Verrassende verhalen, gedichten en andere teksten vanuit een gay perspectief


Forumindex  • Verhalen, gedichten en andere teksten  • Man - Man
 
Registreren
 
 
 

Verrassende verhalen, gedichten en andere teksten vanuit een gay perspectief

Aan de andere kant...


Algemeen

Plaats een reactie

Bericht Aan de andere kant... door Michael87 » zondag 19 april 2015 09:12


Michael87
Berichten: 220
Geregistreerd: maandag 16 juni 2014 19:07
Woonplaats: Bretagne
Heeft Bedankt: 45 keer
Ontvangen Bedankjes: 104 keer
Bericht Re: Aan de andere kant... door Michael87 » zondag 19 april 2015 09:28

1. Danse Macabre



“Victor! Victor!”, galmt het door de Grote Kerk. Hijgend komt mijn collega Harro door het middenpad aangerend. “Kun jij… de laatste… kandidaat… van vandaag… overnemen?”
“Kalm man, kalm. Wat is er gebeurd?” Bezorgd kijk ik hem aan.
“Wendy. Ze belde net”, hijgt hij buiten adem. “Marco. Ze zit met hem op de eerste hulp.”
“Oh jee, niks ernstigs, hoop ik?”, roep ik geschrokken.
“Hij is gevallen. Van de trap. Verder weet ik niks”, hakkelt hij.
Ik knik meelevend. “Geef maar hier”, wijs ik richting de stapel papieren in zijn hand.
“Dank je”, zucht Harro opgelucht. 
“Wie is het?”
“Manuel Mulder, negentien jaar, woont hier in de stad”, houdt Harro een inschrijfformulier omhoog. “Hij zit boven al te wachten.”
“Oké, ga jij maar, ik red me wel.”
Ik neem de papieren van hem over, klop hem geruststellend op zijn rug en been met lange passen richting de trap naar het balkon.

“Victor Bos, aangenaam”, loop ik met uitgestoken hand op de jongeman achter het orgel af. Verbaasd kijken twee donkerbruine ogen me aan.
Ik glimlach, hij zal me wel herkennen, ik ben per slot van rekening best bekend. Elf jaar geleden heb ik dit concours zelf gewonnen en sindsdien is het me voor de wind gegaan. Na het afronden van mijn studie, werd ik juist in deze kerk als hoofdorganist benoemd. Daardoor ben ik nu, samen met Harro, mijn vaste registrant, de organisator van het concours en zit ik, voor het vierde jaar alweer, in de jury.
“Manuel Mulder.” Breed grijnzend schudt hij mijn hand.
Nieuwsgierig neem ik hem in me op. Grote jongen, ik denk wel een halve kop groter dan ikzelf, terwijl ik met mijn één meter vierentachtig toch ook niet bepaald klein ben. Met zijn weerbarstige, blonde krullen en zijn stoppelbaard past hij niet echt in het plaatje van de gemiddelde jonge organist. Dat zijn over het algemeen keurige jongens en meisjes, verzorgd uiterlijk, nette kleding, zoals het hoort.
Ik bekijk hem nog eens goed. Zijn spijkerbroek, die overduidelijk zijn langste tijd heeft gehad en het, door het vele wassen vaal geworden, donkerblauwe poloshirt, versterken mijn eerste indruk. Ik mag hopen dat hij zich morgen scheert, zijn haren in model weet te krijgen en zich wat netter kleedt. Zo valt hij wel heel erg uit de toon.

“Excuses dat je zo lang hebt moeten wachten. Mijn collega werd weggeroepen”, verklaar ik mijn aanwezigheid.
“Geeft niks”, knikt hij lachend. “Ik heb me wel vermaakt.”
“Wat ga je spelen?”, vraag ik hem.
“De ‘Danse Macabre’ van Saint-Saëns”, antwoordt hij zelfverzekerd.
“Goeie keuze. Niet makkelijk, maar wel erg mooi”, knik ik. “Laat maar eens horen wat je ervan gemaakt hebt.”
“Ehm”, aarzelt hij. 
“Is er iets?”
“Kun je me misschien helpen met de registratie?” Hij lacht verlegen.
Ik frons mijn wenkbrauwen. “Heb je die nog niet zelf uitgedacht?” 
Eigenaardig, je zou toch verwachten dat deelnemers dat, samen met hun leraar, van te voren gedaan zouden hebben. Dat is tenminste wel gebruikelijk.
“Thuis wel, maar ik heb nog nooit op een kerkorgel gespeeld”, biecht hij schoorvoetend op. 
“Pardon?” Het floept eruit voor ik er erg in heb.
“Ik heb nog nooit op een kerkorgel gespeeld”, herhaalt hij.
“Dat hoor ik, ja”, reageer ik droog. “Het is meer dat het me nogal verbaast. Ik bedoel, je doet mee aan een orgelconcours, dan zou ik toch denken dat je op z’n minst het orgel kunt bespelen.”
Het kost me moeite niet te cynisch over te komen. Dat hij er wat onverzorgd uitziet, mag natuurlijk geen reden zijn hem niet serieus te nemen.
“Dat kan ik ook wel”, probeert Manuel uit te leggen. “Ik speel al jaren orgel. Alleen heb ik nog nooit op een echt pijporgel gespeeld.”
“Sorry, ik snap het niet”, schud ik mijn hoofd. “Heb jij geen les in een kerk dan?”
“Ik heb helemaal geen les”, verklaart hij laconiek. “Al een paar jaar niet meer. Sinds mijn vader niet meer werkt. Te duur.”
Ontgoocheld kijk ik hem aan. “Maar… hoe… ik eh… ik bedoel…”
“Mijn muziekleraar op school heeft me een beetje geholpen”, lacht hij bij het zien van mijn verbaasde gezicht. “Op het orgel van de school. Volgens hem heb ik talent”, voegt hij er trots aan toe.
“Aha, vandaar”, knik ik bedachtzaam. “Wacht, ik help je wel even.”

Terwijl ik de registratie met hem doorneem, denk ik na. Wat moet ik met hem? Denkt die jongen echt dat hij een kans maakt? Het voelt bijna als een belediging voor al die jonge mensen, die keihard studeren om zover te komen dat ze aan dit concours deel kunnen nemen.
Heel even bekruipt me het gevoel dat ik hier mijn tijd zit te verdoen. Direct druk ik dat gevoel weg, iedereen verdient een kans, toch? Ik hoop alleen wel dat zijn muziekleraar gelijk heeft, zodat dit geen enorme teleurstelling voor hem wordt, want ik ben er niet op uit hem te ontmoedigen.

“Oké,” zeg ik als ik de registers ingesteld heb, “laat maar eens horen wat je kunt.”
Ik doe een stap achteruit en geef hem de gelegenheid zich te concentreren. Hij heeft wel lef, dat moet ik hem nageven. Met zo weinig voorbereiding aan dit concours meedoen, zullen maar weinigen hem nadoen.

Zonder al te hoge verwachtingen kijk ik toe hoe hij zijn vingers op de toetsen legt. Lange, slanke vingers. Onwillekeurig glijden mijn ogen langs zijn lichaam. Eigenlijk is het best een mooie jongen. Lekker stoer met die wilde bos haar en dat stoppelbaardje. En dan die versleten spijkerbroek, die staat hem goed. Ik grinnik, hij zal mij wel een saaie pief vinden in mijn nette pantalon, mijn gladgestreken overhemd en mijn keurige colbertje.

Dan vult de kerk zich met de eerste, indringende klanken van de ‘Danse Macabre’. Van het ene op het andere moment verplaatst mijn aandacht zich van het uiterlijk van de jongen naar zijn spel. Zo teer en breekbaar, zo gevoelig. Kippenvel kruipt vanaf mijn nek langs mijn rug naar beneden, mijn mond zakt open van verbazing. Dit is wel het laatste dat ik had verwacht! Oké, technisch is zijn spel bij lange na niet perfect, dat hoort zelfs een leek. Maar wat een emotie weet hij erin te leggen!
Ademloos laat ik het over me heenkomen. Volkomen in de ban van de muziek die hij, ogenschijnlijk moeiteloos, ten gehore brengt, volg ik elke beweging van zijn handen, zijn voeten, zijn hele lichaam… Nog nooit heb ik iemand zo in muziek zien opgaan als deze jongen! Ongelooflijk dat hij dit zichzelf heeft aangeleerd met een beetje hulp van zijn muziekleraar op school. Wat moet dat worden als hij goed begeleid wordt?
Mijn ogen worden vochtig, ik krijg een brok in mijn keel.

Na het slotakkoord blijft hij doodstil zitten, alsof hij nog deel uitmaakt van de langzaam wegstervende muziek. Dan draait zijn hoofd mijn kant op en kijken zijn donkere ogen me vol verwachting aan.
Ik kan hem alleen maar aanstaren, krijg geen woord over mijn lippen. Mijn hart bonkt in mijn keel van opwinding. Wat een talent heeft deze jongen!
“Was het zo erg?”, vraagt hij, zijn teleurstelling bij het uitblijven van mijn reactie verbijtend. 
“Oh nee, nee”, haast ik me te zeggen. “Absoluut niet!”
“Nee?” Hoopvol lichten zijn ogen op.
Ik schiet in de lach. “Weet jij eigenlijk wel hoe goed je bent? Ik bedoel, hoe goed jij kan worden met goede begeleiding? Want technisch schort er nog wel wat aan…”
Hoofdschuddend loop ik naar hem toe, sla de muziek een paar bladzijden terug en wijs hem op een passage waar hij helemaal de mist in ging.
“Schuif eens op, dan help ik je.” Ik ga naast hem zitten, leg hem uit wat hij niet goed deed en speel het een keer voor.
“Nu jij”, schuif ik opzij om hem ruimte te geven. 
Foutloos speelt hij na wat ik hem net voorgedaan heb. Ik knik bewonderend.
Benieuwd naar wat hij nog meer in zijn mars heeft, pak ik een volgende passage aan, leg uit hoe hij het anders kan spelen, doe het voor en laat hem oefenen. Hij heeft er duidelijk plezier in en leert snel. 

“Wat is het eeuwig zonde dat jij geen les hebt”, zucht ik als zijn repetitietijd erop zit. “Zoveel gevoel jij in je spel weet te leggen… Ongekend… Iemand zou jou onder zijn hoede moeten nemen.”
“Zinloos om over na te denken”, wuift Manuel mijn opmerking weg. “Ik heb geen geld voor les.” Berustend haalt hij zijn schouders op.

Peinzend kijk ik hem aan. Als ik hem nu eens lesgeef? Het geld boeit me niet zo, ik wil het zelfs wel gratis doen. Maar heb ik daar wel tijd voor?
Volgende maand staat mijn jaarlijkse tournee door Duitsland op het programma en daarvoor geef ik nog twee concerten in Nederland. Dat betekent sowieso al extra repeteren. Daarnaast heb ik natuurlijk de wekelijkse erediensten op zondag en verzorg ik de muzikale omlijsting van de zaterdagmiddag-openstellingen van de kerk. En dan ook nog het concours waar ik de komende twee weken mijn handen aan vol heb. Als ik heel eerlijk ben, heb ik het eigenlijk veel te druk om een leerling aan te kunnen nemen.

Aan de andere kant… Zoveel talent mag toch niet verloren gaan? Dat kan ik toch niet laten gebeuren? Saint-Saëns zou zich omdraaien in zijn graf als ik deze jongen niet zou helpen! Ik kan toch wel ergens een uurtje voor hem vrijmaken?

“En als ik je nu eens lesgeef?”, hak ik de knoop door. “Hoe zou je dat vinden?”
“Ik zeg net, ik heb geen geld voor lessen”, benadrukt hij zijn financiële situatie. 
“Je hoeft me niet te betalen”, zeg ik snel. “Ik doe het gratis.”
Manuel trekt zijn wenkbrauwen op. “Waarom zou je dat doen? Lijkt me dat je het druk genoeg hebt zonder mij.”
“Omdat ik denk dat jij heel veel talent hebt.”
Schattend kijkt hij me aan. “Denk je dat echt?”, vraagt hij bescheiden. “Of zit je me te stangen?”
“Waarom zou ik dat doen? Waarom zou ik tijd in iemand stoppen als ik denk dat hij geen talent heeft?”
“Da’s waar”, grinnikt hij. Nadenkend strelen zijn vingers de toetsen van het orgel. “Helemaal voor niks?”, vraagt hij ineens terwijl hij me met een mengeling van ongeloof en verlangen aankijkt.
Ik knik, hoop zo dat hij ‘ja’ zegt! Ik kan haast niet wachten om met hem aan de slag te gaan. Sterker nog, het liefste zou ik vandaag al met hem beginnen!
“Wow”, fluistert hij vol ontzag. “Les van Victor Bos, als mijn muziekleraar dat hoort!”
“Dus je doet het?”, vraag ik gespannen. ‘Niet te vroeg juichen, Victor’, spreek ik mezelf in gedachten toe. ‘Leg het er niet te dik bovenop, hij is goed, maar hij moet het wel nog waarmaken!’
“Hoe kan ik zo’n aanbod weigeren?”, grijnst Manuel.
Opgelucht sla ik hem op zijn schouder. “Mooi! Kun je maandagavond om half acht?”
“Oh ja, zeker!”, laat hij me nauwelijks uitpraten. “Hier?” Opgetogen kijkt hij me aan.
Ik knik lachend, haal mijn mapje met visitekaartjes uit mijn binnenzak en overhandig hem er eentje. “Bel me als er onverhoopt iets tussen komt”, wijs ik hem mijn telefoonnummer.
“Maak je maar niet ongerust”, glundert hij, terwijl hij het kaartje in de binnenzak van zijn jas stopt. “Ik zorg dat ik er ben! Al moet ik komen kruipen, deze kans laat ik beslist niet lopen!”

***

In opperbeste stemming rij ik naar huis, mijn dag kan niet meer stuk! Voortdurend dwalen mijn gedachten af naar Manuel. Zoals hij achter het orgel zat, tot het uiterste geconcentreerd, helemaal opgaand in de muziek.
Even komt de twijfel opzetten. Wat als de ‘Danse Macabre’ het enige is dat hij fatsoenlijk ten gehore kan brengen?
Direct druk ik de gedachte weer weg. Nee, dat geloof ik niet, daarvoor is de moeilijkheidsgraad te hoog. Ik heb het echt wel goed gehoord. Deze wat onverzorgd uitziende jongen is een natuurtalent, een ruwe diamant en ik mag hem polijsten! Toch wonderlijk, mijn eerste indruk van hem klopte totaal niet.
Opgewonden knijp ik in mijn stuur, nog een paar dagen, dan mag ik met hem aan de slag! Ineens schiet ik in de lach. Verdorie, ik lijk wel een klein kind dat verlangend de dagen aftelt tot zijn verjaardag!
Glimlachend parkeer ik mijn auto naast het huis.


wordt vervolgd...

Michael87
Berichten: 220
Geregistreerd: maandag 16 juni 2014 19:07
Woonplaats: Bretagne
Heeft Bedankt: 45 keer
Ontvangen Bedankjes: 104 keer
Bericht Re: Aan de andere kant... door Michael87 » zondag 03 mei 2015 07:29

2. Zo doe ik dat dus



“Mmmm, spruitjes!”, glunder ik als ik de keuken binnenstap. “Lekker!” Ik trek mijn jas uit en hang hem op de kleerhanger aan het haakje achter de deur.
“Papa!” Mijn driejarige dochter Claire glijdt van haar stoel en rent op me af. 
“Claire! Hier blijven, je moet eten”, probeert mijn vrouw haar tegen te houden. “Wat ben je laat!”, richt ze zich met een verhit hoofd tot mij.
Ze heeft Amy, onze jongste van acht maanden, op schoot en doet verwoede pogingen één of ander babyhapje naar binnen te werken. Dat het niet zonder slag of stoot gaat, blijkt wel uit de klodders rode smurrie naast Amy’s mond en zelfs in haar haren. Als ik goed kijk, meen ik sliertjes spaghetti tussen het rode goedje te zien.
“Clairtje!”, til ik mijn oudste dochter op. Lachend geef ik een dikke kus op haar wang. “Sorry”, richt ik me tot mijn vrouw. “Harro werd weggeroepen, ik moest invallen.”
Ik zet Claire terug op haar stoel, schuif mijn eigen stoel naar achteren en ga zitten. “Dag Amy”, grijns ik naar mijn jongste dochter.
“Waarom bel je dan niet even?”, moppert Ciska, terwijl ze een lepeltje spaghetti in Amy’s mond schuift. “Je weet toch dat ik vanavond vergadering van de diaconie heb?”
“Rustig maar, ik ben er nu toch?”, stel ik haar gerust. “Ga jij maar, ik doe de kinderen wel.”
“En de afwas?”, vraagt ze met een lichte twinkeling in haar ogen. “Nee Claire!”, duwt ze Claire’s handje opzij als onze dochter een greep doet in de spruitjes-stamppot op haar bord.
“De afwas ook”, lach ik. “Ben je laat terug?”
Ze haalt haar schouders op. “Zal wel meevallen, ik denk een uur of tien”, antwoordt ze terwijl ze Claire’s handje schoonmaakt met een washandje.
“Mag ik even stilte?” Demonstratief hou ik mijn handen gevouwen omhoog. “Dan kan ik ook eten.”
“Ja, natuurlijk. Even stil Claire, papa wil bidden”, maant Ciska onze dochter tot stilte.

