Verrassende verhalen, gedichten en andere teksten vanuit een gay perspectief


Forumindex  • Verhalen, gedichten en andere teksten  • Lucky Eye
 
Registreren
 
 
 

Verrassende verhalen, gedichten en andere teksten vanuit een gay perspectief

WIE DE SCHOEN PAST ...

Plaats een reactie

Bericht WIE DE SCHOEN PAST ... door Lucky Eye » zaterdag 09 februari 2019 07:42

Een verhaal van Lucky Eye

Disclaimer:
Dit verhaal is niet gebaseerd op feiten. Elke overeenkomst met gebeurtenissen, personen, plaatsen en tijden berust dan ook op toeval.



WIE DE SCHOEN PAST …




Hoofdstuk 1

Na een dag van hard werken kom ik doodmoe thuis. Ik werk in een drieploegendienst, vandaag van 6.00 uur tot 14.30 uur (met een half uur pauze), en houd me bezig met het onderhoud van grote machines. Een klus die de nodige kracht, technisch inzicht en niet bang zijn voor smerige handen en andere lichaamsdelen vereist. Gelukkig heeft mijn werkgever goede voorzieningen, zodat ik na het werk altijd fris gedoucht en schoon aangekleed naar huis kan.

Meteen vanaf school ben ik daar komen werken. Verder leren hoefde voor mij niet en bovendien kon ik meteen een baan krijgen, dus koos ik daarvoor. Ik werk met een vaste groep van drie collega's: allen oudere mannen van tussen de 30 en 60 jaar. Een prima stel kerels. Ze weten van aanpakken maar ook van een lolletje af en toe. Ze hebben me heel veel geleerd en nu na vier jaar werken ben ik bijna net zo goed als zij. Heel af en toe troeven ze me nog af met hun vakkennis, maar dat heeft gewoon te maken met de jarenlange werkervaring die zij hebben. Ooit zal ik net zo goed, of misschien wel beter, zijn als zij. Het leuke aan hen is dat zij me nooit echt als het 'broekie' hebben beschouwd. Vanaf de eerste dag, ik was toen nog maar zestien, was ik voor hen gewoon een collega. Ze weten ook dat ik homo ben, omdat ik daarover eerlijk geweest ben tegenover hen toen daar ooit een grapje over werd gemaakt. Na het werk douchen we altijd, omdat je er toch wel smerig van wordt. Ik heb altijd shampoo, douchegel en dat soort dingen bij me. Zij doen het meestal met een stukje zeep, omdat ze zich thuis waarschijnlijk nog een keer douchen. Maar … wat ik bij de baas kan doen, doe ik niet thuis. Toen ik op een dag met een handdoek om mijn middel bezig was mijn nagels schoon te maken met een nagelborsteltje zei Kees: 'Hé je lijkt wel een flikker man, zo netjes ben je op jezelf!' Voor mij was toen het moment gekomen om gewoon toe te geven dat ik op jongens viel. Het maakte me niet uit hoe ze erover zouden denken. Ik heb me toen naar Kees omgedraaid en hem gezegd dat ik het met jongens deed. Grote ogen alom. 'Het was maar een grapje hoor,' verdedigde Kees zich toen. 'Ja, maar van mij niet hoor. Ik doe het met jongens, omdat ik dat nou eenmaal fijn vind,' reageerde ik kalm.
We hebben toen met z'n vieren heel lang gepraat en ik kwam tot de conclusie dat ze er absoluut geen moeite mee hadden dat ik anders dan hen was. Gelukkig maar, want zoiets moet de werksfeer niet verpesten, toch? En dat zoiets de sfeer kan verpesten, weet ik nog heel goed van school.

Op de basisschool is er nog niets aan de hand. Ik ben me nog niet bewust van mijn anders zijn. Maar tegen m'n twaalfde beginnen de hormonen ook bij mij op te spelen en ontdek ik dat ik op jongens val. Eerst grote schrik en natuurlijk ontkenning, maar lang houd ik dat niet vol. Jongens zijn gewoon mooi om te zien en bij het zien van extreem mooie exemplaren, zoals Leonardo di Caprio, Tom Cruise of Brad Pitt krijg ik steevast een keiharde in mijn broek: duidelijk zat dus! Maar met het wegvallen van die twijfel beginnen ook de pesterijen. Ik weet niet hoe anderen het merken - misschien kijk ik teveel om me heen tijdens het douchen - maar het wordt opgemerkt. Ik hoor klasgenoten met elkaar fluisteren en als ik eraan kom, wordt het ineens stil. Mijn gymkleren, die altijd op een vaste plek in een tasje op school hangen, worden aan stukken gesneden. Mijn kluisje brandt op merkwaardige wijze uit. De banden van mijn fiets staan regelmatig leeg en ga zo maar door. Allemaal dingen waar je niets aan kunt doen, omdat de dader niet bekend is. Ik neem me echter voor het niet over mijn kant te laten gaan, zodra ik één van die treiterkoppen zal betrappen. Tijdens een middagpauze word ik door de grote broer van een mijn klasgenoten uitgemaakt voor 'flikker' en meteen sla ik erop los. Een gigantische vechtpartij volgt tussen de boomlange vierdejaars en mij en hoewel ik de mindere partij ben - jonger, lichter en minder sterk - sla ik flink van me af. Leraren moeten ons uit elkaar halen. Natuurlijk wordt er gepraat op de kamer van de adjunct nadien, maar ik ben niet van plan mijn mond open te doen en de ander ook niet. We krijgen allebei ontzettend veel straf en als we het kantoor verlaten, voegt hij me toe dat hij me nog wel zal krijgen. 'Graag!' antwoord ik strijdlustig. Die eerste tijd ben ik best wel bang. Ik heb dan wel een grote mond. maar wat als hij me met een stel vrienden ergens opwacht? Gelukkig voor mij gebeurt dat niet. Het positieve resultaat van die vechtpartij is dat het pesten minder wordt. Blijkbaar heb ik een signaal afgegeven. Natuurlijk worden er achter mijn rug om nog wel grapjes over me gemaakt en af en toe moet ik nog wel eens een klap uitdelen maar het wordt dragelijker.

Op m'n zestiende begin ik met uitgaan, maar aan dates ben ik nog niet toe. Er zijn genoeg kandidaten die wel wat willen - vooral oudere mannen - maar ik houd de boot voorlopig nog even af. Ook laat ik mijn ouders weten dat ik homo ben. Grote schrik en vooral afkeuring. Ze zeggen het dan wel niet recht in mijn gezicht, maar aan alles is gewoon te merken dat ze het er niet mee eens zijn. Het onderwerp wordt niet meer ter sprake gebracht. Zij beginnen er niet over en dus ik ook maar niet. Ook de mening van mijn zus (ze is vier jaar ouder dan ik ben), die ik eerder dan mijn ouders al over mijn anders zijn inlichtte, is overduidelijk. Ze is van mening dat ik het mijn ouders maar liever niet moet vertellen. En dat ik zeker geen vriendjes mee naar huis moet nemen. De verhouding tussen ons is ineens vertroebeld en waar we voorheen alles met elkaar konden bespreken, is er nu ineens een soort van ijskoud stilzwijgen. Al met al reden genoeg voor mij om te zorgen dat ik zo snel mogelijk op mezelf ga wonen. Al voor mijn achttiende schrijf ik me in bij de woningbouwvereniging en binnen een jaar krijg ik een woning toegewezen. Tot grote opluchting van mijn ouders, volgens mij. In de bijna drie jaar dat ik nu gewerkt heb, heb ik genoeg geld bijeen gespaard om mijn eigen huisje langzaamaan leuk in te kunnen richten.

In tegenstelling tot andere dagen kom ik vandaag echter niet echt fris thuis. Het is hartstikke warm voor eind mei en na de drie kwartier fietsen van het werk naar mijn flat ben ik drijfnat van het zweet. Binnen in mijn woning is het gelukkig heerlijk koel. De enige plaats waar ik in de zon kan zitten - waar ik nu absoluut even geen behoefte aan heb - is het balkon met uitzicht over de weilanden, die rond de stad liggen. In de hal schiet ik meteen uit mijn gympen en blootsvoets slof ik naar de bank. Daar laat ik me met een grote plof neervallen, niet van plan om ook nog maar een steek uit te voeren vandaag. Maar ja … als ik daar dan zo lig, voel ik na geruime tijd toch wel de 'inwendige Theo' om verzorging smeken. Hij heeft grote dorst en eigenlijk ook best wel honger. De dorst kan ik snel verhelpen door een grote fles cola uit de koelkast te rukken en daar een aantal flinke slokken van te nemen, maar de honger … dat is een ander verhaal. Daar moet ik toch zelf iets aan doen en daar … heb ik helemaal geen zin in. En bovendien moet ik eerst ook nog boodschappen gaan halen, omdat de koelkast net liet zien over weinig voorraad te beschikken. Dus en boodschappen halen en koken??? Nah, deze jongen mooi niet gezien. Maar ja, honger lijden is ook geen optie natuurlijk. Ik besluit nog wat te wachten en val warempel in slaap op de bank.

Als ik wakker word, staat de grote wijzer bijna op de twaalf en de kleine zowat op de vijf. Heb ik dus zowat twee uur liggen pitten. Nou ja, wat maakt het ook uit. Twee lichamelijke gevoelens strijden nu het hardst om mijn aandacht. Ten eerste is daar een gigantische knuppel ter hoogte van mijn kruis, die gilt om verlossing van een aantal zaadcellen en dan is er ook nog dat knagende gerommel in mijn maag, dat er waarschijnlijk de oorzaak van is dat ik wakker geworden ben. Eventjes ben ik in dubio over wat ik nu moet: eerst rukken of toch eerst maar eten bestellen? Ik besluit mijn hormonale aanvechtingen even te laten wachten en haal uit de keukenla het lijstje tevoorschijn van de pizzabezorgdienst. Mijn ogen glijden langs de Italiaanse verrukkingen (leuke woordspeling, nietwaar??) en kies voor een Quattro Stagione. Languit liggend op de bank tik ik het nummer in op mijn draagbare telefoon. Een vriendelijke stem aan de andere kant van de lijn noteert mijn bestelling voor eenmaal nummer 18 en meldt zich af. Nu is het tijd voor dat andere gevoel dat nog steeds onverminderd aanwezig is. Het snel gepleegde telefoontje heeft de grootte van mijn pik absoluut niet doen afnemen. Ik maak de knoop van mijn jeans los en trek de rits naar beneden. Daarna schuif ik broek en short in een beweging tot op mijn knieën.
Mijn stijve knalt daarbij hard tegen mijn goed gespierde onderbuik aan. Ik strek me uit op de bank en begin mijn pik en ballen te strelen. Een heerlijk gevoel maakt zich van me meester en al snel lig ik hardop te kreunen. Ook mijn T-shirt trek ik uit en met beide handen glijd ik daarna over mijn bovenlijf. Ik wind mezelf verder op door langdurig met mijn harde tepeltjes te spelen en als ik dan terug naar mijn kruis ga, zit er niets anders op dan hard te trekken. Met grote stralen spuit mijn warme - zowat kokende - zaad naar buiten en op datzelfde moment wordt er gebeld. "Shit", roep ik hardop. Mijn pik lekt nog na. Snel pak ik wat papieren zakdoekjes en begin het witte spul weg te vegen. De bel gaat nog een keer. Dan hijs ik m'n broek op en loop naar de deur in de hoop dat ik al het sperma verwijderd heb. Voor de deur staat een jongen met mijn pizza.

"De pizzabezorgdienst, meneer. Dat wordt dan zeven euro en vijftig cent."

"Oké, ik zal even geld voor je halen."

Wetend dat hij me de pizza heus niet zal geven voordat ik hem het geld heb overhandigd - geen enkele bezorger voor hem deed dat tenminste - draai ik me meteen om teneinde mijn portemonnee op te halen vanuit de woonkamer. Als ik met het geld de hal in loop, merk ik dat hij ergens geboeid naar staat te kijken, want zodra ik in zijn gezichtsveld kom, schrikt hij op om zich meteen ook weer te herstellen. Ik werp een snelle blik over mijn schouder om te kijken of ik kan zien wat zijn interesse opwekte maar ik zie echt niets bijzonders. Ik tel hem acht euro's in de hand en zeg dat hij de vijftig cent mag houden als fooi. Dan krijg ik de doos die ontzettend warm aanvoelt. Ik bedank hem en wil de deur al sluiten, als hij zijn mond opent en begint te praten.

"Meneer?"

"Ja?"

"Als u de volgende keer weer een pizza wilt bestellen, zou u dan dit nummer kunnen bellen?"

Hij overhandigt me een kaartje. Daarop staat het logo van de bezorgdienst met daaronder, handgeschreven, zijn naam 'Farid' en een 06-nummer. Ik vraag hem waarom.

"Over alles wat ik rechtstreeks plaats, krijg ik provisie."

Ah, een echte zakenman dus. "Oké, Farid. Dat komt in orde."

We groeten elkaar en dan doe ik de deur dicht. Ik breng de pizza naar de keuken en bedenk me dan ineens dat ik wel vreselijke honger moet hebben. Normaal laat ik een jongen nooit zomaar, zo gemakkelijk aan mijn ogen ontsnappen. Snel ren ik naar de voordeur en loop de galerij op. Over de balustrade kijk ik naar beneden en zie nog net hoe hij de straat uitrijdt. Shit. Nou ja, dan maar eten.

Twee dagen later bel ik het nummer op het kaartje. Farid neemt op en ik bestel eenzelfde pizza als de keer daarvoor. Ik pas ervoor op dat ik dit keer niet ga liggen rukken in de tijd dat ik moet wachten, want het is eigenlijk best wel gênant om met zoveel plakspul in je short naar de deur te moeten. Wel doe ik mijn best om er leuk en een beetje uitdagend uit te zien. Je weet tenslotte maar nooit of zo'n jongen niet geïnteresseerd in mij is. Ik doe een korte broek aan over een slip en verder niets. Het weer laat het toe tenslotte, niet dan? Als de bel gaat, spring ik op en haast me naar de voordeur. Hetzelfde openingszinnetje volgt, waarna hij me een brede glimlach schenkt.

"En hoeveel verdien je nou op één zo'n pizza," vraag ik hem.

"Niet zoveel hoor, meneer. Tien eurocent, maar alles is lekker meegenomen natuurlijk, hè? En het is naast de fooien bovenop het loon dat ik verdien natuurlijk."

Waarschijnlijk omdat hij me nou ziet als een vaste klant, krijg ik de doos al overhandigd voordat ik gedokt heb. Ik zeg hem dat ik het geld ga halen. Ik zet de pizza in de keuken neer en haal dan mijn portemonnee op uit de woonkamer. Als ik dan de hal weer inloop zie ik hem weer verschrikt opkijken. Ik laat niet merken dat het mij opgevallen is en pas een truc toe om hem een tijdje rustig te kunnen bekijken. De vorige keer kwam ik met gepast en uitgeteld geld naar hem toe, maar dit keer betaal ik hem vanuit mijn portemonnee met een briefje van twintig. En terwijl hij in zijn beurs op zoek gaat naar wisselgeld, heb ik voldoende tijd om hem uitvoerig in me op te nemen. Hij is van Turkse of Marokkaanse afkomst, het verschil kan ik niet zien. Hij is tegen de 1.85 meter, zo schat ik, en mooi slank. Hij draagt een groen poloshirt en een witte spijkerbroek die strak om zijn lijf zit en … heeft een harde in zijn broek. Ahum, ik begin me iets ongemakkelijk te voelen, word wat rood in het gezicht en denk snel aan iets heel kouds. Als hij naar me opkijkt, zie ik twee mooie, bruine ogen. Wauw, hij ziet er echt cute uit. Netjes geeft hij mij geld terug tot de zeven euro vijftig, die ik hem schuldig ben en dan geef ik hem opnieuw vijftig cent fooi. Hij bedankt me uitvoerig en zegt dat hij graag nog eens langs komt. We nemen afscheid en ik kijk hem na, als hij de galerij afloopt. Bij de deur naar de trappen draait hij zich om en steekt zijn hand op. Ik blijf buiten staan en kijk toe hoe hij beneden gekomen zijn helm opzet en de rode brommer start. Dan pas herken ik in de kleuren van zijn kleren en het vervoermiddel iets: de kleuren van de Italiaanse vlag. Hij rijdt weg en nogmaals steekt hij zijn hand naar me op. Heb ik het overdreven?

Als ik dan in de deuropening sta om naar binnen te gaan, blijf ik even staan om de hal in me op te nemen vanaf de plek waar hij stond en vraag me verbaasd af wat daarin nou zo interessant is. Het behang kan het niet zijn, omdat het één van de allergoedkoopste soorten is. De kapstok stelt ook niets voor en dan zie ik ineens mijn groene Converse All Stars® Chuck Taylor sneakers staan en herinner me, dat die daar de vorige keer ook stonden, op precies dezelfde plek. Heeft die lekkere gast een voorliefde, een fetisj, voor gympen? Op zaterdag besluit ik dat uit te proberen. Ik werk in de middagploeg en ben pas tegen elf uur 's avonds thuis. Meteen tik ik Farid's mobiele nummer in en gelukkig neemt hij zelf op.

"Hé, heb jij zo laat nog dienst?"

"Ja. Het is weekend hè, en dan willen mensen op de meest gekke tijden eten. Wat moet ik u komen brengen?"

"Je mag me iets komen brengen als je me belooft dat 'u' weg te laten," antwoord ik laconiek en met een duidelijke lach in mijn stem.

Hij grinnikt en zegt dat hij het zal proberen. Opnieuw vraagt hij naar mijn keuze, maar ik zeg hem dat hij maar iets moet kiezen. "Verras me maar!"

Binnen een half uur staat hij voor mijn deur. Dit keer open ik niet zo sexy als de vorige keer. Ik draag nog wel een korte broek, maar heb mijn T-shirt aangehouden omdat het nu toch wel wat fris is. En … ik heb mijn sneakers aangetrokken. Zodra ik opendoe, zie ik meteen zijn blik mijn gang inschieten naar de plek waar de vorige keer mijn gympen stonden.

"Hé, goed je te zien. Heb je tijd om even binnen te komen?"

Even is hij van zijn stuk gebracht en weet hij niet wat te moeten zeggen maar dan gaat hij met een knik akkoord en komt binnen.

"Loop maar door," zeg ik en wijs hem de deur aan die hij moet nemen.

Zo kan ik hem ook eens van de andere kant bekijken. En dat ziet er absoluut niet slecht uit.

"Zet de pizza maar op de tafel neer en pak maar een stoel. Wil je wat drinken?"

Opnieuw knikt hij.

"Hè, niet zo verlegen, man! Ik eet je niet op!"

Hij lacht zijn tanden bloot en ook dat ziet er ontzettend goed uit. Langzaamaan begint er bij mij iets leuks te groeien. Ik geil op deze jongen en dat is op zich best wel vreemd. Normaal heb ik dat niet zo snel. Er groeit bij mij heus wel vaker iets als er iets leuks voorbijkomt, maar dat ik daar meteen het gevoel aan hecht dat ik iets met die persoon wil, is iets nieuws. Ik ben in de regel niet zo snel met seks. Maak liever eerst rustig kennis en dan maar bekijken wat ervan komt. Maar als deze jongen geilt op mijn gympen dan … Nee, niet te snel op de dingen vooruitlopen. Misschien is hij wel gewoon hartstikke hetero en wil hij helemaal niets van zo iemand als ik. Hij zegt dat hij graag een cola wil en ik haal het voor hem uit de keuken op. Terwijl ik aan mijn pizza begin, praten we over van alles en nog wat of beter gezegd, ik vraag dingen en hij geeft antwoord. Echt spraakzaam is hij van zichzelf niet. Hij lijkt me echt het type dat eerst de kat eens flink uit de boom moet kijken en daar is op zich helemaal niets mis mee. Ik kom te weten dat hij van Marokkaanse afkomst is en zestien jaar jong. Hij komt uit een groot gezin met in totaal tien kinderen, waarvan er drie ouder dan hij en de rest jonger. Zijn vader werkt als buschauffeur en zijn moeder doet het huishouden. Voor aanvulling van zijn zakgeld werkt hij bij de pizzeria als koerier en daarnaast heeft hij samen met zijn broertje van veertien nog een krantenwijk. Hij doet VWO en wil huisarts worden. Als ik uitgegeten ben, sta ik op en loop naar de zithoek toe.

"Kom, joh, hier zit het gezelliger," zeg ik tegen hem.

Tot nu toe heeft hij, naar ik aanneem, de sneakers nog niet aan mijn voeten gezien, maar daarin breng ik verandering als ik onderuitgezakt op de bank mijn benen op de lage tafel leg. Terwijl hij opstaat en naar me toeloopt, zijn de ogen van Farid duidelijk op mijn groene All Stars gericht. En ook groeit er duidelijk iets bij hem. Jammer op zich dat getinte mannen niet zo duidelijk kleuren.

"Gave gympen," zegt hij als hij op een eindje afstand van me plaatsneemt.

"Ja, hè," beaam ik. "Dit merk vind ik echt de beste. Ze zitten goed, ze staan goed. En ze zijn in heel veel verschillende soorten te krijgen. Heb jij dit merk ook?"

"Nee, man! Dat kan ik niet betalen! Veel te duur voor mijn portemonnee," zegt hij met een glimlach.

Ons gesprek verstomt wat terwijl we onze glazen leegdrinken, maar aan zijn heen en weer geschuif op de bank merk ik dat hij met een vraag zit.

"Waarom stel je je vraag niet gewoon?"

"Hoe bedoel je?"

"Kom, Farid. Het is duidelijk dat je me iets wilt vragen. Je schuifelt de hele tijd heen en weer, man!" Opnieuw wordt het stil. "Geen enkele vraag is mij te gek hoor?"

"Nou, dat weet ik zo net nog niet," zegt hij terwijl het lijkt alsof hij zijn eigen schoenen aan een grondige inspectieronde onderwerpt.

"Hé! Als je mijn gast wilt blijven, zal je moeten leren dat mij niets te gek is. Kom op, vuur af die vraag!"

Nog steeds blijft het stil. Ik blijf mijn ogen op hem gericht houden en zie dat die stijve van hem er nog steeds is. Waarschijnlijk dus toch een vraag met een erotische lading en daarom kijk ik ook verbaasd op, als hij uiteindelijk de vraag stelt.

"Spuit jij nieuwe schoenen ook altijd in?"

Zoiets had ik dus niet verwacht. Een huis-tuin-en-keuken-vraag over de behandeling van nieuwe schoenen??? "Met zo'n spuitbus, zodat ze geen water doorlaten bedoel je?"

"Nee, dat bedoel ik niet," zegt hij, terwijl hij nog steeds naar zijn schoenen staart.

"Ik dacht al. Het heeft ook geen zin trouwens hoor. Dit soort gympen hoort gewoon lek te zijn als het regent." Ik laat het volgen door een luide lach en eventjes kijkt hij me aan. Hij glimlacht. Gelukkig, hij begint iets te ontdooien. Iets van zijn pantser lijkt af te vallen. "Maar wat bedoel je dan wel, Farid?"

"Ah nee, joh, laat maar. Gewone stomme opmerking van mij."

"Stomme opmerkingen bestaan er niet en bovendien heb je mij nou hartstikke nieuwsgierig gemaakt, dus ik wil het weten gewoon!"

Omstandig begint hij me uit te leggen wat hij bedoelt. Hij stamelt, hakkelt en stottert dat het een lieve lust is en als hij uitgepraat is, ben ik degene met een rood hoofd.

"Doe je dat echt?"

Hij knikt.

"Wauw!" Ik ben even van mijn stuk gebracht en doe ook geen moeite om dat te verbergen.

"En?" vraagt hij als mijn antwoord op zich laat wachten.

"Nee joh. Dat heb ik nog nooit gedaan. Doe jij het wel?"

"Ja, elk nieuw paar schoenen, gympen dan hè, spuit ik in."

"Waarom?"

"Gewoon omdat ik dat lekker vind."

"Je hebt iets bijzonders met schoenen dus."

"Ja. Vind je dat gek?"

Hierover moet ik lang nadenken. Zelf heb ik dat soort dingen niet, maar daarom hoeft het nog niet gek te zijn. Als iemand door zoiets een bepaalde opgewondenheid krijgt, want daar gaat het om neem ik aan, hoeft dat toch niet gek te zijn? Sommige mannen houden van piercings en tattoos, anderen van vrouwen in lingeriesetjes en eigenlijk is dit net zoiets. "Nee, ik heb zoiets niet, maar daarom hoeft het nog niet gek te zijn," verwoord ik mijn eigen gedachten.

Hij kijkt me recht aan en schenkt me een brede glimlach.

Mijn hersens werken op volle toeren en al heel snel bouw ik mijn plannetjes op om deze leuke jongen te krijgen, waar ik hem graag hebben wil. "Welke maat heb jij?"

"43."

Een pracht van een overeenkomst. "Hé, ik ook! Wil je ze passen?" En zonder op antwoord te wachten knoop ik de veters van mijn All Stars los. Hij zit me verbaasd aan te kijken en doet dat nog als ik ze hem aanreik. "Kom op, joh. Hier is je kans!" zeg ik met een brede lach.

Hij neemt mijn schoenen aan en de verbazing maakt plaats voor verrukking, zo blijkt uit de schittering in zijn ogen. Snel schiet hij zijn eigen gympen uit en trekt de mijne aan. Met uiterste concentratie knoopt hij de veters dicht, alsof hij relikwieën aan zijn voeten heeft in plaats van gewone sneakers. Dan staat hij op en loopt stapje voor stapje heel rustig door de kamer. Wauw, hij is echt mooi. En de schoenen staan hem uitstekend. Inwendig lach ik om mezelf. Ontwikkel ik nou ook al een fetisj voor mijn eigen schoenen? Als Farid vraagt hoe de schoenen hem staan, prijs ik hem de hemel in. Hij glundert nog meer. En dan, als hij weer gaat zitten op de bank, schiet ik mijn volgende pijl af.

"Ze zijn nog maar vier weken oud. Kun je ze dan ook nog inspuiten?"

Door het dragen van mijn schoenen lijkt de jongen zijn eerste verlegenheid en schaamte nu helemaal te boven. "Zeker wel!"

"Samen doen dan?" En zonder op antwoord te wachten, sta ik op, maak ik de knopen van mijn jeans los, trek mijn broek en short tegelijk naar beneden en ga met ontbloot onderlijf weer op de bank zitten. "Kom op, geef mij er ook één," zeg ik hem.

Nadat hij eerst heeft zitten toekijken hoe ik mij ontblootte, handelt hij nu razendsnel. Een schoen vliegt door de lucht mijn kant uit en zelf gaat hij vlak bij mij op de grond zitten. Zijn spijkerbroek en slip schuift hij naar zijn enkels en meteen begint hij te sjorren aan zijn stijve pik. Een ding met behoorlijke afmetingen, waarvan ik de lengte niet durf te schatten. Mijn schoen, groen met roze vetergaten, staat naast hem. Hij rukt als een bezetene en kreunt enorm. De opwinding tijdens de voorfase - het mogen dragen van mijn schoenen - is er de reden van dat hij al snel klaarkomt. Vlak voordat het zover is, steekt hij zijn stijve in de schoen en spuit zijn lading erin. Ik zie het weliswaar niet, maar de schokkende heupbewegingen en geluiden die hij produceert, maken me duidelijk dat hij een enorme ontlading heeft. Ik ruk ondertussen nog rustig. Zit helemaal onderuit gezakt met als doel dat Farid alles van mij goed kan zien. Af en toe laat ik de middelvinger van mijn rukhand ook eventjes mijn spleet verkennen. Terwijl hij daar zit na te hijgen, geef ik aan dat het heerlijk is, dat ik ontzettend geniet.

Hij glimlacht naar me. "Kom op, joh," roept hij me toe. "Spuiten moet je! Je schoen wacht erop! Ga harder!"

Ik voldoe aan zijn verzoek en verhoog het tempo. Als hij merkt dat ik mijn hoogtepunt nader, zet hij de schoen die hij gebruikt heeft op de grond neer, kruipt naar me toe en pakt mijn schoen.

"Zeggen als je gaat komen, oké?"

Ik knik.

"Ik kom," schreeuw ik even later.

Meteen doet Farid de schoen over mijn lat en dan spuit ook ik een schoen vol. Het is vreselijk raar om te doen, maar wel de moeite waard. Ik ben met deze geile jongen op de goede weg. Ik melk al het zaad eruit en kijk dan naar de jongen. Zijn ogen zijn nog steeds vol van schittering en daarom begrijp ik dat we nog niet klaar zijn. "En nu?"

"Nu moet je het spul lekker aan de binnenkant van de schoen uitwrijven."

En hij laat me zien wat hij bedoelt. Hij haalt een klodder in zijn eigen schoen van het bovenwerk af en smeert de binnenzool ermee in. Ik volg zijn voorbeeld. Na een tijdje stopt hij.

"En dan haal je de veters eruit en ga je de binnenkant van je schoen likken."

"Ho!" zeg ik terwijl hij druk doende is met het verwijderen van de veters. "Zullen we dan ruilen van schoen?"

"Wauw, te gek man! Awesome!"

Meteen steekt hij mij zijn schoen toe en reik ik hem de mijne aan. Even later lik ik zijn zaad op. Het heeft een heerlijke smaak en heeft mijn rechterschoen een heel bijzondere geur gegeven. Als we uitgelikt zijn vraag ik hem of hij beide schoenen altijd tegelijkertijd inspuit.

"Ja, maar wel met twee verschillende ladingen," verklaart hij grinnikend.

"Dus je rukt je tweemaal af?"

"Ja! Geen probleem toch of kun jij dat niet?"

Ik schenk hem een brede glimlach en vraag hem of hij me soms op de proef wil stellen.

"Inderdaad!" zegt hij uitdagend.

Ik neem de uitdaging aan en al snel rukken we beiden opnieuw. De schoenen krijgen een tweede lading te verwerken, waarna we weer wisselen van exemplaar. Het is een heerlijk geile avond zo met hem en ik had best nog veel meer willen doen, maar als hij vraagt hoe laat het is en ik hem zeg dat het al bijna twaalf uur is, trekt hij snel zijn kleren omhoog en zegt dat hij moet gaan.

"Kom je nog eens terug?"

"Je belt maar als je een pizza nodig hebt," zegt hij in de deuropening tegen me.

"Afgesproken!" Hij rent de galerij af naar het trappenhuis en is razendsnel beneden. Bij zijn brommertje zwaait hij naar boven en rijdt dan snel weg.

Op woensdag ben ik toe aan een nieuwe pizza. Of beter gezegd: toe aan iets leuks met Farid. De pizza's zijn een lekker excuus, maar liever zie ik hem en als het even kan zonder al te veel kleren. Meteen bij thuiskomst bel ik zijn nummer, maar ik krijg zijn voicemail. Ik spreek een boodschap in en wacht af. Het is tegen half vijf als hij me terugbelt en vraagt wat hij moet komen brengen.

