is alleen maar erger geworden. En daarom woon ik nu bij Drew thuis. Ik denk dat ik een tijdje niet zal komen omdat ik iemand gevonden heb waar ik mee kan praten. Ik hou nog steeds van je, en dat zal nooit stoppen, maar ik hou ook van hem. Op een andere manier. Begrijp je me? Het maakt ook niet uit. Ik weet dat je gelukkig bent waar je nu bent en ik weet ook dat je blij voor mij bent. Ik hou van je mam."
Zijn stem haperde bij deze laatste woorden en ik knielde naast hem neer en legde mijn hand op zijn rug. Hij draaide zich naar me toe legde zijn hoofd tegen mijn schouder en begon te snikken. Ik streelde zijn haar en zei hem zachtjes dat alles goed zou komen en dat ik er voor hem zou zijn. Altijd. Hij maakte zich los van me, lachte en draaide zich weer naar de steen. "Zie je nou wel? Ik zei toch dat hij geweldig was. Ik moet nu gaan. Ik kwam alleen maar even gedag zeggen. Rust zacht." Hij kuste de topjes van zijn vingers en drukte deze tegen de koude, niet reagerende steen. Na een moment van stilte hielp ik hem overeind en liepen we terug over de heuvel naar het hek van de begraafplaats. Nadat we deze hindernis
genomen hadden en in de auto zaten met de verwarming aan keek hij me verlegen aan. "Ik denk dat je die hele vertoning wel stom hebt gevonden, hè?" vroeg hij zachtjes.
"Nee. Ik vond het prachtig," antwoordde ik volkomen oprecht. De hele scène had me geraakt. Ik begreep waarom hij zich dit afvroeg maar hij wist toch wat ik voor hem voelde en daarom was het ook voor mij een pijnlijk moment geweest. "Ik wist dat ik een goede reden had om van je te houden." Hij leunde naar me toe en kuste me vluchtigjes. "Laten we maar gauw weggaan. Ik krijg kippenvel van deze plek." Ik moest lachen. Zou jij dat niet gedaan hebben?


©original text: Ardveche
©Nederlandse vertaling: Lucky Eye, 2018. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de houder van het auteursrecht.

Lucky Eye
Berichten: 104
Geregistreerd: zaterdag 07 februari 2015 15:42
Woonplaats: Zwolle
Ontvangen Bedankjes: 138 keer
 

Plaats een reactie

Volgende

Terug naar Lucky Eye

Wie is er online?

Gebruikers in dit forum: Geen geregistreerde gebruikers en 1 gast


cron