***

Met Amy op mijn arm en Claire naast me, zwaai ik mijn vrouw uit.
Eigenlijk wil ik nu niks liever dan achter mijn orgel kruipen om de ‘Danse Macabre’ te spelen. Maar goed, eerst moeten de kinderen naar bed, de tafel afgeruimd en de afwas aan de kant.
“Ga je mee?” Uitnodigend steek ik mijn hand naar mijn oudste dochter uit. “Papa gaat jullie in bad doen.”
“Waarom?”, wil Claire weten.
Ik schiet in de lach. “Omdat je vies bent”, grinnik ik, maar Claire hoort het al niet meer. Razendsnel klimt ze voor me uit de trap op.
“Clairtje, wacht!”, roep ik terwijl ik haar achterna loop.

Een half uur later ligt Amy, fris gewassen en in een schone pyjama, in haar bedje.
“Kom je, Claire?”, wenk ik mijn oudste. “Dan vragen we de Heere om op jou en Amy te passen als jullie slapen.” Ik hurk naast Amy’s ledikantje en trek Claire bij me. “Doe je oogjes maar dicht en vouw je handjes.”
Gehoorzaam knijpt ze haar ogen stijf dicht en houdt haar handjes gevouwen voor haar gezicht.
‘Ik ga slapen, ik ben moe, sluit mijn beide oogjes toe, Heere houdt ook deze nacht, over Claire en Amy getrouw de wacht. Amen’, zingen we samen.
Al tijdens het zingen van het kindergebedje, vallen Amy’s oogjes dicht. Liefdevol streel ik haar wangetje en kom overeind.
“Zo, nu Clairtje naar bed brengen”, fluister ik zachtjes.
“Papa Claire voorlezen?”, bedelt ze.
“Ssst, anders wordt Amy weer wakker”, zeg ik snel. “Ja, papa gaat jou voorlezen.”
Ik duw haar zachtjes voor me uit naar haar eigen kamer.
“Welk verhaaltje wil je horen?”, vraag ik. Ik stop haar lekker in en steek alvast het nachtlampje in het stopcontact.
“Nijntje!”, juicht ze.
Lachend om haar enthousiasme, pak ik het, inmiddels bijna stuk gelezen, boekje van Dick Bruna van het schapje boven haar bed.

***

Voorzien van een glas icetea, loop ik naar mijn studeerkamer en schakel mijn orgel in. Amy en Claire slapen, de keuken is aan de kant en de vuile vaat staat in de afwasmachine. Ik zet de babyfoon naast de lessenaar, zodat ik het lampje kan zien knipperen als er boven iemand wakker wordt, want met een koptelefoon op hoor ik het ding absoluut niet, zeker niet als ik geconcentreerd aan het spelen ben!
De ‘Danse Macabre’… Het is lang geleden dat ik dat stuk zelf gespeeld heb. Misschien moet ik het binnenkort maar weer eens op mijn programma zetten. De kracht die ervan uitgaat, de dynamiek... In één woord, geweldig!
Ik zoek de bladmuziek op, zet mijn koptelefoon op en begin te spelen. Alsof mijn handen en voeten geheugen hebben, bewegen ze, bijna als vanzelf, over de toetsen.

Tevreden zet ik een hele tijd later mijn koptelefoon weer af. Het is nog niet helemaal perfect, maar het zit er tegenaan. Toch knap hoe Manuel dat deed, het leek wel alsof zijn gevoel, vanuit het diepst van zijn ziel, door zijn vingers zó het orgel in stroomde. Alsof hij één werd met het instrument, en mij, door de muziek, meetrok in zijn gevoel.
Ik schrik op uit mijn overpeinzingen, als ik een auto het grindpad op hoor rijden.
In opperbeste stemming sluit ik mijn orgel af en loop naar de keuken. Een beker thee zal ons allebei wel smaken. Nog steeds met mijn gedachten bij Manuel’s uitvoering van de ‘Danse Macabre’, zet ik de waterkoker aan.

“Ik ben er weer!”, hoor ik mijn vrouw in de gang zeggen. “Alles goed gegaan?”
“Dag schat”, begroet ik haar vrolijk wanneer ze de keuken binnenkomt. Spontaan sla ik mijn armen om haar heen, trek haar naar me toe en kus haar vol op haar mond.
“Waar heb ik dit aan verdiend?”, vraagt Ciska lachend als ik haar weer loslaat.
“Gewoon, omdat ik van je hou”, grinnik ik. “Omdat ik blij met je ben.”
Verwonderd schudt Ciska haar hoofd. “Wat is er met jou aan de hand?” Ze kijkt me onderzoekend aan.
“Niks. Ik ben gewoon gelukkig. Is dat zo gek?”
“Nou nee”, reageert mijn vrouw. “Maar van jou ben ik dit zo niet gewend.”
Geschrokken draai ik me om en schenk voor ons beiden een kop thee in. Ze heeft gelijk, normaal gesproken ben ik niet zo uitbundig.
Iets in me waarschuwt me dat ik haar beter niet kan vertellen waarom ik zo uitgelaten vrolijk ben, ze zou het zomaar eens verkeerd uit kunnen leggen en dan hebben we beslist weer een hoop gedonder.
“Hoe was de vergadering?”, verander ik snel van onderwerp. Zonder haar aan te kijken, loop ik, met twee bekers thee in mijn handen, naar de kamer.
“Ik heb je toch verteld over ons nieuwe project?”, begint Ciska, me op de voet volgend, enthousiast te vertellen.
Ik knik. Terwijl we gaan zitten, vertelt ze me honderduit over het project, maar wat ze zegt, dringt nauwelijks tot me door. Mijn gedachten zijn allang weer afgedwaald naar de adembenemende uitvoering die mijn nieuwe leerling vanmiddag ten gehore heeft gebracht.

Ik schrik als ik ineens een hand op mijn arm voel.
“Vic? Hoor je wel wat ik zeg?”
Schuldbewust kijk ik mijn vrouw aan. “Sorry, ik zat met mijn gedachten bij de repetities van vanmiddag”, verklaar ik, niet eens echt gelogen. “Maar ga verder, ik luister.”
“Oké”, pakt Ciska de draad weer op. “Dus nu moeten we zorgen dat we alles op vrijwillige basis voor elkaar krijgen.”
“Hoezo?”, vraag ik verbaasd.
“Dat zeg ik net’, reageert ze enigszins geïrriteerd. “De collectegelden lopen de laatste tijd flink terug en nu is er niet genoeg geld meer.”
“Jeetje, wat vervelend”, leef ik met haar mee. “Gaat het nog wel lukken dan?”
“Ach, we moeten gewoon wat creatiever zijn”, lacht ze. “Ga je mee naar bed? Het is al laat en morgen zijn de kinderen weer vroeg wakker.”

Terwijl Ciska nog bezig is in de badkamer, kleed ik me uit, trek mijn pyjama aan en kruip in bed. Ik heb zin in morgen, in de voorronde van het concours. Manuel is er natuurlijk ook. Als ik het goed heb gezien, is hij de laatste voor de lunchpauze. Glimlachend draai ik me op mijn zij, ik kan niet wachten om hem weer te horen spelen!

Niet veel later schuift mijn vrouw achter me onder het dekbed.
“Welterusten, scha…” Een diepe kreun ontsnapt aan mijn lippen. Van het één op het andere moment bonkt mijn hart in mijn keel en word ik overspoeld door een golf van begeerte.
Voorzichtig tastende vingers zoeken zich een weg mijn pyjamabroek in en strelen de blote huid van mijn heup. Langzaam schuiven haar vingers verder naar beneden. Ik hou mijn adem in.
“Oh Vic”, fluistert ze hees als ze mijn opwinding voelt. 
Verlangend naar meer draai ik me om en kus haar. Ongeduldig schuif ik een hand onder haar nachthemd, streel haar rug en trek haar tegen me aan. Gehaast werk ik mijn pyjamabroek naar beneden en kruip, grommend van geilheid, tussen haar benen.

***

Glimlachend ligt Ciska tegen me aan, haar hoofd tegen mijn schouder, een arm over me heen. Haar rustige ademhaling verraadt dat ze diep in slaap is. Zachtjes streel ik haar hand. Mijn ogen volgen het dunne streepje maanlicht dat door een kier in het gordijn op de spreuk boven de slaapkamerdeur valt.

‘De wereld met haar begeerte gaat voorbij, maar wie God’s wil doet, blijft tot in eeuwigheid.’ 1 Johannes 2, vers 17

Ik zucht. Tegeltjeswijsheid, da’s makkelijk praten. Hoe kan ik nu Zijn wil doen als mijn gedachten op de meest onverwachte momenten met me aan de haal gaan? Ik kan het toch niet helpen dat mijn geest iets anders doet dan mijn verstand wil?

Eén kleine aanraking van haar. Bloedgeil was ik er van geworden! En ik bleef geil, zelfs toen ik haar streelde en kuste. Ik wilde echt nog maar één ding, haar lang en diep neuken…
En wat gebeurt er? In een flits zie ik Manuel voor me zoals hij achter het orgel zat. Voor ik het wist trokken mijn ballen samen en werd mijn zaad met kracht naar buiten gestuwd!
Ik voelde me zó klote, bood haar direct mijn verontschuldigingen aan, maar ze wilde er niks van weten. Integendeel, ze kuste me, kroop dicht tegen me aan en bleef maar zeggen dat ze van me hield en dat ze zo blij was dat ik eindelijk een keer echt opgewonden van haar was geworden.

Dat het door haar kwam, dacht ik in eerste instantie ook. Maar toen ik Manuel ineens voor me zag, wist ik wel beter. Ik bedoel, wie komt er nu klaar op het moment dat hij aan zijn nieuwe leerling denkt terwijl hij zijn vrouw ligt te neuken?
Die jongen is negentien, verdorie! Nog geen seconde heb ik op die manier naar hem gekeken! Oké, hij ziet er leuk uit, dat moet ik toegeven. Beetje nonchalant gekleed misschien, maar verder…
Heb ik het daardoor niet in de gaten gehad? Omdat hij zo jong is en er wat sjofeltjes uitziet? Of verwar ik mijn opwinding met iets anders? Werd ik gedreven door de emotie die zijn spel veroorzaakte en heeft het niks met seks te maken?

Verbeten klem ik mijn kaken op elkaar. Wat het ook is, ik wil dit niet, het gaat de laatste tijd net zo goed tussen ons. Ik heb helemaal geen zin weer alles op alles te moeten zetten om die rare gedachten uit mijn hoofd te krijgen, ik ben er klaar mee! Geen idee wat ik tegen hem zeggen moet, maar die lessen gaan niet door.
Geen olie op het vuur gooien, zegt Ciska altijd. Ze heeft gelijk, als ik serieus aan ons huwelijk wil blijven werken, moet ik het niet opzoeken, dat maakt het alleen maar ingewikkelder. Nee, dan liever verstandig zijn en het meteen de kop in drukken.

Opnieuw dwaalt mijn blik naar de spreuk boven de deur. Ik glimlach, zo doe ik dat dus, gewoon radicaal uit mijn leven bannen. Geen excuses, hard zijn voor mezelf, ik weet waar ik het voor doe.
Tevreden met mijn besluit, sluit ik mijn ogen. “Heere, help mij sterk te zijn zodat ik het kwaad uit mijn leven kan weren. Vergeef me mijn zondige gedachten en behoed me voor nieuwe zonden. Amen”, prevel ik zachtjes voor me uit.
Voorzichtig til ik Ciska’s arm op en duw haar zachtjes van me af.
“Ik hou van je”, mompelt ze terwijl ze zich in haar slaap omdraait.
“Ik ook van jou”, fluister ik en druk een kus op haar schouder. Ik kruip tegen haar aan en neem mezelf heilig voor haar geen verdriet te doen. Geen gedonder meer, focus op wat echt belangrijk is.


wordt vervolgd...

Michael87
Berichten: 220
Geregistreerd: maandag 16 juni 2014 19:07
Woonplaats: Bretagne
Heeft Bedankt: 45 keer
Ontvangen Bedankjes: 104 keer
Bericht Re: Aan de andere kant... door Michael87 » zondag 17 mei 2015 08:15

3. Met een beetje hulp van boven



“Vic! Goed dat je er al bent. Kan ik je even spreken?”, Met een bezorgde blik in zijn ogen komt Harro me tegemoet lopen.
“Tuurlijk. Consistoriekamer?” Zonder zijn antwoord af te wachten, loop ik , voor hem uit, richting de deur naast de preekstoel.
Ondanks het tijdstip is er al behoorlijk wat bedrijvigheid in de kerk. Geluidstechnici zijn druk bezig met het opstellen van opnameapparatuur. Ze plaatsen microfoons op lange telescoopstatieven voor het orgel om, net als elk jaar, opnames te maken.
Gespannen kijk ik rond. Geen Manuel. Logisch, het is nog veel te vroeg voor de deelnemers om hier al te zijn. Toch haal ik opgelucht adem. Ik mag dan gisteravond de knoop wel doorgehakt hebben, dat wil niet zeggen dat ik er niet tegenop zie hem onder ogen te komen. Wat als hij wil weten waarom? Ik kan toch moeilijk zeggen dat ik bang ben dat ik geile fantasieën over hem krijg omdat hij gisteravond ineens in mijn gedachten verscheen toen ik seks met mijn vrouw had?
Ik zucht, het is maar goed dat niemand weet wat er in mij omgaat…

In gedachten verzonken, loop ik de consistoriekamer binnen en neem plaats aan de grote, eikenhouten tafel in het midden. Harro volgt me en doet de deur achter zich dicht.
“Koffie?”, vraagt hij.
“Lekker.”
Peinzend kijk ik toe hoe hij twee mokken vol schenkt en tegenover me gaat zitten. Eigenlijk is het zijn schuld. Als hij gisteren niet eerder weg had gemoeten… Oh, shit!
“Hoe is het met Marco?”, vraag ik snel.
“Het viel mee, gelukkig”, zucht Harro. “Lichte hersenschudding, da’s alles.” Ongemakkelijk schuift hij op zijn stoel heen en weer.
“Maar?” Vragend kijk ik hem aan.
“Ik maak me zorgen, Vic. Om Wendy”, begint hij aarzelend. “Ik heb je toch verteld dat ze zich al een tijdje zo moe en neerslachtig voelt?”
Ik knik.
“Het wordt steeds erger”, gaat hij verder. “Gistermiddag is ze van vermoeidheid op de bank in slaap gevallen. Ze heeft niet eens gemerkt dat Marco de trap op was geklommen. Tot hij onderaan lag.”
“Dat meen je niet!”, roep ik geschrokken.
“Dat meen ik wel. Ik durf haar nauwelijks nog met hem alleen te laten.”
“Jeetje, Harro. En nu?”
“Een vriendin van haar komt een tijdje helpen.”
“Da’s goed toch?”
Harro knikt. “Voor overdag wel, ja. Maar ’s avonds en ’s nachts, als ze loopt te spoken… Dat is waar ik je over wilde spreken.” Schuldbewust kijkt hij me aan. “De tournee volgende maand… Ik kan niet mee, Vic. Ik kan haar echt geen drie weken alleen laten. Hulp of niet, ik wil er voor haar zijn. Sorry.”
“Natuurlijk, man, dat snap ik toch!”, leef ik met hem mee terwijl ik mijn opkomende paniek onderdruk. “Maak je niet druk om mij, je vrouw is belangrijker.”
Verdorie, waar haal ik zo snel een andere registrant vandaan? Harro en ik zijn zo op elkaar ingespeeld!
Opgelucht kijkt hij me aan. “Fijn dat je het begrijpt, Vic. Ik maakte me best druk om die tournee.”
“Nergens voor nodig, iedereen is vervangbaar”, wuif ik zijn zorgen weg.
Ondertussen denk ik razendsnel na. Vacature plaatsen, sollicitatiegesprekken voeren, extra repetities… Waar haal ik de tijd vandaan? Straks moet ik noodgedwongen gebruikmaken van plaatselijke registranten, dat komt mijn concerten beslist niet ten goede!