"Die van zaterdag was prima. En neem voor jezelf ook iets mee. Dan kunnen we samen eten."

Vijftien minuten later belt hij aan en laat ik hem binnen. Snel zitten we achter de warme pizza's en nadat we de tafel leeggeruimd hebben, schenk ik hem een glas cola in en voor mezelf spa blauw. Met al die pizza's moet ik een beetje op mijn lijn letten, tenslotte. Uitdagend leg ik opnieuw mijn benen op tafel, zodat hij mijn sneakers goed kan bekijken en lang duurt het niet voordat hij vraagt of hij ze een poosje mag aanhebben. Terwijl hij de mijne aantrekt, probeer ik die van hem. Ik vind het een heel vreemd gevoel om de schoenen van een ander te dragen. Ze passen, dat wel, maar het comfort van mijn eigen is toch duidelijk beter. Hij glundert en paradeert net als de vorige keer met de groen/roze All Stars door de kamer. Opnieuw vraagt hij hoe ze hem staan en ook dit keer wuif ik hem weer complimenten toe. Als hij na een tijdje gaat zitten, lanceer ik de laatste acte van mijn zorgvuldig uitgevoerde plan de campagne.

"Zeg, zou je ze niet een paar dagen willen lenen?" Ik zie zijn ogen groot worden en dat niet alleen van verbazing en ga er meteen op in. "Kun je laten zien hoe goed ze je staan aan je vrienden."

"Meen je dat echt?"

"Ja, natuurlijk. Je kunt ze vanavond wel meenemen en als je dan de volgende keer komt, neem je ze weer mee terug." Dan ontstaat er een brede, diepe groef in zijn voorhoofd: de overbekende denkrimpel. En als hij niet meteen zijn bedenkingen onder woorden brengt, begin ik me af te vragen of ik misschien te ver gegaan ben. Maar zijn reactie komt.

"Wil je er iets voor terug?"

Hij heeft door dat het niet voor niets zal zijn, maar lijkt bereid tot het sluiten van een deal, want anders had hij de schoenen wel meteen uitgetrokken. Ik glimlach naar hem en als hij gaat zitten vertel ik hem wat ik ervoor terug wil. Zoals altijd is hij ook nu spontaan.

"Maar ik ben geen flikker!"

"Heb ik dat gezegd dan?"

"Nee, maar je wilt wel dingen van me."

"Ja. Jij wilt tenslotte mijn schoenen dragen nietwaar?" Ik merk nu op dat getinte jongens toch kunnen kleuren. Op zijn linker jukbeen heeft hij een moedervlek zitten en deze wordt iets donkerder als hij zich verlegen voelt. Een heel klein teken, maar toch.

"Ik doe het met meiden."

"Prima," antwoord ik laconiek, maar zonder de glimlach van mijn gezicht te halen.

"Ben jij een flikker?"

"Ik noem mezelf niet zo, omdat het een scheldwoord is. Liever noem ik mezelf homo."

"Sorry," mompelt hij een verontschuldiging met zijn hoofd naar beneden en zijn ogen gericht op mijn schoenen. "Maar hoever wil je gaan dan?"

"Het is mijn bedoeling om zover mogelijk te gaan," leg ik hem uit, "maar ik zal nooit verder gaan dan jij wilt." Hij richt zijn hoofd op en kijkt me recht in de ogen. Dan slaat hij ze weer neer. "Het is een kwestie van vertrouwen, Farid." Opnieuw kijkt hij me aan.

"Mag ik erover nadenken?"

Ik lach en zeg hem dat het echt niet de bedoeling is dat we nu meteen iets gaan doen. "Ga jij maar rustig eerst naar huis met mijn schoenen, en je eigen, en denk erover na. Ik hoor wel van je als je een beslissing genomen hebt. Oké?" Hij kijkt me aan en glimlacht nu ook.

"Ik ben wel serieus hoor! Ik zal je niet bedriegen!"

"Daar vertrouw ik op, Farid."

Op dat moment bliept zijn mobiele telefoon een paar keer. Hij bekijkt een sms'je en zegt dat hij moet gaan. Snel schrijf ik voor hem mijn werktijden voor deze maand op en als hij mij nog snel heeft opgenoemd op welke dagen en tijden hij werkt, laat ik hem uit en zoals de keren daarvoor blijf ik op de galerij staan tot hij op zijn brommer wegrijdt. Wel niets lekkers van mijn mooie vriendje gezien vandaag, maar toch een duidelijke stap gezet, concludeer ik als ik weer binnen ben.



Reacties zijn van harte welkom op de site waar dit verhaal legaal geplaatst is maar ook via mijn e-mailadres: lucky_eye2@yahoo.co.uk



©Lucky Eye, februari 2019 (herzien)
Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de houder van het auteursrecht.

Lucky Eye
Berichten: 144
Geregistreerd: zaterdag 07 februari 2015 16:42
Woonplaats: Zwolle
Ontvangen Bedankjes: 184 keer
Bericht Re: WIE DE SCHOEN PAST ... door Lucky Eye » zaterdag 09 februari 2019 07:44

Hoofdstuk 2

Farid laat lang niets van zich horen en ik vertik het om een pizza te bestellen. De bal ligt aan zijn voet, om een voetbalterm te gebruiken, en hij zal er iets mee moeten doen. In de tussentijd verbijt ik me echter wel, omdat ik echt het idee heb dat mijn planning heel zorgvuldig was en ook echt hoop dat hij toe zal happen. Als hij na twee weken nog niets van zich heeft laten horen, koop ik voor mezelf nieuwe All Stars, omdat ik die toch echt het prettigst vind zitten en mijn eigen, die Farid nu draagt, al begin af te schrijven. Mijn geduld wordt danig op de proef gesteld, maar als ik op zondagavond 29 juni van mijn late dienst terugkom, zit hij op de galerij te wachten op me.

"Hé, vogel! Eindelijk thuis?" begroet hij me.

Ik kijk hem een beetje lodderig aan en zonder iets te zeggen, open ik de deur voor hem en laat hem binnen. Hij heeft een pizza bij zich en in volledige stilte, een heel vreemde sfeer trouwens, verorberen we die met z'n tweeën. Het is een ander soort pizza dan de vorige die hij me bracht, maar ook deze smaakt prima. En zeker met zoveel honger als ik heb, gaat zoiets er goed in. Na gegeten en gedronken te hebben, gaan we naar de zithoek. Hij zit op de ene tweezitsbank en ik op de andere. Een beetje ver uit elkaar en eigenlijk vind ik dat geen goed teken.

"Nieuwe gympen gekocht?" vraagt hij zonder me aan te kijken.

"Ja, vind je ze mooi?"

Hij knikt maar weer zonder zijn ogen op te heffen. Opnieuw stilte.

"En?" vraag ik hem als de stilte mij lang genoeg heeft geduurd. "Heb je er over nagedacht?"

Hij knikt maar laat me zijn ogen niet zien. Ai, denk ik en voel een koude greep om mijn hart. Dit is helemaal verkeerd. Dit gaat niet de kant op die ik graag zou willen. Mijn gedachten gaan met me op de loop en ik probeer te achterhalen waar ik dan een fout heb gemaakt. Ben ik te gretig geweest? Had ik hem misschien nog wat meer tijd moeten geven?

"Ik wil het wel doen."

Had ik misschien wat meer in zijn fetisj mee moeten gaan of misschien juist niet. Had ik hem niet meteen moeten vertellen dat ik … "Wat???" Ik was zo in gedachten verzonken dat ik zijn hele antwoord gemist heb. "Wat zei je?"

"Ik zei dat ik het wel wil doen."

"Weet je het zeker?"

"Ja, kom zeg! Ga me nou niet aan het twijfelen brengen, hè! Ik heb er lang genoeg over gedaan, man, om een beslissing te nemen! En … het was echt niet makkelijk moet ik je zeggen." Ineens zit hij naast me. "Enerzijds voelt het heel goed en aan de andere kant heb ik ook zoiets van 'maar zo ben ik niet'. Kun je het begrijpen?"

"Ja, ik denk het wel. Voor jou moet het heel dubbel zijn. Je hebt nog nooit iets met jongens gedaan, tenminste dat neem ik aan," hij knikt, "en tegelijkertijd spreekt het je ook aan, of zie ik dat verkeerd?"

"Je hebt helemaal gelijk, man. Dat is juist het moeilijke voor me."

"En waarom heb je dan toch de keuze gemaakt om het wel te doen?"

Dan is het stil. Een hele poos is het doodstil. Hij legt zijn hand op die van mij en praat dan verder. "Omdat ik jou vertrouw. Ik kan niet zeggen dat ik een homo ben. Ik weet het nog niet. Maar ik wil het wel met jou proberen. Ik wil niet dat je me 'schatje' of 'lieverdje' gaat noemen en je moet me niet gaan praten over 'houden van' of 'verliefd zijn op' of dat soort slijmerige dingen. En ik wil ook niet dat je aan m'n kont zit."

Ik glimlach naar hem. "Echt niet?"

"Echt niet, man! Want dan ben ik zo weg!"

"Oké, dat beloof ik je. We gaan zover als jij wilt. En als ik per ongeluk wel iets doe wat je niet wilt, tik je me op de vingers. Afgesproken?"

"Deal," zegt hij en als ik mijn armen spreid, nestelt hij zich erin.

Ik omhels hem stevig en zeg hem dat het goed voelt.

"Ja, dat vind ik ook." Zijn handen strelen voorzichtig over mijn rug. "En kussen, doe ik ook niet!" merkt hij nog op.

"Ook geen kleine kusjes?"

"Misschien maar absoluut niet tongen."

"Oké. Voorlopig tongen we niet, maar ik hoop dat je zo naar me gaat verlangen dat je het op een gegeven moment wel wilt," zeg ik met een knipoog.

"We zien wel, oké?"

"Oké, maatje van me."

En dan vertelt hij me dat hij tot nu toe alleen nog maar seks heeft gehad met meisjes. Dat hij er vorig jaar mee begonnen is en al een aantal meisjes heeft gehad. Heel openhartig vertelt hij me dat hij het ontzettend fijn vindt om gepijpt te worden, maar - en dan komt zijn restrictie - dat ik dat voorlopig nog niet mag doen. Verder vindt hij neuken ook heel fijn, maar ook dat kan ik voorlopig wel op m'n buik schrijven. Ik vind het niet erg. Ik neem me voor om hem alle tijd te geven die hij nodig heeft en zeg hem dat ook. "Ik beloof dat echt, Farid. Ik wil dat je mijn huis, mijn leven ziet als een plek waar jij je thuis mag voelen. We hebben geen verplichtingen ten opzichte van elkaar, maar kunnen het samen hartstikke leuk hebben."

"Je bent een toffe gozer, weet je dat."

"Nee, dat wist ik nog niet. Maar bedankt voor je compliment."

"Zitten je nieuwe goed?" vraagt hij terwijl hij op m'n nieuwe sneakers wijst.

"Ja, ik heb maar een paar nieuwe gekocht, omdat ik het idee had dat je er met de noorderzon vandoor zou zijn met mijn schoenen."

"Nee, man! Zo ben ik niet. Ik zou altijd teruggekomen zijn!"

"Ook als je me een slecht bericht te vertellen had?"

"Ja, ook dan. Mijn ouders hebben me goed opgevoed moet je weten. Ik ben er best trots op wat mijn ouders voor ons doen. En jij? Ben jij trots op je ouders?"

"Ik weet het niet. Een beetje een dubbel gevoel. Natuurlijk ben ik blij dat ik er door hen ben, maar …"

"Maar wat?"

En dan vertel ik hem van het rotgevoel dat ik over heb gehouden aan mijn coming out. Het idee dat ze het onderwerp en daarmee mij nadien gewoon doodgezwegen hebben.

"Maar had je er zelf niet over kunnen beginnen dan?"

"Tja, dat had gekund natuurlijk, maar dan ken je mij nog niet goed genoeg, Farid. Zo ben ik niet. Als ik eenmaal bot gevangen heb, dan trek ik me terug."

"Domme eigenschap," zegt hij heel eerlijk en als ik hem met grote ogen aankijk en zie dat hij het werkelijk meent, zet hij mij toch aan het denken.

"Zou jij dat wel gedaan hebben? Nee, laat ik het anders zeggen. Stel je voor dat het tussen ons heel goed klikt en dat wij te zijner tijd een relatie krijgen. Hoe doe jij dat dan bij jouw ouders? Heb toch echt het idee dat de Islam zoiets niet goedkeurt. Blijf je dan je ouders ermee confronteren?"

"Ja. Denk het wel, want ik wil dat de relatie tussen mijn ouders en mij goed blijft. Er mag niet iets tussenkomen."

"Dus je zegt dat je homo bent, dat je een relatie hebt met een andere homo?"

"Ja!"

"Maar stel dat zij er net zo het zwijgen toe doen als mijn ouders, wat dan?"

"Dan zal ik proberen met ze in gesprek te blijven. Ik wil weten wat zij voelen. Je moet gevoelens niet zomaar uit de weg gaan."

"Nee, dat snap ik ook wel, ma…"

"Maar dat heb jij wel gedaan."

"Nou ja …"

"Jij bent op de loop gegaan voor je gevoel. Je hebt je bezeerd gevoeld toen je ouders niet reageerden en vandaar uit - vanuit dat bezeerde gevoel - ben je verder gegaan met het idee dat je zoiets niet nogmaals mee wilt maken."

"Halleluja, dokter Farid spreekt!"

Hij deelde een stomp uit die vrij hard aankwam.

"Ik meen het serieus, Theo!"

"Sorry."

"Ik bedoel maar dat je eigenlijk nooit vanuit angst moet reageren. Angst is een slechte raadgever. Als mijn ouders niet zouden reageren of afwijzend zouden reageren, zou ik dat heel rot vinden natuurlijk. Het is toch een gevoel dat je afgewezen wordt. Maar … ik zou toch proberen met hen in contact te blijven en met hen te blijven praten."

"Maar wat als zij voorwaarden gaan stellen?"

"Wat bedoel je?"

"Nou stel je voor dat ze jou accepteren zoals je bent, maar dat ze mij niet zouden willen ontmoeten." Hij kijkt me verbaasd aan. "Jij mag wel thuiskomen," licht ik toe, "maar niet met mij".

"Hmm, nou maak je het ingewikkeld."

Ik sla mijn arm om hem heen en trek hem tegen me aan. "Dan laten we het eerst hierbij, Farid, we gaan niet moeilijk doen op zo'n prachtige avond als deze. We hebben wel wat anders te doen, nietwaar?" en daarbij wijs ik naar mijn schoenen. Hij glimlacht, maar geeft nog niet op.

"Ik denk erover na en kom erop terug. Dat beloof ik je!"

"Waar haal jij trouwens zoveel wijsheid vandaan, jochie! Je bent nog maar zestien en geeft mij, iemand van twintig, een les psychologie waar ik 'U' tegen zeg!"

"Ja, dat weet ik ook niet. Ik ben de denker in ons gezin. Altijd al geweest."

"Zijn er meer denkers bij jou thuis?" Hij glimlacht terwijl hij in mijn armen ligt.

"Ja, mijn moeder, maar die laat niet zo vaak haar stem horen."

"Jammer."

"Zeker."

"Maar ik hoop dat ze het wel doet als jij gaat vertellen dat je homo bent?" Een schaterlach volgt.

"Ik ben geen fl…. homo," herstelt hij zich snel.

"Oké. Laten we aan het werk gaan."

Wat we dan uitvoeren hoef ik niet opnieuw op te schrijven. Het staat allemaal een paar pagina's terug. Ik kleed me dit keer helemaal uit en laat hem ongegeneerd naar mij kijken. Hij trekt alleen zijn broek en slip uit, maar kijkt minstens zoveel naar mij als ik naar hem. De ervaring is opnieuw heel lekker en heel bijzonder. Als we ons karweitje gedaan hebben, zitten we onderuit gezakt naast elkaar op de bank. Heel voorzichtig leg ik mijn hand op zijn dijbeen en hij doet hetzelfde bij mij.

"Voelt het goed?"

"Ja, heel goed." Zachtjes laat hij zijn hand heen en weer glijden. "Je bent lekker glad, weet je dat?"

Ik knik. "Doe ik ook m'n best voor," zeg ik. "En jij bent best wel harig voor iemand van zestien." We lachen beiden en zo is het goed.


* * *


In de week daarna komt Farid nog een paar keer langs. Elke keer als hij komt is het eerste dat we doen, het wisselen van onze schoenen: Hij trekt de mijne aan en ik die van hem. En dan … dan gaat hij helaas voor heel lange tijd op vakantie naar Marokko. In die weken mis ik hem enorm, vooral omdat ik op geen enkele wijze contact met hem kan opnemen. Hij heeft namelijk gezegd dat hij liever niet gebeld wil worden en ook zou hij het vervelend vinden om sms'jes te ontvangen. 'Dan moet ik dingen gaan uitleggen,' heeft hij gezegd en daar is hij dus nog niet aan toe en daarom doe ik al die dingen niet om hem niet in verlegenheid te brengen. Ik zal me niet groter voordoen dan ik ben en je mag gerust weten dat ik me behoorlijk rot voel in die weken: ik mis hem! Vakantie vieren doe ik niet. Veel van mijn collega's moeten in deze zomerperiode hun vakantie opnemen vanwege schoolgaande kinderen en daarom is het best handig dat er iemand is die daaraan niet gebonden is. Ik draai dus gewoon door en werk zelfs extra en daardoor gaat de tijd gelukkig heel snel om.

Voor ik het weet is het eind augustus en krijg ik op een maandag als ik nog lig te slapen een sms-bericht. Mijn telefoon piept een keer en meteen ben ik uit bed, alsof ik erop had liggen wachten. Het is inderdaad van Farid: 'heb je mij gemist? Wat voor pizza wil je vanavond?' Meteen schrijf ik een boodschap terug die veel langer is dan die paar korte zinnetjes van hem. Als hij binnenkomt, omhelst hij me meteen. Oh, dit voelt zo ontzettend goed aan. Met volle teugen genietend, druk ik mijn lijf tegen het zijne en zeg ik hem dat ik hem gemist heb.

"Ik ook," fluistert hij in mijn oor. "Ik ook, schatje," herhaalt hij.

"Ik dacht dat we dat soort dingen niet tegen elkaar zouden zeggen," herinner ik hem als zijn hoofd op mijn schouder ligt.

"Jij niet tegen mij. Ik wel tegen jou, bro!"

"Maar dat is niet eerlijk natuurlijk. Alles wat jij mag, mag ik ook!"

"Denk je dat?"

"Natuurlijk!" We lopen naar de kamer en ploffen neer op de bank.

"Even serieus, Theo. Als …"

"Ik ben altijd serieus dat wee…"

Hij legt zijn hand voor mijn mond en belet me verder te praten, wat maar goed is ook misschien want ik zou toch maar doorratelen en hem sarren en dat terwijl hij toch echt heel serieus is.

"Stel je voor dat ik jou graag zou willen neuken, betekent dat dan automatisch dat jij dat bij mij ook mag doen?"

Ik kijk hem lang en diep aan. "Heb je wel naar me geluisterd, toen wij onze deal maakten?"

"Tuurlijk wel!"

"Nou, waarom moet je dit dan nog vragen?"

"Omdat je dat van zo-even zo heel serieus zei."

"Jongen, dat geldt alleen maar voor niet echt belangrijke dingen. Voor de rest geldt nog steeds wat we afgesproken hebben. En als je mij wilt neuken en ik wil dat graag, dan mag je dat doen zonder dat ik een tegenprestatie verlang."

"Oké, dat wilde ik graag horen."

Hij drukt zijn lippen op die van mij en op nog heel veel andere plaatsen. Hij is dus gelukkig toe aan kussen. Het is echt ontzettend geweldig om hem weer dicht bij me te hebben. De tijd met hem gaat veel te snel voorbij en onze pizza's worden steenkoud, maar dat geeft niets. Het samenzijn is voedsel voldoende. Als hij laat in de avond weggaat, vraag ik hem plagerig of ik hem nu wel 'schatje' en 'lieverdje' mag noemen. Hij grinnikt wat, geeft me een stomp en fluistert dan 'Tot ziens, schatje' in mijn oor. Als hij dan snel probeert weg te lopen, loop ik hem blootsvoets op de galerij achterna, haal hem in en fluister hetzelfde in zijn oor.

Farid is nu elke week wel een paar keer bij me. Elke keer bezorgt hij een pizza. Op de momenten dat onze 'roosters' heel beroerd lopen, zie ik hem maar weinig en dat vind ik heel vervelend. Ik vind zijn gezelschap prettig en daarom stel ik hem op een gegeven moment voor dat hij ook wel zonder pizza mag langskomen.

"Hoe bedoel je?"

"Nou, je komt nu alleen maar om pizza's te brengen, maar ik zou het heel leuk vinden als je ook gewoon eens langskwam."

Vragend kijkt hij me aan.

"Kom gewoon eens langs om een keer tv te kijken of om je huiswerk hier te maken of alleen maar voor de seks." Het laatste laat ik volgen door een vette knipoog. Hij moet er even over nadenken en zegt dan dat het idee van huiswerk maken nog zo gek niet is. "En de seks dan?"

"Dat zien we nog wel."

Als ik twee dagen later thuiskom, wacht hij op de galerij op mij met een enorme rugtas. Hij heeft de daad bij het woord gevoegd en nadat we elkaar begroet hebben, van schoenen gewisseld zijn, stalt hij zijn leerboeken uit op de tafel en begint meteen te blokken. Hoe graag ik ook nu meer met hem zou willen, ik laat hem met rust. Ik maak thee en schenk het voor ons beiden in, maar laat het hem opdrinken waar hij zit. Na dik twee uur is hij klaar en slaakt een diepe zucht.

"Man, dit is een verademing!"

"Hoezo?"

"Weet je hoelang ik hier thuis voor nodig heb in die herrie bij ons?"

Ik schud van nee.

"Wel drie tot vier uur. Er is altijd wel iemand die me stoort en dan komt er van leren verrekte weinig terecht."

Als hij een uurtje later weggaat, zeg ik hem nog even te wachten. Ik zoek wat in laatjes en kom dan met een sleutel tevoorschijn die ik hem aanreik.

"Wat moet ik daarmee?"

"Dat is een sleutel van mijn huis."

"Ja? En?"

"Ik wil dat je die gebruiken gaat. Dan hoef je niet op mij te wachten als ik er een keer niet ben."

"Jij bent wel verrekte goed van vertrouwen zeg!"

"Ja! En is dat verkeerd?"

"Straks is je huis een keer helemaal leeg, als je thuiskomt."

"Nou! Dan weet ik zeker dat jij het niet gedaan zult hebben!"

Hij lacht hard. "Maar je bedoelt dus …"

"Ik bedoel dat je die sleutel moet gaan gebruiken. Als ik er niet ben, ga je gewoon naar binnen en doe je wat je moet doen. Ik heb het al eerder gezegd, en dit is gewoon een stapje verder, ik heb heel graag dat je deel van mijn leven gaat worden."

"Wauw, man. Bedankt!"

Farid heeft geen verdere aansporing nodig en vanaf het moment dat hij een sleutel heeft, zie ik hem veel vaker. Soms is hij er elke dag en soms wat minder. Hij verzet bergen leerwerk, zo lijkt het mij en ook op seksgebied helpen we elkaar een handje. Verder dan trekken en elkaar strelen gaan we echter nog niet. Soms hebben we ook geen seks. Dan zitten we rustig bij elkaar om te praten of om tv te kijken en op die momenten geniet ik ook ontzettend.
Hij brengt sfeer in mijn huis en ik had nooit gedacht dat ik daarnaar op zoek was. Ik heb altijd het idee gehad dat ik niemand nodig zou hebben, dat ik best wel op mezelf kan zijn en dat kan ik ook wel, maar … met iemand, zoals Farid, erbij is de sfeer toch heel anders. Voor mij veel prettiger.

Eind oktober heb ik een week vakantie genomen. Farid had een week eerder herfstvakantie, maar bij het plannen van mijn vrije tijd had ik geen rekening gehouden dat hij in mijn leven zou komen natuurlijk. Die week thuis besteed ik aan wat kleine klusjes, flink uitslapen en lekker luieren. Op woensdag doe ik aan het begin van de middag de broodnodige boodschappen en als ik mijn fiets in het schuurtje heb gezet en met twee tassen vol spullen de hal in stap, ben ik ineens omringd door een aantal uit het niets - zo lijkt het - verschijnende personen. Eén van hen blokkeert me de doorgang en zonder iets te zeggen probeer ik om hem heen te lopen, maar dan belet een tweede me verder te lopen.
Oei, wat heb ik nou aan mijn fiets hangen, schiet het door mijn hoofd. Omdraaien heeft ook geen zin, want achter me voel ik de aanwezigheid van nog een paar figuren. Netjes vraag ik de twee voor me of ik er misschien langs mag, maar ze blijven onbeweeglijk en zonder op mijn verzoek te reageren staan. Ik zet mijn tassen op de grond en kijk de twee die voor me staan nu recht in de ogen. Farid heeft me enkele kenmerkende verschillen uitgelegd tussen Marokkanen en Turken en deze twee behoren heel duidelijk tot de eerste bevolkingsgroep.

"Ik zou toch heel graag er langs willen," probeer ik nogmaals.

"Ik wil dat je van mijn broertje afblijft!" zegt de ene ineens.

Hij is groot. Zeker 1.90 meter en heeft lang haar.

"En wie is je broertje dan?" doe ik alsof mijn neus bloedt, me intussen afvragend hoe ik zonder al te veel kleerscheuren uit deze situatie kom. De tweede is een stuk kleiner en heeft krullerig haar, net als Farid.

"Dat weet je best, flikker," bijt hij me toe en meteen daarop pakt hij me bij mijn T-shirt beet en duwt me tegen de muur.

De ander roept hem tot de orde en dan laat hij me los. Het scheldwoord werkt zoals altijd weer als een rode lap op een stier bij mij, maar ik neem me voor om me voorlopig niet te laten uitdagen en bovendien ben ik ook van plan niets van mijn angst te laten blijken, maar inwendig tril ik helemaal.

"Je moet van Farid afblijven," begint de kleine opnieuw.

"Ik heb het idee dat Farid zelf wel kan uitmaken wat hij wil of niet!" provoceer ik dan toch.

"Nee, dat kan hij niet," reageert de lange. "Want dan zou hij niet met een flikker als jij omgaan."

De kleine verkoopt me een stomp in m'n maag.

"Niet doen, Abdullah," corrigeert zijn broer hem en trekt hem bij me vandaan.

"Farid is een goede vriend van mij en komt geheel uit vrije wil bij mij."

"Farid is nog een kind en weet niet wat goed voor hem is. Daarom heeft hij broers zoals wij die hem beschermen. Als hij zich niet goed gedraagt en met flikkers zoals jij omgaat, moeten wij dat rechttrekken en zorgen dat hij niet meer langskomt bij jou."

Ik krijg langzaam het gevoel dat het woord 'flikker' te vaak gebruik gaat worden en weet niet hoe lang ik me nog kan inhouden, maar ik begrijp ook wel dat ik tegen een overmacht van in totaal zes personen niets zal kunnen uitrichten zonder zelf flinke schade op te lopen.

"Farid is geen flikker en we laten niet toe dat jij er één van hem maakt," schreeuwt Abdullah me van dichtbij in het gezicht met heel veel consumptie.

Als ik mijn hand over mijn gezicht haal om het af te vegen, duidelijk bedoeld als provocatie van mijn kant, ramt hij op me in en verkoopt me een klap in mijn buik, waardoor ik dubbel klap. Meteen maak ik gebruik van deze situatie en stoot mijn hoofd hard tegen hem aan. Door de verwarring valt hij ondersteboven. Eventjes is er paniek, maar de zes herstellen zich heel snel. Te snel voor mij om winst te behalen. Ik weet nog een aantal klappen en schoppen uit te delen, maar al heel snel wordt ik door vier man vastgegrepen en begint Abdullah me flink af te rossen. Hij slaat me waar hij maar kan. Diverse keren raakt hij mijn hoofd en als hij als laatste actie mijn hoofd beet pakt, naar beneden duwt en vervolgens zijn knie optrekt, kan ik nog net op tijd mijn hoofd opzij draaien. De lange is woedend op Abdullah en trekt hem bij me vandaan. Ze schreeuwen tegen elkaar in een voor mij onverstaanbare taal en ik heb het idee dat Farids andere broer een stuk 'vriendelijker' in de omgang is dan Abdullah.
Terwijl ze daar zo staan te bekvechten, gaat ineens de deur van de hal open. Eén van de bewoners komt binnen met zijn hond aan de lijn en als hij ziet wat er aan de hand is, laat hij meteen de hond los met het commando: 'Pak ze Wodan!'. De jongens laten me meteen los - waarop ik op de grond val - maken zich uit de voeten en Wodan wordt teruggeroepen.

"Alles goed?" vraagt de man terwijl hij zich over me heen buigt.

Ik kreun dat het wel gaat en betast mijn gezicht. De knie van Abdullah heeft mijn kaak flink geraakt, maar ik ben ontzettend blij dat ik bijtijds mijn hoofd kon draaien, want anders had ik hier nu met een gebroken neus gezeten. Voorzichtig helpt de man me overeind.

"Moet ik een dokter waarschuwen?"

Ik voel aan mijn gezicht en als ik merk dat ik nergens bloed zeg ik hem dat het niet nodig is.

"Je gaat hiervan toch wel aangifte doen, hè!"

Ik schud m'n hoofd. "Nee, lijkt me niet," bevestig ik mijn hoofdschudden.

"Nee, misschien ook maar beter van niet. Je hebt het tenslotte zelf uitgedaagd."

Ondanks de hevige pijn in mijn hoofd, mijn buik en eigenlijk overal voel ik me voor de tweede keer in een paar minuten aangevallen. "Hoe bedoelt u?"

"Ik ben niet blind hoor," zegt de man. "Ik heb dat kleine Marokkaantje diverse keren langs zien lopen op weg naar jouw huis. Ik vind het helemaal niet erg dat je homo bent, maar als je het aanlegt met die lui dan krijg je dit soort dingen."

Zijn arm die me nog steeds ondersteunt, schud ik bruusk van me af. "Dat kleine Marokkaantje heeft een naam: Farid. En hij komt uit eigen vrije wil bij mij langs. Hartelijk dank voor uw hulp, maar ik red me nu wel alleen!"

"Oh, op je teentjes getrapt? Ja, krijg je, hè, als je niet tegen de waarheid kunt!"

