Verrassende verhalen, gedichten en andere teksten vanuit een gay perspectief


Forumindex  • Verhalen, gedichten en andere teksten  • Lucky Eye
 
Registreren
 
 
 

Verrassende verhalen, gedichten en andere teksten vanuit een gay perspectief

VRIJGEVOCHTEN

Plaats een reactie

Bericht Re: VRIJGEVOCHTEN door Lucky Eye » zaterdag 12 januari 2019 18:03

Hoofdstuk 11

"Alles goed?" vroeg Karl terwijl hij over zijn schouder keek.

"Ja, gaat wel," sprak Rinze hijgend.

"Ik rij niet meteen naar huis omdat ik er zeker van wil zijn dat we niet gevolgd worden."

"Is goed." Rinze maakte het zich zo comfortabel mogelijk maar van echt comfort was natuurlijk geen sprake.

Karl reed het centrum uit in de richting van de snelweg. Het reed die op bij de oprit Centrum en weer af bij de afrit Noord. Toen hij er na een tijdje rijden zeker van was dat ze niet gevolgd werden, reed hij terug naar huis. Hij parkeerde de auto op het parkeerterrein, stapte uit en opende daarna het achterportier voor Rinze. In huis aangekomen barstte Rinze in tranen uit. Karl trok hem tegen zich aan en liet hem begaan. De tranenstroom duurde lang maar Karl deed geen poging het te stoppen. Het was goed zo. Alles moest er uit, zo oordeelde hij.

"Vind je me een aansteller?" vroeg Rinze ineens.

"Echt niet man!"

"Maar ik jank alsof ik een klein kind ben!"

"Rinze je bent absoluut geen klein kind en volgens mij is het alleen maar goed dat je huilt en laat zien dat je emotioneel bent. Eerder deze middag zei ik je niet emotioneel te zijn maar nu mag het jongen dus laat je gaan. Gooi alles eruit. Het is niet goed om je manmoedig te gaan gedragen terwijl je je absoluut niet zo voelt." Hij kuste de jongen op zijn blonde krulletjes en trok zijn omhelzing nog eens stevig aan. "Ik hou van je Rinze!"

"Ik ook van jou maar ik was ook zo vreselijk bang. Ik wil niet bij je weg Karl!"

"Je hoeft ook niet bij me weg! Als je wilt, dan pakken we nu onze spullen en maken we dat we wegkomen. Je hoeft niet terug naar huis."

"Ik weet het. Het is een mogelijkheid maar dan zal ik waarschijnlijk altijd de dreiging blijven voelen dat ik ooit weer terug naar huis moet."

"We kunnen in 10 minuten weg zijn, Rinze!"

"Ik weet het Karl maar toch denk ik dat ik het beter onder ogen kan zien allemaal. Anders blijft het als het zwaard van Damocles boven mijn hoofd hangen en dat is ook geen prettig gevoel. Zullen we gaan zitten?" Zonder de omhelzing te verbreken namen ze plaats op de bank. "Snap je me?"

"Ja, ik snap het maar zou veel liever nu met jou de boel inpakken en wegrijden ver hier vandaan. Want nu krijgen we opnieuw de spanning wat er morgen zal gebeuren!"

"Ja, ik weet het. Maar dat is eigenlijk als wel 100% zeker."

"Ja."

"Waarom denk je dat het vandaag nog niet gebeurd is. Waarom zouden ze gewacht hebben?"

"Puur strategie van hun kant. Ze wilden vandaag dus proberen jou te volgen naar je veilige plek. Als ze die ontdekt hadden, zouden ze met de politie eropaf gaan. Jij zou mee naar huis genomen worden en ik zou van de dienders een proces verbaal krijgen."

"Maar waarom op die manier?"

"Omdat ze willen proberen ons uiteen te drijven. Ze willen mij zodanig intimideren dat ik me niet meer met jou zal inlaten jongen!"

"Dan kennen ze jou nog niet Karl!"

"Ik ben ontzettend blij schat dat je me zo enorm goed kent! Inderdaad, ze kennen mij nog niet. Ik laat me niet intimideren!" Nogmaals kuste hij zijn maatje en deze beantwoordde de kus. Een kus op de lippen dit keer die uitliep op een heftige tongzoen. Eentje die zo heet was dat ze - net als eerdere keren - beiden daarna naar adem moesten happen.

"Maar morgen zal mijn vader me vast en zeker wel komen ophalen op school voor of na het tentamen."

"Ja, dat denk ik ook. Weet het wel zeker. Hun eerste plannetje is mislukt en dus zullen ze zich tevreden stellen met alleen terugbrengen van het 'verloren schaap'. En dan zal ik je komen ophalen. We waren vandaag al voorbereid maar zullen dat morgen nog meer zijn," besloot Karl strijdvaardig.

"Kunnen we nu misschien ergens heen gaan want ik heb absoluut geen zin om hier thuis te blijven wachten totdat dat tijdstip aanbreekt."

"Doen we jongen! Wil je je nog verkleden?"

"Zeker wel! Ik wil iets aantrekken dat jij en ik gisteren samen gekocht hebben."

"Oké prima. En dan wat toiletspullen pakken en dan gaan we er lekker tussenuit!" Nog geen kwartier later verlieten ze het huis en liepen ze naar het huis van Peter waar Karls auto geparkeerd stond. De reis voerde via de snelweg naar het Van der Valk Motel bij Arnhem. Meteen na aankomst aten ze om daarna Arnhem in te gaan. Ze bezochten een bioscoop en zagen een flutfilm. In een café dronken ze wat en toen ze terugkwamen op hun kamer was het inmiddels na elven. Toen ze na een uitgebreide douche in bed kropen, had Rinze een stralende glimlach op zijn gezicht. "Waarom glimlach je zo mooi?" wilde Karl weten.

"Vanwege alles wat jij me geeft. Vanwege alles wat we samen doen. Dat je zomaar ergens uit kan stappen, ergens heen rijden en dan dit soort leuke dingen doen zoals wij vanavond hebben gedaan, dat vind ik zo ontzettend mooi. Dat geeft zoveel gevoel van ECHT vrij zijn!"

"Je bent een schatje Rinze. Zo onbedorven nog. En zo gemakkelijk tevreden te stellen." Karl speelde met zijn vingers over de arm van Rinze.

"Ik heb geen zin in seks vanavond hoor. Vind je dat erg?"

"Zeker man! Heel erg! Ben je belazerd! Geen seks kan natuurlijk niet hè in zo'n prille relatie als wij hebben. Niet zeiken man, op je buik ik wil op en in je!" Rinze begreep dat Karl hem voor de gek hield maar vond het toch gepast een uitleg te geven.

"Niet omdat ik niet van je hou of dat ik niet met een erectie hier naast je lig." Karl controleerde het meteen eventjes. "Maar omdat ik eventjes rust wil. Seks is heel ontspannend hoor maar ik wil even helemaal niets. Begrijp je dat?"

"Ja, lieverd. Ik begrijp je helemaal. Ik stak je alleen maar eventjes de gek aan omdat ik daar zo af en toe van hou."

"Af en toe?"

"Oké jij je zin. Soms wat vaker dan! Nu we toch geen seks gaan hebben, vind je het goed dat ik Oscar even bel. Ben eigenlijk best wel benieuwd hoe het afgelopen is."

"Goed idee, Karl. Ik eigenlijk ook wel." Karl koos het nummer van Oscar en al snel werd er opgenomen.

"Karl! Maat van me! Laat die wederdienst maar zitten hoor de gunst die ik je vanmiddag verleend heb is allang terugbetaald."

"Hoezo?"

"Nou we hebben toch gelachen met z'n drieën! Ongelooflijk gewoon! Je maatje stoof hier werkelijk als een wervelwind naar binnen. Weet je trouwens wel zeker dat hij 16 is?"

"Dat weet ik zeker Oscar. Ik heb hem gevraagd naar zijn id-kaart en hij wordt dit jaar zelfs al 17. En bovendien moet je uitkijken met roddelen hoor want het joch ligt hier naast me en als je het met hem aan de stok krijgt… berg je dan maar!"

"Sorry dude! Wil je niet beledigen of zo hoor maar je bent wel een verrekt kleintje!"

"Ja," antwoordde Rinze nadat Karl de telefoon op handsfree had gezet. "Ik kan niet anders dan dat beamen."

"De laatste uit een groot gezin of zo?" Oscar lachte om zijn eigen grap.

"Dat nog niet eens. De enige!"

"Ow… maar oké je stoof dus hier naar boven, deed precies wat er afgesproken was. Ik met een van het personeel meteen naar de deur. We deden alsof we met die dozen aan het schuiven waren en toen dus een van die kerels naar binnen wilde, kon dat dus even niet hè! Hij boos en schreeuwen. De andere verkoper was ondertussen al achter jou aangerend om de deur achter jou op slot te doen en de gang weer vol te schuiven met de dozen die daar nog stonden."

"Heb ze gezien inderdaad."

"Toen de man eindelijk naar binnen kon, kwam het mooiste. Hij liep gehaast langs de dozen en op dat moment tikte ik de stapels om. Kun je je voorstellen wat er gebeurde?" Karl noch Rinze kwam eraan toe om zijn fantasie te vertellen want Oscar ratelde meteen door. "Alles viel dus om hè en boven op die gast. Hij ging tegen de grond, kreeg alles over zich heen en toen moesten wij hem wel helpen natuurlijk. Heel gedienstig maar er wel voor zorgend dat het opstaan niet al te gemakkelijk ging. Wel twee keer ging hij weer tegen de vlakte. Oh man! Wat een lol hebben we gehad. Toen hij eindelijk weer in de benen was, sommeerde hij de ander die nog buiten stond om de Badhuiswal op te gaan, maar toen waren jullie al lang en breed weg. De kerel die bij ons in de winkel terugkwam controleerde echt alles. Wilde weten of we een achteruitgang hadden. Ja, die hadden we. We lieten hem het gangetje zien die inmiddels weer vol stond met dozen. Hij ze aan de kant gezet en toen kwam hij dus bij de afgesloten deur.
Vroeg hij mij wie er een sleutel van de deur had. Ik liegen alsof het gedrukt stond dat ik de enige was met een sleutel daarvan en hem die laten zien. Toen wilde hij weten waar de branduitgang was. Hem ook die laten zien en hem laten controleren dat de verzegeling er nog op zat. De tweede kwam terug en zei dat hij niets bijzonders had opgemerkt. Daarna hebben ze samen, omdat ik zei dat ik er geen enkel bezwaar tegen had, het hele pand met alle drie de verdiepingen doorzocht op jouw aanwezigheid. Een aanwezigheid die we trouwens meteen al hadden ontkend. Niemand was voor die gast de winkel binnengekomen. Kon toch tenslotte ook niet want we waren met die dozen aan het sjouwen. Oh man echt ik piste zowat in m'n broek van het lachen en die twee anderen al net zo. Dus… een wederdienst is niet nodig Karl. Als je nog eens zoiets weet dan houd ik me aanbevolen." Oscar viel eventjes stil. "Alles verder goed gegaan?"

"Ja hoor Oscar," reageerde Karl. "Alles ging verder prima. Geen problemen meer gehad. Hartstikke bedankt voor je hulp."

"Niets te danken Karl. Daar heb je vrienden voor toch?"

"Dat weet ik Oscar. Maar toch is het goed om te laten blijken dat we je dankbaar zijn en het niet als iets vanzelfsprekends zien."

"Ach man, hou op. Zoals ik al zei. Het lachen en de lol daarna was een ruimschootse betaling."

"Oké Oscar. We gaan hier maffen."

"Jaja. Jij en die jongen zeker. Ahum!"

"Zeg Oscar!!!"

"Ik weet wanneer ik mijn mond moet houden Karl. Tot ziens!" en hij verbrak de verbinding. Lachend keken Karl en Rinze elkaar aan.

"ADHD?" vroeg Rinze.

"Je zou het haast zeggen. Nee, geloof niet dat hij ADHD heeft maar als hij één keer zijn mond open heeft, krijgt hij hem haast niet meer dicht. Maar verder is het een prima kerel."

"Ook homo?"

"Yep. Ik heb nou eenmaal veel vrienden die homo zijn. Vind je dat erg?"

"Tuurlijk niet man!"

"Heb ook wel hetero vrienden hoor maar de meerderheid is toch echt van ons soort." Karl draaide zich op zijn rug en Rinze volgde hem. "Lekker slapen, Rinze."

"Jij ook Karl." En daarmee viel de stilte in.

De nacht gaf rust en verkwikking en toen ze beiden de volgende ochtend zo tegen negen uur wakker werden, voelden ze zich heerlijk ontspannen. Maar toen was het toch wel ineens stressen want het ontbijtbuffet was maar open tot 09.30 uur. Snel iets aangeschoten en zo aan het ontbijt. Ze stapelden hun borden goed vol omdat ze wisten dat om halftien alles weggeruimd zou worden en lieten het zich goed smaken. Een klein uurtje later pas waren ze verzadigd. Toen terug naar de kamer om zich te wassen. Karl mocht zich vandaag voor het eerst sinds een paar dagen weer scheren van Rinze maar in de haast waarmee ze gisteren hun spullen hadden gepakt, was hij zijn scheerspullen vergeten. Dus nog maar eventjes wat langer laten groeien die baard. Rinze vond het niet echt erg en liet zich in elk geval er niet van weerhouden hem uitgebreid te kussen nadat ze hun tanden hadden gepoetst. Een heerlijk lange zoen die een eeuwigheid leek te duren. Een lome zoen. Niet heftig zoals ze vaker gedaan hadden maar heerlijk rustig aan. En die ene werd gevolgd door nog heel veel zoenen meer. Ze verlieten hun kamer tegen halftwaalf en leverden de sleutel in bij de balie. Karl betaalde met zijn creditcard en daarna reden ze terug naar huis. Het onvermijdelijke dat er zat aan te komen, drukte heel duidelijk zijn stempel op de sfeer. Beiden waren ze in zichzelf gekeerd en maar heel af en toe wisselden ze een blik of een aanraking uit. Bij thuiskomst was er eventjes een opleving in de stemming maar die zakte al snel weer toen ze zagen hoe laat het al was.

"Shit, het is al bijna één uur en ik moet om halftwee op school zijn! Ik kom nooit op tijd!" verzuchtte Rinze.

"Dan breng ik je."

"Maar dan…"

"We nemen de auto van Peter. Jij gaat opnieuw achterin en ik rijd naar de parkeerplaats van de Hogeschool Windesheim. Dan kun je het laatste stukje lopen en doen alsof je van het station komt. Oké?" Rinze vond het een goed idee. Toen ze op de parkeerplaats stopten had Rinze nog 15 minuten om op tijd op school te zijn. In de auto namen ze afscheid. "Alles komt goed Rinze," sprak Karl zijn vriendje moed in. "En als het eerst er even op lijkt dat alles fout gaat, weet dan dat het uiteindelijk toch goed zal komen. Dat wij zullen winnen!"

"Ja, ik weet het Karl. Ik ben voorbereid op alles en ik zal me zo rustig mogelijk houden. Ik zal me niet laten uitdagen tot het doen van stomme dingen, tenminste daar zal ik mijn uiterste best voor doen."

Een korte kus volgde en Rinze stapte uit. Karl bleef even wachten tot de jongen uit het gezicht verdwenen was en verliet toen ook de auto. Hij moest zeker weten wat er zou gaan gebeuren. In onzekerheid blijven zitten zoals hij gistermiddag had gedaan, kon hij niet een tweede keer verdragen. Bij school aangekomen had Rinze meteen de parkeerplaats rondgekeken of hij de witte bestelbus van zijn vader ergens kon zien. Nergens kon hij hem echter bespeuren. Zouden ze hem dan toch niet komen halen? Natuurlijk waren er ook weer zijn klasgenoten die hem bestookten met vragen. Simon gedroeg zich als een ware leider en wist iedereen te verdrijven en Rinze voor zich alleen te houden.

"Alles goed?" vroeg hij op oprecht bezorgde toon.

"Ja."

"Zo zie je er niet uit Rinze. Je ziet eruit alsof je elk moment van je stokje kan gaan."

"De spanning Simon. Dat is het enige."

"Als ik iets kan doen om je te helpen, dan moet je het me zeggen oké?"

"Goed van je gemeend Simon maar het is echt het beste als jullie zo weinig mogelijk weten. Ik weet dat jullie er alleen maar gedonder mee zullen krijgen."

"Een beetje gedonder is zo af en toe best interessant Rinze. Ik hou me aan m'n woord!"

De bel ging en de leerlingen van de vierde liepen naar binnen. Rinze handelde op precies dezelfde wijze als gisteren. Hij bekeek de vragen uitvoerig, bepaalde welke hij zou gaan beantwoorden en begon te werken. Dit keer had hij een uur nodig en was hij niet de eerste die vertrok. Toen hij het lokaal verliet, stond meneer Van Dalen hem op te wachten zo bleek.

"Ah, Van der Weide! De adjunct-directeur heeft gevraagd of ik jou even naar hem toe wilde brengen."

"Maar ik moet weg," probeerde Rinze er onderuit te komen. "Ik heb een afspraak."

"Dat kan vast wel even wachten, Van der Weide. Zo lang zal het vast niet duren." De hand van meneer Van Dalen rustte al op zijn schouder en Rinze begreep dat er geen ontkomen aan was.

Karl was in de richting van Rinze's school gelopen en had daar ergens onopvallend wat rondgehangen. Toen het hem te lang duurde en hij bang werd dat zijn aanwezigheid wellicht zou opvallen en dan meer schade dan goed zou gaan doen, was hij weggelopen en had hij een rondje om de campus gelopen. Doodzenuwachtig werd hij hiervan maar hij wist 100% zeker dat hij dat thuis ook geweest zou zijn. Nu had hij toch nog enigszins het gevoel dat hij dichtbij Rinze was en hem van deze korte afstand iets zou kunnen ondersteunen. Nog maar een rondje lopen dan!

Meneer Van Dalen leidde Rinze naar het kantoor van de adjunct op de derde verdieping van het gebouw. Hij klopte netjes aan en toen het bars klonk 'binnen' had hij de deur geopend en had hij Rinze voor laten gaan. 'De jongeheer Van der Weide meneer,' had hij gezegd. Bij het binnenkomen van het kantoor had Rinze meneer Terpstra achter zijn bureau zien zitten en ook de twee bezoekers voor hem. Hoewel hij alleen maar hun ruggen kon zien, had hij hen meteen herkend: zijn vader en ds. Jager. Z'n vader kon dit dus niet alleen af, zo bleek. Meneer Terpstra had zijn collega bedankt en Rinze gezegd te gaan zitten. De jongen nam plaats in de stoel aan de zijkant van het bureau en paste ervoor zijn vader of de dominee aan te kijken. Hij vestigde zijn blik op de adjunct-directeur en daarbij ook zijn hoop. Hij kende de adjunct en afdelingsleider als een man die graag mocht discussiëren en daarom had Rinze toch nog enige hoop. Maar… Rinze begon toch te twijfelen. Terpstra had een rood aangelopen gezicht en was duidelijk niet op zijn gemak in zijn eigen domein.

"Je vader en ds. Jager hebben me verteld dat er bij jou wat problemen zijn op dit moment," zo begon hij.

"De gerezen problemen zijn niet onoverkomelijk, meneer Terpstra," antwoordde Rinze met een glimlach. Terpstra glimlachte terug.

"Misschien… misschien moet je me maar eens vertellen wat er aan de hand is dan," sprak hij terwijl zijn blik tussen Rinze en de anderen heen en weer schoot. Ja! Op deze opening had Rinze gehoopt.

"Dank u, meneer," haastte Rinze zich te zeggen maar de hoop die hij had gehad bleek ijdel te zijn. Dominee Jager schoot overeind uit zijn stoel.

"Meneer Terpstra mag ik u heel even herinneren aan het gesprekje dat wij zo-even met z'n drieën hebben gehad?"

Het rood op Terpstra's gezicht werd aangevuld met zweet dat op zijn voorhoofd begon te parelen en toen wist Rinze dat hij niet de gelegenheid zou krijgen om zijn verhaal te doen en al helemaal niet hoefde te rekenen op steun van de kant van de adjunct. Op de een of andere manier had ds. Jager de man in de tang. Met stamelende stem begon meneer Terpstra te spreken. Het gesprek dat hij had gevoerd met Rinze's vader en de dominee had hem doen besluiten dat Rinze de komende tijd thuis kon blijven. Dat wat er in de klas besproken was en het huiswerk zou hem aangereikt worden door een klas- en dorpsgenoot. Rinze voerde nog aan dat hij dan wel heel veel praktijklessen van natuur- en scheikunde zou missen maar ook dat bleek geen steekhoudend argument te zijn en werd terzijde gelegd. 'Zoveel zijn dat er na de tentamens niet meer Rinze. Die kun je allemaal later nog wel inhalen,' had Terpstra gezegd. Rinze begreep dat praten geen enkele zin meer had en besloot zijn mond te houden. Beter kon hij zich erop richten om zich niet te laten provoceren. Hij ademde rustig in en keek wat de adem deed in zijn lichaam terwijl Terpstra tegen hem aan bleef praten. Eenmaal echter nog gaf hij een vinnig antwoord en dat was toen Terpstra vroeg of hij akkoord was met de gang van zaken:

"Heb ik een keus meneer!"

Daarmee stond Rinze op uit zijn stoel en liep naar de deur waar hij wachtte tot zijn vader en de dominee Terpstra de hand hadden geschud. Tussen zijn twee begeleiders in liep hij de trappen af naar beneden en de voordeur uit. Tot Rinze's verbazing zag hij nog steeds nergens de bestelbus van zijn vader. Geen wonder dat hij hem niet had gezien toen hij op school aangekomen was: ze waren met de auto van Jager gekomen!

Karl had al vijf rondjes gelopen en toen hij de zesde bijna erop had zitten en de voordeur van Rinze's school weer in zicht had, zag hij drie personen uit de deur komen. Natuurlijk herkende hij Rinze - die in het midden liep - als eerste. De man ernaast moest zijn vader zijn gezien de beschrijving van de grootte van de man die Rinze hem had gegeven. Maar wie was dan die derde. Toen hij iets dichterbij was, werd ook dat hem duidelijk. De zwarte hoed, de lange zwarte - voor de tijd van het jaar veel te warme - jas, het krijtstreepje in zijn keurig nette pantalon allemaal kenmerken van een dominee van erg behoudende huize. Oké, hij wist genoeg en liep gestaag door. Weg van Rinze's school in de richting van de Hogeschool waar de auto op hem wachtte.



Reacties zijn van harte welkom op de site waar dit verhaal legaal geplaatst is maar ook via mijn e-mailadres: lucky_eye2@yahoo.co.uk



©Lucky Eye, december 2018 (herziene versie)
Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de houder van het auteursrecht.

Lucky Eye
Berichten: 144
Geregistreerd: zaterdag 07 februari 2015 16:42
Woonplaats: Zwolle
Ontvangen Bedankjes: 138 keer
Bericht Re: VRIJGEVOCHTEN door Lucky Eye » zaterdag 12 januari 2019 18:12

Hoofdstuk 12

Thuisgekomen besloot Karl eerst te zorgen voor de nodige rust. Al twee dagen nu was - zij het met enige onderbreking - de spanning erg hoog geweest en wetende dat hij vannacht een lang eind zou moeten rijden, zou hij nu eerst gaan slapen. En dan aan het eind van de middag zou hij alles wat nodig was gaan regelen.

Ds. Jager had de deur voor hem opengehouden en daarna was Rinze achterin de auto gestapt. Toen zijn vader en de dominee ook waren ingestapt, hoorde hij duidelijk een klik ten teken dat de portieren vergrendeld waren. Rinze overwoog niet eens om te zien of hij een achterdeur zelf kon ontgrendelen. Ze hadden er ongetwijfeld voor gezorgd dat ze op het kinderslot waren gezet. Hij moest glimlachen. Onderweg bedacht hij hoe hij thuis zijn 'schatten' zou moeten verstoppen. Zo snel mogelijk naar binnen en naar boven, dat zou zijn strategie zijn. Jager parkeerde de auto aan de straat en ontsloot toen de achterdeuren. Rinze stapte uit en liep de oprit van hun huis op. Zijn moeder had de deur al geopend. Hij zag dat zijn vader bezig was geweest zijn kamer vluchtproof te maken. Een stalen dwarsbalk zal voor het raam dat open kon om te voorkomen dat het zo ver open kon zodat hij er door zou kunnen ontvluchten. Rinze glimlachte.
Met zijn postuur zou hij zelfs door het klapraampje kunnen als hij de schroeven daaruit had gedraaid. Hij kuste zijn moeder op de wang en ze fluisterde iets in zijn oor dat hij maar amper kon verstaan maar hij durfde niet na te vragen omdat de anderen de oprit al opkwamen. Snel liep hij door naar boven, zijn vader en de geestelijke ver achter zich latend. Op zijn slaapkamer handelde hij meteen. De schroevendraaiers en de nieuwe mobiele telefoon haalde hij uit zijn rugzak en borg deze op in de vrachtruimte van het schaalmodel van de 'Millenium Falcon' dat op het kleine tafeltje stond. De laadklep ging weer dicht en Rinze was tevreden. Hij ging onderuitgezakt op de stoel achter zijn bureau zitten, wachtende op wat zou gaan komen. De dominee kwam als eerste. Hij klopte netjes aan maar toen Rinze niet antwoordde, kwam hij naar binnen.

"Manieren, Rinze. Die zijn heel belangrijk. Ik neem het fatsoen om op jouw deur te kloppen maar jij niet om mij binnen te laten!"

"U bent al veel te ver in mijn leven binnengekomen dominee," reageerde Rinze onderkoeld.

Shit, hij zou zich niet laten uitdagen zo had hij zich voorgenomen en nu reageerde hij dus toch weer heel primair. Rustig aan! Let op je ademhaling, sprak hij zichzelf toe.

"Te ver?" vroeg de dominee. Rinze reageerde niet. "Je ouders hebben mij gevraagd ze met raad en daad terzijde te staan nu zich in jullie gezin een crisis voordoet en dat is het enige dat ik doe." Rinze hield zich aan zijn voornemen zijn mond te houden. "Oké. Uit je stilzwijgen merk ik op dat je nu niet wilt praten. Dan doe we dat gewoon een andere keer. Tot morgen, Rinze."

Oké, dacht Rinze, kom jij morgen maar terug. Dan zal ik er in elk geval niet meer zijn. Toen de dominee de deur achter zich dicht deed, sprong hij meteen op en rende naar de deur. Hij deed hem iets open en kon zo precies horen wat de dominee en zijn vader - of zijn ouders - met hem bespraken.

"Het wordt moeilijk, Teunis," zo sprak de dominee, Rinze's vader bij diens voornaam noemend. "Maar met Gods kracht aan onze zijde zal het ons lukken de jongen weer op het rechte spoor te krijgen. Dit kan niet anders dan een bevlieging zijn. Hij is te veel onder de invloed geweest van elementen die niet de juiste koers varen. Met een tijdelijke afzondering kunnen wij hem met Gods hulp weer terugkrijgen daar waar hij hoort: in de kudde van de Heer."

"Dus ik kan nu uitvoeren wat we besproken hebben?" hoorde Rinze de diepe bas van zijn vader.

"Ja, Teunis. Zoals we afgesproken hebben. En als er zich problemen voordoen, je hebt mijn nummer. Bel me dan ook al is het midden in de nacht. Ik ken mijn verantwoordelijkheid voor degenen die aan mij toevertrouwd zijn. En jij Julia, steun je echtgenoot waar je kunt. Je weet dat hij het beste voorheeft met de jongen, jullie zoon!"

Zo zijn moeder al een antwoord had gegeven, Rinze kon het in elk geval niet horen. Snel sloot Rinze de deur en plofte weer neer op de stoel zich een zo nonchalant mogelijk houding aanmetend. Hij hoorde de voetstappen op de trap en toen de deur openging, nam hij niet de moeite op te kijken. Zijn vader stond breed in de deuropening en zijn moeder daarachter. Het was vreemd. Ze wees nadrukkelijk op Rinze's bed zich schuilhoudend achter de rug van haar man. Rinze wist niet wat hij ermee moest.

"Sta op!" zo klonk het bars. Rinze stond op. "Vanaf nu heb je huisarrest. Dat betekent dat je de komende tijd het huis niet zult mogen verlaten. Contact met mensen van buitenaf is uitgesloten. De kabel van het internet ligt eruit dus mailen is ook niet mogelijk."

Rinze hoorde het aan maar het deed niets met hem. Hij had het verwacht. Karl en hij hadden zich erop voorbereid en het trucje om je te richten op je ademhaling deed wonderen.

"Reacties?"