“Hoe ging het eigenlijk met die Manuel Mulder?”, gaat Harro over op de orde van de dag. Hij schuift zijn stoel achteruit en staat op. “Ga je mee? De eerste deelnemers zullen zo wel komen.”
Ik knik en sta op.
“Goed. Je moet hem alleen wel even helpen met de registratie, daar bakt hij niks van”, vertel ik hem als we samen de kerk inlopen.
“Is zijn leraar er niet bij?”
Ik schud mijn hoofd. “Hij is grotendeels autodidact.”
“Gevalletje hopeloos, dus”, grinnikt Harro.
“Helemaal niet!”, flap ik er, voor ik er erg in heb, verontwaardigd uit. “Hij heeft talent”, voeg ik er snel aan toe als ik hem verbaasd zie kijken. “Alleen zijn techniek is zwak. Ik heb aangeboden hem les te geven, maar…”
“Jij? Lesgeven?”, onderbreekt hij me. “Heb jij daar tijd voor dan?” Zijn ogen puilen uit van verbazing.
“Niet nu jij niet meegaat naar Duitsland, nee”, reageer ik gevat, me ineens realiserend dat Harro me wel een hele goeie reden in de schoot geworpen heeft om die lessen af te blazen.
Beteuterd kijkt hij me aan.
Ik schiet in de lach. “Ach man, trek het je niet aan, hij vindt wel iemand anders”, klop ik hem bemoedigend op zijn schouder. “Ik zou het alleen wel fijn vinden als je er nog niks over zegt. Laat hem eerst maar spelen, daarna praat ik wel met hem.”
“Is goed”, knikt Harro. “Maar ik moet aan de slag, Vic”, wijst hij naar een jongen die, samen met zijn ouders, de kerk binnenloopt. “Ik zie je bij de lunch wel weer.”

In gedachten verzonken, loop ik naar de jurytafel waar mijn collega’s al druk bezig zijn met het doornemen van het programma.

***

Langzaam ebt het slotakkoord van René Louis Becker’s ‘Toccata’ weg. Nerveus kijk ik op mijn horloge. Kwart over elf al! Waar blijft hij toch? Nog één deelnemer, dan is het zijn beurt. Hij zal toch niet opgegeven hebben omdat ik gisteren zoveel op hem aan te merken had?
Terwijl de ogen van het publiek gericht zijn op de jongen die op het balkon verschijnt om het applaus in ontvangst te nemen, hou ik de ingang van de kerk in de gaten.
‘Wat als hij niet komt? Dan zie ik hem nooit meer terug!’, flitst er ineens door mijn hoofd.
‘Victor!’, roep ik mezelf streng tot de orde. ‘Stel je niet zo aan! Je wil hem toch nooit meer zien? Nou dan! Wees blij dat hij er de brui aan heeft gegeven!’

Met een dubbel gevoel sta ik op, pak de microfoon en bedank de jongen op het balkon voor zijn bijdrage. “Dames en heren”, ga ik over op de aankondiging van de volgende deelnemer. “Dan vraag ik nu uw aandacht voor Pieter Schelvis. Hij zal voor u de beroemde ‘Cantilena’ van Joseph Gabriël Rheinberger ten gehore brengen.”
Een kort moment is het doodstil, dan vult de kerk zich opnieuw met de klanken van het monumentale orgel en heb ik alleen nog maar aandacht voor de muziek.

Plotseling zie ik vanuit mijn ooghoek iets bewegen. De zware, houten deur van de kerk gaat open. Stilletjes sluipt iemand naar binnen, loopt richting de trap naar het balkon en verdwijnt uit mijn blikveld.
Ik glimlach opgelucht als ik hem herken.
Hij ziet er een stuk verzorgder uit dan gisteren, gelukkig. Geen versleten spijkerbroek, maar een nette, zwarte pantalon. Onder zijn openvallende jas zag ik zelfs een wit overhemd! Weliswaar de bovenste knoopjes los in plaats van een stropdas, maar goed.
‘Zou hij borsthaar hebben?’, flitst het ineens door mijn hoofd. ‘Van die kleine, blonde krulletjes die dan, heel sexy, net boven de knoopjes van zijn overhemd uitkomen?’
Prompt voel ik mijn hoofd gloeien. ‘Victor!’, spreek ik mezelf in gedachten streng toe. ‘Kappen hiermee!’

***

“En dan nu, dames en heren, de laatste deelnemer voor de pauze”, begin ik, nadat Pieter met een diepe buiging afscheid van het publiek heeft genomen, mijn aankondiging. “Om twee uur vanmiddag gaan we verder met de volgende zes kandidaten, in de leeftijdscategorie veertien tot en met achttien jaar. U bent allen uiteraard weer van harte welkom. Maar voor het zover is, speelt Manuel Mulder voor u de ‘Danse Macabre’ van Camille Saint-Säens. Oorspronkelijk geschreven voor orkest en gebaseerd op het gelijknamige gedicht van Henri Cazalis, voor orgel bewerkt door Edwin Henry Lemare. Iedereen die wel eens in de ‘Efteling’ is geweest, kent het beslist van het ‘Spookslot’. Dames en heren, Manuel Mulder!”

Nerveus ga ik zitten. Zal hij me net zo weten te raken als gistermiddag? Wat zullen mijn collega’s van hem denken? Heeft hij echt talent of heb ik het me, om de één of andere reden, ingebeeld?
Voor ik er echt over na kan denken, klinken de eerste voorzichtige klanken van de ‘Danse Macabre’ door de kerk. Onmiddellijk lopen de rillingen weer over mijn rug.
Overmand door emoties sluit ik mijn ogen, laat de muziek over me heenkomen en droom weg bij de gedachte aan zijn lange, slanke vingers die over de toetsen dansen.
Zijn vingers… Als die mij toch eens zouden strelen… Ik kreun, voel het bloed naar mijn kruis stromen.
“Wat is er met jou aan de hand?”, fluistert Marc, mijn collega jurylid rechts van me, bezorgd terwijl hij me aanstoot.
Wendel, mijn collega aan de andere kant, kijkt me onderzoekend aan. “Je ziet er een beetje verhit uit, gaat het wel goed met je?”, fluistert hij.
“Sorry… ik eh… ik voel me niet zo lekker”, stamel ik geschrokken.
Het zweet breekt me uit. Ik moet hem zo snel mogelijk zeggen dat die lessen niet doorgaan, voor het helemaal uit de hand loopt! Maar goed dat ik echt geen tijd heb, nu kan ik me tenminste niet bedenken.

***

Gehaast loop ik naar hem toe als hij na afloop van zijn optreden, druk in gesprek met Harro, de trap afkomt.
“Victor!”, wenkt Harro als hij me in het vizier krijgt. “Kan ik je onder vier ogen spreken?”
“Momentje, Harro, eerst Manuel”, reageer ik nerveus.
“Daar wil ik het juist over hebben”, haast Harro zich te zeggen.
“Ik wil het wel doen”, valt Manuel hem glunderend in de rede. “Leuk!”
“Huh?” Met een ruk draai ik mijn hoofd naar hem toe. “Waar héb jij het over?”
“Harro zei dat je een registrant nodig hebt voor je concerten volgende maand”, lacht hij breeduit. “Lijkt me leuk!”
Overdonderd kijk ik van hem naar Harro en weer terug. “Sorry, Manuel, ik kom zo bij je”, verontschuldig ik me terwijl ik Harro aan zijn mouw meetrek.

“Wat heb je nu gedaan, man?”, bits ik hem toe als we buiten gehoorsafstand van Manuel zijn.
“Ik heb ervoor gezorgd dat je hem toch les kunt geven én je meteen een nieuwe registrant bezorgd”, grijnst Harro, zich niks aantrekkend van mijn boze toon. “Je hebt geen woord teveel gezegd, Vic. Die jongen heeft echt talent, het is eeuwig zonde dat daar niks mee gedaan wordt, dus toen dacht ik…”
“Ben jij gek geworden of zo?”, sis ik, mijn frustratie op hem afreagerend. “Wat moet ik met een registrant die totaal geen ervaring heeft?”
“Rustig, man”, probeert Harro me te kalmeren. “Luister eerst eens naar me.”
“Ik wil helemaal niet luisteren, het gaat gewoon niet gebeuren. Klaar!”, zeg ik vastberaden.
“Maar dit is toch perfect, Victor? Als je een vacature openzet, ben je zo een paar weken verder voor je iemand hebt en hij is per direct beschikbaar!”
“Nou en? Die jongen weet niks van het orgel. Ik heb gisteren zijn hele registratie voor hem uit moeten werken!” Hoofdschuddend kijk ik hem aan. “Dat wordt niks, Harro, echt niet.”
“Ik kan het hem toch leren?”, dringt hij aan. “Nu ik zelf niet meega naar Duitsland, heb ik daar wel tijd voor.”
Vastberaden schud ik mijn hoofd. “Nee, het lijkt me geen goed idee.”
“Kom op, man, dit is echt de beste oplossing”, probeert Harro nog een keer. “Als hij je registrant wordt, hoef je geen sollicitatiegesprekken te voeren. Heb je tóch tijd om hem les te geven én heb je meteen een nieuwe registrant. Hij blij, jij blij en ik hoef me niet schuldig te voelen”, grijnst hij.
“Maar…”, open ik mijn mond. “Harro… Ik…”

Vertwijfeld kijk ik hem aan. Wat moet ik hier nu tegenin brengen, behalve dat ik die jongen uit mijn buurt wil hebben omdat hij dingen in me losmaakt die ik niet wil? Maar ja, dat kan ik natuurlijk moeilijk zeggen.
Ik zucht, hij heeft makkelijk praten, hij heeft niet van die rare gedachten.
Maar hij heeft wel gelijk. De jongen hééft talent en het ís zonde als daar niks mee gedaan wordt. Bovendien, hij leert snel en het is nog altijd beter dan een plaatselijke registrant waar ik nauwelijks mee heb kunnen repeteren.

Verdorie, waarom moet dit zo ingewikkeld zijn? Ik kan er toch niks aan doen dat ik hem niet uit mijn kop krijg? Zo erg is dat toch niet? Als ik er voor zorg dat ik er niks mee doe en hem niet, zoals gisteravond, tussen Ciska en mij laat komen, is er toch niks aan de hand?
Dat het gisteravond zo fout was gegaan, kwam gewoon omdat ik er niet op bedacht was. Maar nu ik weet wat ik kan verwachten, kan ik me er, met een beetje hulp van boven, toch tegen verzetten?

“Ik meen het, Vic. Ik help je”, hoor ik Harro zeggen. “Als jij hem lesgeeft, leer ik hem alles over het orgel. Kom op, man, ik weet zeker dat hij het snel oppikt.”


wordt vervolgd...

Michael87
Berichten: 220
Geregistreerd: maandag 16 juni 2014 19:07
Woonplaats: Bretagne
Heeft Bedankt: 45 keer
Ontvangen Bedankjes: 104 keer
Bericht Re: Aan de andere kant... door Michael87 » zondag 31 mei 2015 08:12

4. Net als vroeger



Peinzend kijk ik naar Manuel die, met zijn rug naar me toe, druk in gesprek is met Pieter.
Zorgen dat hij niet tussen Ciska en mij komt, is één ding, maar nauw met hem samenwerken, dat is nog heel wat anders! Kan ik dat wel? Hoe moet ik het in hemelsnaam voor elkaar krijgen professioneel met hem om te gaan? Hij hoeft me maar aan te kijken en ik sta te trillen op mijn benen. Het is verdorie net als vroeger met Ruben. Hoe heb ik dat toen opgelost?
Ineens weet ik het weer. Natuurlijk, ik deed alsof ik in meisjes geïnteresseerd was!
Alsof de zon doorbreekt, glijdt er een glimlach over mijn gezicht. “Je hebt gelijk”, zeg ik resoluut. “Het is de beste oplossing.”
Harro grijnst enthousiast. “Tuurlijk heb ik gelijk!”
“Maar wel onder één voorwaarde”, temper ik zijn enthousiasme. “Je stoomt hem in een week klaar en als ik niet tevreden ben, zet ik alsnog een vacature open.”

“Kom je, Victor?”, word ik onverwacht op mijn schouder getikt. “Juryoverleg in de consistoriekamer.”
Verschrikt kijk ik om. Marc staat achter me.
“Eh… Ja… Ik kom eraan”, haast ik me te zeggen. “Sorry Harro, ik moet gaan”, verontschuldig ik me. “Vertel jij het hem?”
Zonder zijn antwoord af te wachten, wil ik Marc achterna lopen maar Harro houdt me tegen.
“Moet jij niet zelf wat dingen met hem doorspreken? Repetitietijden, vergoeding en zo…”
Abrupt blijf ik staan. “Je hebt gelijk. Wacht.”
“Wat doe je?”, vraagt Harro verbaasd als ik mijn telefoon uit mijn binnenzak vis.
Ik gebaar hem stil te zijn.

“Vic?”, klinkt het ongerust aan de andere kant van de lijn. “Is er iets?”
“Nee, nee, er is niks”, antwoord ik snel. “Ik bel alleen even om te vragen of het goed is als ik vanavond iemand meebreng voor het eten.”
“Harro?”
“Nee, iemand die jij niet kent.”
Het blijft even stil.
“Moet ik iets bijzonders maken? Ik bedoel, is het hoog bezoek?”
“Nee hoor, gewoon een nieuwe collega”, antwoord ik met een lichte trilling in mijn stem.
“Oh?”, klinkt het nieuwsgierig.
“Ik vertel het je straks wel, oké? Ze wachten op me, ik moet gaan. Is het goed als ik hem meebreng?”, vraag ik nog een keer voor alle zekerheid.
“Tuurlijk. Vlees, vis, kip of vegetarisch?”
“Ik zal het vragen, dan sms ik het je wel, oké?”

“Goed idee!”, knikt Harro enthousiast als ik mijn telefoon wegstop. “Ga jij maar”, duwt hij me richting de consistoriekamer. “Ik regel het verder wel.”
Vastberaden schud ik mijn hoofd. “Nee, Ciska wil weten of ze vis, vlees, kip of vegetarisch moet maken. Ik vertel het hem zelf wel, ga jij maar pauze houden.”

Zelfverzekerd loop ik op Manuel af en leg mijn hand tegen zijn rug. “Manuel?”
Breed lachend draait hij zich om. Zijn blonde krullen dansen rond zijn hoofd, zijn donkere ogen stralen. De geur van zijn aftershave dringt mijn neus binnen.
Aan de grond genageld staar ik hem aan. Wat staat dat overhemd hem goed! Geen borsthaar. Jammer, stel ik een beetje teleurgesteld vast. Het bloed stijgt naar mijn hoofd, mijn mond voelt kurkdroog. Ik slik, realiseer me dat mijn hand nog steeds op zijn rug ligt en haal hem snel weg.
“Hé, Victor!”, begroet hij me enthousiast.
“Wow, ken jij Victor Bos?”, hoor ik Pieter verbaasd uitroepen.
Ik zie Manuel knikken. “Hij gaat me lesgeven”, vertelt hij enthousiast.
Ik staar hem alleen maar aan, krijg geen woord over mijn lippen.
“Echt waar?” Met grote ogen kijkt Pieter van Manuel naar mij.
‘Normaal doen, Vic’, hou ik mezelf voor. ‘Laat je niet zo van je stuk brengen door die knul! Denk aan Ciska. En aan Claire en Amy.’
Ik schraap mijn keel. “Loop je even mee?”, vraag ik Manuel, Pieter’s ongeloof negerend. “Ik moet wat met je bespreken en ik heb niet veel tijd. Juryoverleg”, verklaar ik mijn haast. “Sorry”, knik ik naar Pieter.

“Kennen jullie elkaar?”, vraag ik terloops als we samen richting de deur naast de preekstoel lopen.
Manuel knikt. “Van school.”
“Ach, natuurlijk”, mompel ik verstrooid. “Je gaat nog naar school.”
“Ik ging naar school”, verbetert hij me. “De examens zijn net afgelopen.”
“Aha, vandaar dat je zei dat je Harro wel wil vervangen. Heb jij al plannen voor vanavond?”, val ik met de deur in huis.
“Niks wat ik niet af kan zeggen”, grijnst hij.
“Mooi, want als jij mijn registrant wilt zijn, hebben we nog heel wat te bespreken. Ga straks met mij mee, mijn vrouw kan heerlijk koken. Eet je gezellig mee, praten we dan verder.”
Hij aarzelt. “Vindt ze dat wel goed? Ik wil niemand tot last zijn, weet je.”
“Ben je gek, vindt ze leuk!”, lach ik zijn bezorgdheid weg. “Moet ze ergens rekening mee houden? Zijn er dingen die je niet lust? Heb je een voorkeur voor iets?”
“Nou… een lekker stukje vlees sla ik niet af!”, grinnikt Manuel.
“Oké, ik zal het doorgeven”, grinnik ik terug.
“Vic?” Ineens kijkt hij me heel serieus aan. “Ik vind het echt onwijs gaaf dat je me deze kans geeft.” Spontaan slaat hij zijn armen om me heen en klopt me vriendschappelijk op mijn rug. “Bedankt”, klinkt het gesmoord in mijn nek.
Een vreemde kriebel komt op in mijn buik. Oh shit, waarom weigeren mijn knieën ineens dienst?
“Het is al goed, jongen”, mompel ik overdonderd, terwijl ik hem snel van me af duw. Met bonkend hart open ik de deur van de consistoriekamer en loop, zonder mijn collega’s te groeten, door naar de wc. Even alleen zijn…

Wat doet die jongen toch met me? Hij hoeft me maar aan te kijken en ik kom nauwelijks nog uit mijn woorden. En toen hij me tegen zich aantrok… Man, mijn hele lijf reageerde daarop!
Nerveus kauw ik op mijn lip. Kan ik niet beter zeggen dat hij wat afstand moet bewaren? Dat ik niet zo van lichamelijk contact hou? Zo gek is dat toch niet? Dat hebben wel meer mensen.
Aan de andere kant, het voelt wel erg fijn! Een beetje zoals toen met Ruben, op de momenten dat we elkaar, vaak heel kort en meestal per ongeluk, aanraakten.
Ik glimlach, misschien moet ik gewoon niet zo krampachtig doen. Die jongen is gewoon hetero en zelfs als dat niet zo zou zijn, dan nog ben ik veel te oud voor hem. Waar ben ik dan bang voor? Er kan toch niks gebeuren? Zolang ik zorg dat hij er niks van merkt en het niet tussen Ciska en mij komt, doe ik er toch niemand kwaad mee stiekem een beetje van hem te genieten?