"De waarheid is dat wat Farid en ik doen onze eigen zaak is. Niet die van zijn broers en niet die van u. Wat jullie er allemaal van denken is niet van belang." Ik pak mijn tassen op en loop strompelend weg. Bij de deur draai ik me naar hem om. "Bedankt voor uw hulp en die van Wodan." Hoe kwaad ik ook ben, ik weet ook dat ik er zonder hun tussenkomst misschien wel heel veel minder aan toe zou zijn. Met grote krachtsinspanning haal ik mijn voordeur. Ik open hem en smijt de tassen als het ware naar binnen. Zodra ik de deur achter me heb dichtgetrokken, zak ik op de grond in elkaar en laat mijn tranen de vrije loop. Dan beweeg ik mij voorzichtig naar de woonkamer. Ik ben daar nog maar net als ik de bel hoor. Laat maar bellen, denk ik omdat ik absoluut niemand wil zien. Een sleutel wordt in het slot gestoken: Farid!

"Hè makker! Waar ben je?" roept hij, terwijl hij binnenkomt.

Ik heb niet meer de puf om te antwoorden. Hij loopt door en voor ik het weet, krijg ik een stortvloed van vragen over me heen gestort. Zijn gezicht staat ernstig geschrokken en zijn onderlip trilt. Ik wimpel al zijn vragen af, maar hij blijft aanhouden.

"Wie heeft dit gedaan, man!"

"Laat maar, Farid."

"Verdomme, Theo! Ik wil het weten!"

"Heb je iemand op het oog misschien?"

"Wat bedoel je daarmee!"

"Gewoon zoals ik het zeg."

"Nee! Natuurlijk niet! Vertel me wie dit gedaan heeft! Heeft het met ons te maken?"

"Ja!"

"SHIT!" Hij gaat naast me op de grond zitten en legt voorzichtig een arm om mijn schouders. "Zijn het mijn broers?"

"Ja! Ik heb kennis gemaakt met een gedeelte van je familie en ik geloof niet dat ik ze echt aardig vind."

"SHIT! SHIT! SHIT! SHIT!" Farid springt op alsof de waarheid hem gebeten heeft. Hij ijsbeert door de kamer heen en weer en knielt dan weer bij me neer. "Heb je een dokter nodig?"

"Nee. Denk het niet. Ik bloed nergens. Heb alleen heel veel beurse plekken."

Farid inspecteert me grondig en dan zegt hij dat hij eventjes weg moet.

"Wat ga je doen?" wil ik weten.

"Eventjes iets recht zetten."

"Doe geen stomme dingen, Farid."

"Ik doe nooit stomme dingen, Theo. Maar die imbeciele broers van mij wel. Die weten niet dat ze hun handen thuis moeten houden en dat zal ik hen dan wel eens leren!"

Ik krijg niet de kans meer om daar iets tegenin te brengen, want voor ik het weet hoor ik de voordeur dichtslaan. Puf om op te staan heb ik nog steeds niet. Ik blijf zitten waar ik zit en zelfs als het donker wordt, komt het nog niet in me op om het licht aan te doen. Een gevoel van opwinding, boosheid, verslagenheid, pijn en bezorgdheid om Farid zorgen ervoor dat ik in een onrustige slaap val.

Tegen negen uur word ik wakker van een strelende hand over mijn arm. Als ik geschrokken mijn ogen opsla, kijk ik in het gehavende gezicht van Farid.

"Wat heb je gedaan, idioot!" En zachtjes laat ik een hand over zijn blauwe oog glijden. De beweging doet me pijn.

"Ik heb me gewroken. Voor jou!"

"Dat had je niet moeten doen, man!"

"Tuurlijk wel! En het ging me niet zozeer om de wraak, die opmerking was meer als een grapje bedoeld. Ik ben geen fanaticus. Maar ik wil wel dat mijn broers zich niet bemoeien met het leven dat ik leid. Ik ben in staat om zelf na te denken en te bepalen wat ik wil en zij hebben zich daar niet mee te bemoeien. Ook niet als mijn levenswijze hen niet aanstaat."

"Hebben ze je zeer gedaan?" vraag ik bezorgd.

"Nee, gelukkig niet. Ik heb hoofdzakelijk van me af kunnen slaan. Toen ik thuiskwam zat Abduh rustig een stripboek te lezen en ik heb hem meteen besprongen. Mijn moeder en Ali hebben ons uit elkaar moeten halen. Ik had hem toen al goed weten te raken, maar hij mij jammer genoeg ook. Ali zou ik niet zo besprongen hebben. Hij is de slechtste niet."

"Dat idee kreeg ik ook al," zeg ik zachtjes.

"Ik weet gewoon niet wat ik zeggen moet, man," snift Farid, terwijl hij langzaam begint te huilen.

"Niet huilen, Farid. Dat is het allemaal niet waard. Laten we hopen dat ze ons nu met rust laten."

"Dat zullen ze doen! Zeker!"

"En hoe moet het nou thuis bij jou? Ik bedoel jullie hebben nou ruzie thuis vanwege mij."

"Niet vanwege jou, Theo. Zeg zoiets niet. We hebben ruzie met elkaar, omdat zij met hun poten aan jou gezeten hebben. Als zij dat niet gedaan hadden, dan was er niets gebeurd."

"Je hebt gelijk."

Door zijn tranen heen glimlacht hij naar me en geeft me een knipoog. "Mijn vader was niet thuis, maar mijn moeder heeft ons te verstaan gegeven, dat we er nog van zouden horen."

"Is je moeder in dit soort situaties opgewassen tegen die grote broers van jou?"

"Moet je wel op rekenen! Zij laat niet met zich sollen! Toen Ali en zij ons eenmaal uit elkaar hadden getrokken, wilde ze meteen weten wat er aan de hand was. Ze stond erop te weten waarom ik Abduh had aangevallen, maar ik hield mijn mond stevig dicht. Toen hij ook niet van plan bleek te willen praten, werd ze heel boos. Ali sprong uiteindelijk in en zei dat hij en Abduh iets stom gedaan hadden, maar dat ook hij niet zou vertellen wat het was. Toen was de boot helemaal aan bij mijn moeder. Je had ons moeten zien staan, man. Drie kerels op een rij met het hoofd gebogen voor mijn moeder."

"Is je moeder een uitzondering?"

"Weet het niet. Bij ons houden de moeders zich hoofdzakelijk bezig met de opvoeding. Maar ik heb je al eerder gezegd, dat zij de denker is in ons gezin en zij is van heel veel dingen beter op de hoogte dan mijn vader. Ook met verkiezingen bijvoorbeeld. Zij zegt mijn vader wat hij moet stemmen en hij voert het zonder verder na te denken uit. Mijn moeder leest ook heel veel en is echt niet de onderdanige vrouw zoals Westerlingen tegen vrouwen uit de Islam aankijken."

"Prachtig om te horen dat zoiets mogelijk is, Farid. Het moet heel fijn zijn om zo'n moeder te hebben."

"Ja, en daarom is het ook zo verdomde rot om dit geheim te moeten houden voor haar." Hij begint opnieuw te snikken.

Ik trek hem dicht tegen me aan en let daarbij niet op de stekende pijn in mijn lijf. Ik wil hem gewoon troosten.

"Je kunt er dus totaal niet over praten?" probeer ik na een tijdje.

"Nee, nog niet in elk geval. Niet voordat ik alles zelf goed op een rijtje heb."

"Dat kan ik me goed voorstellen, maar als je dat wel hebt, wat zijn dan je mogelijkheden? Is homofilie bespreekbaar binnen de Islam?"

Hij kijkt me aan, terwijl hij zijn tranen wegveegt en wil iets zeggen, maar ik ben hem voor.

"Ga nou niet zeggen dat je geen homo bent."

Hij lacht. "Ik heb een heel goed gevoel bij jou en mij, verder ga ik nog echt niet!"

"Goed genoeg voor mij."

"Ik moet naar huis," zegt hij en staat op.

"Wanneer zie ik je weer?"

"Weet het niet. Mijn vader zal zo wel thuis zijn en dan zal er wel een straf opgelegd worden."

"Waar denk je aan?"

"Huisarrest."

"Voor hoelang?"

Hij haalt zijn schouders op.

Moeizaam loop ik met hem mee naar de deur en dan zoenen we elkaar hartstochtelijk.

"Ik ben heel blij dat jij er bent, Farid."

"Ik andersom ook. En," gaat hij na een nieuwe kus verder, "ik heb helemaal nergens spijt van."

"Zo mag ik het horen. Hè, ga nou maar gauw naar huis. Sms je me even hoe lang je straf gaat duren?"

Hij belooft het en dan laat ik hem uit. Ik blijf net zolang buiten wachten tot hij op zijn rode brommer wegrijdt. Drie kwartier later krijg ik zijn berichtje '2 weken'. Ik zal hem dus twee hele weken niet zien. Op zich heel lang voor ons natuurlijk, maar … het had erger gekund. Als ik naar bed ga en mijn schoenen uittrek, merk ik dat we voor het eerst niet van schoenen hebben geruild.




Reacties zijn van harte welkom op de site waar dit verhaal legaal geplaatst is maar ook via mijn e-mailadres: lucky_eye2@yahoo.co.uk



©Lucky Eye, februari 2019 (herzien)
Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de houder van het auteursrecht.

Lucky Eye
Berichten: 144
Geregistreerd: zaterdag 07 februari 2015 16:42
Woonplaats: Zwolle
Ontvangen Bedankjes: 184 keer
Bericht Re: WIE DE SCHOEN PAST ... door Lucky Eye » zaterdag 09 februari 2019 07:45

Hoofdstuk 3

De afwezigheid van mijn vriendje geeft me de tijd om mijn sociale contacten wat aan te halen. Op donderdag bel ik met een paar oude bekenden en die vroegen zich al af of ik nog wel leefde. We spreken af elkaar zaterdagavond te treffen in de binnenstad. Keurig op tijd is iedereen er en gaan we, na enige beraadslaging, naar een café. Binnen is het druk, maar ergens in een hoekje is nog wel een tafeltje vrij voor ons vieren. We drinken wat en praten bij. Natuurlijk komt dan het gesprek op mijn langdurige afwezigheid en ook op de grote blauwe plek op mijn kaaklijn en ik vertel hen dat ik een vriendje heb. Felicitaties vliegen over de tafel en dan moet ik natuurlijk het een en ander uit de doeken doen.

Zodra ik laat merken dat mijn vriendje een Marokkaan is, zie ik hun gezichten betrekken en lijkt de stemming plots te dalen. De interesse is volledig verdwenen en ik laat het dan ook maar om nog verder te vertellen. Peter stelt voor om naar een gaydisco te gaan en hoewel ik eigenlijk niet meer zo nodig hoef, ga ik toch maar mee. In de disco vraagt Peter me om met hem te dansen. En ik heb het gevoel dat zodra wij opstaan, Bob en Martin meteen met elkaar beginnen te praten. Over mij? Op de dansvloer probeer ik alles van me af te zetten: zou wel verbeelding zijn, maar … ik heb ongelijk.

"Zeg," zo begint Peter, "sinds wanneer ben jij een bottom!"

"Ik ben geen bottom," reageer ik verongelijkt, maar toch niet al te heftig.

"Kom zeg! Een relatie met een Maroc en dan geen bottom?"

"Je hebt helemaal gelijk. Farid en ik zijn nog helemaal niet zo ver."

"Geloof me, Theo, zodra hij je een keer heeft geneukt ben je hem kwijt. Dat is het enige dat een geile Maroc wil. En je krijgt geen kans om hem te nemen."

"Ervaring?"

"Dat niet. Je weet dat ik wel een bottom ben, dus ik zou het niet erg vinden, maar …"

"Verhalen van anderen hoef ik niet, Peter." Ik stop met dansen en loop naar de anderen terug. Peter volgt me. Het gesprek tussen Bob en Martin verstomt als we eraan komen en dan is het voor mij echt over. "Praat gerust door hoor, jongens!" Maar ze houden zich stil. Dan begint Peter toch na verloop van tijd.

"Het komt zo onverwacht gewoon, Theo."

"Wat? Dat ik een vriendje heb? Man, ik ben twintig, net als jullie trouwens, en jullie hebben alle drie al eerder een vriendje gehad toch?"

"Nee, dat je een Maroc als vriendje hebt."

"Wat is er mis met een Maroc!"

"Wat is er mis met een gewone Hollandse jongen!"

Zou ik rechtop gestaan hebben, dan zou me de broek afgezakt zijn. Waren dit mijn vrienden? Waren dit de jongens die ik destijds tijdens één van mijn eerste avondjes uit ontmoet had? Waren dit de gasten met wie ik heel veel lief en leed gedeeld had? Waren dit mijn minnaars van het eerste uur, met wie ik voor het eerst seks had gehad omdat we elkaar vertrouwden?
"Er is niets mis met Hollandse jongens, maar ik ben heel toevallig op hem gevallen."

"En ik zeg je," haakt Peter erop in, "dat je er nog eens goed over moet nadenken! Marocs zijn geen homo's! Ze zijn hooguit bi en willen je alleen maar in je reet nemen!"

"Ik zeg je nogmaals dat we zover helemaal niet zijn!"

"Zover zal je ook niet komen! Het is algemeen bekend dat zij …"

"Vooroordelen, Peter! Als het inderdaad zo is dat heel veel Marokkanen zo zijn, wil dat nog niet zeggen dat Farid ook zo is!"

"Jouw vriendje zal heus niet anders zijn! Als je er een gezien hebt, heb je ze allemaal gezien!"

Ik drink mijn glas bier in één teug leeg en stap op. Peter volgt me naar de garderobe.

"Kom op nou, Theo. Laten we het ergens anders over gaan hebben. Sorry dat ik zo doorzeikte."

Iets in me zegt me dat ik gewoon weg moet gaan, maar ik laat me overhalen om te blijven. De spanning tussen ons vieren lost wat op en ik begrijp dat Martin en Bob al een tijdje samen iets hebben. Reden voor een rondje, en nog een paar meer. De stemming komt er behoorlijk in en het is al heel vroeg in de ochtend als we uiteindelijk opstappen. Peter heeft echter een probleempje, want hij heeft geen vervoer naar huis. Ik bied hem aan dat hij wel met mij naar huis mag. We laten ons met een taxi naar huis brengen. We zijn nog niet thuis of Peter begint opnieuw met zijn tirade tegen Marokkanen en andere buitenlanders. En ik baal als een stekker dat ik heb aangeboden dat hij wel bij mij kon blijven slapen.

"Het spijt me echt," onderbreek ik zijn stortvloed aan woorden, "maar ik ga slapen."

En dat gezegd hebbende loop ik naar de logeerkamer. Hij volgt me zonder nog een woord te zeggen, maar zodra ik de kast opendoe en er een hoeslaken uit te voorschijn haal, begint er iets bij hem te dagen.

"Je gaat me toch niet zeggen dat ik op je logeerbed moet slapen, hé?"

"Wat dacht jij dan?"

"Shit, Theo! Wat ben jij een eikel!"

"Je had toch niet gedacht dat je …"

"Natuurlijk wel, man! Een goeie neukpartij en je zou voorgoed genezen zijn van je Maroc!"

Ik bal mijn vuisten maar houd me in. "Alsjeblieft Peter, houd je kop. Daar ligt de slaapzak. Goedenacht!" Ik draai me om en knal de deur achter me dicht. In mijn slaapkamer slaak ik een paar keer een diepe zucht! Wat een EIKEL! Ik kleed me uit en kruip in bed. Voordat ik mijn ogen sluit, kijk ik nog eventjes of er nog telefoontjes zijn geweest. Er is een sms'je voor me: 'Ik mis je.' Ja, hij moest eens weten hoezeer ik hem mis.

Als ik aan het middageten zit, komt Peter geheel bloot de keuken binnenzetten. Hij heeft duidelijk een verlate ochtendstijve, die hij vol trots met een hand streelt.

"Ik bied het je nog een keer aan," begint hij.

Ik blijf zitten waar ik zit, haal diep adem en geef dan pas antwoord. "Als jij niet snel je kleren aantrekt en maakt dat je opdondert, zet ik je zo als je nu bent op de galerij. En ik hoop dat je dan een hoop bekijks zult hebben."

Woest draait hij zich om. Nog geen minuut later slaat mijn voordeur met een harde knal dicht. Het einde van een vriendschap of is dat een te groot woord!

Als ik op de donderdag in de tweede week na het voorval van de vroege dienst thuiskom, zo tegen drieën, is Farid in mijn huis bezig met zijn huiswerk. We zoenen het eerste half uur alleen maar. Diepe tongzoenen maar ook heel lieve, kleine kusjes. Alles om te vieren dat we eindelijk weer bij elkaar zijn. Ik ben heet en wil best wat, maar … hij zegt dat hij het te druk heeft met zijn huiswerk en dat hij dat eerst klaar wil hebben. Jammer genoeg heb ik er begrip voor en terwijl hij verder gaat, strek ik me uit op de bank. Doe ik meestal eventjes na een vroege dienst. Veel opmerken doe ik niet meer, want ik dut zo in. Als ik wakker wordt, ruik ik eten en verbaasd ga ik rechtop zitten. Eten? Wie heeft er dan gekookt? Mijn ogen zoeken de klok en ik zie dat het al bijna acht uur is. Ik moet echt af zijn geweest, want anders slaap ik nooit zo lang op de bank. Terwijl ik mijn ogen nog uitwrijf, loop ik naar de keuken. Farid, staat achter het fornuis.

"Zeg? Heb jij nog meer verborgen talenten?"

Hij gniffelt en zegt dat hij aardappelen en bonen in tomatensaus heeft gemaakt. "Het vlees heb ik maar niet gedaan, omdat ik niet wist wat voor soort het was."

"Sorry, daar moet ik nog op leren letten. Zal er voortaan rekening mee houden, dat ik geen varkensvlees meer koop."

"Mag je gerust voor jezelf doen hoor, maar ik mag het niet hebben."

"En voor mij is het beter van niet, want daar krijg je puistjes van."

"Gelukkig bleef je lang slapen, want anders had ik niet voor je kunnen koken."

Ik kijk hem verbaasd aan. Dan legt hij me de regels van de Ramadan uit. Geen seks, geen eten, geen drinken en niet roken overdag. Na een paar minuten zijn de aardappelen gaar en dan dient hij het op in de woonkamer, waar de tafel al keurig gedekt is. We eten er beiden goed van en dan, dan heeft ook Farid wel zin in iets anders lekkers. Hij komt naast me zitten en zit wat aan me.

"Zegguh, doen we het nu of na de afwas?"

"Waarom niet nu en straks na de afwas nog een keer?"

Dat idee is natuurlijk een stuk beter. Stom dat ik daar zelf niet opgekomen ben. Al heel snel liggen we languit op de grond en rollen we om en om in een poging de ander onder te krijgen. Op zich ben ik sterker dan hij is, maar ik heb er geen moeite mee om hem te laten winnen, zo af en toe. Als hij na een langdurige stoeipartij me onder zich heeft gekregen en hij zijn kruis tegen mijn billen stoot, voel ik dat hij keihard is.

"Als we al zo ver zouden zijn dat we neukten," fluistert hij in mijn oor, terwijl hij mijn arm op mijn rug draait om er zeker van te zijn dat ik blijf liggen waar ik lig, "zou ik het dan nu hard moeten doen of lief?"

Hierover nadenken hoef ik niet. "Hard natuurlijk."

Hij kreunt in mijn oor en stoot zijn stijve nogmaals tegen me aan. Het is een heerlijk gevoel. Lieve seks is prachtig, maar af en toe iets harder in een vorm van spel vind ik ook prima, geef ik hem te kennen. Hij is het daarmee helemaal eens.

"Maar." voeg ik er gevat aan toe, "zouden we dan niet beter onze kleren uit kunnen doen?"

Hij lacht en laat me los waarna we heel snel beiden uit onze kleren schieten. Ik ben iets sneller dan hij is en ga op m'n buik liggen, zoals ik zonet ook lag. Hij neemt plaats op me en nu voelt zijn stijve veel beter tegen mijn naakte lichaam. Ik kreun diep en laat het hem duidelijk horen. Hij streelt door mijn haren en zegt dat hij het lekker vindt. Ik vind het ook heerlijk, maar ben een beetje in dubio wat ik moet doen. Ik ben er zeer aan toe dat hij me neemt, maar ik weet niet hoe ver hij is en durf eigenlijk niet zo goed enig risico te nemen. Gelukkig hoef ik niet te besluiten, want al heel snel vraagt hij me of het goed is dat hij tegen mijn billen aanrijdt.

"Natuurlijk, joh. Ga je gang!"

Zijn stijve glijdt heen en weer in mijn bilspleet en zijn bewegingen op mij laten mijn lichaam met eveneens een keiharde jongeheer tegen de vloerbedekking gaan. Hij is iets te opgewonden waarschijnlijk, want al vrij snel geeft hij aan dat hij klaar gaat komen. Hij richt zich op en even later voel ik zijn lading tegen mijn billen aankomen. Na eventjes uitgehijgd te hebben, smeert hij met beide handen zijn zaad over mijn billen uit. Het is fantastisch zo lekker als hij dat doet. Soms glijden zijn vingers eventjes steels door mijn bilnaad en dan heb ik het helemaal niet meer. Dan ineens voel ik zijn tong over mijn billen gaan. Mijn hoofd veert op en ik slaak een luide kreet.

"Lekker?"

"Ja, man! Geweldig!"

"Snap niet dat zoiets lekker kan zijn."

Ik lach en zeg hem dat hij dat nog wel eens zal merken.

Hij lacht. "Draai je om," zegt hij dan.

Mijn lul smacht om ontlading en het maakt me niet uit als het nu ook bij trekken blijft. Verder zijn we nog niet gekomen, toch? Maar … ik heb het mis. Farid is aan iets anders toe en zonder iets te zeggen, neemt hij mijn eikel in zijn mond. De verrassing en mijn geilheid zijn te groot om me lang goed te houden. Ik roep dat ik ga komen en hij laat meteen mijn pik uit zijn mond glijden. Een groot aantal stralen vindt een weg naar buiten uit mijn pulserende pik.

"Hé, man! Ben ik er eindelijk aan toe je eens te pijpen en dan kom je zo supersnel klaar," klinkt het iets beteuterd.

"Sorry, maar je was al zo lang, zo lekker met me bezig geweest, maar toch bedankt, lieverd."

Hij ligt nu op zijn elleboog leunend naast me en laat zijn vingers door mijn sap gaan. Hij brengt een vinger naar mijn mond en ik lik hem af.

"Zelf niet eventjes proberen?" vraag ik voorzichtig. Hij glimlacht en de volgende vinger gaat naar zijn eigen mond.

"Niet slecht," zegt hij.

"Afwassen dan nu maar?"

"Nee, wacht nog even, ik wil je nog iets vragen."

"Oh?" laat ik verbaasd horen.

"Je bent zo lekker glad overal hè, heb je er ooit over gedacht om ook je haar hier," en hij wijst op mijn pluk haar boven mijn natte, slappe pik, "te scheren?" Ik kijk hem verbaasd aan.

"Zou je dat leuk vinden?"

"Nou ja, het was maar een vraagje."

"Ja, dat van mij ook." Hij slaat zijn ogen neer. "Kijk me eens aan."

Hij richt zijn ogen op mij, maar laat ze dan ook weer zakken. "Ik weet niet wanneer ik te ver ga met dingen vragen," zegt hij dan heel zachtjes.

Ik trek hem naar me toe en boven op me. "Als je te ver gaat, Farid. Dan zal ik je dat meteen laten weten, oké?" Er breekt iets van een glimlach door. "En wat dat scheren betreft, ik wil het best doen voor je, maar alleen als je met mij onder de douche gaat." Hoop dat ik nu niet te veel heb gevraagd en dat hij afhaakt.

"Oké," zegt hij, "dan moet de afwas nog maar even wachten."

We staan op en ik bied hem mijn hand aan. Hand in hand als een verliefd stelletje, denk ik, lopen we naar de badkamer. De grootste plukken haal ik weg met een schaar en dan smeer ik de rest in met scheergel. Uiterst behoedzaam laat ik de mes over mijn huid gaan. Op zich toch wel een beetje eng. Ik spoel schuim en haren onder de douche weg en bewerk het nogmaals om er zeker van te zijn dat ik helemaal glad en kaal ben. Als ik na een tweede spoelbeurt het resultaat goedgekeurd heb, nodig ik Farid uit om er bij te komen. Hij knielt meteen voor me neer en terwijl zijn handen over mijn geheel gladde huid glijden, zuigt hij mijn piemel naar binnen. Het ding is nog slap, maar neemt snel in omvang toe. Zijn handen strelen niet alleen het kleine stukje naakte huid boven mijn lid, maar ook mijn billen. Met langzame bewegingen gaan zijn handen op en neer en heel af en toe waagt hij een uitstapje naar mijn spleet. Ik ga wijdbeens staan om hem wat uit te dagen en als hij naar me opkijkt, knipoog ik naar hem. Dan gaat er brutaal een vinger door mijn spleet. Ik kreun diep. Het is heerlijk om hem zo met mij bezig te zien. Het water maakt me goed nat en als hij het topje van zijn vinger voorzichtig naar binnen duwt, sta ik met open mond te kreunen om vervolgens klaar te komen. Ik heb hem niet op tijd kunnen waarschuwen. Meteen wil ik een verontschuldiging uitbrengen, maar als ik zie hoe hij het warme, witte spul weg likt en blijft slikken, weet ik dat hij het prima vindt. Ik streel hem door zijn donkere haren. Hij gaat staan en kust me vol op de mond. Twee tongen vinden elkaar, terwijl we onze hete lichamen tegen elkaar aandrukken. Ik proef mijn eigen sperma. Het gevoel is enorm en ik voel me reuze opgewonden. Ook Farid is heet. Ik voel hoe hij hard wordt in zijn kruis. Ik laat mijn handen over zijn rug glijden en betast ook zijn billen die behoorlijk harig zijn. Hij laat me gaan en kreunt hard tegen mijn schouder. Gelukkig, denk ik. Ook dit kan ik doen dus. Ik zak op mijn knieën en neem zijn heerlijke besneden lans tussen mijn lippen, terwijl ik zijn lekkere billen blijf strelen. Mijn tong draait rond zijn eikel en maakt hem helemaal gek. Hij schreeuwt van opwinding en genot en spuit me dan vol. Hij leert het wel.

Als ik de volgende dag met mijn collega's onder de douche sta, heb ik natuurlijk bekijks. Rik slaat de spijker op zijn kop, voor ik ook maar iets kan uitleggen als hij vraagt of ik soms een vriendje heb. De anderen lachen en vragen hoe hij daar nou bij komt. Ik ben hem voor.

"Kijk maar eens naar zijn eigen kruis. Is het jullie nog nooit opgevallen dat zijn pik en ballen altijd netjes glad zijn?" Nog meer gelach.

"Je hebt helemaal gelijk, maatje," zegt hij en trekt me grappend tegen zich aan, "Marie pijpt me echt niet hoor als ik niet netjes geschoren ben."

Als we klaar zijn met douchen en ons afdrogen willen ook de anderen best even een goede blik werpen op mijn kale geval. De meningen zijn verdeeld. Farids mening is echter de enige die er toe doet en elke keer dat we elkaar bloot zien, verzekert hij me dat hij het een prachtig gezicht vindt.

De Ramadan loopt eind november af en Farid heeft me regelmatig iets over de Koran vertelt. Ik ben zelf niet religieus meer, maar vind het wel interessant om dingen erover te horen.
Hij vertelt ook dat hij tijdens de twee weken huisarrest een heel goed contact heeft gekregen met zijn oudste broer. Ali en hij hebben heel veel gesproken over de Koran en natuurlijk ook over homoseksualiteit. Tot elkaar gekomen zijn ze niet, maar het was wel heel goed, zo vertelt Farid. Als ik hem vraag hoe het contact met Abdullah nu is, kijkt hij me aardig donker aan. Ze mijden elkaar!

Farid viert het Suikerfeest, het officiële einde van de Ramadan, met zijn familie thuis en in de moskee. Begin december vat ik op de een of andere manier kou. Ik snotter en proest het nodige en denk dat het wel meevalt. Langzamerhand wordt het hoesten echter erger en als ik woensdagavond toch voor de late dienst verschijn, kijkt Rik me vreemd aan.

"Was het niet beter geweest om thuis te blijven?"

Ik schud het hoofd en loop met hem en de anderen de fabriek in. Twee uur later laat hij me door een collega naar huis rijden, omdat hij het niet meer verantwoord vindt dat ik doorwerk en ik heb het idee dat hij wel eens gelijk kan hebben. Mijn collega legt mijn fiets achter in zijn stationcar, stalt bij mijn flat de fiets en brengt me dan tot aan mijn voordeur. Ontzettend moe strompel ik naar mijn slaapkamer, schop mijn schoenen uit en kruip zonder me uit te kleden in bed.

De volgende ochtend heb ik, te voelen aan mijn voorhoofd, duidelijk verhoging. Ik loop onvast naar de badkamer en trek de kleren uit die me aan het lijf plakken, om me vervolgens te douchen. Klappertandend droog ik me af en trek in mijn slaapkamer een joggingpak aan, om dan weer snel in bed te kruipen. Farid is er tegen twee uur en verbaast zich erover dat ik in bed lig. Normaal ben ik er na een nachtdienst altijd al wel uit. Hij kijkt zorgelijk als hij naast me zit en vraagt of ik ook een thermometer heb. Nee, dus!

"Waar heb je je portemonnee liggen?"

"Wat moet je daarmee dan?"

"Ik ga je bestelen, man! Je bent nu zo ziek, dat je me toch niet achterna kunt komen!" grapt hij met een brede glimlach. "Ik ga een thermometer voor je kopen en wat eventueel nog meer nodig is."

"In de la van de kamertafel. En zou je ook even willen kijken naar de voorraad in de koelkast?"

Hij is lief genoeg om dat te doen en vertrekt even later met een paar tassen. Anderhalf uur later is hij terug met twee volle tassen en een thermometer.

"Hier, meteen even aanleggen, voordat ik aan het werk ga."

"Mmm, misschien beter dat jij dat even doet," maak ik een grapje.

"Schiet op, man!"

Ik doe wat mijn persoonlijke arts zegt en schuif de koude thermometer bij me naar binnen. Na een minuut ongeveer piept het ding. 38.9 geeft hij aan. Valt nog reuze mee vind ik. Farid is echter niet zo tevreden lijkt het als ik hem de stand doorgeef.

"Je ziet er niet goed uit. Je hebt knalrode wangen en je zweet hartstikke. Weet je zeker dat ik weg kan gaan?"

Na hem verzekerd te hebben dat er met mij niets ernstigs aan de hand is, gaat hij weg. Halverwege de avond voel ik gewoon hoe mijn temperatuur begint te stijgen, daarvoor heb ik geen thermometer nodig. Ik val in slaap, maar schrik regelmatig op uit mijn koortsige dromen.