Shit! Zijn vader vroeg hem om commentaar. Rinze was niet van plan die te geven, het enige dat hij deed was zijn schouders ophalen.

"Doe me je ID-kaart."

"Die heb ik niet," zei de jongen zonder enige nuance in zijn stem.

"Natuurlijk heb je die wel!"

"Ik heb er niet een! Het enige dat ik heb is een kopie ervan, omdat jij me niet verantwoordelijk genoeg achtte om de kaart bij me te houden." Rinze pakte zijn rugtas en haalde de kopie, die Karl gemaakt had van het origineel, tevoorschijn. "Alsjeblieft," zo reikte hij het vodje aan. Zijn vader bekeek de kopie met het nodige wantrouwen.

"Waar is het origineel?"

"Weet ik veel waar jullie die dingen opbergen!" Aiii, sprak Rinze zichzelf toe. Niet te brutaal worden, want anders …

"Ik zal wel even in het kistje met waardepapieren kijken," stelde zijn moeder voor en liep weg.

Eerst bleef zijn vader geduldig staan wachten, maar toen het hem te lang duurde voor zijn vrouw terugkwam, ging hij verder.

"Doe me je mobiele telefoon."

Rinze haalde die uit zijn broekzak en wilde hem uitzetten.

"Niet uitzetten, geef hier!"

Rinze gaf het apparaat af.

Het eerste dat zijn vader deed was het controleren van het adresboek, want meteen vroeg hij: "Heb je maar zo weinig nummers erin staan?"

Oké, waarom had hij dat gecontroleerd? Waren ze nog steeds op zoek naar contact met John?

"Ik ken de nummers van mijn vrienden uit het hoofd en het is beter je geheugen te blijven trainen dan maar stom zo'n nummer uit je telefoonboek te halen."

Rinze zag zijn moeder terugkomen en opnieuw wees ze nadrukkelijk op zijn bed zonder dat zijn vader het kon zien. Hij begreep er nog steeds niets van. Later maar eens checken. Zijn telefoon verdween in vaders broekzak.

"De ID-kaart van Rinze ligt bij die van ons in het kistje," zo zei ze.

Zijn vader leek tevredengesteld. Rinze was meer dan verbaasd. Zijn ID-kaart zat in de portemonnee van Karl, hoe kon zij dan… Had hij een bondgenoot???

"Kleed je uit."

"Wat?"

"Kleed je uit!" herhaalde de man op hardere toon.

"Waar jullie bij zijn?" vroeg Rinze met de nodige verontwaardiging in zijn stem.

"Doe wat ik je zeg, jongen!" De stem van zijn vader was hard en Rinze begreep dat er geen ontkomen aan was. "En jij," zo sprak hij tot zijn vrouw, "haal zijn kasten leeg."

Terwijl Rinze zich begon uit te kleden, haalde zij een paar wasmanden op. Terug op zijn slaapkamer begon ze de inhoud van Rinze's kast over te pakken in de wasmanden. Rinze had zich tot op zijn boxer uitgekleed en bleef met de armen over elkaar geslagen uitdagend staan. Zijn moeder was nog drukdoende.

"Die kan ook uit Rinze!"

"Kom op zeg!" reageerde hij hogelijk verontwaardigd. "Ik ga toch echt niet strippen hier hè!"

"Uit dat ding anders trek ik hem uit!" Rinze besloot eieren voor zijn geld te kiezen en trok het laatste kledingstuk uit voor de ogen van zijn vader. Toen hij opkeek naar het gezicht van zijn vader zag hij diens ogen groter en groter worden. "Hoe kom je zo bruin?"

Shit… nooit aan gedacht, dacht Rinze. Het verschil tussen zijn lichaam onder de boxer en de gedeelten die hij zondagmiddag had blootgesteld aan de zon was inderdaad duidelijk zichtbaar. Meteen wist hij ook waarom Karl erop gestaan had de weddenschap niet meteen in te lossen. Alles grinnikte in hem. Die Karl had een vooruitziende blik!

"De zon heeft geschenen het afgelopen weekend, pa. Weet niet of je het gemerkt hebt maar het is zo!" Aiiiiii, stommerd zo schreeuwde het in Rinze's hoofd! Je zou niet reageren! Nergens op!

"Brutale vlegel! Je hebt niet eens een korte broek! Hoe kom je dan zo bruin?" Rinze beet zich op zijn lippen. "Geef me antwoord anders sta ik niet voor mezelf in!"

Rinze vond dat hij al te veel gezegd had en klemde zijn kaken stevig op elkaar. Geen woord! Geen woord meer zou hij spreken! Hij zag de beweging van zijn vader en wist dat die niets goed voorspelde. Zijn vader maakte zijn riem los en trok die uit de lussen. Meteen sprong zijn moeder tussen haar man en zoon in.

"Eruit jij!" schreeuwde ze met een stem die Rinze deed huiveren. "Dit is niet afgesproken! Eruit!"

Met haar kleine vuisten sloeg ze in op de brede borst van haar man en deed verwoede pogingen hem de kamer uit te werken.

"Stom wijf laat me m'n gang gaan. Die hoer verdient een flinke afranseling. Die zondaar…"

"ERUIT!!!"

Toen ze haar man uit de kamer gewerkt had, kwam ze terug en wees nogmaals uitdrukkelijk op het bed. Ze pakte de wasmanden op en verdween om nadat ze deze op de overloop gezet had de deur dicht te slaan. Rinze haalde opgelucht adem. Toch niet geheel en al opgelucht want zodra de deur dicht geklapt was, was het geraas en getier op de overloop begonnen. Zijn vaders stem voerde de boventoon, maar zijn moeder liet zich niet eronder krijgen. Schreeuwend moesten ze daar tegenover elkaar staan, zo stelde Rinze zich voor. Iets dat hij nog nooit had meegemaakt. Zijn moeder was altijd gedwee geweest en nu… nu leek het alsof ze vocht met alles wat ze in zich had. Een keiharde klap maakte een eind aan de woordenwisseling. Rinze vloog op de deur af om zijn moeder te helpen maar toen hij de deur opentrok, werd deze meteen daarna vanaf de andere zijde dichtgetrokken.

"Stom wijf! Zorg dat die deur op slot blijft!" Woeste stappen die naar beneden stampten waren te horen en het zachte gehuil van zijn moeder.

"Ma! Ma!" riep Rinze zo luid hij durfde om zijn vader niet naar boven te lokken."

"Alles is goed jongen. Doe wat ik je gezegd heb!" zei ze op fluistertoon en liep naar beneden.

Wat had ze hem gezegd? Eigenlijk niets! Ze had alleen maar gewezen op zijn bed. Om niet verrast te worden met ongewenst bezoek schoof Rinze de leunstoel die op zijn kamer stond voor de deur. Als er dan al iemand naar binnen wilde, zou die toch even tegengehouden worden. Hij tilde zijn dekbed op en keek zijn ogen uit.

Karl had een aantal uren goed geslapen toen hij tegen halfzeven zijn buurvrouw opzocht. Eigenlijk had hij het gesprek bij de deur willen afhandelen maar al haar charmes in de strijd werpend wist zij hem binnen te krijgen. En natuurlijk kon hij toen een kopje koffie niet weigeren. Ze was een leuke vrouw en in elk geval niet zo'n roddeltante als er al zoveel woonden in deze flat. Het leek alsof die dames niets anders deden dan constant naar buiten kijken om iedereen goed in de gaten te houden om dan vervolgens elkaar op te bellen om door te geven wie er nu weer bij wie was geweest. Gelukkig was mevrouw Sonninga niet zo. Tijdens de koffie bracht hij het onderwerp van zijn komst naar voren. Hij gaf aan dat hij een tijdje op vakantie zou gaan en vroeg haar of zij dan wellicht op zijn flat zou willen passen. Het zou neerkomen op het leeghalen van de brievenbus in de hal beneden en het verzorgen van zijn planten.

"Natuurlijk! Dat is geen enkel probleem toch! We zijn er om elkaar te helpen en rond de Kerstdagen heb jij toch ook nog op mijn poes gepast!"

Als je het over de duivel hebt, dacht Karl toen hij de rode gecastreerde kater binnen zag wandelen. Het beest nam hem aandachtig op en sprong toen op de plaats naast hem om zich vervolgens op zijn schoot te nestelen. Karl had het eigenlijk niet zo op katten en het leek alsof ze daar een antenne voor hadden, want ze kwamen altijd bij hem zitten.

"Oh ja. Op dit moment is een vriend van mij toevallig ook op vakantie en ik heb zijn auto op het parkeerterrein hier achter gezet dus zou u die ook een beetje in de gaten willen houden?"

"Ik hoef er toch niet mee te rijden of zo hè?"

"Nee, mevrouw Sonninga dat hoeft echt niet. Gewoon af en toe vanuit uw keukenraampje in de gaten houden is prima. Ik geef u mijn telefoonnummer dat ik voor u opgeschreven heb, de sleutel van mijn brievenbus, mijn flat en van de auto."

"Welke is het?" vroeg ze terwijl ze hem voor ging naar haar keukentje.

Karl wees de witte auto aan. Na een vriendelijk afscheid verliet hij haar en terug in zijn eigen flat begon hij de koffers te pakken. De gehele inhoud van de klerenkast verdween in drie grote koffers. Daarna smeerde hij een flinke lading boterhammen, want met Rinze wist je maar nooit hoeveel honger hij had, dacht hij glimlachend. Ook zorgde hij voor voldoende drinken. Toen was het wachten op een teken van leven.

Rinze lag met zijn ogen dicht op bed maar slapen deed hij niet. Hij was te gespannen om ook maar een oog dicht te doen. Wel probeerde hij kalm te blijven door zich volledig te concentreren op zijn ademhaling. Toen hij het dekbed had opengeslagen, had hij zijn ogen uitgekeken. Een complete zwarte uitrusting lag er onder het dekbed. Zijn zwarte All Stars die zijn moeder net voor hem had gewassen, een zwarte lange broek, een zwart T-shirt, een zwarte sweater met capuchon en een zwarte boxer. Okay, zijn moeder stond dus heel duidelijk aan zijn kant. Dat mocht nu wel duidelijk zijn, want ze had hem voorzien van kleren zodat hij in elk geval niet bloot de straat op hoefde. Snel sloeg hij het dekbed weer dicht, want hij hoorde iemand de trap opkomen. Ook de stoel verschoof hij snel zodat - als er iemand de kamer binnen wilde komen - het leek alsof er helemaal niets aan de hand was. De voetstappen waren ook weer verdwenen. Rusteloos was hij heen en weer gaan lopen.
Rusteloos omdat hij niet wist wat hij nou eigenlijk moest doen. Karl nu al bellen, vond hij te riskant. Dan maar even achter de computer en een spelletje spelen. Volgens zijn vader nutteloos tijdverdrijf, maar hij had daar zin in op dit moment! Daarmee had hij zich beziggehouden tot zijn vader de deur van zijn kamer ontsloot en binnenkwam met een dienblad met daarop het avondeten. Zonder een woord te zeggen, had hij het neergezet en de kamer weer verlaten. De deur ging natuurlijk weer op slot. Rinze was niet zo stijfkoppig dat hij niet wilde eten wat zijn vader hem bracht. Hij had honger en wist dat hij de energie nodig zou hebben.
Zijn ouders zouden nu ook aan het eten zijn en daarom haalde hij, na de stoel eerst weer voor de deur geschoven te hebben, zijn mobieltje uit de Millenium Falcon. Snel tikte hij een SMS'je voor Karl met de tekst: "Weet niet hoe laat. Station!" Dat zou duidelijk genoeg zijn. Karl zou desnoods de hele nacht wachten als het nodig mocht zijn. Daar was Rinze van overtuigd. Nadat hij gegeten had, had hij gewacht tot het dienblad weer opgehaald zou worden. Zijn vader was gekomen en gegaan zonder opnieuw een woord te zeggen. En nu, nu lag hij daar terwijl hij kalm probeerde te blijven maar het lukte niet meer. Een tijdlang was het goed gegaan maar nu begon - zo leek het - alles in hem te borrelen. Hij sprong op van het bed dat erg ongemakkelijk lag vanwege de spullen die nog steeds onder het dekbed verstopt lagen en maakte zich op om de yoga-oefeningen die hij bij Karl geleerd had te gaan doen. Keer op keer deed hij ze in de vaste volgorde en dat leidde hem voldoende af.

Karl was meteen bij zijn mobieltje, toen hij de bliep van een binnenkomend bericht hoorde. Een kort berichtje, maar duidelijk genoeg. Hij zou zorgen dat hij tegen elven bij het station zou staan en dan maar afwachten hoelang hij op Rinze zou moeten wachten, maar dat maakte niet uit. Het belangrijkste was dat hij er zou zijn!

Tegen halftien al hoorde Rinze gestommel op de trap en het was onmiskenbaar de tred van zijn vader. Verwachtend dat deze zijn kamer binnen zou komen voor een laatste controle, staakte hij zijn oefeningen en ging ongeïnteresseerd op zijn bureaustoel zitten of liever gezegd hangen. De deur ging echter niet open. Hij hoorde zijn vader in de badkamer en toen daar het licht uit werd gedaan, werd er nog wel eventjes gecontroleerd of zijn deur goed op slot zat. Rinze glimlachte. Ja, de gevangene zat stevig opgesloten! Op de vaste tijd dat zijn ouders normaal naar bed gingen, hoorde hij zijn moeder naar boven komen. Toen die zich uiteindelijk ook ter ruste begaf, haalde Rinze de kleren vanonder het dekbed vandaan en begon hij zich aan te kleden. Hij deed de lichten in zijn kamer uit en bleef in het pikkedonker zitten. Nu was het wachten op een zet van zijn moeder.




Reacties zijn van harte welkom op de site waar dit verhaal legaal geplaatst is maar ook via mijn e-mailadres: lucky_eye2@yahoo.co.uk



©Lucky Eye, december 2018 (herziene versie)
Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de houder van het auteursrecht.

Lucky Eye
Berichten: 144
Geregistreerd: zaterdag 07 februari 2015 16:42
Woonplaats: Zwolle
Ontvangen Bedankjes: 138 keer
Bericht Re: VRIJGEVOCHTEN door Lucky Eye » zaterdag 26 januari 2019 07:57

Hoofdstuk 11

"Alles goed?" vroeg Karl terwijl hij over zijn schouder keek.

"Ja, gaat wel," sprak Rinze hijgend.

"Ik rij niet meteen naar huis omdat ik er zeker van wil zijn dat we niet gevolgd worden."

"Is goed." Rinze maakte het zich zo comfortabel mogelijk maar van echt comfort was natuurlijk geen sprake.

Karl reed het centrum uit in de richting van de snelweg. Het reed die op bij de oprit Centrum en weer af bij de afrit Noord. Toen hij er na een tijdje rijden zeker van was dat ze niet gevolgd werden, reed hij terug naar huis. Hij parkeerde de auto op het parkeerterrein, stapte uit en opende daarna het achterportier voor Rinze. In huis aangekomen barstte Rinze in tranen uit. Karl trok hem tegen zich aan en liet hem begaan. De tranenstroom duurde lang maar Karl deed geen poging het te stoppen. Het was goed zo. Alles moest er uit, zo oordeelde hij.

"Vind je me een aansteller?" vroeg Rinze ineens.

"Echt niet man!"

"Maar ik jank alsof ik een klein kind ben!"

"Rinze je bent absoluut geen klein kind en volgens mij is het alleen maar goed dat je huilt en laat zien dat je emotioneel bent. Eerder deze middag zei ik je niet emotioneel te zijn maar nu mag het jongen dus laat je gaan. Gooi alles eruit. Het is niet goed om je manmoedig te gaan gedragen terwijl je je absoluut niet zo voelt." Hij kuste de jongen op zijn blonde krulletjes en trok zijn omhelzing nog eens stevig aan. "Ik hou van je Rinze!"

"Ik ook van jou maar ik was ook zo vreselijk bang. Ik wil niet bij je weg Karl!"

"Je hoeft ook niet bij me weg! Als je wilt, dan pakken we nu onze spullen en maken we dat we wegkomen. Je hoeft niet terug naar huis."

"Ik weet het. Het is een mogelijkheid maar dan zal ik waarschijnlijk altijd de dreiging blijven voelen dat ik ooit weer terug naar huis moet."

"We kunnen in 10 minuten weg zijn, Rinze!"

"Ik weet het Karl maar toch denk ik dat ik het beter onder ogen kan zien allemaal. Anders blijft het als het zwaard van Damocles boven mijn hoofd hangen en dat is ook geen prettig gevoel. Zullen we gaan zitten?" Zonder de omhelzing te verbreken namen ze plaats op de bank. "Snap je me?"

"Ja, ik snap het maar zou veel liever nu met jou de boel inpakken en wegrijden ver hier vandaan. Want nu krijgen we opnieuw de spanning wat er morgen zal gebeuren!"

"Ja, ik weet het. Maar dat is eigenlijk als wel 100% zeker."

"Ja."

"Waarom denk je dat het vandaag nog niet gebeurd is. Waarom zouden ze gewacht hebben?"

"Puur strategie van hun kant. Ze wilden vandaag dus proberen jou te volgen naar je veilige plek. Als ze die ontdekt hadden, zouden ze met de politie eropaf gaan. Jij zou mee naar huis genomen worden en ik zou van de dienders een proces verbaal krijgen."

"Maar waarom op die manier?"

"Omdat ze willen proberen ons uiteen te drijven. Ze willen mij zodanig intimideren dat ik me niet meer met jou zal inlaten jongen!"

"Dan kennen ze jou nog niet Karl!"

"Ik ben ontzettend blij schat dat je me zo enorm goed kent! Inderdaad, ze kennen mij nog niet. Ik laat me niet intimideren!" Nogmaals kuste hij zijn maatje en deze beantwoordde de kus. Een kus op de lippen dit keer die uitliep op een heftige tongzoen. Eentje die zo heet was dat ze - net als eerdere keren - beiden daarna naar adem moesten happen.

"Maar morgen zal mijn vader me vast en zeker wel komen ophalen op school voor of na het tentamen."

"Ja, dat denk ik ook. Weet het wel zeker. Hun eerste plannetje is mislukt en dus zullen ze zich tevreden stellen met alleen terugbrengen van het 'verloren schaap'. En dan zal ik je komen ophalen. We waren vandaag al voorbereid maar zullen dat morgen nog meer zijn," besloot Karl strijdvaardig.

"Kunnen we nu misschien ergens heen gaan want ik heb absoluut geen zin om hier thuis te blijven wachten totdat dat tijdstip aanbreekt."

"Doen we jongen! Wil je je nog verkleden?"

"Zeker wel! Ik wil iets aantrekken dat jij en ik gisteren samen gekocht hebben."

"Oké prima. En dan wat toiletspullen pakken en dan gaan we er lekker tussenuit!" Nog geen kwartier later verlieten ze het huis en liepen ze naar het huis van Peter waar Karls auto geparkeerd stond. De reis voerde via de snelweg naar het Van der Valk Motel bij Arnhem. Meteen na aankomst aten ze om daarna Arnhem in te gaan. Ze bezochten een bioscoop en zagen een flutfilm. In een café dronken ze wat en toen ze terugkwamen op hun kamer was het inmiddels na elven. Toen ze na een uitgebreide douche in bed kropen, had Rinze een stralende glimlach op zijn gezicht. "Waarom glimlach je zo mooi?" wilde Karl weten.

"Vanwege alles wat jij me geeft. Vanwege alles wat we samen doen. Dat je zomaar ergens uit kan stappen, ergens heen rijden en dan dit soort leuke dingen doen zoals wij vanavond hebben gedaan, dat vind ik zo ontzettend mooi. Dat geeft zoveel gevoel van ECHT vrij zijn!"

"Je bent een schatje Rinze. Zo onbedorven nog. En zo gemakkelijk tevreden te stellen." Karl speelde met zijn vingers over de arm van Rinze.

"Ik heb geen zin in seks vanavond hoor. Vind je dat erg?"

"Zeker man! Heel erg! Ben je belazerd! Geen seks kan natuurlijk niet hè in zo'n prille relatie als wij hebben. Niet zeiken man, op je buik ik wil op en in je!" Rinze begreep dat Karl hem voor de gek hield maar vond het toch gepast een uitleg te geven.

"Niet omdat ik niet van je hou of dat ik niet met een erectie hier naast je lig." Karl controleerde het meteen eventjes. "Maar omdat ik eventjes rust wil. Seks is heel ontspannend hoor maar ik wil even helemaal niets. Begrijp je dat?"

"Ja, lieverd. Ik begrijp je helemaal. Ik stak je alleen maar eventjes de gek aan omdat ik daar zo af en toe van hou."

"Af en toe?"

"Oké jij je zin. Soms wat vaker dan! Nu we toch geen seks gaan hebben, vind je het goed dat ik Oscar even bel. Ben eigenlijk best wel benieuwd hoe het afgelopen is."

"Goed idee, Karl. Ik eigenlijk ook wel." Karl koos het nummer van Oscar en al snel werd er opgenomen.

"Karl! Maat van me! Laat die wederdienst maar zitten hoor de gunst die ik je vanmiddag verleend heb is allang terugbetaald."

"Hoezo?"

"Nou we hebben toch gelachen met z'n drieën! Ongelooflijk gewoon! Je maatje stoof hier werkelijk als een wervelwind naar binnen. Weet je trouwens wel zeker dat hij 16 is?"

"Dat weet ik zeker Oscar. Ik heb hem gevraagd naar zijn id-kaart en hij wordt dit jaar zelfs al 17. En bovendien moet je uitkijken met roddelen hoor want het joch ligt hier naast me en als je het met hem aan de stok krijgt… berg je dan maar!"

"Sorry dude! Wil je niet beledigen of zo hoor maar je bent wel een verrekt kleintje!"

"Ja," antwoordde Rinze nadat Karl de telefoon op handsfree had gezet. "Ik kan niet anders dan dat beamen."

"De laatste uit een groot gezin of zo?" Oscar lachte om zijn eigen grap.

"Dat nog niet eens. De enige!"

"Ow… maar oké je stoof dus hier naar boven, deed precies wat er afgesproken was. Ik met een van het personeel meteen naar de deur. We deden alsof we met die dozen aan het schuiven waren en toen dus een van die kerels naar binnen wilde, kon dat dus even niet hè! Hij boos en schreeuwen. De andere verkoper was ondertussen al achter jou aangerend om de deur achter jou op slot te doen en de gang weer vol te schuiven met de dozen die daar nog stonden."

"Heb ze gezien inderdaad."

"Toen de man eindelijk naar binnen kon, kwam het mooiste. Hij liep gehaast langs de dozen en op dat moment tikte ik de stapels om. Kun je je voorstellen wat er gebeurde?" Karl noch Rinze kwam eraan toe om zijn fantasie te vertellen want Oscar ratelde meteen door. "Alles viel dus om hè en boven op die gast. Hij ging tegen de grond, kreeg alles over zich heen en toen moesten wij hem wel helpen natuurlijk. Heel gedienstig maar er wel voor zorgend dat het opstaan niet al te gemakkelijk ging. Wel twee keer ging hij weer tegen de vlakte. Oh man! Wat een lol hebben we gehad. Toen hij eindelijk weer in de benen was, sommeerde hij de ander die nog buiten stond om de Badhuiswal op te gaan, maar toen waren jullie al lang en breed weg. De kerel die bij ons in de winkel terugkwam controleerde echt alles. Wilde weten of we een achteruitgang hadden. Ja, die hadden we. We lieten hem het gangetje zien die inmiddels weer vol stond met dozen. Hij ze aan de kant gezet en toen kwam hij dus bij de afgesloten deur.
Vroeg hij mij wie er een sleutel van de deur had. Ik liegen alsof het gedrukt stond dat ik de enige was met een sleutel daarvan en hem die laten zien. Toen wilde hij weten waar de branduitgang was. Hem ook die laten zien en hem laten controleren dat de verzegeling er nog op zat. De tweede kwam terug en zei dat hij niets bijzonders had opgemerkt. Daarna hebben ze samen, omdat ik zei dat ik er geen enkel bezwaar tegen had, het hele pand met alle drie de verdiepingen doorzocht op jouw aanwezigheid. Een aanwezigheid die we trouwens meteen al hadden ontkend. Niemand was voor die gast de winkel binnengekomen. Kon toch tenslotte ook niet want we waren met die dozen aan het sjouwen. Oh man echt ik piste zowat in m'n broek van het lachen en die twee anderen al net zo. Dus… een wederdienst is niet nodig Karl. Als je nog eens zoiets weet dan houd ik me aanbevolen." Oscar viel eventjes stil. "Alles verder goed gegaan?"

"Ja hoor Oscar," reageerde Karl. "Alles ging verder prima. Geen problemen meer gehad. Hartstikke bedankt voor je hulp."

"Niets te danken Karl. Daar heb je vrienden voor toch?"

"Dat weet ik Oscar. Maar toch is het goed om te laten blijken dat we je dankbaar zijn en het niet als iets vanzelfsprekends zien."

"Ach man, hou op. Zoals ik al zei. Het lachen en de lol daarna was een ruimschootse betaling."

"Oké Oscar. We gaan hier maffen."

"Jaja. Jij en die jongen zeker. Ahum!"

"Zeg Oscar!!!"

"Ik weet wanneer ik mijn mond moet houden Karl. Tot ziens!" en hij verbrak de verbinding. Lachend keken Karl en Rinze elkaar aan.

"ADHD?" vroeg Rinze.

"Je zou het haast zeggen. Nee, geloof niet dat hij ADHD heeft maar als hij één keer zijn mond open heeft, krijgt hij hem haast niet meer dicht. Maar verder is het een prima kerel."

"Ook homo?"

"Yep. Ik heb nou eenmaal veel vrienden die homo zijn. Vind je dat erg?"

"Tuurlijk niet man!"

"Heb ook wel hetero vrienden hoor maar de meerderheid is toch echt van ons soort." Karl draaide zich op zijn rug en Rinze volgde hem. "Lekker slapen, Rinze."

"Jij ook Karl." En daarmee viel de stilte in.

De nacht gaf rust en verkwikking en toen ze beiden de volgende ochtend zo tegen negen uur wakker werden, voelden ze zich heerlijk ontspannen. Maar toen was het toch wel ineens stressen want het ontbijtbuffet was maar open tot 09.30 uur. Snel iets aangeschoten en zo aan het ontbijt. Ze stapelden hun borden goed vol omdat ze wisten dat om halftien alles weggeruimd zou worden en lieten het zich goed smaken. Een klein uurtje later pas waren ze verzadigd. Toen terug naar de kamer om zich te wassen. Karl mocht zich vandaag voor het eerst sinds een paar dagen weer scheren van Rinze maar in de haast waarmee ze gisteren hun spullen hadden gepakt, was hij zijn scheerspullen vergeten. Dus nog maar eventjes wat langer laten groeien die baard. Rinze vond het niet echt erg en liet zich in elk geval er niet van weerhouden hem uitgebreid te kussen nadat ze hun tanden hadden gepoetst. Een heerlijk lange zoen die een eeuwigheid leek te duren. Een lome zoen. Niet heftig zoals ze vaker gedaan hadden maar heerlijk rustig aan. En die ene werd gevolgd door nog heel veel zoenen meer. Ze verlieten hun kamer tegen halftwaalf en leverden de sleutel in bij de balie. Karl betaalde met zijn creditcard en daarna reden ze terug naar huis. Het onvermijdelijke dat er zat aan te komen, drukte heel duidelijk zijn stempel op de sfeer. Beiden waren ze in zichzelf gekeerd en maar heel af en toe wisselden ze een blik of een aanraking uit. Bij thuiskomst was er eventjes een opleving in de stemming maar die zakte al snel weer toen ze zagen hoe laat het al was.

"Shit, het is al bijna één uur en ik moet om halftwee op school zijn! Ik kom nooit op tijd!" verzuchtte Rinze.

"Dan breng ik je."

"Maar dan…"

"We nemen de auto van Peter. Jij gaat opnieuw achterin en ik rijd naar de parkeerplaats van de Hogeschool Windesheim. Dan kun je het laatste stukje lopen en doen alsof je van het station komt. Oké?" Rinze vond het een goed idee. Toen ze op de parkeerplaats stopten had Rinze nog 15 minuten om op tijd op school te zijn. In de auto namen ze afscheid. "Alles komt goed Rinze," sprak Karl zijn vriendje moed in. "En als het eerst er even op lijkt dat alles fout gaat, weet dan dat het uiteindelijk toch goed zal komen. Dat wij zullen winnen!"

"Ja, ik weet het Karl. Ik ben voorbereid op alles en ik zal me zo rustig mogelijk houden. Ik zal me niet laten uitdagen tot het doen van stomme dingen, tenminste daar zal ik mijn uiterste best voor doen."