Enigszins gekalmeerd voeg ik me tien minuten later bij mijn collega’s.
“Gaat het een beetje?”, vraagt Marc bezorgd.
Ik knik. “Beetje last van m’n buik, maar ik voel me al beter”, verklaar ik naar waarheid. “Laten we beginnen”, schakel ik snel over op de orde van de dag. “Jelmer de Vries. Wat vonden jullie van hem?”
Terwijl mijn collega’s de deelnemers van vanochtend bespreken, dwalen mijn gedachten opnieuw af naar Manuel. Het beeld van zijn lachende gezicht, omlijst door die wilde, blonde krullen, bezorgt me opnieuw een flinke kriebel in mijn buik.

“Wat vind jij, Victor?” Marc stoot me aan. “Muzikaal is hij zeker, maar technisch vind ik zijn spel te zwak om hem naar de finale te laten gaan.”
Ik schiet overeind. Shit, hij heeft het over Manuel!
“Hij smokkelt bij de moeilijke passages en je kunt horen dat hij hier en daar in de knoop komt met zijn vingers en voeten”, gaat Marc verder.
“Die jongen is grotendeels autodidact”, neem ik het voor hem op. “Hij heeft als kind een paar jaar les gehad en de rest heeft hij zichzelf aangeleerd. Ik vind het uitzonderlijk dat hij zo’n prestatie neer weet te zetten zonder goede voorbereiding.”
Marc knikt instemmend.
“Wat zonde”, zucht Wendel. “Hij zou ver kunnen komen als hij goed begeleid wordt.”
“En dáárom ga ik hem lesgeven!”, flap ik er, breed grijnzend, uit.
Verdorie, waarom kan ik mijn gezicht nu niet in de plooi houden? Wat moeten ze wel niet van me denken?
“Mooi”, knikt Wendel vergenoegd. “Dan weten we in ieder geval wie er volgend jaar wint!”
“Dus hij gaat niet door?”, vraagt Marc voor alle zekerheid.
Iedereen, inclusief ikzelf, schudt zijn hoofd.

***

“Vind je het jammer dat je niet door bent naar de finale?”, vraag ik als we aan het einde van de middag samen de kerk uitlopen.
Manuel trekt zijn jas dicht om zich heen. Net als gisteren is het fris. Het waait behoorlijk en de zon is in geen velden of wegen te bekennen.
“Nah”, gebaart hij. “Dat wist ik van te voren wel. Daar ging het me niet om.”
“Oh nee?” Verbaasd kijk ik opzij. “Waar ging het je dan wel om?”
Hij grinnikt. “Niet lachen, hè?”
“Is het zo grappig dan?”
Hij haalt zijn schouders op. “Misschien.”
“Nou, vertel op!”, grinnik ik ongeduldig.
“Ik wilde gewoon een keer op het grote orgel spelen”, biecht hij schoorvoetend op.
“Dat is je dan gelukt.” Lachend klop ik hem op zijn schouder. “Loop je mee? Even een bosje bloemen voor mijn vrouw halen.”
Hij knikt. “Ben je allang getrouwd?”
“Bijna vier jaar. Twee kinderen. Meisjes”, voeg ik er trots aan toe.
“Leuk. Hoe oud?”, wil hij weten terwijl we, dicht naast elkaar, naar het bloemenstalletje op de hoek lopen.
“Claire is net drie en Amy acht maanden.”
“Ik heb drie broers en twee zussen.”
“Lekker druk bij jullie thuis, dan.”
“Valt mee hoor, we zijn nog met z’n drieën. En mijn ouders, natuurlijk. De rest is getrouwd.”
Uitvoerig bekijk ik ondertussen de, voor het bloemenstalletje, uitgestalde boeketten maar zie niks dat me bevalt.
“Kan ik u misschien helpen?”, vraagt de dame achter de toonbank vriendelijk.
“Kunt u een boeket voor me samenstellen? Doe maar voor vijfentwintig euro.”
“Zeker. Heeft u een voorkeur voor bepaalde bloemen?”
“Eh, niet echt… Maak er maar een mooi voorjaarsboeket van”, lach ik vrolijk.

“Doe je dat vaak?”, wijst Manuel op de bloemen in mijn hand nadat ik het boeket afgerekend heb.
“Soms.”
“Attent van je.”
“Ach, het is een kleine moeite en het maakt haar blij. Verras jij je vriendin nooit? Zal ze leuk vinden, hoor!”, merk ik nonchalant op.
“Welke vriendin?”, grijnst hij.
“Hoezo? Heb je d’r meer dan één dan?”, reageer ik gevat.
Grinnikend lopen we terug naar mijn auto.

***

De geur van schoon wasgoed komt ons tegemoet als we de achterdeur binnenlopen. In het midden van de kamer speelt Claire met haar Duplo blokken op de grond. Amy ligt in de box en kraait van plezier terwijl ze met een knisperboekje in haar handjes om zich heen slaat.
Ciska kijkt op van haar strijkgoed. “Hé, Vic”, begroet ze me vrolijk, terwijl ze de strijkbout aan de kant zet. Nieuwsgierig neemt ze Manuel, die achter mij aankomt, in zich op.
“Dag, schat”, geef ik haar een kus op haar wang. “Kijk eens”, fluister ik in haar oor, terwijl ik de bloemen achter mijn rug vandaan tover. “Goedmakertje voor gisteravond.”
Zachtjes wrijft ze over mijn rug. “Prachtig, Vic!”, glimlacht ze. “Maar dat is toch nergens voor nodig?”
“Ik mag mijn vrouw toch wel een bos bloemen geven?”, speel ik verontwaardigd.
Grijnzend knipoog ik naar Manuel. “Dit is Manuel”, stel ik hem aan Ciska voor.
Met uitgestoken hand loopt Manuel naar haar toe. “Dag mevrouw”, begroet hij haar beleefd.
“Dag Manuel.” Ciska schudt hem de hand. “Ciska Bos.”
“Mama?”, trekt Claire aan Ciska’s rok. “Wie is dat?”
“Iemand van papa’s werk, lieverd”, legt Ciska onze dochter uit. “Ga maar weer spelen. Mama komt zo bij je kijken. Lusten jullie koffie?”, richt ze zich weer tot Manuel en mij.
“Jij?”, kijk ik Manuel aan.
Hij knikt. “Lekker. Alleen melk, graag.”
“Pak het zelf even, Vic, dan strijk ik je overhemden ondertussen af.”

“Manuel wordt mijn nieuwe registrant“, vertel ik mijn vrouw terwijl ik koffie voor ons inschenk.
“Oh? Gaat Harro weg?”, vraagt ze verbaasd.
“Nee, hij kan volgende maand alleen niet mee naar Duitsland”, leg ik uit.
“Wendy?”, klinkt Ciska bezorgd.
“Hm, hm”, beaam ik. “Ik vertel het je straks wel, oké? Eerst Manuel. Hoe laat eten we?”
Ze knikt. “Ik roep jullie wel als het op tafel staat, goed?”

Met twee bekers koffie in mijn handen gebaar ik Manuel me te volgen. Met mijn elleboog duw ik de deurklink van mijn studeerkamer naar beneden en loop naar binnen.
“Wow”, hoor ik, vol ontzag, achter me.


wordt vervolgd...

Michael87
Berichten: 220
Geregistreerd: maandag 16 juni 2014 19:07
Woonplaats: Bretagne
Heeft Bedankt: 45 keer
Ontvangen Bedankjes: 104 keer
Bericht Re: Aan de andere kant... door Michael87 » zondag 14 juni 2015 08:31

5. Deal!



Glimlachend kijk ik toe hoe Manuel mijn orgel bekijkt. Ondertussen zet ik de beide bekers op mijn bureau en ga zitten.
“Zullen we eerst de zakelijke kant afhandelen?”, stel ik voor.
“Ja, natuurlijk”, antwoordt hij snel en komt tegenover me zitten.
“Wat heeft Harro je verteld?”, begin ik.
“Niet veel. Alleen dat je een registrant nodig hebt voor je concerten in Duitsland. Hij dacht dat het wat voor mij kon zijn, dat ik er veel van zou kunnen leren.”
“Dat weet ik wel zeker”, knik ik terwijl ik een slok koffie neem. “Maar dat is natuurlijk niet het enige. In het kort leg ik uit wat de functie van registrant inhoudt en vertel dat Harro hem zal inwerken. “Ik verwacht je dan op dinsdag-, woensdag- en donderdagmiddag.”
“Geen probleem”, grijnst hij breeduit.
“En dan natuurlijk de concerten zelf”, ga ik verder. “Tien in drie weken tijd. Veel reizen, lange dagen, hard werken. Vaak nauwelijks een paar uur om op locatie te repeteren. Maar… het is de moeite waard!” Lachend kijk ik hem aan. 
Hij knikt.
“Ik kan je alleen niet meer betalen…”
“Je hoeft me niet te betalen, hoor”, onderbreekt hij me snel.
“… dan de standaardvergoeding van vijf euro per uur”, maak ik mijn zin af. 
“Dat hoeft echt niet”, haast hij zich te zeggen. “Ik ben allang blij dat ik iets terug kan doen voor de lessen.”
“Waarom zou ik jou niet betalen voor je werk?, vraag ik verbaasd. “Die lessen, dat doe ik omdat ik vind dat jij een kans verdient, niet om een goedkope registrant te hebben.”
“Nee.” Resoluut schudt hij zijn hoofd. “Ik vind het fantastisch dat je mij les wilt geven. Echt, ik ben er ontzettend blij mee, maar ik wil niet dat je het gratis doet. Ik was al van plan een baantje te zoeken zodat ik je kon betalen, maar als jij me betaalt voor het registreren dan hoeft dat niet meer, dus…”
Nadenkend kijk ik hem aan. Ergens heeft hij wel gelijk. Als ik hem nu eens niet te veel reken, dan houdt hij toch nog wat over.
“Oké dan”, lach ik. “Ik betaal jou de uren die je voor me werkt en jij betaalt mij voor de lessen. Dertig euro per les, oké?”
“Deal!”, grijnst hij.
“De reis- en verblijfskosten tijdens de tournee zijn natuurlijk wel voor mijn rekening”, ga ik verder.
“Verblijfskosten?” Verbaasd spert hij zijn ogen open.
“Ja, wat denk jij dan? Dat we elke avond naar huis rijden? Nee, jongen, daarvoor is Duitsland te groot. Gedurende de hele concertreeks overnachten we in hotels. Is dat een probleem?” Gespannen kijk ik hem aan. Ineens is die kriebel in mijn buik weer terug.
“Eh… ik eh…”, stamelt hij overdonderd.
“Ieder een eigen kamer, hoor”, lach ik nerveus.
“Dat is het niet”, grinnikt hij. “Ik had er alleen niet bij stilgestaan dat ik drie weken van huis zou zijn. Maar het is geen probleem hoor, ik moet gewoon wat dingen regelen.”
Opgelucht ontspan ik. 
“Mooi”, besluit ik. “Dan zien we elkaar maandag voor je eerste les.”
“Mag ik dan nu je orgel uitproberen?”, grijnst hij.
“Be my guest”, knik ik lachend.

Geïnteresseerd bestudeert hij de beeldschermen links en rechts van de speeltafel. “Waar zijn die voor?”
Ik leg hem uit dat het touchscreens zijn met behulp waarvan de registers van het orgel kunnen worden bediend.
“Ja, jongen, ook een klassiek instrument als een kerkorgel gaat met z’n tijd mee”, lach ik, als ik zijn verbaasde gezicht zie. “Mijn orgel draait op Hauptwerk, een softwarepakket waarmee het net is alsof je op een echt kerkorgel speelt. Probeer maar eens”, moedig ik hem aan. “Het klinkt precies zoals in de kerk.”
Nieuwsgierig gaat hij achter mijn orgel zitten. “En nu?” Een beetje onzeker kijkt hij me aan.
“Wat wil je spelen?”
“Ehm…”
“Ken je de Prelude, Fugue en Variation van César Franck?” 
Ik wil wel eens iets horen dat veel ingetogener is dan de ‘Danse Macabre’, ben benieuwd of hij daar ook zoveel gevoel in kan leggen.
Hij knikt. 
Terwijl ik de registers instel, strekt hij zijn vingers, legt zijn handen op de toetsen en zet in.

Opnieuw is het alsof hij één wordt met de muziek en weet hij me tot in het diepst van mijn ziel te raken. Vertedering, liefde, verlangen, verdriet, geluk, feilloos vangt hij het in de muziek. Langzaam droom ik weg bij de klanken van de Prelude. Lieflijk, bijna erotisch…

Plotseling schrik ik op. De deur van mijn studeerkamer gaat open. Ciska komt, met Amy op haar arm, binnen.
“Komen jullie? Het eten is klaar.”
Snel leg ik mijn wijsvinger tegen mijn lippen en gebaar haar stil te zijn.
“Die jongen heeft talent, Vic”, fluistert ze bewonderend terwijl ze naast me komt staan.
“Weet ik”, knik ik grijnzend. “Jammer dat hij geen les meer heeft, dan was zijn techniek een stuk beter geweest en had hij de finale gehaald.”
Verbaasd kijkt mijn vrouw me aan. “Heeft hij geen les?”, fluistert ze.
Ik schud mijn hoofd. “Als kind blijkbaar wel een paar jaar, maar nu niet meer. Te duur”, vertel ik haar wat Manuel me gisteren verteld heeft.
“Zonde zeg!”
“Inderdaad. Daarom dacht ik…” 
“Kun jij hem geen lesgeven?”, gaat ze verder, voor ik mijn zin af kan maken. “Je werkt de komende tijd toch al nauw met hem samen.”
“Dat is precies wat ik van plan ben”, grinnik ik zachtjes. “Hij registreert voor mij en ik geef hem les. Mooie deal, toch?”
Ciska knikt enthousiast. 
“Maar dat betekent wel dat ik de komende tijd op maandagavond weg ben”, breng ik voorzichtig naar voren. “Vind je dat niet vervelend?”
“Ben je gek! Heb ik lekker een avond voor mezelf”, lacht ze.
Opgelucht omdat ze er geen probleem van maakt, sla ik een arm om haar heen en trek haar tegen me aan. “Ik hou van je”, fluister ik in haar oor.

“Fantastisch”, spreekt Ciska, na het slotakkoord, haar bewondering voor mijn nieuwe registrant uit.
Manuel draait zich om. “Thanks”, knikt hij bescheiden.
“Kom, eten!”, wenk ik hem.
“Fijn dat jullie elkaar op deze manier kunnen helpen”, klopt Ciska Manuel in het voorbijgaan op zijn schouder.
“Zeker weten!”
Verbeeld ik het me nu of knipoogt hij naar me?

Terwijl Manuel, druk in gesprek met mijn vrouw, voor me uit loopt, glijden mijn ogen langs zijn lichaam. Wat een duivelse verleiding in een Goddelijk jasje! Ik huiver. Als Ciska zou weten wat hij in me losmaakt, zou ze nooit zo ontspannen met hem praten. Dan zou ze het vast niet goed vinden dat ik hem lesgeef en al helemaal niet dat ik samen met hem op tournee ga! Ik hoor het haar zeggen: ‘Je moet de kat niet op het spek binden, Vic’.
Ik grinnik. Het is maar goed dat ik het op tijd herkend heb en me er tegen heb kunnen wapenen, anders had ze zomaar nog eens gelijk kunnen krijgen!

***

“Ga je nog even mee naar binnen? Dan kun je kennismaken met mijn ouders.” Grijnzend kijkt Manuel opzij.
“Ach, waarom ook niet, ik ben er nu toch”, lach ik terwijl ik de motor uitzet en uitstap.