Tegen zeven uur de volgende ochtend word ik met een schrik wakker en zit meteen rechtop in bed. Ik voel hoe het joggingpak doordrenkt is van het zweet en ook het beddengoed is zo nat, dat het lijkt alsof ik in bed gepiest heb. Voorzichtig en heel langzaam probeer ik uit bed te komen. Alles doet me zeer. Ik trek het hoeslaken van het matras af en verwijder ook de molton onderlegger, omdat ook die nat is. Dan haal ik het overtrek van het dekbed en het kussensloop van het kussen af en met deze lading loop ik naar de badkamer. Ik kom er echter niet. Halverwege moet ik op de grond gaan zitten, zo moe ben ik. Ik hoor de sleutel in het slot van de voordeur en hoor iemand binnenkomen. Het is Farid.

"Wat doe jij uit je bed man!" zegt hij met stemverheffing. "Ik had je toch gezegd dat ik er op tijd zou zijn."

"Wanneer dan?" verzucht ik. Ik kan me niet herinneren dat hij me zoiets gezegd heeft.

"Gisteravond na mijn dienst ben ik nog langs geweest."

Ik kijk hem niet begrijpend aan.

"Weet je dat niet meer?"

Ik schud mijn hoofd omdat ik me dat absoluut niet kan herinneren.

"Shit, ik had je gewoon niet alleen moeten laten."

"Wil je me even naar de badkamer helpen, ik moet naar het toilet en deze kleren stinken en plakken aan mijn lijf."

Hij helpt me overeind en stapje voor stapje loop ik dan, leunend op hem, naar de badkamer.

"Wil je douchen?" vraagt hij nadat ik mijn behoefte gedaan heb.

"Nee, dat lijkt me geen goed idee."

"Dan was ik je in elk geval eventjes."

Hij zet me neer op het krukje en ontdoet me langzaam van de plakkerige kleding. Heel vakkundig, alsof hij nooit iets anders heeft gedaan, wast hij me. Als hij klaar is, klappertand ik van de kou. Snel droogt hij me met een ruwe handdoek af en haalt dan nieuwe kleren. Gelukkig heb ik een tweede joggingpak. Hij installeert me op de bank met de slaapzak, terwijl hij mijn bed opmaakt en als hij daarmee klaar is, stopt hij me in bed en dit keer legt hij wel de thermometer aan. De stand is schrikbarend hoog: 39.9. Ik dommel weg en hoor op de achtergrond allerlei geluiden, maar die dringen niet echt tot me door.

Een paar uur later moet het zijn, als ik weer wakker word. Farid zit naast het bed op een stoel en leest een boek. Ik vraag hem met een enorm krakende stem, of hij niet naar school geweest is, wat hij bevestigt. Verbaasd kijk ik hem aan, maar ik ben te beroerd om met hem in discussie te gaan, laat staan te zeggen dat ik me goed voel, dat ik mezelf wel kan redden. Ik val opnieuw weg. Het is tegen twaalf uur als Farid me wakker maakt door voorzichtig aan mijn schouder te trekken.

"Je moet iets eten of drinken, Theo. Anders droog je uit."

"Ik wil niks," zeg ik, omdat ik echt hondsberoerd ben.

"Dat maakt me niet uit, je moet iets binnen zien te krijgen."

Hij haalt een bord uit de keuken met daarop witte rijst. Voorzichtig probeer ik wat kleine hapjes, maar al snel krijg ik braakneigingen. Farid is gelukkig snel genoeg met een emmer en zodoende blijft in elk geval mijn bed schoon. Als ik uitgespuugd ben, kijkt hij wel heel zorgelijk. Dan probeert hij me wat te laten drinken, maar alles wat erin gaat, komt er net zo snel weer uit.

"Laat me maar liggen, Farid." Ik ga weer liggen en val al snel weer in slaap. De koorts zorgt voor ijldromen en regelmatig word ik schreeuwend wakker, tenminste dat idee heb ik. Een paar keer is het ook echt het geval. Steeds is Farid dichtbij me als ik wakker word en dat is een hele troost. Zo voel ik me in elk geval niet helemaal alleen. Tegen de avond is de koorts nog steeds niet gezakt. Geen wonder ook, want zelfs paracetamol houd ik niet binnen. Diverse keren heeft Farid geprobeerd me wat te laten drinken, maar m'n hele lichaam protesteert.

Het moet al laat zijn, als Farid nogmaals een poging onderneemt. Hij laat zich niet snel uit het veld slaan. Wederom lukt het niet. Hij zegt dat ik rustig moet blijven liggen dat hij even wat dingen moet regelen. Hij loopt naar de woonkamer en ik hoor hem telefoneren. Daarna val ik weer in slaap. Het is echter meer een sluimeren, diep in slaap val ik niet. Steeds weer droom ik en af en toe meen ik flarden van gesprekken te horen. Ik verbeeld me dat er mensen naar me staan te kijken, maar als ik dan mijn ogen opendoe, is er niemand. Ook voel ik af en toe iets kouds op mijn voorhoofd. Zal wel een washandje of zo zijn, denk ik.
Midden in de nacht word ik wakker uit een enge droom. Tenminste het lijkt erop dat het midden in de nacht is. Ik ben elk gevoel voor tijd kwijt en draag ook mijn polshorloge niet. Waar is die gebleven? Ik hoor de wasmachine draaien en vraag me heel even af, hoe Farid dat voor elkaar gekregen heeft. Dan val ik weer weg.

Ik weet niet hoe laat het is als ik weer wakker word. Het is nog steeds donker, maar ik realiseer me inmiddels wel dat het december is en dat de dagen kort zijn. Als ik m'n hoofd opzij draai, zie ik Farid op de grond in de slaapzak liggen. Is hij blijven slapen? Hij wordt wakker van het kraken van mijn bed en heeft meteen zijn ogen wagenwijd open.

"Ben je allang wakker?"

Ik schud mijn hoofd voorzichtig om te voorkomen dat het gaat bonken, want ik heb best veel last van hoofdpijn. "Waarom ben je blijven slapen?"

"Ik kon jou toch niet alleen laten. Je had nog steeds ontzettend veel koorts en je ijlde. Dat was echt niet vertrouwd."

"Maar hoe heb je dat met je thuis dan geregeld?" wil ik weten.

"Hoe is het nu?" negeert hij mijn vraag.

"Het gaat wel. Ik voel me niet meer misselijk in elk geval, dus dat is al een hele verbetering."

"En de koorts?"

Ik leg mijn hand op mijn voorhoofd en heb het idee dat die flink gezakt is. "Aan de beterende hand."

Hij staat op en met interesse kijk ik naar zijn bijna geheel blote lichaam. Yep, als ik daarvoor weer aandacht heb, moet het inderdaad een stuk beter met me zijn. Alleen gekleed in een slip brengt hij mijn hoofd aardig op hol.

"Hier," zegt hij terwijl hij mij de thermometer overhandigt, "even checken!"

"Wil jij hem niet …"

"Nee, dit keer niet, makker. Heb het idee dat het al weer aardig goed met je gaat."

Schijn bedriegt echter en ook mijn hand blijkbaar. De temperatuur is nog steeds vrij hoog: 38.7. Het zieke gevoel is voor mijn idee een stuk verdwenen, maar als Farid voorstelt dat ik me eventjes wat opfris, merk ik dat ik nog echt ziek ben. Als ik op mijn beide voeten sta, val ik zowat ondersteboven. Ik ben gewoon hartstikke slap in de benen en alle spieren in mijn lijf lijken dienst te weigeren. Strompelend gaat het weer in de richting van de badkamer. Farid spoelt me met de doucheslang af, terwijl ik op het krukje zit. Ik voel me echt een hulpbehoevende, maar ben vreselijk blij dat ik iemand heb die er is om voor mij te zorgen. Dan droogt hij me af en brengt me naar de woonkamer. Hij kleedt me aan en verbaasd vraag ik me af waar dit rode joggingpak vandaan komt. Ik heb geen rood joggingpak!

"Waar komen deze kleren vandaan?"

"Straks is het vragenuurtje, makker, nu nog niet. Ik heb eerst nog werk te doen."

Net als gisteren installeert hij me op de bank en dan gaat hij terug naar de slaapkamer, waarschijnlijk om het bed te verschonen, maar ook dat kan eigenlijk niet, want ik heb maar twee stel beddengoed en die was van vannacht kan nu nog niet droog zijn. Ik moet maar even wat geduld hebben en zo denkende, val ik weer in slaap. Douchen moet vermoeiend zijn.

Als ik dan weer wakker word, is het licht buiten. Tenminste wat voor licht kan doorgaan in december. Het lijkt een grauwe, grijze dag buiten te zijn. Farid zit aan de grote tafel en zo te zien is hij bezig met zijn huiswerk. Hij heeft meteen door dat ik wakker ben en vraagt of ik iets wil eten. Ja, daar heb ik eigenlijk best zin in. Hij vraagt of ik wat rijst wil, maar dat lijkt me niet iets.

"Doe me maar een boterham met bruine suiker," stel ik hem voor.

Hij gaat naar de keuken en even later is hij terug met een boterham voor mij en ook eentje voor hemzelf.

"Had je nog niet gegeten?"

"Dat wel maar een boterham met bruine suiker gaat er altijd wel in," licht hij toe.

Veel meer dan een paar stukjes krijg ik niet naar binnen. Het lijkt of ik ineens hartstikke vol zit. Farid kijkt bezorgd en ik beloof hem dat ik later het restant zal proberen op te eten. Hij lost een paracetamol voor me op in een glas water en met dat in mijn maag zit ik goed vol. Geen topprestatie, ik weet het, maar gezien de omstandigheden toch wel aardig. Zeker in vergelijking met gisteren, want toen is er volgens mij meer uitgegaan dan ingekomen.

"Ik denk dat ik maar weer eens ga slapen," stel ik voor.

Farid biedt de helpende hand en brengt me terug naar de slaapkamer. Het bed is fris gedekt met spullen die niet van mij zijn. Als ik mijn mond open wil doen om opnieuw mijn vragen te spuien, legt hij zijn vinger tegen mijn lippen.

"Ga nou eerst maar eens slapen. Straks mag je me van alles vragen en beloof ik je dat ik een antwoord verzonnen zal hebben."

Ik moet het er maar mee doen, want ik ben gewoon erg moe en wil alleen maar slapen.

***


"Hoe laat is het?" roep ik naar de woonkamer als ik wakker geworden ben.

Farid komt aangelopen en zegt me dat het bijna vijf uur is. Idioot toch, dat je zo ontzettend lang kunt slapen!

"Heb je zin in iets eten?"

Ik knik. Hij geeft me mijn ochtendjas aan en vraagt me of ik ook dikke sokken of zo heb, want tot nu toe heeft hij niets aan sokken kunnen vinden. Ik zeg hem dat ik een paar Noorse sokken heb liggen bij mijn schaatsen op de bovenste plank van de voorraadkast.

Hoofdschuddend en glimlachend loopt hij weg.

"Gevonden," zegt hij even later en enthousiast komt hij terug. "Zijn dit echt de enige sokken die je hebt?"

"Ik draag nooit sokken, man! Dat weet je inmiddels toch wel!"

"Dat wel, maar je zou ze toch in huis kunnen hebben. Ik draag ook nooit een pyjama, maar heb er wel een paar in de kast liggen, om maar wat te noemen."

Ik zou hier iets op kunnen zeggen, maar omdat ik geen zin heb in dit soort discussies, reageer ik maar niet. Met de sokken aan mijn voeten loop ik met hem mee naar de woonkamer. Het gaat een stuk beter, heb ik het idee, want hoewel alles me nog steeds zeer doet, heb ik Farids steun niet echt nodig. Ik ga aan tafel zitten en even later dient Farid een pan met warme soep op. Ruiken doe ik weinig, maar de damp slaat er vanaf als hij het deksel oplicht om op te scheppen. Ook nu weer eet ik niet veel meer dan een paar happen.

"Je moet toch echt proberen wat meer te eten, Theo," zo dringt hij aan.

"Ik zou heel graag willen, Farid maar ik krijg echt niet meer naar binnen. Het heeft me trouwens heel goed gesmaakt."

"Wel eerlijk blijven, makker! Volgens mij heb je helemaal je smaak niet en heb je er dus amper iets van kunnen proeven."

Ik lach naar hem. "Je hebt gelijk. Laat ik dan niet echt mijn smaak hebben maar ik heb het wel lekker gevonden. Het hongerige gevoel dat ik zojuist had, is verdwenen."

"Zeker weten?"

"Zeker weten!" bevestig ik. Farid eet nog eventjes door en ik kijk toe hoe hij nog een tweede keer vol schept.

"Volgens mij ben je kilo's afgevallen," zegt hij, als hij uitgegeten is en me aan een grondige ogenschouw heeft onderworpen.

Ik knik en zeg hem dat zijn vermoeden wel eens goed zou kunnen zijn en dat ik voorlopig uit de buurt van de weegschaal zal blijven.

"Mooi niet! Zodra je straks weer wat beter bent, ga je op de weegschaal, omdat ik wil zien hoe zwaar je nu bent en in de gaten kan houden dat je weer aansterkt."

"Dank je, moeder!" zeg ik grappend.

"Geen grapjes maken over serieuze zaken. Hoe zwaar ben je normaal?"

Ik antwoord hem dat mijn normale gewicht zo tussen de 70 en 72 kilo schommelt.

Hij kijkt zorgelijk en gokt dat ik dat nu lang niet zal halen.

"We kijken later wel eens, oké?"

Hij vindt het goed en ruimt af.

Ik wil niet weer meteen het bed in en ga op de bank zitten.

Even later komt hij gezellig erbij. Hij schuift dicht tegen me aan. "Je bent net een kacheltje," zegt hij, "als je niet zo ziek was, zou ik erom kunnen lachen."

"Dat moet je nu ook doen, Farid. Ik heb het gevoel dat ik het ergste gehad heb."

Dan gaat de telefoon. Farid neemt op en met de hand over het spreekgedeelte zegt hij dat het Rik is. Ik neem de hoorn over en meld me. Rik begint meteen te praten. Een korte samenvatting van het gesprek is dat hij zich zorgen maakt om me en dat hij er pas vandaag aan dacht dat ik helemaal alleen ben. Hij voelt zich behoorlijk schuldig en ook al zeg ik hem dat ik prima verzorgd ben de laatste dagen, heb ik het idee dat het hem niet helemaal lekker zit. "Rik, nogmaals. Ik heb echt een uitstekende verzorging gehad de laatste dagen."

"Ja, maar ik had er eerder aan moeten denken. Ik vergeef mezelf dit nooit."

"Kom zeg! Niet zo dramatisch, man! Zo ken ik je niet."

"Ik mezelf ook niet. Normaal denk ik altijd aan dat soort dingen van mijn mensen. En nu … nu ben ik het helemaal vergeten."

Na nog enig heen en weer gepraat krijg ik hem toch rustig en beloof ik hem dat we het later op werk zullen uitpraten. Ik weet niet of hij nu rustig zal slapen vannacht, maar hoop het wel voor hem en zijn vrouw. Op de vraag of ik enig idee heb wanneer ik weer aan het werk kan gaan, moet ik ontkennend antwoorden. Ik weet het echt nog niet en laat dat ook duidelijk blijken. Rik geeft aan dat ik alle tijd moet nemen om goed uit te zieken. Met een groet en de wens dat het me snel beter mag gaan van zijn kant, beëindigen we het gesprek.

"Je collega?" vraag Farid.

"Ja. Mijn chef. Leuk dat hij belde, maar wel een beetje overbezorgd."

"Goed dat dat soort mensen er ook is," geeft Farid aan.

Ik kijk hem aan en kan niet anders dan het met hem eens te zijn. Als Farid me gevraagd had of hij bij me zou moeten blijven de afgelopen nacht, dan had ik hem vast naar huis gestuurd, maar dankzij zijn bezorgdheid is hij gebleven en ik denk dat dat heel goed geweest is.

"Maar nu mijn vragen," zeg ik en kijk hem recht in de ogen. Hij slaat zijn ogen niet neer maar blijft me aankijken met een blik van: 'kom maar op'. "Ten eerste: hoe heb je het thuis uitgelegd, dat je de afgelopen nacht bij mij bent blijven slapen? Ten tweede: hoe weet jij hoe je een wasmachine moet bedienen? Ten derde: van wie is dit joggingpak en van waar komt het beddengoed op mijn bed vandaan?"

"Zo, heb je lang erover nagedacht om dit te formuleren?"

"Nee, en je mag ze in willekeurige volgorde behandelen als je wilt." Hij lacht naar me en is heel ontspannen, zo lijkt het.

"Je volgorde is prima en dus zal ik hem aanhouden. Toen ik jou vrijdagochtend zo ziek aantrof, durfde ik je niet alleen te laten. Mezelf ziekmelden op school kon niet, dus heb ik mijn moeder opgebeld en haar het een en ander uitgelegd."

"Zij weet dus dat jij en ik … "

"Ja."

"En?" vraag ik met grote vragende ogen, omdat dit antwoord me heel belangrijk lijkt.

"Ze is bang voor wat ervan kan gaan komen."

Ik begrijp het geloof ik niet helemaal. Bang waarvoor? Voor het feit dat haar zoon wellicht homoseksueel is. Farid geeft meteen echter een toelichting. "Ze vindt het op zich niet erg dat ik eventueel homoseksueel ben, maar is meer bang voor de gevolgen binnen onze gemeenschap."

"En wat kunnen die zijn dan?"

Dit keer geeft hij niet meteen antwoord. Zijn ogen zijn wel op me gericht, maar het lijkt alsof hij me niet ziet. Alsof hij dwars door me heen kijkt. Na een tijdje pas gaat hij verder.

"Het is heel waarschijnlijk dat ik niet meer tot de gemeenschap zal kunnen behoren. Homoseksualiteit is bij ons nog niet zo gewoon als op andere plaatsen in de Nederlandse samenleving, maar ook in sommige christelijke kerken hier is het nog verboden. Of hebben ze constructies bedacht dat iemand wel homoseksueel mag zijn, maar het niet mag bedrijven."

"Ja. Idioten!" Ik sla mijn arm om hem heen en trek hem tegen me aan. "Zijn er nog andere gevolgen?"

"Ja, maar daar wil ik liever nog niet aan denken."

Enerzijds heb ik begrip voor dit ontwijkende standpunt, maar anderzijds wil ik ook wel weten waar we aan toe zijn. "Vind je het erg als ik aandring? Als ik toch graag wil weten waar we naar toe gaan met z'n tweeën als we zover komen?"

Opnieuw is het een tijdlang stil. Zijn ogen dwalen door de kamer en het is heel duidelijk te zien dat hij zoekt naar antwoorden. Antwoorden die hij zelf nog moet formuleren, zo lijkt het.

"Nee, ik vind het niet erg. Je hebt er recht op. Laten we afspreken dat we vooral altijd open en eerlijk tegenover elkaar zijn. Ja?"

Ik knik instemmend en beaam daarna ook zijn woorden nog eens om het kracht bij te zetten.

Hij ademt diep in. "Als wij echt iets met elkaar krijgen dan … dan zal mijn familie me volgens de Koran moeten verstoten. Officieel mag ik dan geen contact meer hebben met mijn familie."

Ik kijk hem met grote ogen aan. Ogen waarin afschuw te lezen moet zijn, want zoiets is gewoon afschuwelijk. Hoe kun je zoiets doen! Zonder dat ik aan zijn woorden twijfel komt die twijfel toch over mijn lippen. "Echt?"

"Ja, er zal dan een breuk ontstaan, die nooit meer hersteld zal kunnen worden."

Stilte van beide kanten nu. Hij is bezig met zijn gedachten en ik ook. Zal ik ooit zoiets van hem kunnen vragen?

"Zou je zoiets aankunnen?"

"Ik weet het niet. Op dit moment in elk geval nog niet. Ik ben er nog niet sterk genoeg voor, zit met mijn wortels nog te diep in mijn familie om hen zondermeer af te kunnen snijden." Een diepe zucht volgt en daarna een lange stilzwijgen. "Oké," zo verbreekt hij de stilte, "ik ben nog lang niet door je lijstje heen. Ik heb mijn moeder dus het een en ander uitgelegd en haar gezegd dat ik van school moest blijven, omdat ik je niet alleen wilde laten. Ze heeft me ziek gemeld. Toen het 's avonds nog steeds zo beroerd met je ging, begon ik best wat bang te worden en heb ik haar opnieuw gebeld. Ze zegde toe meteen te zullen komen en ik heb haar gevraagd wat kleren en beddengoed mee te nemen."

"En eigenlijk heb je nu dus meteen alle drie de vragen in één keer beantwoord."

"Nee, nummer 2 nog niet. Ze heeft toen ze hier kwam me uitgelegd hoe de wasmachine werkt." Hij glimlacht naar me en geeft me een kusje op mijn wang. "Tevreden?"

Ik knik voldaan en geef hem een kusje terug. "Wiens joggingpak is dit?" wil ik dan toch nog weten.

"Een oude van Ali. Hij is de enige die een beetje jouw postuur heeft, vandaar."

"Nog een vraagje." Hij knikt bij wijze van toestemming. "Je moeder is dus hier geweest …"

"Ja en Ali ook. Die heeft haar hierheen gereden 's avonds."

"Oké, je moeder en Ali zijn dus hier geweest. Ik ben grotendeels onder zeil geweest, maar heb toch gemeend flarden van gesprekken opgevangen te hebben, maar … niets doet me eraan herinneren, dat ik Marokkaans heb horen spreken."

"Nee, natuurlijk niet, man! Ali begon wel meteen in het Marokkaans te praten, toen hij binnenkwam en hij me heel duidelijk maakte, dat hij hier eigenlijk niets mee te maken wilde hebben, maar ik heb hem, en mijn moeder, er meteen op gewezen dat ze hier in huis Nederlands moeten praten."

"Waarom?"

"Wel zo netjes toch? Zij zijn de vreemden hier in huis. Stel je voor dat je minder ziek was geweest en ons in het Marokkaans had horen praten. Je had wel allerlei rare ideeën kunnen krijgen. En bovendien, zoals ik al zei, is het wel een stuk beleefder. Jij verstaat geen woord Marokkaans en dan vind ik het niet meer dan normaal dat iedereen hier in jouw huis de taal spreekt die jij kunt verstaan."

"Ik geloof dat ik het al vaker gezegd hebt, maar weet je dat je ontzettend lief bent?" Hij gniffelt wat en nestelt zich nog dieper in mijn armen. "Weet je vader ook van ons?"

"Mijn moeder houdt het voorlopig voor zich. Dat lijkt haar het beste en wie ben ik om te twijfelen aan de wijsheid van mijn moeder?"

"En Ali? Houdt die zijn mond dicht?"

"Denk het wel. Mijn moeder heeft hem heel duidelijk te verstaan gegeven, dat hij met geen woord mag reppen over ons. En Ali is de minste niet. Hij maakte dan wel meteen bezwaar toen hij hier binnen kwam, maar … hij meent het niet zo. Natuurlijk is hij op zich wel tegen dat wij wat hebben, maar … de soep wordt niet zo heet gegeten als hij wordt opgediend, zal ik maar zeggen."

"Oh gut," roep ik ineens uit, terwijl ik mijn hand voor m'n hoofd sla. "Is het al Sinterklaas geweest?"

"Ja, slome! Gisteren natuurlijk."

"Kom op! Aan het werk, jij! Hij heeft hier ergens cadeaus verstopt en die moet jij gaan zoeken," zeg ik hem. Een beetje uilig kijkt hij me aan.

"Meen, je dat echt?" Van mijn gezicht leest hij af dat ik serieus ben, maar toch blijft hij onverstoorbaar zitten op de bank.

"Jongen, het blijkt dat je me nog lang niet goed genoeg kent. Ik hou van het Sinterklaasfeest en dus houdt Sinterklaas van mij."

"Het is een kinderfeest! Word volwassen!"

"Nooit!" zeg ik heel pertinent. "In mij zal altijd iets van het kind blijven, Farid. En geloof me, dat pas ik niet aan. Ook niet voor jou. Wen er maar vast aan!"

"Oké, ik zal gaan zoeken, maar alleen als je me een beetje helpt."

Met het bekende 'warm' en 'koud' leid ik hem door de kamer. En na een dikke tien minuten vindt hij achter de bank twee kleurig ingepakte dozen. Één voor hem en één voor mij. Ik doe alsof ik verwonderd ben, maar kan me bedwingen en laat hem eerst zijn cadeau uitpakken. Het is een paar gympen van het merk dat we beiden dragen. Hij is echt verrukt, als hij ze in zijn handen heeft en bedelft me onder de kusjes. Dan is het mijn beurt. Ook ik krijg van de goede Sint een paar gympen. Maar goed dat hij niet weet, wat we er allemaal mee doen! Opdat we toch nog een beetje Sinterklaas kunnen vieren haalt Farid chocolademelk uit de supermarkt.

Als hij terug is drinken we het gezellig op. Ik, een heel klein beetje. Het inspuiten van de schoenen laten we liggen voor een andere keer. Die avond blijft hij nog bij me. Hoewel ik hem in mijn tweepersoonsbed uitnodig, geeft hij er vanwege mijn van de koorts zwetende lijf de voorkeur aan in de slaapzak op de grond te slapen. Ik wijs hem erop dat hij dan wel het luchtbed moet gaan zoeken.

"Had je me niet eerder kunnen vertellen dat je een luchtbed hebt?" luidt zijn commentaar.

Als hij zondagmiddag weggaat, voel ik me ineens heel erg alleen en besef ik me dat ik het gedoe met de schoenen zou kunnen missen, de seks ook nog wel, maar Farid absoluut niet. Ik had absoluut niet de bedoeling om zo verliefd te worden, maar dat heeft er natuurlijk ook alles mee te maken, dat ik niet wist wat verliefdheid was, maar nu … nu denk ik dat wel te weten.



Reacties zijn van harte welkom op de site waar dit verhaal legaal geplaatst is maar ook via mijn e-mailadres: lucky_eye2@yahoo.co.uk



©Lucky Eye, februari 2019 (herzien)
Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de houder van het auteursrecht.

Lucky Eye
Berichten: 144
Geregistreerd: zaterdag 07 februari 2015 16:42
Woonplaats: Zwolle
Ontvangen Bedankjes: 184 keer
Bericht Re: WIE DE SCHOEN PAST ... door Lucky Eye » zaterdag 09 februari 2019 07:46

Hoofdstuk 4

De week daarna blijf ik nog thuis van het werk. Mijn temperatuur daalt langzaam tot normalere waarden en elke dag voel ik me weer wat sterker. En elke dag komt Farid langs om te kijken hoe het met zijn patiënt gaat. Donderdag bel ik Rik op om te zeggen dat ik op maandag weer ga beginnen. Hij is blij dat het me weer goed gaat. Het werken valt me de eerste dagen toch nog wel wat tegen. Wat rustig thuis bezig zijn is heel wat anders dan acht uur echt werken en daarom stuurt hij me de eerst drie dagen ook met de pauze naar huis. Natuurlijk protesteer ik eerst maar dan laat ik me naar huis sturen. Ik weet dat hij het beste met me voor heeft.

Aan het eind van de week koop ik op verzoek van Farid een kerstboom. Eigenlijk had ik gewild dat hij met me mee zou gaan om er eentje uit te kiezen, maar dat wil hij niet. Ook de versiering moet ik alleen gaan kopen, maar wel met een lijstje waaraan alles moet voldoen. 'Ik wil een bonte boom' zo heeft hij mij gezegd. En dus koop ik ballen in allerlei formaat en kleur en gekleurde lichtjes. Op vrijdag tuigen we samen de boom op. Het doet me denken aan de jaren dat ik thuis mijn vader meehielp en als Farid en ik samen op de bank in het donker naar de boom zitten te staren, kan ik niet anders dan een traantje wegpinken.

"Alles goed?" vraagt Farid.

Ik geef hem aan dat ik een beetje emotioneel ben. Waarschijnlijk het resultaat van mijn ziekte, zo leg ik hem uit.

"Moet je om emotioneel te zijn, ziek geweest zijn dan?"

"Nee, natuurlijk niet, maar ik laat niet altijd mijn emoties blijken."

"Waarom niet?"

"Nou ja … "

"Vind je het een teken van zwakte?"

"Misschien wel. Ik ben meer een binnenvetter. Iemand die zijn eigen problemen oplost en niet zo snel laat zien wat hij voelt."

"Oh. Dan hoop ik dat je wel wat zult veranderen, want ik wil altijd weten wat je voelt."

"Doe jij dat ook?"

"Eh. Nee. Eigenlijk niet."

"Waarom wilde je niet mee met het uitzoeken van de boom bijvoorbeeld."

"Omdat ik niets wil forceren. Ik zou niet willen dat mensen van onze gemeenschap mij met jou zien en daar dan iets achter gaan zoeken. Nu nog niet! Begrijp je?"

"Ja, ik begrijp het wel." Snel gezegd, maar liever zou ik willen dat hij zich gewoon met mij op straat vertoonde.

"Begrijp je het echt?"

"Ja. Maar mag ik misschien wel zeggen, dat ik het iets vervelend vind?"

"Ja. En daar heb ik alle begrip voor. Ik vind het zelf ook heel huichelachtig eigenlijk, maar ik wil het nu nog niet openbaar hebben. Dingen zouden dan in een soort lawine terecht komen en dat zou ik niet aan kunnen. Nu nog niet. Ik moet me nog leren te pantseren. Ik moet nog een muur om me heen leren optrekken, waarbij ik leer te kiezen voor wat ik zelf wil. Voor wat goed is voor ons. En daarmee ben ik nog bezig."

"Je bedoelt dat je eventueel verstoten zult worden van je familie en zo?"

"Ja."

Ik kus hem op zijn voorhoofd en verzeker hem dat ik hem alle tijd zal geven die hij nodig heeft en dat ik er altijd voor hem zal zijn om hem bij wat voor keuze dan ook te helpen. Diep van binnen hoop ik echter dat het nooit zover zal komen, dat hij zijn familie zal moeten laten vallen.

***


Farid heeft de week van de 22e december al vrij van school, maar ik moet nog gewoon werken. Ik heb late dienst. Op die maandag word ik tegen zeven uur 's ochtends wakker van een sleutel in het slot. Verbaasd schiet ik overeind. De buitendeur gaat open en dicht en dan gaat de deur van mijn slaapkamer open.

"Ik ben het," hoor ik Farid fluisteren.

"Wat kom je doen zo vroeg, man?"