Een korte kus volgde en Rinze stapte uit. Karl bleef even wachten tot de jongen uit het gezicht verdwenen was en verliet toen ook de auto. Hij moest zeker weten wat er zou gaan gebeuren. In onzekerheid blijven zitten zoals hij gistermiddag had gedaan, kon hij niet een tweede keer verdragen. Bij school aangekomen had Rinze meteen de parkeerplaats rondgekeken of hij de witte bestelbus van zijn vader ergens kon zien. Nergens kon hij hem echter bespeuren. Zouden ze hem dan toch niet komen halen? Natuurlijk waren er ook weer zijn klasgenoten die hem bestookten met vragen. Simon gedroeg zich als een ware leider en wist iedereen te verdrijven en Rinze voor zich alleen te houden.

"Alles goed?" vroeg hij op oprecht bezorgde toon.

"Ja."

"Zo zie je er niet uit Rinze. Je ziet eruit alsof je elk moment van je stokje kan gaan."

"De spanning Simon. Dat is het enige."

"Als ik iets kan doen om je te helpen, dan moet je het me zeggen oké?"

"Goed van je gemeend Simon maar het is echt het beste als jullie zo weinig mogelijk weten. Ik weet dat jullie er alleen maar gedonder mee zullen krijgen."

"Een beetje gedonder is zo af en toe best interessant Rinze. Ik hou me aan m'n woord!"

De bel ging en de leerlingen van de vierde liepen naar binnen. Rinze handelde op precies dezelfde wijze als gisteren. Hij bekeek de vragen uitvoerig, bepaalde welke hij zou gaan beantwoorden en begon te werken. Dit keer had hij een uur nodig en was hij niet de eerste die vertrok. Toen hij het lokaal verliet, stond meneer Van Dalen hem op te wachten zo bleek.

"Ah, Van der Weide! De adjunct-directeur heeft gevraagd of ik jou even naar hem toe wilde brengen."

"Maar ik moet weg," probeerde Rinze er onderuit te komen. "Ik heb een afspraak."

"Dat kan vast wel even wachten, Van der Weide. Zo lang zal het vast niet duren." De hand van meneer Van Dalen rustte al op zijn schouder en Rinze begreep dat er geen ontkomen aan was.

Karl was in de richting van Rinze's school gelopen en had daar ergens onopvallend wat rondgehangen. Toen het hem te lang duurde en hij bang werd dat zijn aanwezigheid wellicht zou opvallen en dan meer schade dan goed zou gaan doen, was hij weggelopen en had hij een rondje om de campus gelopen. Doodzenuwachtig werd hij hiervan maar hij wist 100% zeker dat hij dat thuis ook geweest zou zijn. Nu had hij toch nog enigszins het gevoel dat hij dichtbij Rinze was en hem van deze korte afstand iets zou kunnen ondersteunen. Nog maar een rondje lopen dan!

Meneer Van Dalen leidde Rinze naar het kantoor van de adjunct op de derde verdieping van het gebouw. Hij klopte netjes aan en toen het bars klonk 'binnen' had hij de deur geopend en had hij Rinze voor laten gaan. 'De jongeheer Van der Weide meneer,' had hij gezegd. Bij het binnenkomen van het kantoor had Rinze meneer Terpstra achter zijn bureau zien zitten en ook de twee bezoekers voor hem. Hoewel hij alleen maar hun ruggen kon zien, had hij hen meteen herkend: zijn vader en ds. Jager. Z'n vader kon dit dus niet alleen af, zo bleek. Meneer Terpstra had zijn collega bedankt en Rinze gezegd te gaan zitten. De jongen nam plaats in de stoel aan de zijkant van het bureau en paste ervoor zijn vader of de dominee aan te kijken. Hij vestigde zijn blik op de adjunct-directeur en daarbij ook zijn hoop. Hij kende de adjunct en afdelingsleider als een man die graag mocht discussiëren en daarom had Rinze toch nog enige hoop. Maar… Rinze begon toch te twijfelen. Terpstra had een rood aangelopen gezicht en was duidelijk niet op zijn gemak in zijn eigen domein.

"Je vader en ds. Jager hebben me verteld dat er bij jou wat problemen zijn op dit moment," zo begon hij.

"De gerezen problemen zijn niet onoverkomelijk, meneer Terpstra," antwoordde Rinze met een glimlach. Terpstra glimlachte terug.

"Misschien… misschien moet je me maar eens vertellen wat er aan de hand is dan," sprak hij terwijl zijn blik tussen Rinze en de anderen heen en weer schoot. Ja! Op deze opening had Rinze gehoopt.

"Dank u, meneer," haastte Rinze zich te zeggen maar de hoop die hij had gehad bleek ijdel te zijn. Dominee Jager schoot overeind uit zijn stoel.

"Meneer Terpstra mag ik u heel even herinneren aan het gesprekje dat wij zo-even met z'n drieën hebben gehad?"

Het rood op Terpstra's gezicht werd aangevuld met zweet dat op zijn voorhoofd begon te parelen en toen wist Rinze dat hij niet de gelegenheid zou krijgen om zijn verhaal te doen en al helemaal niet hoefde te rekenen op steun van de kant van de adjunct. Op de een of andere manier had ds. Jager de man in de tang. Met stamelende stem begon meneer Terpstra te spreken. Het gesprek dat hij had gevoerd met Rinze's vader en de dominee had hem doen besluiten dat Rinze de komende tijd thuis kon blijven. Dat wat er in de klas besproken was en het huiswerk zou hem aangereikt worden door een klas- en dorpsgenoot. Rinze voerde nog aan dat hij dan wel heel veel praktijklessen van natuur- en scheikunde zou missen maar ook dat bleek geen steekhoudend argument te zijn en werd terzijde gelegd. 'Zoveel zijn dat er na de tentamens niet meer Rinze. Die kun je allemaal later nog wel inhalen,' had Terpstra gezegd. Rinze begreep dat praten geen enkele zin meer had en besloot zijn mond te houden. Beter kon hij zich erop richten om zich niet te laten provoceren. Hij ademde rustig in en keek wat de adem deed in zijn lichaam terwijl Terpstra tegen hem aan bleef praten. Eenmaal echter nog gaf hij een vinnig antwoord en dat was toen Terpstra vroeg of hij akkoord was met de gang van zaken:

"Heb ik een keus meneer!"

Daarmee stond Rinze op uit zijn stoel en liep naar de deur waar hij wachtte tot zijn vader en de dominee Terpstra de hand hadden geschud. Tussen zijn twee begeleiders in liep hij de trappen af naar beneden en de voordeur uit. Tot Rinze's verbazing zag hij nog steeds nergens de bestelbus van zijn vader. Geen wonder dat hij hem niet had gezien toen hij op school aangekomen was: ze waren met de auto van Jager gekomen!

Karl had al vijf rondjes gelopen en toen hij de zesde bijna erop had zitten en de voordeur van Rinze's school weer in zicht had, zag hij drie personen uit de deur komen. Natuurlijk herkende hij Rinze - die in het midden liep - als eerste. De man ernaast moest zijn vader zijn gezien de beschrijving van de grootte van de man die Rinze hem had gegeven. Maar wie was dan die derde. Toen hij iets dichterbij was, werd ook dat hem duidelijk. De zwarte hoed, de lange zwarte - voor de tijd van het jaar veel te warme - jas, het krijtstreepje in zijn keurig nette pantalon allemaal kenmerken van een dominee van erg behoudende huize. Oké, hij wist genoeg en liep gestaag door. Weg van Rinze's school in de richting van de Hogeschool waar de auto op hem wachtte.



Reacties zijn van harte welkom op de site waar dit verhaal legaal geplaatst is maar ook via mijn e-mailadres: lucky_eye2@yahoo.co.uk



©Lucky Eye, december 2018 (herziene versie)
Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de houder van het auteursrecht.

Lucky Eye
Berichten: 144
Geregistreerd: zaterdag 07 februari 2015 16:42
Woonplaats: Zwolle
Ontvangen Bedankjes: 138 keer
Bericht Re: VRIJGEVOCHTEN door Lucky Eye » zaterdag 26 januari 2019 07:58

Hoofdstuk 12

Thuisgekomen besloot Karl eerst te zorgen voor de nodige rust. Al twee dagen nu was - zij het met enige onderbreking - de spanning erg hoog geweest en wetende dat hij vannacht een lang eind zou moeten rijden, zou hij nu eerst gaan slapen. En dan aan het eind van de middag zou hij alles wat nodig was gaan regelen.

Ds. Jager had de deur voor hem opengehouden en daarna was Rinze achterin de auto gestapt. Toen zijn vader en de dominee ook waren ingestapt, hoorde hij duidelijk een klik ten teken dat de portieren vergrendeld waren. Rinze overwoog niet eens om te zien of hij een achterdeur zelf kon ontgrendelen. Ze hadden er ongetwijfeld voor gezorgd dat ze op het kinderslot waren gezet. Hij moest glimlachen. Onderweg bedacht hij hoe hij thuis zijn 'schatten' zou moeten verstoppen. Zo snel mogelijk naar binnen en naar boven, dat zou zijn strategie zijn. Jager parkeerde de auto aan de straat en ontsloot toen de achterdeuren. Rinze stapte uit en liep de oprit van hun huis op. Zijn moeder had de deur al geopend. Hij zag dat zijn vader bezig was geweest zijn kamer vluchtproof te maken. Een stalen dwarsbalk zal voor het raam dat open kon om te voorkomen dat het zo ver open kon zodat hij er door zou kunnen ontvluchten. Rinze glimlachte.
Met zijn postuur zou hij zelfs door het klapraampje kunnen als hij de schroeven daaruit had gedraaid. Hij kuste zijn moeder op de wang en ze fluisterde iets in zijn oor dat hij maar amper kon verstaan maar hij durfde niet na te vragen omdat de anderen de oprit al opkwamen. Snel liep hij door naar boven, zijn vader en de geestelijke ver achter zich latend. Op zijn slaapkamer handelde hij meteen. De schroevendraaiers en de nieuwe mobiele telefoon haalde hij uit zijn rugzak en borg deze op in de vrachtruimte van het schaalmodel van de 'Millenium Falcon' dat op het kleine tafeltje stond. De laadklep ging weer dicht en Rinze was tevreden. Hij ging onderuitgezakt op de stoel achter zijn bureau zitten, wachtende op wat zou gaan komen. De dominee kwam als eerste. Hij klopte netjes aan maar toen Rinze niet antwoordde, kwam hij naar binnen.

"Manieren, Rinze. Die zijn heel belangrijk. Ik neem het fatsoen om op jouw deur te kloppen maar jij niet om mij binnen te laten!"

"U bent al veel te ver in mijn leven binnengekomen dominee," reageerde Rinze onderkoeld.

Shit, hij zou zich niet laten uitdagen zo had hij zich voorgenomen en nu reageerde hij dus toch weer heel primair. Rustig aan! Let op je ademhaling, sprak hij zichzelf toe.

"Te ver?" vroeg de dominee. Rinze reageerde niet. "Je ouders hebben mij gevraagd ze met raad en daad terzijde te staan nu zich in jullie gezin een crisis voordoet en dat is het enige dat ik doe." Rinze hield zich aan zijn voornemen zijn mond te houden. "Oké. Uit je stilzwijgen merk ik op dat je nu niet wilt praten. Dan doe we dat gewoon een andere keer. Tot morgen, Rinze."

Oké, dacht Rinze, kom jij morgen maar terug. Dan zal ik er in elk geval niet meer zijn. Toen de dominee de deur achter zich dicht deed, sprong hij meteen op en rende naar de deur. Hij deed hem iets open en kon zo precies horen wat de dominee en zijn vader - of zijn ouders - met hem bespraken.

"Het wordt moeilijk, Teunis," zo sprak de dominee, Rinze's vader bij diens voornaam noemend. "Maar met Gods kracht aan onze zijde zal het ons lukken de jongen weer op het rechte spoor te krijgen. Dit kan niet anders dan een bevlieging zijn. Hij is te veel onder de invloed geweest van elementen die niet de juiste koers varen. Met een tijdelijke afzondering kunnen wij hem met Gods hulp weer terugkrijgen daar waar hij hoort: in de kudde van de Heer."

"Dus ik kan nu uitvoeren wat we besproken hebben?" hoorde Rinze de diepe bas van zijn vader.

"Ja, Teunis. Zoals we afgesproken hebben. En als er zich problemen voordoen, je hebt mijn nummer. Bel me dan ook al is het midden in de nacht. Ik ken mijn verantwoordelijkheid voor degenen die aan mij toevertrouwd zijn. En jij Julia, steun je echtgenoot waar je kunt. Je weet dat hij het beste voorheeft met de jongen, jullie zoon!"

Zo zijn moeder al een antwoord had gegeven, Rinze kon het in elk geval niet horen. Snel sloot Rinze de deur en plofte weer neer op de stoel zich een zo nonchalant mogelijk houding aanmetend. Hij hoorde de voetstappen op de trap en toen de deur openging, nam hij niet de moeite op te kijken. Zijn vader stond breed in de deuropening en zijn moeder daarachter. Het was vreemd. Ze wees nadrukkelijk op Rinze's bed zich schuilhoudend achter de rug van haar man. Rinze wist niet wat hij ermee moest.

"Sta op!" zo klonk het bars. Rinze stond op. "Vanaf nu heb je huisarrest. Dat betekent dat je de komende tijd het huis niet zult mogen verlaten. Contact met mensen van buitenaf is uitgesloten. De kabel van het internet ligt eruit dus mailen is ook niet mogelijk."

Rinze hoorde het aan maar het deed niets met hem. Hij had het verwacht. Karl en hij hadden zich erop voorbereid en het trucje om je te richten op je ademhaling deed wonderen.

"Reacties?"

Shit! Zijn vader vroeg hem om commentaar. Rinze was niet van plan die te geven, het enige dat hij deed was zijn schouders ophalen.

"Doe me je ID-kaart."

"Die heb ik niet," zei de jongen zonder enige nuance in zijn stem.

"Natuurlijk heb je die wel!"

"Ik heb er niet een! Het enige dat ik heb is een kopie ervan, omdat jij me niet verantwoordelijk genoeg achtte om de kaart bij me te houden." Rinze pakte zijn rugtas en haalde de kopie, die Karl gemaakt had van het origineel, tevoorschijn. "Alsjeblieft," zo reikte hij het vodje aan. Zijn vader bekeek de kopie met het nodige wantrouwen.

"Waar is het origineel?"

"Weet ik veel waar jullie die dingen opbergen!" Aiii, sprak Rinze zichzelf toe. Niet te brutaal worden, want anders …

"Ik zal wel even in het kistje met waardepapieren kijken," stelde zijn moeder voor en liep weg.

Eerst bleef zijn vader geduldig staan wachten, maar toen het hem te lang duurde voor zijn vrouw terugkwam, ging hij verder.

"Doe me je mobiele telefoon."

Rinze haalde die uit zijn broekzak en wilde hem uitzetten.

"Niet uitzetten, geef hier!"

Rinze gaf het apparaat af.

Het eerste dat zijn vader deed was het controleren van het adresboek, want meteen vroeg hij: "Heb je maar zo weinig nummers erin staan?"

Oké, waarom had hij dat gecontroleerd? Waren ze nog steeds op zoek naar contact met John?

"Ik ken de nummers van mijn vrienden uit het hoofd en het is beter je geheugen te blijven trainen dan maar stom zo'n nummer uit je telefoonboek te halen."

Rinze zag zijn moeder terugkomen en opnieuw wees ze nadrukkelijk op zijn bed zonder dat zijn vader het kon zien. Hij begreep er nog steeds niets van. Later maar eens checken. Zijn telefoon verdween in vaders broekzak.

"De ID-kaart van Rinze ligt bij die van ons in het kistje," zo zei ze.

Zijn vader leek tevredengesteld. Rinze was meer dan verbaasd. Zijn ID-kaart zat in de portemonnee van Karl, hoe kon zij dan… Had hij een bondgenoot???

"Kleed je uit."

"Wat?"

"Kleed je uit!" herhaalde de man op hardere toon.

"Waar jullie bij zijn?" vroeg Rinze met de nodige verontwaardiging in zijn stem.

"Doe wat ik je zeg, jongen!" De stem van zijn vader was hard en Rinze begreep dat er geen ontkomen aan was. "En jij," zo sprak hij tot zijn vrouw, "haal zijn kasten leeg."

Terwijl Rinze zich begon uit te kleden, haalde zij een paar wasmanden op. Terug op zijn slaapkamer begon ze de inhoud van Rinze's kast over te pakken in de wasmanden. Rinze had zich tot op zijn boxer uitgekleed en bleef met de armen over elkaar geslagen uitdagend staan. Zijn moeder was nog drukdoende.

"Die kan ook uit Rinze!"

"Kom op zeg!" reageerde hij hogelijk verontwaardigd. "Ik ga toch echt niet strippen hier hè!"

"Uit dat ding anders trek ik hem uit!" Rinze besloot eieren voor zijn geld te kiezen en trok het laatste kledingstuk uit voor de ogen van zijn vader. Toen hij opkeek naar het gezicht van zijn vader zag hij diens ogen groter en groter worden. "Hoe kom je zo bruin?"

Shit… nooit aan gedacht, dacht Rinze. Het verschil tussen zijn lichaam onder de boxer en de gedeelten die hij zondagmiddag had blootgesteld aan de zon was inderdaad duidelijk zichtbaar. Meteen wist hij ook waarom Karl erop gestaan had de weddenschap niet meteen in te lossen. Alles grinnikte in hem. Die Karl had een vooruitziende blik!

"De zon heeft geschenen het afgelopen weekend, pa. Weet niet of je het gemerkt hebt maar het is zo!" Aiiiiii, stommerd zo schreeuwde het in Rinze's hoofd! Je zou niet reageren! Nergens op!

"Brutale vlegel! Je hebt niet eens een korte broek! Hoe kom je dan zo bruin?" Rinze beet zich op zijn lippen. "Geef me antwoord anders sta ik niet voor mezelf in!"

Rinze vond dat hij al te veel gezegd had en klemde zijn kaken stevig op elkaar. Geen woord! Geen woord meer zou hij spreken! Hij zag de beweging van zijn vader en wist dat die niets goed voorspelde. Zijn vader maakte zijn riem los en trok die uit de lussen. Meteen sprong zijn moeder tussen haar man en zoon in.

"Eruit jij!" schreeuwde ze met een stem die Rinze deed huiveren. "Dit is niet afgesproken! Eruit!"

Met haar kleine vuisten sloeg ze in op de brede borst van haar man en deed verwoede pogingen hem de kamer uit te werken.

"Stom wijf laat me m'n gang gaan. Die hoer verdient een flinke afranseling. Die zondaar…"

"ERUIT!!!"

Toen ze haar man uit de kamer gewerkt had, kwam ze terug en wees nogmaals uitdrukkelijk op het bed. Ze pakte de wasmanden op en verdween om nadat ze deze op de overloop gezet had de deur dicht te slaan. Rinze haalde opgelucht adem. Toch niet geheel en al opgelucht want zodra de deur dicht geklapt was, was het geraas en getier op de overloop begonnen. Zijn vaders stem voerde de boventoon, maar zijn moeder liet zich niet eronder krijgen. Schreeuwend moesten ze daar tegenover elkaar staan, zo stelde Rinze zich voor. Iets dat hij nog nooit had meegemaakt. Zijn moeder was altijd gedwee geweest en nu… nu leek het alsof ze vocht met alles wat ze in zich had. Een keiharde klap maakte een eind aan de woordenwisseling. Rinze vloog op de deur af om zijn moeder te helpen maar toen hij de deur opentrok, werd deze meteen daarna vanaf de andere zijde dichtgetrokken.

"Stom wijf! Zorg dat die deur op slot blijft!" Woeste stappen die naar beneden stampten waren te horen en het zachte gehuil van zijn moeder.

"Ma! Ma!" riep Rinze zo luid hij durfde om zijn vader niet naar boven te lokken."

"Alles is goed jongen. Doe wat ik je gezegd heb!" zei ze op fluistertoon en liep naar beneden.

Wat had ze hem gezegd? Eigenlijk niets! Ze had alleen maar gewezen op zijn bed. Om niet verrast te worden met ongewenst bezoek schoof Rinze de leunstoel die op zijn kamer stond voor de deur. Als er dan al iemand naar binnen wilde, zou die toch even tegengehouden worden. Hij tilde zijn dekbed op en keek zijn ogen uit.

Karl had een aantal uren goed geslapen toen hij tegen halfzeven zijn buurvrouw opzocht. Eigenlijk had hij het gesprek bij de deur willen afhandelen maar al haar charmes in de strijd werpend wist zij hem binnen te krijgen. En natuurlijk kon hij toen een kopje koffie niet weigeren. Ze was een leuke vrouw en in elk geval niet zo'n roddeltante als er al zoveel woonden in deze flat. Het leek alsof die dames niets anders deden dan constant naar buiten kijken om iedereen goed in de gaten te houden om dan vervolgens elkaar op te bellen om door te geven wie er nu weer bij wie was geweest. Gelukkig was mevrouw Sonninga niet zo. Tijdens de koffie bracht hij het onderwerp van zijn komst naar voren. Hij gaf aan dat hij een tijdje op vakantie zou gaan en vroeg haar of zij dan wellicht op zijn flat zou willen passen. Het zou neerkomen op het leeghalen van de brievenbus in de hal beneden en het verzorgen van zijn planten.

"Natuurlijk! Dat is geen enkel probleem toch! We zijn er om elkaar te helpen en rond de Kerstdagen heb jij toch ook nog op mijn poes gepast!"

Als je het over de duivel hebt, dacht Karl toen hij de rode gecastreerde kater binnen zag wandelen. Het beest nam hem aandachtig op en sprong toen op de plaats naast hem om zich vervolgens op zijn schoot te nestelen. Karl had het eigenlijk niet zo op katten en het leek alsof ze daar een antenne voor hadden, want ze kwamen altijd bij hem zitten.

"Oh ja. Op dit moment is een vriend van mij toevallig ook op vakantie en ik heb zijn auto op het parkeerterrein hier achter gezet dus zou u die ook een beetje in de gaten willen houden?"

"Ik hoef er toch niet mee te rijden of zo hè?"

"Nee, mevrouw Sonninga dat hoeft echt niet. Gewoon af en toe vanuit uw keukenraampje in de gaten houden is prima. Ik geef u mijn telefoonnummer dat ik voor u opgeschreven heb, de sleutel van mijn brievenbus, mijn flat en van de auto."

"Welke is het?" vroeg ze terwijl ze hem voor ging naar haar keukentje.

Karl wees de witte auto aan. Na een vriendelijk afscheid verliet hij haar en terug in zijn eigen flat begon hij de koffers te pakken. De gehele inhoud van de klerenkast verdween in drie grote koffers. Daarna smeerde hij een flinke lading boterhammen, want met Rinze wist je maar nooit hoeveel honger hij had, dacht hij glimlachend. Ook zorgde hij voor voldoende drinken. Toen was het wachten op een teken van leven.

Rinze lag met zijn ogen dicht op bed maar slapen deed hij niet. Hij was te gespannen om ook maar een oog dicht te doen. Wel probeerde hij kalm te blijven door zich volledig te concentreren op zijn ademhaling. Toen hij het dekbed had opengeslagen, had hij zijn ogen uitgekeken. Een complete zwarte uitrusting lag er onder het dekbed. Zijn zwarte All Stars die zijn moeder net voor hem had gewassen, een zwarte lange broek, een zwart T-shirt, een zwarte sweater met capuchon en een zwarte boxer. Okay, zijn moeder stond dus heel duidelijk aan zijn kant. Dat mocht nu wel duidelijk zijn, want ze had hem voorzien van kleren zodat hij in elk geval niet bloot de straat op hoefde. Snel sloeg hij het dekbed weer dicht, want hij hoorde iemand de trap opkomen. Ook de stoel verschoof hij snel zodat - als er iemand de kamer binnen wilde komen - het leek alsof er helemaal niets aan de hand was. De voetstappen waren ook weer verdwenen. Rusteloos was hij heen en weer gaan lopen.
Rusteloos omdat hij niet wist wat hij nou eigenlijk moest doen. Karl nu al bellen, vond hij te riskant. Dan maar even achter de computer en een spelletje spelen. Volgens zijn vader nutteloos tijdverdrijf, maar hij had daar zin in op dit moment! Daarmee had hij zich beziggehouden tot zijn vader de deur van zijn kamer ontsloot en binnenkwam met een dienblad met daarop het avondeten. Zonder een woord te zeggen, had hij het neergezet en de kamer weer verlaten. De deur ging natuurlijk weer op slot. Rinze was niet zo stijfkoppig dat hij niet wilde eten wat zijn vader hem bracht. Hij had honger en wist dat hij de energie nodig zou hebben.
Zijn ouders zouden nu ook aan het eten zijn en daarom haalde hij, na de stoel eerst weer voor de deur geschoven te hebben, zijn mobieltje uit de Millenium Falcon. Snel tikte hij een SMS'je voor Karl met de tekst: "Weet niet hoe laat. Station!" Dat zou duidelijk genoeg zijn. Karl zou desnoods de hele nacht wachten als het nodig mocht zijn. Daar was Rinze van overtuigd. Nadat hij gegeten had, had hij gewacht tot het dienblad weer opgehaald zou worden. Zijn vader was gekomen en gegaan zonder opnieuw een woord te zeggen. En nu, nu lag hij daar terwijl hij kalm probeerde te blijven maar het lukte niet meer. Een tijdlang was het goed gegaan maar nu begon - zo leek het - alles in hem te borrelen. Hij sprong op van het bed dat erg ongemakkelijk lag vanwege de spullen die nog steeds onder het dekbed verstopt lagen en maakte zich op om de yoga-oefeningen die hij bij Karl geleerd had te gaan doen. Keer op keer deed hij ze in de vaste volgorde en dat leidde hem voldoende af.

Karl was meteen bij zijn mobieltje, toen hij de bliep van een binnenkomend bericht hoorde. Een kort berichtje, maar duidelijk genoeg. Hij zou zorgen dat hij tegen elven bij het station zou staan en dan maar afwachten hoelang hij op Rinze zou moeten wachten, maar dat maakte niet uit. Het belangrijkste was dat hij er zou zijn!

Tegen halftien al hoorde Rinze gestommel op de trap en het was onmiskenbaar de tred van zijn vader. Verwachtend dat deze zijn kamer binnen zou komen voor een laatste controle, staakte hij zijn oefeningen en ging ongeïnteresseerd op zijn bureaustoel zitten of liever gezegd hangen. De deur ging echter niet open. Hij hoorde zijn vader in de badkamer en toen daar het licht uit werd gedaan, werd er nog wel eventjes gecontroleerd of zijn deur goed op slot zat. Rinze glimlachte. Ja, de gevangene zat stevig opgesloten! Op de vaste tijd dat zijn ouders normaal naar bed gingen, hoorde hij zijn moeder naar boven komen. Toen die uiteindelijk zich ook ter ruste begaf, haalde Rinze de kleren vanonder het dekbed vandaan en begon hij zich aan te kleden. Hij deed de lichten in zijn kamer uit en bleef in het pikkedonker zitten. Nu was het wachten op een zet van zijn moeder.



Reacties zijn van harte welkom op de site waar dit verhaal legaal geplaatst is maar ook via mijn e-mailadres: lucky_eye2@yahoo.co.uk



©Lucky Eye, december 2018 (herziene versie)
Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de houder van het auteursrecht.

Lucky Eye
Berichten: 144
Geregistreerd: zaterdag 07 februari 2015 16:42
Woonplaats: Zwolle
Ontvangen Bedankjes: 138 keer
Bericht Re: VRIJGEVOCHTEN door Lucky Eye » zaterdag 26 januari 2019 07:59

Hoofdstuk 13

Het was Rinze’s bedoeling geweest om wakker te blijven. Eerst had hij een tijdje wat computerspelletjes geweest en toen die hem begonnen te vervelen had hij een fotoalbum uit de kast gehaald. De herinneringen deden hem pijn en tranen brandden achter zijn ogen. Maar toch waren er heel mooie momenten bij. Voorzichtig haalde hij een paar favoriete foto's eruit. Zo zou al altijd een aandenken hebben, dacht hij terwijl er een traan over zijn wang begon te rollen. Tien foto's nam hij uit het album en stopte ze in het kleine vakje van zijn rugzak. Toen was het opnieuw alle zeilen bijzetten om niet in slaap te vallen, maar het was hem uiteindelijk niet gelukt. Na het eerste knikkebollen had hij zich nog wel verzet tegen de slaap die hem de donkere diepte van de vergetelheid probeerde in te trekken, maar op een gegeven moment had hij niet meer de mogelijkheid tegengas te geven en was hij in slaap gesukkeld.
De klok die twaalf keer sloeg ten teken van middernacht zou hem niet gewekt hebben. Het hoorde tenslotte tot de normale nachtelijke geluiden van zijn thuis, maar de sleutel die in het slot omgedraaid werd deed dat wel. Meteen zat hij rechtop met de ogen wijd opengesperd om het duister te doorgronden.