Nerveus volg ik Manuel de poort door, de achtertuin in. Zouden zijn ouders het niet vreemd vinden dat ik meekom? Ik bedoel, welke leraar gaat er nu bij zijn leerling thuis kennismaken?
Veel tijd om erover na te denken, krijg ik niet. Manuel loopt via het klompenhok achter het huis naar binnen. Ik volg hem de keuken door naar de woonkamer. Daar wordt mijn blik vrijwel direct getrokken naar een man van een jaar of zestig in een rolstoel.
Shit, zijn vader is gehandicapt, geen wonder dat hij niet werkt! En ik maar denken dat hij werkloos was… 

“Dag pap.” Vrolijk slaat Manuel een arm om zijn vader heen en geeft hem een kus op zijn wang. Dan richt hij zich tot zijn moeder. “Mam, dit is Victor Bos”, stelt hij me, met enige trots in zijn stem, voor.
“Goedenavond”, knik ik beleefd naar zijn ouders.
Zijn vader reageert niet. Apathisch zit hij in zijn stoel, zijn hoofd licht voorover gebogen. Hij lijkt weinig mee te krijgen van wat er gezegd wordt. 
Wat zou er met hem aan de hand zijn? Ik aarzel, zal ik het vragen? Of kan ik het er beter een keer met Manuel over hebben?

Manuel’s moeder komt overeind. “Esther Mulder, aangenaam. Wat leuk dat u langskomt!”, schudt ze me uitbundig de hand. “Gaat u zitten. Wilt u wat drinken?”
“Doet u geen moeite, ik blijf maar even. Mijn vrouw wacht op me”, sla ik haar aanbod vriendelijk af terwijl ik, niet helemaal op mijn gemak, op de bank plaatsneem.
“Geweldig dat u Manuel les wilt geven” begint Esther het gesprek. “Orgelspelen is zijn lust en zijn leven. Maar we willen niet dat u het gratis doet, hoor. Hij gaat gewoon een baantje zoeken zodat hij die lessen kan betalen.”
Aha, daarom wilde hij zo graag mijn registrant worden en stond hij erop me te betalen! 
“Hij heeft het me verteld, ja”, knik ik lachend. “Gelukkig heeft dat probleem zich inmiddels opgelost.”
“Victor heeft me gevraagd volgende maand mee te gaan op tournee door Duitsland”, valt Manuel me ongeduldig in de rede. “Als zijn registrant!”
“Echt waar?” Verbaasd kijkt zijn moeder van haar zoon naar mij.
“Harro, mijn vaste registrant is verhinderd”, leg ik uit. “Het leek me een mooie kans voor uw zoon om ervaring op te doen en zo kan hij meteen de lessen betalen.”
Breed grijnzend kijkt Manuel zijn moeder aan. “Goed, hè?”, glimt hij trots.
“Maar dat is fantastisch, jongen!”, lacht zijn moeder. “Hoor je dat, Nico”, richt ze zich tot haar man. “Manuel gaat op tournee!” Liefdevol streelt ze haar man over zijn arm.
Een vaag lachje verschijnt op zijn gezicht. Ik kan er niet uit opmaken of hij lacht omdat hij blij is voor Manuel, of dat hij alleen maar lacht omdat zijn vrouw zo lief voor hem is. Vreselijk dat iemand zo af kan takelen. Dat moet een behoorlijke impact op het gezin hebben, vooral omdat het zo onomkeerbaar en uitzichtloos lijkt.

“Harro gaat me inwerken”, hoor ik Manuel opgewonden vertellen. “We repeteren drie middagen in de week en dan gaan we over vijf weken voor drie weken naar Duitsland”, ratelt hij aan één stuk door. 
Ik glimlach om zijn enthousiasme, hij heeft er duidelijk zin in!

Als Manuel tien minuten later uit gerateld is, sta ik op. “Ik vond het heel leuk kennis met u te maken, maar ik moet nu echt gaan”, geef ik zijn moeder een hand. “Dag meneer”, knik ik naar zijn vader.
“Wat heeft je vader eigenlijk”, vraag ik als Manuel me uitlaat.
“Hersenbloeding gehad”, antwoordt hij. “Toen ik twaalf was. Sindsdien is hij zo.” Berustend haalt hij zijn schouders op.

Gedurende de rit naar huis dwalen mijn gedachten voortdurend af naar mijn nieuwe registrant en leerling. Hoe beter ik hem leer kennen, hoe meer ik onder de indruk van hem ben. Een vader hebben die zo hulpbehoevend is en dan toch zo opgewekt en vrolijk zijn, petje af! Ik glimlach als ik terugdenk aan zijn lachende gezicht met die prachtige, lieve, donkere ogen en ben blij dat ik toch heb door gezet...

***

“En? Is hij goed thuisgekomen?”, vraagt Ciska als ik tegen elven de kamer binnenloop. 
Ik knik en vertel haar over de ontmoeting met Manuel’s ouders. 
Ciska schrikt als ze hoort dat Manuel’s vader invalide is. “Wat een ellende.” Meewarig schudt ze haar hoofd. “Wees maar blij dat de Heere jou de kans geeft wat voor die jongen te doen.”
“Ben ik ook”, bevestig ik volmondig. “Hij verdient het echt. Weet je dat ik nu pas snap hoeveel voldoening het jou geeft om iemand te helpen?”
Ciska glimlacht. “Over helpen gesproken”, schakelt ze ineens op een ander onderwerp over. “Wat is er nu eigenlijk met Wendy aan de hand? Kan ik iets voor haar doen?”
In het kort vertel ik haar wat Harro me verteld heeft.
“Jeetje, Victor, dat kan toch zo niet langer? Marco had zijn nek wel kunnen breken!”, roept ze geschrokken uit. “Wat een geluk dat hij er niks ernstigs aan overgehouden heeft!”
“Het had veel slechter af kunnen lopen, ja”, beaam ik. “Gelukkig is er nu overdag een vriendin bij haar”, stel ik mijn vrouw gerust.
“Misschien moet ik binnenkort maar eens langsgaan”, oppert Ciska peinzend. “Gewoon, voor de gezelligheid. Of misschien kan ik haar eens mee de stad in nemen voor een kopje koffie. Komt ze er ook een keertje uit.”
“Of je haalt Marco eens op om met Claire te spelen”, denk ik met haar mee. “Dan heeft ze eventjes rust.”
Ciska knikt bedachtzaam. “Zullen we samen bidden, Vic?”, vraagt ze ineens. “De Heere danken voor al het goede dat Hij ons heeft gegeven en hem vragen Harro en Wendy en Manuel en zijn familie kracht te geven om door te gaan?”
"Goed idee", knik ik instemmend. ‘En Hem vragen mij kracht te geven m’n kop erbij te houden’, voeg ik er in gedachten aan toe.
Bijlagen
César Franck, Prelude, Fugue et Variation.mp3
(18.39 MiB) 109 keer gedownload

Michael87
Berichten: 220
Geregistreerd: maandag 16 juni 2014 19:07
Woonplaats: Bretagne
Heeft Bedankt: 45 keer
Ontvangen Bedankjes: 104 keer
Bericht Re: Aan de andere kant... door Michael87 » zondag 28 juni 2015 07:53

6. Belijdt uw zonde en breekt ermee



“Help eens even, ik krijg die stomme dingen er niet in.”
“Kom maar, dan doe ik het voor je”, lacht Ciska terwijl ze de manchetknopen uit mijn handen pakt. “Je moet ook niet alles op het laatste moment willen doen.”
“Ik kan toch moeilijk in mijn zondagse pak aan het ontbijt verschijnen. Met die twee knoeipotten van ons zit ik zo onder de aardbeienjam”, grinnik ik terwijl mijn vrouw de manchetknopen door de knoopsgaten van mijn donkergrijze overhemd steekt.
“Klaar!” Snel hangt ze mijn stropdas recht en plukt nog een pluisje van mijn mouw. Keurend bekijkt ze het eindresultaat. “Je ziet er goed uit, schat”, lacht ze. “Alleen die schoenen! Moet je die niet even poetsen?”
Ik zucht. Waarom maakt Ciska zich altijd druk om dit soort dingen? Geen mens die mij ziet zitten achter het orgel. Wat maakt het dan uit of mijn schoenen gepoetst zijn of niet? Als ze maar lekker spelen, dan vind ik het best.
“Kun jij dat niet voor me doen?”, maak ik me er vanaf. “Dan pak ik ondertussen mijn liedboek even.”
Ciska lacht. “Trek maar uit.”

Op sokken loop ik mijn studeerkamer in en pak de bundel psalmen en gezangen van mijn orgel. Op mijn bureau staan nog de koffiemokken van de vorige avond. Ik glimlach bij de herinnering.

Wat was hij enthousiast geweest over Hauptwerk en wat had ik ervan genoten hem op mijn orgel te zien spelen!
Tijdens het eten kon ik een brede grijns niet onderdrukken toen Ciska haar enthousiasme over zijn spel niet onder stoelen of banken stak. Ik voelde me trots, hoewel ik niet echt kan zeggen of ik nu trots op mijn vrouw was omdat ze zo hartelijk tegen hem was of omdat ik trots op zijn prestatie was. Misschien allebei wel een beetje…

Na het eten trokken we ons opnieuw terug in mijn studeerkamer. Ik liet hem spelen en kon mijn ogen niet van hem afhouden! Zo geconcentreerd, zo gepassioneerd… Hij ontroerde me diep, ik kreeg het er helemaal warm van. Als het aan mij had gelegen, had hij nog uren door mogen gaan.
Jammer genoeg gooide Ciska roet in het eten toen ze om een uur of tien kwam vragen of we nog iets te drinken wilden. Geschrokken omdat het al zo laat was, bedankte hij vriendelijk en zei dat hij naar huis moest. Het was nog zeker een uur met de bus voor hij thuis zou zijn, zei hij.
Prompt stelde Ciska voor dat ik hem wel thuis kon brengen. Met de auto was het nog geen twintig minuten als ik over de ring ging, zei ze.
Tja, toen kon ik natuurlijk moeilijk ‘nee’ zeggen.

In de beslotenheid van mijn auto genoot ik van zijn warme, diepe stem, hoewel nog niet de helft van wat hij zei, tot me doordrong. Toch luisterde ik geboeid, stelde vragen en lachte om zijn verhalen. Hij vertelde me over zijn voorliefde voor Franse symfonische orgelmuziek. Widor, Saint Saëns, Boëllmann, Vierne en natuurlijk César Franck. Hij kon er zijn gevoel in kwijt, zei hij.

“Vic?”, schrik ik op uit mijn gedachten. “Waar blijf je nu?”
Ciska steekt haar hoofd om de deur.
“Sorry, ik kom al.” Snel pak ik de beide mokken van mijn bureau en loop haar achterna.
“Heb je zin om na de dienst bij mijn ouders koffie te gaan drinken?”, vraagt ze terwijl ik mijn liedboek in mijn tas stop.
“Is wel gezellig, of niet? Wachten jullie na afloop op me?”
Ze knikt en kijkt op haar horloge. “Ze zullen zo wel hier zijn. Schiet nu maar op, je komt nog te laat! Straks zit iedereen op de organist te wachten”, grinnikt ze.
“Ja, ja, ik ga al. Ik zie jullie zo wel in de kerk”, lach ik terwijl ik de deur uit wil lopen.
“Zou je je schoenen niet eerst aantrekken?” gniffelt Ciska.
“Oh shit, ja”, grijns ik.

***

“Gemeente, vorige week vierden we het Pinksterfeest. De dag waarop God’s Geest neerdaalde en bezit van ons nam”, begint Martin, onze dominee, zijn preek. “Maar wat betekent dat nu eigenlijk in uw dagelijks leven? Laten we eens kijken wat Paulus daarover zegt in zijn eerste brief aan de Korinthiërs. We lezen hoofdstuk 6, vers 19 en 20.”
Geroezemoes in de kerk. Mensen slaan hun bijbel open en zoeken de betreffende tekst op.

“Of weet gij niet, dat uw lichaam een tempel is van de Heilige Geest die in u is, die gij van God hebt en dat gij uw zelfs niet zijt? Want gij zijt duur gekocht, zo verheerlijkt dan God in uw lichaam en in uw geest, welke Godes zijn”, buldert hij vanaf de kansel.
“Vaak zeggen we, mijn geest is voor de Heere”, begint hij uit te leggen. “Nee, zegt Paulus, Uw lichaam is de tempel van de Heilige Geest, oftewel, uw lichaam is ook voor de Heere. Uw lichaam is niet bedoeld voor uw eigen zondig plezier, maar om God’s Geest te huisvesten. En daarom moet u Hem verheerlijken in uw geest én in uw lichaam. Maar hoe dan, zult u zich afvragen. Het antwoord vinden we in vers 9 en 10.”
“Of weet gij niet, dat de onrechtvaardigen het Koninkrijk Gods niet zullen beërven?”, zwelt zijn stem opnieuw aan. “Dwaalt niet. Noch hoereerders, noch afgodendienaars, noch overspelers, noch ontuchtigen, noch die bij mannen liggen, noch dieven, noch gierigen, noch dronkaards, geen lasteraars, geen rovers zullen het Koninkrijk Gods beërven.”

Ik schiet overeind. Shit, mannen die bij mannen liggen… Hij heeft het over mij! Waarom heeft hij uitgerekend nú deze tekst gekozen als basis voor zijn preek? Alsof hij weet dat ik weer last van verkeerde gedachten heb…

“Hoererij”, legt Martin uit. “In het Grieks letterlijk ‘porneia’. U herkent het woord ‘porno’ vast wel. Zelfs in ons eigen huis komen we er mee in aanraking. Via de computer of uw mobieltje, op TV, in tijdschriften en in boeken, in liedjes op de radio of verstopt in pakkende reclameboodschappen, niemand kijkt er meer vreemd van op. Overspel, ontucht, sodomie, het lijkt tegenwoordig de normaalste zaak van de wereld!”

Verscholen achter het rugwerk van het orgel luister ik, met bonkend hart, naar de preek. Hij heeft zó gelijk! Wat ik ook doe, waar ik ook ben, overal word ik ermee geconfronteerd. Telkens weer dringt het zich op.
Onwillekeurig dwalen mijn gedachten terug naar bijna een jaar geleden. Naar het moment waarop Ciska thuis radicaal een einde maakte aan de vele verleidingen die ik niet kon weerstaan.
Ik grinnik. Hoe ernstig de situatie ook was, het had toch ook iets komisch gehad.

Ineens stond Ciska in mijn studeerkamer. Ik schrok me kapot, greep de muis, probeerde snel het filmpje weg te klikken en tegelijkertijd m’n boeltje op te bergen maar het was te laat, ze had het al gezien.
Daar zat ik dan, met m’n broek open, m'n pik in m'n hand en op het scherm twee lekkere jongens die elkaar pijpten!
Met wijd opengesperde ogen van schrik keek ze me aan. ‘Wat voor de duivel ben jij aan het doen?’, riep ze uit. Helemaal overstuur, vloog ze terug naar de kamer.
Ik schaamde me kapot, uiteraard. Struikelend over mijn broek, die ik in alle haast omhoog probeerde te trekken, ging ik haar achterna en bezwoer haar dat het niks voorstelde.
Ondertussen schoot er maar één gedachte door mijn hoofd: ’Waarom heb ik haar niet horen aankomen?’
Ik kon mezelf wel voor mijn kop slaan dat ik niet beter opgelet had!

“Maar een christen behoort te vluchten voor seksuele zonden”, dringt Martin’s stem weer tot me door. “’Vliedt de hoererij’, zegt Paulus. Niet ‘vecht ertegen’ of ‘onderdruk het’. Nee, vlucht! Ook al denkt u, er is nog helemaal niks gebeurd, maak dat u weg komt! ‘Want alle zonde die de mens doet, is buiten het lichaam, maar die hoererij bedrijft, zondigt tegen zijn eigen lichaam’, lezen we in vers 18.”

Onrustig schuiven mensen heen en weer op hun stoel. Geritsel van papier en geschraap van kelen geeft aan dat ik niet de enige ben die zich ongemakkelijk voelt door Martin’s preek.

“Seksuele relaties voor, of buiten de band van het huwelijk, seks met iemand van uw eigen geslacht of betaalde seks. Niemand weet het misschien van u, niemand ziet het. Maar wie zo leeft, zegt Paulus, wie ermee doorgaat en wie zijn zonden niet belijdt, zal in het Koninkrijk der hemelen niet toegelaten worden. Tevergeefs zult u aan de hemelpoort kloppen, want het is echt niet om het even hoe u hier op aarde leeft!”, waarschuwt Martin met luide stem. “Vlucht voor hoererij, voor ontucht, overspel en sodomie, leert Paulus ons. Mijd plaatsen waar het mis kan gaan, mijd situaties die u in verleiding brengen. Bedenk dat naast alle andere zonden de seksuele zonde de grootste is van allemaal! Want wie zich met de Heer verenigd heeft, is één met Hem. Wie tegen zijn lichaam zondigt, zondigt dus ook tegen de Heer!”