Een antwoord volgt in zijn daden. Ik hoor hoe hij uit zijn kleren stapt, het dekbed opslaat en dan legt hij zijn ijskoude lichaam tegen mij aan. Hij klemt zich stevig tegen mijn warme lijf aan en streelt me overal. Mijn warme handen glijden over hem heen en al snel is hij op temperatuur. Terwijl hij in mijn armen ligt, valt hij in slaap. Ook ik slaap even later weer in. Het zijn heerlijke ochtenden die week. Elke dag komt Farid om zich aan mij te warmen en natuurlijk hebben we de nodige seks als we uitgeslapen zijn. We genieten van elkaar en van de sfeer die we in huis gebracht hebben met de kerstboom. Het lijkt alsof we het donker rondom ons heen wat op afstand kunnen houden nu. Heel vaak praten we over wat er eventueel staat te gebeuren en heel vaak kruipen we dicht tegen elkaar aan.

'Samen kunnen we het aan', verzekert Farid me regelmatig en natuurlijk stel ik hem dan gerust, omdat er volgens mij niets is wat we niet aankunnen, hoewel ik dolgraag zou willen dat het nooit zo ver hoeft te komen.

Het is gewoon niet normaal dat zoiets in deze tijd nog mogelijk is. Hoe kun je iemand dwingen om afstand te doen van zichzelf? Hoe kun je iemand dwingen om tegen zijn eigen natuur in te gaan? De beloning is dan wel dat je niet verstoten zult worden door je familie, je meest geliefden, maar toch.

Met de kerstdagen draai ik een soort van aparte dienst. Ik werk van 06.00 tot 10.00 uur en 's avonds van 18.30 tot 22.30 uur. Vrijwillig gekozen, omdat ik toch geen voornemens had en nog niet wist van het bestaan van Farid, toen de roosters werden gemaakt. Als ik op de avond voor Kerst zo tegen elf uur 's avonds het huis binnenga, loop ik meteen door naar de slaapkamer. Ik ben doodmoe. Er ging van alles mis op het werk en maar met grote moeite hebben mijn collega's en ik het voor elkaar gekregen om de boel draaiende te houden. Ik kleed me uit en als ik in bed stap, bemerk ik pas de aanwezigheid van mijn vriendje. Hij heeft het bed voorverwarmd en waar ik hem laatst steeds moest verwarmen, is het nu zijn beurt.
Zijn heerlijke warme handen glijden over mijn rillerige lijf en al snel voel ik mijn bloed sneller stromen. Hij is heet en geil, en duwt zijn harde keer op keer tegen me aan. Als ik aanbied hem te pijpen, duwt hij mijn hoofd weg en neemt hij zelf mijn aardig slappe in zijn mond. De beroering van zijn lippen en tong brengt mijn pik snel in optima forma. Farids tong maakt dat de vlammen me nu zowat uitslaan. Zijn lippen vormen een strak gaatje waardoorheen mijn eikel in en uit glijdt. Dan zuigt hij mijn harde helemaal naar binnen.

Ik kom, veel te vroeg voor mijn doen, en spuit hem in zijn keel. Hij slikt en kruipt dan omhoog. Hij brengt zijn lippen op de mijne en als zijn tong naar binnenschiet, voel ik ook een gedeelte van mijn eigen warme zaad in mijn mondholte glijden. Het is een heerlijk, geil en opwindend gevoel. Zijn mond glijdt naar mijn oor en met het puntje van zijn tong kietelt hij erin. Ik probeer me los te wurmen uit zijn greep, maar hij is op dit moment te sterk voor me. Dan zet hij zijn lippen tegen mijn oor en fluistert: "Mag ik je neuken?"

Het is alsof een hittegolf zich op me stort. Oh, wauw, dit wil ik zo ontzettend graag. Maar omdat ik zo overdonderd ben door zijn vraag, vergeet ik in eerste instantie helemaal te antwoorden. Pas als hij zijn vraag opnieuw stelt, geef ik hem antwoord. "Oh, ja," kreun ik. "Maar wel met volledig voorspel." Ik zie zijn brede glimlach boven me en hij salueert. Dan zie ik in het schaarse licht van de maan zijn gezicht iets betrekken. Ik interpreteer dat op mijn manier en bevestig hem nogmaals dat het geen verplichting is, dat ik hem daarna ook neem. Zijn betrokken gezicht klaart op. Ik stap uit bed en haal snel een aantal kaarsen uit de woonkamer en steek die aan. Zo heeft het licht van de maan wat hulp en kan Farid goed zien wat hij doet.

"Op je knieën dan maar, schatje," zegt hij me als ik weer in bed stap en maar wat graag geef ik gehoor aan zijn verzoek.

Hij streelt over mijn rug van mijn schouders tot aan mijn billen. Het geeft een heerlijk tintelend gevoel in mijn lijf. Dan glijden zijn handen over mijn achterwerk en kneedt hij mijn billen op een fantastische manier. Af en toe steekt hij een hand tussen mijn benen door en grijpt hij me in mijn ballen of geeft hij een ruk aan mijn keiharde penis. Elke beweging aan en over mijn lichaam doet me kreunen. Als dan uiteindelijk zijn vingers door mijn bilspleet gaan, ben ik niet meer te houden.

"Gaat ie goed, lieverd?" vraagt hij hijgend.

Ik kreun iets onverstaanbaars terug. Hij intensiveert het kneden van mijn billen en trekt ze dan ferm uit elkaar. Ik schreeuw. Niet van pijn maar puur vanwege de opwinding. Dan brengt hij zijn tong naar mijn bilnaad. De natte lap die zo-even mijn oor teisterde laat nu een nat spoor achter op de meest gevoelige plaats van mijn hete lijf. Hij doet het heerlijk! Maakt me gigantisch nat van achteren en drukt regelmatig het puntje hard tegen mijn gaatje aan. Vervolgens duwt hij een nat gemaakte vinger voorzichtig naar binnen. De vinger gaat heen en weer in mijn natgemaakte opening en komt steeds dieper. Beiden maken we veel geluid. Beiden zijn we gigantisch opgewonden.

"Moet ik een condoom gebruiken? Ik heb er bij me hoor?"

Ik zeg hem dat het niet nodig is, dat ik altijd veilig gevreeën heb.

"Zeker weten?"

Dan neemt de magie van het moment eventjes af. Ik draai mijn hoofd naar hem om en vraag hem of hij de afgelopen tijd nog met iemand geneukt heeft.

Hij schudt zijn hoofd. "Ook ik heb altijd op safe gespeeld en sinds ik jou ken, heb ik geen meisjes meer gehad."

"Echt niet?" vraag ik plagend.

Voor mijn plagerij krijg ik een harde klap met de vlakke hand op mijn billen.

"Kinky," roep ik uit en krijg er vervolgens nog een.

Dan is zijn wedervraag aan mij hoe het met mijn amoureuze leven gesteld is geweest de laatste tijd.

"Jij bent de enige geweest, Farid."

Dan verliest hij geen tijd meer en zet zijn eikel tegen mijn gaatje aan. Een goed begin is het halve werk lijkt zijn motto te zijn, want hij duwt hem meteen stevig naar binnen. Goddomme, het is lang geleden, dat ik geneukt ben geweest en het voelt ontzettend strak aan. Ik kreun het uit. Het is best pijnlijk na zo'n lange tijd en dat ding van Farid voelt ontzettend groot van achteren. Hij gaat terug en dan weer naar binnen en dan … dan spuit hij zich leeg. Hij trekt zich meteen terug, ploft op het bed neer en slaat woest met zijn vuisten op het matras.

"Wat is er?" roep ik verbaasd over zoveel agressie. Hij draait zich van me af en trekt het dekbed over ons beiden heen. "Farid, doe niet zo moeilijk. Wat is het probleem! Zeg het me!"

"Ik wilde dit niet zo! Ik wilde niet zo snel komen!"

"Wat had je dan verwacht? Dat je zoiets meteen goed zou kunnen doen?"

"Op z'n minst!" briest hij me nog steeds zijn rug tonend."

"Draai je om en kijk me alsjeblieft aan, als we met elkaar praten." Hij draait zich om maar kijkt me niet aan. "Ging het met je meisjes de eerste keren wel goed?"

"Stukken beter in elk geval."

"Tja, een man neuken is dus heel iets anders, blijkt wel."

"Maar het is ook zo lullig voor jou!"

"Hoezo?" Ik begrijp hem niet. Ik begrijp er niets van.

"Ik neuk je niet alleen om mijn kwakkie te lozen. Ik wil ook dat jij er plezier aan kunt beleven."

Ah, ik geloof dat ik al vaker gezegd heb, dat hij echt lief is en dit bewijst het weer eens opnieuw. "Oké, nu begrijp ik het," zeg ik hem, terwijl ik door zijn zwarte krulletjes strijk. "Je bent erg lief, weet je dat?" Hij gniffelt iets maar blijft toch nog wat mokken. "Lieve Farid, de eerste keren dat ik een jongen neukte, was het gewoon een ramp. Erger nog dan jij gepresteerd hebt. Ik kwam niet eens zo ver dat ik in hem spoot, maar kwam al klaar toen ik mijn eikel tegen zijn kontgaatje zette. Maar het gaf niet. We waren beiden even onervaren en elkaar aan het ontdekken. En laat ik dan meer ervaring hebben dan jij, ik heb geen verwachtingen van jou, lieve man van me. Wat je met mij gedaan hebt, was in een woord heerlijk. Je hebt mij prima verwend."

"Maar … "

"Natuurlijk kan het beter. Maar is dit ook meteen onze laatste keer dan?"

Fronsend kijkt hij me nu aan. "Ik hoop van niet."

"Idem dito. Ik hoop dat je het nog veel vaker wilt doen met me. En geloof me. Je zult merken dat het steeds beter gaat en ook als het eens een keertje helemaal niet lekker gaat, laat je dan niet uit het veld slaan, kerel van me." Een glimlach breekt door op zijn gezicht, we kruipen dicht bij elkaar en vallen al snel in slaap.

***


Om vijf uur rinkelt mijn wekker en moet ik er uit om te douchen, te ontbijten en naar mijn werk te gaan. Farid houdt me echter stevig vast en wil me niet laten gaan voor hij een nieuwe poging gewaagd heeft. Ditmaal doen we het niet op z'n hondjes, maar leg ik mijn benen tegen zijn schouders. Zijn pik is heerlijk stijf als de eikel naar binnen glijdt. Het lukt hem om een paar keer heen en weer te gaan en dan stort hij zich leeg. Even is er een bedenkelijk trekje op zijn gezicht, maar dan … dan knipoogt hij naar me.

"Ik leer het nog wel," zegt hij, springt uit bed en terwijl ik me douche, maakt hij het ontbijt klaar.

Als ik tegen half elf weer thuis ben, duiken we meteen in bed. Farids derde poging is een fiasco. Hij is gewoon te opgewonden en herhaalt mijn ramp waarover ik hem eerder vertelde. Gelukkig kunnen we erom lachen. Uitvoerig vertel ik hem daarna, op zijn verzoek, over mijn seksleven, voordat hij in beeld kwam. Ik vertel hem van mijn drie vrienden, waarmee ik in een zomervakantie een huisje aan zee huurde. Hoe we gevieren uitgevonden hebben hoe het is om als jongens met elkaar seks te hebben. En ik sluit af met te vertellen dat Bob en Martin inmiddels een relatie hebben met elkaar en dat ik Peter niet langer 'vriend' durf te noemen en geef hem ook aan waarom.

"Dus je denkt niet dat ik zo ben?"

"Ik weet zeker van niet, Farid."

"Maar hoezo weet je dat zo zeker?"

"Ik heb vaak genoeg in je ogen kunnen kijken om te weten, dat jij zo niet in elkaar steekt. Jij bent anders. Er is maar één reden waarom je mij zou laten gaan en dat is als je er niet voor kunt kiezen verstoten te worden door je familie." Ik zie hoe er tranen over zijn wangen biggelen en sla een arm om hem heen om hem te troosten. "Huil maar, als je dat wilt. Het kan je goed doen."

Heel lang liggen we daar zo tegen elkaar aan in bed. Het begroot mij enorm dat hij zoveel verdriet heeft, maar ik weet dat het niet anders kan. Hij zal hier doorheen moeten en als het even kan, met mij. Aan het eind van de middag moet Farid naar huis voor de kerstmaaltijd met zijn familie en een aantal gasten.

Tweede kerstdag kan hij er ook niet zijn vanwege familiaire verplichtingen. Als hij weg is, bel ik mijn ouders of ze plannen hebben voor de volgende dag. Ze blijken niets gepland te hebben en zijn dus gewoon thuis. Ik spreek af dat ik er zo tegen elven zal zijn voor de koffie. De rest van die tweede kerstdag zal ik laten komen, wat er komt.

De ochtenden na Kerst schuift Farid telkens weer zo rond zeven uur bij mij in bed. We slapen eerst een tijdje samen om dan heerlijke seks te hebben. Op de ochtend van oudejaarsdag is dit dus ook het geval en als we tegen tienen wakker zijn en aan het seksgedeelte beginnen, slaagt hij erin om me langdurig te neuken. Eerst doet hij dat op z'n hondjes, mijn favoriete standje, en dan ook nog een tijdje terwijl ik op mijn rug lig. In totaal glijdt hij zeker 5 minuten achtereen heen en weer in mijn warme holletje. Het is een verrukking zoals ik lang niet meer gekend hebt. Als we eindelijk naast elkaar liggen uit te hijgen, vraag ik hem hoe hij het heeft gevonden.

"Het was geweldig," verzucht hij om me daarna vol op mijn lippen te kussen. "Ontzettend veel beter dan het nemen van een meisje," vervolgt hij, "en je bent zo ontzettend strak, man!".

Ja, dat weet ik en hij is enorm dik en lang. Wil binnenkort toch eens opmeten hoe lang en dik hij hem eigenlijk heeft. Lang kunnen we die dag niet bij elkaar blijven, omdat hij thuis wil helpen bij het maken van de oliebollen. En als ik hem grappend vraag of ze dat inderdaad eten, vraagt hij me verbaasd waarom niet.

"Nou ja," lijkt me wel iets echt Nederlands.

"Zijn wij geen Nederlanders dan?"

"Sorry, zo heb ik het niet bedoeld. Natuurlijk zijn jullie Nederlanders."

"Dat wilde ik maar eventjes horen."

Dan vertelt hij mij zijn wens voor het nieuwe jaar. Die is, dat alle Marokkaanse jongeren van zijn generatie zich thuis zullen gaan voelen hier in Nederland. Hij legt me uit dat dit vaak niet het geval is. Maar dat deze generatie zich ook in Marokko niet meer echt thuis voelt. "We spreken de taal niet voldoende en worden daar aangekeken alsof we buitenlanders zijn, alsof we er niet bij horen. En als dat zo doorgaat, krijg je levensgrote problemen, want iemand die nergens meer bij hoort, loopt het risico dat hij ook zichzelf verliest."

Zo had ik het nog nooit bekeken. Ik voel echter heel goed dat hij gelijk heeft en zeg hem dat ik hetzelfde zal wensen voor het komende jaar. Twee wensen zijn tenslotte altijd beter dan één. "Heb je zelf die ervaring ook, dat je nergens bij hoort?"

"Nee. Ik vind mezelf vooral Nederlander. Ik ben niet echt meer Marokkaan. Daarvoor spreek ik de taal te slecht en ik heb ook niet zoveel met het land en de cultuur. Daarbij moet ik dan ook wel zeggen, dat ik altijd mijn stinkende best heb gedaan om Nederlander te zijn. Ik heb buitenshuis altijd Nederlands gesproken, heb Nederlandse vrienden opgezocht en zo. Alleen in de moskee en thuis spreek ik Marokkaans. Maar het probleem zoals ik het net schetste ligt er wel. Mijn oudste zus, Fatima, heeft verkering met een man uit Marokko. Een vreselijke bal, maar men zegt dat liefde blind maakt en in haar geval gaat dat op!"

Ik lach met hem mee.

"Nee, even serieus, hij is echt een vreselijke snob. Hij is geloof ik 32 of zo, veel te oud voor mijn zus, en is nog nooit bij ons thuis geweest. Als hij hier in Nederland is, ontmoet hij Fatima en onze familie in een hotel. Hij kijkt vreselijk op ons neer gewoon en laat dat heel duidelijk blijken. Vindt echt dat wij geen Marokkanen meer zijn. Hij praat in de regel alleen met mijn ouders en met Fatima. Ali is een heel rustige jongen en maakt zich niet snel kwaad, maar een keer was hij woedend op hem. Tijdens het eten stelde Ali hem een vraag en de eikel deed alsof hij niets hoorde. Ali herhaalde zijn vraag nog eens en wederom negeerde hij hem. Woest stoof Ali van tafel toen. Ik ben hem achterna gegaan en samen hebben we er toen een leuk dagje Amsterdam van gemaakt, nadat Ali zijn boosheid naar mij toe onder woorden had gebracht."

"Echt een eikel dus, die aanstaande zwager van jullie."

"Inderdaad. Van de zomer gaat Fatima met hem trouwen."

"Ai, geen leuk vooruitzicht."

"Zeker niet. Onze vakanties zijn meestal leuk, maar dit keer brengen we zes weken door in zijn 'paleis' in de buurt van Casablanca."

"Had je je niet beter iets anders kunnen wensen voor 2005 dan?" Hij kijkt me eerst niet begrijpend aan, maar zodra zijn glimlach doorbreekt weet ik dat hij me begrijpt.

"Nee. Als Fatima gelukkig is met hem, wie ben ik dan om daar tegenin te gaan?"

"Je hebt gelijk, Farid. Stomme opmerking van me. Maar zijn ze bij jullie thuis allemaal zo geïntegreerd als jij?"

Hij legt uit dat zijn vader en moeder er altijd de nadruk op gelegd hebben dat Nederland hun vaderland is en dat zij, de kinderen, hier hun toekomst moeten zien te creëren. Abduh blijkt de enige van de kinderen te zijn die daar echt moeite mee heeft af en toe.

Oudejaarsavond zit ik uit met mijn ouders. En als dan de klok twaalf geslagen heeft en we elkaar kussend de beste wensen hebben toegedacht, gaan mijn ouders naar buiten om de buren te groeten. Ik ruim de tafel alvast af en begin aan de afwas. Als de telefoon gaat, neem ik hem op. Het blijkt mijn zus te zijn. Ik doe haar de beste wensen ook en zij retourneert ze. Nadat ik haar gezegd heb dat pa en ma buiten zijn, valt het gesprek stil. Waarom weet ik niet, maar ik zeg haar dat ik het wel prettig zou vinden als ze een keer langs zou komen. 'Ja dat kan ik wel eens doen,' luidt haar reactie. Na een afsluitende groet leg ik neer en blijf nog een tijdje naar het apparaat staan kijken. Wat er over me is gekomen, weet ik niet, maar er zal toch wel niets van komen. Zodra mijn ouders weer binnen zijn, zeg ik dat Annelies gebeld heeft. Ik bedank ze voor de leuke avond en fiets naar huis.

De week na nieuwjaar is Farid ook nog vaak bij me en dan begint ons gewone leventje weer. Hij met zijn school- en bezorgwerk en ik op de fabriek. We proberen zo vaak als mogelijk bij elkaar te zijn en dat lukt ons aardig. De sekshype van rond de Kerst neemt iets af en op zich is dat niet erg. We praten heel vaak, heel lang en heel diep met elkaar. Steeds terugkerend thema is natuurlijk zijn coming out en de eventuele gevolgen daarvan. Op een dag vertelt hij me dat Ali zonder werk zit en als ik hoor dat hij elektrotechniek op MBO-niveau heeft gedaan, beloof ik Farid dat ik zal kijken of er bij ons wellicht iemand nodig is.

De eerste werkdag dat ik dagdienst heb, ga ik voor mijn dienst naar personeelszaken en steek mijn licht op. Ik heb geluk, of beter gezegd Ali, want met een week of zes komt er een vacature, waarvoor gelukkig nog geen advertentie is geplaatst. De personeelschef zegt me dat ik Ali maar langs moet sturen en dat ze hem zullen beoordelen op wat hij kan. Zodra ik tegen elven thuis ben, sms ik Farid dat Ali een afspraak moet maken met de man van personeelszaken. Vier dagen later hoor ik dat Ali is aangenomen. Ik ben blij dat ik iets heb kunnen betekenen. Misschien dat mijn verhouding met mijn eventueel aanstaande zwager wat genormaliseerd kan worden, hoewel het mij daarom niet gegaan is.

Als ik Ali na een paar weken voor het eerst tref - met ploegendiensten weet je niet half hoeveel collega's je wel hebt - tijdens een pauze bedankt hij me hartelijk. We eten samen en hij blijkt een prima vent te zijn. Regelmatig ontmoeten we elkaar daarna en eten dan altijd samen.

Farid heeft het in maart ontzettend druk met zijn op één na laatste tentamenperiode van 5-VWO. Ik help hem waar ik kan met overhoren, maar hij is echt een beetje gestrest. Veel praten lijkt te helpen en na een week van veel tentamens blijft hij het hele weekend bij mij, ook 's nachts. Voor zijn familie (behalve de ingewijden) logeert hij bij een klasgenoot. We genieten van elkaars aanwezigheid en dat niet alleen vanwege de heerlijke seks. Farid twijfelt nog steeds enorm of hij ook zijn vader moet gaan inlichten. Het liefst zou hij dat doen, omdat hij bovenal eerlijk tegenover hem wil zijn, maar aan de andere kant wil hij zijn vader ook geen problemen bezorgen binnen de gemeenschap. Ik bied Farid aan dat ik eventueel wel samen met hem wil gaan praten, maar dat ziet hij niet zo zitten. En natuurlijk heeft hij gelijk. Wellicht zou zijn vader heel raar reageren op mijn aanwezigheid.

Eind april is Farid jarig en hoewel ik hem om een verlanglijstje gevraagd heb, krijg ik er niet één van hem. 'Je moet je geld niet aan mij uitgeven,' luidde zijn commentaar. Daar ben ik het helemaal niet mee eens natuurlijk, omdat ik zelf wel uitmaak wat ik met mijn geld doe.

Redelijk snel heb ik een prima idee en als hij op zijn verjaardag eventjes langkomst, ik heb hem een sms'je gestuurd dat ik hem verwacht, kijkt hij zijn ogen uit. Op de tafel waaraan hij zijn huiswerk regelmatig maakt, staat een spiksplinternieuwe computer. Hij verklaart me compleet voor gek dat ik dat gekocht heb, maar volgens mij heeft hij altijd al getwijfeld aan mijn geestelijke vermogens. In mei ben ik zelf jarig en dan geef ik mezelf een printer. Zo hebben we samen een heel systeem bij elkaar in een halve maand tijd.

In een weekend in mei huur ik een auto en gaan we samen naar zee. Van tevoren al wel geregeld natuurlijk, maar niet voordat Farid er heel lang over had moeten denken. Ik heb echter enige druk uitgeoefend, want zo langzamerhand krijg ik toch echt genoeg van dat geheimzinnige gedoe. We kunnen nooit eens iets samen doen! Gelukkig was hij na wat aandringen om en regelde ik het een en ander. Voor thuis heeft hij, voor zijn vader in elk geval, een smoes bedacht en als hij bij me komt, met een volgeladen rugtas, zie ik aan zijn gezicht dat het hem absoluut niet zint. Ik mag hem! Hij is de eerlijkheid zelve en vindt het vreselijk om met een leugen te moeten leven!

Gedurende de rit naar het westen trekt hij gelukkig bij en verandert de stille jongen in een spraakwaterval. Regelmatig laat hij me bulderen van het lachen en ook dat vind ik leuk aan hem. Eigenlijk vind ik gewoon alles leuk aan hem. Geen wonder dat ik voor hem gevallen ben. Het weekend wordt een reusachtig succes en als we zondagmiddag na de lunch en een lekkere vrijpartij in bed liggen, kruipt hij dicht tegen me aan en zegt dat hij heel graag zou willen, dat het zo voor altijd zou kunnen blijven. Ik knuffel hem en streel hem door zijn haren. Ook ik zou dat zo ontzettend graag willen, maar ik weet en voel dat hij er nog steeds niet aan toe is en zolang dat niet het geval is, blijft er bij mij die ongewisheid dat het nog altijd verkeerd kan gaan.



Reacties zijn van harte welkom op de site waar dit verhaal legaal geplaatst is maar ook via mijn e-mailadres: lucky_eye2@yahoo.co.uk



©Lucky Eye, februari 2019 (herzien)
Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de houder van het auteursrecht.

Lucky Eye
Berichten: 144
Geregistreerd: zaterdag 07 februari 2015 16:42
Woonplaats: Zwolle
Ontvangen Bedankjes: 184 keer
Bericht Re: WIE DE SCHOEN PAST ... door Lucky Eye » zaterdag 16 februari 2019 08:12

Hoofdstuk 5

Mei gaat voorbij en juni verschijnt op de kalender en dan … dan staat ineens op een zondagmiddag, als ik alleen thuis ben, mijn zus voor de deur. Verbaasd staan we elkaar eerst een poosje aan te kijken. Snel kom ik echter bij mijn positieven en nodig haar binnen. Het lijkt haast alsof ze schoorvoetend voldoet aan mijn verzoek en later begrijp ik waarom. Ik neem haar jas aan en ga haar voor naar de woonkamer. Zodra we zitten valt er een stilte. Ik had niet verwacht dat het zo moeilijk zou zijn. Hoeveel jaren zijn er nou verstreken sinds …? Wat maakt het ook uit. Het belangrijkste is dat we elkaar weer onder ogen zien en dat we proberen te praten met elkaar, maar als zij het niet doet dan moet ik het begin maar maken.

"Hoe gaat het met je?"

"Prima. Echt heel goed. En met jou?"

"Ook goed. Heel goed zelfs." Weer stilte. Zo komen we niet veel verder.

"Theo, het spijt me heel erg dat ik me toen zo vreselijk stom heb gedragen. Ik weet gewoon niet hoe ik mijn excuses daarvoor moet maken. Ik weet ook niet wat me bezielde door zo te reageren. Ik had zeker ook aan jou moeten denken op dat moment, maar …"

"Het feit dat je aan ma en pa dacht is heel goed geweest, Annelies."

"Nee, dat is het niet."

Vragend kijk ik haar aan. Hoezo, is dat het niet?

Ze slaat haar ogen neer en staart naar de vloerbedekking alsof dat iets heel interessants is. "Ik … ik … dacht alleen maar aan mezelf."

Nieuwe vraagtekens trekken over mijn gezicht. Nu snap ik er helemaal niets meer van.

"Maar," gaat ze dan ineens weer verder, "ik had helemaal niet de bedoeling om nu al bij je op bezoek te komen. Ik wilde alleen maar een afspraak maken."

"Nu is prima voor mij hoor," reageer ik spontaan. "Ik heb niets te doen, dus je kunt gerust blijven, als jou dat tenminste ook uitkomt." Ik zie verwarring op haar gezicht en weet niet wat ik daarvan moet denken. Ben ik haar tegengevallen? Is onze ontmoeting niet zoals zij gewenst heeft dat ze er nu ineens vandoor wil?

"Maar mijn vriendin wacht beneden op me in de auto," zegt ze.

"Nou dan haal ik die toch even op. Ook gek zeg om iemand in de auto op je te laten wachten," voeg ik er met een knipoog en brede glimlach aan toe terwijl ik al opsta om naar de deur te lopen.

"Nee, maar het is geen gewone vriendin."

Even speel ik met de gedachte om een grapje te maken, maar ik laat het achterwege als ik haar serieuze en strakke gezicht zie en ga weer zitten. "Annelies, vertel me alsjeblieft wat er aan de hand is. Ik snap er helemaal niets meer van." De vloerbedekking schijnt opnieuw in haar belangstelling te staan, maar ondanks het feit dat ik heel nieuwsgierig ben, dring ik niet aan.

"Jolande en ik hebben een relatie," komt het dan in een vlug gesproken zin over haar lippen.

Ik hoor het maar het dringt niet echt tot me door, geloof ik. Er knapt iets heel diep van binnen. Heel even schiet er een gedachte aan woede door me heen en branden er tranen achter mijn ogen. Nu kan ik natuurlijk wel die woede tot uitdrukking brengen door flink tegen haar tekeer te gaan, maar … wat schiet ik daar mee op? Wat schieten we daar beiden mee op? Waarschijnlijk voelt ze mijn gedachtegang aan, want als ik te lang stil blijf, praat ze verder.

"En daarom, daarom vind ik het zo moeilijk. Of liever gezegd vond ik het zo moeilijk om jou weer onder ogen te komen. Ik heb zulke stomme dingen tegen jou gezegd … ben zo totaal voorbijgegaan aan jouw gevoelens, dat ik mezelf eigenlijk nog steeds een onmens vind. Ik had in die tijd al een tijdje verkering met Jolande. Had trouwens nooit van mezelf gedacht dat ik lesbisch zou zijn, maar … het overkwam me gewoon. En toen jij vertelde dat jij gevoelens voor jongens had … was mijn eerste gedachte alleen maar bij pa en ma. Het eerste wat me door mijn hoofd schoot was, dat ze nu nooit kleinkinderen zou krijgen. Stom nietwaar?"

"Ja, eigenlijk wel heel stom, maar … jou kennende ook weer heel logisch. Je bent altijd al heel betrokken geweest bij anderen en daarom hadden wij ook zo'n ontzettend goede band altijd."

"Ja, en dat vind ik nog het meest erge dat ik daar totaal geen rekening mee gehouden heb. Het moet voor jou vreselijk moeilijk zijn geweest om zo ineens over je gevoelens te praten. Zo was je nooit. Ik kon het vaak zien aan je als je ergens mee zat, maar dan duurde het toch nog tijden voor je ermee kwam. Soms moest ik je gewoon haast onder druk zetten." Er speelt een glimlach over haar gezicht bij het ophalen van de herinneringen. "En toen je het dan vertelde, dacht ik in eerste instantie aan pa en ma, maar meteen daarna aan mezelf. Ik wilde absoluut niet dat zij erachter zouden komen, dat ik … dat ik lesbisch was."

"Maar waarom niet?"

"Ik schaamde me ervoor."

"Je schaamt je er nog steeds voor!" Zeg ik met duidelijke nadruk, omdat ik me nog steeds behoorlijk kwaad voel.

"Ja. Je hebt helemaal gelijk. Jolande en ik hebben er regelmatig woorden om. Ik ben 25 jaar, maar durf nog steeds niet mezelf onder ogen te komen. Ik schaam me er nog steeds voor dat ik anders ben dan anderen. Dat ik niet op jongens val en niet bezig ben met het stichten van een gezinnetje. Op de een of andere manier zijn die patronen zo hard in mij geprent, dat ik er nog steeds niet voor kan uitkomen dat ik anders ben. Ik ga nooit mee naar Jolande haar moeder, omdat ik me schaam voor wie ik ben."

Ze laat haar hoofd hangen. De woede in mij ebt langzaam weg en maakt plaats voor een gevoel van … ja, hoe noem je dat gevoel. Mededogen?