"Rinze! Ben je wakker?" klonk het op fluistertoon.

"Ja mam!"

Meteen zette hij zijn benen naast het bed en liep naar de deur toe. Zijn moeder was gekleed in haar pyjama met daar overheen de hem bekende ochtendjas met bloemetjesmotief. Aan haar voeten droeg ze haar zachte slippers. Ze sloot de deur van zijn slaapkamer weer netjes achter hem af, wenkte hem achter zich aan de trap af naar beneden en daarna ging het naar de bijkeuken: de plaats die het verste van de trapopgang verwijderd was. Ze sloeg haar armen om hem heen en kuste hem op zijn wang. Rinze voelde hoe ze trilde.

"Mam! Alles goed met je?"

"Nee, niet echt natuurlijk! Ik wil je niet kwijt, jongen! Maar het kan niet anders. Je moet gaan, jongen en wel zo snel mogelijk!"

"Mam, maar waarom doe je dit!"

"Ik kan niet toelaten dat je zo behandeld wordt, jongen! Je hebt recht op een eigen leven ook als dat niet het leven is, dat je vader voor je wil."

"En jij? Wat wil jij voor mij?"

"Geluk, jongen! Alleen maar geluk en daarom moet je nu maken dat je wegkomt!"

"Maar ben je veilig als ik weg ben? Want ik wil niet dat je risico's loopt vanwege dat wat je nu voor mij doet!"

"Ik zorg voor mijn eigen veiligheid, jongen! Heb je een veilige plek?"

"Ja mam."

"Bij wie, wat is zijn adres." Waarschijnlijk zag ze de twijfel die op zijn gezicht te lezen was. "Vertrouw me Rinze! Het is belangrijk!" Rinze noemde naam en adres en had er een goed gevoel over. Ze zou hem nooit verraden aan zijn vader. Niet na wat ze nu allemaal gedaan had. "Maak nu dat je wegkomt!" En meteen nadat ze dat gezegd had, pakte ze hem bij zijn schouder en trok hem mee naar de doorgang naar de garage. Ze opende de deur in de garagedeur zo zachtjes mogelijk en duwde hem naar buiten. "Zorg dat je niet gezien wordt, jongen, je weet hoe men hier op elkaar let. Blijf uit het licht van de lantarenpalen hier in de straat!"

Rinze stond in het donker buiten. De deur werd achter hem gesloten. Hij trok de capuchon over zijn hoofd en liep voorzichtig de oprit af in de richting van de straat. De straatverlichting brandde gelukkig op halve kracht. Om en om gaf een van de lantaarnpalen licht. Bij de buren - ook van hun kerk - waren de gordijnen nog wagenwijd open. Rinze liet zich op zijn knieën zakken en kroop langs het tuinhek om niet gezien te worden. Gelukkig waren er in hun straat maar aan één kant huizen, zodat zijn idiote gedrag niet opgemerkt zou kunnen worden door mensen die aan de overkant woonden. Kruipend op handen en knieën ging hij langs het hekwerk van de buren en toen stond hij nog niet op. Hij koos ervoor om nog een eindje zo voort te gaan. Je wist tenslotte maar nooit of er iemand voor het raam stond en dan zou die persoon misschien nog best ver de straat in kunnen kijken. Rinze stond op en begon meteen keihard te rennen. Hij wilde zo snel mogelijk weg van de plek waar zijn vader was!

Karl was al om halfelf in Raalte aangekomen. Hij wist van Rinze dat zijn ouders tegen die tijd altijd naar bed gingen en had er dus rekening mee gehouden dat vanaf die tijd er gelegenheid zou moeten komen voor Rinze om het huis op de een of andere manier te verlaten. De parkeerplaats was volledig donker en hij koos het allerdonkerste plaatsje uit om zijn auto neer te zetten. Het wachten duurde hem lang. Hij was doodzenuwachtig en keek constant in de achteruitkijkspiegel het parkeerterrein op, wat hem een ellendige kramp in zijn nek bezorgde. Ook raadpleegde hij voortdurend zijn horloge wat hem nog zenuwachtiger maakte. Toen het twaalf uur werd, las hij nog een keer het Sms’je door dat Rinze hem gestuurd had. Het kon niet anders dan dat hij op de goede plaats was. Toch nog maar even wachten dan. Net toen hij het niet langer kon verdragen om binnen te zitten, ging de portier aan de passagierszijde open. Karl dacht een hartverzakking te krijgen en staarde wezenloos in het gezicht van zijn vriend.

"Waar kom jij zo ineens vandaan?" klonk het totaal verbaasd.

"Van huis, Karl. Alsjeblieft laten we gaan rijden," reageerde de jongen gejaagd, terwijl hij plaats nam en de veiligheidsriem omdeed.

Karl was nog steeds verbaasd en terwijl hij de wagen startte viel het hem op dat Rinze geheel en al in het zwart gekleed was. Dat verklaarde een boel. Hoe goed hij ook gekeken zou hebben op de donkere parkeerplaats, zou hij de jongen nooit hebben kunnen zien. Hij had zich die ellendige nekpijn dus kunnen besparen. Maar ja… achteraf weet je dingen altijd beter.

"Alles goed gegaan?" vroeg Karl, terwijl hij het parkeerterrein afdraaide en naar rechts reed in de richting van Raalte.

"Het is beter om het dorp en ook Raalte te mijden," reageerde Rinze met enige angst in zijn stem. Karl stopte de wagen. "Waar gaan we heen?"

"Mijn thuis is de meest veilige plek voor ons op dit moment."

"Zuid-Limburg dus," reageerde Rinze meer als overpeinzing voor zichzelf dan als reactie op Karls antwoord. "Dan kun je het beste over ’t Nijenhuis rijden en dan in de richting van Deventer en Apeldoorn."

"Leid me, Rinze ik ben hier in de binnenlanden niet zo heel erg bekend."

Eindelijk hoorde hij de jongen iets grinniken en Karl was daar reuze dankbaar voor. Tot nu toe was hun conversatie puur zakelijk geweest zo leek het wel en vrij monotoon van klank gebleven. Op aangeven van Rinze draaide Karl de auto en reed toen over het spoor weg. Rinze zat vrij gespannen naast hem en toen Karl bemerkte dat de jongen af en toe knikkebolde, zette hij de wagen aan de kant van de weg.

"Wil je praten?" Rinze schudde het hoofd.

"Nu nog niet. Ik ben ontzettend moe."

"Oké, dan ga je nu achterin de auto liggen en maak je het jezelf zo comfortabel mogelijk."

"Maar kun je het wel vinden dan?"

"Ja jongen, dat gaat prima, denk ik. Zorg jij er nu maar voor dat je wat rust krijgt."

Rinze stribbelde niet tegen, stapte uit en maakte het zich achterin zo gemakkelijk mogelijk.

"Een slaapzak?" zei hij verbaasd.

"Ja, ik heb met alles rekening gehouden jongen."

Terwijl Karl de auto weer startte en optrok, hoorde hij het geritsel van kledingstukken en hoe de jongen in de slaapzak kroop. Een tijdje was het stil achterin, maar ineens begon de jongen te praten.

"Karl?"

"Ja?"

"Ik heb mijn moeder je naam en adres gegeven."

Eventjes was er schrik bij Karl, maar hij herstelde zich snel genoeg om zijn vraag in elk geval niet verwijtend te laten klinken.

"Waarom?"

"Ze vroeg me ernaar, Karl en ik vertrouw haar volkomen. Ze heeft zoveel voor mij gedaan altijd al en vooral vannacht. Ze heeft me geholpen uit huis te komen, Karl. Zonder haar zou dat haast niet mogelijk geweest zijn."

"Dan is het goed, Rinze. Ga nu slapen."

"Ja Karl."

Lang voordat Karl bij Deventer was, was de jongen al vertrokken. Karl verkoos in deze nachtelijke uren de snelweg boven de route door Noord-Limburg, die hij normaliter prettiger rijden vond. De snelweg zou hem sneller thuis brengen en hij had behoefte aan een flinke portie 'thuis'. En zijn thuis zou Rinze ook goed doen, daar was hij van overtuigd. Bewust overschreed hij de maximum snelheid, om nog eerder in Euverem aan te komen. Tussen Eindhoven en Thorn stopte hij eventjes om de benen wat te strekken, wat te drinken en een plas te plegen. Hij telefoneerde naar huis en kreeg zijn moeder aan de lijn, die haar bezorgdheid maar moeilijk kon onderdrukken.
Karl gaf aan dat alles goed ging, dat hij al een flink stuk op weg was en wat zijn vermoedelijke aankomsttijd zou zijn. Nadat hij zijn moeder enigszins gerust had gesteld, hing hij op. Rinze merkte van deze korte onderbreking helemaal niets en sliep rustig door.
Het was tegen halfvier in de ochtend toen Karl Gulpen binnenreed. De provinciale weg voert dwars door het plaatsje en was zo goed als verlaten. Meteen buiten het stadje sloeg Karl de eerste weg links in en op datzelfde ogenblik voelde hij zich thuis. De weg kronkelde voor hem uit en de snelheid moest flink aangepast worden. Als je hier dagelijks reed wist je precies hoe de weg liep, maar in het donker en na al een tijdje hier niet meer te zijn geweest, vond hij het verstandiger om het rustig aan te doen. De lampen aan weerszijden van het hek dat toegang verschafte tot het terrein van zijn ouders brandden, ten teken dat ze verwacht werden. De oprijlaan naar het huis was goed verlicht en toen hij de auto voor het huis parkeerde zag hij ook de wagen van Matthieu staan. Zijn moeder had de boodschap - hij had niet anders verwacht - goed uitgevoerd. Rinze sliep gewoon door. Terwijl zijn ouders en zijn broer het huis uitkwamen, tilde Karl zijn vriendje in de slaapzak van de achterbank. Iedereen maakte meteen ruimte voor hem zodat hij Rinze naar binnen kon dragen.
Toen was het de vraag waar hij hem neer moest leggen. Zijn moeder stelde voor om de bank naar de haard, waarin een knetterend vuur brandde, te verplaatsen zodat de slapende gast het in elk geval niet koud zou krijgen. Matthieu en zijn vader schoven met vereende krachten de bank van zijn plaats tot de plek die moeder aanwees en toen legde Karl hem daar voorzichtig op neer.

'Ah,' verzuchtte zijn moeder, 'wat een lief menneke'.

Karl glimlachte en pinkte een traan weg. Daarna volgde de uitgebreide en intieme begroeting van zijn familieleden. Toen die achter de rug was, liepen Matthieu en Karl naar buiten.

"Waar ben ik?" vroeg Rinze met schorre stem, terwijl hij zich probeerde op te richten.

"Je bent bij ons jungske," zei de moeder van Karl. "Ik ben Hanna, de moeder van Karl en dat daar in zijn schommelstoel is Toine zijn vader. Heb je honger?"

En dat vond Rinze echt een vraag van een moeder. Zoiets zou zijn moeder ook kunnen vragen, bedacht hij zich en met de gedachte aan zijn moeder kwamen de tranen. Snikkend rolde hij zich op in de slaapzak. Meteen was Karls moeder bij hem en troostte hem zoals ze al haar tien kinderen vaak had moeten troosten. Kalme woordjes, een hand door het haar dat alles hielp in de regel heel erg goed. Ze vroeg hem een eindje op te schuiven, zodat ze bij hem kon gaan zitten en trok hem tegen zich aan. De tranen stroomden nog harder.

Karl en Matthieu kwamen binnen en sloegen het schouwspel gade. Karl beet zich op zijn onderlip en hield zich groot. Matthieu merkte het echter op en sloeg kameraadschappelijk een arm om de schouder van zijn kleine broertje. Bij Rinze begonnen de tranen langzaamaan te drogen. Hanna vroeg nogmaals of hij honger had en de jongen knikte. Toen zijn moeder opstond, maakte Karl van de gelegenheid gebruik om haar plekje in te nemen.

"Ik heb haar niet eens kunnen vragen, hoe ik haar kan bereiken," merkte Rinze op.

"Wie bedoel je?" vroeg Karl.

"Mijn moeder. Ze heeft me heel goed geholpen vannacht, anders was het een stuk moeilijker geweest om het huis uit te komen en toen… toen moest alles zo gehaast dat ik helemaal vergeten ben haar te vertellen hoe ze mij zou kunnen bereiken!"

"Dat zal wel goedkomen, Rinze. Geloof me. Op de een of andere manier neemt zij wel contact met jou op of wij met haar."

"Ja?"

"Ja!"

Toen Hanna hem de kom soep aanreikte, besloot Rinze dat hij eigenlijk eerst maar eens moest gaan praten. De soep was bovendien nog veel te warm om te eten.

"Misschien is het goed dat ik eerst vertel wat er allemaal gebeurt is," zo begon hij. Matthieu wilde echter heel graag naar zijn bed en onderbrak hem.

"Als je het niet erg vindt, dan wil ik eigenlijk wel heel erg graag terug naar mijn bed. Maria begreep er al niets van toen ik midden in de nacht opstond om hier naar toe te gaan en verdenkt me vast van allerlei duistere zaakjes," zo zei hij met een knipoog. "Maar voordat ik wegga, zou ik graag van je willen weten, wat de meisjesnaam van je moeder is."

"Julia Wiltinghe," zei Rinze om vervolgens de achternaam nog eens te spellen. Matthieu schreef het op.

"Ik heb mijn kleine broertje uitgelegd wat ik van plan ben te doen, maar nu ik weet dat je moeder waarschijnlijk aan jouw kant staat, moeten die plannen iets gewijzigd worden. Karl weet wel wat ik bedoel, zo denk ik en hij zal het je later allemaal wel uitleggen. Welterusten voor straks!" En daarmee liep hij naar de buitendeur.

"Misschien moeten wij ons ook maar terugtrekken vrouw," zo kwam het geluid van Karls vader vanuit de hoek.

"Ja, ik denk het ook," sprak Hanna en ze begon aanstalten te maken om de boel op te ruimen.

"Als jullie het niet erg vinden, zou ik heel graag willen dat jullie erbij blijven als ik het vertel," zei Rinze haast op fluistertoon. "Jullie hebben wellicht het idee dat wat ik ga vertellen heel privé is, maar…" en hier aarzelde hij heel eventjes zoekend naar de juiste woorden, "ik voel me zo goed hier dat ik jullie helemaal niets wil onthouden. Ik wil heel graag bij Karl horen en daar horen jullie ook bij. Dus alsjeblieft als jullie nog even de ogen open kunnen houden?"

Beiden namen ze weer plaats en Rinze vroeg Karl hoeveel zijn ouders al wisten.

"Ze zijn op de hoogte tot en met zondagavond, toen heb ik ma nog gebeld."

"Oké, dan ga ik vanaf daar verder."

Rinze vertelde heel kalm zijn verhaal. Hij liet niets achterwege en vooral zijn gevoelens van angst niet. Hij vond het geen enkel probleem zich volledig open te stellen tegenover deze mensen die hem zo liefdevol midden in de nacht opnamen in hun huis. Hij voelde zich hier goed. Hij voelde zich hier thuis. De gevoelens echter maakten ook dat hij opnieuw moest huilen. De frustratie om het gedrag van zijn vader maakten hem boos en verdrietig tegelijk. Zeker toen hij vertelde hoe hij hem gesommeerd had zich volledig te ontkleden. Ook bij zijn toehoorders - tenminste bij Karl en zijn moeder, want Toine kon hij in het halfduister niet zien - waren duidelijk emoties waarneembaar. Hanna's vingers bewogen continue in haar schort en Karl beet zijn onderlip kapot. Ook het gedeelte waarbij zijn vader hem zowat aangevlogen was, werkte op zijn gevoel.

"Echt, geloof me," zo sprak hij, "Ik heb alleen maar gedaan wat ons het beste leek, Karl. Me dus vooral niet laten provoceren, maar hoe kon ik weten dat hij zo heftig zou reageren toen hij zag dat ik in de zon gezeten had? En vooral die klap die hij toen mijn moeder heeft gegeven. Die doet mij nog steeds heel erg zeer. Die was voor mij bedoeld niet voor haar." Karl trok hem eventjes tegen zich aan en liet hem toen verder praten. De jongen besloot uiteindelijk met: "Nou ja… de rest is dan dat ik de parkeerplaats bij het station opliep, bij Karl instapte en dat hij mij hier naartoe heeft gereden.".

Het werd stil. Niemand zei iets en toch was er geluid te horen. Hanna snikte zachtjes en ook Karl kon zich niet goed houden. Vanuit de donkere hoek waar de schommelstoel stond hoorde Rinze hoe Toine luidruchtig zijn neus snoot.

"Kom op mensen!" zo verbrak Rinze de stilte die hem beangstigde. "Niet huilen alsjeblieft. Het ergste ligt achter ons en het enige dat ik vreselijk rot vind, is dat ik niet weet hoe dat moet met het contact met mijn moeder."

"Ik denk dat dat wel goed komt," zei Karl met een gebroken stem. "Matthieu heeft een detectivebureau ingehuurd, dat je ouders de komende dagen in de gaten zal houden. Nu het erop lijkt dat je moeder je steunt, zal hij ze apart laten schaduwen om te kijken wat voor ontwikkelingen er verder gaan gebeuren."

"Denken jullie dat mijn moeder bij mijn vader weg zal gaan?" verwoordde Rinze het idee dat ineens bij hem opkwam.

"Ik weet het niet, maar uit jouw woorden zou je het haast kunnen opmaken. Ze zei je dat ze voor haar eigen veiligheid zou zorgen toch?" Rinze knikte. "We weten niet wat er gaat gebeuren, maar ik denk dat er wel iets gaat gebeuren en dan zitten de mensen van Matthieu er bovenop en weten we in elk geval wat er gebeurt."

Hoe vaag het allemaal ook klonk Rinze vatte het op als een geruststelling en nam dan eindelijk een hap van de soep.

"Heerlijk ma," zei hij nadat hij het geproefd had. Er werd gelachen en Rinze kreeg meteen een hoofd als een boei. "Het is toch wel goed dat ik dat zeg, hè?"

"Zeker jungske! Je noemt me maar Hanna of ma, wat jij wilt! Ik ben heel blij dat jij je hier bij ons thuis voelt."

Iedereen had honger gekregen en Karls moeder schepte voor een ieder een kom soep vol. Ook Rinze lustte er nog wel eentje en toen kwam dan eindelijk de vraag die hij Karl al zo lang had willen laten stellen.

"Ma?"

"Ja?"

"Karl heeft mij wat van uw pilletjes gegeven om goed te kunnen slapen, wist u dat?"

"Ja, dat heeft hij me verteld."

"Wat ik vragen wilde, hebben die invloed op je eetpatroon?"

"Je bedoelt of je er meer eetlust van krijgt of juist minder?"

"Meer," antwoordde Rinze.

"Nee, jongen. Niet dat ik weet in elk geval. Ik heb gewoon het idee dat je een gezonde Nederlandse jongen bent en nog in de groei. Dus eet ons hier alsjeblieft de oren van de kop en laat je nergens door weerhouden."

Rinze besloot dat te doen en tot grote verbazing van een ieder liet hij zich ook een derde kom soep goed smaken. Toen werd het toch echt tijd dat iedereen zijn bed zou opzoeken.

"Ik heb voor jullie Karls slaapkamer klaargemaakt," zei Hanna.

Karl haalde Rinze's kleren en de koffer uit de auto waarna Rinze eindelijk uit zijn slaapzak kwam om, nadat ze Hanna en Toine een 'goede nacht' gewenst hadden, de trap op naar boven gingen. Karl volgde hem en gaf hem aanwijzingen. Op de eerste verdieping ging het eerst een lange gang door met aan weerszijden allemaal deuren.

"Hier sliepen mijn broers en zussen," lichtte Karl toe.

"Had iedereen een eigen kamer dan?"

"Yep. Mijn pa en ma hadden en hebben het idee dat iedereen recht heeft op zijn privé. Er is beneden de ruimte voor het familiegebeuren, maar daarnaast moet elk zich ook terug kunnen trekken in zijn eigen territorium. En hier gaan we de trap op naar de tweede verdieping."

"Je slaapt op zolder dus."

"Ja! Maar wat voor een zolder, menneke!" grinnikte Karl.

Opnieuw veel kamers zo bleek uit de rijen deuren. Karl dirigeerde zijn vriend naar de eerste deur rechts. Rinze bleef netjes wachten tot Karl bij hem was.

"Durf je niet alleen naar binnen?"

"Dat wel, maar het is tenslotte jouw kamer."

"Oké."

Karl opende de deur en knipte het licht aan. Rinze stapte na zijn vriend over de drempel en zag een mooie, ruime kamer die vrolijk was ingericht. Er waren duidelijke overeenkomsten met Karls flat in Zwolle zo vond Rinze.

"Ik slaap dan wel op zolder, maar beschik wel over een eigen badkamer. Vol trots opende Karl de deur in de achterwand van de kamer en showde Rinze zijn privé domein.

"Waren de anderen niet jaloers op je?"

"Ach, niet echt. Ze wisten dat ik meer tijd dan wie ook op mijn eigen kamer doorbracht en misgunden me het absoluut niet." Karl liet zich neervallen op zijn bed en kreunde.

"Ben je moe?"

"Ja man, ik ben totaal op."

"Wil je meteen slapen?"

"Oké, wat wil jij eerst doen dan? Toch geen seks hè?" Rinze gniffelde.

"Nee, dat niet tenzij jij natuurlijk vreselijk graag wilt." Karl trok een lelijk gezicht ten teken dat hij echt niet wilde. "Eigenlijk zou ik wel even willen douchen als dat kan en het niet al te veel lawaai geeft in huis. Ik wil je ouders niet tot last zijn, begrijp je?"

"Ja, ik begrijp het. Ze zullen het eventjes horen, maar het ook wel doodnormaal vinden dat we na zo'n lange rit ons willen opfrissen."

"Zouden ze denken dat we seks hebben. Nu al?"

"Daar denk ik niet over na, jungske! Laat ze maar denken wat ze willen. Kom we gaan douchen!"

Rinze was eerder uit de kleren dan Karl, maar dat was natuurlijk ook geen wonder. Hij droeg nou eenmaal slechts twee kledingstukken. Samen stonden ze onder de heerlijk warme stralen van de douche en voelden zich goed. Af en toe wisselden ze een kusje uit of raakten ze elkaar aan zonder verdere bijbedoelingen. Snel droogden ze zich daarna af en kropen onder het dekbed.

"Mmm, ligt lekker hè?" verzuchtte Karl vragend.

"Zeker Karl. Het voelt hier zo ontzettend goed aan. Blijven we hier lang?"

"Nee! Jammer genoeg niet. Matthieu vind het beter dat we voorlopig eventjes het land verlaten, dus zodra we morgen… straks dus wakker zijn gaan we verder."

"Oké."

"Vind je het rot?"

"Enerzijds wel, maar aan de andere kant wil ik voorlopig eventjes zo ver mogelijk bij mijn vader vandaan, zodat ik zeker weet dat hij me niet meer in zijn macht krijgt. Dat wil ik nooit meer Karl!"

Karl trok zijn maatje tegen zich aan.

"Ik zal alles doen om dat te voorkomen Rinze."

"Ik geloof je Karl. Je hebt al zo ontzettend veel voor me gedaan. Dat wat je me beloofd hebt, heb je allemaal waar gemaakt en dus heb ik geen enkele reden om je niet te geloven."

Rinze kreeg geen antwoord meer van Karl, want die was in slaap gevallen. Zachtjes streelde hij door Karls donkere haren. Hij was blij dat hij hier was. Ver bij zijn vader vandaan en hij moest nu ophouden aan zijn vader te denken, want anders zou deze nog steeds invloed uitoefenen op zijn leven en dat was wel het laatste dat hij wilde. Stop het denken en ga slapen, zo sprak hij zichzelf streng toe.



Reacties zijn van harte welkom op de site waar dit verhaal legaal geplaatst is maar ook via mijn e-mailadres: lucky_eye2@yahoo.co.uk



©Lucky Eye, december 2018 (herziene versie)
Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de houder van het auteursrecht.

Lucky Eye
Berichten: 144
Geregistreerd: zaterdag 07 februari 2015 16:42
Woonplaats: Zwolle
Ontvangen Bedankjes: 138 keer
Bericht Re: VRIJGEVOCHTEN door Lucky Eye » zaterdag 26 januari 2019 08:00

Hoofdstuk 14

Die nacht deed Rinze geen oog dicht. De slaap wilde maar niet komen en toen hij dat doorhad, deed hij ook geen moeite er meer voor. Hoewel hij de gedachten aan zijn vader had verdreven, kwamen die aan zijn moeder steeds weer terug. Enerzijds was er zijn enorme ongerustheid om haar welzijn en anderzijds waren er steeds herinneringen aan hoe goed het altijd samen met haar was geweest op die momenten dat zijn vader er niet was. Zodra hij ook maar in de buurt kwam, dan leek zij ineens te veranderen in de zoutpilaar en jaknikker die hij op de een of andere manier van haar in de loop der jaren had gemaakt. Rinze vond het heel fijn om juist die ontspannende momenten samen met haar in zijn gedachten op te roepen nu. Hij dacht aan fietstochtjes, die ze samen in de zomervakanties in de buurt van Heino en Raalte gemaakt hadden. Hij dacht aan het bakken van pannenkoeken zomaar op een doordeweekse dag. En steeds beter realiseerde hij zich dat zijn moeder altijd eigenlijk zijn steun en toeverlaat was geweest. Zijn vader was er ook wel eens geweest om mee te praten, maar dan moest je haast wel zeker weten dat hij dezelfde mening als jij was toegedaan, want anders was een gesprek nooit mogelijk geweest. Zodra je ook maar iets afweek van zijn ideeën was het altijd fout gegaan. Het bleek Rinze al snel dat aan elke leuke herinnering, waar zijn moeder in voorkwam, ook altijd weer die donkere wolk van zijn vader kwam bovendrijven. De pret was ineens over geweest als zijn moeder zich realiseerde dat het al bijna vijf uur 's middags was en dat ze nog niet eens de aardappelen had geschild. Dan veranderde ze plotsklaps als was ze Assepoester na klokslag middernacht. Ineens was het over en moest er hard gewerkt worden om de 'verloren tijd' weer in te halen. Als kind had hij dat nooit zo gesnapt, maar toen hij ouder werd en het hem opgevallen was, had hij haar geholpen waar maar mogelijk, omdat hij wilde dat ook zij die heerlijke momenten zo zou blijven voelen. Het allerergste incident stond hem nog heel duidelijk voor de geest. Hij was zeven of acht jaar geweest en die middag hadden ze een flink eind gefietst. Toen ineens was het gaan onweren en hadden ze moeten schuilen. Daardoor kwam het dat ze niet op tijd thuis waren en dus ook het eten niet op tijd op tafel stond. Bij hun thuiskomst stond het busje van zijn vader al op de oprit. Zijn moeder was enorm zenuwachtig geweest. Binnen liep ze meteen gehaast naar de keuken, maar haar haast en inzet mochten niet baten. Ze kreeg een enorme storm van kritiek over zich heen. Hoe kon ze het in haar hoofd halen om niet op tijd het eten klaar te hebben. Haar man had tenslotte de hele dag gezwoegd en geploeterd om alles wat ze hadden te kunnen betalen en zij nam het er maar van. Rinze was kwaad geweest en had het voor zijn moeder opgenomen. Het beeld voor zijn geestesoog werd steeds duidelijker. Als klein jochie - hij was nog steeds klein - maar moest toen gewoon heel erg klein geweest zijn had hij het voor haar opgenomen tegen de reus die zijn vader toen voor hem geweest moest zijn. Hij had verteld over het onweer, dat ze hadden moeten schuilen, maar zijn vader had hem compleet genegeerd. Rinze wist het weer, vanaf dat moment was het al misgegaan tussen hem en zijn vader. Later waren er nog veel meer van dit soort momenten geweest maar toen had hij voor het eerst gemerkt dat wat hij ook zei, het er allemaal gewoon niet toe deed. Zijn vaders mening was belangrijk en verder niets! De dag die zo mooi was geweest was geëindigd in een drama. Hij was al vroeg naar bed gegaan om het voortdurende gescheld van zijn vader dat maar door bleef gaan, ook toen hij al lang en breed verzadigd was, maar niet te hoeven horen. Maar ook in bed had hij de tirades kunnen horen. Tot de bedtijd van zijn ouders was dat doorgegaan. Waarom was ze eigenlijk nooit bij hem weggegaan, vroeg hij zich af! En die gedachte bleef bij hem in die vroege ochtenduren.