‘Mijd situaties die u in verleiding brengen’, dreunt het na in mijn hoofd. Nerveus trommel ik met mijn vingers op de orgelbank.
Had ik dan toch voet bij stuk moeten houden? Had ik me niet door Harro over moeten laten halen? Ik maak het mezelf natuurlijk wel moeilijk op deze manier. Maar ja, ik heb geen keuze, of wel?
Aan de andere kant… Wat kan er nu helemaal gebeuren? Niks toch?
Oké, ik zal vast wel eens over hem fantaseren, maar meer zal het niet worden. Het is toch niet zo erg in stilte een beetje van hem te genieten? Ik pas heus wel op dat het niet weer uit de hand loopt.

“Troost u”, gaat Martin op geruststellende toon verder. “Er is genade bij God voor de allerslechtsten, er is genade bij God voor uw vergooide en verloren leven. Het enige dat Hij van u vraagt, is dat u ermee breekt! Vandaag nog! Dwaalt niet, laat u niks wijsmaken. Belijdt uw zonde en breekt ermee! Want de genadegift Gods is het eeuwige leven, door Jezus Christus, onze Heere. Amen.”

Opnieuw geroezemoes in de kerk. Mensen stoppen hun bijbel weg en gaan verzitten om hun stijve spieren, na dertig minuten stilzitten tijdens de preek, even te ontspannen.
Het rode lampje boven het orgel, dat aangeeft wanneer er gezongen gaat worden, springt aan.
“En dan zingen wij nu Gezang 247, vers 1 tot en met 3”, hoor ik Martin zeggen. “Tijdens het voorspel wordt er gecollecteerd voor de diaconie.”
Ik leg mijn handen op de toetsen en begin een eenvoudige improvisatie op de melodie. Het kost me moeite mijn aandacht bij de muziek te houden. Telkens weer dwalen mijn gedachten af naar de preek.

‘Breekt er mee en belijdt uw zonden…’ Die is gek! Ik ga Ciska echt niet vertellen dat Manuel mijn hoofd op hol brengt. Als ze dat weet, vindt ze het nooit goed dat ik drie weken samen met hem in een hotel zit! Nee, daar ken ik haar goed genoeg voor, dat vertrouwt ze nooit! Dan kan Manuel honderd keer hetero zijn en kan ik haar duizend keer verzekeren dat er echt niks gebeurt, ze zal geen rustig moment hebben tot ik weer thuis ben. Dat kan ik haar niet aan doen. Toch?

Opnieuw springt het rode lampje boven het orgel aan, dit keer ten teken dat de collecte klaar is. Ik stop met de improvisatie en geef de begintoon van het lied aan, waarna de gemeente uit volle borst meezingt.

***

“Mooi gespeeld, Vic”, complimenteert mijn vrouw me als ik me na afloop van de dienst bij haar en haar ouders voeg. “Hoe vond je de preek?”, vraagt ze, met duidelijk meer dan gewone interesse.
“Paulus was een wijs man”, knik ik, mijn gezicht strak in de plooi houdend. “Hij heeft gelijk, we moeten ons verre van verleidingen houden, dan kan er niks misgaan.”
Glimlachend knijpt ze even in mijn hand en richt zich dan tot haar ouders. “Victor heeft een nieuwe registrant”, vertelt ze. “Manuel. Jonge knul, maar zo getalenteerd! Ik heb hem gisteren bij ons thuis horen spelen.”
“Ik dacht dat Harro Victor’s registrant was”, reageert mijn schoonvader verbaasd.

Terwijl Ciska haar ouders vertelt dat Harro niet mee gaat naar Duitsland, pikken we de kinderen op bij de oppasdienst in ‘het Baken’, het verenigingsgebouw naast de kerk. In gedachten verzonken, loop ik achter mijn familie aan naar de parkeerplaats.
Zou het toch niet verstandig zijn er eens met Martin over te praten? Om zeker te weten dat ik niks verkeerd doe…
Abrupt sta ik stil. “Sorry”, zeg ik ineens. “Ik moet terug, ik ben mijn liedboek vergeten.”
“Warhoofd”, lacht Ciska, “Ga maar gauw, we zien je zo wel bij paps en mams.”

Michael87
Berichten: 220
Geregistreerd: maandag 16 juni 2014 19:07
Woonplaats: Bretagne
Heeft Bedankt: 45 keer
Ontvangen Bedankjes: 104 keer
Bericht Re: Aan de andere kant... door Michael87 » zondag 12 juli 2015 08:11

7. Vlucht!



Zoekend kijk ik om me heen. Behalve de dames van de bloemencommissie die druk in de weer zijn de diverse bloemstukken water te geven, lijkt de kerk uitgestorven.
“Hebben jullie dominee Brouwer gezien?”, vraag ik ze.
“Misschien in de consistoriekamer?”, oppert één van de dames. “Hier is hij in ieder geval niet.”
“Oké, bedankt. Fijne zondag nog”, wens ik ze toe en loop door.
“Martin?”, steek ik mijn hoofd om de deur van de consistoriekamer.
In plaats van Martin tref ik Harro aan, druk bezig met het tellen van het collectegeld.
“Hé, Victor! Jij nog hier?” Verrast kijkt hij op.
“Heb jij Martin ergens gezien?”, vraag ik terwijl ik naar binnen loop.
“Die is allang weg”, antwoordt hij. “Misschien in ‘het Baken’?”
“Lijkt me sterk, daar kom ik net vandaan.”
“Dan weet ik het ook niet”, haalt hij zijn schouders op en wil verder gaan met tellen.
“Ciska vertelde dat er steeds minder binnenkomt”, knik ik richting het kleine stapeltje papiergeld en de vele muntjes die voor hem op tafel liggen.
“Klopt. De crisis hè? Mensen houden de vinger op de knip.”
“Kunnen wij niet wat doen om extra geld in te zamelen? Voor het nieuwe project, bijvoorbeeld. Een benefietconcert, of zo.”
“Of rondleidingen bij het orgel”, stelt Harro enthousiast voor. “Tegen een vrijwillige bijdrage.”
“Jammer dat ik het de komende tijd zo druk heb, anders zou ik het wel zien zitten”, zucht ik.
Harro’s ogen lichten op. “Als ik het nu eens doe? Ik bedoel, als jij in Duitsland zit, heb ik tijd zat. Bovendien ken ik het orgel en de geschiedenis van haver tot gort.”
“En Wendy dan? Moet jij niet thuis zijn?”
“Overdag kan ik wel weg hoor, dan is Frieda toch meestal bij haar.”
“Frieda?”
“Onze oude buurvrouw. Je weet wel, die vorig jaar gescheiden is.”
“Aha! Dan zou ik zeggen, regel het maar met de kerkenraad.” Grijnzend klop ik hem op zijn schouder. “Maar ik moet verder nu. Fijne zondag nog!”

Onverrichter zake loop ik terug naar buiten.
“Martin!”, roep ik ineens als ik hem in de verte de straat over zie steken. “Wacht even!”
Martin draait zich om en wijst vragend op zichzelf.
Ik knik en loop op een drafje naar hem toe.
“Ik wil je wat vragen”, begin ik, plotseling vreselijk nerveus. “Naar aanleiding van de preek.”
Hij knikt. “Kom, loop ondertussen mee naar de auto, ik heb niet zoveel tijd vandaag.”
Naast elkaar lopen we het parkeerterrein op.
“Wat vond je van de preek?”, vraagt hij nieuwsgierig.
“Lastig”, antwoord ik naar waarheid. “Ik vroeg me af… Paulus zegt dat er tegen vechten en het onderdrukken niet genoeg is en dat je ervoor moet vluchten.”
“Dat klopt.”
“Dat doe ik ook wel, hoor. Sinds vorig jaar hebben we internet van KlikSafe dus porno komt er niet meer in huis”, lach ik wat ongemakkelijk.
Martin glimlacht. “Goed zo”, complimenteert hij me.
“Maar het blijft moeilijk”, ga ik schoorvoetend verder. “Het is precies zoals jij zegt. Overal ligt de verleiding op de loer. Vluchten is gewoon onmogelijk en dan gebeurt het me toch wel eens dat ik… nou ja… Je snapt me wel, of niet?”
“Dat je opgewonden wordt en aan mannen denkt, bedoel je?”, vult hij ten overvloede aan.
“Het gaat gewoon niet over”, zucht ik. “Wat ik ook doe, telkens is er wel weer een nieuwe aanleiding.”
“Maar je zoekt het toch niet op en je doet er toch niks mee, of wel?”, vraagt hij bezorgd.
Ik schud mijn hoofd. “Nee. Zodra ik het merk, ga ik het uit de weg, alleen is dat niet altijd makkelijk. Als die gedachten er eenmaal zijn… Snap je?”
“Dan doe je toch precies wat Paulus zegt? Je vlucht zodra je je ervan bewust bent en je vecht als het nodig is. Dat is goed, Victor”, glimlacht hij. “Vraag je de Heere ook om hulp als je het moeilijk hebt?”
“Natuurlijk”, zeg ik, bijna verontwaardigd.
Inmiddels staan we bij zijn auto.
“Kom anders van de week een keer langs”, nodigt hij me uit terwijl hij het portier opent. “Dan kunnen we er eens rustig over praten.”
“Nee, dat hoeft niet. Ik wil alleen graag weten… Vind jij dat ik het elke keer tegen Ciska moet zeggen als ik… nou ja… Als ik er weer last van krijg, zal ik maar zeggen?”
“Wat vind je zelf?”, stelt hij een tegenvraag.
“Ik wil haar niet steeds ongerust maken”, antwoord ik aarzelend. “Omdat ik toch niet van plan ben er iets mee te doen en dan maakt ze zich druk om niks. Maar ik wil haar ook niet buitensluiten”, voeg ik eraan toe. “Wat vind jij?”
“Ik begrijp wat je bedoelt”, knikt hij bedachtzaam. Hij legt zijn hand op mijn schouder en knijpt er even bemoedigend in. “Het is een zwaar kruis dat je draagt, Victor. Satan kent jouw zwakke plek en hij zal er niet voor terugdeinzen die keer op keer op te zoeken. Weet je zeker dat je dat zonder de hulp van je vrouw aankunt?”
“Heel zeker”, antwoord ik beslist. “Je denkt toch niet dat ik alles wat Ciska en ik samen hebben op het spel ga zetten voor een beetje seks? Nee, Martin, er is meer in het leven dan seks. Geloof me, ik weet waar ik mee bezig ben.”
Hij glimlacht. “Dan lijkt het mij niet nodig dat je vrouw alles weet wat er in je omgaat. Maar pas op dat begeerte je niet weer in zijn macht krijgt”, waarschuwt hij. “Satan ligt op de loer en de grens tussen goed en kwaad is flinterdun!”
“Daar ben ik me heel goed van bewust”, knik ik.
“Beloof me één ding, Victor. Betrek haar er wel bij als het echt moeilijk wordt. Samen bidden is nog altijd de beste manier om Satan op afstand te houden.”
“Doe ik! Bedankt voor je advies, Martin. Ik neem het ter harte.”
“Fijn dat ik wat voor je kon doen, Vic. En je weet het, hè? Als je eens wilt praten, ben je altijd welkom!”

***

“We mogen het verenigingsgebouw van de kerk gebruiken, hoewel de keuken daar niet echt groot is. Het kan allemaal maar net”, hoor ik mijn vrouw zeggen als ik de serre binnenstap.
“Hé, Vic!”, begroet ze me als ze me ziet. “Wat ben je laat!”
“Ik liep Harro tegen het lijf, we raakten aan de praat”, verklaar ik mijn late aankomst.
“Koffie, jongen?”, houdt mijn schoonmoeder de thermoskan omhoog.
“Lekker”, glunder ik vergenoegd terwijl ik naast Ciska plaatsneem.
“Wat is het nu eigenlijk precies voor project?”, pakt mijn schoonmoeder het gesprek met mijn vrouw weer op terwijl ze koffie voor me inschenkt.
“Het heet ‘Samen aan tafel’”, begint Ciska uit te leggen. “We willen Jezus’ liefde voor iedereen zichtbaar maken door dagelijks een gezonde maaltijd te bieden aan mensen die het nodig hebben. Natuurlijk is er ook ruimte voor een goed gesprek. Net als Jezus deed, tijdens het eten met mensen die hij ontmoette, praten over het leven”, lacht ze.
Haar moeder knikt. “Goed initiatief, Cis. Wanneer gaan jullie van start?”
“De bedoeling was volgende week, maar of we dat halen? Er moet nog een hoop gebeuren, vooral nu we minder budget hebben”, zucht ze. “De opbrengst van de collecte voor de diaconie valt de laatste tijd tegen waardoor we veel meer op vrijwillige basis moeten doen en dat kost tijd. Afspraken maken met winkeliers, bijvoorbeeld, zodat ze levensmiddelen ter beschikking stellen.”
“Schandalig!”, bromt Ciska’s vader. “Zodra het wat minder gaat, verzaakt iedereen zijn christenplicht”, moppert hij hoofdschuddend. “Ze moeten zich schamen! Alsof minderbedeelden ineens geen hulp meer nodig hebben…”
“Niet zo hard oordelen, pap”, onderbreekt Ciska haar vader. “Steeds meer mensen verliezen hun werk en raken zelf in de problemen. Ze hebben moeite zat om rond te komen, tegenwoordig. Oordeelt niet, opdat gij niet geoordeeld zult worden, weet je nog?”, tikt ze hem fijntjes op zijn vingers. “Maar het komt wel goed hoor”, zegt ze vastberaden. “Gisteren ben ik bij bakker Willemsen geweest. We krijgen voortaan elke dag het overgebleven brood en gebak van de vorige dag.”
“Dat heb je mij ook nog niet verteld!”, meng ik me in het gesprek.
“Wanneer had ik dat moeten doen dan? Jij had het gisteren druk met je nieuwe registrant.”
“Da’s waar”, geef ik lachend toe, terwijl ik mijn best doe niet van kleur te verschieten. “Maar… Ik heb misschien wel goed nieuws voor het project!”, verander ik snel van onderwerp.
“Oh?” Nieuwsgierig kijkt mijn vrouw me aan.
“Ja”, knik ik geheimzinnig. “Ik zei toch dat ik Harro tegenkwam? Hij was in de consistoriekamer bezig het collectegeld te tellen. Zo kwamen we op de teruglopende inkomsten en toen kregen we een idee. Harro wil, als ik op tournee ben, rondleidingen gaan geven bij het orgel!”
“Wat heeft dat met ons project te maken?”, vraagt Ciska niet begrijpend.
“Tegen een vrijwillige bijdrage. Voor het project”, grijns ik als ik haar verbaasde gezicht zie.
“Echt waar? Wat goed, Vic!”, roept ze verrast. “Dan hoeven we ons dus niet meer in allerlei bochten te wringen om genoeg spullen bij elkaar te krijgen!”
“Ho, ho”, grinnik ik. “Je moet de huid niet verkopen voor de beer geschoten is. Eerst maar eens afwachten of het Harro lukt en of het wat oplevert.”

“Waarom gaat Harro eigenlijk niet mee naar Duitsland?”, wil mijn schoonmoeder plotseling weten.
In het kort vertel ik mijn schoonouders dat Harro’s vrouw al een tijd niet in orde is en dat hij haar geen drie weken alleen wil laten.
“Het is toch wat”, zucht mijn schoonmoeder zorgelijk. “Zo jong en dan al zoveel ellende. Wees de Heere maar dankbaar dat jullie het zo goed hebben samen.”
Liefdevol knijpt Ciska in mijn been. “Zijn we ook, hè schat?”, glimlacht ze.
“Zeker!”
“Ik wil van de week een keer bij haar langs”, richt mijn vrouw zich weer tot haar moeder. “Kijken of ik wat kan doen. Boodschappen halen misschien, of Marco meenemen zodat ze eventjes rust heeft.”
“Moet je doen, kind. Dat zal ze vast fijn vinden”, knikt mijn schoonmoeder.
“Dus nu valt die, hoe heet hij ook al weer, voor hem in?”, begint mijn schoonvader ineens over wat anders.
“Manuel”, beantwoord ik zijn vraag. “Hij heet Manuel. En hij valt niet alleen in voor Harro, ik ga hem ook lesgeven”, lach ik.
“Lesgeven? Jij? Dan moet hij wel echt talent hebben”, reageert mijn schoonvader spottend. “Voordat jij bereid bent tijd in iemand te steken…”
“Pap!”, roept Ciska hem tot de orde. “Het is heus niet dat hij dat niet wil. Victor heeft het gewoon veel te druk om er leerlingen bij te nemen, dat weet jij best”, verdedigt ze mij.
“Laat maar, Ciska”, leg ik een hand op haar arm. “Hij heeft gelijk. Ik ben nu eenmaal niet zo sociaal ingesteld als jij en dan heb je al snel geen tijd.”
“Prijzenswaardig dat je het dan toch doet”, knikt mijn schoonmoeder. “Of niet, vader?”
“Hmm”, bromt hij.