"Het spijt me ontzettend, Theo. Ik ben niet zo sterk als jij en als je me niet meer wilt zien dan … dan ga ik nu en wens ik je het allerbeste toe en …"

"Shit," roep ik, spring op van de bank en loop met tranen in de ogen naar haar toe om daar op mijn knieën naast haar stoel te gaan zitten en mijn hoofd in haar schoot te leggen. "Zoiets zou ik nooit kunnen, Annelies," snotter ik. "Ik heb je destijds nooit begrepen en het vreselijk gevonden wat er gebeurd is. Maar … ik zal je nooit wegsturen. Nooit, hoor je me!"

Ze streelt met haar hand over mijn haar net zoals ze vroeger deed en ik voel me ineens weer het kleine broertje dat bij zijn grote zus kwam uithuilen als ik op mijn donder had gekregen van onze ouders. Het voelt enorm goed. Alle woede is verdwenen, ondanks het feit dat ik het niet onder woorden heb gebracht en juist dat voelt zo goed. Had ik wel gesproken dan had ik wellicht meer kapot gemaakt dan geheeld en nu … nu … haar vriendin zit nog steeds buiten in de auto, schiet het door me heen. "Kom op, Annelies, haal je vriendin op zodat we op een fatsoenlijke manier kennis kunnen maken."

"Weet je het zeker?"

"Ja, natuurlijk. Ik ben wel benieuwd wie jij aan de haak geslagen hebt."

Ze pakt me stevig bij mijn oor beet en trekt er aan.

Ik slaak een kreet.

"Eigen schuld broertje!"

"Ik weet het, zus van me. Maar blijft dat ik nieuwsgierig blijf, dus schiet een beetje op zeg!"

Even later zitten we met z'n drieën aan de thee. Jolande is een grote Surinaamse vrouw en bijzonder rap van tong. Met ontzettend veel woorden en gebaren geeft ze te kennen, dat ze dolgelukkig is dat Annelies haar eindelijk voor heeft gesteld aan iemand van haar familie.

"Man," zegt ze met haar duidelijke accent, "als je eens wist hoe lang ik haar al niet gesmeekt heb me eens mee te nemen naar jullie ouders, maar steeds was er die weigering van haar. En … ze wilde ook nooit mee naar mijn moeder."

Het wordt een vrolijke middag waarop we heel veel herinneringen ophalen en als ik dan ineens de voordeur open en dicht hoor gaan, schrik ik op. Ook Annelies en Jolande kijken op.

"Woon je hier niet alleen?" vraagt Jolande meteen.

"Jawel, maar …" Ik ben inmiddels in de benen gesprongen en al halfweg de gang. "Een momentje." Farid staat in de gang als verstijfd en daarom sluit ik meteen de deur naar de woonkamer.

"Heb je visite?"

"Ja."

"Oké. Dan ga ik meteen weer. Ik wilde je eventjes zien en eh … je weet wel." Hij drukt een kusje op mijn lippen en draait zich om.

"Alsjeblieft Farid. Het zijn mijn zus en haar vriendin. Ik zou heel graag willen dat je kennis met hen maakt, alsjeblieft." Voor het eerst, denk ik, breng ik onder woorden wat ik voel, wat ik echt wil. Al wel vaker heb ik hem gezegd, dat ik graag dingen met hem zou willen doen, maar altijd heb ik tot nu toe toegegeven aan zijn wens om alles geheim te houden. Als hij me met een weifelende blik aankijkt, voeg ik nog een keertje 'alsjeblieft' toe aan mijn vraag. Zijn gelaatsuitdrukking verandert in een glimlach en ik … alles in me juicht. Eindelijk kan ik hem dan laten zien. Ik verbaas me over mijn eigen gevoelens, maar het voelt gewoon enorm goed aan. Ik pak hem bij de hand en neem hem mee naar binnen. "Annelies en Jolande, dit is mijn vriend Farid."

Beide dames staan op en begroeten hem. Mijn zus, zoals ze is, heel bescheiden met een korte handdruk, en Jolande met een stevige omhelzing, waarbij ze Farid zowat verplettert. Meteen knoopt ze ook een gesprek met hem aan en vraagt ze hem het hemd van het lijf, maar dat is niet het enige dat ze doet. Ze geeft ook en passant mij en hem de nodige informatie over zichzelf en haar relatie met mijn zus. Het blijkt dat ze elkaar al ruim vijf jaar kennen en sinds twee jaar samenwonen. Het is mij een raadsel hoe ze hebben weten te voorkomen dat mijn ouders er niet achter zijn gekomen en als ik de kans krijg om de kwebbelende tong van Jolande eventjes te onderbreken, vraag ik dat ook meteen.

"Voor jouw ouders zijn we niet meer dan flatdelers," zegt Jolande. "Zodra er sprake van is
dat ze langskomen, richten we de tweede slaapkamer in, alsof dat mijn slaapplaats is en verdwijnen alle spullen die ons verder met elkaar in verband zouden kunnen brengen."

"Stom?" vraagt Annelies terwijl ze mij indringend aankijkt.

"Ja natuurlijk! Heel stom!" zegt Jolande, terwijl ze luid lacht.

"Het is een keuze. Jouw keuze," zeg ik mijn zus. "Eentje die heel moeilijk is, omdat je toch steeds op je woorden moet blijven letten." Dit gezegd hebbend, kijk ik naar Farid. Meteen slaat hij zijn blik neer. Hij begrijpt dat dit net zo goed op ons slaat.

"Maar wanneer ga ik nou je ouders zien?" vraagt Jolande.

"Kom, Jolande," mengt Farid zich in het gesprek. "Ik heb begrepen dat dit een heel moeilijke stap voor Annelies is geweest, dus geef haar even wat tijd om dit alles te laten bezinken, wil je!"

De twee raken in een heftig dispuut verwikkeld, terwijl Annelies en ik elkaar alleen maar aankijken. Als onze wederhelften eindelijk hun woordenstrijd staken, stel ik voor dat ik wat te eten klaar maak en Jolande zegt dat ze me wel zal helpen. In no-time zetten we een goede maaltijd in elkaar, om die daarna met plezier met z'n vieren te verorberen. Tegen elf uur die avond verlaten de dames ons pas en dan moet Farid rennen. Tijd voor iets leuks met z'n tweeën is er dus even niet, maar ik heb de dag enerverend genoeg gevonden, zelfs zonder seks.

Twee weken later gaan Farid en ik op bezoek bij Annelies en Jolande en ook nu is het ontzettend goed. Ik ben hartstikke blij dat Farid mee wil en Annelies is maar wat trots op haar onderkomen. Middag en avond verstrijken in een oogwenk en we spreken af elkaar na de zomervakantie opnieuw te ontmoeten. We zullen zo lang moeten wachten, omdat Farid in de vakantie naar Marokko gaat. De laatste dagen voor zijn vertrek vind ik vreselijk, hoewel we het ontzettend goed met elkaar hebben.

Als we na onze laatste vrijage ons aankleden en dan nog een beetje aan elkaar zitten te klooien, brengt hij zijn mond naar mijn oor en fluistert: "Ik hou van je."

Verbazing of opluchting. De gevoelens strijden om de overwinning, maar ik laat de laatste de eer. Het is een heerlijk gevoel om dat van hem te mogen horen. Ik geniet ervan! Nee, laat ik eerlijk zijn, ik zwelg erin. Het is zo'n overdonderend gevoel, dat ik compleet van de wereld ben. Het zijn maar een paar woordjes, eenlettergrepig ook nog allemaal, maar het doet me zo goed dat van hem te horen dat ik echt even helemaal er niet meer bij ben.

"Hé, slome," schudt hij me aan mijn arm, "heb je wel gehoord wat ik zei?"

"Natuurlijk wel. Wat denk jij dan!"

"Nou, aan die uilige blik in je ogen te zien, lijkt het alsof je heel ergens anders bent met je gedachten."

"Nee, Farid. Ik ben er helemaal. Maar ik wilde even volop genieten van dit prachtige moment."

"Ja! Mooi is zoiets! En ik maar wachten op dat wat ik graag wil horen!"

Ik glimlach naar hem en zeg dan de woorden, die hij van mij wil horen, maar … doe dat niet gefluisterd.

"Ik hou van jou, Farid. En ik ben ontzettend blij dat we het eindelijk eens zeggen tegen elkaar. Ik wist al zo lang dat ik van je hield en toch durfde ik het nog steeds niet te zeggen, omdat ik jouw regels niet wilde overtreden. Ik was nog steeds bang dat ik dan de boel kapot zou kunnen maken."

"Ja, eigenlijk best wel stom van me."

"Hoe lang weet je al …"

"Sorry, Theo, maar ik moet gaan anders kom ik echt te laat. Het spijt me."

"Geeft niet, joh. We praten er uitgebreid over als je weer terug bent, oké?"

"Prima. Dan zal ik je precies vertellen vanaf welk moment ik echt van je ben gaan houden."

We kussen toch nog lang als afscheid en dan laat ik hem met moeite uit mijn armen gaan. Op zich jammer dat dit heerlijke moment maar zo kort duurt. Maar ja, mij hoor je niet klagen.

In de vakantieperiode werk ik zo veel als mogelijk. Ik draai extra diensten om maar niet alleen thuis te hoeven zijn. Ik zou Farid alleen maar missen en dat gevoel, dat doet enorm pijn! Af en toe ga ik er alleen op uit op de fiets en ook mijn ouders bezoek ik vaak. Steeds is het goed als ik bij hen ben. Ik krijg het gevoel dat ze me een beetje meer mezelf laten zijn dan ze ooit gedaan hebben.

In één van de laatste weken van de zomervakantie koop ik een autootje. Een mooi klein ding dat makkelijk te parkeren is en dat niet zo heel veel kost. Vind het een uitstekende aankoop. Meteen na mijn achttiende verjaardag heb ik op kosten van mijn ouders mijn rijbewijs kunnen halen, omdat mijn zus dat ook had gemogen, maar geld voor een eigen auto was er nog niet omdat er heel veel geld opging aan mijn eigen plekkie. Nu heb ik echter voldoende banksaldo om me een dergelijke uitgave te kunnen veroorloven. Ik rij er dagelijks in om er goed aan gewend te raken en al heel snel voelt het heel vertrouwd.

Dan is het wachten op de terugkomst van mijn vriend. Op 5 september begint de school weer en als ik in het weekend daarvoor niets van hem hoor, wimpel ik mijn opkomende spanning af met de gedachte dat hij druk bezig zal zijn met allerlei voorbereidingen. De vijfde september begint en ik heb bewust een dag vrij genomen, omdat ik hoop en verwacht dat Farid langs zal komen en we dan heel lang van elkaar zullen gaan genieten. Hij komt echter niet en tegen tien uur 's avonds bel ik zijn mobiele nummer. Het ding staat uit! Heel vreemd want zo verdient hij natuurlijk geen cent! Ik stuur hem een sms'je in de hoop dat hij het zal lezen binnenkort en snel zal reageren.

Meteen bij het opstaan de volgende ochtend controleer ik of er een boodschap voor me is binnengekomen, maar niets! Op de een of andere manier word ik zenuwachtig en ik bel naar mijn werk op om aan te geven dat ik me niet echt goed voel. Doe ik ook niet! Ik heb een kramp in de bovenbuik die heel naar aanvoelt, maar ik weet dat het spanning is. Achter in mijn hoofd spoken allerlei beelden rond over wat er wel allemaal mis gegaan zou kunnen zijn. SHIT! Als hij nou maar eens belde.

Woensdag vind ik dat ik niet langer thuis kan blijven en ga naar het werk toe. Mijn collega's merken dat ik niet helemaal goed in m'n vel zit maar zeuren gelukkig niet door als ik zeg dat ik er eventjes nog niet over wil praten. Ali kom ik niet tegen. Maar ik vraag me af of ik hem zou hebben aangesproken. Thuis ben ik op van de zenuwen en zend de een na de andere sms naar Farid. Maar zelfs dan komt er nog geen antwoord.

De dag daarna fiets ik na het werk langs zijn school in de hoop hem daar te treffen. Ik ben er zo tegen drie uur en blijf tot half vijf wachten. Een man, waarschijnlijk de conciërge, vraagt me of ik op iemand wacht. Als ik knik, zegt hij me dat er geen leerlingen meer zijn in de school. Ik bedank hem en fiets moe huiswaarts.



Reacties zijn van harte welkom op de site waar dit verhaal legaal geplaatst is maar ook via mijn e-mailadres: lucky_eye2@yahoo.co.uk



©Lucky Eye, februari 2019 (herzien)
Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de houder van het auteursrecht.

Lucky Eye
Berichten: 144
Geregistreerd: zaterdag 07 februari 2015 16:42
Woonplaats: Zwolle
Ontvangen Bedankjes: 184 keer
Bericht Re: WIE DE SCHOEN PAST ... door Lucky Eye » zaterdag 16 februari 2019 08:13

Hoofdstuk 6

Op vrijdag meld ik me opnieuw ziek en ben ik al tegen twaalf uur bij de school. Ik wacht buiten de hekken en een dik uur later zie ik ineens Farid tussen een menigte scholieren aankomen. Mijn hart springt op. Gelukkig er is niets met hem aan de hand! Maar meteen is er ook dat andere stemmetje dat me influistert: 'Maar waarom heeft hij dan geen contact gezocht!' Als hij met de fiets aan de hand het hek uitkomt, spreek ik hem aan. Zijn ogen die hij naar beneden gericht had, schieten omhoog, ontmoeten heel even de mijne en zakken dan weer, terwijl hij blijft doorlopen naar de weg. Ik achter hem aan. "Hé! Ik had gedacht dat je wel even langs zou komen." Bij de weg stopt hij en wacht daar zonder een reactie te geven. "Ben je je tong verloren?"

"Hou je kop, man! Ik wil niet dat anderen je met me zien!"

Shit, vloekt het binnenin me. "Maar …"

"Luister goed," zegt hij dan, terwijl hij me met een ongelofelijke felheid aankijkt, "ik ben geen flikker, ik ben nooit een flikker geweest en zal ook nooit een flikker worden! Dus laat me alsjeblieft met rust!"

Driemaal gebruikt hij het woord waaraan ik zo'n verschrikkelijke hekel heb. En driemaal doet hij dat, zo komt het op mij over, heel bewust. De woeste blik in zijn ogen en de kracht waarmee hij het woord drie keer uitspreekt, wijzen erop dat het een gerichte keuze is om het woord te gebruiken. Ik ben stomverbaasd en sta hem met open mond aan te gapen. Meer weet ik niet te doen. Het is alsof iemand een gesel over mijn lijf maar vooral over mijn ziel heeft gehaald. Hij stapt op zijn fiets en rijdt bij mij vandaan. De tranen branden achter mijn ogen en heel langzaam voel ik hoe ze over mijn wangen beginnen te lopen. In een gordijn van mist - vanwege de tranen en de gedachten die zich aan me opdringen - fiets ik naar huis waar ik me jankend op mijn bed werp en de tranen de vrije loop laat. Laat in de avond meld ik Rik dat ik ook de dag erna niet zal kunnen werken. Hij is heel begrijpend, maar wil nu eindelijk wel weten wat er aan de hand is.

"Als je sores hebt, moet je het me zeggen, jongen! Ook al kan ik je misschien geen stap verder helpen, je kunt het wel van je afpraten!"

En al jankend doe ik hem het hele verhaal. Natuurlijk kan hij me niet verder helpen, maar het doet enorm goed om al mijn gevoelens onder woorden te brengen. Het gevoel van verraad, het gevoel van machteloosheid en vooral het gevoel van afwijzing! Dat doet me waarschijnlijk nog het allermeeste pijn. Maar die andere niet minder. Ik heb hem vertrouwd! Ik heb hem dingen met me laten doen, die ik normaal niemand zo snel gegeven zou hebben! Natuurlijk wilde ik het ook zelf! Ik was gewoon hartstikke geil! Maar bovenal verliefd op hem! Ja, dat is het dat de allermeeste pijn veroorzaakt: ik hield van hem en had het idee dat hij ook van mij hield! Hij had het verdomme toch zelf gezegd voordat hij op vakantie ging? En nu … nu ineens … is alles voorbij? En op wat voor een manier! Als hij het normaal uitgemaakt zou hebben, had ik het misschien beter kunnen verwerken - als hij tenminste fatsoenlijke redenen aangevoerd zou hebben - maar deze manier raakt me heel diep. Kwetst me! Van slapen komt die nacht natuurlijk niets. Heel af en toe val ik weg, maar steeds schrik ik dan weer op door de woorden die hij tot me sprak. Het 'flikker' blijft me steeds weer in de oren klinken en door m'n achterhoofd spoken. Ik voel me op de een of andere manier smerig en sta tijden onder de douche, maar het lost niets op. Waarom heeft hij het op deze manier uitgemaakt? Waarom heeft hij mij zo bewust van zich afgewezen? Waarom? Alle vragen leiden nergens toe.
Als mijn moeder de volgende ochtend belt of ik zondag op de koffie kom, zeg ik dat ik me ziek voel en haar logische reactie is: "Alweer?" Ik zeg dat het dit keer niet zo ernstig is en dat het gewoon een verkoudheid is. Ze zegt dat ik inderdaad wat nasaal klink en dat ik dan inderdaad maar beter wat binnen kan blijven. Annelies belt diezelfde dag ook nog met de vraag of we een afspraak kunnen maken voor een uitje en dan … dan breek ik opnieuw in tranen uit. Ze onderbreekt me en zegt dat ze er meteen aankomt en binnen een uur is ze bij me en krijgt ze de volle lading aan tranen en ander gesnotter over zich heen.

Het luisterende oor van Rik had me al goed gedaan, maar de troostende armen van mijn zus doen dat nog veel meer. Bij haar voel ik me ineens geborgen en ik weet dat dat alles te maken heeft met herinneringen aan voorbijgegane tijden. Vroeger was het ook altijd Annelies geweest die mij had getroost als er mij iets was overkomen. Niet mijn moeder, niet mijn vader, maar altijd mijn zus. Het lucht enorm op om opnieuw alles wat er aan gevoel is om te zetten in woorden. Maar de grote ommekeer komt als Jolande heel vroeg in de ochtend eraan komt zetten. Annelies had een briefje voor haar neergelegd en na haar nachtdienst was ze meteen naar mijn huis gereden. Ook zij krijgt het hele verhaal te horen en hoewel het gesnotter minder is, is het er nog steeds. Heel rationeel drukt ze de vinger op de zere plek.

"Maar wat doet nou het meeste pijn?"

Tja, goede vraag. Opnieuw som ik de dingen op die ik eerder voor mezelf al verwoord had: verraad, machteloosheid, afwijzing.

"Weet je het zeker?" vraagt ze aan me, terwijl ze me recht in de ogen kijkt?"

Ik ben verbaasd. Is er dan nog meer? Is er iets dat ik over het hoofd gezien heb in de afgelopen tijd? Ik val stil en ga op zoek en dan, dan ineens stuit ik op iets dat ik tot nu toe inderdaad niet gezien heb. "Dat ik van hem hou en het hem nu nooit meer kan tonen," zeg ik, terwijl de waterlanders opnieuw komen. Met dat heeft Jolande de vinger heel duidelijk op de meest zere plek gelegd. In mijn hele relatie met Farid heb ik iets kwijt gewild, heel logisch, en dat zal nu niet meer kunnen. En aan dat hele gedoe van liefhebben, heb ik mijn geluk gekoppeld en terecht haakt ze daarop in als ik haar dat uitleg.

"Ik snap het, man. Maar het is een valse conclusie. Kijk terug naar voordat Farid in je leven was. Was je toen niet gelukkig?"

Natuurlijk was ik toen wel gelukkig, maar … "Natuurlijk wel maar het was zo anders met hem."

"Maar hou je vast aan dat eerste, Theo. Je hebt ook gelukkige momenten gekend zonder hem en die ogenblikken zullen er opnieuw zijn. Ik zeg niet dat het gemakkelijk zal zijn. Zeker niet! Zelf moet ik er niet aan moeten denken dat Annelies me dumpt! Maar na een rivier van tranen die ik zal plengen, zal ik dan ook weer verder gaan. Ik ben niet iemand omdat ik iets heb met Annelies. Ik ben ik omdat ik ik ben!"

Deze woorden laat ik lang na-echoën in mijn oren en hoofd. Als de dames dan zo tegen zes uur in de ochtend me eindelijk alleen laten, nadat ik hen wel honderd keer de verzekering heb gegeven dat ik het wel zal redden en dat ik absoluut geen stomme dingen zal gaan doen, blijf ik met die uitspraak zitten op de bank. Ik heb nog helemaal geen slaap en laat mijn hele leven de revue passeren. Altijd heb ik gedacht … Nee, beter gezegd, altijd heb ik het gevoel gehad, dat ik iemand was omdat er anderen om me heen waren. Dat er anderen waren die me leuk, lief vonden. Eerst waren het mijn ouders en mijn zus geweest. Toen die vanwege mijn coming out wegvielen waren het mijn vrienden geweest. Op de een of andere manier teerde ik op het gevoel dat mensen om me heen me mochten. Natuurlijk was ik ook vrij vaak alleen geweest toen ik in het begin op mezelf woonde, maar mijn vrienden waren een soort van noodluik. Ik wist dat ze er waren! En toen was Farid gekomen. En hij had zo perfect bij me gepast dat hij heel gemakkelijk in de rol glipte die ik voor hem had uitgekozen. Misschien niet bewust voor hem, maar voor iemand in elk geval. En nu … nu word ik compleet teruggeworpen op mezelf. Er is niemand meer die me houvast biedt in het leven en dat maakt het allemaal verdomde moeilijk! Ik rol me op in een hoekje van de bank en lig daar heel lang wakker. Het pijnlijke gevoel trekt weg, zij het heel langzaam. Het lijkt alsof er een wond is die door een pleister is afgedekt. Ik durf de pleister ook niet te verwijderen, omdat ik weet dat het dan weer zeer zal gaan doen. En zo blijf ik zo'n tien dagen helemaal op mezelf zitten miezeren. Annelies belt elke dag en als zij niet kan belt Jolande. Op de een of andere manier bevalt de rationele denkwijze van de Surinaamse me uitstekend. Langzaam begint het in te slijten en na die overgangsfase, waarvoor ik voor mezelf de tijd heb genomen, ga ik weer aan het werk.

Mijn collega's vangen me buitengewoon goed op. Natuurlijk heeft Rik hen het een en ander verteld, en dat vind ik ook helemaal niet erg. Ik luister naar hun verhalen over verloren liefdes en dat geeft me het gevoel dat ik weer gewoon tot de mensheid behoor. Heeft niet iedereen ooit zoiets mee moeten maken? Als ik tussen de middag Ali zie, vind ik het toch wel erg moeilijk en hij niet minder. We zitten zwijgend tegenover elkaar en kijken elkaar niet aan.

"Vind het vreselijk rot voor je, man," zo begint hij dan toch te praten.

"Dank je."

Meer weet ik eventjes niet te zeggen. Meer wil ik ook niet zeggen. Ik wil hem bewust niet vragen hoe het met Farid is. En wil hem zeker niet vragen of hij misschien weet waarom … Want dan, dan zal het korstje op mijn wond weer openbreken en …

"Als je wilt dat ik iets voor je doe, moet je het zeggen," biedt hij aan.

Zijn aanbod vind ik sympathiek. Ik snap nog steeds niet waarom Farid het op deze manier heeft uitgemaakt. Het is niets voor hem. Hij zou het anders gedaan hebben, net zoals hij het eerder deed na mijn voorstel toen ik hem nog maar kort kende. Toen had hij gezegd dat hij ook als hij slecht bericht voor me gehad had, langsgekomen zou zijn. En nu … nu doet hij het ineens op een dergelijke manier af: neemt geen contact op en breekt met me op een heel vervelende manier. Even overweeg ik dan of ik Ali een briefje voor hem mee zal geven, maar ik doe het uiteindelijk niet.

De dagen worden weken en de weken maanden en dan schrikt heel Nederland begin november op van de moord op Theo van Gogh. Lang sta ik in dubio of ik ook naar Amsterdam zal gaan om met zoveel anderen luid van me te laten horen. Als Ali me belt en vraagt of ik mee wil gaan, ben ik snel over de streep en ga met hem mee. Meer voor hem misschien dan voor mezelf. In de trein legt hij me uit waarom. Hij wil vooral laten zien dat niet alle Marokkanen zo zijn. Dat heel veel wel gewoon Nederlander willen zijn en dat ook willen bewijzen door deel van de samenleving uit te maken. Maar aan de aan de andere kant is hij ook bang dat veel autochtone Nederlanders zich zullen willen wreken op buitenlanders en buitenlandse instellingen. Gebroederlijk staan we naast elkaar op de Dam en maken met onze meegenomen keukengerei de nodige herrie en ik voel dat Ali's vrees niet ongegrond is. Hoewel er zat buitenlanders tussen de menigte staan, zie ik ook de woedende blikken die naar hen geworpen worden. Blank Nederland richt zijn woede en verontwaardiging op een groep die niet verantwoordelijk gehouden kan worden voor de daad van één persoon! De dagen daarna breekt de hel los. Een Islamitische school wordt door een zelfgemaakte bom verwoest en in moskeeën en kerken wordt brand gesticht. Nederland staat op zijn kop. De tolerante multiculturele samenleving die Nederland zou zijn, is niets anders dan een schijnvertoning geweest, zo lijkt. Gelukkig herstelt de wond die geslagen is net zoals mijn wond die, ondanks de nog steeds aanwezige vragen, langzaam aan het genezen is. Op 21 december kom ik 's avonds na een late dienst thuis en tref daar Ali aan op mijn galerij.

"Hé? Wat doe jij hier?"

"Ik wil graag met je praten."

"Oké, kom maar binnen," zeg ik terwijl ik de deur ontsluit. "Wil je wat drinken?"

Hij vraagt wat ik drink en als ik zeg dat ik wat thee ga maken voor mezelf, zegt hij dan graag een kopje mee te willen drinken. Als we zo'n tien minuten later dan bij elkaar zitten, voel ik dat de sfeer vrij gespannen is.

"Wat is er?" vraag ik hem. Een aarzeling is heel duidelijk merkbaar, maar als ik hem uitnodig te vertellen waarvoor hij gekomen is, steekt hij toch van wal.

"Ik weet dat ik me er misschien niet mee moet bemoeien, dat het me eigenlijk helemaal niets aangaat, maar het gaat verrekte slecht met Farid. Zo slecht dat we thuis niet meer weten wat we moeten doen."

Zoiets had ik verwacht en ik had me er al op voorbereid. Ali en ik staan dan wel op vriendschappelijke voet met elkaar, maar die avond van de 2e november naar Amsterdam was de eerste en tot nu toe enige keer, dat we elkaar troffen buiten het werk om. "Het is heel pijnlijk voor mij om over Farid te praten, Ali," geef ik hem aan.

"Ik begrijp het, Theo, maar misschien zou je toch nog een keer met hem kunnen praten. Ik weet niet hoe hij het uitgemaakt heeft of hij ook iets van uitleg heeft gegeven …"

"Helemaal niet dus!" Ik herhaal dat wat hij tegen me gezegd heeft en ik zie dat Ali zich er ongemakkelijk bij voelt. "Ik vind het niet erg om een flikker te zijn, Ali. Dat maakt me niet meer uit."

"Nee, zo bedoelde ik het niet. Ik vind het verdomde stom van hem dat hij je niets verteld heeft. Dat hij het op zo'n manier heeft gedaan en echt … ik weet ook niet waarom. Als hij het je verteld had, dan zou je er vast begrip voor gehad hebben."

"Maar wat is er gebeurd dan? Wat had hij me kunnen uitleggen?"

Dan wordt het stil. Een stilte die bij mij gevuld wordt door allerlei gedachten. En het gekke is dat de meest plezierige gedachte - het idee dat het misschien tussen mij en Farid goed zal kunnen komen - ook de meest pijnlijke is. De korst is compleet van de wond en het steekt enorm.

"Ik kan het je niet zeggen, Theo. Dat is iets dat hij zelf zal moeten doen. Het spijt me. Het is stom van me geweest om je hiermee lastig te vallen." Hij staat op en wil weglopen.

Ik houd hem tegen. "Dit kun je niet maken, Ali. Het is geen lastig vallen. Zo bedoel ik het niet. Maar het is allemaal zo ontzettend onduidelijk. Ik weet gewoon niet wat ik ermee aan moet. Ik heb geprobeerd om Farid te vergeten en hoewel dat me nog steeds niet gelukt is, ging het aardig goed. Tot nu toe. Ik hou nog steeds van hem en jouw mededeling dat het niet goed met hem gaat, doet me pijn. Ik wou dat ik iets kon doen om dat te verhelpen maar als jij me niet kunt zeggen wat er gebeurd is waardoor Farid het uitgemaakt heeft kom ik geen steek verder."

"Het spijt me, Theo, maar dat is zoiets persoonlijks dat alleen hij er de juiste woorden voor zou kunnen vinden."

Opnieuw is het lang stil, maar dan verbreek ik de stilte.

"Het spijt me echt, Ali maar ik kan het niet. Niet nu. Drink alsjeblieft je thee rustig op."

Zonder verder te praten drinken we beiden onze thee en dan zegt Ali dat hij maar beter kan gaan. Zwijgend lopen we naar de deur. Dan ineens slaat hij zijn armen om me heen en trekt me tegen zich aan. "Je bent een bovenste beste, Theo. Het spijt me enorm dat ik me zo stom heb gedragen bij onze allereerste ontmoeting. Toen ik zag dat het Farid menens was met jou, heb ik dat kunnen begrijpen."

"Farid heeft me altijd gezegd dat jij een prima gozer was, Ali. En hij heeft groot gelijk gehad."

"Farid is zelf ook prima, Theo. Geloof me. Hij heeft het alleen vreselijk moeilijk op dit moment."

"Ik geloof je, Ali. Mijn deur staat nog steeds voor hem open. Hij heeft nog altijd een sleutel en ik zal hem de toegang tot mijn huis niet ontzeggen als hij wil komen praten."

Als Ali me los laat, zie ik dat de tranen hem in de ogen staan. We nemen afscheid en ik kijk hem na als hij de galerij afloopt. Die nacht slaap ik enorm slecht of beter gezegd helemaal niet. Mijn gedachten zijn bij Farid. Wat kan er met hem gebeurd zijn dat hem zo heeft veranderd. We hadden afgesproken altijd eerlijk tegenover elkaar te zijn en nu … nu verzwijgt hij iets voor me en maakt het liever uit dan er met mij over te praten? Ik begrijp er helemaal niets van.

's Middags ga ik gewoon naar mijn werk toe, maar echt met mijn gedachten erbij zijn lukt niet omdat ik bekaf ben. Ik maak mijn uren vol, douche me zoals gebruikelijk en ga dan op de fiets naar huis. De avondlucht is behoorlijk koud en hoewel ik zowat omval van de slaap zal van slapen nog niet veel komen, want opnieuw staat er visite op me te wachten voor m'n deur.