Karl ontwaakte zo rond zijn vaste tijdstip. Het feit dat hij nog maar een paar uur in bed lag, deed daar niets aan af. Hij was wakker. Hij draaide zich om naar zijn vriendje en zag dat deze een heel heldere blik in de ogen had.

"Al lang wakker?" mompelde hij.

"Allang."

"Of heb je gewoon geen oog dichtgedaan, want daar lijkt het meer op."

"Goed gezien, Karl. Ik kon gewoon niet in slaap komen. Allerlei gedachten hielden me wakker."

"Probeer van hem los te komen, lieverd," zei Karl die raadde naar de reden van Rinze's onrust.

"Ja ik weet het, maar het is verrekte moeilijk. Eerst dacht ik inderdaad steeds aan hem, maar toen heb ik daar vrolijke momenten met mijn moeder tegenover gezet. Maar weet je… elk leuk moment met haar heeft weer een verbinding met hem. Gewoon omdat zij zodra hij in de buurt kwam, of zodra het tijd werd om met het eten bezig te gaan, veranderde. Dan ineens was de fun over en kwamen de schaduwen die zich aan haar opdrongen. Ik vertel het wat dramatisch, maar zo heb ik het wel gevoeld." Rinze begon te praten en hield niet op voordat hij al zijn overpeinzingen van de afgelopen tijd met Karl had gedeeld. Toen hij klaar was zuchtte hij diep.

"Het moet rot geweest zijn om al die dingen als kind te voelen, Rinze," concludeerde Karl.

"Ja, dat was het ook en dat is het nog steeds. Ik maak me echt vreselijke zorgen om haar Karl." Karl trok hem tegen zich aan en begon hem te knuffelen.

"Ik weet het jongen en het spijt me dat ik die zorg niet kan wegnemen. Maar op de een of andere manier heb ik het idee dat je moeder er zich wel doorheen slaat, Rinze."

"Ik zal op die overtuiging van jou proberen te vertrouwen. Dat is het enige dat ik kan doen op dit moment."

"Je bent lief, schat." En Karl plaatste een kusje op de neus van Rinze.

"Trouwens nog bedankt dat je me niet meteen zondagavond aan mijn weddenschap hebt gehouden." Karl glimlachte.

"Wanneer had je het door?"

"Toen m'n vader me gebood me uit te kleden. Toen wist ik ineens wat jij bedoelde met het veranderen van mijn kapsel en geloof me mijn moeder zou me niet hebben kunnen redden als hij zoiets had gezien."

"Dat voorgevoel had ik al, jongen, op grond van de manier waarop jij je vader had beschreven en de gebeurtenissen van die zaterdagmiddag bij jou thuis. En daarom zou ik je daaraan ook absoluut niet blootgesteld hebben! Het was juist mijn bedoeling om alles wat er gebeurde zo rustig mogelijk te laten gebeuren. Vandaar dat ik jou ook steeds op het hart drukte om niet te reageren op welke provocatie dan ook."

"En daar heb ik me keurig aangehouden." Rinze kuste Karl op zijn mond. "Is het al tijd om te eten hier in huis?" vroeg hij meteen daarna.

"Je kunt hier altijd eten."

"WOW, prachtig zeg! Echt iets voor mij dus. Ik voel me helemaal thuis." Er werd gelachen. "Maar… " zo ging hij verder, "eigenlijk heb ik eerst wel zin in iets anders." Karl zag de glinstering in de ogen van zijn maat en wist wat deze bedoelde. Hij gniffelde.

"Daar heb ik ook wel zin in."

De vrijpartij begon. Eerst lekker loom en rustig. Kusjes over en weer. Het aarzelende begin van een tongzoen die plagerig werd geweigerd. Daarna de omhelzing van de ene tong door de andere waarna de vonken begonnen over te slaan.

"Het bed kraakt toch niet hè," vroeg Rinze hijgend.

"Het bed kraakt als de pest!"

"Zullen we dan maar stoppen?"

"Ben je gek, je hebt me iets lekkers beloofd, schat, en dat laat ik me niet ontnemen door een krakend bed."

"Maar je ouders zullen het kunnen horen!"

"Nou en?"

Rinze keek hem verbaasd aan.

"Jongen, toen mijn broers verkering hadden, hebben ze ook wel eens een meisje op hun kamer gehad hoor en denk je dat zij dan nooit iets uitgevreten hebben?"

Het begrip kwam. "Dus ze vinden het niet erg."

"Natuurlijk vinden ze het niet erg. Trouwens dat woord 'natuurlijk' past heel goed. Het is een heel natuurlijke zaak dat als twee mensen elkaar leuk en aardig vinden er seks bij komt kijken."

"Alleen leuk en aardig?"

"Je weet best wel dat er voor jou en mij meer is en dan is het helemaal goed toch?"

"Ik stangde je alleen maar een beetje."

"Oké ik zal er voor gaan liggen," zei Karl en hij gaf Rinze een vette knipoog.

Rinze lachte, draaide zijn vriend op zijn buik en gaf hem een harde pets op zijn billen.

"Owww zo lekker, schat doe het nog een keer!"

Een tweede pets volgde en toen boog Rinze zich over hem heen. Hij streelde de billen en bovenbenen. Zocht de gevoelige plekjes aan de binnenkant van de ledematen en streelde deze net zolang totdat het een lekker gekreun ontlokte aan Karl. Toen liet hij Karl zijn benen spreiden. Rinze speelde met zijn vingers door de mannenspleet en duwde zachtjes tegen het rozetje. Het gekreun werd heviger. Rinze maakte zijn vingers nat in zijn eigen mond en duwde opnieuw. Eén vinger liet hij voorzichtig naar binnen gaan.

"Ow man, je maakt me gek," verzuchtte Karl.

Rinze lachte en deed er een tweede vinger bij.

"MMMMMMMM, ik hou van je, Rinze!"

"Ik van jou Karl!" Hij trok zijn vingers terug en bracht zijn inmiddels keiharde lans in stelling. Het ging beter dan de eerste keer dat hij Karl geneukt had. Het lukte hem om zijn gaatje in een keer te penetreren. Hij ging er meteen diep in. Karl veerde op. Rinze trok zich ietsjes terug om daarna zijn harde weer diep erin te duwen. Beiden kreunden ze, zich er niet van bewust dat hun gekreun meer lawaai maakte dan het kraken van het bed. Rinze kwam goed op stoom en slaagde erin zijn volle lengte naar binnen te werken. Het voelde idioot krap zo vond hij en er ontstond een enorme druk op zijn pik. Het gevoel dat hij klaar ging komen, werd steeds heviger en bewust nam hij eventjes wat gas terug. Hij streelde over Karls rug en schouders maar het verlangen om klaar te komen was toch heviger. Opnieuw trok hij zijn lul een eindje terug om hem er dan weer hard in te stoten. Karls gekreun werd heftiger en dat wond Rinze op. Vol overgave begon hij nu te pompen. Eruit en er dan weer diep in. Oh wow, wat een gevoel. Het zaad kon hij niet lang meer tegenhouden, zo wist hij, en nog voordat hij uitgedacht was stroomde het er al uit. Karl bromde diep van genoegen, toen hij voelde dat de jongen hem volspoot. Het ontvangen was zo heerlijk! Net als het geven trouwens! Nadat ze zich gedoucht hadden, schoot Karl snel in de kleren om te gaan kijken wat voor weer het was.

"Is het mooi weer buiten?" vroeg Rinze hem bij zijn terugkeer.

"Het is al prachtig weer! De zon begint al lekker te rijzen en er zijn zowat geen wolken aan de lucht."

"Dan is het dus tijd voor een korte broek," zo besloot Rinze. Hij zocht het een en ander uit en liet het keuren door zijn vriend. Deze floot ten teken dat hetgeen hij zag er prima uitzag. "Kom! Op naar het ontbijt!" dirigeerde Rinze hem naar beneden.

"Eten is wel heel erg belangrijk voor jou hè!" Zo vrolijk kibbelend kwamen ze beneden, waar de ouders van Karl inmiddels al aan de ontbijttafel zaten.

"Honger?" vroeg Hanna.

"Zeker!" zei Rinze en Karl vond het nodig om toe te lichten dat Rinze altijd honger had.

"Dit is de vijfde ochtend dat ik deze jongeman meemaak en altijd heeft hij honger!" sprak hij quasi verongelijkt.

"Dan moet je er maar goed voor zorgen zoon," zo sprak Toine, "dat hij niets tekort komt! Je bent met zo'n jonge knaap een verplichting aangegaan en voldoende voeding hoort daar ook bij. Dus Rinze, eet hem de oren van de kop en houd je vooral niet in."

"Zal ik doen!" sprak Rinze met volle mond en breed glunderend.

Er werd volop gesproken aan tafel iets dat Rinze ook niet kende van thuis. Met Karl had hij het al heel gezellig gevonden tijdens het eten, maar ook moeder en vader Van Houthem zorgden voor de nodige gezelligheid. Allerlei onderwerpen kwamen aan bod. Rinze die zichzelf een beetje de rol van toehoorder had toegedicht, begreep uit het gesprek dat Toine zich nog niet zo heel erg lang geleden had teruggetrokken uit het door hem opgerichte advocatenkantoor en dat Matthieu deze nu runde samen met een vennoot. Toine hield zich nu alleen nog maar bezig met zijn moestuin en Rinze voelde heel duidelijk aan dat hem dat nog niet zo lekker zat. Toen het gesprek allang weer ergens anders over ging vroeg hij hem ernaar. "Is het moeilijk om afstand te nemen van het werk?"

"Je moet hè!" luidde het korte antwoord.

"Maar het is niet gemakkelijk!" reageerde Rinze.

"Absoluut niet. Zelf zou ik veel liever zijn doorgegaan, maar als je lichaam je zegt dat je rustig aan moet doen, is het beter om daar naar te luisteren."

"Iets wat hij wel doet, maar nog steeds niet van harte," vulde zijn vrouw aan.

"Zo is het, maar ik probeer er het beste van te maken en van elke dag te genieten, maar als Matthieu langskomt om iets te bespreken over de zaak dan fleur ik helemaal op, weet je. Dan heb ik nog steeds het gevoel dat ik er een beetje bij hoor."

"Ook als je je bezig houdt met de groenten in de tuin ben je belangrijk hoor!" verklaarde Rinze stellig. "Ja toch? Wat zou er anders 's avonds op tafel moeten komen? Groenten uit de tuin zijn veel lekkerder dan die uit een potje of een blik!"

"Kijk," zei Karl, "zodra het over eten gaat, ben je bij Rinze aan het goede adres!"

Iedereen lachte, maar toen het gesprek op hun aanstaande vertrek kwam, werd de sfeer toch duidelijk minder uitbundig. Het was duidelijk dat iedereen het er moeilijk mee had. Rinze had eventjes mogen proeven aan de huiselijk sfeer, die er hing bij Karl thuis en zou het liefste hier willen blijven. Karl had nog lang niet voldoende 'thuis' opgesnoven, zoals hij van plan was en zijn ouders vonden de problemen waarin de jongens verkeerden zorgwekkend. Tegen negenen waren ze klaar met het ontbijt en meteen daarna was het tijd voor het afscheid. Er werd geknuffeld dat het ene lieve lust was en Rinze liet zich dit alles welgevallen. Hij hield ervan en voedde zich in de liefderijke warmte die hem voedde. Pa en ma deden hen uitgeleide en zwaaiden hen na toen ze de oprit afreden in Hanna's BMW. Een veiligheidsmaatregel, zo had Karl gezegd. Zo halverwege ongeveer kwamen ze de auto van Matthieu tegen. De wagens stopten naast elkaar en de portierraampjes werden naar beneden gedaan.

"Goedemorgen jongelui! Al op weg?"

"Yep," verklaarde Karl kort en bondig. "Het is beter om even flink te zijn en zo snel mogelijk verder te gaan.

"Ik snap je, broertje. Ik hoop voor jullie dat het snel allemaal achter de rug zal zijn. En…" hij graaide iets van de passagiersstoel af, "ik heb best wel goed nieuws. Het is een mail van een collega die meer verstand van dit soort zaken heeft dan ik. Let niet op zijn plagende manier van schrijven. De steken onder water zijn voor mij bedoeld. Lees het straks maar eens door en doe alsjeblieft voorzichtig aan. Rijd niet te lang aan een stuk door Karl!" Handen werden stevig geschud en daarna trokken beide auto's op.

"Wil je dat ik het je voorlees?" vroeg Rinze die de mail aangereikt had gekregen.

"Ja, maar niet nu. Wacht even tot we op de provinciale weg naar Margraten zijn. Zodra ik een bredere weg onder de banden heb, lees je het maar voor. Oké?"

Rinze vond het prima en legde de fax in het zijvak van het portier. Hij keek om zich heen en genoot van de prachtige omgeving van het Zuid-Limburgse land. Het stukje naar de grote weg duurde maar kort en op het teken van Karl begon Rinze de mail voor te lezen.

"Zeer gewaardeerde confrère," zo begon hij.

"Confrère is een woord dat advocaten gebruiken zoals wij collega," lichtte Karl meteen toe.

"Zeg Karl! Ik doe VWO hoor en weet heus wel wat het betekent!"

"Sorry, maat! Lees verder als je wilt de inhoud is belangrijker dan de opening, lijkt me." Meteen liet hij er een glimlach op volgen om duidelijk te maken dat zijn opmerking niet rot bedoeld was.

"Altijd goed om te weten," zo las Rinze voor, "dat de volprezen Matthieu van Houthem zelf niet de juiste antwoorden weet. Ook heel goed om te weten is dat hij dan niet schroomt om zijn licht op te steken bij zijn oude studiegenoten, die zeer verheugd zijn dat ze eindelijk iets van de rekening die ze bij hem hebben openstaan kunnen inlossen."

"Oké, gezwets van collega's dus! Kun je niet het belangrijkste eruit halen?"

"Oké Karl, zet de wagen maar aan de kant dan kun je het zelf lezen. Man, wat ben jij een drammer!"

Rinze verfrommelde de mail en stopte hem terug in het vak in de deur. Karl stuurde de wagen naar de kant van de weg en stopte in de berm.

"Het spijt me Rinze."

Rinze was echter pissig en keek hem niet aan.

"Alsjeblieft schat, kijk me aan. Het spijt me echt. Ik zal me gedragen, maar ik ben zo vreselijk benieuwd naar de inhoud…"

"Ja," zo onderbrak Rinze hem, "ik ook maar dat is nog geen enkele reden om je niet te gedragen. Laat mij rustig die mail voorlezen en anders lees je hem zelf maar." Rinze reikte hem het A4'tje aan.

"Ik wil dat jij hem verder voorleest Rinze en doe het op jouw manier. Ik zal verder niet zeuren. Het spijt me echt!"

Rinze begreep dat het zijn vriend ernst was en keek hem aan en begon te glimlachen. "Onze eerste woordenwisseling, Karl!"

"Ja en om iets heel onbenulligs eigenlijk."

"Inderdaad en daarom snap ik het ook niet! Waarom doe je zo vanmorgen?"

"Ik voel me opgejaagd, Rinze. En dat is niet een prettig gevoel. Vanaf het moment dat ik je ontmoette en wist van je problemen, heb ik in mijn hoofd eigenlijk al plannen zitten maken om je een veilige plaats te bezorgen. En dat brengt spanning met zich mee."

"Maar hadden we hier niet kunnen blijven dan? Bij je ouders bedoel ik. Niemand weet van ons, Karl!"

"Je hebt misschien gelijk, maar het risico bestaat natuurlijk altijd dat mensen zich, als er naar gevraagd wordt, dingen gaan herinneren. We hebben afgelopen maandagochtend samen door Zwolle gebanjerd, nietwaar? Dinsdagavond heb ik je opgewacht bij het station. Als mensen dingen met elkaar gaan combineren dan… "

"Ik begin het te snappen. Je wilt zekerheid voor alles."

"Ja en daarom kunnen we ook hier niet blijven, hoe graag ik het ook zou willen. Dit is voor mij de allerbeste plek van de hele wereld maar toch…"

"Niet goed genoeg op dit moment," vulde Rinze aan.

"Inderdaad. Het zou me enorm onrustig maken om hier met jou te blijven. Dit land is te klein. Contacten zijn te snel gelegd en daarom lijkt het mij beter om verder weg te gaan. In elk geval over de landsgrenzen heen."

"Afzoenen?" stelde Rinze voor.

"Goed idee!" Ze bogen zich naar elkaar toe en zoenden het af. Een lustopwekkende tongzoen die in elk geval bij Karl iets teweeg bracht. "Shit man, nou heb ik weer zin in je," zei hij op smachtende toon.

"Ja, je kunt me wat. Rijden met die kar anders komen we nooit waar je me heen wilt brengen."

Karl lachte en terwijl hij de auto startte en de weg opreed, maakte Rinze aanstalten om verder te lezen. "Je hebt mazzel, dude! Het gezwets is over en die lui kunnen dus ook gewoon Jip-en-Janneke-taal spreken." Hij schraapte zijn keel. "In heel veel van dit soort gevallen wordt er bemiddeld tussen de persoon in kwestie (de minderjarige) en de ouders. Goede bemiddelaars zijn te vinden bij Bureau Jeugdzorg, maar weet dat dit tijd kost en naar ik begrijp uit jouw mail is dat er niet echt. De persoon in kwestie is 16 en dus volgens de wet nog minderjarig. Dat betekent dat de ouders in principe nog bepalen waar hij woont. Het hem zonder hun toestemming laten wonen bij de andere (meerderjarige) persoon is mogelijk, maar dan is het wel noodzaak dat laatstgenoemde de ouders inlicht. Hij kan ervoor kiezen dit rechtstreeks te doen. Dan weten de ouders uiteraard wel waar hun kind zich bevindt. Wil je dit voorkomen dan kun je dat informeren ook laten uitvoeren door de Raad voor de Kinderbescherming. In beide gevallen weten de ouders dan dat hun kind in veilige handen is. Niets laten weten, maakt dat degene die onderdak verschaft strafbaar is voor het verbergen van een minderjarige."

"Maar wat heeft dat informeren voor zin?" onderbrak Karl het voorlezen toen Rinze eventjes stopte om opnieuw zijn keel te schrapen.

"Dat komt nu, schatje! Rustig aan alsjeblieft!"

"Sorry."

"De politie zal niet in actie komen als de minderjarige van huis is en zijn adres wel bekend is. Dit wordt altijd vooraf gecheckt."

"Oké, dat is het dus!"

"Ja, je voorkomt dus gedoe als je informeert. Wacht nog eventjes…" Rinze las in zichzelf verder.

"En?"

"Ja niet veel bijzonders meer eigenlijk. Het schijnt het beste te zijn dat de minderjarige één van zijn ouders aan zijn kant heeft staan, want dan voorkom je dus al het voorgaande."

"Je moeder?"

"Weet echt niet of ze compleet dwars tegen de wil van mijn vader zou durven ingaan!"

"Ook niet als je je bedenkt wat ze allemaal voor je gedaan heeft? De kleren? De ontsnapping?"

"Allemaal in het geniep, Karl!"

"Ja. Je hebt gelijk. Een rechtstreekse confrontatie met je vader zou wellicht heel iets anders zijn."

Het gesprek verstomde. Beiden waren ze in gedachten verzonken. Bij Margraten sloeg Karl rechtsaf. Via Sint Geertruid kwamen ze bij de snelweg naar België. Daar gaf Karl flink gas. Het was net iets voor elf uur toen Karls mobiele telefoon begon te piepen. Toen hij het ding tijdens het rijden uit zijn broekzak diepte en het gesprek wilde beantwoorden, greep Rinze in.

"Zeg ben jij helemaal gek! Rijden en telefoneren tegelijk! Hier dat ding!" Karl was verbluft en stond het toestel meteen af.

"Rinze!" zo nam de jongen op.

"Met Matthieu! Waar zitten jullie ergens?"

"Even aan de roerganger vragen," reageerde Rinze grappend en speelde de vraag door naar Karl. "Op de E25/A26 even boven Bastogne, volgens je broertje."

"Neem de eerstvolgende afslag, zoek een parkeerplaats en bel me dan terug. Oké?"

"Prima!" Vervolgens gaf Rinze de opdrachten door aan Karl.

"Van de snelweg af? Wat heeft ie?"

"Weet het niet, Karl maar hij klonk serieus genoeg dus doe nou maar gewoon wat hij zegt."

Karl deed wat hem gezegd werd en op de laatste afslag voor Bastogne verliet hij de snelweg. De eerste de beste parkeerplaats nam hij en stopte de auto. "Bel jij of wil je dat ik bel?"

"Ik bel wel." Rinze beantwoordde het laatst ingekomen gesprek en kreeg Matthieu zonder tussenkomst van een telefoniste of secretaresse aan de lijn.

"Hé, dat hebben jullie snel gedaan zeg!"

"We luisteren goed, grote broer!"

Matthieu grinnikte.

"Wat is er aan de hand?"

"Misschien is het niet nodig dat jullie zo ver weggaan!"

"Hoezo?" vroeg Rinze nu een en al oor.

"Vanmorgen zijn er een paar dingen gebeurd bij je thuis. Ten eerste kwam je vader gehaast pas tegen halfacht naar buiten gerend."

"Dan is hij veel te laat! Hij gaat altijd al voor zevenen van huis, omdat zijn rayon in het Noorden ligt!"

"Inderdaad vreemd dus. Daarna bleef het een tijdje rustig en iets na achten nam je moeder de bus naar Zwolle. Ze liep van het station rechtstreeks naar het kantoor van Nijsingh…"

"De advocaat???" viel Rinze hem in de rede.

"Niemand minder dan die. En daar heeft ze dus al die tijd voor de deur gewacht tot ze zojuist toen ik jullie belde binnen werd gelaten."

"En nu?"

"Ze is nog binnen volgens mijn contactpersoon, anders had ik het inmiddels wel geweten. Enig idee wat ze daar aan het doen is?"

"Nee! Jij?"

"Ik heb de hoop op iets, maar weet dat pas zeker, en ik wil alleen van zekerheden uitgaan, als ik het gecheckt heb."

"Maar hoe kom je daarachter dan?"

"Mijn geheim jongen! Maar blijf waar jullie zijn op dit moment. Geniet van de parkeerplaats en wacht op mijn telefoontje. Doei!" Matthieu hing op.

Karl had meegeluisterd en was even verbaasd als Rinze.

"Zou ze dan toch van mijn vader gaan scheiden?" sprak hij peinzend voor zich uit.

"Wat zou ze anders bij een advocaat moeten?"

"Schiet mij maar lek! Ik weet het niet, man!"



Reacties zijn van harte welkom op de site waar dit verhaal legaal geplaatst is maar ook via mijn e-mailadres: lucky_eye2@yahoo.co.uk



©Lucky Eye, december 2018 (herziene versie)
Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de houder van het auteursrecht.

Lucky Eye
Berichten: 144
Geregistreerd: zaterdag 07 februari 2015 16:42
Woonplaats: Zwolle
Ontvangen Bedankjes: 138 keer
Bericht Re: VRIJGEVOCHTEN door Lucky Eye » zaterdag 26 januari 2019 08:01

Hoofdstuk 15

Het wachten duurde lang. Zo lang dat ze op een gegeven moment de auto maar verlieten en een eindje gingen wandelen. Maar beiden waren ze er niet heel erg met hun gedachten bij. Allebei waren ze gespitst op het geluid van de telefoon, waarvan het schermpje regelmatig gecontroleerd werd voor het geval ze hem niet hadden gehoord.

"Wat als mijn moeder nu wil scheiden?"

"Ik weet het niet, Rinze. Ik weet echt niet wat de consequenties zijn, dan. Ik hoop dat ze dan in elk geval ook laat weten aan jouw kant te staan of zo."

"Zou ze daarom jouw naam en adres hebben willen weten?"

"Dat zou natuurlijk heel goed kunnen!" veronderstelde Karl en terwijl hij er nog eens over nadacht was dat eigenlijk de enige reden waarom ze er belang bij had gehad het van Rinze te krijgen.

Zij was de enige die echt voor Rinze's veiligheid kon zorgen. Als zij een verklaring aflegde dat zij op de hoogte was van Rinze’s verblijfadres, dan… dan waren al hun zorgen voorbij en zouden ze gewoon terug naar huis kunnen.

"Wat denk je?"

"Nee, laat nog maar eventjes. Mijn gedachten gingen met me op de loop. Eerst zekerheid van Matthieu en dan zien we verder. Oké?"

"Oké, daar ben ik het mee eens."

Mathieu’s reactie waarop ze hadden gewacht kwam sneller dan ze verwacht hadden. Karl nam meteen op. Het gesprek duurde niet echt lang en Rinze zag geen tekenen van vreugde op het gezicht van zijn vriend waardoor zijn eigen stemming ook iets begon te zakken. Toen Karl neergelegd had begon hij meteen te praten.

"Matthieu heeft wat problemen met het inwinnen van informatie. De eigenaar van het advocatenkantoor schijnt er zelf niet te zijn en dat is dus de persoon, die Matthieu kent. Anderen wilden geen medewerking verlenen, hoezeer hij ook zijn best deed."

"En nu?"

"Hij stelt voor dat we niet verder naar het Zuiden rijden, maar ergens een hotel opzoeken in de Ardennen of zo. In elk geval in het buitenland en toch ook weer niet al te ver, zodat we als het nodig is zo snel mogelijk weer terug kunnen zijn in Nederland."

"En verder nog iets over mijn moeder?"

"Meteen nadat zij het kantoor heeft verlaten, is Matthieu begonnen met bellen. Zijn contactpersonen hebben laten weten dat zij de trein naar Emmen heeft genomen."

"Emmen?"

"Ja, dat zei hij. Heb je daar familie of zo in de buurt wonen?"

Rinze verviel in stilzwijgen. Emmen zei hem helemaal niets. De enige familie die hij kende was familie van zijn vaders kant. Van de kant van zijn moeder was er helemaal geen familie! De ouders van zijn moeder waren al voor zijn geboorte overleden en verder had ze geen familie. Nee! Emmen zei hem helemaal niets. "Niet dat ik weet," reageerde hij traag. "Maar ze zal daar niet zonder reden heen gaan, lijkt me."

"Zo zie ik het ook jongen." Karl trok Rinze tegen zich aan en knuffelde hem. "Laten we er ons geen zorgen over maken. Tot nu toe heeft je moeder laten zien dat ze uitstekend voor zichzelf kan zorgen. Het lijkt er haast op dat ze dingen heeft voorbereid."

"Zou dat het dan zijn toen ze me zei, dat ze tijd nodig had?"

"Misschien Rinze. Laten we hopen dat we er straks op terug kunnen kijken en dan zal je zien dat alle puzzelstukjes op hun plaats zullen vallen."

"En nu?"

"We gaan de Ardennen in, lieverd. We zoeken ergens een leuke plek op en wachten af wat er gebeurt. Volgens mij het enige dat we kunnen doen, toch?"

"Ik haat het als ik niet actief iets kan doen!" sprak Rinze pissig.

"Ik in principe ook, schat," en hij haalde de knuffel nog eens stevig aan, "maar we kunnen eventjes niets anders doen. We kennen de plannen van je moeder niet en dus zullen we wel moeten afwachten. Hopelijk weet Matthieu die Nijsingh te bereiken en dan krijgen we in elk geval misschien een paar antwoorden."

"Emmen! Wat heeft ze daar nou te zoeken!"

"Weet je zeker dat je daar geen familie hebt?"

Rinze knikte en bevestigde het nog een keer.

"Hebben ze daar geen dierentuin dan!"

Toen begreep Rinze de grap en kneep hij Karl keihard in zijn billen.

"Au! Lelijk joch," schreeuwde Karl verontwaardigd en om de zere plek te betasten, liet hij zijn vriendje meteen los. Rinze zette het op een lopen! Karl achter hem aan.

Ze reden via allerlei binnenweggetjes weg van Bastogne naar het Groothertogdom Luxemburg. Zodra ze de grens gepasseerd waren, koos Karl een route naar het Noorden. Omdat het al ruim na twaalven was en ze na het ontbijt niets anders hadden gehad dan wat slokjes water, hadden ze beiden flink honger en dorst en stopten ze ergens om iets te eten. Daarna gingen ze verder. Ze waren nog maar net weer op weg, toen er opnieuw werd gebeld. Karl wilde niet opnieuw door Rinze op de vingers getikt worden en liet alles over aan hem. Toen Rinze de telefoon uit Karls broekzak haalde, kreunde deze verheerlijkt, waarop hij een flinke stomp tegen zijn schouder kreeg.