***

“Voor we beginnen met de eerste les, is het, denk ik, handig als we vaststellen wat je wilt bereiken”, begin ik op zakelijke toon terwijl ik de elektrische windmotor van het orgel inschakel. “Ik denk dat ik jou binnen een jaar klaar heb voor het toelatingsexamen conservatorium”, ga ik verder. “Of dat ook is wat je wil, weet ik natuurlijk niet, maar het talent heb je!”
Manuel grinnikt. “Niet overdrijven hè? Zo goed ben ik niet.”
“Nu nog niet, misschien”, lach ik veelbelovend. “Maar als we een jaar verder zijn…”
“Meen je dat nu?”
“Als je ook de wilskracht hebt”, beaam ik.
“Nou, ik wil echt wel!”, knikt hij enthousiast.
“Mooi”, stel ik tevreden vast. “Maar ik verwacht wel honderd procent inzet van je, want vanzelf zal het niet gaan. Minimaal twee uur per dag studeren en niet opgeven als het moeilijk wordt.”
“Geen probleem”, knikt hij lachend. “Ik zit nu elke dag ook al minstens twee uur achter mijn orgel.”
“Laten we dan maar geen tijd meer verspillen”, lach ik.

Ongeduldig neemt Manuel plaats achter het orgel. Ik schuif naast hem en zet een boek met pedaaloefeningen tegen de lessenaar.
“Wat me vrijdag bij de repetitie opviel, is dat je moeilijke pedaalpassages vereenvoudigt. Jij beheerst het hakken-tenen spel niet, of wel?” In het kort leg ik uit wat ik bedoel en laat hem een stukje spelen waarbij hij zowel zijn hakken als zijn tenen moet gebruiken. “Herhaal dit nu eens”, spoor ik hem aan. “Eerst langzaam, tot het automatisch gaat en dan sneller.”
Geconcentreerd doet hij wat ik zeg maar het kost hem de grootste moeite de oefening foutloos te spelen.
Nauwkeurig volg ik zijn bewegingen. Ineens snap ik waar de schoen wringt maar voor ik hem erop kan wijzen, voel ik zijn knie tegen mijn bovenbeen duwen. Er gaat een schok door me heen. In een reflex trek ik mijn been opzij en hap naar adem.
‘Vlucht, Vic’, schiet het door mijn hoofd. Met bonkend hart schuif ik naar rechts.
Manuel kijkt opzij. “Is er iets?”
Zenuwen gieren door mijn lijf, mijn mond voelt kurkdroog. Ik slik, krijg nauwelijks een woord over mijn lippen. “Nee, hoor”, breng ik met moeite uit. “Ik geef je alleen wat meer ruimte.”
“Don’t worry, ruimte zat”, grinnikt hij terwijl hij zich weer op zijn voeten richt.

Michael87
Berichten: 220
Geregistreerd: maandag 16 juni 2014 19:07
Woonplaats: Bretagne
Heeft Bedankt: 45 keer
Ontvangen Bedankjes: 104 keer
Bericht Re: Aan de andere kant... door Michael87 » zondag 26 juli 2015 07:35

8. Met open ogen



Uit mijn ooghoeken hou ik hem in de gaten. Heeft hij gelijk? Hoef ik me geen zorgen te maken? Mijn lichaam reageert anders behoorlijk heftig op hem. Net als vroeger, met Ruben.
Ik glimlach. Ruben… Mijn beste vriend op de middelbare school. Mijn enige vriend eigenlijk. Ik viel een beetje buiten de groep, Ruben ook trouwens. Beiden waren we serieuze jongens, altijd bezig met muziek. Orgel, welteverstaan. Les bij dezelfde leraar, samen oefenen in de kerk, hij voor mij registreren, ik voor hem.
Hoe vaak heb ik niet dicht naast hem op de orgelbank gezeten? Onopvallend gluren, wegdromen als we elkaar per ongeluk aanraakten… Nou ja, per ongeluk, als ik heel eerlijk ben, zocht ik het best een beetje op. Maar wel zo, dat hij niks in de gaten had, want ik wist dondersgoed dat het niet goed was wat ik voor hem voelde.
Ondanks dat het verkeerd was, fantaseerde ik ’s avonds thuis gewoon verder. Niemand die het wist, niemand die er last van had, niemand die er moeilijk over kon doen. Het was mijn geheim en ik genoot er van.

Nerveus bijt ik op de nagel van mijn duim. Waarom maak ik er nu zo’n probleem van dan? Meer dan stiekem over hem fantaseren kan het toch nooit worden. Sterker nog, dat wil ik niet eens! Stel je voor, zeg! Dat eindigt toch net als met Eelco. Alles waar ik over fantaseerde met Ruben, wilde ik met hem. Ik had me er zoveel van voorgesteld. Wat een teleurstelling was dat geworden.
Nee, fantasie is iets heel anders dan werkelijkheid. Bovendien, ik heb Ciska nu toch? En Claire en Amy? Dus zelfs al zou Manuel bereikbaar zijn, ik ga mijn huwelijk toch niet op het spel zetten, alleen maar voor seks?
Waar vlucht ik dan eigenlijk voor? Voor een beetje opwinding dat hooguit leidt tot lekker fantaseren? Misschien kan ik er beter gewoon van genieten. Zolang ik er niemand kwaad mee doe, is er toch niks aan de hand?
Langzaam kalmeer ik en komt mijn hartslag weer tot rust.

“Zo goed?”, haalt Manuel’s warme stem me terug uit mijn gedachten. Hij draait zich naar me toe.
Ik smelt als zijn warme, donkere ogen me vragend aankijken en weet geen woord meer uit te brengen. Shit, wat doet die jongen toch met me?
‘Kom op Vic’, dwing ik mezelf normaal te doen. ‘Niks laten merken…’
“Oefen dit stukje thuis maar elke dag, dan kijken we volgende week hoe het gaat”, probeer ik professioneel over te komen.
Hij knikt.
“En nog wat”, ga ik verder. “Je kunt beter andere schoenen aantrekken als je orgel speelt. Deze zijn niet echt geschikt om pedaal te spelen”, wijs ik hem op de vlakke en stroeve zolen van zijn sportschoenen. “Heb je niks met een gladdere zool en een flinke hak? Dan wordt hakken-tenen spel veel makkelijker.”
Manuel schudt zijn hoofd. “Ik heb alleen deze.”
“Misschien moet je eens op zoek naar wat anders”, raad ik hem aan. “Als je het pedaalspel goed onder de knie wilt krijgen, kun je echt niet zonder goeie orgelschoenen.”
“Ik zal wel eens kijken, wie weet staan er nog wel ergens schoenen van mijn vader”, knikt hij. “Hij gebruikt ze toch niet meer.”

***

Met een tevreden gezicht sluit ik het orgel af. Ongemerkt zijn er bijna twee uur verstreken. Geen van beiden hadden we het in de gaten, zo gingen we op in de les!
Nou ja, hij dan, ik ging vooral op in hem. De gedrevenheid waarmee hij zich inzette! Alsof hij het ontbreken van lessen de afgelopen jaren zo snel mogelijk in wilde halen. Onvoorstelbaar hoe makkelijk hij dingen oppikte en hoe fantastisch hij uitdrukking gaf aan zijn gevoel. De expressie op zijn gezicht, de bewegingen van zijn lichaam en dan zijn handen! Bijna liefdevol streelden zijn vingers de toetsen. Ik kreeg er gewoon een brok van in mijn keel en kon mijn ogen er maar niet vanaf houden!
Ik zucht. Morgen verder. Jammer dat Harro er dan de hele tijd bij is. Ik zou hem best graag zelf de binnenkant van het orgel laten zien. Met z’n tweeën in de nauwe ruimtes tussen de pijpen. Af en toe per ongeluk even tegen hem aan staan. Net als vroeger, met Ruben…
Oh, shoot, daar ga ik weer! ‘Laat het gaan, Victor, laat het gaan.’

“Vond je het leuk?”, informeer ik, terwijl ik achter hem aan de trap af loop.
“Keileuk!”, reageert hij opgetogen. “Jammer dat het afgelopen is.”
“Alles op zijn tijd, jongen”, lach ik. “Morgen gaan we verder. Dan gaat Harro jou het één en ander leren over het orgel.”
“Aye aye, sir”, grinnikt hij vrolijk.

“Moet ik je even wegbrengen?”, vraag ik, als we de kerk uitlopen, in een poging het afscheid nog wat uit te stellen.
“Niet nodig. Ik ben op de fiets”, wijst hij richting een oude damesfiets die tegen de muur van de kerk staat. ’s Avonds rijden er niet zoveel bussen, weet je nog?”, lacht hij.
“Da’s waar. Maar als je een keer een lift nodig hebt, moet je het zeggen hoor. Ik doe het graag!”, bied ik aan als hij opstapt.
“Daar hou ik je aan!”, zwaait hij lachend als hij wegfietst.

Peinzend kijk ik hem na. Voorovergebogen over het stuur, zijn billen soepel bewegend over het zadel. Gespierde bovenbenen heeft hij…
Ineens grinnik ik. Hoe vaak heb ik Ruben zo niet na staan kijken? Het lijkt wel alsof de geschiedenis zich herhaalt!
Hoe zou het eigenlijk met hem zijn? Zou hij getrouwd zijn, kinderen hebben? Stom eigenlijk, dat ik ons contact zo heb laten verwateren toen ik ging studeren. Maar ja, toen leerde ik Eelco kennen. En toen veranderde alles…

***

“En? Hoe ging het?”, vraagt Ciska nieuwsgierig als ik de kamer binnenloop.
“Keigoed”, glunder ik terwijl ik me op de bank laat zakken. “Die jongen heeft echt potentie. Dat wordt nog een geduchte concurrent voor me, let maar op!”, lach ik. “Hij moet alleen andere schoenen hebben”, grinnik ik er achteraan.
“Oh nee, hè?”, zucht mijn vrouw. “Ga je hem ook van die spuuglelijke schoenen aansmeren?”
“Zeg!”, reageer ik quasi verontwaardigd. “Niet zo afgeven op mijn orgelschoenen, hè? Zonder die dingen zat jij nu niet in zo’n riant huis!”
“Da’s waar”, geeft ze lachend toe. “Wil je een wijntje?”, vraagt ze ineens.
Verbaasd kijk ik haar aan. “Wijn? Nu?”
“Gezellig toch?”, lacht ze.
“Ehm… Ik wil eigenlijk het liefst douchen en dan naar bed”, sla ik haar aanbod af. “Ander keertje, oké?”

Op de slaapkamer kleed ik me uit en grijp mijn badjas. Terwijl ik de avond in gedachten nog eens aan me voorbij laat gaan, loop ik naar de badkamer, hang mijn badjas aan het haakje en zet de douche aan. Als het water op temperatuur is, stap ik eronder. Met een diepe zucht sluit ik m’n ogen en laat het warme water over mijn naakte lichaam stromen. Voor me zie ik Manuel’s, door blonde krullen omlijste, gezicht.
Ik glimlach, morgenmiddag zie ik hem weer. Lieve jongen is het. En zo vrolijk, ondanks de moeilijke omstandigheden bij hem thuis. Mooie jongen ook. Zijn donkere ogen stralen, vooral als hij lacht en dat doet hij voortdurend. En dan die handen van hem! Zulke mooie, lange, slanke vingers…

Dromerig wrijf ik over mijn onderbuik. Mijn piemel hangt zwaar en dik tussen mijn benen. Ik duw hem omlaag en vouw mijn hand om mijn ballen. Terwijl ik ze voorzichtig naar beneden trek, glijdt mijn andere hand omhoog naar mijn borst en knijpt in mijn tepels.
“Owh”, zucht ik genietend terwijl mijn piemel met kleine schokjes omhoog komt.
Ik laat mijn tepels los, wrijf nog eens heerlijk over mijn buik en pak dan mijn inmiddels volle erectie vast. Terwijl het water over mijn rug stroomt, trek ik me langzaam af. Nog steeds met gesloten ogen, beeld ik me in dat het Manuel’s vingers zijn die mijn lichaam bespelen.
Kippenvel kruipt langs mijn benen omhoog, al mijn spieren spannen aan. Ik kreun en krom mijn rug.
“Oh shit!”, stoot ik uit, terwijl ik bijna door mijn knieën zak.
Hijgend zoek ik steun tegen de douchewand. Witte klodders glijden traag langs het glas naar beneden.

“Vic?”, hoor ik Ciska op de trap.
Razendsnel pak ik de douchekop van de stang en spoel de ruit schoon. Ondertussen probeer ik uit alle macht mijn ademhaling onder controle te krijgen. Mijn pik staat nog steeds half overeind. Verdorie, de helft van de tijd weigert dat ding omhoog te komen en nu vertikt hij het om te gaan liggen!
“Ga je mee naar bed?”, steekt Ciska haar hoofd om de badkamerdeur.
Net op tijd hang ik de douchekop terug en draai mijn rug naar de deur.
“Ik kom zo. Even mijn haren wassen.” Met bonkend hart pak ik de shampoo van het rekje en spuit wat op mijn hand.
“Oké, ik kruip er vast in. Tot zo dan”, zegt mijn vrouw als ze haar hoofd terugtrekt en de deur weer dichtdoet.
Opgelucht haal ik adem. Dat was op het nippertje!

Vijf minuten later zet ik de douche uit en droog me af. Ik glip in mijn badjas en loop de slaapkamer in. Ciska ligt al in bed en kijkt het laatste journaal.
Zittend op de rand van ons bed trek ik mijn pyjamabroek aan en laat de badjas van mijn schouders glijden.
Ineens voel ik een hand op mijn rug.
‘Oh nee’, flitst het door mijn hoofd. ‘Niet nu! Dat lukt me nooit nu ik net…’
“Vic?”, hoor ik haar zachtjes zeggen. Ze schuift een stukje mijn kant op.
“Niet nu, Ciska, m’n hoofd staat er niet naar.”
“Toe nou, Vic”, dringt ze aan. “Zo vaak vrijen we niet.” Zachtjes drukt ze een kus op mijn rug.
“Mag het een andere keer? Ik wil slapen”, antwoord ik terwijl ik me naar haar toe draai en mijn pyjamajasje aantrek.
“Oh, oké”, reageert ze teleurgesteld. “Ik hoopte alleen… Ik dacht… Nou ja, omdat je de laatste tijd zo lief voor me bent…” Haar stem trilt.
Ik bijt op mijn lip. “Morgen. Goed?”, stel ik snel voor.
“Ja, vast! Morgen heb je wel weer een andere smoes”, reageert ze verdrietig. “Ik weet wel dat je er niks aan kunt doen, Vic, maar ik dacht… omdat het vrijdag zo goed ging…” Tranen staan in haar ogen.
“Niet huilen!”, troost ik haar. “Morgenavond maken we het echt gezellig met elkaar, ik beloof het.”
“Echt waar?” Hoopvol kijkt ze me aan.
Glimlachend knik ik. “Echt waar.”
Zonder verder wat te zeggen, zet Ciska de TV uit en draait zich om.
Schuldbewust kruip ik tegen haar aan en sla mijn arm om haar heen.
Waar ben ik in hemelsnaam mee bezig? Me aftrekken onder de douche en dan mijn vrouw afwijzen? Dat kan ik toch niet maken?
“Hé! Ik hou toch van je”, fluister ik.
“Ga nu maar slapen, Vic”, zegt ze. “Het is al goed.”

***

Onrustig draai ik heen en weer. Voor de tweede keer in een paar dagen tijd kan ik de slaap niet vatten.
Waarom heb ik er ook aan toegeven? Verdorie, ik had me zo voorgenomen hem niet tussen ons te laten komen en toch heb ik het laten gebeuren! Martin heeft me nog zo gewaarschuwd. De grens tussen goed en kwaad is flinterdun, zei hij. Nou, hij heeft gelijk! Het leek zo onschuldig, even toegeven aan dat geile gevoel. Gevolg is dus wel dat ik mijn vrouw heb onthouden waar ze recht op heeft.
Satan heeft me gewoon een loer gedraaid, de vuilak, en ik ben er met open ogen ingetuind!
Nou ja, open ogen… Gesloten dan in dit geval.
Ik grinnik zachtjes.
‘Hou op, Victor, maak er geen geintjes over. Het is al erg genoeg zo’, spreek ik mezelf streng toe.

Aan de andere kant… Wat had ik dan moeten doen? Niet aftrekken zodat ik hem stijf had kunnen krijgen en dan met haar vrijen terwijl mijn gedachten bij hem waren? Dat is toch ook geen optie? 
Nee, seks met Ciska moet wel puur blijven, dat is iets van ons tweeën, daar horen geen fantasieën over Manuel bij.
Ik zucht. Waarom moest ze nu ook zonodig, uitgerekend vlak nadat ik klaar was gekomen, zin in seks hebben?