Reacties zijn van harte welkom op de site waar dit verhaal legaal geplaatst is maar ook via mijn e-mailadres: lucky_eye2@yahoo.co.uk



©Lucky Eye, februari 2019 (herzien)
Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de houder van het auteursrecht.

Lucky Eye
Berichten: 144
Geregistreerd: zaterdag 07 februari 2015 16:42
Woonplaats: Zwolle
Ontvangen Bedankjes: 184 keer
Bericht Re: WIE DE SCHOEN PAST ... door Lucky Eye » zaterdag 16 februari 2019 08:15

Hoofdstuk 7

Hoewel ik de twee nog nooit gezien heb, weet ik dat het de ouders van Farid zijn. Ze blijven op me wachten tot ik bij de voordeur ben en dan stelt de man eerst zijn vrouw en daarna zichzelf voor. De vrouw geeft me gewoon een hand. Weer een teken dat Farids familie ingeburgerd is en zich de Nederlandse gewoonten eigen heeft gemaakt. Ik nodig ze binnen en net als gisteren met Ali vraag ik wat ze willen drinken. Farids moeder zegt dat ze zich zullen aansluiten bij mijn keuze en dat ik vooral geen drukte moet maken zo laat op de avond. Ik maak net als gisteren, en alle andere momenten dat ik laat thuis kom van het werk, een pot thee en nadat het tien minuten heeft getrokken (het is kruidenthee) schenk ik drie mokken vol. Ik presenteer het met een koekje, dat niet wordt afgeslagen. Zou ook niet weten waarom, want Farids moeder is een heel slanke vrouw om te zien en hoeft zeker niet aan de lijn te doen. Ze zitten naast elkaar op de bank en als ik in de stoel tegenover hen ga zitten, valt me duidelijk op dat Farid een mengelmoes is van beiden. Het krullerige haar heeft hij van zijn vader maar neus en ogen zijn die van zijn moeder. Ik glimlach vanwege die herkenning en hoewel zij niet kunnen weten waarom ik glimlach, beantwoorden ze hem. Na een eerste slokje opent mevrouw Oualad El Kadi het gesprek.

"We weten dat Ali gisteren hier geweest is en dat u …"

"Jij," verbeter ik haar.

"… dat jij het heel moeilijk vindt om met Farid te gaan praten. Ali is niet door ons naar jou toegestuurd maar omdat wij allemaal thuis ons zorgen maken om hem, dacht hij dat het een goed idee was."

"Met Farid gaat het helemaal niet goed," vult Achmed (ik weet zijn voornaam dankzij Farid) aan.

"Ik vind het inderdaad heel moeilijk om met Farid te gaan praten. Hij heeft dat wat wij samen hadden op een erg vervelende manier verbroken en daarom zie ik er enorm tegenop hem weer te spreken."

"Wij begrijpen dat heel goed. Woorden kunnen veel kapot maken en enorm veel pijn doen," zegt ze zachtjes. "Maar we zouden je er niet mee lastig vallen, als we niet zo wanhopig waren."

Farids vader kijkt naar zijn schoenen en strijkt met zijn hand langs zijn ogen. Het doet me pijn dit te moeten zien. Er is echt iets helemaal mis, dat is me nu wel duidelijk.

"Kunnen jullie me dan misschien iets meer uitleggen?"

Ze kijken me beiden hoopvol aan, terwijl dat helemaal niet de bedoeling is. Nog niet, tenminste.

"Je weet dat onze oudste dochter tijdens de vakantie zou gaan trouwen?" Ik knik en Farids moeder gaat verder. "Door een bizar voorval op de laatste avond voor het huwelijk is er uiteindelijk geen huwelijk gekomen. Fatimah heeft er vanaf gezien."

"En groot gelijk heeft ze," valt Achmed zijn vrouw bij. "Die man is een crimineel!"

Teder legt Leiah haar hand op haar mans arm en brengt hem zo wat tot bedaren maar ik begrijp dat dat wat er voor gevallen is hen duidelijk raakt. Of misschien wel beter gezegd: diep roert! Maar als ik verdere uitleg verwacht, blijft het stil.

"Wat is er precies gebeurd?" En net als gisteren bij Ali zie ik de afzonderlijke gezichten betrekken en volgt er geen reactie. "Jullie kunnen het mij niet vertellen?" probeer ik nog.

"We zouden het kunnen vertellen," zegt Achmed, "maar het zou nooit de gevoelens weergeven, die Farid erbij heeft en dan is het niet echt, als je me begrijpt."

Ik kijk een beetje verward.

"Iedereen beleeft dingen op een andere manier, Theo," vult Leiah aan. "Als wij zouden proberen Farids gevoelens uit te leggen, dan zullen wij het zeker niet helemaal goed doen. Dingen niet op de juiste manier zeggen. Het zou beter zijn als hij zelf zijn mond tegenover jou opent."

"Maar daar zit nu juist het probleem," merk ik heel nuchter op.

"Inderdaad. Ik …wij hebben hem meteen aangeraden om met jou te gaan praten," verzucht Leiah, terwijl zij ook haar ogen niet langer droog kan houden, "maar hij verwierp dat meteen, wilde er niet eens over nadenken."

"Hij heeft die stijfkoppigheid van mij," reageert Farids vader, om vervolgens aan te vullen: "We praten moeilijk over ons gevoel. Zien dat als iets dat helemaal alleen van ons is en dat is natuurlijk niet waar."

"Heeft Farid je verteld dat hij en ik een relatie hadden?"

Farids vader knikt. "Het ging niet van harte, maar het kwam er toen uit."

"Hoe gaat het met hem nu?" wil ik dan graag weten en de opsomming die volgt maakt dat ik me knap beroerd voel. Niet dat ik het had kunnen verhinderen, maar het feit dat iemand van wie je gehouden hebt zo op het randje van de afgrond terecht kan komen is verschrikkelijk om aan te horen. Op school heeft hij zijn eerste tentamenperiode in de herfst verknald en ook over die van de afgelopen dagen hebben zijn ouders geen goed gevoel. Zijn baantje bij de pizzeria heeft hij opgegeven en ook de krantenwijk laat hij helemaal over aan zijn broertje. Hij komt alleen nog buiten om naar school en weer terug naar huis te fietsen. "Ik ben bang dat als ik probeer met hem te praten hij het opnieuw zal afkappen en wat dan?"

"Zou je het ondanks dat toch alsjeblieft willen proberen?" vraagt Leiah met smekende ogen.

"En als hij wegloopt of je afwijst," vult Achmed aan, "misschien moet je hem dan wat harder aanpakken."

Ik glimlach. Ik geef beiden te kennen dat ik daar niet zo goed in ben. "Oké," zeg ik dan na heel lang twijfelen toe, "ik zal een poging ondernemen om met hem te praten, maar vooraf wil ik nog wel iets van jullie weten." De blijde gezichten op de bank doen mijn hart zowat smelten. Ouders kunnen zo gelukkig kijken. "Alsjeblieft, reken er niet al te veel op dat het goed gaat komen. Ik ben geen tovenaar en heb het idee dat het verrekte moeilijk gaat worden. Ik weet absoluut niet waar ik moet gaan beginnen."

"Het geeft niet, Theo. Het is goed dat je het wilt doen. Dat is het allerbelangrijkste. Als er iemand tot hem kan doordringen, dan ben jij dat wel. Ons lukt het niet in elk geval. Wat wilde je nog weten?"

En dan is het voor mij ineens moeilijk om dat wat ik onder woorden wil brengen er ook echt goed uit te krijgen. Farids vader weet inmiddels wel dat zijn zoon en ik … maar toch … Ik besluit om geen omwegen te gebruiken. "Farid en ik hebben een homoseksuele relatie gehad. En ik weet dat hij heel bang is geweest en ik denk nog steeds bang is voor de reactie in jullie gemeenschap. Bij jullie, ik zeg het maar zoals ik het voel, is homoseksualiteit nog niet zo gewoon als bij ons. Hij is er bang voor door de gemeenschap afgewezen te worden, er niet meer deel van uit te mogen maken. Maar bovenal," ik haal even diep adem, "is hij bang dat het ook consequenties zal hebben voor jullie relatie onderling." Farids ouders kijken me geschrokken aan. "Hij is bang dat als hij voor mij zal kiezen, hij door jullie verstoten zal worden, omdat dat volgens Islamitische wetten zou moeten." De schrik en ontzetting op de gezichten tegenover mij wordt nog groter en heel even kijken ze elkaar intens aan. "Ik begrijp dat hij het er dus nog nooit met jullie over heeft gehad?"

"Nee, nog nooit!" antwoordt Leiah. "We hebben nooit geweten dat dat zijn grote angst was!"

"Had ik het maar eerder geweten," verzucht Achmed, "dan had ik hem kunnen vertellen dat hij altijd ons kind, onze zoon blijft en dat wij hem nooit zullen kunnen verstoten."

"Maar de reactie van de gemeenschap dan?"

"Als de gemeenschap in onze moskee hem afwijst, dan zullen wij daar onze consequenties uit trekken en ook opstappen. Ze accepteren ons als geheel of helemaal niet."

Achmeds ideeën zijn heel helder, zo blijkt. "Maar het mag toch eigenlijk niet?" vraag ik door.

"Het is maar net hoe je het leest, Theo. De Koran kun je net als de Bijbel op verschillende manieren uitleggen. Is iemand die homoseksueel is een slecht mens?"

"Niet bij voorbaat," zeg ik.

"Kijk, dan zit het toch goed? Farid is een goed mens! Van al zijn bijbaantjes draagt hij heel veel af om ons te ondersteunen, terwijl dat helemaal niet nodig is. Mijn vrouw heeft een baan, ik heb een baan en we verdienen samen voldoende om ons gezin te onderhouden maar toch doet hij het. We hebben al dat geld apart op een rekening voor hem gezet, maar is iemand die zo voor zijn ouders zorgt dan een slecht mens?"

"Nee."

"Dus waarom zouden wij hem van ons moeten verstoten?"

"Maar …"

"Misschien staat het letterlijk ergens zo, Theo, maar dat wil nog niet zeggen dat wij het zullen gaan doen! De Koran is een oud boek, geschreven in een ver verleden en ik vind dat we het niet al te letterlijk moeten nemen. Je moet het interpreteren."

"Ben jij gelovig opgevoed?" vraagt dan Leiah.

Ik knik.

"Hebben jouw ouders jou verstoten?"

En dan … dan raakt ze dus mijn gevoelige plek en val ik even helemaal stil. Hebben ze mij verstoten? Nee, want we komen nog steeds bij elkaar over de vloer … maar toch … toch hebben ze mij nooit echt helemaal geaccepteerd. En heel langzaam, zorgvuldig mijn woorden kiezend, praat ik met deze voor mij vreemde mensen hoe moeilijk mijn ouders er mee zijn omgegaan en het onderwerp nog steeds mijden. Ik zie het medelijden in hun blikken groeien en voel me daar enerzijds door getroost maar anderzijds absoluut niet prettig bij. Ik wil geen medelijden. Snel rond ik dan ook mijn monoloog af en zeg hen dat ik heel blij met hun antwoord ben en dan vraag ik hen om een laatste gunst.

Het is al ver na middernacht als ze mijn galerij aflopen. Twee ietwat gebogen mensen. Gebogen van de zorg om hun kind. Ik hoop dat ik die last van hen kan afnemen. Voordat ik mijn bed op zoek, bel ik nog met Rik om hem te zeggen dat ik een aantal dagen verlof nodig heb. Ik weet dat het op het allerlaatste moment is dat ik het aanvraag en verontschuldig me daarvoor dan ook. Rik wil echter niets van excuses horen en herinnert me er fijntjes aan dat het tijd zal worden dat ik eindelijk eens wat dagen opmaak. Wederom slaap ik haast niet. Telkens weer loop ik allerlei scenario's door om te bekijken hoe ik het het beste kan aanpakken. Ik weet dat Farid morgen tegen twee uur 's middags vrij zal zijn na een soort van kerstwijding. Heel vroeg die ochtend ben ik al in de stad en koop op het marktplein een kerstboom vanuit het gevoel dat hoe het vandaag ook afloopt ik verder moet: met Farid of zonder Farid. Vandaag wordt de eerste dag van de rest van mijn leven, neem ik me voor hoewel het bijzonder theatraal klinkt.

Thuisgekomen zet ik de boom op dezelfde plek als vorig jaar en dan hang ik de lichtjes erin en vervolgens de ballen. Daarna bewonder ik het resultaat en na wat verhangen, kan ik tevreden zijn met het resultaat. Ik maak m'n huis schoon door flink te stoffen en daarna de stofzuiger er door te halen.

Na een kleine lunch is het dan tijd om naar Farids school te fietsen. Mijn hart bonkt me in de keel en onderweg loop ik weer mijn openingszin na. Is die goed genoeg of moet ik hem toch nog wat bijschaven? Op de stoep voor de school wacht ik. Hoewel het nog maar 13.45 uur is als ik aankom, ben ik nog maar net op tijd. De school gaat uit en een grote menigte stroomt naar buiten. Het is moeilijk om iemand in die massa gewaar te worden, maar al heel snel herken ik toch mijn ex-vriend. Hij ziet er inderdaad vreselijk uit. Als hij de straat op wil rijden, vraag ik hem te stoppen. Iemand vraagt Farid of hij moet blijven wachten maar Farid zegt dat het goed is. Ik wacht tot de grootste drukte is afgelopen en zeg dan - geheel niet volgens mijn keurig uitgewerkte scenario - "Ik wil graag dat je met me meegaat naar mijn huis." Ik stap op mijn fiets en begin te trappen. Hij volgt me op kleine afstand. Ik zet mijn fiets in het schuurtje in de kelder van de flat en wacht tot hij ook daar komt. Dan loop ik de trappen op naar boven. Ik stap stevig door en werp geen enkele maal een blik achterom om te kijken of hij me wel volgt. Als hij weg wil, moet hij dat maar doen. Ik geef hem een kans om te praten en het is aan hem om de handschoen op te nemen of niet. Niet echt een subtiele methode, maar tot nu toe werkt het!

Bij de deur stop ik, draai hem van het slot en open de deur. Ik wacht tot hij bij me is en laat hem voorgaan. Hij zet z'n rugzak bij de kapstok neer en hangt zijn jas en cap aan de haken. Ik loop met mijn jas aan de woonkamer binnen en gooi hem over één van de eetkamerstoelen. Dan vraag ik hem of hij iets wil drinken. Hij reageert niet, maar ploft in de hoek van de bank neer. Ik loop naar de keuken en schenk daar voor hem een glas cola in en voor mezelf een spa blauw. Ik zet het voor hem op de tafel neer en ga zelf in de stoel aan de andere kant van de tafel zitten met m'n benen over de leuning. Lang blijft het stil. Hij kijkt naar buiten, maar ik heb het gevoel - of misschien wil ik dat wel zo denken - dat hij niets ziet. Als de stilte mij te lang duurt en ik mijn eigen glas al half leeg heb, zeg ik hem dat hij wat moet drinken. Hij reageert echter niet. Dan is het opnieuw stil.

"Wil je met me praten?" doe ik dan een poging.

"Ik dacht dat jij wilde praten," kaatst hij terug, zonder me aan te kijken.

"Laat ik open kaart met je spelen, dat is wel zo eerlijk. Als het aan mij gelegen had, was ik je niet komen opzoeken." Ik ga niet verder. Natuurlijk zou ik een toelichting kunnen geven, maar het gesprek loopt al niet zo lekker dus …

"En hoe ben je wel zover gekomen dan?"

"Woensdagavond kreeg ik bezoek van je broer Ali met de vraag of ik niet een keer met jou zou kunnen praten. Ik heb hem toen gezegd dat ik dat niet echt zag zitten vanwege jouw reactie de laatste keer. Gisteravond had ik je ouders op bezoek met precies dezelfde vraag."

"Waar bemoeien ze zich mee!" reageert hij furieus.

Gelukkig. Eindelijk is er iets van gevoel in hem gekomen. Wel niet positief, maar er is iets dat hem in beweging brengt.

"Ze bemoeien zich met jou, Farid."

"Ja! En dat zouden ze beter niet kunnen doen! Ik red me wel!"

"Oh ja?"

"JA!" schreeuwt hij me toe en in zijn ogen ligt een vervaarlijke schittering. Als ik hem blijf aankijken, trekt hij zich terug in het hoekje van de bank.

"Ik denk niet dat je het redt. Heb je jezelf de laatste tijd wel eens goed bekeken in de spiegel? Heb je wel eens op de weegschaal gestaan?"

"Waarom zou ik!"

"Omdat je er gewoon niet uit ziet! Je bent vel over been, man. Je moet zeker 10 kilo afgevallen zijn en het staat je niet echt!"

"Ik wil door jou niet bekeken worden, hoor je me!"

"Oké, rustig maar. Ik zal proberen niet naar je te kijken. Maar praat dan verdomme tegen me! Zeg me wat je dwarszit! Zeg me, goddomme, waarom je het op een zo verdomd rotte manier met me hebt uitgemaakt!" Wederom niet echt subtiel natuurlijk, maar ook ik heb mijn grenzen.

"Zit dat je dwars? Dat ik het niet volgens de regels heb uitgemaakt?" Hij lacht schamper.

"Geef maar gewoon antwoord," is mijn korte reactie.

"Uit is uit en de manier waarop doet er niet toe!"

De arrogante toon waarop hij praat maakt me kwaad en dat is geen goed teken. Ik ben niet snel kwaad te krijgen, maar zoals ik al zei … "Natuurlijk maakt dat wel uit! Er bestaat ook nog zoiets als fatsoen! Zelfs bij dat soort dingen als het uitmaken van een relatie."

"Ik heb je altijd gezegd dat ik geen flikker ben!"

Het woord snijdt me zoals al die keren daarvoor door mijn ziel, maar ik laat me er niet door uit het veld slaan. "Jij bent net zo goed een flikker als ik dat ben, Farid! Ik ben een flikker en jij bent het ook! Ik heb gezien hoe je genoten hebt van de dingen die wij als flikkers met elkaar deden, dus jij en ik zijn allebei flikkers!"

"Hoort dit bij je therapie? Jezelf het woord 'flikker' horen zeggen."

"Jongen, ik heb geen therapie nodig. Het woord doet me zeer, maar mijn leven gaat er wel om door. Zie je die kerstboom daar?"

Hij gunt de boom een korte blik waardig.

"Vanmorgen heb ik die boom gekocht en opgetuigd, omdat vandaag de rest van mijn leven is begonnen. Ik kan verder zonder jou als het moet. Liever ga ik verder met jou, maar als het niet anders kan, doe ik het zonder jou. Mijn grootste verdriet is gesleten en ik laat me mijn leven niet ontnemen doordat een relatie op de klippen is gelopen Dus therapie heb ik niet nodig. Maar jij moet nodig op zoek naar iemand die je hulp kan verlenen. Want jij richt jezelf ten gronde, man!"

"Dat doe ik niet! Ik kan heus wel zonder jou!"

"Waarom ga je dan niet verder met je leven?"

"Ik leef toch?"

"Oh ja?"

"JA!"

"Je hebt je baantje als pizzakoerier niet meer. Je krantenwijk heb je helemaal overgelaten aan je broertje …"

"Ik doe de dingen zoals ik ze wil!" onderbreekt hij mij, maar ik ga gewoon verder alsof ik hem niet gehoord heb.

"…je eerste tentamenperiode van dit jaar schijn je verknald te hebben en je ouders maken zich grote zorgen om die van de afgelopen week. Noem je dat verder gaan met je leven?"

"BEMOEI JE ER NIET MEE!"

"Je verknalt je leven op dit moment maar ook je toekomst, Farid. Waar is je ambitie om dokter te worden? Denk je dat je dat kunt worden, als je niet eerst je VWO examen haalt?"

"Moet jij zeggen! Je kon maar net VMBO halen!"

"Katten heeft geen zin, Farid. Ik kan tevreden zijn met het leven op dit moment. Zeg me dat jij dat ook kunt en ik laat je met rust. Maar … kijk me wel recht in de ogen, als je dat zegt." Ik hou mijn ogen op hem gericht maar hij kijkt me niet aan en blijft stil. "Zeg het, Farid, en ik laat je met rust. Je hoeft dan niet te praten met de flikker die ik ben. Deze flikker zal je laten gaan en niets, maar dan ook helemaal niets meer van je verwachten." Ik drink mijn glas leeg en zet het met een harde klap terug op tafel. "Als je weg wilt, zeg het dan, Farid. Dan kan ik verder gaan met de dingen die belangrijk zijn." Bewust drijf ik het op de spits. Ik loop naar de hal en haal zijn jas en cap op. "Zeg het en mieter je op!"



Reacties zijn van harte welkom op de site waar dit verhaal legaal geplaatst is maar ook via mijn e-mailadres: lucky_eye2@yahoo.co.uk



©Lucky Eye, februari 2019 (herzien)
Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de houder van het auteursrecht.

Lucky Eye
Berichten: 144
Geregistreerd: zaterdag 07 februari 2015 16:42
Woonplaats: Zwolle
Ontvangen Bedankjes: 184 keer
Bericht Re: WIE DE SCHOEN PAST ... door Lucky Eye » zaterdag 16 februari 2019 08:17

Hoofdstuk 8

Ik zie hoe hij in elkaar krimpt en op zijn lip bijt. "Kom op man! Wees een kerel! Knal het eruit en laat me met rust!"

Dan breekt hij en lopen de tranen over zijn gezicht. Even weet ik niet wat ik moet doen. Moet ik op hem toelopen en hem troosten? Maar dan loop ik het risico dat ik een knal voor m'n kop krijg … of toch niet. Ik besluit het erop te wagen. Jas en cap vallen op de grond en ik stap op hem toe. Zet me naast hem op de bank en trek hem tegen me aan. Dan valt hij uiteen en stromen de tranen nog harder. Hij schokt in mijn armen en van de opgebouwde spanning van de afgelopen momenten en de zorg om hem, die ik in mijn toneelspel onderdrukt heb, begin ook ik te huilen. Tussen het snotteren, praat hij korte zinnetjes, die erop neerkomen dat hij het helemaal niet meer weet, dat hij radeloos is, ten einde raad. Mijn tranen stelpen redelijk snel maar hij blijft nog heel lang hartstochtelijk schreien. Als hij dan na lange tijd bedaart, veegt hij met de mouwen van zijn trui zijn ogen droog om vervolgens een 'sorry' te mompelen.

"Niet nodig, Farid. Ik heb zojuist dingen gezegd die ik nooit van m'n leven gezegd zou willen hebben. Maar …het was nodig en moet ik nou ook sorry tegen jou zeggen?"

"Eigenlijk wel. Je hebt me 'flikker' genoemd, man!"

"Oké, s…." verder kom ik niet, want hij legt een hand voor mijn mond.

"Niet doen. Ik had het nodig. Bedankt voor die gigantische trap die je me onder m'n kont gegeven hebt. Het is nog steeds niet gemakkelijk en ik weet absoluut niet hoe ik het je moet vertellen en ben ontzettend bang voor wat er daarna gaat gebeuren, maar … ik moet het wel kwijt nu." Hij vraagt of hij ook een spa blauw kan krijgen.

Als ik opsta en naar de keuken loop, vraagt hij ook of ik de rol met keukenpapier mee wil nemen. Ik ben blij, want hij maakt weer grapjes. Met spa en een pakje met papieren zakdoekjes kom ik terug en ga naast hem zitten.

"Hoeveel weet je?" vraagt hij, terwijl hij zijn neus snuit in één van de zakdoekjes.

"Ik weet van Ali en je ouders dat er op de laatste dag voor het huwelijk van je zus iets is voorgevallen. Geen van allen heeft me echter gezegd wat het is. Ze vonden dat jij het moest vertellen, omdat jij de enige bent die het gevoel dat ermee gepaard gaat goed onder woorden kan brengen en daarin hebben ze helemaal gelijk."

"Ben je er klaar voor?"

Ik knik.

"Beloof je me dat je …" Hij valt stil.

Als het zwijgen me te lang duurt, haak ik in op zijn niet afgemaakte vraag. "Wat wil je vragen? Wat wil je dat ik je beloof?"

"Nee, dat kan ik niet van je vragen."

"Kom op, doe niet zo moeilijk, man!" Maar wat ik ook inbreng, hij blijft bij zijn weigering om te zeggen wat hij wilde. Ik trek hem naar me toe en zoen hem op zijn wang. "Farid. Ook al zou je op die avond met iemand anders het bed gedeeld hebben, dan nog hou ik van je."

Dan barst hij opnieuw in huilen uit. Opnieuw klem ik hem tegen me aan. Ik trek hem op mijn schoot en wieg hem alsof hij mijn kind is.

"Het was niet vrijwillig, Theo. Ik ben verkracht …"

Het huilen is onbedaarlijk en zijn hele lichaam schokt in mijn armen. Had ik nou toch niet beter … Nee, weet ik ook meteen. Dit moet er uit, hoeveel pijn het hem ook doet en zal gaan doen om dit nu en tegenover mij onder woorden te brengen.

"Waarom denk je dan, dat ik niet meer van je zou houden?" vraag ik me verbaasd hardop af.

"Omdat ik kwijt ben geraakt, wat voor jou was."

Nu duizelt het me helemaal. Ik kan zijn gedachtegang niet meer volgen. En dan begint hij zijn verhaal.

"Toen we afscheid genomen hadden, nam ik me voor om zodra ik terug zou zijn gemeenschap met jou te hebben. Je toe te staan mij te nemen, zoals ik al zo vaak jou had gedaan. Ik vond dat een goed idee om zo te laten merken dat ik echt verder met je wilde."

Ik wil iets toevoegen, maar zijn vinger tegen mijn lippen weerhoudt me ervan.

"Later, Theo. Die weken in Marokko miste ik je enorm. Ik weet dat ik gezegd had dat we geen contact met elkaar moesten hebben maar achteraf vond ik dat enorm stom. Het was doodsaai daar in het huis van mijn aanstaande zwager en we verveelden ons allemaal enorm. Er was gewoon niets te beleven. Ik las veel en speelde spelletjes met de jongsten. Abduh wilde al heel snel weer terug naar huis. Maar mijn vader en moeder vonden dat we voor de vorm moesten blijven. We waren tenslotte uitgenodigd en te gast bij de toekomstige man van Fatimah. En dus … schikten we ons. Op de laatste avond voor de huwelijksplechtigheid werden mijn vader, Ali, Abduh en ik uitgenodigd voor een feestje bij Omar. We keken reuze op, want ik heb je al eerder gezegd dat hij het niet echt op ons begrepen had. Mijn vader mocht van mijn moeder niet mee, omdat hij al de hele week behoorlijk ziek was geweest en ze het beter vond dat hij rustig aan deed zodat hij de volgende dag er in elk geval wel bij zou zijn. Heel begrijpelijk." Hij onderbreekt zijn verhaal met de vraag of ik misschien wat thee wil maken voor hem. Hij heeft last van zijn maag, licht hij toe.

Ik sta op en loop naar de keuken om daar een klein potje water te koken voor wat venkelthee. Ik giet het water op en wacht dan nog een klein poosje tot het goed getrokken is. Met die break ben ik eigenlijk best wel even blij. Even op adem komen voor de volgende ronde. Terug op de bank ontstaat er iets van afstand als hij op zijn plek blijft zitten en niet dicht tegen me aankruipt. Of moet ik tegen hem aankruipen? Ik besluit maar eventjes rustig naast hem te blijven zitten.

"Met de nodige tegenzin gingen we naar het feestje. Abduh was nog het meest obstinaat. Hij mopperde de hele tijd, maar ja … je kent hem. Ali was de wijste, zoals altijd, en zei tegen ons dat we ons moesten gedragen en dat we maar beter konden zorgen dat het zo snel mogelijk voorbij zou zijn. We kwamen binnen en Omar onthaalde ons alsof we prinsen waren. Er waren ongeveer tien tot vijftien andere mannen, waarvan de meesten in traditionele gewaden zo ook onze zwager. We kregen een plekje dicht bij hem op de kussens die op de grond lagen en een grote bediende hield ons een dienblad voor met daarop drie kleine glaasjes. Het spul rook enorm sterk en omdat ik niet van alcohol houd, keek ik zijdelings naar Ali. Zijn hoofdbeweging was duidelijk: niet zeuren, opdrinken! Ik sloeg het spul manmoedig achterover zonder me te verslikken maar het brandde vreselijk. En toen … toen ineens werd alles wazig. Ik probeerde op te staan maar zakte net zo hard weer neer. De geluiden in de kamer waren ineens vreselijk schel en luid en daarna werd het zwart."

"Een soort drug?"

Farid knikte. "Inderdaad. Het sloeg ons alle drie in een paar tellen tegen de vlakte. De volgende morgen werd ik wakker op onze kamer. Toen ik mijn ogen opende, was nog alles wazig. Ik voelde een been vlakbij en toen ik langzaamaan mijn normale gezichtsvermogen terug kreeg, zag ik dat het het been van Abduh was. Hij lag vlak bij me en toen ik zag dat hij spiernaakt was, merkte ik pas dat ik daar ook zo lag. Uit de badkamer kwamen niet al te frisse geluiden en toen ik probeerde op te staan was daar meteen een ontzettend misselijkmakend gevoel en een hevige pijn van achteren. Ik strompelde naar de badkamer en ging naar binnen. Ali zat bij de toiletpot en kotste als een reiger, terwijl ik de wasbak vol spuugde. We keken elkaar daarna aan en wisten toen nog steeds niet wat er eigenlijk gebeurd was. Pas toen Abduh de badkamer binnenkwam, op het toilet ging zitten - nadat Ali had doorgespoeld natuurlijk - en we het bloed zagen vloeien, wisten we het. Eerst wilde ik het nog niet geloven, maar ook bij mij was er de nodige schade aangericht en bij Ali niet minder."

Ik schud mijn hoofd en tranen blinken in mijn ooghoeken. "Verdomme, Farid!"

"Er werd op de deur geklopt en ik opende. Mijn vader zag me bloot staan en vroeg waarom wij nog niet aangekleed waren. De bruiloft zou al over een half uur beginnen. We deden ons verslag en lieten als bewijsstuk het bloed in de wc-pot zien. Hij was woest en rende weg. Even later was onze moeder er. Zij lichtte Fatimah in. Gekleed in haar witte jurk kwam ze aangerend met de sleep omhoog gezeuld en rende daarna meteen weer weg. Wat ze precies gedaan heeft weet ik niet, niemand denk ik, maar een uur daarna reden we met z'n allen in twee taxi's rechtstreeks naar het vliegveld. We hadden het geluk dat er nog voldoende plaatsen waren en vlogen naar huis."

Tijd om even heel erg stil te zijn, vind ik. Tijd om deze droeve ellende te overdenken. Als iemand van zeventien, nee, corrigeer ik mezelf, het maakt helemaal niet uit hoe oud je bent! Als je zoiets meemaakt, trekt dat een enorm diep spoor.