"Rinze!"

"Matthieu hier! Problemen Rinze. Je moeder is aangekomen in Emmen en daarop ingestapt bij iemand in de auto. De achtervolger, de EIKEL, lag iets achter bij het uitstappen en heeft geen tijd gehad het nummer te noteren. We zijn haar kwijt!"

"Shit," vloekte Rinze. "En nu?"

"Ik ben nog steeds bezig met het zoeken naar Arend-Jan Nijsingh en heb hem bijna te pakken heb ik het idee. Zodra hij zijn medewerkers permissie geeft het dossier aan mij te tonen, kom ik er hopelijk achter of zij wellicht een adres heeft afgegeven, waar zij te bereiken is. Ken je echt niemand in de omgeving van Emmen?"

"Nee, en waag het niet een grapje te maken over familie die mogelijkerwijs in de dierentuin woont, want dan doe ik je wat!"

Matthieu slikte een proestbui in, omdat hij begreep dat het Rinze menens was. "Probeer je rustig te houden, Rinze. Nederland is klein en we vinden haar vast en zeker en bovendien… heb je niet het idee dat zij ook pogingen zal ondernemen om jou te zoeken?"

Hier moest Rinze over nadenken en het duurde dan ook even voordat hij antwoordde. "Ja! Je hebt gelijk. Ik denk dat ze dat ook zal proberen. Alleen ik zou niet weten, waar ze zal moeten beginnen!"

"Laten we ervan uitgaan dat je moeder inventief genoeg is om met iets te komen, Rinze."

"Je hebt gelijk, Matthieu en bedankt voor alles wat je voor me doet."

"Graag gedaan, Rinze. Ik maak graag een goede indruk op nieuwe leden van de familie. Zodra ik Nijsingh te pakken heb en dat kan echt niet lang meer duren, dan laat ik het weten. De groeten!"

"Spoorloos?" vatte Karl het gesprek samen.

"Ja! Van de aardbodem verdwenen zo lijkt het. En nu maar wachten tot er iets gebeurt. Ik kan dat heel slecht, man!"

"Kom hier vriendje!" Hij pakte de hand van de jongen en kneep er stevig in. "Samen kunnen we het, Rinze! Alleen zouden we beiden verzanden op dit moment, maar als we onze krachten en goede eigenschappen combineren, lukt het ons vast en zeker!"

"Ik zal op je woorden moeten vertrouwen, Karl en dat doe ik graag, want tot nu toe is alles wat je hebt gezegd en beloofd gegaan zoals je gezegd had. Dus…"

"Je bent lief."

De rit was op zich mooi genoeg, maar Rinze had er niet echt oog voor. Hoe vaak Karl ook probeerde hem af te leiden door hem op iets moois in de omgeving te wijzen, steeds was het maar voor eventjes. In gedachten was hij bij zijn moeder. Hij probeerde zich in haar te verplaatsen en om de een of andere reden had hij totaal niet het idee, dat ze in zak en as zat of zich reddeloos verloren voelde. Het was gek, maar het was zo. Het voelde aan of ze zich reuze op haar gemak voelde. Net toen ze België weer inreden ging de telefoon opnieuw. Rinze had hem bij zich gehouden en nam op. Het was opnieuw Matthieu. Hij wist te vertellen dat het hem dan eindelijk gelukt was om Nijsingh te bereiken. Hij waarschuwde Rinze, die het vooral aan Karl moest doorgeven, dat de telefoonkosten op de nota wel erg hoog zouden uitvallen. Nijsingh zat namelijk op Hawaii. Matthieu had een goed gesprek gehad met zijn confrère en de uitkomst daarvan was dat hij zijn mensen op zijn kantoor de opdracht zou geven om Matthieu volledig ter wille te zijn. Toen Rinze hem nieuwsgierig vroeg hoe hij dat voor elkaar gekregen had, lichtte Karls broer toe dat er nog een oude rekening te vereffenen was. Rinze herinnerde zich de opmerking in de mail. Nog vanavond zou Matthieu naar Zwolle reizen om vandaar uit de zaak verder af te handelen. Er was verder nog geen contact geweest tussen Rinze's moeder en het kantoor van Nijsingh. Met een vriendelijke groet over en weer werd er afgesloten.

"Goed bericht mag ik hopen?" vroeg Karl die het gesprek niet meegekregen had.

"Bij Nijsingh gaan ze nu meewerken. Matthieu gaat vanavond nog naar Zwolle, dus morgen kan hij daar dan beginnen. Dan weten we heel snel of het inderdaad om een scheiding gaat en of ze een verklaring heeft afgegeven daar."

"Het begin is er, Rinze."

"Yep! En nu wil ik genieten van de omgeving, want volgens mij heb ik heel wat moois gemist!"

"Ach! Zolang je maar af en toe naar mij kijkt!" plaagde Karl hem.

Rinze reageerde niet, maar draaide zijn hoofd en keek demonstratief door zijn zijraam naar buiten. Lang reden ze echter niet meer. In Honvelez stopten ze om iets te drinken en onderwijl keken ze ook uit naar een hotel. Het plaatsje was niet al te groot en het enige hotel zag er wat sjofeltjes uit, zodat ze besloten om daar maar geen gebruik van de maken. De eerstvolgende plaats van betekenis was Salmchâteau. En hier was het van hetzelfde laken een pak: niet interessant dus. In Trois Pont stopten ze en vroegen ze de weg naar de plaatselijke VVV. Daar werden ze door de medewerkster aan de balie in het Frans gewezen op het hotel dat aan dezelfde straat lag of het bungalowpark op de weg naar Stavelot. Het laatste leek hen wel wat en Karl bediende zich van keurig Frans om haar dat te vertellen. Rinze keek eerst op zijn neus, maar realiseerde zich al snel dat Karl VWO had gedaan op het internaat en dus ook tenminste 6 jaar Frans had gehad op school. De dame achter de balie was vriendelijk genoeg om meteen voor hen te informeren of er nog plaats vrij was. Er bleek een klein probleem te zijn. Normaal werden de huisjes daar verhuurd van zaterdag tot en met zaterdag en nu was het dus al woensdag. Karl zei dat hij de volledige huurprijs zou betalen en toen bleek er ineens van alles mogelijk te zijn. Karl was gul en gaf de vriendelijke dame een flinke fooi. Rinze keek hem bedenkelijk aan.

"Probeerde je haar te versieren?" zei hij toen ze weer buiten waren.

"Hoe bedoel je?"

"Nou met die dikke fooi die je haar gaf!"

"Laat je nakijken, dude! Het is een vrouw! Ik val alleen maar op leuke jongens zoals jij!" Hij legde zijn arm op de schouders van zijn vriend en zo liepen ze terug naar hun auto. Van Trois Pont was het maar een klein eindje naar het bungalowpark. In eerste instantie reden ze er per ongeluk voorbij en moesten ze een klein eindje terugrijden. Iets dat niet tot problemen leidde, want het was rustig op de weg. Ook daar weer een vriendelijke dame aan de balie en Karl weer op zijn allercharmantst. Dit keer hoefde hij zijn kennis van het Frans niet te etaleren, want het bleek een door Nederlanders gerund park te zijn en dus werd ook aan de balie Nederlands gesproken.

Hun huisje lag ergens achteraan op het park. Ze reden er naar toe met een slakkengangetje, want op het hele park gold een maximumsnelheid van 15 kilometer. En beiden konden ze zich heel goed voorstellen dat dat in de zomer - als er waarschijnlijk heel veel kinderen rondliepen - ook noodzakelijk was. Alle huisjes op het achterste gedeelte van het park stonden los van elkaar. Hun nummer 240 lag hoog en Rinze vond het reuze avontuurlijk.

"Kijk eens! Het huisje heeft klimtouwen!" wees hij Karl aan.

"Emmen???" kwam meteen Karls reactie.

Rinze wierp hem een ijzige blik toe.

"Er is toch voor mensen ook wel een gewoon pad naar boven hè!" verzuchtte Karl, zijn maatje plagend.

Natuurlijk was die er, maar zodra ze de koffers binnengebracht hadden, wilde Rinze meteen de klimtouwen uitproberen. Voorzichtig liet hij zich vanaf de veranda van hun huisje naar beneden zakken langs een touw. Hij genoot! Hij vergat even compleet waarom ze eigenlijk daar beland waren. Karl liet zich niet onbetuigd en waagde zonder enige aansporing van Rinze de afdaling ook. Hij zou die jonge hond eens laten zien, dat hij net zo kon blaffen. Toen hij beneden was en omhoog keek, had hij toch wel iets van pfff. Rinze merkte dit op en kon het niet laten een grap te maken.

"Valt het je tegen, opa!"

Toen moest hij dus hard wegrennen, want Karl schoot hem meteen achterna. Een tijdje wist Rinze uit zijn grijpgrage armen te blijven, maar uiteindelijk legde hij het af en kreeg Karl hem te pakken. Zonder enige moeite slingerde Karl zijn maatje over de schouder in de brandweergreep en mepte hij hem met de vrije hand op de billen. Triomfantelijk droeg hij Rinze zo terug via de trappen naar het huisje. Bij de buren rechts van hen gingen de gordijnen eventjes opzij en Karl zwaaide vrolijk naar hen. In huis gekomen, zocht hij met de jongen op zijn schouders de slaapkamer op en wierp hem daar op het bed dat vervaarlijk begon te kraken. Tijd voor Rinze om zich te herstellen was er niet, want Karl lag meteen boven op hem.

"Opa wil je leegzuigen, schatje!" lispelde hij als een oud mannetje zonder kunstgebit in.

Rinze kreeg een lachstuip en liet toe dat Karl zijn broek en short omlaag schoof en uittrok. Karl nam de nog slappe penis ter hand en begon hem te likken. Meteen kwam de reactie en al snel was het pikkie de superpik die hij kende. Hij nam de eikel in zijn mond en zoog hem diep naar binnen. Rinze kreunde hard.

"Pas op de buren, schatje!"

"Schijt aan de buren, Karl! Zuig me!"

Karl deed zijn best zoals altijd en het duurde niet lang voor Rinze zich in zijn mond leegspoot. Toen het spuiten ophield, streelde Rinze door de krullenbol van zijn vriend.

"Ik hou van je, Karl. Je weet me altijd weer gerust te stellen en mijn gedachten af te leiden."

"Ja! Lekker hè!"

"Ja! Zoiets heb ik nodig nu! Vind je dat erg?"

"Jongen, zolang het betekent dat ik seks met jou kan hebben…"

"Dat bedoel ik niet man!"

Natuurlijk wist Karl dat maar al te goed.

"Ik bedoelde…"

Verder kwam Rinze niet. Karl had zijn mond gedrukt op die van Rinze en hem meteen getongd. Elk gesprek was nu onmogelijk. Alleen nog maar twee jongens die in stilte - met eventuele bijgeluiden natuurlijk - bezig waren elkaar te beminnen. Het minnespel deed hen beiden ontvlammen. De tongzoen werd beëindigd, waarop Karl meteen uit de kleren schoot en ook Rinze zich ontdeed van wat hij nog aan had. Ze betastten elkaar, speelden met elkaars lichaam en deden hun uiterste best elkaar te plezieren. Er werd overal gevoeld. Geen enkel plekje op de twee lijven was veilig voor de liefdevolle aanrakingen waarmee ze elkaar aanraakten. Het spel werd heter en het gehijg duidelijker merkbaar. Eventjes stopten ze en keken elkaar met open mond aan.

"Ik hou van je Karl," sprak Rinze hijgend.

"Ik van jou jongen. Ik hou ontzettend veel van jou."

Ze kropen tegen elkaar aan en voelden allebei het keiharde lid van de ander. Eventjes werd er gegiecheld en toen was er opnieuw een loeihete tongzoen, die hen in hogere sferen bracht. Karl genoot met volle teugen van de onstuimigheid die hij voelde bij Rinze. En andersom was het al niet anders. Heel duidelijk voelde hij de interesse van Karl in zijn billen. De handen van zijn vriend gleden eroverheen, knepen er zachtjes in alsof ze het vlees keurden. Ineens waren de vingers in zijn bilspleet. Eventjes verstrakte Rinze en Karl voelde het meteen.

"Ik doe niets wat jij niet wilt, schat. Zeg het me als ik moet stoppen," klonk het bijna buiten adem uit de mond van Karl.

Rinze glimlachte. "Je gaat voorlopig je gang maar. Ik fluit je terug als ik het te eng vind worden."

Karl ging verder en zijn handen waren meteen weer op het billenvlees. Hij streelde en bevoelde het. Het waren heerlijke jongensbillen die hij nu onder handen had, maar dat warme plekje ertussen had ook zijn belangstelling. Een vinger gleed er al spelend doorheen. Karl hoorde het lichte kreunen van Rinze en merkte dat die zijn manipulaties op het lichaam van zijn vriend staakte. Hij kon geen twee dingen tegelijk, zo leek het. Karl vond het niet erg. Zo kreeg hij eventjes de tijd om zich volledig te richten op al dat lekkers dat hij onder handen had.
Nogmaals liet hij zijn vinger door de jongensspleet gaan en toen hij dat voor een derde keer deed, drukte hij zachtjes tegen het gaatje. Opnieuw voelde hij de verstarring bij Rinze. Teken voor hem om gewoon te stoppen. Hij wilde niet zover gaan dat de jongen hem terug zou fluiten. Voor hem zou dat een stap te ver zijn en dat wilde hij absoluut niet. Karl drukte een kusje op het sterretje en draaide zich op zijn buik om vervolgens Rinze op te roepen zijn werk nu eindelijk eens te doen.

"Ow," reageerde deze, "doen we dat zo tegenwoordig."

"Ja schat! Aan het werk jij!"

Rinze ging op zijn knieën naast het uitgestrekte lichaam van zijn vriend zitten en bekeek al dat lekkers eens nadrukkelijk.

"Komt er nog wat van?" vroeg Karl op manende toon.

En inderdaad Rinze kwam in actie, want hij liet zijn vlakke hand hard op de billen van Karl neerkomen.

"O ja, schat! Zo heb ik het graag!" speelde Karl het spelletje mee. Ze lachten.

Rinze boog zich over Karl heen en drukte hem een kusje in zijn nek. "Op handen en knieën eerst, lieverd."

Karl voldeed met graagte aan het verzoek. Rinze nam nu achter hem plaats en zijn handen gleden spelend over de mooie, bilpartij die wel weer eens een scheermes nodig had, zo leek hem. Maar ach, die kleine, donkere haartjes stonden ook wel grappig eigenlijk. Hij zou de keuze overlaten aan Karl zelf, tenzij deze hem erom vroeg. Hij streelde beide bilhelften met de vlakke hand iets dat Karl hevig deed kreunen. Rinze vond het prachtig om te merken wat voor reactie zijn daad opriep. Nogmaals streelde hij al het mannenvlees dat onder zijn handen kwam. Daarna masseerde hij de billen flink en ook dat leek Karl fijn te vinden, want het kreunen werd alleen maar heviger. Toen bracht hij een vinger in de spleet. Hier groeiden nog geen haren, zo bemerkte Rinze. Waarschijnlijk hield Karl dit beter bij. Rinze liet zijn vinger op en neer gaan en het resultaat was ernaar. Karls kreunen ging over in een soort van diep gegrom.
Rinze glimlachte. Hij staakte de beweging van zijn vinger en zocht het gaatje op. Hij duwde er zachtjes tegen aan maar ging niet naar binnen. Nog niet. Hij bracht zijn gezicht naar de bilspleet en begon deze te likken. Hij maakte hem kletsnat met zijn tong. Vooral het gaatje benatte hij, zodat het straks zou kunnen dienen als glijmiddel. Zijn eigen pik sprong op bij die gedachte. Shit man, wat was hij geil. Hij wilde hem hebben, hij wilde zijn harde lul naar binnen werken. Het speelkwartier was over, zo leek het. Rinze wilde erop! Hij zette zijn eikel tegen het natte gaatje en duwde hem meteen diep erin. Karls hoofd veerde omhoog en hij riep Rinze op om door te gaan. De jongen liet zich aanmoedigen, trok zijn staaf een klein eindje terug om hem meteen weer verder naar binnen te duwen. Het was een heerlijk gevoel, zo vond hij en verdere aanmoedigingen - hoewel hij ze wel kreeg - had hij eigenlijk niet nodig. Het stampen en beuken ging als automatisch. Zijn jongeheer leidde een eigen leven dat er uitsluitend op uit was om zijn zaad diep tussen Karls billen te spuiten. Op een gegeven moment verloor hij de controle over zichzelf en had hij het idee dat hij alleen nog maar uit een grote, wild stotende pik bestond. Hij vond het niet erg. Het was een geweldig heftig en enerverend gevoel dat hem enorm veel genot verschafte. Hij bleef zijn pik in en uit Karls kontgaatje rammen, totdat hij zich wild schreeuwend in hem leegspoot.



Reacties zijn van harte welkom op de site waar dit verhaal legaal geplaatst is maar ook via mijn e-mailadres: lucky_eye2@yahoo.co.uk



©Lucky Eye, december 2018 (herziene versie)
Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de houder van het auteursrecht.

Lucky Eye
Berichten: 144
Geregistreerd: zaterdag 07 februari 2015 16:42
Woonplaats: Zwolle
Ontvangen Bedankjes: 138 keer
Bericht Re: VRIJGEVOCHTEN door Lucky Eye » zaterdag 26 januari 2019 08:02

Hoofdstuk 16

Na de vrijpartij hadden ze eerst nog lange tijd bij elkaar gelegen. Lekker strelend, lekker zoenend, gewoon volop van elkaar genietend. Maar… zoals altijd had Rinze zijn maag gevoeld en wist hij dat het tijd moest zijn om iets te eten. En dus hadden ze zich gedoucht, zomerse kleren aangetrokken om daarna naar het restaurant te lopen. Op het park was het al erg rustig. Een duidelijk teken dat het toeristenseizoen nog niet begonnen was, want dan zouden kinderen tot laat in de avond buiten aan het spelen zijn, tenminste als het weer het toeliet. In het restaurant was het echter behoorlijk druk. Alle tafeltjes waren bezet, maar voor twee personen werd er snel iets geregeld. Een klein tafeltje werd vlak bij de deur naar de keuken geplaatst en daarna werden er twee stoelen bijgezet.

Nadat ze de menukaart bestudeerd hadden, kozen ze beiden voor lasagne. Lekker Italiaans eten, zo verklaarde Karl, om nieuwe krachten op te doen. De opmerking werd gevolgd door een vette knipoog en Rinze had wel een idee waar hij op doelde. Rinze's been gleed naar die van Karl en streek er langs. Karl pakte de hand van Rinze en drukte er een kus op om daarna meteen de jongen recht in de ogen te kijken. Rinze bloosde gelukkig niet, een teken dat hij zich ook bij dit soort liefkozingen in het openbaar op zijn gemak voelde. De jongen was verrekte volwassen voor zijn bijna 17 jaren en al helemaal als je zijn overbeschermde thuissituatie meetelde, zo concludeerde Karl. Het eten werd opgediend, maar echt stil hielden beiden zich niet. Rinze wilde toch nog even de toelichting geven waaraan hij eerder niet toegekomen was omdat Karl hem de mond gesnoerd had met een zoen.

"Maar nou even serieus hè!" zo begon hij. "Ik hou van je, Karl van Houthem, om alles wat je bent. Je bent echt een heel bijzonder mens. Toen ik diep in de problemen zat en er zelfs even een gedachte bij mij opkwam om er helemaal uit te stappen…" Voor het eerst verwoordde hij deze toespeling naar Karl en het deed hem zichtbaar schrikken. "Ja, zo rot voelde ik me Karl! Maar ik heb het idee ook heel snel verworpen hoor!"

"Blij toe ,jongen!"

"Maar toen was jij er en hielp me eruit. En dat is al de dagen daarna zo gegaan. Als ik ergens mee zit, weet jij of een oplossing te bedenken of me op andere gedachten te brengen. Ik hou van je, Karl en weet niet of ik ooit wel voldoende voor jou terug kan doen!"

"Je bent een dwaas, Rinze van der Weide!" zo sprak Karl met volle mond.

"Hallo! Ik maak je complimenten en jij gaat schelden?"

"Ik noemde je alleen maar een dwaas en dat is geen schelden maar de waarheid!"

Rinze toonde vraagtekens op zijn gezicht.

"Je bent een dwaas als je denkt dat het in een relatie gaat om iets doen en iets terugdoen. Zo werkt dat niet, schat! Als ik iets voor jou kan doen, doe ik dat zonder dat ik ervoor 'betaald' wil worden op een later moment. Je hoeft dus geen seks met me te hebben, als jij het idee hebt dat je me daarmee terugbetaalt voor de dingen die ik voor jou doe!"

Auw, Rinze voelde duidelijk de scherpe ondertoon in de laatste zin en toen hij Karl aankeek zag hij dat diens gezicht behoorlijk betrokken was ineens. Toen hij bewust zijn ogen zocht, draaide Karl die zelfs af.

"Als ik dingen voor jou doe," zo ging Karl met de ogen gericht op het bord verder, "doe ik dat omdat ik het wil! Omdat ik jou wil helpen! Ik zou iedereen in de wereld willen helpen als het kon, maar dat kan ik niet! Ik beperk me dus tot de mensen die op mijn pad komen. Jij kwam op mijn pad van de supermarkt terug naar huis en daar ben ik blij om, want op dat moment had jij dringend hulp nodig en ik kon je die gelukkig geven. Direct op dat moment en in de dagen daarna. Daar gaat het mij om, Rinze. Ik hoef verder helemaal niets van jou als jij het idee hebt dat jij mij zo nodig terug moet betalen!"

"Is het ooit bij je opgekomen dat ik seks met je heb, omdat ik dat wil! Als jij het idee hebt dat ik seks met je heb omdat ik het als een betalingsverplichting zie, dan heb je het verkeerd."

"Ik had dat idee niet tot jouw woorden van zo-even."

"Het spijt me, Karl! Die woorden waren dan niet goed gekozen. Ik probeerde alleen maar mijn dankbaarheid onder woorden te brengen en had het dus anders moeten brengen. Het spijt me echt! Kijk me aan. Alsjeblieft?"

Karl liet de niet echt interessante resten van zijn eten voor wat ze waren en vestigde zijn ogen op die van Rinze. Hij zag de tranen daarin glinsteren.

"O man! Zo had ik het niet bedoeld!" en meteen pakte hij Rinzes hand beet.

"Geeft niet, Karl. Het is goed om dit soort dingen uit te praten en duidelijk te maken voor elkaar. En echt geloof me al die intieme momenten tussen ons waren voor mij net zo'n plezier als voor jou. Geen moment heb ik eraan gedacht dat ik op die manier jou terugbetaalde voor de dingen die jij voor mij deed. Geloof je me?"

"Ja! Ik geloof je, schat!" Ze bogen zich naar elkaar toe en kusten elkaar. "Tjonge," zei Karl daarna, "het is wel wat met ons. Vanmorgen hadden we al een conflict en nu al weer!"

"Ach, je moet maar zo denken," zei Rinze, "vanmorgen hebben we het weten af te zoenen, dat zal ons straks ook wel lukken!" En opnieuw liet hij zijn been langs die van Karl gaan.

Ze aten af en bestelden daarna nog een dessert. Karl een klein ijsje en Rinze de grootste die er maar te krijgen was. De terugweg naar hun huisje liepen ze met de arm om elkaars schouders geslagen. Beiden waren ze voldaan en voor eventjes stil. Terug in hun huisje bleek dat ze allebei behoorlijk moe waren. Het afzoenen zou er zeker vanavond niet van komen. Ze kropen snel in bed en dicht tegen elkaar aan. Een beetje strelen, een beetje zoenen en toen was het toch echt 'welterusten'.

De volgende ochtend was Karl al op tijd wakker. Opnieuw genoot hij van de aanblik van zijn slapende vriendje. De jongen sliep heel rustig en Karl was daar reuzeblij om. Ergens was hij dus de grote ongerustheid over zijn moeder kwijtgeraakt, zo luidde zijn conclusie. Een goed teken want op dit moment kon hij gewoon niets aan de situatie doen. Het was afwachten tot er bericht zou komen van Matthieu. En, zo beredeneerde Karl terwijl hij zijn horloge controleerde, dat zou nog zeker een paar uurtjes duren. Het was nog maar halfacht. Halfacht? Dan was het hem voor het eerst sinds tijden gelukt om langer te slapen dan normaal. Hij glimlachte.

En tegen dat glimlachende gezicht keek Rinze aan, toen hij slaperig de ogen opende. "Lach je nou alweer?"

"Als ik jou zie, dan kan ik niet anders, lief vriendje van me."

"Je bent een slijmerd Van Houthem. Een grote slijmbal en dat al op de vroege morgen. Maar zeg eens, waarom glimlachte je nou echt?"

"Ik ben zelf nog maar net wakker en daarom moest ik glimlachen."

"Oké, ik snap het niet dus leg maar weer eens uit." Terwijl Karl zijn verhaal deed begon Rinze echt wakker te worden en het te begrijpen. "Enig idee hoe het komt dat je altijd zo vroeg wakker bent?"

Karl trok zijn schouders op ten teken dat hij geen flauw idee had.

"Onrust misschien?"

"Zou kunnen."

"En nu een soort van totale ontspanning."

"Op zich vreemd natuurlijk, want gisteren was het behoorlijk hectisch."

"Zeker als je onze ruzies meetelt," gniffelde Rinze.

"Ja, zoiets is niet echt ontspannend te noemen. En dus weet ik het echt niet waarom ik nu ineens wel langer kan slapen."

"Pijnig je mooie hoofd er maar niet over, schatje. Hou het er gewoon op dat het een goed teken is."

"Dat zal ik doen. Ontbijten of eerst iets anders."

"Stomme vraag natuurlijk," zei Rinze en zette zijn benen naast het bed. "Eerst ontbijten natuurlijk, want ik sterf van de honger zowat en volgens mij hebben we helemaal niets in huis."

"Shit!" mopperde Karl. "Je hebt gelijk. We moeten eerst naar het winkeltje hier om het nodige in te slaan. "Maar alleen dingen voor het ontbijt hoor! Ik ben een echte Nederlander en weet dat dit soort kampwinkeltjes altijd veel te duur is."

"Ja hoor, lieverd. Ik zal me beheersen en je niet op kosten jagen!" Snel bukte Rinze zich toen een kussen in zijn richting vloog.

Het was heel snel douchen en terwijl ze dat deden heel eventjes aan elkaar zitten alvorens ze naar het winkeltje gingen. Het verkleinwoordje '-tje' was zeer terecht toegevoegd, want je kon er amper je kont keren. Gelukkig waren de meeste mensen nog in dromenland en hadden ze het rijk alleen. Karls kennis bleek juist te zijn, want alles was gewoon extreem duur. Ze hielden het bij een stukje kaas, een pak melk, een brood, een kuipje halvarine en een potje jam.

Terug in hun huisje smeerden ze het brood bij het aanrecht en namen alles toen mee naar de veranda. Daar in de vroege ochtendzon genoten ze van hun ontbijt. Karl genoot dubbelop. Ten eerste smaakte het goed en ten tweede keek hij met plezier naar de eetlust van zijn maat. Toen Karls mobieltje begon te rinkelen keken ze elkaar eerst heel even aan, alvorens Karl hem opnam.

"Karl!"

"Goedemorgen broertje! Goed geslapen?"

"Zeker Matthieu. Jij ook?"

"Ja, echt wel. Een prima hotel gevonden in Zwolle. Wel wat prijzig, maar aangezien jij de rekening betaalt neem ik het er goed van."

Karl was wijs genoeg om hier niet op te reageren en zich niet op de kast te laten jagen.

"Ik ben nu op het kantoor van Nijsingh en heb de stukken hier voor me liggen. Rinze in de buurt?"

"Ja, ik zet het toestel op handsfree zodat hij mee kan luisteren."

"Oké dan. Goedemorgen aanstaande zwager!"

Rinze grinnikte bij deze begroeting.

"Je moeder heeft inderdaad een scheiding van je vader aangevraagd en een verklaring afgegeven dat zij weet op welk adres jij verblijft en bij wie. De advocaat met wie zij dit allemaal afgehandeld heeft, zei me dat ze precies wist wat ze deed. Ze had een lijstje bij zich met punten die ze een voor een leek af te handelen. De instructies om die verklaring door te sturen naar de politie en de Raad voor de Kinderbescherming kreeg de advocaat er ook bij. Het is dus niet gebeurd in een soort van opwelling, maar alles lijkt keurig gepland."