Shit, geef ik haar nu de schuld? Het moet niet mooier worden! Ik ben degene die me de kop gek laat maken door die jongen, niet zij!
En waarom? We hebben het zo goed samen! Geen financiële zorgen, een fijn huis, twee prachtige dochters, liefde en geborgenheid. Dát is wat me gelukkig maakt, niet een geil fantasietje over een knul van negentien. Dat is misschien leuk voor even, maar op termijn maakt het meer kapot dan het goed doet.

Misschien moet ik maar eens meer tijd voor Ciska vrijmaken. Samen leuke dingen doen, een lekker etentje bijvoorbeeld. En dat ik dan, als het gezellig is geweest, ook eens het initiatief nemen om te vrijen.
Ik grinnik. Dat mag ik dan wel in mijn agenda zetten, want ik denk gewoon niet aan dat soort dingen. Maar zonder gekheid, als ik dat doe, zouden die gedachten over Manuel dan niet vanzelf minder worden? Het is op z’n minst het proberen waard, toch?
Morgen maar eens kijken of ik wat kan bedenken. Tevreden draai ik me om.

Michael87
Berichten: 220
Geregistreerd: maandag 16 juni 2014 19:07
Woonplaats: Bretagne
Heeft Bedankt: 45 keer
Ontvangen Bedankjes: 104 keer
Bericht Re: Aan de andere kant... door Michael87 » zondag 09 augustus 2015 07:45

9. Verrassing



“Heere, zegen deze spijzen…”
“Amen”, roept Claire voor ik de kans krijg.
“Help jij Amy, dan doe ik Claire”, commandeert Ciska kortaf terwijl ze een boterham met kaas voor Claire klaarmaakt.
Ik doe hetzelfde voor Amy, maar dan met leverpastei, en snij hem in kleine stukjes.
“Lekker, hè”, lach ik als ze een stukje brood in haar mond stopt.
Terwijl Amy haar boterhammetje eet, smeer ik er één voor mezelf en schenk een kop koffie in. Ciska kijkt stuurs voor zich uit. De sfeer aan tafel is om te snijden. Blijkbaar zit gisteravond haar nog steeds dwars.
Ik zucht. Kan ik haar niet beter vertellen wat er aan de hand is, dan kunnen we er samen tegen vechten? Martin zei toch dat ik haar erbij moest betrekken als het echt moeilijk wordt?
En dan? Moet ik dan een hele getalenteerde jongen in de kou laten staan? Alleen maar omdat ik hem niet uit mijn kop krijg en mijn vrouw niet zal willen dat ik met hem omga? Dan kan hij een toekomst in de muziek wel vergeten.
Rusteloos roer ik in mijn koffie. Mijn boterham ligt nog onaangeroerd op mijn bord. Ik krijg geen hap door mijn keel.
Nee, die jongen verdient een kans, hij heeft het al moeilijk genoeg. Ik moet me gewoon concentreren op Ciska en de kinderen en verkeerde gedachten over hem uit mijn hoofd zien te bannen. Zo eerst maar eens wat bedenken om haar te verrassen, dan hebben we iets leuks om naar uit te kijken!


“Toe, Claire”, hoor ik Ciska geïrriteerd zeggen. “Nog een paar hapjes, dan ben je een grote meid.” Ze houdt een vork met een stuk brood voor haar mond.
“Nee”, antwoordt Claire heel beslist terwijl ze, met haar lippen stijf op elkaar, haar hoofd wegdraait.
“Laat haar nou maar, Ciska”, probeer ik de boel te sussen “Ze gaat heus niet dood van een paar hapjes minder.”
Een vernietigende blik van mijn vrouw is mijn beloning.

“Ik denk dat ik me maar eens terugtrek in mijn kamer”, kondig ik aan terwijl ik mijn stoel achteruit schuif en opsta. “Ik heb nog een hoop te doen.”
“Zou je niet eerst je brood opeten?”, merkt Ciska snibbig op terwijl ze veelbetekenend met haar hoofd richting Claire knikt. “Voorbeeld doet volgen, Victor”, voegt ze er vinnig aan toe.
Ik zucht. Houdt ze nu nooit op? Ik weet wel dat ik het gisteravond verbruid heb, maar dat hoeft ze me toch niet constant onder mijn neus te wrijven?
“Sorry”, verontschuldig ik me. “Ik heb niet zo’n trek vandaag. Teveel aan m’n hoofd. Ik moet echt aan de slag.”

***

Verdorie, het is nog niet makkelijk een gaatje te vinden. De komende weken zit ik helemaal vol. Eerst de tweede voorronde en de finale van het concours, dan twee concerten…
Zoekend scroll ik door mijn agenda op het scherm. Ineens verschijnt er een brede glimlach op mijn gezicht. De zaterdag voor ik naar Duitsland ga, is onze trouwdag! Misschien moet ik dáár maar eens wat bijzonders van maken. Een mooi cadeau, gezellig uit eten. Zonder kinderen natuurlijk. En een avondje uit, naar de schouwburg of de film, of zo.
Vanavond maar eens kijken of er wat leuks te doen is, nu eerst aan het werk, programma samenstellen voor de tournee. Glimlachend klap ik mijn laptop dicht en kruip achter mijn orgel.

Tegen lunchtijd komt Ciska binnen met twee boterhammen met kaas.
“Je moet echt wat eten voor je gaat repeteren”, moedert ze terwijl ze het bordje op het orgel zet. “Je hebt alleen nog maar koffie gehad.”
“Dank je”, mompel ik.
In plaats van weg te gaan, blijft ze om me heen draaien.
“Is er iets?”, vraag ik op mijn hoede. Gezien haar humeur van vanochtend ben ik op alles voorbereid.
Ze knijpt haar lippen samen tot een dun streepje. “Ik wou alleen maar even zeggen”, begint ze, mijn blik ontwijkend. “Sorry dat ik vanochtend zo kribbig was”, zegt ze zachtjes. “Ik voelde me zo afgewezen, gisteravond, terwijl het vrijdag juist zo fijn was…”
“Hé! Kom eens hier”, trek ik haar naar me toe. “Ik vond het ook fijn vrijdag”, lieg ik om haar gerust te stellen. “Maar het lukt niet altijd, Cis. Dat weet je toch? Helemaal niet als ik moe ben.”
“Weet ik wel”, zucht ze. “Het zou alleen zo fijn zijn als het anders was.”
Zachtjes streel ik haar hand. “Seks is maar één ding, schat. Het gaat er toch om dat we van elkaar houden?”
“Je hebt gelijk. Kom, eten jij!”, lacht ze alweer. “Harro en je tijdelijke registrant wachten op je.”

***

“Dat ging goed, jongens”, complimenteer ik mijn beide registranten als ik, na afloop van de repetitie, het orgel afsluit. “Je hebt het prima gedaan voor een eerste keer”, geef ik Manuel een schouderklopje.
“Dank je”, lacht hij. “Ik vond het keileuk! Vooral de binnenkant van het orgel, die had ik nog nooit gezien. Al die verschillend gevormde pijpen en dan dat hele mechanisme dat ervoor zorgt dat de wind er doorheen geblazen wordt. Indrukwekkend!”
“Snap je nu een beetje hoe het werkt met die registers en de verschillende klavieren?”, vraagt Harro.
“Ja, ja”, antwoordt hij enthousiast. “Elke register opent een serie pijpen met een eigen klank en elk klavier, ook het pedaal, heeft zijn eigen registers. Door verschillende klavieren te bespelen en registers aan of uit te zetten, kun je dan allerlei klanken met elkaar combineren.”
“Slimme jongen”, glundert Harro tevreden terwijl we de trap aflopen.

“Zeg Harro”, begin ik als we door de lege kerk richting de uitgang lopen. “Kun jij regelen dat Marc of Wendel de zaterdag voor Manuel en ik naar Duitsland gaan, tijdens de openstelling van de kerk speelt?”
“Hoezo? Kun je dan niet?”
“Dan is het onze trouwdag en ik dacht dat ik daar dit jaar maar eens wat bijzonders van moest maken.”
“Oh leuk! Wat ben je van plan?”
“Niks bijzonders, hoor. Samen uit eten, naar de film of zo. In ieder geval iets zonder de kinderen”, grijns ik. Net als toen we pas getrouwd waren.”
Harro lacht. “Jullie zijn ook wel erg snel aan kinderen begonnen.”
“Tja, Ciska is natuurlijk wel vijf jaar ouder dan ik”, haal ik mijn schouders op.
Hij knikt. “Alleen zaterdag? Of plakken jullie er ook een nachtje zonder kinderen aan vast?”, lacht hij veelbetekenend.
Ik grinnik. “Hoezo? Heb je een idee?”
“Nou”, begint hij geheimzinnig. “Ik weet een leuk kasteeltje waar ze twee torenkamers verhuren als luxe hotelsuites. Heel romantisch, echt iets om een trouwdag te vieren!”
“Vertel!”, roep ik enthousiast.
“Die suites zijn geweldig! Heerlijk groot bed, riante zithoek, luxe badkamer, klein keukentje zodat je ’s ochtends gezellig samen kunt ontbijten.”
“Klinkt goed!”
“Eén van de twee torens staat vlak naast de gracht, heb je lekker veel privacy voor als jullie…eh…”, grijnst hij knipogend terwijl we de kerk uitlopen.
Manuel lacht.
“Wacht, ik moet ergens hun kaartje nog hebben”, herinnert Harro zich ineens.
Hij trekt zijn portemonnee uit zijn broekzak en haalt een stapeltje kaartjes tevoorschijn. Na even zoeken, overhandigt hij me er eentje.
“Hier. Website, telefoonnummer, alles staat erop. ’t Is niet goedkoop, maar dan heb je ook wat!”
“Ik zal vanavond eens kijken”, neem ik het kaartje van hem aan. “Thanks!”
“Als ik nu eens een week eerder begin met die rondleidingen”, stelt Harro voor terwijl ik het kaartje in mijn binnenzak stop. “Dan hoef ik Wendel of Marc ook niet te vragen voor je in te vallen. Is dat een idee?”
“Dan mag je wel vaart maken met de voorbereidingen. Heb je al met de kerkenraad gesproken?”
“Meteen gisteravond”, glundert hij. “Ze vonden het een fantastisch idee.”
“Wat voor rondleidingen?”, vraagt Manuel nieuwsgierig.
“Bij het orgel, om geld in te zamelen voor een project van de diaconie”, leg ik uit. “Als wij in Duitsland zitten.”
“Zo’n beetje wat ik vanmiddag met jou heb gedaan”, vult Harro aan. “Uitleg over het orgel, het mechaniek, de windvoorziening, de verschillende soorten pijpen. Wat vertellen over de geschiedenis van het orgel en natuurlijk mensen de gelegenheid geven zelf te spelen.”
“Leuk!”, knikt Manuel. “Voor wat voor project is dat?”
“Warme maaltijden voor mensen die het niet zo breed hebben. Of die gewoon behoefte hebben aan een praatje”, lacht Harro.
“Hm, misschien is het wel wat voor mijn ouders, komen ze er ook eens uit.”
“Zal ik Ciska vragen om een foldertje? Zij coördineert de boel”, bied ik aan.
“Graag!”, reageert hij enthousiast.
“Jongens, ik moet er vandoor”, maakt Harro een eind aan het gesprek. “Ik zie jullie morgen weer.”

“Ik moet er ook vandoor”, neem ik met tegenzin afscheid van Manuel als Harro uit het zicht is. “Tot morgen.”
“Vic?”, klinkt het aarzelend als ik weg wil lopen. “Nog even over die schoenen… Thuis kon ik niks vinden en eh… Nou ja, nieuwe…”
Ik glimlach. “Hier”, zeg ik terwijl ik twee briefjes van vijftig uit mijn portemonnee pak. “Voorschot op je eerste loon.”
“Thanks”, grijnst hij. “Je bent geweldig!” Spontaan slaat hij zijn armen om me heen en trekt me tegen zich aan.
Ik hap naar adem. “Het is goed, jongen”, piep ik terwijl ik hem van me afduw. Mijn hoofd gloeit, mijn hart bonkt als een gek! Snel draai ik me om en steek de straat over. Naar mijn auto, weg bij hem!

Zwaar ademend, bijna hijgend, zit ik in mijn auto. Mijn ogen gesloten, mijn hoofd leunend op het stuur. Wanhopig probeer ik hem uit mijn gedachten te krijgen, maar hoe harder ik mijn best doe, hoe meer hij zich opdringt. Telkens weer voel ik zijn lijf tegen me aan en telkens weer vlamt die enorme opwinding op in mijn buik. Stiekem beeld ik me in dat hij me kust.
“Oh God, help me”, kreun ik getergd. “Kom op Vic, focus op Ciska”, spreek ik mezelf toe. “Denk aan je trouwdag, verras haar. Maak het gezellig samen.”
Langzaam kom ik tot rust. Ik zucht diep, open mijn ogen. Bijna half zes, ik moet naar huis.

***

“Dag schat.” Alsof er niks aan de hand is, kus ik mijn vrouw.
“Papa!”, roept Claire vrolijk. “Kijk eens!” Trots wijst ze naar haar Duplo bouwwerk.
“Mooi Claire”, prijs ik haar terwijl ik haar over haar bolletje aai. “Papa gaat even z’n spullen opruimen, dan kom ik bij je, goed?”
“Hoe laat eten we?”, richt ik me weer tot Ciska.
“Dat duurt nog wel even, het staat net op”, glimlacht ze. “Ik roep je wel als het zo ver is.”

In gedachten loop ik naar mijn studeerkamer en doe de deur achter me op slot. Ik grinnik. Geen pottenkijkers, dan is het geen verrassing meer!
Ongeduldig klap ik mijn laptop open en zoek de website van het kasteel waar Harro het over had op. Aan de foto’s te zien heeft hij geen woord teveel gezegd. Het ziet er fantastisch uit! En… ze hebben een speciaal trouwarrangement, met champagne ontbijt op de kamer!
Opgewonden selecteer ik onze huwelijksdatum om even later teleurgesteld vast te stellen dat beide torenkamers bezet zijn.
Een dag eerder dan? Van vrijdag op zaterdag? Dan hoeven we ’s ochtends ook niet vroeg weg om op tijd in de kerk te zijn. Niet verkeerd…
Ik voer de datum in en warempel, één van beide suites is vrij. Zou Susan de kinderen een nacht kunnen hebben? Ik pak de telefoon en bel mijn schoonzus.
“Leuk”, reageert ze enthousiast als ik uit de doeken doe wat ik van plan ben. “Breng ze vrijdag maar hier, pikken jullie ze zaterdag in de loop van de dag weer op.”
“Oké, dan ga ik snel boeken. Bedankt vast! Enne, niks tegen haar zeggen, hè? Het moet een verrassing blijven”, grinnik ik vrolijk.

“Zo, dat is geregeld”, glimlach ik in mijn nopjes als ik de reservering bevestig. “Nu nog een gezellig en vooral goed restaurant.”
Aandachtig neem ik de websites van wat restaurants in de buurt van het kasteeltje door maar ik kan niet echt vinden wat ik zoek.
“Vic?”, hoor ik Ciska ineens aan de deur. “Doe eens open.”
Snel klap ik mijn laptop dicht en laat haar binnen.
“Wat spook jij uit dat ik niet weten mag?”, lacht ze nerveus.
“Oh… niks hoor”, doe ik onschuldig.
“Waarom had jij de deur dan op slot?”
“Gewoon… Ik wilde niet gestoord worden.”
Met samengeknepen lippen kijkt ze me aan.
“Ik was bezig met een verrassing”, verklaar ik snel als ik me realiseer wat ze denkt.
“Verrassing? Voor wie?”, klinkt het gespannen.
“Voor jou natuurlijk! Wie anders?” Verdorie, waarom breekt het zweet me nu uit? Het klopt toch precies wat ik zeg?
Ze schudt haar hoofd. “Voor mij? Hoezo?”
“Dat zou jij wel willen weten, hè?”, plaag ik. “Je wacht maar mooi tot onze trouwdag.”
“Onze trouwdag?”, ontspant ze.
Ik knik. “We gaan iets leuks doen, meer zeg ik niet”, lach ik geheimzinnig.
“Echt waar?” Er breekt een lach door op haar gezicht. “Oh Vic, toe… Wat gaan we doen? Zeg op!”
“Niks ervan. Dan is het geen verrassing meer.” Grijnzend pak ik haar vast en druk een kus op haar mond. “Kom, eten”, duw ik haar mijn kamer uit.
Vrolijk geef ik haar een tik op haar billen.
Grinnikend loopt ze voor me uit.

Michael87
Berichten: 220
Geregistreerd: maandag 16 juni 2014 19:07
Woonplaats: Bretagne
Heeft Bedankt: 45 keer
Ontvangen Bedankjes: 104 keer
 

Plaats een reactie

Volgende

Terug naar Man - Man

Wie is er online?

Gebruikers in dit forum: Geen geregistreerde gebruikers en 1 gast