"Mijn ouders hebben er alles aan gedaan om het onderwerp bespreekbaar te houden met ons, maar we zijn er alle drie op onze eigen manier mee om gegaan. Abduh schreeuwt, vloekt en tiert nog steeds op Omar en heeft gezworen dat hij zich zal wreken. Ali, is Ali, neemt alles - zoals altijd - heel rustig op en is toen zijn vakantie om was weer gewoon aan zijn werk gegaan. En ik … ik heb me teruggetrokken in mezelf en kwam tot de conclusie dat ik je nooit meer onder ogen kon komen."

"Maar waarom?"

"Omdat iemand mij verkracht heeft, man! Snap je dat dan niet!"

"Nee!"

"Ik heb niet meer wat ik aan jou wilde geven!"
Stomverbaasd kijk ik hem aan.

"Ik ben geen maagd meer, Theo."

"Alsof dat belangrijk is!" knal ik er meteen uit. "Daar gaat het toch niet om?"

"Nee?"

"NEE!"

"Theo, ik zal het nooit meer met jou kunnen doen. Elke keer als we het zouden doen zou voor mij een hel zijn vanwege de herinnering aan het feit dat iemand mij verkracht heeft. Of misschien zijn het er wel meer geweest."

Ik moet ongelofelijk stom gekeken hebben, want zijn reactie was er meteen.

"Snap je het dan niet?"

"Nee, nog steeds niet. Ergens zit er iets in jouw redenatie dat niet klopt, Farid." Ik sta op en begin te ijsberen. Heen en weer loop ik door de kamer, terwijl hij ineengedoken op de bank zit. Shit, zal ik hem nou dan toch nog verliezen? Is dan alles voor niets geweest? Die maagdelijkheid kan me gestolen worden! Maar het kan toch niet zo zijn, dat ik hem nu nog kwijtraak? "Het deugt van geen kant die redenatie van jou!" zeg ik ongelofelijk fel en bied hem daarom meteen mijn excuses aan. "Maar het klopt niet, Farid!" Het zal verdomme goed komen! Ik weet dat het erin zit gewoon! Ik plof naast hem neer en verbreek meteen dat gevoel van afstand dat er zojuist was door zijn hand beet te pakken. "Herinner je je nog die allereerste keer dat je mij nam?"

Hij knikt.

"Waarom deed je het?"

Hij kijkt me vragend aan.

"Breng het onder woorden, Farid!"

Eventjes is het dan stil maar dan komt toch het antwoord. "Ik deed het, omdat ik nieuwsgierig was."

"Was dat alles?"

"Ik wilde gewoon weten hoe het was, oké?"

"Nee! Je hebt toen iets gezegd dat veel beter was en dat, denk ik, veel meer gevoel in zich had dan alleen maar nieuwsgierigheid."

Niet wetend waar ik op doel kijkt hij me verbaasd aan.

"Voor jou was het niet goed genoeg toen, weet je nog. Je kwam te snel en was hevig teleurgesteld en toen ik zei dat je niet zo moeilijk moest doen zei je: 'Ik neuk je niet alleen om mijn kwakkie te lozen. Ik wil ook dat jij er plezier aan kunt beleven.' En dat is iets dat je moet onthouden, Farid. Als ik je zal neuken doe ik dat om dezelfde reden."

Zijn betrokken gezicht begint langzaam te veranderen, maar nog niet tot de glimlach die ik zo graag zie op zijn gezicht.

"Ik doe het omdat ik van je hou, Farid. Ik heb het geloof ik maar één keer eerder tegen je gezegd en vind mezelf een gigantische sufferd dat ik het niet eerder en niet veel vaker gezegd heb. Een vergelijking tussen mij en degene die jou verkracht heeft, loopt compleet mank. Ik zal je neuken als jij dat wilt en alleen dan en het met zoveel liefde doen dat ik hoop dat je alleen maar aan dat moment zult kunnen denken."

"Dat is heel lief gezegd, Theo. Dank je."

"Ja, maar hoe lief ook gezegd het doet niets af aan die rotte ervaring die jij hebt opgedaan."

"Zeg, Theo. Begin nou niet te emmeren, hè! Je zit me net op te beuren en te zeggen dat het met jou anders zal zijn en dan kom je met dit?"

"Ja! Sorry hoor, maar misschien ga ik te snel en te gemakkelijk aan jouw gevoelens voorbij, omdat ik …"

"Omdat je van me houdt?"

"Ja, omdat ik van je hou en je niet wil kwijtraken, Farid."

"Ik hou ook van jou, Theo. En wil niet meer zonder je! Ook van mij is dit pas de tweede keer dat ik het zeg en dus ben ik op z'n minst een even grote sukkel als jij! Waarom hebben we daar eigenlijk zo moeilijk over gedaan!"

"Omdat jij een lijstje had van dingen die je absoluut niet wilde in het begin."

Hij lacht.

"Eén van die dingen was dat we niet zouden praten over 'houden van' en ik heb me altijd strikt aan dat lijstje gehouden, omdat ik bang was dat ik je kwijt zou raken."

"Ontzettend stom van me."

"Je wilde voorzichtig zijn," kom ik hem tegemoet.

"Ja, te voorzichtig. Ik denk dat ik bang was voor mijn eigen gevoelens en niet durfde toegeven dat ik gewoon van je hield. Dat ik gewoon een homo ben. En daarom heb ik mijn gevoel heel lang uitgeschakeld en van ondergeschikt belang gemaakt. En dat is eigenlijk enorm stom om te doen. Zal je me beloven, dat we dat nooit meer doen?"

"Dat beloof ik je, Farid. Ik zal me nooit meer laten weerhouden door die stomme lijstjes van jou." We lachen beiden. "Maar vertel me nou eens, wanneer ben je van me gaan houden?" Ik zie een verbaasde blik op zijn gezicht en ik leg hem uit dat hij me dat antwoord nog steeds zou geven, dat hij dat beloofd had.

"Op het moment dat je zo verschrikkelijk ziek was, besefte ik ineens wat je voor mij betekende."

Ik lach hem toe. "Dus op het moment dat ik op m'n allerslechtst was?"

"Nee, niet op je allerslechtst, man! Je had iemand nodig en ik was heel blij dat ik er kon zijn voor jou. Ik weet niet precies wat er over me kwam maar het was misschien iets als van zorg, dat ik voor je voelde. Ik voelde me ineens verantwoordelijk voor iemand anders. Natuurlijk ben ik altijd wel iemand geweest die heel bewust in het leven heeft gestaan, maar nu was er plotsklaps iemand afhankelijk van mij en dat was een heel vreemde gewaarwording. En dat gevoel noem ik liefde. Alles wat we gedaan hadden aan seks en zo deed er niet meer toe. Het leek alsof er een nieuwe dimensie was geboren."

"Wauw, mooi gezegd."

"En jij?"

"Eerst was er alleen maar de fun met jou, maar al heel snel kwam het gevoel dat ik jou in mijn leven wilde. Toen ik beter werd van die griep wilde ook ik niet meer zonder jou. Al die andere dingen waren leuk, maar het er voor elkaar zijn vond ik veel belangrijker. Ik vond het prachtig als ik thuiskwam en jij er al was. De thee die al klaar was bijvoorbeeld. Het gaf me dan echt een heel huiselijk gevoel in mijn eigen huis zo met z'n tweetjes. Ja, dat trof mij toen. En het niet meer zonder die ander kunnen, dat is voor mij liefde."

We kruipen dicht tegen elkaar aan en beginnen elkaar te knuffelen.

"Misschien is het goed dat je eerst je ouders even belt," stel ik even later voor.

"Weet niet, Theo. Ze weten dan wel van ons, maar ik vind het nog steeds heel moeilijk omdat ik bang ben voor de gevolgen voor wat betreft ons geloof."

"Niet doen, lieverd." Ik open de la van de tafel en geef hem een dichtgevouwen A4'tje. "Lees maar."

Farid pakt het blaadje aan en begint te lezen. Af en toe hoor ik hem sniffen en zijn neus ophalen, terwijl op andere momenten er een glimlach op zijn gezicht zichtbaar is.

"Wauw! Dit is het handschrift van mijn vader. Heeft hij dit echt zelf geschreven, of heeft mijn moeder hem gedicteerd?"

"Je vader heeft het grotendeels zelf geschreven. Heel af en toe merkte ik dat je moeder iets toegevoegd wilde hebben."

"Nooit geweten dat hij zo goed over gevoelens kon schrijven."

"Gerustgesteld nu?"

"Ja. Hartstikke gerustgesteld. Echt een gigantisch pak van mijn hart. Wiens voorstel was het om die brief te schrijven?"

"Het mijne."

Meteen duikt hij op me en kust me hartstochtelijk. Als hij dan de kus verbreekt, zegt hij dat hij zijn ouders gaat bellen. De begroeting is in het Marokkaans, maar dan gaat hij over in het Nederlands. Ik begrijp dat er aan de andere kant van de lijn behoorlijk gehuild wordt en als Farid het zelf ook teveel wordt, breng ik hem een zakdoekje en ga bij hem op de grond zitten. Ik leg mijn hoofd tegen zijn knieën en droom wat weg. Ik ben enorm blij dat alles goed gekomen is. Vanaf nu zal het alleen maar beter worden. Misschien dat het nog best eens heel moeilijk voor hem zal zijn, maar we zijn er voor elkaar en samen zullen we het redden. Farid wekt me op uit mijn dagdromen en vraagt of het goed is als we op tweede kerstdag bij zijn ouders langsgaan. Geen enkel probleem natuurlijk. Als het telefoongesprek na heel lang praten beëindigd wordt, kijkt hij me heel lief aan en glijdt hij uit de stoel naast me op de grond. We leggen onze hoofden tegen elkaar aan en genieten van de invallende duisternis.
Ongemerkt is het toch vrij laat geworden en de dagen zijn zo voor de kerst erg kort. Als het volledig donker is geworden, zitten we nog steeds samen op de grond tegen elkaar aan en verlichten alleen de gekleurde lampjes van de kerstboom de kamer.

"Ik heb honger," zegt hij dan.

"Honger hebben alleen de kindjes in Afrika, jongen," reageer ik zoals mijn ouders ook altijd deden. "Of heb je jezelf werkelijk uitgehongerd?" vraag ik dan meteen er achteraan op een erg bezorgde toon.

"Niet echt. Maar ik kreeg er gewoon haast niets in, vanwege de pijn in m'n maag."

"Vandaar die spa en thee?"

Hij knikt.

"Ik begrijp het."

"De bubbels, hè! Nooit geweten dat je daar last van kon krijgen." We glimlachen naar elkaar.

"Zal ik wat te eten klaar maken?"

"We zouden ook uit eten kunnen gaan. Ik ben eraan toe. Ik wil dat de mensen ons met elkaar zien."

"Hartstikke mooi, jongen, maar als jij last van je maag hebt, kunnen we dat beter uitstellen. Ik zal iets gezonds voor je maken," zeg ik, terwijl ik langzaam opsta.

"Niet iets dat echt gezond is en smerig smaakt toch?"

"Nee, hoor. Maak je maar niet ongerust. Gewoon aardappelen met appelmoes vandaag. Veel meer zin heb ik niet om te koken. Is dat goed, meneer?"

"Zeker, lieverd. Ik zal je helpen."

"Nee, dat doe je niet. Jij gaat eventjes lekker op de bank liggen uitrusten." En van dat idee laat ik me niet afbrengen ondanks al zijn protesten. Ik leid hem naar de bank en ga niet eerder weg dan dat hij zijn gympen (die hij van mij voor Sinterklaas heeft gekregen!) heeft uitgeschopt en languit op de bank ligt. Dan breng ik hem de slaapzak en drapeer die over hem heen. Ik geef hem een kusje en trek me dan terug in de keuken. Als ik de aardappelen aan de kook heb, ga ik even bij hem kijken en merk dan dat hij al in dromenland is. Ik hoop dat het prettige dromen zijn.

Als ik het eten op tafel heb gezet, moet ik hem toch wakker gaan maken. Een kusje doet wonderen. Maar … zorgt er ook voor dat het eten nog even onaangeroerd blijft. Hij rekt zich uit maar het is meer een schijnbeweging. Meteen lig ik in een dubbele Nelson (of hoe zo'n greep - waar je met geen mogelijkheid uit los komt - ook mag heten) en maakt hij van de gelegenheid gebruik me vol op de mond te kussen. De zin in aardappelen is bij mij ook ineens over. Ik strek me naast hem uit en we vrijen heel lang en lekker met elkaar. Het is heerlijk om hem weer zo dichtbij me te hebben. Het is genieten met dikke vetgedrukte hoofdletters in pitch 48.

Een kwartiertje later zetten we ons dan toch maar aan de tafel, omdat liefde alleen niet genoeg blijkt te zijn om te overleven en ook dat is weer enorm gezellig. Ik heb het vreselijk gemist om iemand bij me te hebben tijdens het eten. Eindelijk wordt er weer gepraat tijdens het eten. Met volle mond maakt geen klap uit vandaag! De afwas laten we voor wat die is en we trekken ons terug in de slaapkamer.

Terwijl Farid zich uitkleedt en in bed kruipt, haal ik de kaarsen uit de woonkamer voor de sfeer. Als ik er dan ook inkruip, na de kaarsen aangestoken en over de kamer verspreid te hebben, merk ik meteen hoeveel hij wel afgevallen is. Zijn slanke lijf voelt nu wel heel erg magertjes aan, als ik hem tegen me aandruk.

"Je moet zorgen dat je snel weer goed gaat eten hoor," zeg ik tegen hem. Hij glimlacht in het schijnsel van de kaarsen naar me.

"Zou je het erg vinden, als we nu geen seks hebben?"

"Je bent en blijft een sufferd, Farid. Waarom zou ik er bezwaar tegen hebben?"

"Nou ja," stamelt hij, "je hebt het net zo gezellig gemaakt hier en dan …"

"Dan moet jij niet verwachten, dat ik meteen wat wil. Heb je me begrepen?"

"Oké."

"We kunnen toch ook gewoon heel gezellig hier bij elkaar liggen en dan langzaam in slaap sukkelen met z'n tweeën?"

"Lijkt me een goed idee."

Kleine kusjes gaan over en weer en al heel snel ligt hij in mijn armen te slapen. Waarschijnlijk heeft hij de afgelopen maanden niet zo heel goed kunnen slapen. Ik vind het best. Het allerbelangrijkste is dat we weer bij elkaar zijn en dat er een toekomst voor ons ligt.


***

Kerstochtend breekt aan met een heerlijk gevoel. Nee, er is geen sneeuw gevallen, maar er staat wel iets anders wits op het punt te komen. Farid zuigt heerlijk aan mijn ochtenderectie en ik sta op knappen. Met mijn ogen stijf dichtgedrukt kreun ik enorm hard. Het heerlijke gevoel was er al meteen toen ik langzaam wakker werd. In mijn slaap moet hij zich al over mijn stijve lid ontfermd hebben en terwijl ik steeds wakkerder word, neemt het overweldigende gevoel toe. Nu kan ik het haast niet meer houden. Een hand glijdt van onderen naar boven over mijn bovenlichaam en dan grijpen een duim en vinger zich stevig vast in één van mijn tepels.

"Spuit, joh!" hoor ik hem sissen als hij eventjes mijn pik uit zijn mond laat glijden.

Nogmaals knijpt hij me hard en dan, terwijl ik mijn rug krom, spuit ik me leeg in zijn mond. Ohhhhhhhh, de ontlading is enorm. Het gevoel fantastisch. Ik open mijn ogen en kijk toe hoe Farid alles wegslikt en me blijft likken. Dan kruipt hij omhoog en als onze gezichten op gelijke hoogte liggen, kust hij me op mijn mond. Zijn tong dringt wild bij mij naar binnen en ik proef de restanten van mijn lading. Hij is heet en stoot zijn onderlijf tegen mij aan. Yep, hartstikke heet en geil want zijn pik is keihard. Ik wil maar één ding en dat is die harde stang van hem diep bij mij van binnen.

"Met of zonder voorspel?" zucht hij als hij zijn tong eventjes uit mijn mond haalt.

Ik wil het zonder dit keer, en zeg hem dat. Ik draai me op m'n buik. Hij spuugt wat speeksel in mijn spleet en wrijft dat uit in mijn gaatje om vrijwel meteen daarna bovenop mij te gaan liggen. Ik voel zijn speer in mijn bilnaad heen en weer glijden. Eventjes richt hij zich dan op, zet zijn eikel tegen mijn gaatje en dringt naar binnen. De top is dik en mijn gaatje ontzettend krap: te weinig gedaan de laatste tijd! Ik slaak een kreet. Gelukkig schrikt het Farid niet meer af en gaat hij gewoon verder. Verdomme! Best pijnlijk maar ik wil ook dat hij doorgaat. Shit! Hij is enorm goed en komt niet meteen in me klaar. Zijn joekel - die ik nog steeds een keer moet meten - gaat in een heel langzaam tempo steeds verder naar binnen. Het is puur genot en ik word steeds geiler op hem. Hij neemt me op een prachtige manier: heel gestaag, maar zeker van zijn doel. Hij wil er diep bij mij in en roept regelmatig dat dat zijn doel is.

"Ik ga er helemaal in lieverdje! Ik neuk je plat!"

Oh, zijn praten gecombineerd met de zekerheid van zijn zwoegende lijf bovenop het mijne windt mij enorm op. De pijn maakt plaats voor een heerlijk gevoel dat door mijn hele lijf tintelt. Zo ik nog niet zeker zou zijn geweest na gisteren van zijn liefde voor mij, nu kan het gewoon niet meer missen. Uit zijn hele benadering blijkt dat hij van mij houdt. Hij ramt zijn lat niet naar binnen om zo snel mogelijk klaar te komen, maar doet zijn uiterste best om het zo lang mogelijk binnen te houden en mij ook te laten genieten. En dat doe ik! Volop! Mijn eigen pik wordt hard tegen het matras en door het heen en weer geschuif, kan ik het haast niet meer houden. Farid zegt dat ik moet volhouden, dat ik nog niet mag spuiten!

"We doen het tegelijk!" hijgt hij in mijn oor.

Zijn pik zit er nu helemaal in. Ik voel hoe zijn ballen tegen mijn billen rusten en dan gaat dat hele lange eind er bijna weer helemaal uit. Ik slaak een diepe kreun en gil keihard als hij hem ineens weer terug plant in me. Pfff, wat een heerlijke spetter! Nog één keer doet hij het heel langzaam, maar dan begint hij als een razende op me te wippen. Ik zie sterretjes en slaak allerlei wilde kreten.

"Ik ga spuiten!", hoor ik dan en terwijl hij zich over me heen legt en me hard in m'n nek bijt, spuit hij zijn ballen in me leeg en kom ook ik klaar.

Het lijkt alsof hij maandenlang zijn zaad heeft opgespaard, want aan die spuiter van hem komt maar geen eind. Ik voel het uit mijn kontgat lopen en langs mijn benen gaan. Tijdenlang blijven we zo liggen om na te genieten van deze heerlijk vrijpartij.

"Je bent een kanjer, Farid," verzucht ik na enige tijd. "Je was er echt aan toe, nietwaar?"

Hij gniffelt, glijdt van me af en knikt dan bevestigend. "Ja, ik heb het enorm gemist."

"Maar je hebt toch wel eens …" zijn hoofd schudt heen en weer en ik hoef mijn vraag niet af te maken. "Stond het je tegen na dat wat er gebeurd was?"

"Ja, ik vond seks ineens iets heel verschrikkelijks. Gewoon het idee dat zoiets moois, zoals wij het beleefd hebben steeds, ook zoiets vreselijks kan zijn. Dat was zo dubbel dat ik er helemaal niets meer mee van doen wilde hebben. Maar ja … dan kom jij weer terug in mijn leven en is het celibaat weer bedorven."

"Sorry, jongen, dat ik je van je goede voornemens heb afgehouden maar ik kan niet zonder seks. Ben gewoon verslaafd."

"Heb je iemand anders gehad dan in de tussentijd?"

"Nee, natuurlijk niet, man! Ik bedoelde maar te zeggen …"

"Ik begrijp het al. Ik plaagde je ook alleen maar een beetje."

"Zeker weten dat je het niet serieus meende?"

"Zeker weten. Ik ken jou toch!"

Ik brom nog wat, maar nestel me dan tegen hem aan. Het is goed zo dicht bij elkaar te zijn. En dan dommel ik weer in slaap. Waarschijnlijk was het ook nog veel te vroeg om wakker te worden. Ik word wakker van het aanhoudende gerinkel van de telefoon en als ik dan uit bed spring, vraagt Farid of we er echt al uit moeten. Hij is ook diep weg dus. Ik ren naar de telefoon toe en als de nummermelder aangeeft dat het mijn moeder is, moet ik wel opnemen.

"Hoi, ma, met Theo. Prettige Kerstdagen voor pa en jou."

"Hoe weet jij … ach ja natuurlijk," herinnert ze zich dan waarschijnlijk ineens de moderne snufjes van de techniek. "Jij ook heel prettige Kerstdagen, jongen, en ik weet wel dat we niets hebben afgesproken maar als jij nou niets bijzonders te doen hebt, zou je het dan leuk vinden om vandaag langs te komen?"

"Eh," stamel ik.

"Alleen als het goed uitkomt natuurlijk hè, maar je vader en ik willen graag eens met je praten."

Ik val zowat achterover. Praten?

"Je vader luistert mee op het andere toestel en als hij iets wil zeggen, zal hij dat doen, oké?"

"Ik geloof niet dat ik het meer goed kan volgen," zeg ik dan geheel naar waarheid.

"We hebben dingen niet altijd even goed gedaan en daar hebben we beiden heel veel spijt van, jongen."

Ik hoor mijn vader instemmend mompelen in de hoorn van het andere toestel en besluit om er maar bij te gaan zitten want snappen doe ik het nog steeds niet.

"Ben je er nog?"

"Ja, natuurlijk, ma."

"Toen jij ons vertelde dat je homoseksueel was, kwam dat natuurlijk geheel onverwacht voor ons. We hadden daar nooit iets van gemerkt maar de manier waarop wij het toen hebben aangepakt, is niet de goede geweest."

"Ma, dat geeft toch niets. Iedereen …"

"Ja, jongen, iedereen kan fouten maken. Ik weet dat je dat wilt zeggen en natuurlijk kan dat. Maar onze fout had wel moeten stoppen. Dat wij uit het veld geslagen waren, dat was heel normaal. Maar om er daarna nooit meer over te praten met jou en daarmee jou het gevoel te geven dat jij er niet echt meer bij hoorde dat is onze tweede fout geweest en daarvan hebben we beiden heel veel spijt."

"Maar, ma …"

"Laat me nog eventjes praten, jongen, alsjeblieft?"

Natuurlijk stem ik toe. Wie kan zoiets weigeren?

"Het afgelopen half jaar hebben je vader en ik een praatgroep bezocht van ouders met homoseksuele kinderen …"

Gelukkig zit ik in de stoel, want anders was ik nu subiet omgevallen

"… en daar hebben we geleerd, dat wat jij gedaan hebt, toen je nog maar 16 was, een heel moedige daad is geweest. Heel veel jongens durven er dan nog niet mee te komen en verzwijgen hun gevoelens voor hun ouders. Jij kon het waarschijnlijk niet langer voor jezelf houden en moest het aan ons kwijt. En wij … wij hebben enorm gefaald door te reageren op de manier waarop wij gedaan hadden."

"Maar, ma," onderbreek ik haar dan toch, "het is toch heel logisch dat jullie het er moeilijk mee hadden."

"Ja, dat zei ik net ook al, Theo, maar we hadden er wel overheen moeten zien te komen. Je vader en ik hebben er het stilzwijgen toegedaan, Theo, en dat is niet goed geweest. Zelfs al waren wij het er helemaal niet mee eens geweest dan hadden wij op een gegeven moment toch iets moeten zeggen! En dat hebben wij nooit gedaan en daarom zouden wij heel graag willen dat je vandaag bij ons langs zou komen om er met ons over te praten."

"Maar het is toch niet de bedoeling dat jullie …" Mijn moeder kent me te goed en valt in.

"Nee, Theo, het is niet de bedoeling dat wij jou op andere gedachten proberen te brengen. Het leven dat jij kiest om te leiden, jongen, is goed! En wij willen dat je weet dat wij het ook goed vinden zo. We hebben er geen moeite mee, Theo. Je bent en blijft onze zoon, wat er ook gebeurt!"

Dan komt de sentimentele gek in mij naar boven en komen de waterlanders. Meteen hoor ik de reactie in de slaapkamer. Farid komt het bed uit en loopt op me toe. Geluidloos vraagt hij me wie het is. Met de hand over het spreekgedeelte zeg ik dat het mijn moeder is. Hij gaat bij me zitten.

"Ben je er nog, jongen?"

"Ja, ik ben er nog, maar ik moest even wat traantjes wegpinken," zeg ik met verstikte stem.

"Jongen toch …"

"Ik heb eigenlijk altijd wel geweten dat jullie het goed bedoelden, ma en pa. Dat jullie er op de een of andere manier gewoon niet de juiste woorden voor konden vinden, maar toch voelt dit wat jullie nu zeggen heel erg goed aan."

"Zo is het ook bedoeld, zoon," hoor ik dan luid en duidelijk mijn vader. "We willen schoon schip maken en verdergaan waar we op het verkeerde spoor zijn geraakt."

"Dus kom je thuis vandaag?" vraagt dan mijn moeder.

"Ma en pa, ik heb een vriend op dit moment en ik moet dus even met hem overleggen."

"Oh, wat leuk," snottert dan mijn moeder. "Ik ben zo blij voor je! Hij mag natuurlijk gerust meekomen hoor!"

"Ik weet niet of we daar al aan toe zijn eigenlijk," houd ik de boot nog wat af.

De blik die Farid me toewerpt is een heel kwade. Hij pakt me de telefoon uit de hand, zegt dat hij wil zitten, waar ik zit en voor ik het weet is hij in een druk gesprek met mijn ouders verwikkeld en ben ik de toehoorder. Omdat die rol me niet echt past, besluit ik me maar te gaan douchen. Als ik al lang en breed klaar ben, merk ik dat hij nog steeds met mijn ouders belt en dat er af en toe flink gelachen wordt. Dit zit wel snor dus en dus gaan we vandaag naar mijn ouders, trek ik de enig juiste conclusie. Als Farid dan eindelijk neerlegt, grijnst hij van oor tot oor.

"Je ouders zijn leuke mensen, Theo," zegt hij me.

"Ja, ik weet het. Maar het heeft wel even geduurd voor ze het ook echt hebben laten zien."

"Ik weet het, Theo, en begrijp ook heel goed dat dat jou vreselijk pijn heeft gedaan maar je moet me beloven dat je daar nu een punt achter zet en dat je nooit meer achterom zult kijken."

Heb ik al eerder gezegd dat hij wijs is? Natuurlijk beloof ik hem dat want dat is ook mijn oprechte voornemen: Kijk vooruit en niet achterom! Dan schiet het me ineens te binnen dat ik Annelies nog niet eens op de hoogte heb gebracht van de laatste ontwikkelingen en terwijl Farid zich doucht, bel ik haar.

"Hé, zus, prettige Kerstdagen voor jou en Jolande."

"Jij hetzelfde, broertje."

"Trouwens, ik heb goed nieuws."

"Vertel! Vertel!"

En dan doe ik haar verslag van de afgelopen dagen. Te beginnen bij de bezoeken van Ali en Farids ouders en eindigend bij het herstel van onze relatie. Ze is hartstikke blij voor ons beiden en dan besluit ik voor mezelf dat het vandaag echt Kerst moet worden. "Is Jolande in de buurt?" vraag ik. Ze blijkt in de keuken te zijn. "Wil je haar even vragen om mee te luisteren, want er is nog iets dat je moet weten." Omdat ik niet meteen wil zeggen wat het is, doet ze wat ik gevraagd heb met enige tegenzin maar uiteindelijk hoor ik de stem van Jolande dan toch. Eerst wisselen we natuurlijk de kerstgroeten uit en dan vertel ik hen van het zojuist gevoerde gesprek met mijn ouders om te besluiten met: "En dus alsjeblieft, Annelies, smeed het ijzer nu het heet is. Je hebt nu een prachtkans om eindelijk te zeggen, wat je al jaren wilt zeggen."

"Ik weet het niet, Theo. Het overvalt me enorm."

"Dat begrijp ik, lieve zus, maar waarop wil je nou nog langer wachten?"

"Ze wacht echt niet langer hoor, Theo," breekt Jolande in. "Hoe laat gaan jullie naar je ouders?"

"Wij gaan denk ik zo tegen elf uur voor de koffie en blijven dan eten en dan … ja dan zien we wel. Farid heeft eigenlijk de afspraak verder geregeld, dus weet ik niet precies wat me allemaal te wachten staat."

"Reken er maar op dat wij er ook zullen zijn. Ik krijg Annelies wel zover dat we er zijn. Het lijkt me hartstikke leuk om jullie ouders eindelijk eens echt te ontmoeten en dan kan ik Annelies ook eindelijk mee nemen naar mijn moeder."

"Ik laat het aan jou over, Jolande."

"Het komt goed, Theo." En daarmee sluiten we af.

Farid is in de slaapkamer bezig zich aan te kleden en als ik hem vertel wat ik gedaan heb, is hij helemaal opgetogen.

"Het lijkt allemaal op een Kerst uit het een of andere zoetsappige verhaal," stelt hij.

"Ja maar dit keer is het, hoe zoetsappig misschien ook, niets anders dan werkelijkheid."

EINDE


Dankbetuiging bij eerste publicatie:
Dank ben ik verschuldigd aan mijn (inmiddels) vaste corrector die me op heel veel fouten, kleine en grote, heeft geattendeerd en me daarnaast goede vondsten heeft aangedragen. EP, bedankt!
T. bedankt voor de aanzet tot de titel!

Dankbetuiging bij hernieuwde publicatie in 2019:
Dank ben ik verschuldigd aan Sjack013 die ervoor gezorgd heeft dat ook dit verhaal op de sites kwam te staan waar hij voorheen nog niet stond. Bedankt, Sjack!



©Lucky-Eye, januari 2019 (herziene versie)
Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de houder van het auteursrecht.




Reacties zijn van harte welkom op de site waar dit verhaal legaal geplaatst is maar ook via mijn e-mailadres: lucky_eye2@yahoo.co.uk

Lucky Eye
Berichten: 144
Geregistreerd: zaterdag 07 februari 2015 16:42
Woonplaats: Zwolle
Ontvangen Bedankjes: 184 keer
 

Plaats een reactie

Terug naar Lucky Eye

Wie is er online?

Gebruikers in dit forum: Geen geregistreerde gebruikers en 1 gast


cron