"Oké, dat betekent dus…" reageerde Rinze.

"Dat betekent dat jullie in principe gewoon terug naar Nederland kunnen komen. Er is geen vuiltje aan de lucht meer. Je vader zal je nooit met behulp van de politie terug kunnen halen."

Waar Karl opluchting in de ogen van Rinze verwacht had, was er ineens iets anders. Een zorgelijke bik trok over zijn gezicht. De jongen sprong op en liep naar de balustrade.

"Eh Matthieu, ik bel je zo dadelijk even terug," viel Karl zijn broer in de rede, voordat die de kans had verder te gaan en brak het gesprek af. Karl liep naar Rinze toe en sloeg een arm om hem heen. "Huil Rinze als je huilen moet. Hou je niet groot, dat is helemaal nergens voor nodig."

"Ze stromen al, Karl," snikte Rinze, terwijl hij zich tegen de borst van zijn vriend aanvlijde. "Waarom heeft mijn vader altijd zo gedaan?" kwam de vraag met trillende stem over zijn lippen.

"Ik weet het niet, jongen. Ik ken je vader niet en als jij het antwoord niet weet, ken jij hem waarschijnlijk ook niet echt."

"Wat bedoel je daarmee?" zei Rinze terwijl hij zijn neus ophaalde.

"Daar bedoel ik mee, dat mensen heel vaak dingen doen vanuit een bepaalde context. Als jij op mij reageert, gebeurt dat vaak vanuit een achtergrond. Toen ik je mee uitnam naar Arnhem en we overnachtten in een hotel, was jij helemaal uitgelaten. Jij reageerde zo, omdat je zoiets nog nooit eerder had meegemaakt. Dat bedoel ik dus."

"Dus mijn vader heeft in het verleden iets meegemaakt, dat hem zo gemaakt heeft?"

"Dat zou kunnen. Dat is het meest waarschijnlijk. Maar het kan ook zijn, dat hij er zelf voor gekozen heeft om op een bepaalde manier te handelen."

"Oké, maar mijn moeder zal het wel weten dan wellicht?"

"Zou kunnen, maar soms houden mensen dingen echt compleet geheim zodat zelfs hun allernaaste, hun partner meestal, er niets van weet."

"Mensen zijn rare wezens!"

"Juiste constatering, schat maar ze zijn ook heel lief." Karl trok zijn arm aan en drukte een kusje in Rinze's krullenbol. Hij merkte dat de tranen opnieuw kwamen bij Rinze.

"Ik… ben… zo… opgelucht," kwam het er snikkend uit. "We… kunnen… doen… wat wij… willen…, Karl!"

"Ja liefste, dat is het belangrijkste. Wij doen wat wij willen. Niemand kan ons meer tegenhouden."

"Ik… ben… gelukkig, schat. En… jij?"

"Ik ben ook gelukkig, lieve Rinze. Met jou aan mijn zijde ben ik de allergelukkigste man van de hele wereld."

"Niet overdrijven…, Karl."

"Ik overdrijf niet. Jij hebt mij gelukkig gemaakt vanaf het moment dat je bent gaan praten in de 'wij-vorm'. Toen ik dat voor het eerst van je hoorde, wist ik dat het goed zat. Dat ik er niet alleen was om je uit de rotzooi te halen, maar dat je meer met me wilde. En daarmee heb je mij heel gelukkig gemaakt!"

"Ik heb het gedaan, Karl omdat het gewoon zo verschrikkelijk snel goed voelde bij jou. Eigenlijk heb ik er niets voor gedaan! Het ging allemaal gewoon! Als vanzelf!"

"Zo voelt het bij mij ook Rinze. En dat is een bewijs temeer dat het goed zit!" Karl pakte Rinze zachtjes bij zijn kin beet en draaide zijn gezicht naar dat van hem toe. De onvermijdelijke kus volgde. Toen die verbroken werd, ging Karl verder. "Zullen we Matthieu bellen?"

En zo deden ze. Matthieu had eigenlijk niet zo heel veel meer te vertellen. Met de papieren zou hij proberen de scheiding er zo snel als mogelijk door te krijgen door op de juiste knoppen te drukken, zoals hij zo mooi wist te zeggen. Daarna was het afwachten tot Rinze's moeder contact op zou nemen, iets dat ze gezegd had te zullen doen. Matthieu zou dan aansturen op een ontmoeting tussen hen beiden, zodat hij alles uit de doeken zou kunnen doen.

"En nu?" vroeg Karl.

"Tja, jullie keuze. Of je gaat terug naar Euverem of je blijft nog eventjes waar je zit."

"Oké." Snel wisselden de jongens een blik met elkaar en daaruit kwam een besluit voort. "We blijven hier, Matthieu. Als er iets gebeurt, horen we het hè?"

"Heb ik tot nu toe altijd gedaan, klein broertje van me en dat zal ik zo blijven doen. Wens me geluk, want dan hebben jullie het ook!" Met groeten over en weer werd het gesprek beëindigd.

"En wat nu?" vroeg Karl nadat hij zijn mobieltje in zijn broekzak gestopt had.

"Naar de supermarkt hè! Want we hebben dan wel ontbijt gehad, maar…"

"Jij denkt ook altijd alleen maar aan eten hè!"

"Je kent me goed Karl!"

De ontbijtboel werd afgeruimd en afgewassen en daarna liepen ze met beiden een rugzak op naar de auto. Ze reden het park af en kozen de richting van Trois Pont. Daar stopten ze bij een grote supermarkt. Van alles en nog wat werd ingeslagen en Karl vroeg zich verwonderd af of het niet veel te veel was. Rinze had echter zoiets van, als we het niet op krijgen, nemen we het wel mee naar huis. Ook aan de sfeer werd gedacht. Rinze had in het huisje wel kandelaars gezien, maar geen kaarsen en dus werden die gekocht. Ook een aantal houtblokken voor de open haard namen ze mee en badschuim. De keuze aan voedingsmiddelen liet Karl helemaal over aan zijn vriendje. Die had er tenslotte verstand van.

Terug in het huisje borgen ze de boodschappen op en daarna was het opnieuw 'en wat nu?' Ze besloten dat een fikse wandeling hen goed zou doen. Een stapel boterhammen werd gesmeerd en samen met drinken ingepakt in een rugtas. Karl was de oudste, zo besloot Rinze, en dus moest hij de rugzak dragen. Toen Karl opperde dat Rinze de jongste was en dus nog de meeste kracht had, pareerde de jongen dat door te zeggen, dat het oude altijd het eerst opgemaakt moest worden! Elkaar plagend verlieten ze het park en trokken ze het bos in aan de overkant van de weg. Het was opnieuw een prachtig mooie, zomerse dag. Het woud was echter zo dicht op sommige plaatsen, dat de zon er amper doorheen kon komen en dan werd het toch wel fris. De meer open stukken stelden de jongens dan ook meer op prijs.

Tussen de middag kozen ze een fraaie open plek uit, waar ze al zittende met de ruggen tegen elkaar aan aten. Daarna gingen ze beiden eventjes helemaal languit om uit te rusten van de zelfgezochte vermoeienissen. Na een dik half uur gingen ze weer verder. Ze liepen het bos uit en kwamen weer in de bewoonde wereld zo het leek. Kleine dorpjes kwamen en gingen maar ver van de grote weg af waren ze nooit, te horen aan de geluiden in de verte. Uiteindelijk kwamen ze uit bij de watervallen van Coo. De rivier de Amblève stortte zich hier in een paar watervallen naar beneden. Net als alle andere toeristen - want dit was dus echt een toeristische trekpleister - bekeken Rinze en Karl het van enige afstand. Extra geld betalen om het van heel dichtbij te mogen zien, vonden ze het niet waard. Zo spectaculair was het nou ook weer niet. Ze namen een ijsje op het terras, waarna ze de weg weer overstaken op weg naar de uitkijktoren. Dat was een flinke klim, maar het uitzicht was meer dan de moeite waard. Op de terugweg was het warm, heel warm en al snel ging de bovenkleding uit. Iets dat het er niet bepaald koeler op maakte, maar wel goed was voor het ontwikkelen van een mooi gekleurd lijf. Terug op het vakantiepark lieten ze zich in de stoelen op de veranda neervallen, om met de tong uit de mond bij te komen van de vermoeienissen.

"Eigenlijk te warm om zo'n eind te wandelen," concludeerde Karl.

"Word je oud, makker?" plaagde Rinze hem.

"Nee, dat niet maar het was zeker op de terugweg mij iets te warm. Het tempo gaat er dan behoorlijk uit en dan duurt het eind naar huis zo veel langer dan het op de heenweg leek."

"Leek is het goede woord, Karl, want heen en terug is het natuurlijk precies even lang."

"Ja! Dat weet ik ook rare! Maar… " Karl stopte toen hij het lachende gezicht van Rinze zag en wist dat deze hem de gek aanstak. "Ik praat niet meer met je!"

"Eindelijk rust!"

Karl stond op en opende de deur van hun huisje. Hij liep meteen door naar de douche, ging uit de kleren, schakelde het water in op koud, draaide de douchekraan open en stapte onder het heerlijk verkoelende water.

"Douche jij tegenwoordig alleen?" vroeg Rinze, toen hij de badkamer binnenkwam.

"Ja, omdat het water ons hier geen cent kost, kunnen we dat best doen!"

Eventjes dacht Rinze dat Karl het serieus meende, maar toen de straal met ijskoud water hem trof, wist hij dat het gewoon spel was. Snel stapte Rinze uit zijn schoenen en met de rest van zijn kleren nog aan kwam hij bij Karl in de douchebak staan. Karl zorgde ervoor dat Rinze uitgekleed werd. Het koude water deerde hen niet. De vuur van de liefde deed zijn werk en verwarmde hen van binnen.



Reacties zijn van harte welkom op de site waar dit verhaal legaal geplaatst is maar ook via mijn e-mailadres: lucky_eye2@yahoo.co.uk



©Lucky Eye, december 2018 (herziene versie)
Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de houder van het auteursrecht.

Lucky Eye
Berichten: 144
Geregistreerd: zaterdag 07 februari 2015 16:42
Woonplaats: Zwolle
Ontvangen Bedankjes: 138 keer
Bericht Re: VRIJGEVOCHTEN door Lucky Eye » zaterdag 26 januari 2019 08:03

Hoofdstuk 17

Na het waterballet en een langdurige vrijpartij lagen ze nog lang in elkaars armen. Hun lichamen waar maar mogelijk verstrengeld, kusten ze elkaar met kleine kusjes en geile tongzoenen. Handen speelden een subtiel spel over nog steeds verhitte lichamen totdat ineens het geluid van Karls mobieltje begon te klinken.

"Oppakken of laten voor wat het is?" vroeg hij.

"Oppakken natuurlijk, suffie!" Rinze ontworstelde zich aan het kluwen dat ze vormden en rende naar de badkamer, waar Karls broek nog lag. "Rinze!" meldde hij zich, nadat hij de groene knop had ingedrukt. Het was Matthieu.

"Hé vriendje van mijn kleine broertje. Alles goed bij jullie?"

"Ja hoor, het gaat hier lekker," reageerde Rinze terwijl hij naar de slaapkamer terugliep. "Heb je nieuws?"

"Yep, maar het is niet echt leuk."

Rinze viel stil.

"Ben je er nog?"

"Ja, sorry. Ik was even van mijn stuk gebracht er is toch niet iets ergs gebeurd hè?"

"Nee, dat niet gelukkig! Je moeder nam vanmiddag laat contact op met Nijsingh. Ik kreeg het gesprek meteen door zoals afgesproken, maar heb haar niet van mijn goede bedoelingen kunnen overtuigen. Ze was enorm gespannen, had ik het idee en heel wantrouwend op de een of andere manier. Ze wilde de man spreken waarmee ze eerder gesproken had en niet mij. Toen ik probeerde het uit te leggen, hing ze op."

"Dat is erg vervelend."

"Ja, want er was geen nummerweergave en bovendien was het gesprek te kort om op een andere manier het nummer te kunnen achterhalen."

Rinze begreep dat Matthieu echt alles op alles had gezet om uit te vinden waar zijn moeder op dit moment was.

"En dus zijn we geen stap verder gekomen," sprak Matthieu op sombere toon.

"Probeer het eens bij de telefoniste Matthieu!"

"Hoezo?"

"Nou," begon Rinze uit te leggen, "als mijn moeder opbelt naar bijvoorbeeld de tandarts in Zwolle en er wordt aan de andere kant opgenomen dan opent ze het gesprek altijd met: 'met mevrouw Van der Weide uit Heino'. Misschien heeft ze zoiets vanmorgen ook gedaan."

"Een geweldige vondst van je, Rinze! Goed dat je dat te binnenschoot, jongen! Ik hang meteen op en probeer het te achterhalen."

"Maar het is al avond, man!"

"Wie voor Matthieu van Houthem werkt, werkt 24 uren per dag 7 dagen per week, jungske!" En hij legde neer.

Rinze ging op de rand van het bed zitten en liet zich door Karl in bed trekken, maar van echt vrijen kwam het niet meer. De jongen was te gespannen. Het bericht over zijn moeder maakte hem ongerust en dat was te merken. "Waarom zou ze zo gespannen geweest zijn en waarom heeft ze je broer niet durven vertrouwen?"

Karl beet op zijn lip en dacht na. "Wantrouwen dat in de loop der jaren is ingebakken, denk ik."

"Je bedoelt vanwege de kerk en de mensen daarin bijvoorbeeld?"

"Zou misschien heel goed kunnen, maar het is niet meer dan gissen van mijn kant. Vergeet dat niet."

"Denk je dat ze vaak door mensen teleurgesteld is geweest?"

"Ik weet het niet, lieverd en probeer je er geen zorgen over te maken. Je moet proberen vooruit te kijken."

"Maar het heeft wel gevolgen voor het nu. Want op dit moment durft zij dus Matthieu niet te vertrouwen en krijg ik dus geen contact met haar!"

"Daarin heb je helemaal gelijk. Maar helpt het je als jij je hier zorgen gaat zitten maken?"

Rinze overdacht het en kwam tot de conclusie dat Karl gelijk had. Het zou hem inderdaad helemaal niets helpen als hij zich hier te sappel zou gaan zitten maken over hoe de zaak ervoor stond. "Je hebt gelijk Karl. Dat helpt me… ons echt niet. Maar snap je hoe nutteloos ik me voel op dit moment?"

"Ja lieverd. Dat snap ik best." Hij sloeg een arm om Rinze's schouder en trok hem tegen zich aan. "Hetzelfde geldt voor mij, lieve jongen. Ik zie dat jij je ongerust maakt over je moeder en ook ik kan niets doen. Niets doen om jou rust te laten krijgen want zolang jij niet met je moeder verenigd bent, weet ik dat jij geen echte rust zult hebben."

"Stom van me?"

"Nee Rinze! Absoluut niet stom. Morgen gaan we terug naar Euverem. Dan zijn we in elk geval sneller bij je moeder dan wanneer we van hieruit moeten vertrekken."

"Ik jaag je wel op kosten."

"Hoezo?"

"Je hebt voor de hele week hier betaald en we …"

"Niet zeuren schatje. Geld speelt geen rol."

"En die rekening van je broer dan?"

Karl keek Rinze met ogen groot van oprechte verbazing aan. "Denk je echt dat hij me een rekening zal sturen?"

"Niet dan?"

Karl verborg zijn gezicht in Rinze's krullenbol en kuste hem. "Echt niet, Rinze. Zo gaat dat niet bij ons in de familie. We helpen elkaar als dat nodig is en we houden niet bij wie wat voor wie gedaan heeft en met geld heen en weer schuiven, doen we al helemaal niet!"

"Maar die opmerkingen van hem dan?"

"Plagerijtjes Rinze. Dat heb je in grote families en dat is iets dat jij niet gewend bent dus. Je zult eraan moeten wennen schatje. Mijn ma en pa zullen je uit de wind houden als ze de kans krijgen maar de rest zal je uitproberen zoveel als ze kunnen."

"En jij? Steek jij ook een vinger uit om me te helpen?"

"Echt niet! Je moet er maar aan leren wennen!"

"O lekkerrrrr, dus ik kan mijn borst alvast nat maken."

"Mmm geen slecht idee schatje om opnieuw te douchen."

Rinze gaf zijn vriend een stomp.

"Ik weet een heel lekker standje voor onder de douche."

Een tweede aanval volgde en meteen daarop ging de telefoon. Het was Matthieu. De ingeving van Rinze bleek een goede te zijn geweest. Matthieu had telefonisch contact gehad met de secretaresse. Nadat hij haar verteld had waar hij naar zocht had ze een korte weergave gegeven van het gesprek. Een volledige plaatsnaam was er niet genoemd. Eerst had Rinze's moeder zich alleen maar gemeld met haar naam, maar de secretaresse, die wist dat Matthieu naar haar op zoek was, had speciaal gevraagd waar ze vandaan belde. Ze had deze willen noemen, maar het uiteindelijk ingeslikt en niet geheel en al uitgesproken. Matthieu meldde trots dat het ging om een plaatsje dat begon met 'Valt…' of iets dergelijks. Het register van 'Het Grote Boek van de Weg' had hem Valthe en Valthermond opgeleverd.

"Zegt je dat iets? Familie of zo, ik weet dat ik het eerder gevraagd heb, maar …?"

"Absoluut niet. De familie van mijn vader komt allemaal uit Gelderland en van mijn moeders kant is er geen familie meer."

"Beide plaatsjes liggen in Drenthe," ging Matthieu verder. "En Emmen is dan inderdaad het dichtstbijzijnde station. Oké, wat nu?"

Rinze viel stil omdat hij het echt eventjes niet wist.

"Doe me mijn broertje maar," zei Matthieu, toen Rinze niet meer leek te antwoorden.

En terwijl Rinze nog steeds wezenloos voor zich uitstaarde en zich het hoofd pijnigde over het feit wat zijn moeder in hemelsnaam in die regionen deed, bespraken de broertjes van Houthem de plannen. Toen ze alles geregeld hadden en elkaar gegroet hadden, schudde Karl Rinze wakker uit zijn overpeinzingen.

"Kom op makker. Aankleden en de spullen inpakken."

Rinze reageerde haast niet, zo diep zat hij nog in zijn hoofd.

"We gaan naar Euverem, schat. Binnen anderhalf uur zijn we daar en dan gaan we morgen naar Drenthe. O, zowat vergeten, heb je een foto van je moeder?" Toen Rinze nog niet reageerde, trok Karl hem van het bed omhoog, ging recht tegenover hem staan en zette zijn handen op de bovenarmen van de jongen. "Rinze!" riep hij. Toen pas 'ontwaakte' de knaap.

"Oké, wat gaan we doen?"

Karl lachte. "Heb je iets meegekregen van wat ik verteld heb?" Toen Rinze zijn hoofd schudde deed Karl zijn verhaal nog een keer om opnieuw te eindigen met de vraag naar de foto.

"Ja, die heb ik maar het is wel een oude."

"Dat maakt niet uit."

Rinze dook in zijn rugzak en haalde de foto's eruit die hij uit het album had gehaald op de avond dat hij van huis vluchtte. "Zijn deze goed?" Rinze liet de foto's aan Karl zien en deze koos de meest geschikte foto eruit. Eentje waarop zijn moeder alleen stond en duidelijk was te herkennen.

"Kom op, aankleden en dan rijden we naar de receptie in de hoop dat ze deze foto voor ons kunnen faxen."

Bij de receptie waren de lichten echter al uit, maar Karl was niet voor één gat te vangen. Hij liep naar het restaurant en vroeg daar of ze hem wellicht konden helpen. De bereidwilligheid was er en de jongen achter de bar ontsloot het kantoortje achter de receptie en wees hen het faxapparaat. Met de opmerking dat ze de sleutel straks even terug moesten brengen, liet hij hen alleen. Karl bekeek het apparaat oppervlakkig, legde de foto op de daarvoor bestemde plaats, tikte het nummer in dat hij van Matthieu had gekregen en drukte ten slotte op de groene knop die ervoor zorgde dat het apparaat begon met verzenden. Ze brachten de sleutel van het kantoortje terug naar de jongen achter de bar en overhandigden hem ook de sleutel van het huisje. Hij zou het de volgende ochtend afgeven aan de receptie zo beloofde hij. In de auto gezeten, vroeg Rinze Karl expliciet om wel voorzichtig te rijden.

'We hebben geen haast,' zo sprak hij, 'en ik wil wel dat we heelhuids aankomen.'

Karl bezwoer hem dat hij voorzichtig zou zijn, zoals hij altijd was en dat ze de tijd aan zichzelf hadden en dat er dus geen enkele reden was tot haast. Rinze was gerustgesteld en kuste Karl op zijn mond. Toen ze uitgekust waren, belde Karl zijn moeder op om te zeggen dat ze eraan kwamen. Daarna draaide hij de sleutel in het contact om, startte de motor en reed het park af, de donkere weg op.


Ruim een uur later reden ze de verlichte oprijlaan van Karls thuis in Euverem op. Hanna kwam meteen naar buiten en verontschuldigde Toine, want die was al naar bed gegaan. Karl vroeg bezorgd als hij was of zijn vader zich niet goed voelde, maar zijn moeder wimpelde dat meteen weg.

"Pa voelt zich prima, jongen en heeft weer helemaal het idee dat hij erbij hoort."

"Hoe bedoel je, ma?"

"Nou, sinds Matthieu naar Zwolle is gegaan, houdt hij toezicht op kantoor en dat gaat hem goed af. Het geeft hem het gevoel dat hij niet gemist kan worden." Een knipoog volgde. Rinze kon er geen touw aan vastknopen en vroeg om uitleg.

"Hoe bedoelen jullie, want ik snap er even niets van! Ik heb begrepen dat je vader gestopt is met werken en dat hij dat best lastig vindt, maar was er een aanleiding dan om te stoppen met werken voor hem?"

"Kom nou maar eerst binnen, jongens dan praten we tijdens het eten wel verder, want je ziet er hongerig uit, Rinze."

"Mam, je moet die jongen niet volstouwen met eten."

"Hou je mond, jij," reageerde Rinze plagerig, "je moeder kent me beter dan jij! Ja mam, ik heb best zin in eten!"

Tijdens de soep met brood hoorde Rinze het verhaal over Karls vader. Zijn eerste hartaanval zes jaar geleden, die hem waarschuwde om rustig aan te gaan doen, maar die waarschuwing werd in de wind geslagen. Niet uit onwil maar puur en alleen omdat hij het werk zo mooi vond en dat het zoveel voldoening gaf. Vorig jaar was er een tweede hartaanval gekomen en toen was het echt kantje boord geweest dat Toine het er goed vanaf bracht. Toen was inderdaad dus ook gesteld door vrouw en kinderen, dat hij zich definitief moest terugtrekken uit de zaak. Met veel gemopper en tegenzin had hij uiteindelijk daarin toegestemd maar het was niet van harte gegaan. Het was meer het inzicht dat het nodig was, dat het tijd werd om wat rustiger aan te doen. Realiteitszin tegenover compassie.

"Moet heel moeilijk voor hem zijn geweest," stelde Rinze.

"Zeker," zei Hanna, “maar ik heb hem liever nog een tijdje bij me, jungske."

"Ja, dat kan ik me ook heel goed voorstellen."

"En nu met Matthieu’s afwezigheid heeft hij de open plek ingevuld dus?" vroeg Karl.

"Ja. Niet uit eigener beweging hoor, maar omdat Matthieu het hem heeft gevraagd en juist dat heeft je vader ontzettend goed gedaan. Je broer heeft hem heel nauw betrokken bij de zaak en daar zag je hem gewoon van opbloeien. Je vader heeft het contact gelegd met die oude advocaat in Zwolle, toen bleek dat zijn zoon niet aanwezig was en via-via hebben ze dan de jongeman… ik ben zijn naam kwijt… "

"Nijsingh," vulde Karl in.

"Ja die! Toen hebben ze dus de jonge Nijsingh kunnen bereiken op zijn vakantieadres. En nu zou hij morgen het liefst met jullie meereizen naar Valthermond, om daar actief mee te werken aan de zoektocht naar je moeder, Rinze, maar dat heb ik hem uit het hoofd weten te praten. Zoiets is niets meer voor hem. Ger en Michel reizen morgen met jullie mee." Rinze keek verbaasd bij het horen van de namen.

"Ook broers van Karl," lichtte Hanna toe. "Je hebt hem toch wel familiefoto's laten zien hè!" sprak ze lichtelijk verwijtend in de richting van haar jongste.

"Nee ma, daar hebben we nog geen tijd voor gehad. Ik ken hem nog maar zes dagen. En in die zes dagen hebben we het alleen maar druk gehad."

"Ik weet de aantallen wel," gniffelde Rinze, "maar over namen, behalve dan die van Anna, hebben we het nog niet gehad."

"Daar zal ik dan zorg voor dragen," zei ze, stond op, liep naar de boekenkast en kwam terug met een fotoalbum. "Het lijkt me het beste om dan maar te beginnen met het album van vorig jaar zomer," zei ze nadat ze naast Rinze aan tafel was gaan zitten. Ze sloeg het boekwerk open en begon mensen aan te wijzen en namen te noemen. Ze deed het heel gestructureerd. Ze benoemde eerst haar eigen kinderen en de aangetrouwden en pas in een later stadium kwamen de kleinkinderen aan de beurt. Toen ze zag dat het Rinze na enige tijd duizelde, klapte ze het album dicht. "Een andere keer gaan we wel verder, jungske. En het is echt niet erg als je de namen allemaal weer vergeet."

Ze aten hun soepkommen leeg en toen Rinze nog wel wat lustte en Karl bedankte voor een tweede kom, zei Hanna hem dat hij de bagage maar naar binnen moest halen. Karl liet zich sturen door zijn moeder. Heel vertrouwelijk begon Hanna met Rinze te praten.

"Laat je morgen niet gek maken door die clowns van zonen van mij, Rinze."

"Hoe bedoel je?" vroeg Rinze.

De rest van het gesprek werd op fluistertoon met elkaar gevoerd en toen Karl binnenkwam onderbraken ze het fluisteren zelfs even en wachtten tot hij naar boven was verdwenen. Daarna ging het weer op vertrouwelijke toon verder. Bij de terugkomst van Karl werd het gesprek beëindigd en afgesloten met een vette knipoog over en weer.

"Hebben jullie geheimpjes voor mij?" wilde Karl weten.

"Nee hoor, schat," sprak Rinze. "Je moeder heeft me alleen maar een paar familieroddels verteld en die weet jij allang."

Karl trok een gezicht waarmee hij aangaf er geen woord van te geloven, maar drong niet verder aan. Het was al ver na elven en tijd om naar bed te gaan.

"Hoe laat zijn Ger en Michel hier morgen?" vroeg hij zijn moeder.

"Ze vonden acht uur een mooie tijd om te gaan rijden en dus zullen ze er dan ook zeker zijn," zei Hanna, haar zoons kennende. "Dus ga nu maar slapen jullie, dan zijn jullie morgen fris als je weer zo'n eind moet rijden."

De nachtzoenen werden gegeven en daarna togen de jongens naar de tweede verdieping van Karls ouderlijke huis. Na hun tanden gepoetst te hebben, kropen ze in bed. Van slapen kwam echter nog niets. Ze waren beiden te wakker en te speels. Rinze had zijn hand al meteen in Karls kruis begraven en deze streelde met de zijne over de rug van zijn vriendje. Een tijdje speelden ze zo met elkaar tot Rinze fluisterend het woord nam.

"Karl?"

"Ja."

"Zou je mij willen neuken?"

Karl keek verbaasd. Natuurlijk wilde hij dat dolgraag maar eigenlijk had hij niet verwacht dat Rinze er op dit moment mee zou komen. Hij wist dat de jongen gespannen was, hij wist dat hij zich niet echt helemaal op zijn gemak voelde en dan toch deze vraag?

"Ik weet wat je nu allemaal denkt, Karl van Houthem," zei Rinze terwijl hij zijn vriend speels bij zijn oor beetpakte. "En echt ik wil het heel graag. Ook al ben ik nu wat gespannen door allerlei dingen die er zich om ons heen afspelen, ik wil het heel erg graag. Eén keer moet mijn eerste keer zijn schat," zei hij terwijl hij Karl op zijn mond kuste. "En waarom dan niet nu?"

"Omdat je er de eerste keer waarschijnlijk niet echt van zult kunnen genieten en dat is wat ik je gun, Rinze. Dat je er met volle teugen van geniet."

"Ik heb altijd begrijpen, schat, dat een eerste keer nooit de allerbeste ervaring is."

"Ja, denk dat je gelijk hebt," reageerde Karl instemmend. "Tenminste mijn eerste keer was absoluut niet lekker en van Leo heb ik begrepen dat die het die eerste keer ook helemaal niets vond."

"Dus…"

Karl lachte. "Dus met andere woorden, ik voel me al kut, dus laten we dit dan ook maar doen?"

"Nee, schat! Zo bedoel ik het niet!" En Rinze kneep nog eens stevig in Karls oor. "We hoeven er voor mij geen speciale ceremonie van te maken die eerste keer. Het hoeft niet bijzonder romantisch of zo te zijn. Ik wil geen spektakel zo van kijk eens wat we nu doen! Het is gewoon een eerste keer en ik hoop dat er nog heel veel keren zullen komen. Ik wil het gewoon meegemaakt hebben en als het die eerste keer niet lekker is, oké. Het maakt me niet uit. Ik hou van jou, Karl."

"En dat wil je bewijzen door mij dat te gunnen?"

"Nee, daar is geen sprake van! Ik wil het alleen omdat ik het wil!"

"Dan is het goed, lieverd. Want dat maakt dus voor mij het verschil." Ze glimlachten naar elkaar nu ze wisten dat het om de juiste redenen zou gebeuren en dat er geen sprake was van een verplicht nummertje, dat afgewerkt moest worden om het een of ander te bewijzen. "Zal ik het voortouw nemen?"

Rinze knikte. Karl stelde voor dat de jongen zijn pik zou berijden. Daarbij kon hij zelf bepalen hoe snel en hoe diep de penetratie zou gaan. Rinze leek dat een goed idee, want hoewel hij heel graag wilde, was er toch iets van angst. Angst voor iets dat hij niet kende. Maar bovenal voelde Rinze de wil om het te doen. Om te willen weten hoe het zou zijn volledig met Karl verenigd te zijn. Karl liet de jongen eerst op handen en knieën op het bed plaatsnemen. Hij ging achter hem zitten en streelde de mooie, gladde billen. Geen reden nog om daar met een scheermes overheen te gaan, dacht hij. Glad van zichzelf, mmm. Daarna deed hij de billen iets uiteen en bracht zijn tong tegen de bilspleet aan. Langzaam maar zeker van zijn zaak begon hij hem te likken. Eerst de hele spleet en later alleen het gaatje. Zijn tong ging in Rinze en deze kreunde diep. Het was een heerlijk gevoel. Karl deed zijn best om de jongen te laten genieten, omdat hij wist dat wat hij straks zou gaan doen in het begin absoluut niet genieten zou zijn. Hij kende het gevoel goed en nog steeds deed de penetratie hem pijn. Toen Karl het idee had dat de jongen glad genoeg was, pakte hij uit zijn tas het glijmiddel, waarmee hij het gaatje goed insmeerde. Samen met zijn speeksel zou dat het gemakkelijker moeten maken om de jongen straks zijn pik te laten berijden. Toen hij met dit karweitje klaar was, smeerde hij ook zijn eigen harde lul in om vervolgens op zijn rug op het bed te gaan liggen. "Kom op me zitten, liefje."

Rinze deed wat hem gezegd werd. Hij plaatste een knie aan weerszijden van Karls lichaam en na wat heen en weer schuiven op aangeven van Karl had hij het idee dat zijn gaatje nu precies boven Karl stijve moest zijn. Karl pakte zijn harde beet en Rinze liet zich naar beneden zakken. Nee, nog niet helemaal goed. Rinze verschoof nog iets en toen hij het opnieuw probeerde, voelde hij Karls flink natgemaakt eikel tegen zijn gaatje duwen. Hij beet zich op zijn lippen.

"Nog niets gebeurd toch?" informeerde Karl.

Rinze schudde het hoofd en zei dat hij een schijterd was.

Karl suste hem. "Je bent niet een schijterd lief! Je hebt gezegd dat je het wil maar je kunt nog altijd terug hoor."

Daar wilde Rinze echter niets van weten. Hij probeerde het opnieuw. De natte eikel duwde tegen zijn gaatje. Hij haalde diep adem en bij de uitademing duwde hij zichzelf op de rechtopstaande worst. Het ding kwam naar binnen. Rinze slaakte een kreet. Hij had het idee helemaal in brand te staan. Alsof de spieren daar probeerden te verhinderen dat het zou gaan gebeuren. Karl gaf aanwijzingen hoe Rinze zich zou kunnen ontsnappen en legde uit dat de kringspier opgerekt werd en dat dat een heel branderig gevoel kon veroorzaken. Rinze voelde het inderdaad zo. Hij beet opnieuw op zijn onderlip maar haakte niet af. Niet nu, nu het ding er al een eindje in zat.

"Wip iets omhoog, schat," adviseerde Karl, "om je dan vervolgens weer te laten zakken." Karl hield hem nu bij zijn schouders beet, zo voorkomend dat Rinze te ver omhoog zou wippen en de eikel het warme plekje zou verlaten. Rinze haalde opnieuw diep adem, ging iets omhoog en liet zich weer zakken. Een nieuwe kreet klonk. De eikel ging dieper erin. Karl werkte iets mee door zijn heupen omhoog te werken op het moment dat zijn vriend zich naar beneden liet zakken. Rinze vond het niet erg. Er was dan wel afgesproken dat hij zelf kon bepalen hoe snel en hoe diep het zou gaan maar bij het bedrijven van de liefde waren er nou eenmaal altijd twee partijen, nietwaar?

"En wat je ook zou kunnen proberen is, is zelf druk te zetten op je darm alsof je moet poepen," stelde Karl voor. "Je was toch een schijterd!"

Toen Karl begon te lachen gaf Rinze hem een mep. Hij paste het voorgestelde toe en inderdaad, het werkte. Na enige tijd liet Rinze de omzichtigheid voor wat het was en wachtte niet meer op de aanwijzingen van Karl. Met de gekregen instructies ging hij uit zichzelf omhoog en liet zich weer zakken. God nog aan toe! Het deed pijn, maar hij voelde wel hoe de stijve van Karl dieper naar binnen ging. De spanning in de kringspier was er nog steeds maar het werd langzaamaan minder branderig. Opnieuw omhoog en weer terug naar de basis, dacht Rinze bij zichzelf bij de volgende beweging. Dit keer ging het ding er wel heel ver in en eventjes had hij het gevoel dat de adem hem benomen werd. Karl vroeg hem iets maar het drong niet tot hem door. Het was een vreemd gevoel in zijn achterste, maar tegelijkertijd wist hij dat ze enorm met elkaar verbonden waren op dit moment en dat maakte alle pijn en rare fysieke gevoelens ongedaan voor hem. Opnieuw maakte hij dezelfde beweging en meteen daarna nog een keer. Elke keer schoof Karls ding ietsjes verder naar binnen. Rinze bemerkte dat hij nu hij zelf in beweging bleef Karl zijn heupbewegingen had gestaakt. Hij wilde niet te gehaast dus. Rinze glimlachte naar Karl en strekte een hand naar hem uit. Karl pakte deze beet en hun vingers verstrengelden zich. De volgende twee bewegingen kwamen en toen die beëindigd waren, had Rinze het gevoel helemaal volgestopt te zijn met het geslacht van zijn maat. Karl kreunde onder hem en zei opnieuw iets. Rinze moest het navragen, want wederom had hij het niet goed gehoord.

"Ik zit helemaal in je schatje," herhaalde Karl enigszins hees zijn opmerking.

Rinze keek alsof hij het niet kon geloven. "Echt waar?"

"Ja, schat! Je bent nu echt van mij! En wip eens wat door, lief, want ik hou het niet langer haast!" De laatste opmerking ging vergezeld van een vette knipoog.

Rinze wipte een behoorlijk eind omhoog en liet zich weer zakken. Het was geen kreet dit keer die over zijn lippen kwam, maar veeleer een diepe kreun. Karl deed precies hetzelfde. Nogmaals ging de jongen omhoog om meteen daarna de harde stang weer geheel en al te omhelzen. Op dat moment spoot Karl zich leeg. Rinze voelde de eruptie in zich en sloot zijn ogen. Hij wilde het voelen met hart en ziel en er zich helemaal op kunnen concentreren.



Reacties zijn van harte welkom op de site waar dit verhaal legaal geplaatst is maar ook via mijn e-mailadres: lucky_eye2@yahoo.co.uk



©Lucky Eye, december 2018 (herziene versie)
Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de houder van het auteursrecht.

Lucky Eye
Berichten: 144
Geregistreerd: zaterdag 07 februari 2015 16:42
Woonplaats: Zwolle
Ontvangen Bedankjes: 138 keer
Bericht Re: VRIJGEVOCHTEN door Lucky Eye » zaterdag 26 januari 2019 08:05

Hoofdstuk 18

Die vrijdagochtend werd Rinze met een knallende hoofdpijn wakker. Te weinig slaap gehad, zo concludeerde hij. Karl lag uitgestrekt - het meeste van het bed in beslagnemend - naast hem en zag er wondermooi uit, zo vond hij. Het lichaam van de jongeman was echt bekoorlijk te noemen. Mooi egaal getint met uitzondering dan van de plek rond zijn middel. Een mooie borstbeharing, die van Rinze eigenlijk best iets wilder mocht zijn. Mmm gewoon te gek die vent, ging het door zijn hoofd. Zijn ontmaagding van de afgelopen nacht was, voor hem althans, een groot succes geweest en hij had het idee dat Karl er ook van had genoten. Het ging daarbij niet alleen om het neuken op zich, maar voor hen beiden veel meer om het feit dat ze ook in deze constructie, Rinze als ontvangende partij, volledig één waren geweest.

Terwijl Rinze zo steeds geiler wordend naar zijn vriend lag te kijken, bevreemdde het hem ineens dat deze nog niet wakker was. Had hij niet gezegd altijd vroeg wakker te zijn? Vandaag was waarschijnlijk dus een uitzondering op die regel. Rinze bleef rustig liggen en probeerde de geluiden in huis te lokaliseren. Hij hoorde Hanna schuifelen in de keuken en hoorde ook het sloffende geluid dat Toine maakte. Het waren rustgevende geluiden naar Rinze's mening. Geluiden die gewoon bij de ochtend hoorden, want toen hij op de wekker keek, zag hij dat het bijna acht uur was. Toine zou straks waarschijnlijk naar kantoor gaan en Rinze wilde hem toch wel even gezien hebben voor ze straks zouden vertrekken. Dus langer liggen wachten totdat Karl wakker werd, deed hij niet. Zo voorzichtig mogelijk stapte hij uit bed. In de badkamer douchte hij zich goed maar wel snel, om zich daarna aan te kleden in de slaapkamer. Zijn activiteiten maakten zijn slapende vriend niet wakker. Toen Rinze de gang op liep, merkte hij dat de geluiden beneden inmiddels waren veranderd. Er was een stuk meer lawaai te horen en Rinze kon de geluiden absoluut niet thuis brengen. Rinze daalde de trap af en liep vervolgens de lange gang door. Aan het eind daarvan bleef hij bij de trap die naar de keuken leidde staan.

"Het is echt acht uur geweest, Ma! We zijn speciaal zo vroeg voor hen hierheen gekomen en nu zijn zij nog niet klaar!"

"Ik zal ze wakker maken!" riep een tweede stem.

"Als je het maar laat, jongeheer!" klonk de stem van Toine met een dreigende ondertoon en duidelijke stemverheffing. "Die twee hebben heel wat zorgen gehad en het is hoog nodig tijd dat ze eens goed uitslapen."

"Dan hadden ze ons niet om acht uur hierheen moeten halen," kwam het commentaar.

Rinze begreep inmiddels dat het de broers van Karl moesten zijn die stampij aan het maken waren. Wat hij niet kon vaststellen was of ze een spelletje speelden, of dat ze serieus waren. Iets, zo had Hanna hem gisteren toegefluisterd, dat met die twee altijd heel moeilijk te onderscheiden was. 'Het zijn echte clowns, Rinze,' zo had ze gezegd. 'Ze maken van het leven een lolletje en proberen altijd een ander te stangen.' En dat, zo vermoedde Rinze, was ook nu dus aan de gang. Maar Hanna en Toine waren wijs genoeg om zich niet door hun tweeling op de kast te laten jagen. Toen er opnieuw geroepen werd 'Ik zal ze wakker maken!' was waarschijnlijk een vermanende blik voldoende, want Toine hoefde niet opnieuw iets te zeggen.

"Uitslapen amehoela," klonk het. "Die twee zijn vast de hele nacht aan het bonken geweest!"

"En nou is het uit met jullie twee!" Hanna's stem sloeg over van verontwaardiging. "Mijn keuken uit! Wat moet onze gast wel niet van jullie denken, als hij dit soort taal zou horen!"

Rinze gniffelde zachtjes op zijn plaats boven aan de trap.

"Maar het zijn twee gezonde jongens Ma en die doen het ook met elkaar hoor! Dat weet je toch wel!"

Het werd met veel gelach uitgesproken, maar Rinze hoorde ook geluiden die erop wezen dat Hanna de jongens werkelijk naar buiten dreef.

"En waag het niet zonder Karl en Rinze weg te gaan. Jullie blijven op het erf!" De deur sloeg met een klap dicht.

Rinze kon zich amper goed houden.

"Stelletje dwazen!" verzuchtte Hanna. "Worden die twee ooit verstandig?"

"Ik denk het niet," bromde Toine.

Rinze besloot dat het tijd werd voor zijn verschijning. De kennismaking met Ger en Michel was voorlopig eventjes uitgesteld. Toen Hanna hem op de trap in het oog kreeg, vroeg ze meteen of hij honger had. 'Altijd,' had zijn antwoord geluid die hij had laten vergezellen van een brede glimlach.

"Heeft het gekrakeel hier van zojuist je wakker gemaakt?'' informeerde Toine.

"Nee Pa. Ik was al wakker, maar het leek me wel verstandig om eventjes te wachten, alvorens ik mijn gezicht hier liet zien," antwoordde Rinze terwijl hij naast Karls moeder aan tafel ging zitten.

"Je hebt het wel meegekregen dus?" vroeg Hanna met een bezorgde trek om het gezicht.

"Ja Ma en het is niet erg."

"Maar ze zijn soms zo grof in de mond," klonk het haast verontschuldigend.

"Ach… dat valt reuze mee. En naar ik begrepen heb van Karl kan ik dit soort plagerijen verwachten, nu ik deel uitmaak van een groot gezin."

"Maar als het kan… "

"Ik weet het Ma, zo zijn moeders. En ook vaders," voegde hij er meteen aan toe. De gedachte 'tenminste als je die van mij buiten beschouwing laat,' liet hij achterwege, maar de radar van Hanna pikte die toch op de een of andere manier op. Ze trok hem dicht tegen zich aan en knuffelde hem.

"Niet te veel aan denken, jungske."

"Ik doe mijn best."

"Oké," zo brak ze de knuffel af, "ik moet nog even de was in de wasmachine doen, ben zo terug." Toen Hanna verdwenen was, nam Toine het woord.

"Ben blij dat ik je nog even zie, jongen."

"Ik ook, Pa."

"Ik ben niet iemand die snel over zijn gevoelens praat, maar af en toe… dan komt het wel en dan moet ik het ook onder woorden brengen, anders spat ik uit elkaar."

Rinze werd nieuwsgierig naar wat Toine op zijn lever had.

"Ik wilde je eigenlijk alleen maar zeggen, dat je een heel speciaal plekje in mijn hart veroverd hebt. Ik ken je nog maar zo kort, maar toch heb ik dat gevoel voor jou. En bovendien heb ik het idee dat jij en Karl prima bij elkaar passen. Voor mij is er geen enkele twijfel dat jullie een prima paar vormen. Met Leo had ik dat gevoel jaren geleden ook, maar… die twee hebben elkaar niet voldoende tijd gegeven, zo heb ik het idee. Die twee andere vrienden van Karl deugden beiden niet. Niet voor hem in elk geval. En jij… jij bent zo… Ik weet gewoon niet hoe ik het moet zeggen, jongen."

Rinze zag een traan in de ooghoeken van Toine opkomen en was ontroerd.

"Dank je, Pa. Ik heb ook het idee dat we voor elkaar gemaakt zijn, zoals dat zo mooi heet."

"Ja, dat is ook zo, jungske! Maar laat dat soort ideeën je er niet van weerhouden om Karl af en toe eens flink tegengas te geven hoor! Soms kan hij vreselijk koppig zijn en dat hoef je van hem niet te pikken. Ook niet voor de lieve vrede!"

Rinze lachte.

"Hanna en ik zijn al," er werd gerekend zo merkte Rinze, "al bijna 50 jaar bij elkaar en af en toe eens flink knallen, heeft alleen maar nieuwe, betere inzichten gebracht. Geloof me!"

"Misschien heb ik de indruk gewekt dat ik over me heen laat lopen, maar wees maar gerust Pa, dat is echt niet het geval. Ook ik weet wat ik wil en kan een behoorlijke stijfkop zijn!"

"Prima instelling, jungske en nu… nu moet ik vertrekken, want anders kom ik te laat op kantoor." Toine stond op, liep om de tafel heen en nadat ook Rinze was opgestaan, werd er opnieuw geknuffeld. "Zoon, ik heb je lief!"

Rinze wist niet wat te moeten zeggen. Hij kon ook niets meer zeggen, want de tranen verstikten hem en liepen hem over de wangen.

"Niet huilen, jungske. Alles is goed nu en wat nog niet goed is, dat komt goed, geloof me." Toine nam afscheid net op het moment dat Karl de trap afgelopen kwam.

"Oké!" zo sprak hij nadat hij Rinze een zoen gegeven had. "Heb ik iets gemist?"

"Ja, zeker wel. Dat krijg je ervan als je niet op tijd weet op te staan," reageerde Rinze prompt, terwijl hij zijn tranen wegveegde.

"Zeg uh, mag ik misschien eindelijk eens uitslapen."

"Hoho, niet mijn woorden hoor, maar die van die lieve broers van je."

"Oh sorry. Heb je ze al ontmoet?"

"Dat niet, maar ik heb wel hun optreden meegemaakt."

Karl keek hem niet begrijpend aan en Rinze legde het maar al te graag uit. Toen het hele verhaal verteld was, schudde Karl het hoofd.

"Die twee veranderen ook nooit."

Hanna kwam binnen en nadat ze Karl een zoen gegeven had, nam ze haar plaats aan tafel naast Rinze weer in. "Heeft de jongen je verteld van je broers?"

Karl knikte.

"Goede indruk hebben ze gemaakt die twee hè!"

"Ma die twee leren het nooit. Ze zijn als clown geboren en zullen ook zo sterven, terwijl hun leven één groot feest is geweest en misschien is dat niet eens zo gek bekeken."

"Ze doen het niet bewust, jongens! Ze kunnen gewoon niet anders!" voegde Hanna toe.

Er werd gelachen en wel zo hard dat het geluid buiten te horen moest zijn geweest, want de personen in kwestie openden de deur, staken hun hoofd om het hoekje ervan en vroegen bedeesd of ze weer binnen mochten komen. Toen werd er nog veel meer gelachen. Ger en Michel lachten mee en de dag was goed begonnen.

Tegen half tien pas, anderhalf uur achter op schema, reden ze het erf af, uitgezwaaid door Hanna. De reis naar Valthermond verliep rustig. Het was niet extreem druk op de weg en Ger en Michel wisselden elkaar om het uur af. Tegen het middaguur namen ze ruim de gelegenheid om ergens langs de snelweg te eten. Karl kreeg geen kans om te rijden in zijn eigen auto. Van zijn broers mocht hij rust nemen op de achterbank zolang hij en Rinze maar niet zouden gaan flikflooien met elkaar.

Al met al duurde de reis bijna 5 uur, zodat ze tegen half drie 's middags aankwamen bij het Best Western Hotel in Stadskanaal, dat een eindje noordelijker ligt dan Valthermond. Toen ze zich meldden bij de receptie werden ze meteen doorverwezen naar kamer 114 op de eerste verdieping. Daar ontmoetten ze Matthieu, die hen voorstelde aan Jan Holwerd van het bureau van Nijsingh in Zwolle. Met z'n zessen, zo legde Matthieu uit zouden ze die middag nog Valthermond en enkele andere plaatsen ingaan met de foto van Rinzes moeder in de hand om te kijken of zij ergens was gelokaliseerd.

Na de thee met gebak begonnen ze hun zoektocht. Ze splitsten zich op in groepjes van twee. Ger en Michel zouden naar Valthermond en Ter Apel gaan. Rinze en Karl zouden het centrum van Stadskanaal bezoeken en Jan en Matthieu gingen naar Nieuw Buinen en Tweede Exloërmond. Als dat niets zou opleveren, zouden ze voor morgen nieuwe plannen maken. De vraag die ze overal zouden stellen was of de mensen wellicht de vrouw op de foto herkenden en of ze haar de afgelopen dagen hier in de buurt ergens gezien hadden. Rinze en Karl vingen, waar en wie ze ook vroegen, overal bot. De bevolking wilde ook niet echt meewerken, zo leek het wel en op een gegeven moment bemerkte Karl dat een mevrouw, die ze net gevraagd hadden naar de foto te kijken, een politieagent aanschoot.

"Troubles, Rinze!" En met deze woorden schudde hij aan Rinzes mouw. Rinze keek op en zag de agent op hen afkomen.

"Kan ik de heren misschien helpen?" vroeg hij beleefd.

Karl overhandigde een visitekaartje van Matthieu, waarvan ze allemaal een stapeltje hadden gekregen en deed zijn verhaal. De agent bleek meelevend en zei dat ze wel even mee mochten gaan naar het bureau dat dichtbij was. Daar zou de agent bij zijn collega's navraag doen. Het leverde jammer genoeg niets op, maar er werd hen beloofd dat de hermandad een oogje in het zeil zou houden.

Toen ze elkaar tegen halfzeven uur in het hotel troffen, waren ze allemaal doodop. Veel gelopen, veel gepraat, veel vermoedens gehoord, maar nergens een echte aanwijzing dat Rinzes moeder hier gezien was. Iets om moedeloos van te worden dus. Ger en Michel gaven een imitatie van het plaatselijke dialect weer:

"ksal 't nait weten, mien jong," "olde foto naitwoar?" "Nai das te ondudeluk." Er werd gelachen. De clowns hadden succes en voegden er nog eentje aan toe: "Ze liek op de juf!" Toen bleef het stil.

"Was die niet leuk?" vroeg Ger.

Rinze en de anderen hadden meteen door dat de jongens een clou gemist hadden en dat het beter was geweest als ze zouden hebben doorgevraagd. Want hoewel Rinze zeker wist te weten dat zijn moeder geen familie had, zou hij het natuurlijk mis kunnen hebben. Matthieu richtte heel omzichtig zijn pijlen op de tweeling. Rinze begreep maar al te goed dat hij zijn broers geen verwijten wilde maken, maar dat hij ook het onderste uit de kan wilde halen wat informatie betrof.

"Waren jullie toen in Valthermond zelf?"

De tweeling knikte.

"Was dat in de buurt van een school?"

Dat bleek niet het geval te zijn.

"Ging het om een bepaald soort juf?"

Ger en Michel keken elkaar aan en begrepen nu ook - zo zag Rinze - dat ze iets over het hoofd gezien hadden. Meteen kwamen de verontschuldigingen. Matthieu wuifde ze allemaal weg.

"Geen enkel probleem jongens. We zijn met elkaar al de hele dag in touw en dan kunnen dit soort dingen gebeuren. Wie loopt er even naar de receptie en vraagt om een 'Gouden Gids' en een telefoonboek voor me?"

De tweeling was bereid om dat te doen, waarschijnlijk in een poging om hun misser goed te maken. Toen ze terugkwamen, begon Matthieu meteen te bladeren. Hij zocht onder 'scholen' en stuitte op twee basisscholen in Valthermond zelf en besloot die het eerst dan maar te proberen. Eerst probeerde hij de christelijke basisschool. Het duurde lang voor er opgenomen werd en toen kreeg hij één van de schoonmaaksters aan de lijn. Op zijn allercharmantst probeerde hij de informatie die hij wilde hebben uit haar los te krijgen. De anderen gniffelden om zijn benaderingswijze, maar toen hij neerlegde en met stralende ogen 'BEET' riep konden ze niet anders dan respect voor Matthieu hebben. Hij was te weten gekomen dat op deze school geen juffrouw Wiltinghe werkte, maar op de openbare wel. Het was de juffrouw van de kleuterklas 1-2. Hij keek Rinze met glunderende ogen aan.

"Zou dat niet heel erg veel toeval zijn?"

"Ja, dat zou wel heel erg veel toeval zijn, maar…"

"Ik weet het jongen. Je hebt me al een paar keer verteld dat je moeder geen familie heeft en ik trek die kennis ook absoluut niet in twijfel, maar zou deze link toch wel heel graag willen volgen. Wat vind jij? Doen of niet doen?"

"Ja, laten we het proberen," sprak Rinze zonder erover na te hoeven denken.

Matthieu begon meteen te bellen en hoewel Rinze opnieuw barstte van de koppijn bleef hij toch nog even wachten. Als Matthieu gelijk had, wilde hij diens moment van triomf graag bijwonen. Hij draaide het nummer van de openbare school en kreeg ook daar iemand van het schoonmaakpersoneel aan de lijn. Die wilde echter niets bevestigen noch ontkennen. Hoezeer Matthieu ook zijn best deed, deze persoon was niet ontvankelijk voor de gladde praatjes van de advocaat. En uiteindelijk gaf hij het op met de mededeling van de schoonmaakster dat hij het maandag maar eens weer moest proberen als de school weer open was.

"Oké, niet gelukt dus," baste Matthieu, "maar dat wil niet zeggen, dat ik het opgeef. Ik probeer de directeur of zo wel te traceren."

"Maar als je het goedvindt, dan ga ik even liggen op mijn kamer. Ik barst van de koppijn." Karl stond op om met hem mee te gaan. "Nee, beter dat jij je broers en Jan blijft helpen," reageerde Rinze.

"Geen denken aan!" kwam Matthieu’s reactie. "Jullie doen al een paar dagen lang niets anders dan van de ene plek naar de andere crossen en mijn kleine broertje kan rust net zo goed gebruiken als jij. Dus hup! Allebei wegwezen. We eten om acht uur!"

"En niet bonken!" riep Michel hen na, toen ze Matthieu’s kamer verlieten. Alleen Ger moest lachen om de grap van zijn broer.

Op hun kamer ging Rinze meteen languit op het bed liggen. Karl zocht en vond in zijn toilettas de paracetamol en loste een tablet op in water voor hem. Een keus had Rinze niet, want Karl bleef wachten tot hij het glas had leeggedronken.

"Gatver," klonk het, terwijl Rinze rilde van afkeer.

"Niet zeuren, schat. Het is voor je eigen bestwil en nu ga je proberen te ontspannen."

"Ja baas," klonk het met een klein spoortje van ironie. Rinze strekte zich uit en hield zich stil om even later toch zijn mond weer te openen. "Kunnen we misschien die yogaoefeningen samen doen?"

Karl vond het een prima idee. Ze maakten wat ruimte in hun hotelkamer en even later begonnen ze, beiden slechts nog gekleed in hun boxer, aan de oefeningen. De ontspanning kwam bij Karl snel en ook Rinze voelde er baat bij. Na een half uurtje geconcentreerd oefenen, waren ze beiden moe maar ook geweldig relaxt. Ze gingen languit op het bed liggen. Karl pakte Rinze's hand beet en zo bleven ze geruime tijd liggen tot het gebliep van een mobieltje hen deed opschrikken.

"Die van jou?" vroeg Rinze.

"Nee, echt niet. Dit deuntje ken ik niet man!"

"Dan moet het die van mij zijn. De eerste keer dat ik hem hoor overgaan! Wie kent mijn nummer dan?" Hij sprong van het bed af en pakte zijn broek van de grond. Hij wurmde het toestel uit zijn broekzak en keek naar het scherm. "Een onbekend nummer! Wat moet ik doen?"

"Opnemen, lijkt me," reageerde Karl en dus deed Rinze dat.

"Hallo!"

Karl zag hoe de ogen van Rinze zich wijd opensperden en hoe zijn mond open viel.

"Mam! Ben jij het!"



Reacties zijn van harte welkom op de site waar dit verhaal legaal geplaatst is maar ook via mijn e-mailadres: lucky_eye2@yahoo.co.uk



©Lucky Eye, december 2018 (herziene versie)
Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de houder van het auteursrecht.

Lucky Eye
Berichten: 144
Geregistreerd: zaterdag 07 februari 2015 16:42
Woonplaats: Zwolle
Ontvangen Bedankjes: 138 keer
 

Plaats een reactie

Vorige
Volgende

Terug naar Lucky Eye

Wie is er online?

Gebruikers in dit forum: Geen geregistreerde gebruikers en 1 gast


cron